← All news

Theorie en praktijk matchen niet in financieringslandschap

,

Onderzoeksbureau KplusV concludeert, in een onderzoek dat zij in samenwerking met Techleap hebben uitgevoerd, dat financieringsinstrumenten voor kennisintensieve start-ups in de praktijk in een later ontwikkelingsstadium ingezet worden dan op papier de bedoeling is. Dat geldt met name voor semipublieke financieringsinstrumenten zoals de Seed Capital regeling.

In het onderzoek komt KplusV tot drie conclusies:

  1. Het financieringsaanbod wijkt in de praktijk af van de theorie: instrumenten financieren in werkelijkheid later dan hun theoretische financieringsscope;
  2. De afwijking in het werkelijke financieringsaanbod ten opzichte van de theorie is met name aanwezig binnen semipublieke financieringsinstrumenten;
  3. Hoe lager de Technology Readiness Level (TRL), hoe lager het financieringsaanbod: het financieringsaanbod in de praktijk loopt op naarmate de TRL hoger wordt.

Financieringsvraag en aanbod in Biotech

De onderzoekers geven aan dat er vervolgonderzoek nodig is, onder andere om het aanbod per sector beter in beeld te brengen. Daarnaast richt dit onderzoek zich alleen op het aanbod van kapitaal, de vraag vanuit ondernemers komt er niet in naar voren.

HollandBIO vindt het onderzoek een mooie eerste stap, maar vraagt zich wel af in hoeverre de bevindingen opgaan voor de biotech sector. Zo komt in het onderzoek naar voren (zie onderstaande afbeelding gekopieerd van slide 10) dat de gemiddelde ticketgrootte in TRL 9, de marktintroductiefase, gemiddeld €3,75 miljoen is. Tussen TRL 4 en 8 ligt dat zo rond de €3 miljoen. Biotech ondernemers weten dat dit soort ticketgroottes niet aansluiten bij de ontwikkelkosten van een gemiddelde biotechpropositie, die lopen namelijk op tot een veelvoud van de in deze studie genoemde bedragen. Het lijkt er dus op dat een deep dive in de biotech sector, waarin vraag en aanbod van kapitaal wordt meegenomen, van grote toegevoegde waarde zou zijn.

En laat HollandBIO nou net bezig zijn met het maken van zo’n overzicht van het financieringslandschap in de biotech. Dus houd begin volgend jaar onze kanalen in de gaten voor meer!

← All news

Blinkend financieringslandschap glanst niet in Nederland

, ,

McKinsey onderzocht het wereldwijde financieringslandschap voor biotech bedrijven. Biotech is hot onder investeerders. Er zijn meer investeringen in biotech start-ups gedaan dan ooit te voren en er wordt steeds vaker in de vroege risicovolle fase geïnvesteerd. In Nederland lijkt het geld eveneens tegen de plinten te klotsen, maar Golden Egg Check laat zien dat het geld niet evenwichtig is verdeeld. Investeringen in de vroege fase lopen juist terug en de financieringskloof voor startende biotech bedrijven in Nederland dijt alsmaar verder uit. HollandBIO voorspelt dat wanneer deze trend zich doorzet, nieuwe biotech innovaties in Nederland de boot missen en koers zetten naar het buitenland. Hoe gaan we het tij keren?

Wereldwijde weelde, Nederlandse scheefheid

Recent zijn twee interessante rapporten gepubliceerd door McKinsey en Golden Egg Check die meer inzichten geven over wereldwijde en Nederlandse Venture Capital investeringen in biotech. Er is wereldwijd sprake van een weelderige financieringsmarkt, die in Nederland bovenal onevenredig verdeeld is.

Zo laat McKinsey  zien dat er in 2020 wereldwijd 55% meer venture capital geld is geïnvesteerd in biotech dan in 2019. Ook is de omvang van de gemiddelde financieringsronde in 2021 37% gegroeid ten opzichte van 2020; daarmee is de gemiddelde investeringsronde $59 miljoen. Daarnaast stijgt eveneens het aantal investeringen in de preklinische fase van biotech bedrijven. De analyse van Golden Egg Check van Venture Capital deals in Nederland laat een vergelijkbare groei zien. In 2021 is er na een half jaar al meer geïnvesteerd dan in heel 2020, namelijk bijna €3 miljard.

