Ophef deze week, nu Trouw en het FD de schijnwerper op de innovatiebox zetten. Van het fiscale voordeel dat deze regeling biedt, komt namelijk zo’n 90% terecht bij drie bedrijven: ASML, Booking en MSD. Dat terwijl de innovatiebox juist bedoeld is om innovatieve investeringen breed te laten renderen in Nederland. Wordt innovatie in Nederland wel voldoende verzilverd?
Belastingkorting voor innovatie
De innovatiebox verlaagt de vennootschapsbelasting op winsten die voortkomen uit innovatie van 25% naar effectief circa 9%. Dit maakt het een krachtig instrument dat bedrijven moet stimuleren om te blijven investeren in R&D en die activiteiten ook hier te verankeren. Het mooie is: de regeling is generiek en staat in principe open voor elk innovatief bedrijf – van bakker tot biotech scale-up. Dat slechts een handvol bedrijven er nu echt substantieel gebruik van maakt, ziet hollandbio als een signaal dat het innovatieklimaat suboptimaal functioneert. Want innovatief Nederland is groter dan drie bedrijven alleen.
Innovatiebox komt na WBSO
De innovatiebox staat bovendien niet op zichzelf. Daaraan vooraf gaat de WBSO, die bedrijven ondersteunt bij speur- en ontwikkelingswerk via een korting op de loonbelasting of een aftrek in de inkomstenbelasting. In 2019 maakten ruim 20.000 bedrijven gebruik van de WBSO, waarvan maar liefst 97% mkb. Tegelijkertijd ging in datzelfde jaar circa 80% van het fiscale voordeel uit de innovatiebox naar slechts negentien bedrijven. Tussen die twee cijfers zien wij een opvallende kloof.
Fiscale stimulans sluit nog niet optimaal aan op innovatieve start- en scale-ups
Het wijst niet op te weinig innovatie, maar op te weinig verzilvering van innovatie. Veel bedrijven schoppen het tot de R&D-fase, maar halen de stap naar winstgevendheid in Nederland niet, of weten de weg naar de innovatiebox onvoldoende te vinden. Wat hollandbio betreft, zijn zowel de WBSO als de innovatiebox waardevolle en effectieve instrumenten. Maar het gebruik laat zien dat ze nog niet optimaal aansluiten op de realiteit van jonge, snelgroeiende innovatieve bedrijven – juist daar waar onze toekomstige economische groei zit.
Dicht de kloof en verzilver innovatie
Willen we serieus werk maken van de ambitie om 3% van het BBP te investeren in R&D én bouwen aan een hoogproductieve, innovatieve economie, dan moeten we de kloof dichten tussen innoveren en verzilveren. Dat vraagt om passende financieringsopties, eenvoudigere processen en toekomstbestendige regelgeving die passen bij de behoeften en ontwikkeltermijnen van de biotechsector – zodat innovaties niet alleen in Nederland ontstaan, maar hier ook kunnen doorgroeien en waarde creëren.
https://www.hollandbio.nl/wp-content/uploads/2023/08/HollandBIO_logo.svg00Idalia Dlugoszhttps://www.hollandbio.nl/wp-content/uploads/2023/08/HollandBIO_logo.svgIdalia Dlugosz2026-04-14 14:44:242026-04-14 14:44:28Van innoveren naar verdienen: de innovatiebox kan beter← #nieuws
https://www.hollandbio.nl/wp-content/uploads/2023/08/HollandBIO_logo.svg00Websols Servicedeskhttps://www.hollandbio.nl/wp-content/uploads/2023/08/HollandBIO_logo.svgWebsols Servicedesk2026-04-09 10:31:512026-04-09 12:06:39Protected: Werken bij een Biotech Start-up: wat kun je verwachten?← #nieuws
Het BII Impact Report 2025 laat zien wat een consistente langetermijnaanpak kan opleveren voor biotech valorisatie. Het BioInnovation Institute (BII) in Kopenhagen werd in 2017 opgericht door de Novo Nordisk Foundation en is sinds 2021 actief als onafhankelijke foundation, met één duidelijke missie: wetenschap versnellen naar maatschappelijke en economische impact. In de periode 2018–2025 ondersteunde BII meer dan 150 start-ups en projecten met in totaal €185 miljoen aan grants en leningen. De resultaten zijn overtuigend: 81% van de start-ups haalde externe financiering en samen trokken zij meer dan €1 miljard aan vervolginvesteringen aan – ruim zeven euro extern kapitaal voor elke euro van het BII. Inmiddels hebben 21 portfoliobedrijven producten op de markt gebracht en meer dan 1.000 banen gecreëerd. Wat kan Nederland leren van dit Deense succes?
Het succes van het BII is geen toeval. Zijn kracht zit in de combinatie van vroeg kapitaal, hands-on begeleiding en fysieke infrastructuur, samengebracht in één hechte community. Via het geïntegreerde acceleratiemodel (Bio Studio, Venture Lab en Venture House) begeleidt het onderzoekers en ondernemers stap voor stap richting investeringsgereedheid. BII vervult daarbij een duidelijke brugfunctie tussen onderzoek en industrie, met langdurige samenwerkingen met fondsen en industriële partners én een sterke internationale investeerdersaanwezigheid. Zo vertaalt het fundamentele kennis structureel naar ondernemerschap en impact.
Ook het Nederlandse Biotech Booster deelt een aantal van deze succesfactoren, ziet hollandbio. Beide programma’s werken voorbij publicaties en patenten, richting producten, bedrijven en maatschappelijke waarde. En in beide modellen geldt hetzelfde uitgangspunt: kapitaal alleen is niet genoeg – financiering is altijd gekoppeld aan ondersteuning, netwerk en expertise. De legitimiteit van beide aanpakken ligt dan ook in hetzelfde doel: investeren in biotech met maatschappelijke impact.
Het belangrijkste verschil zit in de vorm. Waar BII opereert als onafhankelijke non-profitorganisatie, gefinancierd met privaat geld en met een continu, langjarig mandaat, is de Biotech Booster een nationaal programma, gefinancierd vanuit het Nationaal Groeifonds, met een vaste einddatum in 2032 en een uitvoerende rol voor het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW). Juist hier zit een belangrijke les uit Denemarken: impact ontstaat niet door eenmalige impulsen, maar door consistent volhouden.
Hollandbio ziet in Biotech Booster nu al een werkbare vorm van samenwerking ontstaan, waaruit potentiële innovaties voortkomen die impact kunnen maken met de excellente biotechkennis die Nederland rijk is. Of de huidige governance‑vorm de Biotech Booster uiteindelijk beperkt of juist versterkt, zal de komende jaren blijken. Wel is duidelijk dat het aanbod van start‑ups en scale‑ups groot is en de academische vijver diep. Dat maakt, net als bij het BII, langdurige samenwerking en blijvende investering cruciaal. Valoriseren kan je leren — en loont als je bereid bent om te blijven investeren.
https://www.hollandbio.nl/wp-content/uploads/2023/08/HollandBIO_logo.svg00Idalia Dlugoszhttps://www.hollandbio.nl/wp-content/uploads/2023/08/HollandBIO_logo.svgIdalia Dlugosz2026-04-07 15:33:532026-04-07 15:33:55Deens BioInnovation Institute laat zien: van wetenschap naar impact werkt ← #nieuws
Nederland en Denemarken zetten vaart achter een sterke Europese biotechagenda. Tijdens de EU‑Raad voor Concurrentievermogen eind februari riepen zij de Europese Commissie gezamenlijk op om te komen met een ambitieuze Biotech Act II die logisch voortbouwt op de recent gepresenteerde Biotech Act I. Met een krachtige non‑paper brachten zij deze oproep onder de aandacht van andere lidstaten – en met succes! Inmiddels scharen ook Portugal, Finland, Estland, Letland en Litouwen zich achter deze inzet. Wat deze lidstaten betreft, moet biotech de ruimte krijgen om te innoveren en op te schalen, wil Europa concurrerend blijven. En dat vraagt volgens hen om samenhangend beleid en het actief wegnemen van belemmeringen voor groei. Zij zetten erop in dat de Europese Commissie deze punten meeneemt in de verdere uitwerking van Biotech Act II.
