← All news

Tijd om het tij te keren: Nederlandse publieke R&D-investeringen stagneren

, ,

HollandBIO is teleurgesteld maar niet verrast over het nieuws dat de Nederlandse overheidsinvesteringen in onderzoek en innovatie stagneren. Teleurgesteld omdat keer op keer blijkt dat hogere publieke investeringen als vliegwiel werken voor private investeringen . Niet verrast omdat Nederland al jarenlang de eigen ambities rond investeringen in R&D niet haalt. Hoog tijd voor meer investeringen in onderzoek en innovatie!

Nederland middenmoter

Uit de meest recente Eurostat-cijfers blijkt dat publieke Nederlandse R&D-investeringen stagneren. In totaal geeft Nederland €314 per capita uit aan R&D, waarmee we een middenmoter in innovatieland zijn. Sinds 2010 stegen R&D-investeringen in Europa met gemiddeld 22%, terwijl dat in Nederland maar 16% was. Daarbij komt dat de Nederlandse publieke uitgaven aan R&D als percentage van het BNP, voor het eerst sinds 2004, onder het Europese gemiddelde (0,75%) zijn gezakt, naar 0,74% van het BNP.

Nederland bekleedt de 7e plek in de OESO-ranglijst van R&D-investeringen per hoofd van de bevolking. Dit is weliswaar net hoger dan het Europees gemiddelde, maar vergelijkbare innovatieve landen zoals Denemarken geven zo’n €180 per persoon meer uit. Nederland dreigt achterop te raken als we niet fors gaan investeren.

Geef gas bij!

Eerder schreven wij al dat Nederlandse R&D-investeringen blijven steken op 2,16% van het BBP en dat dit ver onder de gestelde 3%-norm is, en dat Nederland achterblijft bij het OESO-gemiddelde van 2,5%. Dit is zorgwekkend, want zoals het Centre for Economic Policy Research recent heeft aangetoond, wakkeren publieke investeringen in R&D private investeringen aan. Als kenniseconomie is innovatie van levensbelang voor ons land. Innovatie en onderzoek zijn de motor die Nederland vooruithelpt en het is zaak om die innovatiemotor op volle toeren te laten draaien. Daarom roept HollandBIO een volgend kabinet op om de OESO-norm te halen op het gebied van R&D en veel meer te investeren in publieke R&D. Kortom: gas erop!

Afbeelding: R&D-uitgaven per hoofd van de bevolking

Bron:

https://ec.europa.eu/eurostat/web/products-eurostat-news/-/ddn-20210915-1

https://www.neth-er.eu/onderzoek/eurostat-nederlandse-overheidsinvesteringen-in-onderzoek-en-innovatie-stagnerenhttps://www.hollandbio.nl/nieuws/publieke-investeringen-jagen-private-investeringen-aan

← All news

KNAW pleit voor snellere, betere geneesmiddelontwikkeling

, ,

Het proces van geneesmiddelontwikkeling is kostbaar, vol hindernissen en vergt een lange adem, concludeert de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (KNAW) in haar nieuwste advies “meer efficiëntie door innovatie”. Dat het sneller en beter kan én moet, roept HollandBIO ook al jaren. Om geneesmiddelen sneller bij patiënten te krijgen, pleit de KNAW nu voor de komst van een coördinerend expertisecentrum, dat de dialoog tussen wetenschappers, de farmaceutische industrie en regelgevers moet aanwakkeren. Een mooi initiatief om ons innovatieklimaat verder mee te verbeteren. Lees meer 

← All news

Steun gevraagd voor Groeifondsvoorstel Biotech Booster

, , ,

Samen met de koepels van universiteiten, universitair medisch centra, hogescholen, Janssen en DSM zet HollandBIO deze weken de puntjes op de i van Biotech Booster, het biotechbrede plan dat we op 31 oktober indienen bij de commissie van het Nationaal Groeifonds. Met Biotech Booster lanceren HollandBIO, bedrijven en de Nederlandse kennisinstellingen een duurzame oplossing voor een hardnekkig knelpunt voor het succes van het Nederlandse biotech ecosysteem: tech transfer, of valorisatie. Hoe meer organisaties het voorstel onderschrijven, des te sterker we staan. Maakt jouw organisatie deel uit van het biotech ecosysteem, en zie je het belang van de unieke publiek-private aanpak van Biotech Booster? Steun dan het voorstel door middel van een steunbrief.