Risico op afhankelijkheid buitenlandse investeerders

Maar ‘the devil is in the details’, zo blijkt wanneer naar de verdeling van dat kapitaal wordt gekeken. De financieringskloof tussen vroege en late fasen is zichtbaar en wordt alleen maar groter. Tussen 2018 en 2020 zijn er meer en grotere deals gesloten in vervolgrondes. Echter, de groei in het aantal investeringen in de vroege fase blijft achter. Sterker nog: deals tot en met €1 miljoen lopen zelfs terug ten opzichte van de voorgaande jaren. De voornaamste reden is dat venture capital fondsen steeds meer opschuiven naar late fase investeringen.

Het resultaat? Er is minder privaat kapitaal beschikbaar voor nieuwe risicovolle innovaties in Nederland. Daardoor lopen we het risico dat Nederlandse bedrijven meer en meer afhankelijk worden van buitenlandse investeerders.

Zilverpoets voor ons kroon
HollandBIO vreest dat Nederlandse start-ups, door een gebrek aan vervolgfinanciering, te afhankelijk worden van het buitenland – met als gevolg dat ze hun fysieke vestiging het geld volgt. Daarom werken wij binnen het programma ‘IJzersterk Innovatieklimaat’ aan het optimaliseren van het Nederlandse financieringslandschap voor biotech en life sciences bedrijven. We hebben een aantal ideeën om de Nederlandse financieringsmarkt een boost te geven:

  • Stimuleer angel investors met fiscale regelingen. Angel investors stappen vaak in de vroege fase in veelbelovende start-ups en helpen met privaat kapitaal de financieringskloof te dichten.
  • Meer investeringsfocus op kennis- en kapitaalintensieve start- en scale-ups en hun specifieke financieringsbehoefte. Initiatieven zoals het Deep Tech Fonds zijn een goed startpunt, en hiervan mogen er wat ons betreft veel volgen.
  • Investeer publiek geld ook in de risicovolle vroege fase. We kunnen daarbij een voorbeeld nemen aan Vlaamse initatieven zoals het Vlaams Instituut voor Biotechnologie (VIB) en het Vlaams Agentschap voor Innoveren en Ondernemen (VLAIO). Beide organisaties laten zien dat publieke investeringen in de risicovolle en vroege fase loont.

Natuurlijk is dit een niet-uitputtende lijst en is er veel meer mogelijk. Maar het belangrijkste is dat het rapport van Golden Egg check een wake-up call moet zijn. We moeten ons realiseren dat onze biotech sector een kroonjuweel is en dat met aansluitende financiering we daar maatschappelijk, en economisch van kunnen profiteren. Tijd om de zilverpoets te pakken en het financieringslandschap op te poetsen!

← All news

Valorisatierapport Roland Berger: Geen woorden, maar biotech booster

, ,

Om de Nederlandse potentie van valorisatie echt te ontketenen moeten we structureel meer radicale veranderingen durven door te voeren in de manier waarop we valorisatie benaderen, organiseren, ondersteunen en financieren. Dit concludeert Roland Berger in ‘Valorisatie ontketend’ een rapport dat ze opdracht van Techleap is opgesteld. Dit is het zoveelste rapport dat de gebrekkige valorisatiepraktijk in Nederland onder de loep neemt. HollandBIO vindt dat het geen tijd is voor woorden maar daden. Tijd voor Biotech Booster.

