Daarnaast onderstreept Nederland hoe belangrijk het is dat biotech‑innovaties kunnen bouwen op een snelle en voorspelbare route naar goedkeuring en toelating tot de markt. Daarom pleit het kabinet onder andere voor duidelijke, wetenschappelijk onderbouwde procedures via de Biotech Act en voor geharmoniseerde milieuvoetafdrukmethodes, zodat biobased oplossingen eerlijker kunnen concurreren met fossiel-gebaseerde producten.
De Nederlandse inzet is helder: Europa moet de bio‑economie nu echt kunnen opschalen, zonder dat regelgeving, onduidelijkheid of een ongelijk speelveld daarbij in de weg staat. De strategie laat zien dat de EU de ambitie heeft om te versnellen en Nederland steunt die lijn volop. Door in te zetten op het omarmen van marktcreatie, het moderniseren van regelgeving en het ontsluiten van financiering, bouwen we aan een circulaire biobased economie die betaalbaar, weerbaar en toekomstbestendig is. Dit is hét moment om van plannen naar acties, uitvoering en vooruitgang te gaan – voor een wereld mét toekomst.
Nederlanders zijn aanpakkers. We zien een probleem, bedenken slimme oplossingen en doen het. Daarom zijn we ook koploper in biotech. Niet omdat het vanzelf ging, maar omdat we al jaren bouwen op een stevig fundament van kennis, lef en samenwerking. Die positie hebben we niet cadeau gekregen. We hebben deze verdiend door slimme investeringen en durf. Nu het optimisme in biotech weer komt bovendrijven, wordt eens te meer duidelijk dat Europa dit onvoldoende weet te kapitaliseren.
Nederlander leidt weer Amerikaanse beursgang
Voor het eerst in tien jaar brengt een Nederlandse ceo weer eens een bedrijf naar de Nasdaq-beurs. Alle reden voor het FD voor een profiel over Tim Knotnerus (achter inlog), die in New York $100 mln wil ophalen voor het Vlaamse biotechbedrijf Agomab Therapeutics. Knotnerus treedt daarmee in de voetsporen van Hans Schikan met Prosensa (2013), Daniel de Boer met Proqr (2014) en Ton Logtenberg met Merus (2016). ‘Zo’n beursgang op de Nasdaq is “een memory for life”, zegt Hans Schikan die het hele proces dertien jaar geleden meemaakte. “Het is ontzettend leuk, maar het is ook heel spannend of het gaat lukken.” De voortekenen voor Agomab lijken gunstig. Nu de biotechindex van de Nasdaq op recordhoogte staat, zien meer biotechbedrijven dat het momentum voor een beursgang gunstig is.’
Binnenlands biotech blinkt uit buiten Europa
Jaar na jaar blijkt: Nederlandse biotech blinkt uit, maar dan wel op de Amerikaanse beurs. Want terwijl andere landen niets ontziend stappen zetten om zich technologische vooruitgang toe te eigenen, blokkeren wij onszelf. Innovaties lopen vast in regels en vergunningen, talent vertrekt en doorbraken waarvoor wij de basis legden worden in het buitenland verzilverd. Zo raken we niet alleen onze koppositie kwijt, maar ook de dingen waar we allemaal beter van worden: nieuwe medicijnen, voeding en materialen die slimmer en schoner worden gemaakt, en een economie die blijft draaien.
VS aantrekkelijk voor biotech, moet ook Europese beursmaatschappij erkennen
In het AD erkent René van Vlerken, topman van de Europese beursmaatschappij Euronext Amsterdam, desgevraagd dat sommige bedrijven juist sneller naar de aandelenbeurs in de Verenigde Staten gaan, omdat ze daar meer geld op kunnen halen. Alle bedrijven? “Nee, dat valt heel erg mee. Alleen voor sommige biotech- en gezondheidsbedrijven is de VS aantrekkelijk.” Dat is natuurlijk doodzonde en zo hoeft het niet te gaan. Een van de oplossingen zit in de Europese kapitaalmarktunie, waar het Draghi-rapport twee jaar geleden alweer op aandrong. Daar ziet de topman ook wel brood in, net als in betere begeleiding: “We moeten bedrijven door de hele financieringscyclus begeleiden. Een goedwerkende kapitaalmarkt is essentieel voor een aantrekkelijk ondernemingsklimaat. Als je het bedrijfsleven als pinautomaat gebruikt, verslechter je het vestigingsklimaat.” Toch ziet hollandbio dat er meer nodig is. Nederlandse bedrijven kiezen vooral voor de VS vanwege hun hogere risicobereidheid, investeerders met diepere zakken en meer kennis rondom biotech. Meer dan wat extra geld en een schouderklopje dus.
Wanneer nu eens echt Euro next?
