← #ondernemershighlights
Koenraad Wiedhaup
Leyden Labs

Er is geen tijd te verliezen, dus werken we alsof we midden in een pandemie zitten.

In de biotech werken bevlogen ondernemers die impact willen maken. Maar hoe blijf je gemotiveerd terwijl ontwikkeling jaren duurt en vol risico’s zit? Wat drijft hen en hoe blijven ze volhouden? We spraken Koenraad Wiedhaup, medeoprichter en CEO van Leyden Labs, over het ontwikkelen van een neusspray tegen virussen – precies vijf jaar na de coronalockdown.

Van student naar biotech-ondernemer

Koenraads fascinatie voor de combinatie van biologie en technologie ontstond tijdens zijn studie Life Sciences & Technology. Tijdens een stage bij een biotech bedrijf in San Francisco, wat Koenraad als ‘shaping experience’ beschrijft, kwam hij in aanraking met de bedrijfskundige kant van de wetenschap en werd bij hem het zaadje geplant om zich verder te ontwikkelen op dit grensgebied. Koenraad kwam bij McKinsey terecht, waar hij als consultant jarenlang grote en kleine biotech bedrijven hielp om verder te groeien. Daarnaast hielp hij legio wetenschappers bij het ontwikkelen van een businessplan.

Van wild idee naar neusspray

In zijn tijd als consultant ontmoette Koenraad tevens de mannen waar hij later samen Leyden Labs mee oprichtte: Dinko Valerio, Ronald Brus en Jaap Goudsmit. Tijdens de eerste coronalockdown in 2020, op gepaste afstand in een achtertuin, bespraken ze een wild idee: levende coronavirussen inbrengen in de neus om mensen immuun te maken. Dit idee groeide uit tot een wetenschappelijk plan voor een neusspray die bescherming biedt tegen diverse infectieziekten en vormde tevens het begin van Leyden Labs.

Het Leidse bedrijf draait op pandemische urgentie. “We willen ons product zo snel mogelijk beschikbaar hebben voor mensen, dus werken we alsof we midden in een pandemie zitten.” Naast oplossingen voor bestaande problemen zoals griep ziet Koenraad ook toepassing van de technologie voor andere ziektes. Een nog onbekend coronavirus, een op mensen overslaande vogelgriep, en in de toekomst wellicht zelfs bescherming tegen allergieën als hooikoorts.

Diversiteit en daadkracht

Hoewel de teamleden van Leyden Labs verspreid zijn over de VS, verschillende Europese landen en Azië, is Koenraad trots dat het hoofdkantoor in Leiden is gevestigd: “In Leiden komen al eeuwenlang omdenkers bij elkaar die niet bang zijn om hun ideeën uit te spreken.”

Tegelijkertijd ziet Koenraad de internationale diversiteit binnen Leyden Labs als essentieel. Met ruim 20 verschillende nationaliteiten, samenwerkingen over de hele wereld, en een bedrijfscultuur die pandemische urgentie ademt, werken ze in Leiden keihard aan het voorkomen van miljoenen toekomstige griepdoden.

Zijn advies voor startende biotech ondernemers?

“Doe zo veel mogelijk ervaring op, vanuit verschillende rollen. Neem een kijkje bij de bedrijfsvoering, bij ontwikkeling en bij onderzoek, en zoek de diepgang op om erachter te komen waar je écht goed in bent en waar je passie ligt.”

← #nieuws
Koenraad Wiedhaup
Leyden Labs

Visioen van een betere wereld met de slimme oplossingen van biotech 

, , ,

Nederland wil tot de wereldwijde kopgroep behoren in onderzoek, ontwikkeling en toepassing van biotech, aldus de Rijksbrede visie biotechnologie die het kabinet vrijdag publiceerde. Maar liefst zeven bewindspersonen zetten hun handtekening onder de nationale ambitie om biotech te benutten voor méér gezondheidswinst, een circulaire economie en onze voedselzekerheid. Hollandbio is blij met deze gezamenlijke stip aan de horizon. De visie geeft wat ons betreft het startschot om te doen wat de sector nodig heeft: samen de schouders eronder om onnodige drempels weg te nemen.