Vijf uitdagingen, vijf oplossingen

Roland Berger beschrijft de gebrekkige valorisatie als de hals in een zandloper. Kennisinstellingen staan aan de ene kant van de zandloper en bedrijven en de samenleving aan de andere kant. De hals die hier dus figuurlijk en letterlijk de ‘bottleneck’ vormt, bestaat uit de zogeheten Knowledge Transfer Offices (KTO’s). Het rapport beschrijft daarbij vijf uitdagingen:

  1. Valorisatie is nog te vaak een lineair, transactioneel proces.
  2. Universiteiten zijn niet op valorisatie ingericht; de cultuur, governance en financiering draaien allemaal om onderwijs en onderzoek.
  3. Mede daardoor ligt de focus vaak meer op het verdienen aan, dan op het verwaarden van universitaire “assets”.
  4. Die taak is belegd bij kennis- en technologie transfer offices (KTO’s) maar vaak zonder dat zij (kunnen) worden toegerust met de schaal, inhoudelijke kennis per vakgebied en middelen die daarvoor nodig zijn.
  5. De financiële steun voor valorisatie – van buiten de universiteit – is ten slotte vaak onvoldoende, versnipperd over veel verschillende regelingen, incidenteel en incompleet (bijvoorbeeld voor de vroegste fase van ontwikkeling).

De oplossing ligt in een valorisatiesysteem dat zich richt op het organiseren van gezamenlijkheid en het creëren van de optimale randvoorwaarden. In deze visie is valorisatie geen derde kerntaak, maar integraal verweven met onderwijs en onderzoek. Om de Nederlandse potentie van valorisatie echt te ontketenen moeten we structureel meer radicale veranderingen durven door te voeren in de manier waarop we valorisatie benaderen, organiseren, ondersteunen en financieren. Roland Berger pleit daarom voor vijf veranderingen:

  1. Ga van technologietransfer naar co-creatie;
  2. Maak valorisatie een volwaardig deel van het primair proces;
  3. Creëer fysieke locaties voor co-creatie over alle TRL-niveaus;
  4. Organiseer ondersteuning dichtbij en thematisch; en
  5. Zorg voor structurele, continue financiering.

Geen woorden, maar Biotech Booster

HollandBIO kan zich meer dan vinden in deze oplossingen. Maar hoe blij we ook zijn met de aanbevelingen, bekruipt ons toch een ‘groundhog day’-gevoel. Eerder kwamen wij met een eigen onderzoek Lost in Translation, ook de AWTI (2x), Roland Berger en Dialogic kwamen eerder met vergelijkbare conclusies en dito aanbevelingen. Je kan inmiddels een bibliotheek vullen met onderzoeken naar de Nederlandse Valorisatiepraktijk.

Des te belangrijker is het dat al die aanbevelingen ook tot iets leiden en des te belangrijker is dus de groeifondsaanvraag Biotech Booster. Want inmiddels weten we dat valorisatie een probleem is. We weten ook waar de oplossing ligt, het is nu zaak om die uit te voeren. Biotech Booster biedt die structurele en radicale verandering waar al die rapporten om vragen. Tijd dus voor Biotech Booster.

Bronnen:

← All news

Nederlandse economie kan €85 miljard groeien door publieke investeringen in R&D

, ,

In een uitgebreid artikel rekent Rabo Research het plan van de Kenniscoalitie door, een samenwerkingsverband van partijen in het Nederlandse onderzoeks- en innovatieveld waaronder VNO-NCW en TNO, waarin zij voor fors meer investeringen in publieke R&D pleiten. De effecten zijn enorm: de Nederlandse economie groeit met €85 miljard door het plan, ook door het vliegwieleffect op private R&D-investeringen. Rabo Research concludeert dat het van belang is dat de politiek nu al actie onderneemt en niet wacht tot de groei als gevolg van de vergrijzing stagneert. Een duidelijke oproep aan een nieuw kabinet waar wij ons van harte bij aansluiten: investeer in innovatie, investeer in biotech!

Nederland loopt achter, en komt verder achterop
Landen in de Europese Unie hebben al in 2000 afgesproken dat zij minimaal 3% van hun BBP aan R&D willen uitgeven. Logisch, als je in acht neemt dat die investeringen in R&D essentieel zijn om welvaart in de toekomst te garanderen. Des te zorgelijker is het daarom dat Nederland dit doel niet haalt, en de ambitie zelfs naar beneden heeft bijgesteld!

