← All news

Terugblik: Macht van de Media: communicatie in crisistijd

, ,

De coronapandemie bracht onderwerpen als innovatie, productontwikkeling, testen en vaccinatie naar ieders keuken- en (digitale) borreltafel. Niemand had twee jaar geleden kunnen voorspellen dat biotech jargon als mRNA-technologie, OMT, EMA en PCR gemeengoed zou zijn. Maar heeft  twee jaar intensieve (crisis)communicatie ook impact gehad op het aanzien van de biotech sector en de innovaties daaruit, of op het publieke vertrouwen in de wetenschap?

Tijdens HollandBIO’s Macht van de Media event van 11 mei maakten we met de aanwezigen de balans op van de golf aan publiciteit over de biotech sector en haar innovaties tijdens de pandemie en gingen we in op de vraag hoe nu verder: duiken we gewoon onze labs weer in en stopt de communicatie, of zetten we de lijn door? 

De introducties

Het event opende met drie korte presentaties: Marc Kaptein en Jan-Willem de Heer (Pfizer) beten het spits af, gevolgd door hoogleraar Risicocommunicatie en Volksgezondheid Daniëlle Timmermans (AmsterdamUMC) en onafhankelijk wetenschaps- en onderzoeksjournalist Jop de Vrieze. Zij dienden als warming up voor het Lagerhuisdebat dat later volgde.

Marc Kaptein en Jan-Willem de Heer reflecteerden op communicatie vanuit bedrijven tijdens de pandemie. Communicatie, of misschien betere gezegd educatie, was een belangrijk instrument in het vergroten van de acceptatie van vaccins en iets waar je als ontwikkelaar wel mee bezig moest: zo waren mRNA-vaccins nieuw en onbekend bij zowel het bredere publiek als bij veel artsen, waren er vragen over de veiligheid en de snelheid van het ontwikkeltraject en werd de dynamiek in de media vooral gedreven door controverse. Pfizer heeft gekozen voor een actieve rol in het debat en een open houding rond inkomende verzoeken, bijvoorbeeld met deelnames aan talkshows en andere media-optredens, maar dat vroeg wel een grote gezamenlijke inspanning van een heel team als het ging om de voorbereiding en uitvoering. De les van de coronacrisis was dat een educatieve rol onderdeel moet zijn van de verantwoordelijkheid die de geneesmiddelensector heeft, en dat daar bijvoorbeeld binnen de Code Geneesmiddelenreclame (CGR) meer ruimte voor zou kunnen komen.

Daniëlle Timmermans ging in op de vraag hoe burgers en het bredere publiek naar risico’s kijken op gezondheidsvlak. Eén van de observaties uit de coronapandemie en uit eerdere uitbraken van infectieziekten is dat argumenten van experts lang niet altijd het (hele) publiek overtuigen, bijvoorbeeld als het gaat om het nut en de noodzaak van vaccinatie en de ernst van mogelijke bijwerkingen. Dat heeft er mee te maken dat burgers anders naar risico’s kijken dan experts, dat gevoelens als onzekerheid bepaalde beelden met zich meebrengen bij burgers en dat bij gezondheidsissues ook bepaalde waarden als wantrouwen mee gaan spelen bij burgers in hun afwegingen. Burgers kijken kortom fundamenteel anders naar risico’s dan experts en wetenschappers. Dat geldt ook voor vaccins, vaccinatie en bijwerkingen: dat blijft hoe dan ook een gevoelig onderwerp bij delen van het publiek, dus dat gaat niet zomaar weg. De les van deze en eerdere crises, is dat we in communicatie over deze onderwerpen uit moeten gaan van het perspectief van de burger in plaats van het technische perspectief van experts.

Jop de Vrieze opende zijn inleiding met een overweging over de rol van de media tijdens een crisis. Tijdens de podcast Mediaforum riepen de aanwezigen op om als experts met één mond te praten tijdens de coronacrisis. Jop ging hier op Twitter openlijk de discussie over aan. Dat werd hem niet bepaald overal in dank afgenomen, maar het tekent wel zijn opvatting over hoe je een crisis als deze duidt: door je te verdiepen in de literatuur, gesprekken aan te gaan met experts en op basis daarvan de bakken met informatie te onderscheiden en duiden die we over ons heen kregen. Alleen factchecken is niet genoeg, als journalist mag je best kleur bekennen en schrijven vanuit de kennis en inzichten die je opdoet om zo het debat naar een hoger plan te trekken. De coronacrisis was daar het uitgelezen voorbeeld van, bijvoorbeeld met allerlei persberichten en updates over de effectiviteit van vaccins die in ontwikkeling waren, verhalen over mogelijke bijwerkingen die enige balans vergen tussen het duiden van de ernst en de gevolgen daarvan op de vaccinatiebereidheid. Het is de verantwoordelijkheid van journalisten om niet alleen de feiten na te gaan, maar ook om kritisch en constructief te zijn door het scheppen van orden in de chaos, het wegen van wat daaruit komt en wat het effect daarvan is op de maatschappij.