Vorige week bracht hollandbio beleidsmakers en biotechbedrijven samen om tijdens een Lunch & Learn te praten over de toekomst van biotech in Nederland en Europa. In de zaal zaten vertegenwoordigers van ministeries die werken aan de nationale biotechvisie en de Europese Biotech Act, RVO en Invest-NL, én bedrijven uit medische, voeding- en industriële biotech. Samen met hen spraken we open over wat nodig is om de ambities uit de Visie Biotech, het Rapport Wennink, het Industriebeleid en de Nationale Technologiestrategie waar te maken. SentryX, The Protein Brewery en Novonesis lieten zien hoe biotech nu al bijdraagt aan maatschappelijke uitdagingen, waar zij belemmeringen ervaren en welke randvoorwaarden nodig zijn om impact op te schalen. De rode draad: biotech maakt het leven beter, maar alleen als we samenwerken. En dat vraagt om vertrouwen, duidelijkheid en tempo.
https://www.hollandbio.nl/wp-content/uploads/2023/08/HollandBIO_logo.svg00Idalia Dlugoszhttps://www.hollandbio.nl/wp-content/uploads/2023/08/HollandBIO_logo.svgIdalia Dlugosz2026-03-31 16:15:172026-03-31 16:15:20Biotech beleidsmakers en bedrijven op bezoek bij hollandbio← #nieuws
While Dutch & European governments are prioritising biotech, the Dutch Life Science Trend Analysis shows a decline on multiple metrics. The number of companies founded, assets in (pre)clinical development & total funding amounts of last year all decreased compared to 2024. This came to light through the Dutch Trend Analysis Report 2026 from the leading global biotech database Biotechgate in collaboration with hollandbio. The annual report provides an in-depth look at funding patterns, company formation, and international benchmarks.
The growth we hoped for is not yet there
The 2025 data reinforce the ‘winner takes it all’ trend we flagged last year: an increasing concentration of capital among a small group of winners. In the report on 2024, Dutch venture financing continued to grow, showing a 10% increase compared to the previous year. And while hollandbio was hoping for a continuation of this growth, the report shows otherwise. The total biotech funding amount of 2025 is similar to that of 2024 (-2,3%), while the number of rounds is decreasing. This implies that although the average round size is increasing, total funding is not. Luckily, a few Dutch companies were able to raise significant funding in 2025, including Leyden Labs, Avidicure and The Protein Brewery.
The data sends out another worrying signal: the decreasing number of assets in development (-10%). Leading fields are still oncology, neurology and infectiology. As the risk of technical failure is high in biotech, a pipeline with sufficient assets in development is of crucial importance. In addition, since 2020, the number of companies founded has been declining. The international data show that this is not a Dutch problem, though: all benchmarked countries show a decline in company foundation. Hollandbio sees this as a real threat for the future, as today’s start-ups and clinical assets are tomorrow’s changemakers.
International Benchmark: ups and downs
Although it is a mixed bag, the international benchmark leaves room for some good news, too. The Netherlands scores excellently when it comes to the number of companies per million inhabitants: only Denmark and Switzerland do better. Also, the Dutch ecosystem is home to more food, agriculture and materials biotech compared to other countries. Yet, when looking at the health applications, specifically the assets in clinical development, we are down in the charts, with countries such as the United Kingdom, Denmark, Switzerland and the United States way ahead of us.
The US still play a different league compared to Europe when it comes to funding: even though the total equity capital raised there has declined significantly (-15%), US companies raised 4x the amount of equity capital. Also, the increasing amount of equity capital raised in China is relevant. Although not included in the report, the Chinese equity capital raised for biotech is over 50% of the total capital raised in Europe and growing(1).
Time to act now
The story told by the trend analysis is not a positive one for Europe and the Netherlands. The report’s data reflects reality – and must underscore the urgency of the challenges we face. European biotech is losing momentum to the US and China. Dutch companies keep looking at the US for an IPO and one of the only Dutch biotech’s listed in Amsterdam is openly doubting a focus on the US stock market. On top of that, securing early-stage funding remains a serious challenge and an increasing number of companies are filing for bankruptcy.
Europe needs to step up to remain a global player in biotech. Luckily, the European Commission and the Dutch national government see this, and have published plans to turn the tide: the EU Biotech Act,The Dutch Biotech Vision and Wennink Report present ambitious goals to help the EU biotech sector thrive. Unfortunately, nice words on paper do not fund start-ups or help companies scale – only actions do. It is time for bold moves. It is time to act now.
Through the challenges, we do see some positives too: the recent acquisition of Merus by Genmab, large funding rounds by Azafaros and Leyden Labs and the IPO of Dutch-tinted Agomab. At hollandbio, we continue to put effort in the best possible funding ecosystem for every stage of development, from early grants to M&A and IPO. We will remain committed to have more of these Dutch and European success stories in the future.
Do you have any questions or remarks on this Dutch Trend Analysis? Please reach out to hollandbio’s Max
https://www.hollandbio.nl/wp-content/uploads/2023/08/HollandBIO_logo.svg00Idalia Dlugoszhttps://www.hollandbio.nl/wp-content/uploads/2023/08/HollandBIO_logo.svgIdalia Dlugosz2026-03-31 16:13:172026-07-23 10:24:20Dutch Life Sciences Trend Analysis 2026 – biotech is on the map, but still looking for a way up← #nieuws
Subsidies spelen een cruciale rol in het mogelijk maken van biotech innovatie, waar ontwikkeltrajecten vaak lang, risicovol en kapitaalintensief zijn. Toch is het voor biotech bedrijven moeilijk een subsidieregeling te vinden die aansluit op hun unieke behoeften. Wat hollandbio betreft voldoet een succesvolle subsidieregeling aan zes voorwaarden. Benieuwd in hoeverre de twee verschillende fasen van Biotech Booster aansluit bij de behoeften van biotech? In een nieuwe infographic scoren we deze subsidies op een schaal van 1 tot 10.
Biotech Booster is een gehonoreerd groeifondsprogramma dat zich richt op de valorisatie van biotech kennis naar innovaties. Via mentoring, netwerk en financiering helpt het programma ondernemende wetenschappers om slimme ideeën door te ontwikkelen richting de markt. Subsidie vanuit Biotech Booster is beschikbaar voor toepassingen van biotech in de breedte en wordt aangeboden in twee fasen: fase 1, Proof of Principle, biedt financiering tot €200,000 aan early-stage projects, en fase 2, Proof of Concept, biedt financiering tot €1.9 miljoen aan meer gevorderde projecten.
Bij het aanjagen van valorisatie betrekt Biotech Booster actief het Nederlandse ondernemersnetwerk. Ervaren ondernemers beoordelen en ondersteunen de verschillende subsidiefasen. Deelnemers ontvangen bij Biotech Booster doorgaans volledige projectfinanciering, onder voorbehoud van uitzonderingen door staatssteunregels. Als het project commercieel succes oplevert, deelt Biotech Booster mee in de winst. Samen met de ondernemer spreekt Biotech Booster daarvoor van tevoren een passende vorm van success sharing af.
Wil een subsidie zoals die van Biotech Booster aansluiten bij biotech, dan moet die wat hollandbio betreft aan de volgende zes voorwaarden voldoen:
De regeling maakt vervolgfinanciering interessant, zodat investeerders vertrouwen houden en bedrijven de lange weg van lab naar markt kunnen voltooien.
De voorwaarden rond intellectueel eigendom (IP) zijn innovatie- en marktgericht, zonder knellende afspraken, publicatie-eisen of pandrechten die investeerbaarheid ondermijnen.
De verhouding tussen administratieve lasten en het subsidiebedrag is in balans. Het subsidiebedrag is groot genoeg om impactvolle investeringen mogelijk te maken en niet te complex, zodat ondernemers niet afhaken.
De regeling zet de ondernemer centraal. Ondernemers hebben zeggenschap over het project, zodat de samenwerking bijdraagt aan hun R&D-ambities en inhoudelijk relevant is voor de markt.
De beoordelingsprocedures zijn snel en flexibel, zodat projecten op het juiste moment kunnen starten om daadwerkelijk impact te maken.
