← #nieuws

Vooruitgang van kennis naar impact vraagt om meer dan geld

Nederland behoort tot de wereldtop als het gaat om onderzoek en innovatie, maar slaagt er nog onvoldoende in om die kennis om te zetten in economische en maatschappelijke waarde. Dat is de centrale conclusie van een rondetafelgesprek dat de Koninklijke Nederlandse Akademie van Wetenschappen (KNAW) organiseerde naar aanleiding van het bezoek van Nobelprijswinnaar Joel Mokyr. Volgens de deelnemers, waaronder ook hollandbio’s Annemiek, ligt de uitdaging niet alleen bij financiering, maar vooral bij de manier waarop ons innovatie-ecosysteem is ingericht. Factoren als polarisatie, protectionisme, complexe regelgeving en een sterke consensuscultuur kunnen de stappen van kennis naar toepassing en opschaling vertragen.

Het resultaat van de meeting is een Agenda voor vooruitgang met ideeën over hoe het beter kan. Wat betreft de aanwezigen geven we innovatieve bedrijven meer ruimte via regelluwe experimenteerzones, stimuleren we ondernemerschap aan universiteiten, verbeteren we de aansluiting van financiering op alle fasen van de innovatieketen en maken we scherpe, langdurige keuzes voor strategische technologiegebieden.

Voor de biotechsector zijn dit herkenbare aanbevelingen. Tegelijkertijd zien we dat op verschillende punten al stappen zijn en worden gezet. Initiatieven zoals het Nationaal Agentschap voor Disruptieve Innovatie (NADI), Biotech Booster en het Oncode Institute dragen bij aan een sterkere valorisatie van kennis en een betere aansluiting tussen onderzoek en ondernemerschap. Ook de groeiende aandacht voor regulatory sandboxes sluit aan bij de oproep om innovators meer experimenteerruimte te bieden. En de aangekondigde IPCEI’s op biotech bieden mogelijk ruimte de financieringskloof naar commerciële schaal te dichten.

De analyse is helder en de oplossingsrichtingen liggen grotendeels op tafel. Nu komt het aan op uitvoering: het verder bouwen aan een samenhangend en consistent systeem waarin kennis, ondernemerschap, financiering en regelgeving elkaar versterken. Alleen dan kan Nederland zijn sterke kennisbasis daadwerkelijk omzetten in innovatieve bedrijven, nieuwe therapieën en duurzame economische groei.

← #nieuws

Tweede Kamer: passende regels nodig voor microbiële culturen

,

Mooi nieuws uit de Tweede Kamer: een motie waarin Kamerlid Wim Meulenkamp (VVD) het kabinet verzoekt zich in de Europese Unie in te zetten voor passende regels voor microbiële culturen, kreeg een grote meerderheid. De discussie over de regulering van deze belangrijke biologische alleskunners, ingezet voor smaak, conservering, textuur en meer, sleept zich al zeker twintig jaar voort in Europa, met grote onduidelijkheid en onzekerheid tot gevolg voor ontwikkelaars, voedselverwerkers en supermarkten. Extra inzet is dus hard nodig.

De term microbiële cultuur doet waarschijnlijk niet direct een belletje rinkelen (zuurdesem fans daargelaten). Toch zijn ze zo veelgebruikt en gangbaar dat je ze, misschien wel dagelijks, op je bord hebt liggen. Sinds mensenheugenis benutten we immers al fermentatie door bacteriën om levensmiddelen smakelijker, langer houdbaar of veiliger te maken: denk aan brood, kaas, yoghurt en zuurkool. Niets nieuws onder de zon dus – al kunnen we dankzij continue innovatie microbiële culturen voor steeds meer producten inzetten, bijvoorbeeld in filet americain en de oer-Hollandse haring. Goed nieuws voor onze smaakpapillen, voedselveiligheid, en een belangrijke troef in de strijd tegen voedselverspilling.

