← All news

Boost voor biotechnologie

, , , , ,

Biotech-onderzoek in Nederland is van topniveau, maar toepassingen blijven nu relatief achter. Het programma Biotech Booster krijgt een bedrag van 250 miljoen euro toegekend uit het Groeifonds. Met deze investering moet onderzoek vaker, sneller en beter worden vertaald naar concrete producten – valorisatie dus. En dat heeft een enorme impact op onze maatschappij, verwachten HollandBIO-directeur Annemiek Verkamman en Mirjam van Praag, bestuursvoorzitter van de Vrije Universiteit Amsterdam.

Biotechnologie raakt alle facetten van de samenleving. Is het niet vanwege de rol die de sector speelt in de bestrijding en preventie van ziekten, dan wel in verduurzaming of de ontwikkeling van voedsel. En de mogelijkheden reiken nog verder, met een kennisniveau dat op veel terreinen als toonaangevend geldt. “Biotech kan in belangrijke mate bijdragen aan de aanpak van grote uitdagingen wereldwijd. In het behalen van 11 van de 17 sustainable development goals, bijvoorbeeld”, zegt Annemiek Verkamman, directeur van belangenvereniging HollandBIO. Met de biotechnologische kennis kan volgens onderzoeksbureau McKinsey jaarlijks een economische impact worden bereikt tussen de 27 en 37 miljard euro. Toch wordt dat potentieel niet optimaal benut. “Veel kansrijke ideeën en innovaties vinden om verschillende redenen niet hun weg naar concrete oplossingen en producten. Daar gaan we iets aan doen.”

Waarde

Met de subsidie vanuit het Nationaal Groeifonds – een overheidsinjectie van in totaal 20 miljard voor initiatieven die de economie versterken – lijkt een toename van valorisatie in de biotechnologie nu dichterbij te komen. Het programma Biotech Booster moet kennis op basis van toponderzoek helpen omzetten in diensten, producten en bedrijven. Oftewel: meer waarde genereren met wetenschap, zoals Mirjam van Praag het omschrijft. Ze is voorzitter van het College van Bestuur van de Vrije Universiteit Amsterdam en leidt de landelijke impactagenda vanuit universiteiten. De VU is een van de partijen in de publiek-private coalitie achter de Groeifonds-aanvraag en onderhoudt hierin een nauwe samenwerking met HollandBIO.

“Onderzoekers en ondernemers weten elkaar van oudsher niet zo snel te vinden. Dat staat valorisatie in de weg. Bovendien gaat overheidsfinanciering binnen de universitaire wereld eerder naar onderzoek en onderwijs. Voor de aanpak van de huidige maatschappelijke opgaven is wetenschap onmisbaar. Maar de waarde moet er wel uitkomen. Gelukkig staan deze werelden steeds meer open voor elkaar. Er is momentum voor de Biotech Booster”, zegt Van Praag.

Tonen en toetsen

In het Booster-programma worden dan ook bruggen geslagen. Een belangrijke eerste schakel is het opzetten van zogenoemde trusted communities. Dit zijn thema-gedreven netwerken die bestaan uit verschillende partners uit relevante sectoren. Samen vormen ze een vertrouwde omgeving waarin kennis wordt uitgewisseld en een (gezamenlijk) idee al in een vroeg stadium kan worden ontwikkeld en uitgetest. Zo is het op laagdrempelige wijze mogelijk om te inventariseren voor wie een uitvinding interessant is, en: waar een toepassing eventueel aan moet voldoen.

“In de praktijk belanden veel start-ups met een goed idee aan een druppelinfuus waardoor ze moeten beknibbelen op studies en ander onderzoek”, zegt Verkamman. “In de trusted communities is er alle ruimte voor projecten, pilots en haalbaarheidsstudies. Per thema zien ze er anders uit. Bij een medisch biotechnologisch idee kan de community bestaan uit wetenschappers, patiënten, verzekeraars en business developers van grote bedrijven die de markt overzien.”