Het beschikbare budget is toereikend en bereikbaar voor start- en scaleups, zodat kwalitatief goede projecten van groeiende bedrijven niet onnodig worden afgewezen.
Hoe scoort Biotech Booster?
Wanneer we Biotech Booster langs onze meetlat leggen, ontstaat het volgende beeld:
Op het gebied van vervolgfinanciering scoort biotech booster voor zowel fase 1 als fase 2 een 7 uit 10. Dit omdat de maatregelen van beide fasen, ondanks hun eigen voor- en nadelen, uiteindelijk zorgen voor een investeerbaar bedrijf. Voor fase 1 is een nadeel dat de subsidie wordt omgezet in een lening wanneer het bedrijf tussentijds via een andere route financiering ophaalt en afziet van een fase 2 aanvraag. Aan de andere kant biedt fase 1 subsidie juist ook een streepje voor bij het verkrijgen van de €1.9 miljoen financiering van fase 2. Voor fase 2 vraagt Biotech Booster een deel van de winst uit het project, maar biedt Biotech Booster juist ook ruimte voor een maatwerkoplossing in deze winstdeling. Ook stimuleert zij via interne begeleiding het ophalen van vervolgfinanciering.
De IP-bescherming is bij Biotech Booster erg goed geregeld. Het programma speelt een actieve rol in de valorisatiestappen, de onderhandelingen met lokale Tech Transfer Officesen in het maken van duidelijke afspraken met de ondernemer. Voor beide fasen geven we daarom een 9 uit 10.
De administratieve last van een aanvraag bij Biotech Booster is relatief hoog, evenals het bedrag dat er tegenover staat. Dit resulteert in een score van 7 uit 10 voor fase 1 en 8 uit 10 voor fase 2.
Wat betreft zeggenschap zien wij een groot verschiltussen beide fasen. Biotech Booster heeft namelijk power of attorney op de projecten in fase 2, wat inhoudt dat ze de juridische zeggenschap over het project in handen heeft. Een “project stuurgroep” met daarin één iemand namens de IP-eigenaar, drie ondernemers en één expert op het onderwerp gedraagt zich daarbij als supervisory board. Daardoor verlies je als ondernemer gedeeltelijke directe zeggenschap over de koers van (een deel van) je bedrijf, al staat daar wel tegenover dat de projectstuurgroep waarde toevoegt in de hulp en ondersteuning die zij biedt. Dit resulteert in een score van 6 uit 10 voor fase 2. In fase 1 bestaat deze power of attorney niet en behoudt de startende ondernemer zijn zeggenschap. Daaraan geven we daarom een 8 uit 10.
De doorlooptijd voor een aanvraag bij Biotech Booster is lang. Een project moet namelijk eerst een heel aantal fasen doorlopen van eerste indiening tot selectie vanuit Biotech Booster, met een totale looptijd van 16 weken voor fase 1 tot zelfs 23 weken voor fase 2. Na de selectie van Biotech Booster wacht je nog eens 13 weken op goedkeuring vanuit de Dienst Uitvoering Subsidies aan Instellingen (DUS-I). Dit alles zorgt voor een score van 4 uit 10.
Het slagingspercentage van biotech booster is acceptabel. Er is helaas niet genoeg budget beschikbaar om alle kwalitatief goede voorstellen van financiering te voorzien. Met een slagingspercentage van ongeveer 33% op fase 1 en 50% op fase 2 zien wij daar dan ook nog absoluut ruimte voor verbetering. De score hiervoor is 6 uit 10 voor fase 1 en 7 uit 10 voor fase 2.
Dus al met al levert Biotech Booster hele goede handvaten voor ondernemende wetenschappers om kennis te valoriseren en zijn de subsidies die worden geboden absoluut van meerwaarde. Toch is er wat hollandbio betreft nog een wereld te winnen in het terugbrengen van de doorlooptijd. Daarnaast vinden we het zonde niet alle kwalitatief goede voorstellen op dit moment subsidie kunnen ontvangen.
Heb jij ervaring met Biotech Booster subsidie, of een andere kijk op deze regeling? Deel je inzichten met ons, dan zorgen we samen dat subsidieregelingen nóg beter gaan aansluiten bij de behoeften van biotech!
Subsidies spelen een cruciale rol in het mogelijk maken van biotech innovatie, waar ontwikkeltrajecten vaak lang, risicovol en kapitaalintensief zijn. Toch is het voor biotech bedrijven moeilijk een subsidieregeling te vinden die aansluit op hun unieke behoeften. Wat hollandbio betreft voldoet een succesvolle subsidieregeling aan zes voorwaarden. Benieuwd in hoeverre de twee verschillende fasen van Biotech Booster aansluit bij de behoeften van biotech? In een nieuwe infographic scoren we deze subsidies op een schaal van 1 tot 10.
Biotech Booster is een gehonoreerd groeifondsprogramma dat zich richt op de valorisatie van biotech kennis naar innovaties. Via mentoring, netwerk en financiering helpt het programma ondernemende wetenschappers om slimme ideeën door te ontwikkelen richting de markt. Subsidie vanuit Biotech Booster is beschikbaar voor toepassingen van biotech in de breedte en wordt aangeboden in twee fasen: fase 1, Proof of Principle, biedt financiering tot €200,000 aan early-stage projects, en fase 2, Proof of Concept, biedt financiering tot €1.9 miljoen aan meer gevorderde projecten.
Bij het aanjagen van valorisatie betrekt Biotech Booster actief het Nederlandse ondernemersnetwerk. Ervaren ondernemers beoordelen en ondersteunen de verschillende subsidiefasen. Deelnemers ontvangen bij Biotech Booster doorgaans volledige projectfinanciering, onder voorbehoud van uitzonderingen door staatssteunregels. Als het project commercieel succes oplevert, deelt Biotech Booster mee in de winst. Samen met de ondernemer spreekt Biotech Booster daarvoor van tevoren een passende vorm van success sharing af.
Wil een subsidie zoals die van Biotech Booster aansluiten bij biotech, dan moet die wat hollandbio betreft aan de volgende zes voorwaarden voldoen:
De regeling maakt vervolgfinanciering interessant, zodat investeerders vertrouwen houden en bedrijven de lange weg van lab naar markt kunnen voltooien.
De voorwaarden rond intellectueel eigendom (IP) zijn innovatie- en marktgericht, zonder knellende afspraken, publicatie-eisen of pandrechten die investeerbaarheid ondermijnen.
De verhouding tussen administratieve lasten en het subsidiebedrag is in balans. Het subsidiebedrag is groot genoeg om impactvolle investeringen mogelijk te maken en niet te complex, zodat ondernemers niet afhaken.
De regeling zet de ondernemer centraal. Ondernemers hebben zeggenschap over het project, zodat de samenwerking bijdraagt aan hun R&D-ambities en inhoudelijk relevant is voor de markt.
De beoordelingsprocedures zijn snel en flexibel, zodat projecten op het juiste moment kunnen starten om daadwerkelijk impact te maken.
Het beschikbare budget is toereikend en bereikbaar voor start- en scaleups, zodat kwalitatief goede projecten van groeiende bedrijven niet onnodig worden afgewezen.
Hoe scoort Biotech Booster?
Wanneer we Biotech Booster langs onze meetlat leggen, ontstaat het volgende beeld:
Op het gebied van vervolgfinanciering scoort biotech booster voor zowel fase 1 als fase 2 een 7 uit 10. Dit omdat de maatregelen van beide fasen, ondanks hun eigen voor- en nadelen, uiteindelijk zorgen voor een investeerbaar bedrijf. Voor fase 1 is een nadeel dat de subsidie wordt omgezet in een lening wanneer het bedrijf tussentijds via een andere route financiering ophaalt en afziet van een fase 2 aanvraag. Aan de andere kant biedt fase 1 subsidie juist ook een streepje voor bij het verkrijgen van de €1.9 miljoen financiering van fase 2. Voor fase 2 vraagt Biotech Booster een deel van de winst uit het project, maar biedt Biotech Booster juist ook ruimte voor een maatwerkoplossing in deze winstdeling. Ook stimuleert zij via interne begeleiding het ophalen van vervolgfinanciering.