Dat lijkt een win-win situatie, nietwaar? Toch dreigen innovatieve koplopers tegen een torenhoge muur van wet- en regelgeving aan te lopen, die vernieuwing en het benutten van deze biologische alleskunners blokkeert. Dat komt doordat ambtelijke juristen en technocraten, helaas ook op voordracht van de Nederlandse overheid, zich al jarenlang het hoofd breken over de vraag of microbiële culturen in een voedingsmiddel een ingrediënt zijn, die vallen onder voedselveiligheidsregels van de Algemene Levensmiddelenverordening, of dat ze onder de Additievenregelgeving vallen, een toelatingsroute ontwikkeld om de veiligheid van toevoegingen aan voedingsmiddelen te borgen (de welbekende E-nummers).

Hoe theoretisch dat vraagstuk ook klinkt, het antwoord heeft verstrekkende gevolgen voor het benutten van de mogelijkheden van microbiële culturen. Waar culturen al decennialang en naar tevredenheid gezien worden als ingrediënten, en dus vallen onder de algemene regels voor voedsel en voedselveiligheid, dreigen nieuwe toepassingen vanwege hun technische functie (conservering, textuur, antimicrobiële werking) gezien te worden als additief. Nou is het probleem dat die route, de additievenregeling, nooit bedacht is met bacteriën, of een mix van bacteriën, in het achterhoofd, maar voor chemische toevoegingen met vaak een enkele functie. Daardoor sluit deze totaal niet aan bij de levende organismen, en vormt het een zeer vertragend, kostbaar en onzeker blok aan het been van de biotech bedrijven die de culturen ontwikkelen, voor voedselverwerkers en supermarkten. Overigens zonder toegevoegde waarde voor de voedselveiligheid, die immers ook geborgd is binnen de Algemene Levensmiddelenverordening.

Zolang de Europese discussie voortduurt, kiest Nederland – alle biotech ambities ten spijt – voor een actief handhavingsbeleid. Dat houdt grofweg in dat wanneer de NVWA in de supermarkt een haring, of een bakje filet americain aantreft met een microbiële cultuur zonder E-nummer, het de schappen uit en hup de prullenbak in moet. Krom genoeg mag de korter houdbare, en voor schadelijke infecties gevoelige evenknie gewoon blijven liggen.

Het is een typisch biotech probleem: de overheid trapt tegelijkertijd op het gaspedaal en de rem, en maakt geen enkele haast om de resulterende stilstand te doorbereken. De inzet van Nederland, zoals recent nog toegelicht door minister Hermans van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) na vragen uit de Tweede Kamer, bood helaas wéér geen soelaas. Hoewel wij de motie van Kamerlid Meulenkamp liever nóg explicieter hadden gezien, zet deze Nederland toch hopelijk op een beter spoor in haar inzet in Europa.

Hollandbio blijft hoe dan ook ijveren om de volle potentie van onze microbiële helden te kunnen benutten, als onmisbaar ingrediënt van onze innovatiekracht, economie en prangende maatschappelijke uitdagingen in voedselvoorziening en meer.

← #nieuws

Personalized therapies are here. Can the system keep up?

,

Personalized therapies are opening the door to treatments that can be tailored to the individual patient. But while science is advancing rapidly, can regulatory and reimbursement systems built around traditional medicines keep up with this new generation of innovation? During her internship completed as the final step of her MSc in Biomedical Sciences at the Vrije Universiteit of Amsterdam, hollandbio’s Violet explored exactly this question. Through interviews with stakeholders across industry, academia, and public organizations, she investigated how personalized therapies fit within today’s regulatory and reimbursement landscape. Her research reveals that while the scientific potential is clear, bringing these therapies to patients remains challenging. Stakeholders identified tensions around evidence requirements, reimbursement, affordability and collaboration, while also highlighting opportunities to better align innovation with patient access. Curious about the findings and recommendations? Read Violet’s thesis here. Questions or thoughts? Feel free to reach out!

← #nieuws

Anticiperen op innovaties: het kan wél!

Het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) laat er geen gras over groeien in de strijd tegen het Respiratoir Syncytieel Virus (RSV): nog voor de marktvergunning van clesrovimab een feit was, lag de adviesaanvraag over de inzet van deze antistof, een concurrent voor nirsevimab, al bij de Gezondheidsraad (GR). Ook de beleidsreactie van VWS liet na GR-advies niet lang op zich wachten, waardoor er al binnen twee maanden na officiële marktvergunning groen licht is voor de inzet van dit middel. Zoveel voortvarendheid ziet hollandbio graag – en bij voorkeur voor innovaties!