Biotech Booster voegt een extra schakel toe aan de valorisatieketen: ervaren biotech ondernemers selecteren de meest kansrijke proposities – hoofdzakelijk afkomstig uit de academie, waarna de uitvinders (wetenschappers en/of startende ondernemers) de juiste begeleiding krijgen van onder meer gevestigde ondernemers en experts (projectmanagement, expertise, team en geld) om hun idee efficiënt en effectief door te ontwikkelen tot een investeerbare propositie. Biotech Booster moet het rendement op het uitstekende Nederlandse biotechbrede wetenschappelijk onderzoek verhogen, en ondernemerschap, werkgelegenheid en innovatie een impuls geven. In de Executive Summary vind je een bondige weergave van het voorstel.

Maak jij deel uit van het Nederlandse biotech ecosysteem, en zie je het Biotech Booster voorstel net als wij als mogelijke oplossing voor de huidige knelpunten op het gebied van valorisatie en financiering? Dan nodigen we je van harte uit tot het schrijven van een steunbrief! Wil je een nadere toelichting, een voorbeeld of heb je andere vragen? Neem dan contact op met HollandBIO’s Timen.

← All news

Techleap’s Dutch Healthtech 2021 Report

,

In their Dutch Healthtech 2021 Report, which was released last week, Techleap analysed the Dutch healthtech sector from the perspectives of founders and investors. Techleap has found that innovative healthtech startups have difficulties to grow and become global leaders due to several challenges. This means products and services do not reach patients and consumers. HollandBIO agrees with the findings of Techleap and thinks these challenges do not only relate to healthtech, but to the whole biotech sector. It is time to unlock the scaling paradox and unleash the innovational potential of the complete life sciences ecosystem.

Key challenges

Amongst others, Techleap identifies four key challenges for Dutch biotech companies. HollandBIO agrees and we think that, to reap the full benefits of biotech in the Netherlands, we have to overcome the following hurdles:

  1. Low startup to scaleup conversion. It is difficult for startups to scale-up. Of a relatively large population of healthtech startups, only 29% become scaleups. This finding was earlier mentioned in the AWTI report ‘Beter van start.
  2. Small ticket sizes: Ticket sizes of investments are smaller compared to other international leading ecosystems. This proves, combined with dependency on public funds in the earlier stage, a slowing factor to move from startup to scale-up.
  3. Suboptimal IP-transfer: Many academic founders in healthtech struggle in the process of negotiating the IP transfer out of universities. This struggle takes a lot of time and energy which could also have been put in developing the company.
  4. Commercial focus: Many Dutch healthtech founders focus on technology and product instead of developing their business or expanding abroad.

The solution of Biotech Booster

These hurdles are addressed in HollandBIO’s Groeifonds proposal ‘Biotech Booster. The proposal focuses on the improvement of valorization of knowledge towards products and services that reach the patients and consumers. Biotech booster does this by longer coaching startups to foster their growth towards a more robust, investor-ready, scale-up.

Challenge the status quo together

An important recommendation in the report is focused on collaboration. HollandBIO is proud to see that one of Techleap’s recommends to ‘intensify collaboration in the Dutch healthtech ecosystem by enabling closer cooperation between selected stakeholders in the healthtech sector who are willing and able to change the status quo and are willing to make the difference, including Topsector LSH, HollandBIO, NLHealth, Health Valley and HealthInc.’

HollandBIO strives to unleash the full potential of biotech and we would be honored to challenge the status quo together with Techleap and other organizations to improve the life sciences ecosystem in the Netherlands.

Source

← All news

Europees onderzoeks- en innovatiepact gaat 100% voor 3% impact

, ,

De Europese Commissie (EC) heeft aan alle Europese lidstaten voorgesteld om een onderzoeks- en innovatiepact te ondertekenen zodat we nationale R&D-budgetten opschroeven naar tenminste 3% van het BBP in 2030. ‘A Pact for Research and Innovation in Europe’ ondersteunt niet alleen de economische positie van de Europese Unie (EU), maar draagt aan ook bij aan verdere versterking van onze basis op kennis en innovatie. Wat HollandBIO betreft broodnodig om als Europa koploper te worden op de ontwikkeling èn benutting van excellente en technische kennis. Nederland, doen we mee?

‘A Pact for Research and Innovation in Europe’ is opgesteld door de EC om verdere implementatie van de Europese onderzoeksruimte, ook wel European Research Area (ERA), op nationaal niveau te ondersteunen. De EU wil de ERA zo inrichten dat lidstaten meer mogelijkheden krijgen voor het makkelijker en efficiënter uitwisselen van best practices, het faciliteren van samenwerkingen en het investeren in gezamenlijke onderzoeks- en innovatiedoelen. 