In 2020 gaf Nederland maar 2,2% van haar BBP uit aan R&D. Publieke R&D-investeringen in Nederland (0,7% van het BBP) blijven daarmee ook achter bij innovatieve koplopers als Duitsland en Noorwegen (beide 1%). Nederland ligt achter op de innovatieve koplopers, en door de aard van investeringen in R&D is dat een neerwaartse economische spiraal.

Rabo Research heeft gemodelleerd dat toekomstige BBP-groei volgt uit groei van productiviteit en kapitaal. Op die groei komt een rem door vergrijzing, er zijn minder werkenden in de toekomst. Die uitdaging moeten we het hoofd bieden, willen we op langere termijn economisch gezond blijven. Een oplossing daarvoor is het laten groeien van arbeidsproductiviteit, en dat bereiken we met nieuwe technieken en innovaties. Beide aspecten stimuleren we bij uitstek door publieke R&D-investeringen. Ook hogere private investeringen in R&D zijn nodig. Rabo Research wijst daarbij op fiscale instrumenten en subsidies die hieraan kunnen bijdragen. Weinig verrassend als je denkt aan de positieve evaluatie van deze instrumenten.

Rabo Research stelt verder dat investeringen in R&D kunnen bijdragen aan brede welvaart als ze toegespitst zijn op de grote toekomstige uitdagingen. En laat dat zou precies het terrein zijn van biotech.

€85 miljard groei

Rabo Research heeft berekend wat de impact is van het plan van de Kenniscoalitie om fors meer in publieke R&D te investeren, namelijk een €85 miljard grotere economie. Dat is net zo groot als alle inkopen van de Nederlandse overheid bij elkaar en net zo veel als dat Nederland in 2016 met de landbouw verdiende in het buitenland. We hebben dus enorm veel te winnen.

Rabo Research stelt dat het van belang is dat de politiek nu al actie onderneemt en dat het om langdurige en structurele investeringen gaat, want de kosten gaan in dit geval voor de baten uit: pas in 2033 kunnen maximale welvaartseffecten worden bereikt, en die houden we alleen vast als we blijven investeren. Een duidelijk signaal voor een volgend kabinet: investeer in innovatie, investeer in biotech!

Afbeelding: Publieke investeringen blijven achter in Nederland. Bron: Rabo Research

Links:

https://economie.rabobank.com/publicaties/2021/november/nut-en-noodzaak-van-publieke-kennisinvesteringen/

← All news

Valorisatie verregaand verbeteren met AWTI-advies en KTO-plan

, ,

In de week dat HollandBIO samen met onder meer de VSNU, NFU en VH een Groeifondsplan heeft ingediend voor het verhogen van het rendement op excellente Nederlandse biotechkennis, kwamen ook de AWTI en de Knowledge Transfer Offices (KTO’s) met een advies en plan op valorisatie. Zo publiceerde de AWTI het rapport ‘Kansen pakken met kennis’  en de KTO’s brachten een plan uit voor het versterken van het nationale valorisatie‐ecosysteem. Beide initiatieven zijn kolfjes naar onze hand en dragen er hopelijk aan bij dat we (biotech) kennis sneller en beter om gaan zetten naar producten met impact. 

KTO’s: Naar een valorisatie-ecosysteem met een stevig fundament 

KTO-Nederland wil een landelijke aanpak voor valorisatie invoeren. De (KTO’s) van Nederlandse kennisinstellingen blijven achter bij de internationale top en hebben nauwelijks ruimte om best practices te adopteren of hun krachten te bundelen op belangrijke thema’s. Daardoor mist Nederland kansen en dus groei. 