We weten allemaal, voorkomen is beter dan genezen. Toch blijven vaccins vaak erg lang op de plank liggen, in afwachting van beoordeling, besluitvorming en inzet. Het kan tot wel negen jaar duren voor een vaccinatieprogramma is opgezet, zo becijferde hollandbio eerder. Maar er gloort hoop aan de horizon. Waren we eerder al blij verrast met de snelheid van advisering voor RSV-immunisatie van kinderen, blijken nu overheid en GR zelfs al vóór de marktvergunning te anticiperen op de komst nieuwe producten. Dat smaakt hollandbio naar meer!

Anticiperen valt te leren, zo blijkt. En dat is goed nieuws om waardevolle vaccins zo snel mogelijk in de juiste arm te krijgen. Waar het nu in zijn totaliteit nog bijna drie jaar duurde voor we kinderen na registratie van nirsevimab een RSV-immunisatie aanboden, laten de overheid en de GR zien dat ook de advisering en beoordeling nog altijd sneller kan. Dat clesrovimab concurrentie in de markt brengt, en dus de gelegenheid biedt om via een tender de prijs te drukken, zal versnelling hier niet in de weg hebben gezeten.

Hollandbio vertrouwt erop dat goed voorbeeld goed doet volgen: dat we ook de eerste pioniers die met een nieuw product de weg naar meer gezondheidswinst openbreken, verwelkomen met snelle implementatie, voor jong én oud. Dus óók zonder het lonkend perspectief van extra korting…

← #nieuws

Announcing Agilent as a new hollandbio partner

,

Hollandbio is pleased to welcome Agilent as the newest partner in its Member Benefits Program. Through this collaboration, hollandbio members can now benefit from exclusive discounts on selected Agilent products and solutions. We are very happy to be able to offer our members this additional purchasing advantage and to further support the Dutch biotech community with access to high-quality laboratory technologies and services. More information about the Agilent purchasing program and the available member discounts can be found here. If you would like to learn more or sign up to this purchasing program, then please contact hollandbio’s Max.

← #nieuws

WBSO: De katalysator voor Nederlandse innovatie

,

Vraag biotech ondernemers naar hun grootste uitdaging, en de kans is groot dat het antwoord ‘financiering’ is. De weg die biotech innovaties afleggen van lab naar maatschappij is lang, vol risico’s en extreem kostbaar. Een passend financieringsaanbod voor elke fase van bedrijfs- en productontwikkeling is dan ook een belangrijke randvoorwaarde om de potentie van biotech voor gezondheid, verduurzaming en onze economie ten volle te benutten. Maar hoe is het gesteld met het Nederlandse financiële middelen voor biotech innovatie? Hollandbio zoekt het uit. Ieder jaar nemen we de Wet Bevordering Speur- en Ontwikkelingswerk (WBSO) onder de loep. 

← #nieuws

Immunisatie voor een weerbaar Europa: van EU-commitment tot nationale actie

Investeren in preventie loont. In Engeland daalde het aantal sterfgevallen door baarmoederhalskanker onder jonge vrouwen die als tiener tegen HPV gevaccineerd konden worden zelfs naar nul. Een krachtig voorbeeld van wat mogelijk is als vaccinatieprogramma’s breed worden benut. Ook Europa ziet die preventieve kracht. De Europese Commissie erkent vaccinatie, immunisatie en screening nadrukkelijk als investering in onze gezondheid, en maakt daar via het New Economic Growth Framework financiële ruimte voor vrij. Maar hoe vertalen we deze Europese ambitie op vaccinatie naar nationale actie? Op uitnodiging van Europarlementariër Aurelijus Veryga sprak hollandbio’s Britt daar afgelopen week over met de Mission Board on Vaccination in Europe.