Projecten met potentie kunnen terechtkomen in de volgende fase: het biotech innovation programme. Hierin is er nog steeds sprake van een project, maar wordt er door ondernemers verder onderzocht of er in het idee moet worden geïnvesteerd. De wetenschappers blijven gedurende het hele proces betrokken.

Impact

De Biotech Booster heeft potentie om economische groei te stimuleren. Zo moet het programma in 2031 21 scale-outs opleveren, waarvan vijf met een succesvolle exit deal. Alle effecten samen van de Biotech Booster zijn goed voor een cumulatief bbp-effect van 440 miljoen euro in 2031. Dit loopt op tot 10 miljard euro in 2050 wanneer het model in werking blijft.

Maar de impact reikt nog veel verder, merkt Van Praag op. “De Booster brengt een beweging op gang waarin het ene initiatief of idee leidt tot het volgende. Valorisatie levert niet alleen directe baten op, maar ook besparingen. Daarnaast kunnen successen uit de Biotech Booster niet alleen leiden tot economische, maar ook maatschappelijke impact die zelfs tot ver buiten Nederland reikt. Tot in armere landen bijvoorbeeld.”

De Biotech Booster is geslaagd als verschillende projecten een vlucht krijgen en resulteren in ondernemingen en producten met toegevoegde waarde, vindt Verkamman. Al gaat het er volgens haar niet om hoe, maar dát een innovatie zijn weg vindt. “Er zal ook genoeg niet lukken. Dat mag juist. Als de manier van werken en hoe we omgaan met innovaties maar normaal wordt. En dus, dat ideeën vanuit de biotechnologie veel eerder worden getoetst en kunnen landen. Zo profiteren we allemaal van de aanwezige kennis.”

Mirjam van Praag (links) en Annemiek Verkamman (rechts)
Mirjam van Praag (VU) & Annemiek Verkamman (HollandBIO). Foto: Maartje Geels
← All news

Terugblik: Macht van de Media: communicatie in crisistijd

, ,

De coronapandemie bracht onderwerpen als innovatie, productontwikkeling, testen en vaccinatie naar ieders keuken- en (digitale) borreltafel. Niemand had twee jaar geleden kunnen voorspellen dat biotech jargon als mRNA-technologie, OMT, EMA en PCR gemeengoed zou zijn. Maar heeft  twee jaar intensieve (crisis)communicatie ook impact gehad op het aanzien van de biotech sector en de innovaties daaruit, of op het publieke vertrouwen in de wetenschap?

Tijdens HollandBIO’s Macht van de Media event van 11 mei maakten we met de aanwezigen de balans op van de golf aan publiciteit over de biotech sector en haar innovaties tijdens de pandemie en gingen we in op de vraag hoe nu verder: duiken we gewoon onze labs weer in en stopt de communicatie, of zetten we de lijn door? 

De introducties

Het event opende met drie korte presentaties: Marc Kaptein en Jan-Willem de Heer (Pfizer) beten het spits af, gevolgd door hoogleraar Risicocommunicatie en Volksgezondheid Daniëlle Timmermans (AmsterdamUMC) en onafhankelijk wetenschaps- en onderzoeksjournalist Jop de Vrieze. Zij dienden als warming up voor het Lagerhuisdebat dat later volgde.

Marc Kaptein en Jan-Willem de Heer reflecteerden op communicatie vanuit bedrijven tijdens de pandemie. Communicatie, of misschien betere gezegd educatie, was een belangrijk instrument in het vergroten van de acceptatie van vaccins en iets waar je als ontwikkelaar wel mee bezig moest: zo waren mRNA-vaccins nieuw en onbekend bij zowel het bredere publiek als bij veel artsen, waren er vragen over de veiligheid en de snelheid van het ontwikkeltraject en werd de dynamiek in de media vooral gedreven door controverse. Pfizer heeft gekozen voor een actieve rol in het debat en een open houding rond inkomende verzoeken, bijvoorbeeld met deelnames aan talkshows en andere media-optredens, maar dat vroeg wel een grote gezamenlijke inspanning van een heel team als het ging om de voorbereiding en uitvoering. De les van de coronacrisis was dat een educatieve rol onderdeel moet zijn van de verantwoordelijkheid die de geneesmiddelensector heeft, en dat daar bijvoorbeeld binnen de Code Geneesmiddelenreclame (CGR) meer ruimte voor zou kunnen komen.