De voorgestelde landelijke aanpak bestaat uit drie onderdelen: 

  1. landelijk Knowledge Transfer Systeem van wereldklasse 
  1. samenwerking met ecosystemen versterken 
  1. samen gericht uitbreiden van de KTO-capaciteit 

Het maken van scherpe keuzes is belangrijk om dit plan te laten slagen, keuzes over wie wat doet en waar. Daarbij gaan de KTO’s uit van brede samenwerking in plaats van onderlinge versnippering om zo structurele knelpunten weg te nemen die ons Nederlandse kennisvalorisatie nu remmen. Voor het plan vragen de KTO’s de aankomende zeven jaar structureel €100 miljoen per jaar van de overheid. €50 miljoen per jaar voor valorisatie in de ecosystemen van universiteiten en umc’s en aanvullend 50 miljoen per jaar voor TO2-instellingen en hogescholen. 

AWTI-advies: kansen pakken met kennis 
Meer doen met Nederlandse kennis is al jaren een uitgangspunt binnen het HollandBIO-programma een IJzersterk innovatieklimaat. In het onderzoek ‘Kansen pakken met kennis’ adviseert de AWTI, een onafhankelijke adviesraad van de regering en het parlement op wetenschap, technologie en innovatie, een aantal gerichte maatregelen waardoor onderzoekers en ondernemers elkaar vaker zullen vinden en beter kunnen samenwerken. De AWTI stelt voor om te zorgen voor meer ‘kennismakelaars’ die ondernemers en hun vragen koppelen aan de juiste onderzoekers. Daarnaast adviseert de AWTI om geld beschikbaar te stellen waarmee kleine ondernemingen samen een kennisvraag kunnen uitzetten bij een kennisinstelling. Ook dit onderzoek steunt op drie aanbevelingen: 

  1. zorg dat onderzoekers en ondernemers elkaar vaker en beter vinden 
  1. bevorder de uitwisseling van kennis via mensen 
  1. stimuleer valorisatie op maat met professionele ondersteuning 

De AWTI roept de regering en het parlement op om het belang van kennisoverdracht als één van de hoofdfuncties van kennisinstellingen duidelijk te onderstrepen. “En steun dan de kennisinstellingen in het verder uitbouwen van een professionele ondersteuning voor kennisoverdracht naar ondernemers en de opbouw van een bloeiend ‘ecosysteem’”, aldus Jos Benschop, voorzitter van de AWTI. 

Biotech Booster 

Biotech Booster, het groeifondsplan van HollandBIO, de NFU, VSNU en VH biedt een antwoord op de problemen die de AWTI signaleert en de activiteiten die Biotech Booster voor ogen heeft, vertonen grote overlap met de aanbevelingen. Het plan van de KTO’s gaat zelfs een stapje verder, want die concluderen zelf al dat het valorisatieplan Biotech Booster kan versterken. En dat is hard nodig. Want we kunnen het niet vaak genoeg benadrukken: Nederland dreigt achterop te raken. We hebben een grotere wetenschappelijke output dan bijvoorbeeld België maar slagen er niet in die kennis om te zetten in producten en diensten. Tijd om werk te maken van de aanbevelingen! 

← All news

Minister dient plan in bij Nationaal Groeifonds voor wereldwijde koppositie Nederlandse biotechnologiesector

, ,

Minister Van Engelshoven (OCW) heeft een voorstel ingediend bij het Nationaal Groeifonds dat de Nederlandse biotechnologiesector moet laten uitgroeien tot internationale koploper. Dat deed de minister namens een unieke publiek-private coalitie van universiteiten, academisch medisch centra, hogescholen en het bedrijfsleven. Het plan, Biotech Booster, vormt een ontbrekende schakel in de valorisatieketen en ambieert van Nederland een brandpunt in de mondiale biotechnologie te maken. Door systeemfalen in valorisatie en marktfalen in financiering resulteert hoogwaardige Nederlandse biotechnologische kennis nu nog onvoldoende in nieuwe producten en diensten.