De stellingen

Onder leiding van Roderik van den Bos van de Debatacademie gingen de 50 aanwezigen het debat aan in Lagerhuisformat. Vele goede argumenten vlogen over en weer, en de debaters waren gelukkig ook niet bang om zich te laten overtuigen hun standpunten aan te passen. Een bloemlezing uit de levendige discussie:

Nederland had de beste aanpak van de pandemie

2% EENS                                                     98% ONEENS

+ “Ik heb een veilig gevoel gekregen door de overheidsmaatregelen.”
– “We hebben het op diverse momenten, ook in vergelijking met andere landen, laten liggen.”

De maatschappij is sinds corona positiever tegenover biotech en de innovaties daaruit gaan staan

60% EENS                                                     40% ONEENS

+ “De sector heeft veel meer positieve aandacht gekregen vanuit media en maatschappij, zelfs in mijn persoonlijke omgeving!”
– “De flinke piek in positieve aandacht tijdens het begin van de coronacrisis en de komst van de vaccins is inmiddels wel weer weggeëbd en als sneeuw voor de zon verdwenen.”

We moeten de CGR aanpassen zodat producenten onbelemmerd kunnen praten over medicijnen in media

20% EENS                                                     80% ONEENS

+ “Reclames draaien op TV is niet de bedoeling, maar de grens mag wel ruimer dan nu: de sector muilkorft zichzelf nu teveel.”
– “Onbelemmerd praten gaat te ver, er is een fijne lijn tussen reclame, communicatie en educatie.”

Bedrijven moeten altijd “JA” zeggen tegen RADAR en Nieuwsuur

50% EENS                                                     50% ONEENS

+ “Je hebt als fabrikant een verantwoordelijkheid om proactief te communiceren, ook als het gaat om kritische vragen.”
– “Bij sommige media en verzoeken weet je al van tevoren dat er geknipt en geplakt gaat worden, dus daarom zou ik zeker niet altijd ja zeggen.”

Het zou goed zijn als media critici van de farmaceutische sector minder aandacht geven

20% EENS                                                     80% ONEENS

+ “Je kan bij het RIVM werken en een echte expert zijn, maar je wordt gelijkgesteld aan Doutzen Kroes die een uurtje op Google zit.”
– “Het negeren van critici gaat niet helpen om onvrede weg te nemen bij delen van het bredere publiek, dus laat ze daarom tot inzicht komen tijdens media-optredens.”

Elke grote redactie zou een medisch-wetenschappelijke journalist in de gelederen moeten hebben

90% EENS                                                     10% ONEENS

+ “Er is zoveel informatie voorhanden dat je als redactie eigenlijk niet zonder iemand kan die dat voor je analyseert en duidt.”
– “Waar houdt het dan op? Er zijn zoveel sectoren en dringende issues die een eigen specialist kunnen gebruiken, dan is het einde zoek.”

Met de juiste feiten win je het debat

2% EENS                                                     98% ONEENS

+ “Als je het goed brengt en de juiste feiten hebt, kun je altijd het debat winnen.”
– “Gelijk hebben is niet altijd gelijk krijgen, je wint debatten alleen als je het vertrouwen wint van je publiek en dan maken feiten niet altijd het verschil.”

← All news

Beter gebruik van gezondheidsdata essentieel voor #dezorgvanmorgen, maar wie betaalt?

, ,

De kosten voor het inzien van jouw gezondheidsdata via een persoonlijke gezondheidsomgeving (PGO) kunnen niet vanuit de zorgverzekeringswet betaald worden, concludeert het Zorginstituut. Tegelijkertijd stelt de Europese Commissie voor om inwoners in de toekomst gemakkelijk en gratis toegang te geven tot hun gezondheidsgegevens. Ook HollandBIO ziet slimmer en beter gebruik van gezondheidsdata als randvoorwaarde om gezondheid op maat te realiseren, ons ideaalbeeld voor #dezorgvanmorgen. De grootste hamvraag? Hoe gaan we dat(a) financieren?

Hoe gaan we data financieren? Een lastige vraag, waar VWS -noch andere partijen- een antwoord op lijken te hebben. Wel roepen steeds meer partijen op tot centrale regie op het zorginformatielandschap, want het aantal programma’s, projecten en trajecten is inmiddels schier oneindig. VWS belooft begin 2023 opheldering over de inzage en uitwisseling van gegevens tussen zorgprofessionals, hoe dit in andere landen georganiseerd is, en welke oplossingen er mogelijk zijn voor knelpunten die we in Nederland ervaren. Maar of dat genoeg regie is om tot één (landelijk dekkend netwerk van) gezondheidsdata-infrastructuur te komen…?