Ophogen R&D-investeringen

HollandBIO juicht het onderzoeks- en innovatiepact van harte toe, en dan met name het doel om de lidstaten aan te zetten tot het opschroeven van hun R&D-investeringen tot tenminste 3% van het BBP. Dat is namelijk hard nodig in Nederland. Wij berichtten al eerder dat de R&D-investeringen in Nederland op een magere 2,16% blijven hangen, dat is zelfs ruim onder het OESO-gemiddelde van 2,5%. Andere partijen waaronder VNO-NCW en TNO delen dezelfde ambitie.

Europa als koploper

Als we in Europa onze kennispositie op het gebied van sleuteltechnologieën zoals biotechnologie willen verzilveren, dan moeten de Europese R&D-investeringen in lijn raken met andere wereldwijde koplopers. Afnemende investeringen in onderzoek en innovatie kunnen de toekomstige kennis- en economische positie van Europa in de weg staan, waardoor we het onderspit delven tegenover de Verenigde Staten en China. HollandBIO staat dan ook voor de volle 100% achter dit onderzoeks- en innovatiepact. We roepen de Nederlandse overheid op het pact te omarmen en tot ondertekening over te gaan. Deze gelegenheid voor het stellen van een stevige ambitie moeten we niet laten liggen.

Bronnen

← All news

Belastingdienst: verlaagd btw-tarief van toepassing op ATMP’s

, , ,

De Belastingdienst beschouwt Advanced Therapy Medicinal Products (ATMP’s), zoals cel- en gentherapieproducten, als medische producten, zo laat de dienst HollandBIO in een brief weten. Dit betekent dat het verlaagde btw-tarief van 9% voor medicijnen ook geldt voor ATMP’s. De landelijke uitspraak maakt een eind aan de onduidelijkheid en is een mooie opsteker voor het Nederlandse vestigingsklimaat. De uitspraak volgt uit de gezamenlijke inzet van HollandBIO, de Vereniging Innovatieve Geneesmiddelen, het LUMC, de ministeries van EZK, VWS en Financiën en de Belastingdienst.

Advanced Therapy Medicinal Products, of ATMP’s, zijn de verzameling behandelingen waarbij gemodificeerde cellen, genen en/of weefsels worden ingebracht in het lichaam van een patiënt. Vaak worden ze ook aangeduid met cel- en gentherapieproducten. De vaak eenmalige en op het individu afgestemde cel- en gentherapieproducten zijn nog geen gangbare vorm van behandelen. De eerste therapieën hebben het reeds tot registratie en vergoeding in Nederland gebracht, en de wereldwijde pijplijnen zitten vol met producten in ontwikkeling. Ze luiden een nieuw tijdperk in de geneeskunde in.

Productie ATMP’s: allogeen of autoloog
Voor de productie van ATMP’s zijn vaak menselijke cellen als grondstof nodig. Dit kan op twee manieren worden gedaan: allogeen en autoloog. Bij allogene ATMP’s worden cellen van een donor als grondstof gebruikt voor de productie van meerdere ATMP’s. Bij autologe ATMP’s bestaat de grondstof uit cellen van de patiënt zelf, en wordt het geneesmiddel voor elke patiënt apart geproduceerd.

Btw-classificatie ATMP’s heeft grote gevolgen

Bij autologe ATMP’s, waar het om bewerking van cellen van een patiënt gaat, ontstond onduidelijkheid voor de Belastingdienst. Is hier sprake van een product, of een medische handeling? Dat lijkt misschien een triviale vraag, maar de classificatie als product of medische handeling heeft grote gevolgen voor de btw-positie van ATMP’s.

Een geneesmiddel valt in Nederland onder het verlaagde tarief van 9% btw, terwijl medische handelingen zijn vrijgesteld. Wanneer een btw-vrijstelling geldt, kan de fabrikant over de gemaakte kosten niet de btw aftrekken van de belasting, terwijl aan de inkoopkant vaak het hoge tarief van 21% gerekend moet worden. Dit zorgt voor hoge extra kosten bij de productie van ATMP’s. In andere landen, waaronder België, werden ATMP’s wel als producten beschouwd, waardoor België een streepje voor had als vestigingslocatie voor ATMP’s.