De IP-bescherming is bij Biotech Booster erg goed geregeld. Het programma speelt een actieve rol in de valorisatiestappen, de onderhandelingen met lokale Tech Transfer Officesen in het maken van duidelijke afspraken met de ondernemer. Voor beide fasen geven we daarom een 9 uit 10.
De administratieve last van een aanvraag bij Biotech Booster is relatief hoog, evenals het bedrag dat er tegenover staat. Dit resulteert in een score van 7 uit 10 voor fase 1 en 8 uit 10 voor fase 2.
Wat betreft zeggenschap zien wij een groot verschiltussen beide fasen. Biotech Booster heeft namelijk power of attorney op de projecten in fase 2, wat inhoudt dat ze de juridische zeggenschap over het project in handen heeft. Een “project stuurgroep” met daarin één iemand namens de IP-eigenaar, drie ondernemers en één expert op het onderwerp gedraagt zich daarbij als supervisory board. Daardoor verlies je als ondernemer gedeeltelijke directe zeggenschap over de koers van (een deel van) je bedrijf, al staat daar wel tegenover dat de projectstuurgroep waarde toevoegt in de hulp en ondersteuning die zij biedt. Dit resulteert in een score van 6 uit 10 voor fase 2. In fase 1 bestaat deze power of attorney niet en behoudt de startende ondernemer zijn zeggenschap. Daaraan geven we daarom een 8 uit 10.
De doorlooptijd voor een aanvraag bij Biotech Booster is lang. Een project moet namelijk eerst een heel aantal fasen doorlopen van eerste indiening tot selectie vanuit Biotech Booster, met een totale looptijd van 16 weken voor fase 1 tot zelfs 23 weken voor fase 2. Na de selectie van Biotech Booster wacht je nog eens 13 weken op goedkeuring vanuit de Dienst Uitvoering Subsidies aan Instellingen (DUS-I). Dit alles zorgt voor een score van 4 uit 10.
Het slagingspercentage van biotech booster is acceptabel. Er is helaas niet genoeg budget beschikbaar om alle kwalitatief goede voorstellen van financiering te voorzien. Met een slagingspercentage van ongeveer 33% op fase 1 en 50% op fase 2 zien wij daar dan ook nog absoluut ruimte voor verbetering. De score hiervoor is 6 uit 10 voor fase 1 en 7 uit 10 voor fase 2.
Dus al met al levert Biotech Booster hele goede handvaten voor ondernemende wetenschappers om kennis te valoriseren en zijn de subsidies die worden geboden absoluut van meerwaarde. Toch is er wat hollandbio betreft nog een wereld te winnen in het terugbrengen van de doorlooptijd. Daarnaast vinden we het zonde niet alle kwalitatief goede voorstellen op dit moment subsidie kunnen ontvangen.
Heb jij ervaring met Biotech Booster subsidie, of een andere kijk op deze regeling? Deel je inzichten met ons, dan zorgen we samen dat subsidieregelingen nóg beter gaan aansluiten bij de behoeften van biotech!
https://www.hollandbio.nl/wp-content/uploads/2023/08/HollandBIO_logo.svg00Dina Diekhttps://www.hollandbio.nl/wp-content/uploads/2023/08/HollandBIO_logo.svgDina Diek2026-03-31 12:20:312026-03-31 12:26:05Subsidie langs de meetlat: Sluiten de subsidies van Biotech Booster aan bij biotech?← #nieuws
While Dutch & European governments are prioritising biotech, the Dutch Life Science Trend Analysis shows a decline on multiple metrics. The number of companies founded, assets in (pre)clinical development & total funding amounts of last year all decreased compared to 2024. This came to light through the Dutch Trend Analysis Report 2026 from the leading global biotech database Biotechgate in collaboration with hollandbio. The annual report provides an in-depth look at funding patterns, company formation, and international benchmarks.
The growth we hoped for is not yet there
The 2025 data reinforce the ‘winner takes it all’ trend we flagged last year: an increasing concentration of capital among a small group of winners. In the report on 2024, Dutch venture financing continued to grow, showing a 10% increase compared to the previous year. And while hollandbio was hoping for a continuation of this growth, the report shows otherwise. The total biotech funding amount of 2025 is similar to that of 2024 (-2,3%), while the number of rounds is decreasing. This implies that although the average round size is increasing, total funding is not. Luckily, a few Dutch companies were able to raise significant funding in 2025, including Leyden Labs, Avidicure and The Protein Brewery.
The data sends out another worrying signal: the decreasing number of assets in development (-10%). Leading fields are still oncology, neurology and infectiology. As the risk of technical failure is high in biotech, a pipeline with sufficient assets in development is of crucial importance. In addition, since 2020, the number of companies founded has been declining. The international data show that this is not a Dutch problem, though: all benchmarked countries show a decline in company foundation. Hollandbio sees this as a real threat for the future, as today’s start-ups and clinical assets are tomorrow’s changemakers.
International Benchmark: ups and downs
Although it is a mixed bag, the international benchmark leaves room for some good news, too. The Netherlands scores excellently when it comes to the number of companies per million inhabitants: only Denmark and Switzerland do better. Also, the Dutch ecosystem is home to more food, agriculture and materials biotech compared to other countries. Yet, when looking at the health applications, specifically the assets in clinical development, we are down in the charts, with countries such as the United Kingdom, Denmark, Switzerland and the United States way ahead of us.
The US still play a different league compared to Europe when it comes to funding: even though the total equity capital raised there has declined significantly (-15%), US companies raised 4x the amount of equity capital. Also, the increasing amount of equity capital raised in China is relevant. Although not included in the report, the Chinese equity capital raised for biotech is over 50% of the total capital raised in Europe and growing(1).
Time to act now
The story told by the trend analysis is not a positive one for Europe and the Netherlands. The report’s data reflects reality – and must underscore the urgency of the challenges we face. European biotech is losing momentum to the US and China. Dutch companies keep looking at the US for an IPO and one of the only Dutch biotech’s listed in Amsterdam is openly doubting a focus on the US stock market. On top of that, securing early-stage funding remains a serious challenge and an increasing number of companies are filing for bankruptcy.
Europe needs to step up to remain a global player in biotech. Luckily, the European Commission and the Dutch national government see this, and have published plans to turn the tide: the EU Biotech Act,The Dutch Biotech Vision and Wennink Report present ambitious goals to help the EU biotech sector thrive. Unfortunately, nice words on paper do not fund start-ups or help companies scale – only actions do. It is time for bold moves. It is time to act now.
Through the challenges, we do see some positives too: the recent acquisition of Merus by Genmab, large funding rounds by Azafaros and Leyden Labs and the IPO of Dutch-tinted Agomab. At hollandbio, we continue to put effort in the best possible funding ecosystem for every stage of development, from early grants to M&A and IPO. We will remain committed to have more of these Dutch and European success stories in the future.
Do you have any questions or remarks on this Dutch Trend Analysis? Please reach out to hollandbio’s Max
https://www.hollandbio.nl/wp-content/uploads/2023/08/HollandBIO_logo.svg00Dina Diekhttps://www.hollandbio.nl/wp-content/uploads/2023/08/HollandBIO_logo.svgDina Diek2026-03-31 10:25:352026-07-23 10:29:12Dutch Life Sciences Trend Analysis 2026: biotech is on the map, but still looking for a way up← #nieuws
Nederland zal zich verzetten tegen de bescherming van vleesbenamingen in Europese regelgeving, zo schrijft LVVN-staatssecretaris Silvio Erkens aan de Tweede Kamer. Een verbod op het gebruik van de naam vlees ontmoedigt volgens de staatssecretaris de innovatie op het gebied van kweekvlees, die een trits aan steekhoudende argumenten oplepelt. Maar overtuigen die wel? Door de namenban voor alles anders dan slachtvlees ligt er nu echter een veel fundamentelere vraag op het bord.