Daniëlle Timmermans ging in op de vraag hoe burgers en het bredere publiek naar risico’s kijken op gezondheidsvlak. Eén van de observaties uit de coronapandemie en uit eerdere uitbraken van infectieziekten is dat argumenten van experts lang niet altijd het (hele) publiek overtuigen, bijvoorbeeld als het gaat om het nut en de noodzaak van vaccinatie en de ernst van mogelijke bijwerkingen. Dat heeft er mee te maken dat burgers anders naar risico’s kijken dan experts, dat gevoelens als onzekerheid bepaalde beelden met zich meebrengen bij burgers en dat bij gezondheidsissues ook bepaalde waarden als wantrouwen mee gaan spelen bij burgers in hun afwegingen. Burgers kijken kortom fundamenteel anders naar risico’s dan experts en wetenschappers. Dat geldt ook voor vaccins, vaccinatie en bijwerkingen: dat blijft hoe dan ook een gevoelig onderwerp bij delen van het publiek, dus dat gaat niet zomaar weg. De les van deze en eerdere crises, is dat we in communicatie over deze onderwerpen uit moeten gaan van het perspectief van de burger in plaats van het technische perspectief van experts.

Jop de Vrieze opende zijn inleiding met een overweging over de rol van de media tijdens een crisis. Tijdens de podcast Mediaforum riepen de aanwezigen op om als experts met één mond te praten tijdens de coronacrisis. Jop ging hier op Twitter openlijk de discussie over aan. Dat werd hem niet bepaald overal in dank afgenomen, maar het tekent wel zijn opvatting over hoe je een crisis als deze duidt: door je te verdiepen in de literatuur, gesprekken aan te gaan met experts en op basis daarvan de bakken met informatie te onderscheiden en duiden die we over ons heen kregen. Alleen factchecken is niet genoeg, als journalist mag je best kleur bekennen en schrijven vanuit de kennis en inzichten die je opdoet om zo het debat naar een hoger plan te trekken. De coronacrisis was daar het uitgelezen voorbeeld van, bijvoorbeeld met allerlei persberichten en updates over de effectiviteit van vaccins die in ontwikkeling waren, verhalen over mogelijke bijwerkingen die enige balans vergen tussen het duiden van de ernst en de gevolgen daarvan op de vaccinatiebereidheid. Het is de verantwoordelijkheid van journalisten om niet alleen de feiten na te gaan, maar ook om kritisch en constructief te zijn door het scheppen van orden in de chaos, het wegen van wat daaruit komt en wat het effect daarvan is op de maatschappij.

De stellingen

Onder leiding van Roderik van den Bos van de Debatacademie gingen de 50 aanwezigen het debat aan in Lagerhuisformat. Vele goede argumenten vlogen over en weer, en de debaters waren gelukkig ook niet bang om zich te laten overtuigen hun standpunten aan te passen. Een bloemlezing uit de levendige discussie:

Nederland had de beste aanpak van de pandemie

2% EENS                                                     98% ONEENS

+ “Ik heb een veilig gevoel gekregen door de overheidsmaatregelen.”
– “We hebben het op diverse momenten, ook in vergelijking met andere landen, laten liggen.”

De maatschappij is sinds corona positiever tegenover biotech en de innovaties daaruit gaan staan

60% EENS                                                     40% ONEENS

+ “De sector heeft veel meer positieve aandacht gekregen vanuit media en maatschappij, zelfs in mijn persoonlijke omgeving!”
– “De flinke piek in positieve aandacht tijdens het begin van de coronacrisis en de komst van de vaccins is inmiddels wel weer weggeëbd en als sneeuw voor de zon verdwenen.”