ATMP’s zijn producten

Alle andere wet- en regelgeving met betrekking tot ATMP’s behandelt deze innovaties als producten. Voor de btw-classificatie zou dit niet anders moeten zijn. Door gezamenlijke inspanningen van HollandBIO, de Vereniging Innovatieve Geneesmiddelen, het LUMC, de ministeries van EZK, VWS en Financiën is deze casus opgehelderd. Na constructief overleg heeft de Belastingdienst definitief geoordeeld dat ATMP’s producten zijn, en dus onder het btw-tarief van 9% vallen.

Impuls voor het vestigingsklimaat
Met de landelijke uitspraak is de onduidelijkheid die bestond over de btw-positie van ATMP’s verleden tijd. Doordat ATMP’s als producten worden beschouwd, kunnen producenten nu btw aftrekken in het productieproces. De combinatie van voorspelbaarheid en een gunstige btw-positie maakt dat deze beslissing belangrijk is voor het vestigingsklimaat.

Met onze sterke (kennis) infrastructuur, hoogopgeleide beroepsbevolking en robuust biotech ecosysteem was Nederland al in trek als vestigingsland voor ATMP-ontwikkelaars, getuige de aanwezigheid van Kite en BMS. Deze uitspraak draagt hier verder aan bij en leidt hopelijk tot de groei en bloei van Nederland als productielocatie van deze nieuwe generatie innovatieve producten.

Lees de brief van de belastingdienst hier.

← All news

Leestip: Universiteit, faciliteer een ondernemend ecosysteem

,

Universiteiten zijn een ontmoetingsplek voor ondernemers en investeerders en een veilige haven om te onderzoeken of in je goede idee ook een bedrijfje schuilt. Wat ze echter niet zouden moeten doen is durfinvesteerder spelen voor start-ups, dat is althans de raad die hoogleraar Ondernemerschap en Innovatie Dries Faems de academie meegeeft na een decennium aan het opzetten van accelerators en incubators. Anders gezegd: schoenmaker blijf bij je leest, aldus Faems in een opinie in het FD.

Andere wereld

Een instelling besturen vraagt om een andere strategie dan het leiden van een start-up. Waar het besturen van een instelling vraagt om een risicomijdende aanpak, daar kan een start-up alleen verder komen door een gokje te wagen. Die verschillende werelden laten zich moeilijk met elkaar rijmen. Faems ziet die tegenstelling als een van de oorzaken van de gebrekkige financiering van start-ups. Bij de eerste de beste tegenslag wordt het universiteiten te warm onder de voeten en stoppen zij de financiering. En zonder financiering geen start-up. De meest risicovolle start-ups krijgen daardoor niet de mogelijkheid om door te groeien.

Juist in de kennis- en kapitaalintensieve biotechsector zien we dit terug. Eerder bleek uit onderzoek van HollandBIO dat de groei van innovatieve biotechbedrijven in Nederland sterk achterloopt op andere Europese landen, terwijl we qua kennis en octrooiaanvragen wel tot de Europese top behoren. Dat is zonde, want dat betekent uiteindelijk dat we impact en waarde voor patiënten en consumenten laten liggen.

Faciliteer een ondernemend ecosysteem

Faems ziet tegelijkertijd wel een belangrijke rol voor universiteiten in het stimuleren van start-ups. Ten eerste is de universiteit een ontmoetingsplek voor (would be) ondernemers en financiers. Initiatieven zoals Graduate Entrepeneur in Rotterdam en Delft zijn daar een mooi voorbeeld van. Daarnaast kunnen universiteiten ook een veilige omgeving bieden, waarin je mag vallen en opstaan, waar jonge ondernemers kunnen ontdekken of in hun idee ook een bedrijf zit.

Wij volgen Faems helemaal in deze opvatting. Sterker nog, zijn ideeën komen terug in ons biotech booster Groeifondsvoorstel. Door ideeën verder te brengen in een veilige omgeving en met bedrijfsmatige begeleiding kunnen we  meer successen boeken. Daarnaast richt het plan zich op het versterken van het biotech ecosysteem zodat we biotech innovaties tot bloei laten komen. Zo verzilveren we de waarde die biotech te bieden heeft!

← All news

Biotech rijk vertegenwoordigd in de R&D-top 30: de biotech-innovatiemotor draait op volle toeren

, ,

Ook dit jaar prijken er weer vijf biotechbedrijven in de lijst van dertig grootste R&D-investeerders in Nederland. Zoals in eerdere jaren is de lijst gevuld met bedrijven die actief zijn op zowel duurzaamheid, voeding en gezondheid. Onze innovatieve sector is rijk vertegenwoordigd in de lijst en investeert ruim €100 miljoen meer dan vorig jaar. Hiermee laat de sector zien dat de innovatiemotor nog steeds op volle toeren draait.