Mogelijk biedt het toekomstige Integraal Zorgakkoord een uitkomst. Onder het overkoepelende thema ‘passende zorg’ volgen hier afspraken over thema’s zoals uitkomstgerichte zorg en gegevensuitwisseling. Bij de uitwerking maakt HollandBIO zich wel zorgen over de randvoorwaarden dat de afspraken inpasbaar moeten zijn binnen het budgettair kader en moeten resulteren in een ombuiging van 1,3 miljard euro in 2026. Weer lijkt VWS in de valkuil te stappen van kostenbeheersing als uitgangspunt. Een gemiste kans.

HollandBIO vindt dat het nastreven van gezondheid het uitgangspunt moet zijn voor #dezorgvanmorgen. De transitie van zorg naar gezondheid, of passende zorg, is broodnodig. Maar daarvoor moeten we wel eerst zaaien en dan oogsten. Concreet betekent dat dat we zullen moeten investeren in technologische innovaties en essentiële randvoorwaarden, zoals een duurzame nationale data infrastructuur, die het mogelijk te maken de juiste patiënt op het juiste moment van de juiste behandeling te voorzien – of dat nou gaat om een curatieve of preventieve optie!

Lees meer:

Rapport: Verkenning-mogelijkheden-persoonlijke-gezondheidsomgeving-binnen-de-zorgverzekeringswet

Voorstel voor een Europese Health Data Space (EHDS)

Kamerbrief over Voortgang Integraal Zorgakkoord

Zorginstituut zwengelt het gesprek aan over #dezorgvanmorgen

Kamerbrief herijking grondslagen voor gegevensuitwisseling in de zorg

Regie op Registers appel voor centrale regie op het zorginformatielandschap

← All news

Modernisering GVS: Geen Verstandige Stap

, ,

HollandBIO gaat voor vooruitgang. We zijn ongeduldig: resultaten zien we liever gisteren dan vandaag. En dat is soms best lastig, aangezien beleidstrajecten niet echt bekendstaan om hun snelheid. Meestal dringen we dan ook aan op doorpakken. Maar niet altijd. Soms kan het ons zelfs niet lang genoeg duren, in de hoop dat van uitstel afstel komt. De omstreden modernisering van het Geneesmiddelenvergoedingsysteem (GVS) is zo’n uitzondering. Maar helaas is minister Kuipers voornemens door te pakken.

Al vele jaren wordt er over de modernisering van het GVS gesproken – het voornemen dook voor het eerst op in het regeerakkoord van kabinet-Rutte III, in 2017. Sindsdien is het hete hangijzer steeds doorgeschoven, naar een nieuw kabinet of een nieuwe bewindspersoon2.Best logisch ook: anders dan het woord “modernisering” suggereert, gaat het hier om “een maatregel die primair gericht is op het betaalbaar houden van de Nederlandse zorg”1. Oftewel, een platte bezuiniging op extramurale geneesmiddelen van 140 miljoen euro, met verstrekkende gevolgen. Een ongekend aantal patiënten zal moeten wisselen van medicatie, of zich geconfronteerd zien met een bijbetaling.  

De modernisering houdt in dat vergoedingslimieten periodiek worden herberekend waarmee het prijsdrukkend effect van het GVS hersteld wordt. Om de voorziene negatieve gevolgen te temperen, wil de minister de herberekening combineren met verzachtende maatregelen, zoals een mogelijke maximering van de eigen bijdrage van patiënten en door proactief mogelijk kwetsbare producten te beschermen tegen te grote prijsdruk. De vergoedingslimieten van de GVS-clusters zijn niet meer geactualiseerd sinds 1999. Hoewel dat natuurlijk best vreemd klinkt, betekent dit niet dat de gemiddelde prijsniveaus in de clusters niet zijn gedaald. Andere prijsdrukkende maatregelen, zoals bijvoorbeeld de aanpassing van de wet geneesmiddelenprijzen en het preferentiebeleid hebben zeker wel gezorgd voor prijsdalingen. Hierdoor liggen vergoedingslimieten in veel gevallen boven het gemiddelde prijsniveau in een cluster. Kortom: de systemen doen hun werk, maar volgens de minister niet goed genoeg. En inderdaad, de herberekening kan het prijsdrukkend effect van het GVS nieuw leven in blazen. De vraag is echter: wanneer ligt de limbolat zo laag dat fabrikanten er niet meer onderdoor kunnen of willen? Wanneer is genoeg genoeg?

Bovendien blijft de meest fundamentele, onderliggende vraag onbeantwoord. Is een uitgaven-beheersend instrument voor de extramurale geneesmiddelenmarkt noodzakelijk dan wel zinvol om de Nederlandse zorg betaalbaar te houden?