We moeten de CGR aanpassen zodat producenten onbelemmerd kunnen praten over medicijnen in media

20% EENS                                                     80% ONEENS

+ “Reclames draaien op TV is niet de bedoeling, maar de grens mag wel ruimer dan nu: de sector muilkorft zichzelf nu teveel.”
– “Onbelemmerd praten gaat te ver, er is een fijne lijn tussen reclame, communicatie en educatie.”

Bedrijven moeten altijd “JA” zeggen tegen RADAR en Nieuwsuur

50% EENS                                                     50% ONEENS

+ “Je hebt als fabrikant een verantwoordelijkheid om proactief te communiceren, ook als het gaat om kritische vragen.”
– “Bij sommige media en verzoeken weet je al van tevoren dat er geknipt en geplakt gaat worden, dus daarom zou ik zeker niet altijd ja zeggen.”

Het zou goed zijn als media critici van de farmaceutische sector minder aandacht geven

20% EENS                                                     80% ONEENS

+ “Je kan bij het RIVM werken en een echte expert zijn, maar je wordt gelijkgesteld aan Doutzen Kroes die een uurtje op Google zit.”
– “Het negeren van critici gaat niet helpen om onvrede weg te nemen bij delen van het bredere publiek, dus laat ze daarom tot inzicht komen tijdens media-optredens.”

Elke grote redactie zou een medisch-wetenschappelijke journalist in de gelederen moeten hebben

90% EENS                                                     10% ONEENS

+ “Er is zoveel informatie voorhanden dat je als redactie eigenlijk niet zonder iemand kan die dat voor je analyseert en duidt.”
– “Waar houdt het dan op? Er zijn zoveel sectoren en dringende issues die een eigen specialist kunnen gebruiken, dan is het einde zoek.”

Met de juiste feiten win je het debat

2% EENS                                                     98% ONEENS

+ “Als je het goed brengt en de juiste feiten hebt, kun je altijd het debat winnen.”
– “Gelijk hebben is niet altijd gelijk krijgen, je wint debatten alleen als je het vertrouwen wint van je publiek en dan maken feiten niet altijd het verschil.”

← All news

Beter gebruik van gezondheidsdata essentieel voor #dezorgvanmorgen, maar wie betaalt?

, ,

De kosten voor het inzien van jouw gezondheidsdata via een persoonlijke gezondheidsomgeving (PGO) kunnen niet vanuit de zorgverzekeringswet betaald worden, concludeert het Zorginstituut. Tegelijkertijd stelt de Europese Commissie voor om inwoners in de toekomst gemakkelijk en gratis toegang te geven tot hun gezondheidsgegevens. Ook HollandBIO ziet slimmer en beter gebruik van gezondheidsdata als randvoorwaarde om gezondheid op maat te realiseren, ons ideaalbeeld voor #dezorgvanmorgen. De grootste hamvraag? Hoe gaan we dat(a) financieren?

Hoe gaan we data financieren? Een lastige vraag, waar VWS -noch andere partijen- een antwoord op lijken te hebben. Wel roepen steeds meer partijen op tot centrale regie op het zorginformatielandschap, want het aantal programma’s, projecten en trajecten is inmiddels schier oneindig. VWS belooft begin 2023 opheldering over de inzage en uitwisseling van gegevens tussen zorgprofessionals, hoe dit in andere landen georganiseerd is, en welke oplossingen er mogelijk zijn voor knelpunten die we in Nederland ervaren. Maar of dat genoeg regie is om tot één (landelijk dekkend netwerk van) gezondheidsdata-infrastructuur te komen…?

Mogelijk biedt het toekomstige Integraal Zorgakkoord een uitkomst. Onder het overkoepelende thema ‘passende zorg’ volgen hier afspraken over thema’s zoals uitkomstgerichte zorg en gegevensuitwisseling. Bij de uitwerking maakt HollandBIO zich wel zorgen over de randvoorwaarden dat de afspraken inpasbaar moeten zijn binnen het budgettair kader en moeten resulteren in een ombuiging van 1,3 miljard euro in 2026. Weer lijkt VWS in de valkuil te stappen van kostenbeheersing als uitgangspunt. Een gemiste kans.