Investeringen nemen toe
Net zoals vorig jaar is de R&D-top 30 van het Technisch weekblad goed gevuld met biotechbedrijven. Over het algemeen nemen de investeringen bovendien zelfs toe. Met een R&D-budget van net geen half miljard (€499 miljoen) bezet Janssen de derde plek en stijgt daarmee een plek ten opzichte van vorig jaar. DSM neemt de vijfde plaats in met hun R&D-budget dat gegroeid is naar €217 miljoen. Ook Byondis (#14, €68 miljoen) en Enza Zaden (#17, €45 miljoen) behoren tot de groep grootste investeerders. Er is ook een nieuwkomer in de lijst dit jaar, uit nota bene onze achterban; KeyGene komt met een R&D-budget van ruim €19 miljoen binnen op plaats 24 in de lijst. In totaal zijn de R&D-investeringen van de in de lijst genoteerde biotechbedrijven gestegen van €743,5 miljoen naar maar liefst €848 miljoen in 2020.

Biotech successen kweken
De biotechsector toont weer zijn kracht als innovatiemotor. Met het oplossen van maatschappelijke uitdagingen wordt tegelijkertijd het innovatie- en verdienvermogen van Nederland versterkt. Een unieke industrie waar wij geen genoeg van krijgen! Om nóg meer van dit soort successen te kweken op Nederlandse bodem moeten we nu inzetten op biotech. Bijvoorbeeld met biotech booster Groeifondsaanvraag of door in het deeptechfonds nog meer aandacht voor biotech te hebben. Want investeren in biotech, is jezelf de crisis uit innoveren!

← All news

WBSO blijft onderdeel van aantrekkelijk vestigingsklimaat

,

Innovatieve Nederlandse bedrijven haalden in 2020 ondanks de coronacrisis een voordeel van in totaal €1,2 miljard uit de zogenoemde Wet Bevordering Speur- en Ontwikkelingswerk (WBSO). Dat meldt het ministerie van Economische Zaken en Klimaat in het WBSO-jaarverslag over 2020. Met de WBSO kunnen bedrijven sneller nieuwe innovaties en ideeën ontwikkelen tot succesvolle producten en diensten. HollandBIO is dan ook blij dat biotech bedrijven breed gebruikmaken van het instrument en dat het ministerie er voor het budget van 2021 een schep bovenop doet.

WBSO 2020 in getallen

Ruim 20.000 Nederlandse bedrijven – waarvan 97% mkb – hebben in 2020 gebruikgemaakt van de WSBO. Al met al hebben ruim 135.000 R&D-projecten WBSO-subsidie ontvangen, een stijging van 6% ten opzichte van 2019. Ook de andere effecten van de WBSO zijn aanzienlijk: zo ondersteunt het instrument ruim 88.000 hoogwaardige arbeidsplaatsen en leidt het volgens een recente evaluatie tot extra private R&D-investeringen, meer innovatie en een beter vestigingsklimaat.

Breed WBSO-gebruik biotech

Biotech bedrijven zijn, door hun innovatieve aard en activiteiten, als vanouds goed vertegenwoordigd in de WBSO. Tegelijkertijd blijft biotechnologie lastig in één categorie te vangen. Als we inzoomen op onderstaande tabel met uitsplitsingen per technologiegebied dan is natuurlijk de categorie biotechnologie relevant, maar onder de categorieën medische wetenschappen/farma en plantaardige wetenschappen bevinden zich naar alle waarschijnlijkheid ook veel biotech bedrijven of bedrijven die biotechnologie toepassen voor hun R&D-projecten. In 2020 zijn deze categorieën samen goed voor 1221 bedrijven die gebruikmaken van de WBSO.

Wat ook opvalt, is dat biotechnologie en biotech-gerelateerde categorieën als medische wetenschappen/farma en plantaardige wetenschappen, allemaal relatief veel arbeidsjaren en onderzoekskosten maken ten opzichte van veel andere sectoren. Als gevolg daarvan ontvangen zij naar verhouding ook een groot voordeel uit de WBSO in de vorm van afdrachtvermindering. Het onderstreept wat HollandBIO betreft nog maar eens het R&D-intensieve karakter van de biotech sector.