De voorgestelde aanpak van herijking kent alleen maar verliezers. Patiënten, artsen, apothekers en het bedrijfsleven zijn dan ook unaniem in hun kritiek op het plan3,4,5: doe het niet, het is geen verstandige stap. Ook HollandBIO vindt de zoveelste bezuiniging op de toch al uitgeknepen extramurale farmaceutische zorg niet te verantwoorden en is van mening dat de grote nadelige gevolgen van de voorgestelde herberekening van de clusters geenszins opwegen tegen de potentiële besparing5. Helaas lijkt minister Kuipers vastberaden de bezuiniging in sneltreinvaart per 2023 door te voeren, zo tekent hij op in een Kamerbrief1. In zijn Kamerbrief geeft hij aan zich bewust te zijn van de impact en risico’s, en te onderzoeken welke verzachtende maatregelen mogelijk zijn.

Het is zoeken naar de noodrem. Om het plan definitief naar de prullenbak te verwijzen, zal VWS de besparing van 140 miljoen per 2023 waarschijnlijk ergens elders moeten zoeken. Maar waar? Het antwoord lezen we terug in het regeerakkoord. Door werk te maken van gezondheid op maat, of passende zorg is er nog een wereld te winnen.

Bronnen:

  1. https://www.rijksoverheid.nl/documenten/kamerstukken/2022/04/19/kamerbrief-over-modernisering-gvs
  2. Stand van zakenbrief 10 mei 2021: Stand van zaken GVS-modernisering: vangnet ‘medische noodzaak’ niet langer haalbaar
  3. https://www.nhg.org/actueel/nieuws/artsen-en-apothekers-pleiten-bij-minister-voor-richtlijngericht-voorschrijven
  4. https://www.nhg.org/actueel/nieuws/modernisering-geneesmiddelenvergoedingssysteem-leidt-tot-veel-onrust-bij-patienten-en
  5. Inbreng HollandBIO consultatie modernisering GVS, augustus 2020
← All news

De Biorevolutie: Nederlandse innovaties voor een duurzame en gezonde samenleving

, , , , , , , ,

Vermindering van CO₂-uitstoot, de strijd tegen het coronavirus, nieuw perspectief voor patiënten, voldoende voedsel voor iedereen. Noem een mondiale uitdaging van deze tijd en biotechnologie draagt bij aan de oplossing. Niet voor niets investeren overheden, kennisinstellingen en bedrijven wereldwijd enorm in zowel de wetenschappelijke als de commerciële ontwikkeling van deze sector. Reden voor HollandBIO om de maatschappelijke meerwaarde van de Nederlandse biotech op een rij te zetten, te illustreren met acht klinkende praktijkvoorbeelden en een to-do-lijst te destilleren.

Wereldwijd wordt er vol interesse gekeken naar Nederlandse innovaties voor een duurzame en gezonde samenleving. Toch moet er meer gebeuren om het volledige potentieel van de Biorevolutie te benutten. Wat is de maatschappelijke meerwaarde van Nederlandse biotech en hoe bereiken we het toekomstideaal? Bekijk de publicatie:

Bekijk het document door op de afbeelding of de link hieronder (hollandbio.nl/biorevolutie) te klikken
← All news

Biotech Booster blij met grote Groeifondsinvestering in biotechnologie

, , , , ,

Den Haag, 14 april 2022 – Groeifondsvoorstel Biotech Booster krijgt 250 miljoen euro. Het advies van de commissie Nationaal Groeifonds is vandaag overgenomen door het kabinet. Dit betekent dat Biotech Booster aan de slag kan met de grote uitdaging rond maatschappelijke toepassing van goede Nederlandse kennis op het gebied van biotechnologie. Biotech Booster gaat veelbelovende ideeën – met behulp van ervaren topondernemers, expertise en middelen – uit laten groeien tot projecten die het startpunt vormen voor startups of verdere ontwikkeling door bestaande biotechnologiebedrijven. Met de investeringsimpuls uit het Nationaal Groeifonds verhoogt Biotech Booster niet alleen het rendement op excellente wetenschappelijke kennis, maar draagt het voorstel ook concreet bij aan maatschappelijke impact en biotechnologische innovaties die het leven beter maken.

Biotech Booster is een unieke publiek-private coalitie die bestaat uit de Universiteiten van Nederland, de Nederlandse Federatie van Universitair Medische Centra, de Vereniging Hogescholen, onderzoeksinstituut TNO, HollandBIO als belangenvereniging voor de Nederlandse biotech sector en toonaangevende biotechnologiebedrijven DSM en Janssen. Hun gezamenlijke ambitie is om van Nederland een wereldwijde hotspot in de biotechnologie te maken door de ontbrekende schakel in de valorisatieketen te vormen. Het voorstel is door het ministerie van OCW in nauw contact met andere departementen ingediend bij de Groeifondscommissie.