Nederland is een land van aanpakkers. We zien een probleem, bedenken slimme oplossingen en doen het. Daarom zijn we ook goed in biotech. Niet omdat het vanzelf ging, maar omdat we al jaren bouwen op een stevig fundament van kennis, lef en samenwerking. Die positie hebben we niet cadeau gekregen. We hebben deze verdiend door slimme investeringen en durf. Maar terwijl andere landen de volgende stap zetten, blokkeren wij onszelf. Innovaties lopen vast in regels en vergunningen, talent vertrekt en doorbraken waarvoor wij de basis legden worden in het buitenland verzilverd. Zo raken we niet alleen onze koppositie kwijt, maar ook de dingen waar we allemaal beter van worden: nieuwe medicijnen, voeding en materialen die slimmer en schoner worden gemaakt, en een economie die blijft draaien. Willen we een ijzersterk innovatieklimaat, dan is het essentieel om biotech nu de ruimte te geven om te floreren. 

Hollandbio is dan ook maar wat blij met de gezamenlijke stip aan de horizon die de overheid met de publicatie van de visie biotech zet. De overheid onderstreept de waarde van de sector voor ons verdienvermogen, voor het realiseren van belangrijke maatschappelijke doelstellingen op het vlak van gezondheid, klimaat en voedselzekerheid en geeft een beeld van knel- en verbeterpunten die het succes van de sector in de weg staan. Bovendien onderschrijft ze met de gezamenlijke visie dat een integrale aanpak – tussen de departementen onderling en met de sector – van cruciaal belang is om een plek in de wereldwijde kopgroep te verzilveren, een punt dat hollandbio meermaals naar voren bracht.  

Als het om biotech gaat, staat de overheid dikwijls op het gaspedaal en de rem tegelijk, met – bewust of onbewust – stilstand als resultaat. Alleen een integrale, gezamenlijke aanpak maakt het mogelijk om ministerie-overstijgende problematiek te signaleren, te doorbreken en als het even kan, te voorkomen, zodat biotech koplopers niet meer voortdurend nodeloos tegen muren aanlopen. Er is nog een wereld te winnen, maar alleen al door de gezamenlijke opdracht om tot een integrale visie te komen, wisten de verschillende departementen elkaar beter te vinden, en ervoeren ze hoe een betere samenwerking kan leiden tot meer samenhangend beleid dat iedereen verder helpt. Een structurele inbedding van deze samenwerking is volgens hollandbio cruciaal om de volgende stap te zetten: actie. Want eerlijk is eerlijk: met een gezamenlijke visie alleen gaan we die kopgroep niet halen.  

Gelukkig is Nederland groot geworden door te doen, niet door af te wachten. Dit is dan ook het moment om vooruitgang te blijven omarmen: investeren in slimme oplossingen, bouwen op onze kracht en ruimte geven aan knappe koppen. Door nu de juiste keuzes te maken, houden we zelf de regie over onze toekomst. Het moge duidelijk zijn dat hollandbio graag bijdraagt aan wat komen gaat: het uit de weg ruimen van de talloze hordes die onze biotech koplopers onnodig doen struikelen op hun lange weg van uitvinding naar patiënt of supermarktschap. Wij hebben er alvast zin in! 

← #nieuws
Koenraad Wiedhaup
Leyden Labs

Hollandbio welcomes NovoSere

Hollandbio connects, represents and supports the Dutch biotech sector. We are very proud to represent more than 270 companies: from start-ups, small and medium-sized enterprises, to large companies, active in health, nutrition or biobased economy. Today we welcome our newest member, NovoSere. NovoSere is a consultancy firm, specialized in pharmaceutical Chemistry, Manufacturing and Control (CMC). NovoSere was founded by a team of four experts with complementary scientific backgrounds and a great synergy in their way of working. A few words from NovoSere itself:

About our name
A ‘sere’ is the sequence of species that transform bare ground into a thriving ecosystem. Each sere stage brings new life forms, paving the way for the next, until reaching a stable climax. We form a seral community with our clients, transforming their concepts to medicinal products, thus helping them progress from one stage to the next.

Why we join hollandbio

Both hollandbio and NovoSere share the ambition to enable the growth and maturation of biotechnological innovation. We are part of the same ecosystem. The vision of hollandbio to contribute to the success of the Biotech sector through connection, support, and by providing clear routes from lab to market resonates perfectly with ours.