Willen we een ijzersterk innovatieklimaat, dan is het essentieel om biotech nu de ruimte te geven om te floreren. Nederland is groot geworden door te doen, niet door af te wachten. Dit is het moment om vooruitgang te blijven omarmen: investeren in slimme oplossingen, bouwen op onze kracht en ruimte geven aan knappe koppen. Zo blijven we onafhankelijk van landen zoals China en Rusland, en zijn we niet afhankelijk van de grillen van vijandige leiders met autocratische trekken in landen waarvan het onzeker is of ze in de toekomst nog hun democratische rechtsstaat kunnen waarborgen. Door nu de juiste keuzes te maken, houden we zelf de regie over onze toekomst. Tot op heden mag dan wel America first gelden, wij moeten ons de vraag durven stellen: wanneer maken we nu eens echt werk van Euro next? Onze ondernemers tonen lef, het is hoog tijd dat er leiderschap opstaat binnen onze overheid.
https://www.hollandbio.nl/wp-content/uploads/2023/08/HollandBIO_logo.svg00Idalia Dlugoszhttps://www.hollandbio.nl/wp-content/uploads/2023/08/HollandBIO_logo.svgIdalia Dlugosz2026-02-03 16:29:502026-02-03 16:29:52Van America first naar Euro next← #nieuws
Hollandbio connects, represents and supports the Dutch life sciences & biotech sector. We are proud to represent a growing community of innovative companies, ranging from start-ups and scale-ups to established industry players. Today, we are pleased to welcome our newest member: MimeCure.
MimeCure is a Dutch biotech company developing a first-in-class regenerative therapy for chronic and progressive lung diseases, with an initial focus on idiopathic pulmonary fibrosis (IPF). The company is based in the Netherlands and builds on academic research originating from the University of Groningen.
The company’s lead program, MC002, is based on an active fragment of the endogenous protein osteoglycin. Rather than targeting inflammation or fibrosis alone, MimeCure’s approach aims to restore the lung’s intrinsic regenerative capacity by promoting lung tissue repair. This regenerative mechanism differentiates MC002 from current standard-of-care therapies, which primarily slow disease progression without addressing the underlying loss of functional lung tissue.
MC002 is being developed as an inhaled therapy, allowing direct delivery to the lung while limiting systemic exposure. MimeCure combines expertise in pulmonary biology, regenerative pharmacology, and inhalation formulation to advance MC002 toward early clinical development. The company is currently progressing preclinical efficacy, mechanism-of-action studies, and formulation development to support first-in-human clinical trials.
MimeCure’s long-term vision is to contribute to a new generation of regenerative medicines for lung disease, addressing unmet medical needs in indications where current treatment options remain limited. The company actively collaborates with academic partners, clinical experts, and industry stakeholders to accelerate translation from fundamental biology to patient benefit.
By joining Hollandbio, MimeCure aims to connect with the broader Dutch life sciences ecosystem, exchange expertise, and contribute to the collective effort to strengthen innovation in biotechnology and regenerative medicine.
Afgelopen vrijdag hebben de partijleiders van D66, VVD en CDA hun Coalitieakkoord gepresenteerd waarmee ze aan de slag willen om te bouwen aan een beter Nederland. We blikken in een eerste analyse en duiding vooruit op de vraag wat het akkoord voor biotech betekent, onze leden zullen we binnenkort uitgebreider informeren.
De rol van biotech en life sciences in het akkoord
De coalitie gaat meermaals expliciet in op de rol die de Nederlandse biotech kan spelen in de aankomende jaren. Enerzijds wordt biotech genoemd als één van de pijlers binnen het vernieuwde industriebeleid, anderzijds als een belangrijke sleutel voor toekomstige voedselzekerheid. Hieronder vind je op biotech belangrijke thema’s als gezondheidszorg, klimaat en landbouw en het innovatieklimaat een samenvatting van de algemene richting en de koers die de nieuwe coalitie kiest.
Gezondheidszorg
In de zorg verschuift de focus nadrukkelijk naar preventie, passende zorg en bewezen effectieve behandelingen. Het kabinet wil de gezondheid van kinderen en kwetsbare groepen verbeteren, onder meer met investeringen in sport, beweegstimulering en medische preventie. Tegelijk wordt het zorgaanbod strenger getoetst op meerwaarde, schaal en doelmatigheid, met bezuinigingen op innovatieve geneesmiddelen, een grotere rol voor het Zorginstituut en stevigere eisen aan beroepsrichtlijnen. Digitale zorg, data‑uitwisseling en nieuwe technologieën moeten zorgverleners ontlasten, terwijl geneesmiddelentekorten via Europese productie en minder verspilling worden aangepakt.
Klimaat en landbouw
Nederland werkt aan een duurzaam en toekomstbestendig economisch systeem met duidelijke doelen voor emissiereductie, circulaire productie en energiezekerheid. De transitie richt zich op zowel industrie als landbouw: van methaanremmers en geïntegreerde gewasbescherming tot het opschalen van innovaties zoals kweekvlees, biobrandstoffen en koolstofverwijdering. Tegelijk wordt fors ingezet op het oplossen van netcongestie en het creëren van een stabiel Europees speelveld, zodat bedrijven kunnen investeren in elektrificatie en verduurzaming. De overheid wil als launching customer optreden om markten voor circulaire en groene technologie sneller te laten groeien.