Mirjam van Praag (voorzitter College van Bestuur bij de Vrije Universiteit Amsterdam): “Bedrijven en kennisinstellingen hebben binnen Biotech Booster de handen ineengeslagen om de uitstekende Nederlandse kennispositie op het gebied van biotechnologie te vertalen naar bedrijvigheid en producten die de maatschappij bereiken. Biotech Booster voegt ondernemend vermogen toe aan excellent onderzoek en helpt zo uitvinders in teams en via projecten kansrijke ideeën te verzilveren. Met deze unieke coalitie vergroten we de maatschappelijke impact van ons onderzoek.”

Annemiek Verkamman (Directeur HollandBIO): “Nederland kiest voor biotechnologie en zet daarmee een grote stap op weg naar een positie als wereldwijde hotspot van biotech innovatie. Ervaren ondernemers begeleiden teams op bedrijfsmatige wijze om wetenschap te vertalen in kansrijke projecten. Door Biotech Booster gaan  consumenten, patiënten en burgers op termijn meer profiteren van Nederlandse topkennis.”

Maatschappelijke en economische opbrengsten van Biotech Booster

Met Biotech Booster kunnen uitvinders en ondernemers, kennisinstellingen en bedrijven biotechnologische kennis sneller en efficiënter omzetten in waardevolle innovaties. Voorbeelden zijn biosensoren die helpen ziektes op te sporen, gewassen die bestand zijn tegen klimaatverandering en algen die we als biobrandstof kunnen inzetten. Biotech Booster voegt naar verwachting in de komende negen jaar 440 miljoen euro toe aan de Nederlandse economie (structureel bbp-effect). Dit loopt op tot ruim 10 miljard euro in 2050. Daarmee versterkt Biotech Booster het innovatie- en verdienvermogen van Nederland. Bovendien stelt Biotech Booster nieuwe ondernemers in staat om te werken aan nieuwe oplossingen voor maatschappelijke uitdagingen en transities.

Volgende stappen

De komende periode gaan de betrokken partijen binnen Biotech Booster aan de slag met de volgende stappen. Zo wordt de organisatie van Biotech Booster verder opgezet en gaan de betrokken partijen goede afspraken maken over onderwerpen als intellectueel eigendom, bemensing en de verdeling van mogelijke baten. Daarna kan het programma snel van start. Vijftig veelbelovende ideeën per jaar starten in één van de verschillende zwaartepunten in het Nederlandse biotech ecosysteem. Per jaar worden vijf daarvan opgewerkt naar een investeerbaar eindresultaat. Een eindresultaat dat als startpunt dient voor een startup of een nieuw product binnen een bestaand bedrijf.

← All news

Vergoeding van nieuwe geneesmiddelen steeds complexer en trager

, , ,

Uit onderzoek van HollandBIO blijkt dat het steeds langer duurt om nieuwe geneesmiddelen vergoed en wel in het ziekenhuis te krijgen. Vooral de koplopers op weg naar gezondheid op maat, de wees-, voorwaardelijk en/of versneld toegelaten geneesmiddelen, hebben moeite door de dichte doornenhaag van ons systeem van toelating heen te dringen.

Nederlandse patiënten wachten steeds langer op nieuwe geneesmiddelen

Het duurt steeds langer om nieuwe geneesmiddelen vergoed en wel in het ziekenhuis te krijgen. Dat blijkt uit HollandBIO’s analyse van één van de belangrijke stappen tussen markttoelating en vergoeding: het toekennen van een declaratietitel, de zogenaamde add-onprestatie. 29 geneesmiddelen kregen tussen 2017 en 2020 binnen 100 dagen een declaratietitel. In 2021 was die prestatie slechts voor één van de 19 geneesmiddelen die een declaratietitel kregen weggelegd. Een zorgverlener heeft de declaratietitel nodig om een geneesmiddel te kunnen declareren bij een zorgverzekeraar.

Hoewel het in theorie mogelijk is dat een zorgverzekeraar via een individuele aanvraag een geneesmiddel vergoedt, heeft het leeuwendeel van de patiënten in de praktijk geen toegang tot het geneesmiddel zolang de declaratietitel er niet is. De pijnlijke conclusie van de oplopende doorlooptijden is daarmee dat patiënten in Nederland steeds langer ziek zijn voordat hun medicijn beschikbaar is.

Nederlandse wachttijd doet Europese voorsprong teniet

Wanneer we inzoomen op de doorlooptijden, ontstaat een nog zorgwekkender beeld: geneesmiddelen die de registratieprocedure van het Europees Medicijnagentschap (EMA) met extra spoed hebben doorlopen vanwege hun grote potentieel of werkzaamheid tegen een aandoening waar nu nog geen geneesmiddel voor is, raken die voorsprong weer kwijt tijdens ons nationale vergoedingstraject. Ook weesgeneesmiddelen, geneesmiddelen die in de sluis geplaatst worden, of middelen met een voorwaardelijke goedkeuring van EMA, halen het nooit binnen de felbegeerde 100 dagen. Met andere woorden: juist de toegang tot de innovatieve koplopers vertraagt.