HollandBIO vindt dat het nastreven van gezondheid het uitgangspunt moet zijn voor #dezorgvanmorgen. De transitie van zorg naar gezondheid, of passende zorg, is broodnodig. Maar daarvoor moeten we wel eerst zaaien en dan oogsten. Concreet betekent dat dat we zullen moeten investeren in technologische innovaties en essentiële randvoorwaarden, zoals een duurzame nationale data infrastructuur, die het mogelijk te maken de juiste patiënt op het juiste moment van de juiste behandeling te voorzien – of dat nou gaat om een curatieve of preventieve optie!

Lees meer:

Rapport: Verkenning-mogelijkheden-persoonlijke-gezondheidsomgeving-binnen-de-zorgverzekeringswet

Voorstel voor een Europese Health Data Space (EHDS)

Kamerbrief over Voortgang Integraal Zorgakkoord

Zorginstituut zwengelt het gesprek aan over #dezorgvanmorgen

Kamerbrief herijking grondslagen voor gegevensuitwisseling in de zorg

Regie op Registers appel voor centrale regie op het zorginformatielandschap

← All news

Kapers op de kust voor Boston aan de Noordzee

,

Annemarie Jorritsma, voorzitter van de Nederlandse Vereniging van Participatiemaatschappijen (NVP), waarschuwt in de Telegraaf voor een braindrain. Omdat met name buitenlandse bedrijven in Nederlandse start-ups investeren, is de kans dat die bedrijven naar het buitenland vertrekken. Een duidelijk pleidooi voor een gezond Nederlands investeringsklimaat!

Samen met PwC doet de NVP periodiek onderzoek. In 2021 is er een grote toename te zien van buitenlandse investeringen in Nederlandse start- en scale-ups. Vorig jaar waren er 144 buitenlandse investeringen in Nederlandse start- en scale-ups.

Hoe meer geld, hoe beter zou je zeggen. Voorzitter Annemarie Jorritsma is er echter niet gerust op: “Ik maak me er wel zorgen over dat Nederlandse venture capitalists niet altijd mee kunnen doen in die grote investeringsrondes. Dat is niet alleen jammer voor onze leden, maar ook voor Nederland. Deze bedrijven brengen de broodnodige innovatie die ons helpt de klimaat-, veiligheids-, energie en nog een paar crisissen het hoofd te bieden. Als er alleen maar buitenlandse, niet-Europese investeerders in die bedrijven zitten, verliezen we op den duur deze bedrijven“. Ze wijst onder meer op biotechbedrijven die hun heil in de VS zoeken.

HollandBIO leest dit onderzoek met name als een luid pleidooi voor een vitaal financieringslandschap. Om onze uitstekende biotech kennis ook te gelde te maken voor Nederland is het belangrijk dat uit die kennis ook nieuwe bedrijven ontstaan die nieuwe producten ontwikkelen. En dat is al jaren een punt van zorg. Naast goede infrastructuur en kennisoverdracht is een gezond financieringslandschap daarom van groot belang. In ons programma een ijzersterk innovatieklimaat streven we er naar om al die randfactoren zo optimaal mogelijk te maken en de kapers de pas af te snijden.

← All news

Modernisering GVS: Geen Verstandige Stap

, ,

HollandBIO gaat voor vooruitgang. We zijn ongeduldig: resultaten zien we liever gisteren dan vandaag. En dat is soms best lastig, aangezien beleidstrajecten niet echt bekendstaan om hun snelheid. Meestal dringen we dan ook aan op doorpakken. Maar niet altijd. Soms kan het ons zelfs niet lang genoeg duren, in de hoop dat van uitstel afstel komt. De omstreden modernisering van het Geneesmiddelenvergoedingsysteem (GVS) is zo’n uitzondering. Maar helaas is minister Kuipers voornemens door te pakken.