What we deliver

CMC in pharmaceuticals is a multifaceted discipline that integrates the science of chemistry with the complexities of manufacturing and stringent regulatory controls. It includes various aspects such as defining the formulation, setting up the manufacturing process, implementing analytics, and incorporating robust quality control measures. In simpler words, it is a term to describe everything related to making sufficient medicinal products of the right, proven quality to provide people with a product that is safe and effective.


NovoSeres scalable, integrated team of CMC experts provides strategic and operational support, expert guidance for selection and management of contract development and manufacturing organizations, and solutions to address our clients’ needs related to both capacity and capability issues. We are committed to streamlining development from discovery to market, helping our partners accelerate clinical milestones and maximize the value of their assets.

← #nieuws
Koenraad Wiedhaup
Leyden Labs

Overheid verlengt subsidie BPRC én vraagt sterker inzet op proefdiervrije modellen 

,

Hoewel de ambitie blijft om volledig zonder dierproeven te kunnen – in lijn met de wettelijke plicht tot verfijning, vermindering en vervanging – handhaaft minister Bruins na een uitgebreid onderzoek ook de aankomende jaren de subsidie voor het internationaal toonaangevende Biomedical Primate Research Centre (BPRC). Ook vraagt hij (inter)nationaal naar een nog sterkere inzet op proefdiervrije modellen. Hollandbio is benieuwd of hij daarvoor ook de benodigde financiering bij elkaar kan krijgen.

Zolang proeven op apen noodzakelijk zijn voor hoogwaardige fundamenteel en toegepast onderzoek, is het BPRC daar de beste plek, concludeert minister Bruins na een uitgebreid onderzoek. Bij het BPRC vindt immer hoogwaardig onderzoek plaats naar levensbedreigende ziektes en infectieziektes in de mens, zoals bijvoorbeeld corona, tuberculose en HIV. In hun recente impactverslag kun je meer lezen over het werk van het BPRC, en hoe ook zij al vol inzetten op verfijning, vermindering en vervanging van dierproeven, waar dat haalbaar is. In dit rapport geeft het BPRC bovendien aan dat daar nog meer focus op kan komen, als daar meer financiële middelen voor zouden zijn. 

Door voor we een onderzoek inzetten goed na te denken over de onderzoeksvraag en met welk model we die het beste kunnen beantwoorden, zijn al veel nieuwe ziektemodellen ontwikkeld en dierproeven bespaard gebleven, ziet hollandbio. Alleen bestaat er niet voor elke onderzoeksvraag nu al een model dat de complexe situatie in de mens volledig kan nabootsen. Daarom is het – hoe graag we ook willen en ondanks herhaaldelijke oproepen – nu nog geen realistische stap om proefdieren volledig uit te faseren. Binnen TPI denkt hollandbio daarom graag mee over een haalbare, realistische marsroute en wat daarvoor nodig is.   

Minister Bruins vraagt het BPRC nu voor de komende vijf jaar een nieuw ambitieplan op te stellen, in overleg met universitaire onderzoekers en organisaties die een rol spelen in de transitie naar alternatieve ziektemodellen die beter aansluiten bij de mens. Dit plan moeten wat hem betreft afspraken bevatten over het verder verleggen van de focus richting nieuwe onderzoeksmodellen, met het oog op een maximale inzet op de ontwikkeling van proefdiervrije onderzoeks- en testmethoden en de uiteindelijke uitfasering van het onderzoek met apen.  

Hoewel het hollandbio mooi in de oren klinkt, zien wij nog wel wat haken en ogen aan de wensen van de minister. Of het BPRC namelijk eigenhandig en binnen de huidige budgettaire kaders zelfstandig ‘proefdiervrij’ kan gaan lijkt ons niet alleen een kwestie van een plan, samenwerking en een lange adem. Zoals het BPRC zelf aangeeft – en hollandbio op meer plaatsen in haar achterban ziet – hangt er vaak ook nog een significant prijskaartje aan de kwalificatie, validatie en implementatie van nieuwe ziektemodellen. We hopen daarom dat het Bruins lukt via de gidsrol die hij in Europa voor zich ziet, niet alleen de samenwerking en de wisselwerking tussen de domeinen van dierproeven en alternatieven voor dierproeven aan te jagen, maar ook budget vrij te spelen om deze transitie te financieren!   