Helder probleem, complexe oplossing

Het probleem van de doorlooptijden is niet alleen helder, het is ook breed gedeeld: niemand in het gezondheidsecosysteem zal de oplopende wachttijden als wenselijk beschouwen. De meningen lopen echter uiteen over de oorzaak van het probleem, net als over wie het moet of kan verhelpen. De fabrikant, door de prijs te verlagen; de overheid, door het budget te verhogen, door bureaucratie terug te dringen, of individuele vergoeding te organiseren; het Zorginstituut, de zorgverzekeraar of de beroepsgroep door versnelling, verduidelijking of modernisering van procedures; en patiënten, door zinvolle uitkomstmaten en start- en stopcriteria te helpen bepalen.

Het mooie is: iedereen heeft gelijk. Elke partner in het ecosysteem zal zijn steentje moeten bijdragen voor duurzaam succes. Gelukkig is die bereidheid er ook, getuige de vele initiatieven en pilots. Zo is de parallelle procedure van het CBG en het Zorginstituut sinds kort een standaardroute en maakt het (Orphan) Drug Access Protocol werk van het beschikbaar krijgen van veelbelovende nieuwe behandelingen. We zien experimenten met financiële arrangementen, pay for performance en vergoeding op maat. Een uitstekende ontwikkeling. Waar het ons inziens echter nog aan ontbreekt, is een gezamenlijk beeld van wat we acceptabele doorlooptijden vinden, en aan goede afstemming tussen alle nieuwe initiatieven en pilots. Zonder samenhang werkt de stapeling van initiatieven juist vertraging in de hand.

Wat HollandBIO betreft reden te meer om vroegtijdig en met alle stakeholders staan tafel te gaan om de plekken te identificeren waar onze doornenhaag ondoordringbaar dreigt te worden. Zodat we gericht en tijdig kunnen snoeien om tot een adaptief ecosysteem te komen waarin innovatie, gezondheidswinst en betaalbaarheid hand in hand gaan. En patiënten minder lang moeten wachten op de beste behandeling.

← All news

Het is de minister ernst met ATMP’s

,

Het zal niemand verbazen: HollandBIO is fan van cel- en gentherapieën (ATMP’s). Deze innovatieve behandelingen zijn de koplopers in de transitie naar gezondheid op maat. Vooruitgang is natuurlijk niet zomaar geboekt. Ook voor ATMP’s zijn er genoeg uitdagingen op de route van lab naar patiënt. In een recente brief informeert minister Kuipers de Kamer over de stand van zaken rondom ATMP’s. “Ik deel het enthousiasme dat deze patiënten mogelijk zicht krijgen op een curatieve therapie”, aldus Kuipers. In een technische toelichting schetst hij de laatste ontwikkelingen én knelpunten rondom deze innovatieve geneesmiddelen.

Vanwege de snelle ontwikkelingen op het gebied van de ontwikkeling en inzet van ATMP’s is er bij veel verschillende partijen behoefte aan meer inzicht in waar we staan in Nederland. Minister Kuipers wil aan de ene kant innovatie zo veel mogelijk faciliteren, en aan de andere kant de betaalbaarheid en de beschikbaarheid voor patiënten borgen. Oog houden voor deze balans, dat juichen we bij HollandBIO uiteraard alleen maar toe. In een recente Kamerbrief schetst Kuipers de kansen en uitdagingen. Dit doet hij aan de hand van vier onderwerpen, namelijk de ontwikkeling van ATMP’s & de inzet onder de Hospital Exemption (HE), productspecifieke wetgeving, pakketbeoordeling & vergoeding en inzet in de zorgpraktijk.

Op al deze onderwerpen schetst de minister een vergelijkbaar beeld: er is veel mogelijk, maar de huidige regelgeving is complex en biedt niet altijd een gelijk speelveld voor iedereen. Gelukkig geeft de minister zichzelf ook de nodige actiepunten om het systeem verder te verbeteren. Zo wil hij zich bijvoorbeeld inzetten voor betere Europese wetgeving, helderheid over het gebruik van de HE en passende vormen van beoordeling en vergoeding, waaronder pay-for-performance.

Inzicht in waar we nu staan in Nederland op het gebied van ATMP’s is één, maar resulteert gelijk in de vraag: waar willen we met elkaar naar toe? En hoe willen we daar komen? In dat opzicht ontbreekt een recent succes in het overzicht. Trage vergunningsverlening voor klinisch onderzoek met medische ggo’s stond onderzoek met ATMP’s in de weg. HollandBIO smeedde een coalitie om de situatie te verbeteren, én met resultaat: de termijn ging van meer dan een jaar naar minder dan 60 dagen en ook de administratieve lasten werden verminderd. Samenwerking bleek ook hier de sleutel tot succes. Laten we daarvan leren bij het wegnemen van de uitdagingen op het gebied van onderzoek, registratie, vergoeding en implementatie van deze innovatieve koplopers.