Al vele jaren wordt er over de modernisering van het GVS gesproken – het voornemen dook voor het eerst op in het regeerakkoord van kabinet-Rutte III, in 2017. Sindsdien is het hete hangijzer steeds doorgeschoven, naar een nieuw kabinet of een nieuwe bewindspersoon2.Best logisch ook: anders dan het woord “modernisering” suggereert, gaat het hier om “een maatregel die primair gericht is op het betaalbaar houden van de Nederlandse zorg”1. Oftewel, een platte bezuiniging op extramurale geneesmiddelen van 140 miljoen euro, met verstrekkende gevolgen. Een ongekend aantal patiënten zal moeten wisselen van medicatie, of zich geconfronteerd zien met een bijbetaling.  

De modernisering houdt in dat vergoedingslimieten periodiek worden herberekend waarmee het prijsdrukkend effect van het GVS hersteld wordt. Om de voorziene negatieve gevolgen te temperen, wil de minister de herberekening combineren met verzachtende maatregelen, zoals een mogelijke maximering van de eigen bijdrage van patiënten en door proactief mogelijk kwetsbare producten te beschermen tegen te grote prijsdruk. De vergoedingslimieten van de GVS-clusters zijn niet meer geactualiseerd sinds 1999. Hoewel dat natuurlijk best vreemd klinkt, betekent dit niet dat de gemiddelde prijsniveaus in de clusters niet zijn gedaald. Andere prijsdrukkende maatregelen, zoals bijvoorbeeld de aanpassing van de wet geneesmiddelenprijzen en het preferentiebeleid hebben zeker wel gezorgd voor prijsdalingen. Hierdoor liggen vergoedingslimieten in veel gevallen boven het gemiddelde prijsniveau in een cluster. Kortom: de systemen doen hun werk, maar volgens de minister niet goed genoeg. En inderdaad, de herberekening kan het prijsdrukkend effect van het GVS nieuw leven in blazen. De vraag is echter: wanneer ligt de limbolat zo laag dat fabrikanten er niet meer onderdoor kunnen of willen? Wanneer is genoeg genoeg?

Bovendien blijft de meest fundamentele, onderliggende vraag onbeantwoord. Is een uitgaven-beheersend instrument voor de extramurale geneesmiddelenmarkt noodzakelijk dan wel zinvol om de Nederlandse zorg betaalbaar te houden?

De voorgestelde aanpak van herijking kent alleen maar verliezers. Patiënten, artsen, apothekers en het bedrijfsleven zijn dan ook unaniem in hun kritiek op het plan3,4,5: doe het niet, het is geen verstandige stap. Ook HollandBIO vindt de zoveelste bezuiniging op de toch al uitgeknepen extramurale farmaceutische zorg niet te verantwoorden en is van mening dat de grote nadelige gevolgen van de voorgestelde herberekening van de clusters geenszins opwegen tegen de potentiële besparing5. Helaas lijkt minister Kuipers vastberaden de bezuiniging in sneltreinvaart per 2023 door te voeren, zo tekent hij op in een Kamerbrief1. In zijn Kamerbrief geeft hij aan zich bewust te zijn van de impact en risico’s, en te onderzoeken welke verzachtende maatregelen mogelijk zijn.

Het is zoeken naar de noodrem. Om het plan definitief naar de prullenbak te verwijzen, zal VWS de besparing van 140 miljoen per 2023 waarschijnlijk ergens elders moeten zoeken. Maar waar? Het antwoord lezen we terug in het regeerakkoord. Door werk te maken van gezondheid op maat, of passende zorg is er nog een wereld te winnen.