Met Biotech Booster gaan uitvinders en ondernemers, kennisinstellingen en bedrijven biotechnologische kennis sneller en efficiënter omzetten in waardevolle innovaties. Voorbeelden zijn de toepassing van medische biotech in biosensoren en hiermee in preventie, groene biotech in de langere houdbaarheid van voedsel en industriële biotech in algen en hiermee in biobrandstof. Biotech Booster vraagt vanuit het Nationaal Groeifonds een investering van nog geen €250 miljoen en heeft een verwacht structureel bbp-effect van €440 miljoen in 2031, oplopend tot ruim €10 miljard in 2050. Daarmee versterkt het plan het innovatie-, ondernemend- en verdienvermogen van Nederland.

Op dit moment kunnen alleen ministeries voorstellen indienen bij het Nationaal Groeifonds. Een onafhankelijke commissie beoordeelt de ingediende voorstellen aan de hand van vooraf vastgestelde randvoorwaarden en criteria en brengt vervolgens advies uit aan het kabinet om in een project te investeren. Het kabinet maakt naar verwachting in april 2022 bekend welke voorstellen een bijdrage vanuit het Nationaal Groeifonds ontvangen.

Wat doet Biotech Booster precies?

Biotech Booster bouwt voort op een tiental zwaartepunten in het Nederlandse biotech ecosysteem om het rendement op wetenschappelijk onderzoek te verhogen. Dit doet Biotech Booster door kansrijke nieuwe ideeën in een vroege fase op een bedrijfsmatige manier te begeleiden. Binnen Biotech Booster bouwen onderzoekers en ondernemers samen aan ijzersterke proposities. Dit zorgt dat kennis en expertise van beiden gelijktijdig beschikbaar zijn. Ondersteuning is maatwerk, zodat de proposities de beste kans hebben maximale economische en maatschappelijke impact te maken. Het idee en het team krijgen tijd en ruimte om te groeien, wat resulteert in nieuwe producten en nieuwe ondernemers. Zodra een propositie robuust genoeg is, ondersteunen de betrokken topondernemers het team bij het vinden van partners, voor doorgroei via een startup of als onderdeel van een bestaand bedrijf.

In de Executive Summary vind je een bondige weergave van het voorstel.

← All news

PPS-Evaluatie: Neem het MKB mee

, ,

Het MKB kan meer profiteren van de publiek private samenwerkingsregeling (PPS), en hier moet werk van gemaakt worden. Dat is een van de conclusies van Dialogic in een evaluatie van de PPS-regeling. Ook HollandBIO hoort al langer signalen uit het veld dat de regeling niet helemaal aansluit bij de wensen van ondernemers. We hopen dat een volgend kabinet met de aanbevelingen aan de slag gaat en wij helpen graag de aansluiting met het innovatieve MKB te vinden! 

PPS-regeling 

De PPS-regeling is een hoeksteen van het innovatiebeleid en kan daarmee een belangrijke rol voor ondernemers spelen. Het basisprincipe van de PPS-toeslag is simpel. Voor iedere euro private cash R&D-bijdrage van een bedrijf aan een onderzoeksorganisatie, legt het ministerie van Economische Zaken en Klimaat er € 0,30 bij aan PPS-toeslag. Die PPS-toeslag moet weer ingezet worden voor R&D. 

Het belang van de regeling voor het innovatiebeleid is te zien in de groei van de regeling: waar de regeling in 2013 nog €60 miljoen behelsde, daar is deze in 2020 gegroeid naar €150 miljoen. In 2020 werd met de PPS regeling €1,67 miljard aan private investeringen aangetrokken. 

Achterblijvende rol voor het MKB 

Door hun wendbaarheid spelen MKB-bedrijven een belangrijke rol in het aanjagen van innovatie. Die sleutelpositie in het innovatielandschap wordt niet weerspiegeld in de PPS-regeling. Maar 1700 MKB’ers van de in totaal 20.000 MKB’ers die ons land rijk is, deden mee in 2020. Dat is jammer, want als in een van de hoekstenen van het Nederlandse innovatiebeleid zo’n belangrijke partij ondervertegenwoordigd is, missen we kansen. 