EU ontmoedigt voedselinnovatie
Het kabinet is kraakhelder: de EU ontmoedigt voedselinnovatie zoals – maar niet uitsluitend – kweekvlees. Staatssecretaris Erkens vreest dat investeerders minder geïnteresseerd zullen zijn in dergelijke ontwikkelingen, hetgeen haaks staat op het Coalitieakkoord en rapport-Wennink. Ook vreest het kabinet dat de voorgenomen Europese regels leiden tot onnodige regeldruk. Bovendien stelt de bewindsman dat de consument zelf goed in staat is om te beslissen wat hij of zij koopt. Steekhoudende argumenten, die in de Europese discussie evenwel jammerlijk genoeg vooralsnog niet overtuigen. Kennelijk speelt er meer.
Gaat het om het product of de wijze van produceren?
De fundamentele vraag die op ons bord ligt: gaat het om het product, of om hoe we dat produceren? Slachtvlees of kweekvlees, het product is identiek: vlees. Of deze nou door gecultiveerde productiewijze of op een conventionele manier geproduceerd is. Toch doet de manier waarop ertoe in de ogen van de voorstanders, omdat wat je koopt een hele keten helpt financieren. Woordvoerders van slagersbelangen vinden dat het “vakmanschap” wel een onsje meer mag zijn, want dat is volgens hen klaarblijkelijk wat de vleesnamen dienen te beschermen.
Wegstemmen van de gouden standaard
Als we het dan toch hebben over vakmanschap, dat is bij kweekvlees bij uitstek het geval; niet voor niets is de EU-markttoelating onder auspiciën van voedselwaakhond EFSA de strengste ter wereld – de gouden standaard en dus heilige graal voor innovatieve producenten. Hoewel er aan het eind van de rit nog wel een horde te nemen is: lidstaten stemmen over de markttoelating. Politieke motieven kunnen hier dus meespelen, en de ‘misteak’ die de EU thans begaat roept dan ook de nodige vragen op. Zoals: garandeert Nederland dat innovatie van eigen bodem die hier met bloed, zweet en tranen naar de markt wordt gebracht, aan het eind van de rit niet banaal wordt weggestemd door lidstaten met meer traditionele landbouwbelangen dan innovatieve industrie?
Van innoveren naar verdienen: de innovatiebox kan beter
InnovatieklimaatOphef deze week, nu Trouw en het FD de schijnwerper op de innovatiebox zetten. Van het fiscale voordeel dat deze regeling biedt, komt namelijk zo’n 90% terecht bij drie bedrijven: ASML, Booking en MSD. Dat terwijl de innovatiebox juist bedoeld is om innovatieve investeringen breed te laten renderen in Nederland. Wordt innovatie in Nederland wel voldoende verzilverd?
Belastingkorting voor innovatie
De innovatiebox verlaagt de vennootschapsbelasting op winsten die voortkomen uit innovatie van 25% naar effectief circa 9%. Dit maakt het een krachtig instrument dat bedrijven moet stimuleren om te blijven investeren in R&D en die activiteiten ook hier te verankeren. Het mooie is: de regeling is generiek en staat in principe open voor elk innovatief bedrijf – van bakker tot biotech scale-up. Dat slechts een handvol bedrijven er nu echt substantieel gebruik van maakt, ziet hollandbio als een signaal dat het innovatieklimaat suboptimaal functioneert. Want innovatief Nederland is groter dan drie bedrijven alleen.
Innovatiebox komt na WBSO
De innovatiebox staat bovendien niet op zichzelf. Daaraan vooraf gaat de WBSO, die bedrijven ondersteunt bij speur- en ontwikkelingswerk via een korting op de loonbelasting of een aftrek in de inkomstenbelasting. In 2019 maakten ruim 20.000 bedrijven gebruik van de WBSO, waarvan maar liefst 97% mkb. Tegelijkertijd ging in datzelfde jaar circa 80% van het fiscale voordeel uit de innovatiebox naar slechts negentien bedrijven. Tussen die twee cijfers zien wij een opvallende kloof.
Fiscale stimulans sluit nog niet optimaal aan op innovatieve start- en scale-ups
Het wijst niet op te weinig innovatie, maar op te weinig verzilvering van innovatie. Veel bedrijven schoppen het tot de R&D-fase, maar halen de stap naar winstgevendheid in Nederland niet, of weten de weg naar de innovatiebox onvoldoende te vinden. Wat hollandbio betreft, zijn zowel de WBSO als de innovatiebox waardevolle en effectieve instrumenten. Maar het gebruik laat zien dat ze nog niet optimaal aansluiten op de realiteit van jonge, snelgroeiende innovatieve bedrijven – juist daar waar onze toekomstige economische groei zit.
Dicht de kloof en verzilver innovatie
Willen we serieus werk maken van de ambitie om 3% van het BBP te investeren in R&D én bouwen aan een hoogproductieve, innovatieve economie, dan moeten we de kloof dichten tussen innoveren en verzilveren. Dat vraagt om passende financieringsopties, eenvoudigere processen en toekomstbestendige regelgeving die passen bij de behoeften en ontwikkeltermijnen van de biotechsector – zodat innovaties niet alleen in Nederland ontstaan, maar hier ook kunnen doorgroeien en waarde creëren.
Protected: Werken bij een Biotech Start-up: wat kun je verwachten?
Landingpages, Niet-gecategoriseerdThere is no excerpt because this is a protected post.
Deens BioInnovation Institute laat zien: van wetenschap naar impact werkt
InnovatieklimaatHet BII Impact Report 2025 laat zien wat een consistente langetermijnaanpak kan opleveren voor biotech valorisatie. Het BioInnovation Institute (BII) in Kopenhagen werd in 2017 opgericht door de Novo Nordisk Foundation en is sinds 2021 actief als onafhankelijke foundation, met één duidelijke missie: wetenschap versnellen naar maatschappelijke en economische impact. In de periode 2018–2025 ondersteunde BII meer dan 150 start-ups en projecten met in totaal €185 miljoen aan grants en leningen. De resultaten zijn overtuigend: 81% van de start-ups haalde externe financiering en samen trokken zij meer dan €1 miljard aan vervolginvesteringen aan – ruim zeven euro extern kapitaal voor elke euro van het BII. Inmiddels hebben 21 portfoliobedrijven producten op de markt gebracht en meer dan 1.000 banen gecreëerd. Wat kan Nederland leren van dit Deense succes?
Het succes van het BII is geen toeval. Zijn kracht zit in de combinatie van vroeg kapitaal, hands-on begeleiding en fysieke infrastructuur, samengebracht in één hechte community. Via het geïntegreerde acceleratiemodel (Bio Studio, Venture Lab en Venture House) begeleidt het onderzoekers en ondernemers stap voor stap richting investeringsgereedheid. BII vervult daarbij een duidelijke brugfunctie tussen onderzoek en industrie, met langdurige samenwerkingen met fondsen en industriële partners én een sterke internationale investeerdersaanwezigheid. Zo vertaalt het fundamentele kennis structureel naar ondernemerschap en impact.
Ook het Nederlandse Biotech Booster deelt een aantal van deze succesfactoren, ziet hollandbio. Beide programma’s werken voorbij publicaties en patenten, richting producten, bedrijven en maatschappelijke waarde. En in beide modellen geldt hetzelfde uitgangspunt: kapitaal alleen is niet genoeg – financiering is altijd gekoppeld aan ondersteuning, netwerk en expertise. De legitimiteit van beide aanpakken ligt dan ook in hetzelfde doel: investeren in biotech met maatschappelijke impact.
Het belangrijkste verschil zit in de vorm. Waar BII opereert als onafhankelijke non-profitorganisatie, gefinancierd met privaat geld en met een continu, langjarig mandaat, is de Biotech Booster een nationaal programma, gefinancierd vanuit het Nationaal Groeifonds, met een vaste einddatum in 2032 en een uitvoerende rol voor het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap (OCW). Juist hier zit een belangrijke les uit Denemarken: impact ontstaat niet door eenmalige impulsen, maar door consistent volhouden.