In een vergrijzende samenleving valt nog veel gezondheidswinst te behalen met vaccins als krachtige gezondheidsbooster. Zoals tijdens de bijeenkomst vaak werd gezegd: an ounce of prevention is worth a pound of cure, of in gewoon Nederlands: voorkomen is beter dan genezen. Nu is het aan het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en het ministerie van Financiën om de door Europa geboden ruimte ook in Nederland te benutten. Hollandbio ondertekende alvast de Call to Action van de Mission Board en gaat de komende tijd graag aan de slag met de vertaalslag naar concrete actie in Nederland.

← #nieuws

Wanneer de kans op genezing een populariteitswedstrijd wordt 

Je zal het maar hebben, een ziekte waarvoor je een medicijn nodig hebt dat al op de plank ligt maar dat Nederland niet vergoedt. Wat zou je dan doen, voor jezelf en je geliefden? Het lijken Amerikaanse toestanden, maar ook in Nederland staan de (sociale) media bol van verhalen over medische crowdfunding. Patiënten die met hun rug tegen de muur staan gaan in toenemende mate met de pet rond om net over de grens hun kans op genezing toch nog te vergroten. Onder het mom van solidariteit laat ons falende zorgbeleid steeds vaker patiënten aan hun noodlot over.

Niet wenselijk, toch toename

Al in 2022 schreef het Centrum voor Ethiek en Gezondheid (CEG) in een verkenning: “Waar het Nederlandse zorgfinancieringsstelsel is gebaseerd op solidariteit en eerlijke verdeling van schaarse middelen als belangrijke principes, legt het fenomeen medische crowdfunding meer waarde bij het individu, en diens unieke situatie, wens en behoefte. In die zin sluit de opkomst van medische crowdfunding aan bij de transitie binnen het zorgstelsel. De afgelopen jaren is steeds meer de nadruk komen te liggen op eigen verantwoordelijkheid en regie.” En dus kunnen we allemaal een duit in het zakje van Ramona, Suzanne en ook NRC-columnist Floor doen. En dat zijn nog slechts enkele recente, tegen wil en dank genoemde voorbeelden van patiënten die in buurlanden op zoek gaan naar EMA-goedgekeurde geneesmiddelen die in welvarend Nederland niet vergoed verkrijgbaar zijn.

Met de pet rond voor het noodlot

Wanneer onze overheid doodzieke patiënten aan hun noodlot overlaat, wenden sommige goed geïnformeerde patiënten of hun naasten zich met hun laatste hoop tot – in de woorden van een gepersifleerde GoFundMe CEO – “een website die populariteitswedstrijden organiseert waarbij je doodgaat als je verliest”. De bijtende, doch niet onware uitspraak geeft te denken. Willen we wel een samenleving zijn waar de kans op genezing groter is door je verhaal, je mediabereik, je netwerk, of zelfs de dikte van je portemonnee? Laten we individuele patiënten met schrijnende verhalen dan maar met de pet rondgaan en accepteren we dat de kans op gezondheid enkel verder scheefgroeit, alle ambities van onze overheid ten spijt? Om nog maar te zwijgen over de stille patiëntengroep die fysiek of mentaal niet bij machte is om de mogelijke opties te overzien of te benutten, en die moegestreden de moed opgeeft.

Hoeveel mensen dwingen we nog om van hun ziekte een populariteitswedstrijd te maken, voordat we de pijnlijke realiteit onder ogen zien? Als het zorgsysteem faalt, betalen patiënten de prijs. Daar is niets solidairs aan.

← #nieuws

Kabinet zet agrifood innovatie op scherp, met biotech vol in het vizier

,


Vorige week publiceerde het Ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (LVVN) de contouren van een meerjarige Agrifood Innovatieagenda, gericht op het versterken van verdienvermogen, concurrentiekracht en het aanpakken van maatschappelijke opgaven zoals klimaat, voedselzekerheid en biodiversiteit. Deze vormt de uitwerking van een aangenomen motie van Kamerlid Den Hollander (VVD) en een hele trits mede-indieners die tuinbouw, zaadveredeling en biotechnologie als belangrijke kans voor Nederland zien. Vanuit deze context kondigt het kabinet aan om bestaande middelen gerichter in te gaan zetten op vier kansrijke innovatiedomeinen – agtech, weerbare teelten, voedselinnovaties en (glas)tuinbouw – met als doel hier private investeringen in aan te jagen en innovatie in te versnellen. In de verdere uitwerking wordt onderzocht wat nodig is om deze prioritaire innovaties, waarbinnen biotech een grote rol speelt, te versnellen.