Bij HollandBIO horen we vaak van onze achterban dat de PPS-regeling beter aan kan sluiten bij de behoeften van het innovatieve MKB. De PPS-regeling richt zich nu met name op fundamenteel onderzoek, terwijl MKB’ers zich met name op de toepassing richten. Een MKB’er heeft vaak maar enkele assets die in een hoogcompetitieve omgeving zo snel mogelijk naar de markt gebracht moeten worden. Fundamenteel onderzoek is dan een nice-to-have, maar geen need-to-have.  

Wij kijken dan ook niet op van de conclusie in de evaluatie dat de PPS-regeling nu slechts relevant is voor een beperkt deel van het mkb. Wij sluiten ons aan bij het advies om meer MKB-bedrijven te betrekken bij de PPS-toeslagregeling. Als vertegenwoordiger van de biotechsector denken we graag mee met een nieuw kabinet! 

← All news

Meer dan 120 partijen luiden noodklok over vestigingsklimaat

, ,

Meer dan 120 partijen, waaronder tientallen burgemeesters en werkgeversorganisaties VNO-NCW en MKB-Nederland luidden de afgelopen week in verschillende media de noodklok over het Nederlandse vestigingsklimaat. Een goed vestigingsklimaat is essentieel voor brede welvaart, maar in Nederland staat dat klimaat onder druk. Bij HollandBIO streven we al jaren naar een ijzersterk innovatieklimaat en geven we graag nog een zwieperd aan de noodklok in de hoop dat een volgend kabinet die hoort. 

Zes zorgpunten  

Het manifest van de initiatiefnemers is inmiddels onderschreven door 120 verschillende gemeentes en kennisinstellingen. In het manifest komen zes zorgpunten naar voren: 

  1. een goede leefomgeving 
  1. een goed opgeleide beroepsbevolking 
  1. kennis en innovatie van wereldklasse 
  1. excellente verbindingen binnen Nederland en met het buitenland 
  1. een strategisch industriebeleid 
  1. een betrouwbare en voorspelbare overheid 

VNO-NCW maakt zich zorgen omdat onder de motorkap er sprake is van verslechtering van het Nederlandse vestigingsklimaat op veel punten, terwijl andere landen er juist voor zorgden dat zij aantrekkelijker werden voor investeringen van bedrijven. 

Meer dan kennis alleen 

De verslechtering van de Nederlandse positie is zorgelijk omdat een goed vestigingsklimaat van cruciaal belang is voor het verzilveren van onze economische potentie en het bijdragen aan oplossingen voor maatschappelijke uitdagingen. Ook vanuit HollandBIO zien we dit belang, want door meer biotech bedrijven in Nederland te krijgen en te houden, kunnen innovaties uit de sector van waarde zijn rond een veranderend klimaat, duurzamer consumeren en een gezondere samenleving, terwijl we ook ons verdienvermogen versterken. Daarom zet HollandBIO zich al jaren in voor een ijzersterk innovatieklimaat

Wat HollandBIO daarnaast wil benadrukken, is dat kennis en innovatie van wereldklasse alleen niet genoeg zijn. Die kennis en innovatie moet juist ook toepassing vinden in de maatschappij om de impact eruit te verzilveren. Met het ons voorstel voor het Nationaal Groeifonds, Biotech Booster willen we excellente, biotechbrede kennis meer laten leiden tot innovatie en impact.  

Voor het benutten van het volle potentieel van (biotech) innovatie is echter meer nodig. Zoals kiezen voor biotech en andere kansrijke sectoren. Wij denken dat een volgend kabinet invulling kan geven aan een strategisch industriebeleid door echt werk te maken van het Toekomstpact Biotechnologie dat VNO-NCW dit voorjaar aan de overheid overhandigde. Daarin zitten vier actielijnen voor de langere termijn die de Nederlandse biotech sector structureel zouden versterken, bijvoorbeeld door modernisering van  wet- en regelgeving en beleid dat eraan bijdraagt dat al die innovaties ook daadwerkelijk hun weg naar de maatschappij vinden. 