Bronnen:

  1. https://www.rijksoverheid.nl/documenten/kamerstukken/2022/04/19/kamerbrief-over-modernisering-gvs
  2. Stand van zakenbrief 10 mei 2021: Stand van zaken GVS-modernisering: vangnet ‘medische noodzaak’ niet langer haalbaar
  3. https://www.nhg.org/actueel/nieuws/artsen-en-apothekers-pleiten-bij-minister-voor-richtlijngericht-voorschrijven
  4. https://www.nhg.org/actueel/nieuws/modernisering-geneesmiddelenvergoedingssysteem-leidt-tot-veel-onrust-bij-patienten-en
  5. Inbreng HollandBIO consultatie modernisering GVS, augustus 2020
← All news

Biotech zuivel in de schijnwerpers

,

Geïnspireerd tijdens het HollandBIO Year Event door Those Vegan Cowboys’ oprichter Jaap Korteweg? In deze longread van NRC legt biochemicus Kathleen Piens hoe het bedrijf via precisie fermentatie kaas in een bioreactor brouwt en wat er verder komt kijken in de zoektocht naar koeloze kaas.

Ook het Israëlische bedrijf Remilk herprogrammeert micro-organismen om koeieneiwitten te maken. Afgelopen week kondigden ze aan in Denemarken een fabriek te openen waar melk, kaas en yoghurt gemaakt worden met melkeiwitten uit precisiefermentatie. Remilk belooft per jaar evenveel melkeiwit te produceren als 50.000 koeien zouden doen.

Wanneer de melk van Remilk op de markt komt is overigens nog geen uitgemaakte zaak, volgens Korteweg in BNR. Ze zullen net als Those Vegan Cowboys eerst door een langdurig goedkeuringsproces heen moeten, voordat supermarkten deze producten mogen aanbieden.

Bronnen:

← All news

Investeren in deep tech startups loont

,

Eén van de belangrijkste uitdagingen van biotech ondernemers uit de HollandBIO-achterban is financiering. Biotech bedrijven zijn kennis- en kapitaalintensief, kennen lange ontwikkeltijden en hebben een hoog risicoprofiel. Juist die combinatie maakt dat generieke financieringsmogelijkheden doorgaans niet aansluiten bij de behoefte en specialistische fondsen hard nodig zijn. Recente cijfers van UNIIQ, het vroege fase fonds van InnovationQuarter, laten zien dat het investeren in risicovolle deep tech startups, waaronder biotech, loont.

Financiering als bottleneck

Hoewel de combinatie van kennis, kapitaal, lange doorlooptijden en hoog risico business as usual is voor biotech ondernemers, is dat voor de gemiddelde geldschieter bepaald niet het geval. Startende CEO’s besteden het leeuwendeel van hun tijd aan het aantrekken van financiering. De continue zoektocht naar voldoende geld staat de voortgang van het onderzoek en ontwikkeling in de weg, met vertraging en niet zelden een faillissement tot gevolg. Biotech innovaties krijgen daardoor geen kans om hun potentie op het gebied van gezondheid en duurzaamheid te verzilveren. En dat is zonde.

 Investeren in vroege fase loont

Investeerders, publiek of privaat, zouden er juist goed aan doen om hun kapitaal te investeren in biotech bedrijven met risico. Immers, het voorbeeld van UNIIQ laat zien dat investeren in deep tech startups weldegelijk kan lonen. Investeringen vanuit dit fonds leverden onder meer 7 volledige exits en 418 banen op. Als kers op de taart bestaat 96% van de bedrijven waar zij in investeerden nog steeds.

Wat HollandBIO betreft, doet dit goede voorbeeld goed volgen en stappen fondsen en masse over op biotech.  Want investeren in biotech start ups loont niet alleen op financieel vlak, maar draagt ook nog eens bij aan een gezonde en duurzame maatschappij.

← All news

Kweekvleesontwikkelaars klaar, proeven maar!