← #nieuws
Koenraad Wiedhaup
Leyden Labs

Let the EC know what their Life Sciences strategy should look like   

The European Commission (EC) is currently collecting input for their upcoming Life Sciences strategy and asks life sciences experts to have their say! The strategy will be used to identify key challenges and opportunities to speed up the safe development, deployment and uptake of life sciences innovations. Hollandbio is enthusiastic about the plans of the EC to create a European life sciences-specific strategy. We plan to consult the EC on behalf of the Dutch biotech sector, but individual companies are also welcome to bring in their needs and amplify our voices before the deadline on April 17th!  

← #nieuws
Koenraad Wiedhaup
Leyden Labs

Wijs de Europese Commissie op bestaande biotech belemmeringen  

De Europese Commissie heeft een publieke consultatie geopend (deadline 23 juni) over de EU Bioeconomy Strategy, met als doel input te verzamelen van een breed scala aan stakeholders over de maatregelen die nodig zijn om bestaande belemmeringen aan te pakken. Daarnaast is er een korte vragenlijst die nog open staat (deadline: 14 april) om gegevens en informatie te verzamelen over de uitdagingen rond EU- en nationale wetgeving die van toepassing is op biotechnologie. 

← #nieuws
Koenraad Wiedhaup
Leyden Labs

IHE comparator report on Cancer in Europe 2025 

,

Sinds 2005 onderzoekt het Zweedse Institute for Health Economics (IHE) in opdracht van EFPIA hoe de zorg voor patiënten met kanker zich ontwikkelt in Europa. Het meest recente jaarrapport laat een positieve trend zien: de uitkomsten voor patiënten met kanker zitten in de lift, mede dankzij vooruitgang in preventie, diagnostiek en behandeling. Wel maakt hollandbio zich zorgen om de op sommige fronten flink achterblijvende positie van Nederland in de gepubliceerde data.  

Het aantal mensen dat kanker krijgt is door de jaren heen sterk gegroeid, maar sinds de vorige editie van dit rapport, in 2019, is het aantal mensen in Europa dat hieraan overlijdt gestabiliseerd. Wel bestaan er flinke verschillen tussen lidstaten, en zien we de vooruitgang niet bij alle soorten kanker terug. Het rapport toont de toename aan geneesmiddelen voor de behandeling van kanker. Zeker de afgelopen vijf jaar is het aantal nieuw geregistreerde geneesmiddelen in Europa sterk toegenomen. Dit zorgt voor hogere zorguitgaven, al ligt het deel van het zorgbudget dat landen aan kanker besteden alsnog een stuk lager dan de aan kanker gerelateerde ziektelast.  

Hollandbio maakt zich wel zorgen om de cijfers over Nederland die in het rapport staan: we vinden ons land terug op plek 21 als het gaat om de beschikbaarheid van nieuwe geneesmiddelen. Slechts 44% van de nieuwe kankergeneesmiddelen die tussen 2019 en 2022 goedgekeurd werden door EMA, wordt in Nederland vergoed, terwijl het Europees gemiddelde op 67% ligt, en in koploper Duitsland 96% van de geneesmiddelen vergoed beschikbaar is. Ook geeft Nederland volgens het rapport relatief een stuk minder geld uit aan geneesmiddelen dan andere landen om ons heen: waar het Europees gemiddelde van de uitgaven aan geneesmiddelen ten opzichte van het zorgbudget op 14% ligt, blijft dat in Nederland steken op 7%.  

Het goede nieuws: in het rapport lezen we geen aanwijzingen die reden geven tot paniek: de vijfjaarsoverleving van patiënten, gemeten in 2020, houdt in Nederland vooralsnog gelijke tred met de andere landen in de vergelijking. De tijd zal ons leren of de Nederlandse zuinigheid ofwel een lichtend voorbeeld is, of dat deze toch een keerzijde heeft, in de vorm van achterblijvende gezondheidswinst. Hollandbio houdt de vinger nauwlettend aan de pols.  