Hollandbio ziet in Biotech Booster nu al een werkbare vorm van samenwerking ontstaan, waaruit potentiële innovaties voortkomen die impact kunnen maken met de excellente biotechkennis die Nederland rijk is. Of de huidige governance‑vorm de Biotech Booster uiteindelijk beperkt of juist versterkt, zal de komende jaren blijken. Wel is duidelijk dat het aanbod van start‑ups en scale‑ups groot is en de academische vijver diep. Dat maakt, net als bij het BII, langdurige samenwerking en blijvende
investering cruciaal. Valoriseren kan je leren — en loont als je bereid bent om te blijven investeren.Nederland en Denemarken pleiten voor ambitieuze Biotech Act II
EU Biotech ActNederland en Denemarken zetten vaart achter een sterke Europese biotechagenda. Tijdens de EU‑Raad voor Concurrentievermogen eind februari riepen zij de Europese Commissie gezamenlijk op om te komen met een ambitieuze Biotech Act II die logisch voortbouwt op de recent gepresenteerde Biotech Act I. Met een krachtige non‑paper brachten zij deze oproep onder de aandacht van andere lidstaten – en met succes! Inmiddels scharen ook Portugal, Finland, Estland, Letland en Litouwen zich achter deze inzet. Wat deze lidstaten betreft, moet biotech de ruimte krijgen om te innoveren en op te schalen, wil Europa concurrerend blijven. En dat vraagt volgens hen om samenhangend beleid en het actief wegnemen van belemmeringen voor groei. Zij zetten erop in dat de Europese Commissie deze punten meeneemt in de verdere uitwerking van Biotech Act II.
Biotech beleidsmakers en bedrijven op bezoek bij hollandbio
EU Biotech Act, HollandbioVorige week bracht hollandbio beleidsmakers en biotechbedrijven samen om tijdens een Lunch & Learn te praten over de toekomst van biotech in Nederland en Europa. In de zaal zaten vertegenwoordigers van ministeries die werken aan de nationale biotechvisie en de Europese Biotech Act, RVO en Invest-NL, én bedrijven uit medische, voeding- en industriële biotech. Samen met hen spraken we open over wat nodig is om de ambities uit de Visie Biotech, het Rapport Wennink, het Industriebeleid en de Nationale Technologiestrategie waar te maken. SentryX, The Protein Brewery en Novonesis lieten zien hoe biotech nu al bijdraagt aan maatschappelijke uitdagingen, waar zij belemmeringen ervaren en welke randvoorwaarden nodig zijn om impact op te schalen. De rode draad: biotech maakt het leven beter, maar alleen als we samenwerken. En dat vraagt om vertrouwen, duidelijkheid en tempo.
Dutch Life Sciences Trend Analysis 2026 – biotech is on the map, but still looking for a way up
Hollandbio, Innovatieklimaat, UitgelichtWhile Dutch & European governments are prioritising biotech, the Dutch Life Science Trend Analysis shows a decline on multiple metrics. The number of companies founded, assets in (pre)clinical development & total funding amounts of last year all decreased compared to 2024. This came to light through the Dutch Trend Analysis Report 2026 from the leading global biotech database Biotechgate in collaboration with hollandbio. The annual report provides an in-depth look at funding patterns, company formation, and international benchmarks.
The growth we hoped for is not yet there
The 2025 data reinforce the ‘winner takes it all’ trend we flagged last year: an increasing concentration of capital among a small group of winners. In the report on 2024, Dutch venture financing continued to grow, showing a 10% increase compared to the previous year. And while hollandbio was hoping for a continuation of this growth, the report shows otherwise. The total biotech funding amount of 2025 is similar to that of 2024 (-2,3%), while the number of rounds is decreasing. This implies that although the average round size is increasing, total funding is not. Luckily, a few Dutch companies were able to raise significant funding in 2025, including Leyden Labs, Avidicure and The Protein Brewery.
The data sends out another worrying signal: the decreasing number of assets in development (-10%). Leading fields are still oncology, neurology and infectiology. As the risk of technical failure is high in biotech, a pipeline with sufficient assets in development is of crucial importance. In addition, since 2020, the number of companies founded has been declining. The international data show that this is not a Dutch problem, though: all benchmarked countries show a decline in company foundation. Hollandbio sees this as a real threat for the future, as today’s start-ups and clinical assets are tomorrow’s changemakers.
International Benchmark: ups and downs
Although it is a mixed bag, the international benchmark leaves room for some good news, too. The Netherlands scores excellently when it comes to the number of companies per million inhabitants: only Denmark and Switzerland do better. Also, the Dutch ecosystem is home to more food, agriculture and materials biotech compared to other countries. Yet, when looking at the health applications, specifically the assets in clinical development, we are down in the charts, with countries such as the United Kingdom, Denmark, Switzerland and the United States way ahead of us.
The US still play a different league compared to Europe when it comes to funding: even though the total equity capital raised there has declined significantly (-15%), US companies raised 4x the amount of equity capital. Also, the increasing amount of equity capital raised in China is relevant. Although not included in the report, the Chinese equity capital raised for biotech is over 50% of the total capital raised in Europe and growing(1).
Time to act now
The story told by the trend analysis is not a positive one for Europe and the Netherlands. The report’s data reflects reality – and must underscore the urgency of the challenges we face. European biotech is losing momentum to the US and China. Dutch companies keep looking at the US for an IPO and one of the only Dutch biotech’s listed in Amsterdam is openly doubting a focus on the US stock market. On top of that, securing early-stage funding remains a serious challenge and an increasing number of companies are filing for bankruptcy.
Europe needs to step up to remain a global player in biotech. Luckily, the European Commission and the Dutch national government see this, and have published plans to turn the tide: the EU Biotech Act, The Dutch Biotech Vision and Wennink Report present ambitious goals to help the EU biotech sector thrive. Unfortunately, nice words on paper do not fund start-ups or help companies scale – only actions do. It is time for bold moves. It is time to act now.
Through the challenges, we do see some positives too: the recent acquisition of Merus by Genmab, large funding rounds by Azafaros and Leyden Labs and the IPO of Dutch-tinted Agomab. At hollandbio, we continue to put effort in the best possible funding ecosystem for every stage of development, from early grants to M&A and IPO. We will remain committed to have more of these Dutch and European success stories in the future.
Do you have any questions or remarks on this Dutch Trend Analysis? Please reach out to hollandbio’s Max
(1). BiotechGate
Subsidie langs de meetlat: Biotech Booster
Publicaties, FinancieringSubsidies spelen een cruciale rol in het mogelijk maken van biotech innovatie, waar ontwikkeltrajecten vaak lang, risicovol en kapitaalintensief zijn. Toch is het voor biotech bedrijven moeilijk een subsidieregeling te vinden die aansluit op hun unieke behoeften. Wat hollandbio betreft voldoet een succesvolle subsidieregeling aan zes voorwaarden. Benieuwd in hoeverre de twee verschillende fasen van Biotech Booster aansluit bij de behoeften van biotech? In een nieuwe infographic scoren we deze subsidies op een schaal van 1 tot 10.
Biotech Booster is een gehonoreerd groeifondsprogramma dat zich richt op de valorisatie van biotech kennis naar innovaties. Via mentoring, netwerk en financiering helpt het programma ondernemende wetenschappers om slimme ideeën door te ontwikkelen richting de markt. Subsidie vanuit Biotech Booster is beschikbaar voor toepassingen van biotech in de breedte en wordt aangeboden in twee fasen: fase 1, Proof of Principle, biedt financiering tot €200,000 aan early-stage projects, en fase 2, Proof of Concept, biedt financiering tot €1.9 miljoen aan meer gevorderde projecten.
Bij het aanjagen van valorisatie betrekt Biotech Booster actief het Nederlandse ondernemersnetwerk. Ervaren ondernemers beoordelen en ondersteunen de verschillende subsidiefasen. Deelnemers ontvangen bij Biotech Booster doorgaans volledige projectfinanciering, onder voorbehoud van uitzonderingen door staatssteunregels. Als het project commercieel succes oplevert, deelt Biotech Booster mee in de winst. Samen met de ondernemer spreekt Biotech Booster daarvoor van tevoren een passende vorm van success sharing af.
Wil een subsidie zoals die van Biotech Booster aansluiten bij biotech, dan moet die wat hollandbio betreft aan de volgende zes voorwaarden voldoen:
Hoe scoort Biotech Booster?