Bronnen:

Kamerbrief

Technische toelichting

← All news

Interessepeiling IPCEI Health

, , , , , ,

Nederland verkent de interesse uit de markt voor een IPCEI Health en heeft daarom tot 19 april aanstaande een interessepeiling geopend. Een IPCEI is een mogelijk aantrekkelijke nieuwe bron van financiering voor biotech innovatie. Inschrijven op deze interessepeiling is een voorwaarde om later in het proces een aanvraag voor financiering in te dienen.

Meer informatie over de interessepeiling vind je op de website van RVO. RVO, VWS en EZK organiseren op 4 april van 13:00 tot 14:30 uur een webinar over IPCEI Health. De aanmeldlink wordt later op de website van RVO gepubliceerd. Heb je nu al vragen, neem dan contact op met de IPCEI Health coördinator Michelle van Wijk, via ipcei.health@rvo.nl.

Over IPCEI Health

Een IPCEI – Important Projects of Common European Interest – is een geïntegreerd Europees project dat bestaat uit meerdere nationale projecten van bedrijven en/of onderzoeksinstellingen uit diverse EU-lidstaten die complementair zijn, synergie hebben en bijdragen aan strategische Europese doelen. Binnen een IPCEI mogen overheden meer financiële steun geven dan binnen de gebruikelijke staatssteunkaders mogelijk is.

IPCEI Health richt zich op:

  1. Innovatie en vergroening van productietechnologieën en -processen voor grondstoffen en geneesmiddelen;
  2. Innovatie op het gebied van antimicrobiële resistentie en zeldzame ziekten, alsook op het gebied van opkomende bedreigingen voor de gezondheid, voor zover deze een aanvulling vormen op HERA;
  3. Ontwikkeling van cel- en gentherapieën, met inbegrip van productieprocessen en -technologieën.

Intekenen kan tot 19 april

Zowel individuele bedrijven als consortia kunnen tot 19 april 2022 intekenen op de interessepeiling. Intekenen verplicht je tot niets, maar is wel een voorwaarde om in een later stadium als hoofdaanvrager een aanvraag in te mogen dienen. Als je niet hebt ingetekend, dan kan je later wel aansluiten bij een bestaande subsidieaanvraag, maar is het niet mogelijk om dit zelf te doen.

Mocht je projectideeën hebben die mogelijk binnen de focus van IPCEI Health vallen, dien deze dan vooral in voor de deadline van 19 april. Het format voor indiening staat op de website.

← All news

Gidsland Nederland laat decennialange voorsprong medicinale cannabis nu verkrampen

, ,

De vooruitstrevende positie van Nederland als gidsland is jaren geleden verkrampt geraakt, ziet Nederlands enige legale cannabisproducent. In een zeer lezenswaardig stuk in Elsevier Weekblad (EW) zegt Bedrocan-oprichter Tjalling Erkelens dat hij noodgedwongen op zoek is naar productiefaciliteiten buiten Nederland, in landen die recentelijk veel soepeler omspringen met de productie van de plant met medicinale kwaliteiten. Daarvan kan Nederland dan niet zelf bepalen welke patiënten toegang krijgen tot het wereldwijd gewaardeerde product van hoge en constante kwaliteit. Zelfs nu lopen patiënten in binnen- en buitenland betrouwbare medicinale cannabis nog te vaak mis. Hoog tijd dus dat de overheid – monopolist van medicinale cannabis – snel ingrijpt.

Medische potentie van de cannabisplant benutten

Het EW-artikel leest allereerst als kroniek van de medische potentie van de plant waar Nederland al zeker twintig jaar mee vooroploopt. Door die decennialange voorsprong heeft Bedrocan het productieproces zo weten te verfijnen dat de telkens wisselende samenstelling van de plant aan de strenge eisen van farmaceutische productie voldoet. Zo wordt in Nederland een medicinaal product gemaakt dat van hoge en constante kwaliteit is. Die kwaliteit wordt vervolgens door een onafhankelijk laboratorium vastgesteld. Erkelens: “Ons doel blijft uiteindelijk om de medische potentie van de cannabisplant te benutten en het wereldwijd als medicijn beschikbaar te krijgen.”