,

Vorige maand werd de motie van Tweede Kamerleden De Groot (D66) en Valstar (VVD) aangenomen die het kabinet oproept, onder gecontroleerde en veilige omstandigheden, proeverijen van gecultiveerd vlees mogelijk te maken. Met deze proeverijen kan het bredere publiek kennismaken met een dier- en planeetvriendelijke burger of worst. Het moment dat we onze tanden in gecultiveerd vlees kunnen zetten komt steeds dichterbij: Mark Post van Mosa Meat geeft aan dat hij verwacht eind 2022 onder strikte condities een eerste proeverij te kunnen organiseren.  

https://www.tweedekamer.nl/kamerstukken/moties/detail?id=2022Z04324&did=2022D08835

https://www.1limburg.nl/doorbraak-mosa-meat-mag-kweekvlees-eindelijk-laten-proeven

← All news

Wereldwijd stijgende investeringen in cellulaire agricultuur

, , , ,

De alternatieve eiwitmarkt is nog relatief jong en hartstikke booming en wordt momenteel gedomineerd door plantaardige eiwitbronnen. Nieuwe eiwitbronnen zoals gecultiveerd vlees, gefermenteerde eiwitten en insecten gaan de concurrentie gretig aan. Roland Berger schreef hier vorig jaar al uitgebreid over in The Protein Revolution waarin zij dit onder andere duiden aan de hand van de oplopende investeringen in innovatieve eiwitbronnen. 

Gecultiveerd vlees als Nederlandse trots 

Eerder deze maand feliciteerde HollandBIO nog het Cellulaire Agricultuur Consortium met de honorering vanuit het Nationaal Groeifonds van maar liefst 60 miljoen euro ter ondersteuning van de vorming van een ecosysteem rond cellulaire agricultuur, de technologie om dierlijke producten zoals melk en vlees rechtstreeks uit cellen te produceren. Deze publieke investering is een voorbeeld van de toewijding van de Nederlandse overheid maar meer financiering is noodzakelijk voor opschaling en maatschappelijke integratie. Maar de nationale fanbase groeit, ook het koninklijk paar gelooft in de potentie van gecultiveerd vlees. Koning Willem-Alexander en Koningin Máxima drongen zelf aan op de aanwezigheid van het Maastrichtse Mosa Meat tijdens koningsdag op het Onze Lieve Vrouweplein.  

Internationale ontwikkelingen 

Achter komen te liggen is geen optie maar in de Verenigde Staten gaan de vorderingen gestaag verder nu UPSIDE Foods vorige week een serie C-investering van maar liefst 400 miljoen dollar heeft opgehaald. Zij zijn zich aan het klaarstomen om nog voor het einde van het jaar de markt toe te treden met hun gecultiveerde kippenvlees.  

De grote aandacht voor en publieke en private investeringen in innovatieve eiwitbronnen maken duidelijk dat cellulaire agricultuur een steeds grotere rol speelt in transities op eiwit, duurzaamheid en klimaat.  Nederland heeft een sterke geschiedenis als het gaat over innovatie in voedselproductie en kent goede uitgangspunten voor een koplopersrol op cellulaire landbouw. HollandBIO kan niet wachten om deze positie te helpen verzilveren! 

Lees meer:

← All news

Vaccinaties sneller naar de praktijk graag

,

Waar het hart van vol is, loopt de mond van over: dat geldt ook voor preventie. Helaas lukt het lang niet altijd om de daad écht bij het woord te voegen. Volgens de Raad voor Volksgezondheid en Samenleving is het hard nodig om ons vaccinatiestelsel op te lappen, maar we wachten al meer dan een jaar op actie. Toch koopt staatssecretaris Van Ooijen nog meer tijd, met de mededeling dat een beleidsreactie pas deze zomer volgt. Tot overmaat van ramp wordt het Commissiedebat Medische Preventie dat 12 mei op de rol stond, tot nader order uitgesteld. Deze vertragingen zijn illustratief voor het Nederlandse vaccinstelsel. De implementatie van rotavirusvaccinatie duurt inmiddels zó lang dat artsen de noodklok luiden in het Nederlands Tijdschrift voor Geneeskunde. De liefde van HollandBIO voor bewezen effectieve preventie interventies als vaccinatie komt duidelijk niet van één kant, laten we er daarom gauw werk van maken!