Het manifest over het vestigingsklimaat dat VNO-NCW mede ondertekende, samen met het Toekomstpact Biotechnologie biedt duidelijke aanknopingspunten om te komen tot meer impact vanuit de Nederlandse biotech. Tijd voor actie! 

Manifest vestigingsklimaat: https://www.vno-ncw.nl/nieuws/toenemende-zorgen-over-nederlands-vestigingsklimaat  

Toekomstpact Biotechnologie: https://www.hollandbio.nl/nieuws/nederland-kan-koploper-biotechnologie-worden/ 

← All news

Tijd om het tij te keren: Nederlandse publieke R&D-investeringen stagneren

, ,

HollandBIO is teleurgesteld maar niet verrast over het nieuws dat de Nederlandse overheidsinvesteringen in onderzoek en innovatie stagneren. Teleurgesteld omdat keer op keer blijkt dat hogere publieke investeringen als vliegwiel werken voor private investeringen . Niet verrast omdat Nederland al jarenlang de eigen ambities rond investeringen in R&D niet haalt. Hoog tijd voor meer investeringen in onderzoek en innovatie!

Nederland middenmoter

Uit de meest recente Eurostat-cijfers blijkt dat publieke Nederlandse R&D-investeringen stagneren. In totaal geeft Nederland €314 per capita uit aan R&D, waarmee we een middenmoter in innovatieland zijn. Sinds 2010 stegen R&D-investeringen in Europa met gemiddeld 22%, terwijl dat in Nederland maar 16% was. Daarbij komt dat de Nederlandse publieke uitgaven aan R&D als percentage van het BNP, voor het eerst sinds 2004, onder het Europese gemiddelde (0,75%) zijn gezakt, naar 0,74% van het BNP.

Nederland bekleedt de 7e plek in de OESO-ranglijst van R&D-investeringen per hoofd van de bevolking. Dit is weliswaar net hoger dan het Europees gemiddelde, maar vergelijkbare innovatieve landen zoals Denemarken geven zo’n €180 per persoon meer uit. Nederland dreigt achterop te raken als we niet fors gaan investeren.

Geef gas bij!

Eerder schreven wij al dat Nederlandse R&D-investeringen blijven steken op 2,16% van het BBP en dat dit ver onder de gestelde 3%-norm is, en dat Nederland achterblijft bij het OESO-gemiddelde van 2,5%. Dit is zorgwekkend, want zoals het Centre for Economic Policy Research recent heeft aangetoond, wakkeren publieke investeringen in R&D private investeringen aan. Als kenniseconomie is innovatie van levensbelang voor ons land. Innovatie en onderzoek zijn de motor die Nederland vooruithelpt en het is zaak om die innovatiemotor op volle toeren te laten draaien. Daarom roept HollandBIO een volgend kabinet op om de OESO-norm te halen op het gebied van R&D en veel meer te investeren in publieke R&D. Kortom: gas erop!

Afbeelding: R&D-uitgaven per hoofd van de bevolking

Bron:

https://ec.europa.eu/eurostat/web/products-eurostat-news/-/ddn-20210915-1

https://www.neth-er.eu/onderzoek/eurostat-nederlandse-overheidsinvesteringen-in-onderzoek-en-innovatie-stagnerenhttps://www.hollandbio.nl/nieuws/publieke-investeringen-jagen-private-investeringen-aan

← All news

KNAW pleit voor snellere, betere geneesmiddelontwikkeling

, ,

Het proces van geneesmiddelontwikkeling is kostbaar, vol hindernissen en vergt een lange adem, concludeert de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (KNAW) in haar nieuwste advies “meer efficiëntie door innovatie”. Dat het sneller en beter kan én moet, roept HollandBIO ook al jaren. Om geneesmiddelen sneller bij patiënten te krijgen, pleit de KNAW nu voor de komst van een coördinerend expertisecentrum, dat de dialoog tussen wetenschappers, de farmaceutische industrie en regelgevers moet aanwakkeren. Een mooi initiatief om ons innovatieklimaat verder mee te verbeteren. Lees meer