De inzet van het ministerie ligt nadrukkelijk op het op orde brengen van randvoorwaarden die cruciaal zijn om innovaties daadwerkelijk van lab naar markt en maatschappij te brengen. Denk aan onderzoeks- en data-infrastructuur, talentontwikkeling, snellere en voorspelbare toelating, experimenteerruimte en opschalingsmogelijkheden. De komende maanden volgt per innovatiedomein een uitwerking van wat nodig is om prioritaire innovaties te versnellen, met daarbij aandacht voor de wensen van zowel gevestigde partijen als start- en scale ups.

Daarbij bevat de agenda ook concrete aanknopingspunten voor biotech. Zo zet het kabinet onder andere in op het versnellen en vereenvoudigen van de aanvraagprocedure voor planten veredeld met nieuwe genomische technieken (NGTs), het aanjagen van private investeringen in biocontrol (biologische gewasbeschermingsmiddelen), het vergroten van de succesratio van novel foods procedures en het faciliteren van Europese proeverijen en alternatieven verdienmodellen voor kweekvlees en innovatieve fermentatie.

De komende maanden werkt het ministerie de innovatieagenda verder uit in samenwerking met ondernemers en experts. Dit moet leiden tot een tienjarig plan dat houvast biedt én flexibel genoeg blijft om mee te bewegen met de actualiteit. Eind dit jaar volgt een high level summit voor de lancering van de agenda, gevolgd door een Innovatietop in 2027 om innovaties uit te lichten, deals te sluiten en investeerders aan te trekken. Voor hollandbio een belangrijke kans om ervoor te zorgen dat biotechinnovaties hiermee de ruimte krijgen die nodig is om door te breken. Wij zetten ons de komende periode actief in om de stem van biotech stevig te laten doorklinken in de verdere uitwerking van de innovatieagenda.

← #nieuws

Wetsvoorstel Wet werkelijk rendement box 3 gaat terug naar tekentafel

Vorig jaar kondigde het kabinet een herziening aan van de belasting over vermogen (box 3) met een verschuiving van fictieve rendementen naar het heffen van belasting over daadwerkelijke vermogenswinstbelasting. Hierbij koos het kabinet voor het heffen van belasting over de jaarlijkse aanwas van vermogen. Die keuze voor een vermogensaanwasbelasting zou desastreus kunnen uitpakken voor biotech bedrijven omdat het belastingheffing over papieren waardegroei betreft en een uitzonderingsdefinitie voor start- en scale ups bevatte die veel biotech bedrijven buiten de boot liet vallen. Na veel kritiek vanuit het veld en twijfels over een meerderheid in de Eerste Kamer, is het wetsvoorstel gelukkig terug naar de tekentafel gegaan en informeert het kabinet rond Prinsjesdag de Tweede Kamer over een plan voor een vermogenswinstbelasting.

Op dit moment ligt er nog geen nieuw plan voor de herziening van Box 3. Wel heeft de minister een aantal opties op een rij gezet, waaronder parameterwijzigingen of de introductie van één jaar achterwaartse verliesverrekening. In augustus worden de budgettaire, inhoudelijke en uitvoeringstechnische consequenties van de opties gewogen. Op Prinsjesdag presenteert het kabinet vervolgens een voorstel tot aanpassing in een novelle (een aanpassing van een wetsvoorstel dat al in het officiële goedkeuringstraject zit) waarmee het wetsvoorstel een vermogenswinstbelasting wordt.

Hollandbio maakt zich in de tussentijd hard voor een box 3-herziening die bedrijvigheid stimuleert en eerlijk belasting heft en waarvan definities van start- en scale-ups passen bij de karakteristieken van biotechbedrijven die van nature risicovol zijn, met lange ontwikkeltijden en een hoge vraag naar kapitaal en kennis.