Patiënten over de hele wereld waarderen de betrouwbare medicinale cannabis uit Nederland

De Nederlandse betrouwbaarheid wordt wereldwijd gewaardeerd. Dat blijkt wel uit de torenhoge vraag, veel meer dan ons land nu legaal produceert. De voorman van Bedrocan krijgt ‘dagelijks’ verzoeken uit de hele wereld. Die moet het bedrijf helaas afwijzen, omdat instemming van de Nederlandse overheid al jarenlang uitblijft. Daardoor krijgen buitenlandse patiënten nog te vaak nul op het rekest. En ook in eigen land valt nog een wereld te winnen. Slechts 1 op de 14 Nederlanders die uit medicinale overwegingen cannabis gebruiken, doet dat als patiënt onder begeleiding van arts of apotheek. Tienduizenden Nederlanders vallen dus in de handen van illegale aanbieders, die buiten het zicht van de overheid geen kwaliteitseisen waarborgen. En terwijl we hen overlaten aan de illegaliteit, legaliseert land na land de gehele plant en wordt Nederland links en rechts ingehaald.

Nederlandse patiënten hebben baat bij vooruitstrevender beleid

Laten we ervoor zorgen dat we in Nederland weer uit de ‘cannabiskramp’ komen. Nederlandse patiënten hebben immers baat bij een vooruitstrevender beleid. Niet alleen vanwege de binnenlandse behoefte, maar ook de buitenlandse vraag dient Nederlandse patiënten. Daarmee kan namelijk de leveringszekerheid op peil gehouden worden. Laat meer bedrijven ontstaan en de concurrentie groeit. Daar pleit ook Erkelens voor: “Dat levert over het algemeen meer kwaliteit en lagere prijzen op.” Beter zouden we het Nederlandse zorgbeleid niet kunnen samenvatten. HollandBIO weet dan ook zeker dat dit politici en beleidsmakers als muziek in de oren klinkt. We kunnen niet wachten totdat ze er ook naar gaan handelen.

← All news

International Rare Disease Day 2022

, , ,

Afgelopen maandag was het internationale Rare Disease Day. Een dag om aandacht te vragen voor en stil te staan bij de vele mensen die leven met een zeldzame aandoening en hun dierbaren. En dat deden vele van onze leden dan ook. Zo bundelden VICO Therapeutics, NTrans en BioPartner hun krachten en nodigden de bewoners van het Leiden Bio Science Park uit voor een feestelijk cake & info evenement. Onder het genot van een petit four leerden de gasten over de noodzaak van wetenschappelijk onderzoek naar zeldzame ziekten. En Eurordis, de Europese koepelorganisatie van patiëntenverenigingen, zette met deze officiële rare disease video de wereldwijde en diverse gemeenschap van meer dan 300 miljoen mensen die leven met een zeldzame ziekte en hun families in de spotlight. HollandBIO is blij om te zien hoeveel initiatieven een steentje bijdroegen aan deze dag, want bewustwording is de opmaat naar de stappen die nodig zijn om de 1 miljoen Nederlanders die leven met een zeldzame ziekte niet aan hun lot over te laten. 

In Nederland leven naar schatting 1 miljoen mensen met een zeldzame ziekte en in Europa ongeveer 30 miljoen mensen. Een aandoening is ‘zeldzaam’ wanneer het voorkomt bij minder dan één op de tweeduizend mensen. Er zijn meer dan 6000 verschillende zeldzame ziekten geïdentificeerd, waarvan 72% erfelijk. 70% daarvan manifesteert zich gedurende de kindertijd. Gebrek aan kennis en expertise spelen zeldzame ziekten parten. Tijdige diagnose en de beschikbaarheid van een effectieve behandeling blijft voorlopig voor vele zeldzame aandoeningen een grote uitdaging. Dit maakt dat Europese samenwerking op het gebied van kennis, data en onderzoek cruciaal is.  

Het goede nieuws is dat er op het gebied van zeldzame ziekten afgelopen decennia, onder andere door stimulerend Europees beleid, enorme vooruitgang geboekt is. Zo is het aantal weesgeneesmiddelen significant toegenomen sinds de invoering van de Europese verordening. Voor HollandBIO zijn weesgeneesmiddelen de innovatieve kraamkamer van de life sciences sector en de koplopers op weg naar zorg op maat. Baanbrekende nieuwe behandelingen bewijzen zich doorgaans als eerste in het zeldzame ziektedomein, voor ze breder toegepast worden. Dankzij onze toenemende kennis van de biologische processen die ten grondslag liggen aan ziekte, is de life sciences sector steeds beter in staat diagnostiek en behandelingen te ontwikkelen die aansluiten op de individuele behandelbehoefte van de patiënt. Met als baken van hoop de komst van gentherapieën, die patiënten nieuw levensperspectief bieden en zelfs kans op genezing.  

Als we in staat zijn om de uitdagingen van mensen met een zeldzame ziekte weg te nemen, komt onze gedroomde toekomst van gezondheid op maat een stap dichterbij: iedereen de beste behandeling op het juiste moment. Daar wordt uiteindelijk het hele gezondheidsecosysteem beter van.  

https://vsop.nl/zeldzaam/

https://www.planethealth.nl/campaign/zeldzame-ziekten/