De toekomst vraagt actie: investeren in innovatie loont
In een wereld vol geopolitieke spanningen en snelle veranderingen staat het Nederlandse verdienvermogen onder druk. Maar Nederland staat niet machteloos. Juist nu kunnen we het verschil maken, door bewust te kiezen voor versterking van onze productiviteit, innovatiekracht, investeringen, menselijk kapitaal en instituties. Met die inzet creëren we economische waarde én toekomstperspectief. De Tweede Kamercommissie Economische Zaken ging hierover in debat. Hollandbio leverde input en luisterde scherp mee.
Aan het debat gingen stapels rapporten vooraf, Wennink, de NTS, Groeimarkten, met één duidelijke boodschap: het is tijd om te versnellen. Innovatie en ondernemerschap vormen de ruggengraat van onze welvaart, zeker in een steeds uitdagender geopolitiek klimaat. De urgentie is hoog en vraagt om het volle benutten van Nederlandse economische en innovatieve slagkracht. Tegelijkertijd was het opvallend dat de eerste acties van het ministerie van Economische Zaken nog niet altijd direct bijdragen aan het stimuleren van innovatie en investeringen.
Onderneming in Moeilijkheden: urgentie vraagt om tempo
Tegen deze achtergrond sprong het dossier Onderneming in Moeilijkheden extra in het oog. Voor de nieuwe minister Herbert (CDA) is dit geen eenvoudige materie om direct volledig te doorgronden. Tegelijk liet zij zich zien als benaderbaar, open voor gesprek en vasthoudend – kwaliteiten die hollandbio waardeert.
De Kamer benadrukte daarbij terecht de noodzaak van voortgang. Kamerlid Oualhadj (D66) wees erop dat in december al was afgesproken dat er een brief zou komen over de aanpak. Die is er nog niet. In plaats daarvan volgt nu eerst een gezamenlijke paper met twaalf andere Europese landen richting de Europese Commissie. Dat onderstreept internationale betrokkenheid, maar kost ook tijd. Tijd die start- en scale-ups simpelweg niet altijd hebben. Zoals Oualhadj treffend samenvatte: in de wereld van start-ups duurt dit te lang.
Het aanpassen van de start- en scale-updefinitie aan de realiteit van vandaag is nodig en verstandig. Tegelijkertijd laat Nederland kansen liggen door nationale verbeteringen die nú al mogelijk zijn, niet direct door te voeren. Met het risico als een langspeelplaat te klinken, levert hollandbio daarom opnieuw input en achtergrond aan voor het komende commissiedebat over innovatie.
Ruimte voor durf en een moderne kijk op staatssteun
Kamerleden Vermeer (BBB) en Van der Lee (GL-PvdA) riepen expliciet op tot meer durf en een cultuurverandering in de omgang met staatssteun. De regels zijn waardevol voor gevestigde bedrijven, maar de wereld is veranderd. De huidige – en zeker de Nederlandse – interpretatie pakt voor start- en scale-ups vaak onnodig knellend uit. Dat signaal horen wij dagelijks vanuit de biotechpraktijk.
Hollandbio had hier graag een verdiepend debat gezien over concrete oplossingen, in plaats van uitstel. De minister gaf aan geen verschillen te herkennen tussen Nederland en andere EU-landen in de toepassing van het begrip Onderneming in Moeilijkheden. Biotechbedrijven ervaren dat anders: concullega’s in landen als Duitsland en Frankrijk blijken in de praktijk vaker ruimte te krijgen waar Nederlandse bedrijven vastlopen.
Toekomstfonds en investeringen: duidelijkheid is cruciaal
Ook het Toekomstfonds kwam ter sprake. De minister noemde het schrappen ervan pijnlijk, maar een heroverweging bleef uit. Volgens het ministerie zijn er voldoende alternatieve financieringsmogelijkheden voor innovatieve start- en scale-ups. Dat is hoopgevend, maar roept tegelijkertijd vragen op. Welke instrumenten zijn dit concreet? En zijn ze toegankelijk voor jonge biotechbedrijven die – ondanks investeringen – toch als onderneming in moeilijkheden worden gezien?
Dat er gewerkt wordt aan nieuwe instrumenten, zoals een Nationale Investeringsinstelling, is wat hollandbio betreft positief. Tegelijk zijn dit oplossingen voor de toekomst, niet voor vandaag. Hetzelfde geldt voor een goed functionerende Europese kapitaalmarkt: noodzakelijk, maar niet morgen gerealiseerd.
Beleid in ontwikkeling: nu ook toepasbaar maken
Een vergelijkbaar beeld zien we bij het industriebeleid en de opvolging van het rapport Wennink. Op de terechte vraag van Kamerlid Martens-America (VVD) – “Komt er ook een hoe?” – was het antwoord dat de Taskforce hier verder invulling aan geeft. Er liggen voorstellen, er wordt aan gewerkt, maar nog geen concrete actie.
Hollandbio zag een minister die de urgentie voelt en het gesprek met de Kamer aangaat. Dat is een belangrijke basis. Tegelijk blijft de kernvraag actueel: zorgen de maatregelen ervoor dat innovatieve bedrijven kunnen groeien, of lopen zij het risico te vroeg te worden afgeremd of uit Nederland te vertrekken?
Willen beleid en financieringsinstrumenten de groeifunnel echt versterken, dan moeten ze niet alleen goed bedoeld zijn voor later. Ze moeten ook vandaag toegankelijk, snel en toepasbaar zijn. En bovenal: consistent en betrouwbaar – elke dag.
[Mv1]Doorlinken naar onze input