In plaats van de meest stringente selectie aan de poort – een harde ja of nee uitspraak voor vergoeding op basis van de gemiddelde patiënt – pleit hollandbio voor gezondheid op maat. Dat kan alleen met een zo vol mogelijke dokterstas. Daarmee kunnen we, op basis van data en de specifieke eigenschappen van de individuele patiënt, de juiste behandeling op het juiste moment bieden. Wij blijven ons dan ook hardmaken voor een toegankelijk, lerend en adaptief zorgsysteem, waarmee patiënten optimaal kunnen profiteren van de vooruitgang die innovatie in kankerzorg ons brengt, nu en in de toekomst.  

Lees het hele rapport hier.

← #nieuws
Koenraad Wiedhaup
Leyden Labs

NAM Navigator helpt route van lab naar praktijk voor innovatieve ziektemodellen ophelderen 

, ,

Een betere, veiligere en diervriendelijkere ontwikkeling van onder andere levens-, geneesmiddelen en andere materialen en stoffen: nieuwe ziektemodellen bieden kansen voor zowel ondernemers als onderzoekers. Toch blijft het een voortdurende zoektocht hoe, waar en wanneer we deze modellen, waaronder bijvoorbeeld organ-on-a-chip en organoids, optimaal kunnen benutten en welke route zij van lab naar praktijk moeten doorlopen. De nieuwe NAM Navigator beoogt meer helderheid te bieden op dit laatste punt.

De komst van nieuwe ziektemodellen biedt prachtige kansen voor een betere productontwikkeling. Alleen, hoe graag we het ook willen, geheel zonder proefdieren kunnen we op dit moment simpelweg nog niet. Binnen de Transitie Proefdiervrije Innovaties denkt hollandbio als partner graag mee hoe we de uitdagingen die ziektemodellen op route van lab naar praktijk ervaren weg kunnen nemen, zonder dat de ontwikkeling van producten zelf daarmee op de tocht komt te staan. We zijn daarom blij dat TPI partner ZonMw -op aangeven van Tweede Kamerleden Tjeerd de Groot, Peter Valstar en Erik Haverkort- de NAM navigator heeft ontwikkeld. Dit online platform ondersteunt onderzoekers en ontwikkelaars van nieuwe ziektemodellen op weg naar toepassing in de praktijk. Je vindt er gedetailleerde informatie over de verschillende stappen die nodig zijn voor validatie en wettelijke goedkeuring, zoals richtlijnen voor standaardisatie en data-aanlevering en ervaringen van andere onderzoekers met het validatieproces. Mis je nog iets? Koppel dit vooral terug via het contactformulier op de website, zodat we de website gezamenlijk zo goed en actueel mogelijk kunnen houden.  

Ondanks deze mooie stap, is er wat hollandbio betreft meer nodig dan helderheid over routes om de inzet van ziektemodellen te versnellen. De vraag blijft of we als maatschappij bereid zijn nieuwe producten te accepteren zonder dat daar een dierproef aan te pas is gekomen, en welke waarborgen in wet- en regelgeving nodig zijn om dat mogelijk te maken. Ook ontbreekt het bij de ontwikkeling van deze modellen regelmatig aan een valide businesscase en zien we andere bedrijven deze toepassingen op den duur in huis halen, zoals met de aanstelling van Hans Clevers bij Roche en met de overname van HUB Organoids door Merck. Een vraag die wij binnen TPI daarom inbrengen: willen we deze ziektemodellen in ons aller belang helpen valideren en kwalificeren -en zo ja- hoe en wat vergt dat van ons allemaal?  

← #nieuws
Koenraad Wiedhaup
Leyden Labs

Spoor bijster door botte bijl in WBSO 

,

Willen we ook in de toekomst wat te kiezen hebben, dan is het slim om te investeren in de biotech sector. En dat wil het kabinet dan ook: de sector heeft nog nooit zo hoog op de prioriteitenlijst van de overheid gestaan. Eén van de belangrijkste en bewezen effectieve troeven in het stimuleringsbeleid is de Wet Bevordering Speur- en Ontwikkelingswerk, de WBSO, die een deel van de kosten vergoedt voor het doen van innovatief onderzoek door bedrijven. Het recente kabinetsbesluit om deze in te perken staat dan ook haaks op de eigen ambitie, en heeft hollandbio met stomheid geslagen.