WBSO-budget 2021 omhoog   

HollandBIO is blij dat het ministerie van EZK het WBSO-budget in 2021 ophoogt met meer dan €150 miljoen zodat bedrijven zich nog beter uit de crisis kunnen innoveren. Bedrijven krijgen door de ophoging van het budget hogere kortingen op de eerste schijf en de startersschijf. Mooie ontwikkelingen die wat HollandBIO betreft een structureel karakter mogen aannemen.

Bronnen

← All news

Nieuwe aanpak nodig voor succesvolle opzet en doorgroei universitaire start-ups

, ,

Universiteiten halen te weinig waarde uit de excellente kennis die zij genereren, de activiteiten op valorisatie en kennisoverdracht zijn verlieslatend en ze zijn niet optimaal toegerust op het succesvol verder ontwikkelen van een bedrijf. Dat is de strekking van een artikel in het Financieele Dagblad, dat in de cijfers dook en een rondgang deed langs overheden, universiteiten, Knowledge Transfer Offices en start-ups. Ons Groeifondsplan biedt uitkomst.

Octrooien die stofhappen

Uit Europees onderzoek dat de bureaus voor kennisoverdracht bij universiteiten, ook wel TTO’s of KTO’s genoemd, hebben laten uitvoeren, blijkt dat van de eigen patenten 78% ongebruikt op de plank blijft liggen. Dit sluit aan bij het onderzoek en de bevindingen dat HollandBIO vorig jaar al publiceerde, waarin naar voren komt dat we in Nederland goede biotech kennis niet weten te verzilveren.

Stringente afspraken als belemmering voor doorgroei

In het artikel komt naar voren dat de stringente afspraken tussen universiteiten en start-ups een belemmering vormen voor de doorgroei. Een  ‘stemhebbend aandelenbelang’ kan bijvoorbeeld vervolginvesteerders afschrikken. Die conclusie is ook in lijn met het recente AWTI-rapport ‘beter van start’. In haar eerste reactie op dit rapport roept het kabinet gelukkig op om te stoppen met dergelijke afspraken.  

Valorisatie als ondergeschoven kind

Daar komt nog eens bij dat op dit moment de activiteiten op kennisoverdracht en het ontwikkelen van startupactiviteiten voor universiteiten gemiddeld genomen verlieslatend zijn. De VSNU, de koepelorganisatie van universiteiten, stelt dat ‘incidenteel succes niet opweegt tegen de kosten’, en het ministerie van EZK stelt zelfs dat valorisatie universiteiten alleen maar geld kost waardoor investeringen hierin achterblijven. Dit terwijl kennis overdragen ten behoeve van de maatschappij, ook wel valorisatie genoemd, een van de kerntaken is van universiteiten volgens de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek.

Kennis en ervaring voor succesvolle bedrijfsontwikkeling ontbreken

Een laatste, belangrijk vraagstuk is dat universiteiten niet toegerust zijn op het succesvol opzetten en verder brengen van een startup en daardoor volgens een rapport van Dialogic uit 2018 zich vooral focussen op startups die sowieso wel een markt en financiering kunnen vinden. Dit betekent dat er een gat ligt bij startups en innovaties die nog te riskant zijn voor commerciële durfinvesteerders. Universiteiten hebben echter niet de juiste kennis en vaardigheden in huis om deze startups verder te helpen. Zoals Steef Blok, directeur van Leidse KTO Luris het treffend verwoordt: ‘Wij als universiteiten doen alsof we verstand hebben van bedrijfsontwikkeling. We willen ondernemers maken van wetenschappers. Maar we willen en kunnen de risico’s niet lopen en hebben er eigenlijk ook geen tijd voor. We hebben dus ook zeer weinig succes, want we weten niet wat we doen.’

Groeifondsplan helpt kennis omzetten in innovatie

HollandBIO ziet in het geschetste beeld een ultieme bevestiging van het probleem waar wij samen met universiteiten, hogescholen en bedrijven in ons Biotech Booster Groeifondsplan werk van willen maken: het stimuleren van innovatie en het daadwerkelijk omzetten van de excellente kennis die we in Nederland hebben in mooie bedrijven, producten en diensten die bijdragen aan maatschappelijke uitdagingen en het nationale verdienvermogen.

Lees het volledige artikel (inlog nodig): https://fd.nl/futures/1386812/universiteiten-hebben-geen-verstand-van-start-ups-oof1caSaM2Xs