Wanneer we Biotech Booster langs onze meetlat leggen, ontstaat het volgende beeld:
Op het gebied van vervolgfinanciering scoort biotech booster voor zowel fase 1 als fase 2 een 7 uit 10. Dit omdat de maatregelen van beide fasen, ondanks hun eigen voor- en nadelen, uiteindelijk zorgen voor een investeerbaar bedrijf. Voor fase 1 is een nadeel dat de subsidie wordt omgezet in een lening wanneer het bedrijf tussentijds via een andere route financiering ophaalt en afziet van een fase 2 aanvraag. Aan de andere kant biedt fase 1 subsidie juist ook een streepje voor bij het verkrijgen van de €1.9 miljoen financiering van fase 2. Voor fase 2 vraagt Biotech Booster een deel van de winst uit het project, maar biedt Biotech Booster juist ook ruimte voor een maatwerkoplossing in deze winstdeling. Ook stimuleert zij via interne begeleiding het ophalen van vervolgfinanciering.
De IP-bescherming is bij Biotech Booster erg goed geregeld. Het programma speelt een actieve rol in de valorisatiestappen, de onderhandelingen met lokale Tech Transfer Officesen in het maken van duidelijke afspraken met de ondernemer. Voor beide fasen geven we daarom een 9 uit 10.
De administratieve last van een aanvraag bij Biotech Booster is relatief hoog, evenals het bedrag dat er tegenover staat. Dit resulteert in een score van 7 uit 10 voor fase 1 en 8 uit 10 voor fase 2.
Wat betreft zeggenschap zien wij een groot verschiltussen beide fasen. Biotech Booster heeft namelijk power of attorney op de projecten in fase 2, wat inhoudt dat ze de juridische zeggenschap over het project in handen heeft. Een “project stuurgroep” met daarin één iemand namens de IP-eigenaar, drie ondernemers en één expert op het onderwerp gedraagt zich daarbij als supervisory board. Daardoor verlies je als ondernemer gedeeltelijke directe zeggenschap over de koers van (een deel van) je bedrijf, al staat daar wel tegenover dat de projectstuurgroep waarde toevoegt in de hulp en ondersteuning die zij biedt. Dit resulteert in een score van 6 uit 10 voor fase 2. In fase 1 bestaat deze power of attorney niet en behoudt de startende ondernemer zijn zeggenschap. Daaraan geven we daarom een 8 uit 10.
De doorlooptijd voor een aanvraag bij Biotech Booster is lang. Een project moet namelijk eerst een heel aantal fasen doorlopen van eerste indiening tot selectie vanuit Biotech Booster, met een totale looptijd van 16 weken voor fase 1 tot zelfs 23 weken voor fase 2. Na de selectie van Biotech Booster wacht je nog eens 13 weken op goedkeuring vanuit de Dienst Uitvoering Subsidies aan Instellingen (DUS-I). Dit alles zorgt voor een score van 4 uit 10.
Het slagingspercentage van biotech booster is acceptabel. Er is helaas niet genoeg budget beschikbaar om alle kwalitatief goede voorstellen van financiering te voorzien. Met een slagingspercentage van ongeveer 33% op fase 1 en 50% op fase 2 zien wij daar dan ook nog absoluut ruimte voor verbetering. De score hiervoor is 6 uit 10 voor fase 1 en 7 uit 10 voor fase 2.
Dus al met al levert Biotech Booster hele goede handvaten voor ondernemende wetenschappers om kennis te valoriseren en zijn de subsidies die worden geboden absoluut van meerwaarde. Toch is er wat hollandbio betreft nog een wereld te winnen in het terugbrengen van de doorlooptijd. Daarnaast vinden we het zonde niet alle kwalitatief goede voorstellen op dit moment subsidie kunnen ontvangen.
Heb jij ervaring met Biotech Booster subsidie, of een andere kijk op deze regeling? Deel je inzichten met ons, dan zorgen we samen dat subsidieregelingen nóg beter gaan aansluiten bij de behoeften van biotech!
Subsidie langs de meetlat: Sluiten de subsidies van Biotech Booster aan bij biotech?
IJzersterk innovatieklimaat, Innovatieklimaat, UitgelichtSubsidies spelen een cruciale rol in het mogelijk maken van biotech innovatie, waar ontwikkeltrajecten vaak lang, risicovol en kapitaalintensief zijn. Toch is het voor biotech bedrijven moeilijk een subsidieregeling te vinden die aansluit op hun unieke behoeften. Wat hollandbio betreft voldoet een succesvolle subsidieregeling aan zes voorwaarden. Benieuwd in hoeverre de twee verschillende fasen van Biotech Booster aansluit bij de behoeften van biotech? In een nieuwe infographic scoren we deze subsidies op een schaal van 1 tot 10.
Biotech Booster is een gehonoreerd groeifondsprogramma dat zich richt op de valorisatie van biotech kennis naar innovaties. Via mentoring, netwerk en financiering helpt het programma ondernemende wetenschappers om slimme ideeën door te ontwikkelen richting de markt. Subsidie vanuit Biotech Booster is beschikbaar voor toepassingen van biotech in de breedte en wordt aangeboden in twee fasen: fase 1, Proof of Principle, biedt financiering tot €200,000 aan early-stage projects, en fase 2, Proof of Concept, biedt financiering tot €1.9 miljoen aan meer gevorderde projecten.
Bij het aanjagen van valorisatie betrekt Biotech Booster actief het Nederlandse ondernemersnetwerk. Ervaren ondernemers beoordelen en ondersteunen de verschillende subsidiefasen. Deelnemers ontvangen bij Biotech Booster doorgaans volledige projectfinanciering, onder voorbehoud van uitzonderingen door staatssteunregels. Als het project commercieel succes oplevert, deelt Biotech Booster mee in de winst. Samen met de ondernemer spreekt Biotech Booster daarvoor van tevoren een passende vorm van success sharing af.
Wil een subsidie zoals die van Biotech Booster aansluiten bij biotech, dan moet die wat hollandbio betreft aan de volgende zes voorwaarden voldoen:
Hoe scoort Biotech Booster?
Wanneer we Biotech Booster langs onze meetlat leggen, ontstaat het volgende beeld:
Op het gebied van vervolgfinanciering scoort biotech booster voor zowel fase 1 als fase 2 een 7 uit 10. Dit omdat de maatregelen van beide fasen, ondanks hun eigen voor- en nadelen, uiteindelijk zorgen voor een investeerbaar bedrijf. Voor fase 1 is een nadeel dat de subsidie wordt omgezet in een lening wanneer het bedrijf tussentijds via een andere route financiering ophaalt en afziet van een fase 2 aanvraag. Aan de andere kant biedt fase 1 subsidie juist ook een streepje voor bij het verkrijgen van de €1.9 miljoen financiering van fase 2. Voor fase 2 vraagt Biotech Booster een deel van de winst uit het project, maar biedt Biotech Booster juist ook ruimte voor een maatwerkoplossing in deze winstdeling. Ook stimuleert zij via interne begeleiding het ophalen van vervolgfinanciering.
De IP-bescherming is bij Biotech Booster erg goed geregeld. Het programma speelt een actieve rol in de valorisatiestappen, de onderhandelingen met lokale Tech Transfer Officesen in het maken van duidelijke afspraken met de ondernemer. Voor beide fasen geven we daarom een 9 uit 10.
De administratieve last van een aanvraag bij Biotech Booster is relatief hoog, evenals het bedrag dat er tegenover staat. Dit resulteert in een score van 7 uit 10 voor fase 1 en 8 uit 10 voor fase 2.
Wat betreft zeggenschap zien wij een groot verschiltussen beide fasen. Biotech Booster heeft namelijk power of attorney op de projecten in fase 2, wat inhoudt dat ze de juridische zeggenschap over het project in handen heeft. Een “project stuurgroep” met daarin één iemand namens de IP-eigenaar, drie ondernemers en één expert op het onderwerp gedraagt zich daarbij als supervisory board. Daardoor verlies je als ondernemer gedeeltelijke directe zeggenschap over de koers van (een deel van) je bedrijf, al staat daar wel tegenover dat de projectstuurgroep waarde toevoegt in de hulp en ondersteuning die zij biedt. Dit resulteert in een score van 6 uit 10 voor fase 2. In fase 1 bestaat deze power of attorney niet en behoudt de startende ondernemer zijn zeggenschap. Daaraan geven we daarom een 8 uit 10.