WBSO: steunpilaar van innovatiebeleid 

De Wet Bevordering Speur- en Ontwikkelingswerk – de WBSO – vergoedt een deel van de loon- en andere kosten van het doen van onderzoek voor innovatieve bedrijven in Nederland. Onze R&D intensieve biotech sector maakt dankbaar gebruik van deze regeling: het is één van de hoekstenen van het Nederlandse innovatieklimaat. De recente kabinetsreactie op de evaluatie van de WBSO bevestigt de effectiviteit van de wet in het stimuleren van R&D-investeringen. Willen we als Nederland mee blijven doen in de strijd van innovatieve vooruitgang – en dat willen we, getuige de grote overheidsambities – dan is het continueren van de WBSO een absolute must. 

Uitzonderingspositie klinisch onderzoek komt te vervallen 

Het kabinetsbesluit om vanaf 2027 de WBSO in te perken door het afschaffen van de farmaciebrief, heeft hollandbio dan ook met stomheid heeft geslagen. De farmaciebrief is een uitzonderingspositie die valt onder de WBSO. Deze brief zorgt ervoor dat klinisch onderzoek, dat – zoals de regel is in de biotech sector – uitbesteed wordt aan experts, ook in Nederland onder de WBSO-voorwaarden valt. In andere Europese landen om ons heen zoals Denemarken, België en Duitsland, is dit geen uitzondering maar de norm. Exact dit standpunt heeft hollandbio dan ook ingebracht tijdens een interview voor de verkenning naar de farmaciebrief.  

Hollandbio heeft natuurlijk best begrip voor de wens van RVO tot reductie van complexiteit in de praktische uitvoer van de regeling door RVO, en dat uitzonderingen waar mogelijk vermeden dienen te worden. Een samenvoeging van de farmaciebrief onder de bestaande WBSO-kaders zodat de uitzondering de norm wordt, zou onzes inziens de logische keuze zijn, maar de overheid kiest voor de botte bijl door de brief domweg compleet te schrappen.   

Het ministerie van Economische Zaken snijdt zichzelf in de vingers 

Het besluit staat haaks op de kabinetsbrede ambitie om de koploperspositie van Nederland als het gaat om biotech te bestendigen, en bovendien op twee zeer actuele en meer specifieke doelen die het ministerie van Economische Zaken zichzelf heeft gesteld: het versterken van klinische onderzoek in Nederland en het behalen van de 3%-doelstelling. Die laatste houdt in dat het ministerie zichzelf ten doel heeft gesteld dat 3% van het BBP geïnvesteerd wordt in R&D.   

Aan de ene kant zegt de overheid biotech te willen omarmen, getuige de op handen zijnde kabinetsbrede visie op biotech en de Nationale Technologiestrategie, maar aan de andere kant gooit het met dit besluit de eigen ruiten in door het innovatieklimaat te verschralen. Wie aan overheidszijde kan ons uitleggen op welke manier dit rode kruisje bijdraagt aan het behalen van bovenstaande doelen en strategieën? Wij horen het graag.

← #nieuws
Koenraad Wiedhaup
Leyden Labs

EU vindt kompas voor concurrentievermogen 

In haar kompas voor concurrentievermogen zet de Europese Commissie glashelder uiteen dat de EU moet inzetten op innovatie om productiviteit te boosten. Hoewel er genoeg briljante ideeën zijn, slaagt Europa er maar niet in om deze om te zetten in tastbare resultaten in de echte wereld. De EU houdt bedrijven tegen door een wirwar van regels, torenhoge energieprijzen en een ongelijk speelveld van overheidssteun. Zo ook voor biotech, een nieuwe groeimotor met groot potentieel voor duurzame welvaart en meer concurrentievermogen. Willen we onze achterstand ten opzichte van de VS en China op dit gebied inhalen, dan is het nù tijd voor actie. Het kompas bevat drie oplossingsrichtingen: de innovatiekloof dichten, een gezamenlijke routekaart voor decarbonisatie en concurrentievermogen, en buitensporige afhankelijkheden verminderen en de veiligheid vergroten. Maken we hier snel werk van, dan kan EU blijven uitblinken in waar zij al sinds jaar en dag goed in is: het ontwikkelen van slimme oplossingen die bijdragen aan een betere toekomst voor mens, dier en planeet.