De doorlooptijd voor een aanvraag bij Biotech Booster is lang. Een project moet namelijk eerst een heel aantal fasen doorlopen van eerste indiening tot selectie vanuit Biotech Booster, met een totale looptijd van 16 weken voor fase 1 tot zelfs 23 weken voor fase 2. Na de selectie van Biotech Booster wacht je nog eens 13 weken op goedkeuring vanuit de Dienst Uitvoering Subsidies aan Instellingen (DUS-I). Dit alles zorgt voor een score van 4 uit 10.
Het slagingspercentage van biotech booster is acceptabel. Er is helaas niet genoeg budget beschikbaar om alle kwalitatief goede voorstellen van financiering te voorzien. Met een slagingspercentage van ongeveer 33% op fase 1 en 50% op fase 2 zien wij daar dan ook nog absoluut ruimte voor verbetering. De score hiervoor is 6 uit 10 voor fase 1 en 7 uit 10 voor fase 2.
Dus al met al levert Biotech Booster hele goede handvaten voor ondernemende wetenschappers om kennis te valoriseren en zijn de subsidies die worden geboden absoluut van meerwaarde. Toch is er wat hollandbio betreft nog een wereld te winnen in het terugbrengen van de doorlooptijd. Daarnaast vinden we het zonde niet alle kwalitatief goede voorstellen op dit moment subsidie kunnen ontvangen.
Heb jij ervaring met Biotech Booster subsidie, of een andere kijk op deze regeling? Deel je inzichten met ons, dan zorgen we samen dat subsidieregelingen nóg beter gaan aansluiten bij de behoeften van biotech!
Dutch Life Sciences Trend Analysis 2026: biotech is on the map, but still looking for a way up
Publicaties, Financiering, SectorinfoWhile Dutch & European governments are prioritising biotech, the Dutch Life Science Trend Analysis shows a decline on multiple metrics. The number of companies founded, assets in (pre)clinical development & total funding amounts of last year all decreased compared to 2024. This came to light through the Dutch Trend Analysis Report 2026 from the leading global biotech database Biotechgate in collaboration with hollandbio. The annual report provides an in-depth look at funding patterns, company formation, and international benchmarks.
The growth we hoped for is not yet there
The 2025 data reinforce the ‘winner takes it all’ trend we flagged last year: an increasing concentration of capital among a small group of winners. In the report on 2024, Dutch venture financing continued to grow, showing a 10% increase compared to the previous year. And while hollandbio was hoping for a continuation of this growth, the report shows otherwise. The total biotech funding amount of 2025 is similar to that of 2024 (-2,3%), while the number of rounds is decreasing. This implies that although the average round size is increasing, total funding is not. Luckily, a few Dutch companies were able to raise significant funding in 2025, including Leyden Labs, Avidicure and The Protein Brewery.
The data sends out another worrying signal: the decreasing number of assets in development (-10%). Leading fields are still oncology, neurology and infectiology. As the risk of technical failure is high in biotech, a pipeline with sufficient assets in development is of crucial importance. In addition, since 2020, the number of companies founded has been declining. The international data show that this is not a Dutch problem, though: all benchmarked countries show a decline in company foundation. Hollandbio sees this as a real threat for the future, as today’s start-ups and clinical assets are tomorrow’s changemakers.
International Benchmark: ups and downs
Although it is a mixed bag, the international benchmark leaves room for some good news, too. The Netherlands scores excellently when it comes to the number of companies per million inhabitants: only Denmark and Switzerland do better. Also, the Dutch ecosystem is home to more food, agriculture and materials biotech compared to other countries. Yet, when looking at the health applications, specifically the assets in clinical development, we are down in the charts, with countries such as the United Kingdom, Denmark, Switzerland and the United States way ahead of us.
The US still play a different league compared to Europe when it comes to funding: even though the total equity capital raised there has declined significantly (-15%), US companies raised 4x the amount of equity capital. Also, the increasing amount of equity capital raised in China is relevant. Although not included in the report, the Chinese equity capital raised for biotech is over 50% of the total capital raised in Europe and growing(1).
Time to act now
The story told by the trend analysis is not a positive one for Europe and the Netherlands. The report’s data reflects reality – and must underscore the urgency of the challenges we face. European biotech is losing momentum to the US and China. Dutch companies keep looking at the US for an IPO and one of the only Dutch biotech’s listed in Amsterdam is openly doubting a focus on the US stock market. On top of that, securing early-stage funding remains a serious challenge and an increasing number of companies are filing for bankruptcy.
Europe needs to step up to remain a global player in biotech. Luckily, the European Commission and the Dutch national government see this, and have published plans to turn the tide: the EU Biotech Act, The Dutch Biotech Vision and Wennink Report present ambitious goals to help the EU biotech sector thrive. Unfortunately, nice words on paper do not fund start-ups or help companies scale – only actions do. It is time for bold moves. It is time to act now.
Through the challenges, we do see some positives too: the recent acquisition of Merus by Genmab, large funding rounds by Azafaros and Leyden Labs and the IPO of Dutch-tinted Agomab. At hollandbio, we continue to put effort in the best possible funding ecosystem for every stage of development, from early grants to M&A and IPO. We will remain committed to have more of these Dutch and European success stories in the future.
Do you have any questions or remarks on this Dutch Trend Analysis? Please reach out to hollandbio’s Max
(1). BiotechGate
Nederland strijdt voor gelijk speelveld kweekvlees
Wereld mét toekomst, Voedsel en materialenNederland zal zich verzetten tegen de bescherming van vleesbenamingen in Europese regelgeving, zo schrijft LVVN-staatssecretaris Silvio Erkens aan de Tweede Kamer. Een verbod op het gebruik van de naam vlees ontmoedigt volgens de staatssecretaris de innovatie op het gebied van kweekvlees, die een trits aan steekhoudende argumenten oplepelt. Maar overtuigen die wel? Door de namenban voor alles anders dan slachtvlees ligt er nu echter een veel fundamentelere vraag op het bord.
EU ontmoedigt voedselinnovatie
Het kabinet is kraakhelder: de EU ontmoedigt voedselinnovatie zoals – maar niet uitsluitend – kweekvlees. Staatssecretaris Erkens vreest dat investeerders minder geïnteresseerd zullen zijn in dergelijke ontwikkelingen, hetgeen haaks staat op het Coalitieakkoord en rapport-Wennink. Ook vreest het kabinet dat de voorgenomen Europese regels leiden tot onnodige regeldruk. Bovendien stelt de bewindsman dat de consument zelf goed in staat is om te beslissen wat hij of zij koopt. Steekhoudende argumenten, die in de Europese discussie evenwel jammerlijk genoeg vooralsnog niet overtuigen. Kennelijk speelt er meer.
Gaat het om het product of de wijze van produceren?
De fundamentele vraag die op ons bord ligt: gaat het om het product, of om hoe we dat produceren? Slachtvlees of kweekvlees, het product is identiek: vlees. Of deze nou door gecultiveerde productiewijze of op een conventionele manier geproduceerd is. Toch doet de manier waarop ertoe in de ogen van de voorstanders, omdat wat je koopt een hele keten helpt financieren. Woordvoerders van slagersbelangen vinden dat het “vakmanschap” wel een onsje meer mag zijn, want dat is volgens hen klaarblijkelijk wat de vleesnamen dienen te beschermen.
Wegstemmen van de gouden standaard
Als we het dan toch hebben over vakmanschap, dat is bij kweekvlees bij uitstek het geval; niet voor niets is de EU-markttoelating onder auspiciën van voedselwaakhond EFSA de strengste ter wereld – de gouden standaard en dus heilige graal voor innovatieve producenten. Hoewel er aan het eind van de rit nog wel een horde te nemen is: lidstaten stemmen over de markttoelating. Politieke motieven kunnen hier dus meespelen, en de ‘misteak’ die de EU thans begaat roept dan ook de nodige vragen op. Zoals: garandeert Nederland dat innovatie van eigen bodem die hier met bloed, zweet en tranen naar de markt wordt gebracht, aan het eind van de rit niet banaal wordt weggestemd door lidstaten met meer traditionele landbouwbelangen dan innovatieve industrie?