Innovatieklimaat Voor een sterke concurrentiepositie bouwt het kabinet aan een aantrekkelijk innovatieklimaat met stabiele regelgeving, betere toegang tot kapitaal en een langetermijnstrategie voor sleuteltechnologieën. De nieuwe Nationale Investeringsinstelling moet private groei financieren waar de markt tekortschiet, terwijl Europa via de European Tech Champions Initiative en IPCEI’s een belangrijke partner blijft. Door regelgeving te vereenvoudigen, vergunningen te versnellen en experimenteerruimte te vergroten, moeten ondernemingen sneller kunnen opschalen. Tot slot krijgt Nederland een DARPA‑achtig agentschap voor disruptieve innovatie én een defensie‑innovatieautoriteit om technologische voorsprong veilig te stellen.
https://www.hollandbio.nl/wp-content/uploads/2023/08/HollandBIO_logo.svg00Idalia Dlugoszhttps://www.hollandbio.nl/wp-content/uploads/2023/08/HollandBIO_logo.svgIdalia Dlugosz2026-02-03 15:45:062026-02-16 11:35:28Coalitieakkoord – een eerste blik op biotech← #nieuws
On a snowy Thursday afternoon, last week in in Amersfoort, over 300 members of the Dutch biotech ecosystem gathered at Theatre Flint for the hollandbio Year Event. Familiar faces and new connections came together for a day of networking, inspiring talks and insights about the state of play and future of biotech.
The event opened with a clear message from hollandbio managing director Annemiek Verkamman: the biotech sector needs to keep on building trust.
For a sector built on science and evidence, it is tempting to believe that facts alone should be enough. That was already not the case, but even more so in a world full of misinformation, polarisation and slow decision-making. Before facts, there must be trust.
Trust in biotech companies. Trust that innovation benefits society. Trust that investing in biotech is not a risk, but a responsibility.
With enough trust in the people in and in the potential and power of biotech, difficult but necessary choices would follow: faster regulation, more room for entrepreneurship, acceptance of risk, and real transitions in healthcare, agrifood and sustainability.
That is where hollandbio continues to play its role: connecting the ecosystem, building trust, and helping create the conditions in which biotech can flourish.
A global sector under pressure but full of potential
In his keynote, Niels Emmerich (Vice President, Global Head Search & Evaluation, AbbVie) offered a candid perspective on today’s global innovation landscape. With the US as the largest market, China rapidly accelerating development, and Europe in transition, competitiveness increasingly depends on speed, scale and collaboration. Clinical trials running significantly faster elsewhere are not just a statistic; they influence where investment decisions are made and how quickly patients gain access to new therapies.
His message resonated widely: a strong and predictable investment climate, combined with effective public-private partnerships, is essential for both start-ups and established companies to thrive. Innovation only matters when it reaches patients, and that requires alignment across industry, academia, healthcare and government.
From breakthrough ideas to real-world impact
That need for alignment returned throughout the programme. Michael Newton (CEO of Qorium) inspired the audience with the story behind animal-free leather, showing how biology can open up entirely new industries. At the same time, his message was pragmatic: without regulatory clarity, partners and shared commitment, even the most promising innovations will struggle to scale.
After the keynotes, our special guest Greg Shapiro (aka the American Netherlander) took the stage and connected geopolitics to everyday business decisions and what it means to be Dutch.
Thank you to everyone who joined, contributed and helped make this Year Event one to remember. And of course, a special thanks to Thibault Krommenhoek for closing the day with positive vibes with his phenomenal DJ set!
https://www.hollandbio.nl/wp-content/uploads/2023/08/HollandBIO_logo.svg00Idalia Dlugoszhttps://www.hollandbio.nl/wp-content/uploads/2023/08/HollandBIO_logo.svgIdalia Dlugosz2026-02-03 15:27:582026-02-04 10:00:33Celebrating the Dutch biotech ecosystem in Amersfoort: “The era of biotech has just begun.”← #nieuws
Biotech staat duidelijk op de kaart. De sector is aangewezen als een van de tien sleuteltechnologieën binnen de Nationale Technologiestrategie (NTS), als een van de zes specifieke markten in het aangekondigde Industriebeleid met focus, als een van de vier focusdomeinen in het rapport-Wennink én als een van de vier strategische technologieën van het Europese Competitiveness Fund. Tegelijkertijd bleef directe actie of extra financiering tot nu toe grotendeels nog uit, maar daar lijkt verandering in te komen. Zo heeft Invest-NL in de nieuwe strategie voor 2026-2028 een bredere focus voor een duurzaam, innovatief en weerbaar Nederland met een duidelijke plek voor alle smaken van biotech. Ook hebben de de regionale ontwikkelingsmaatschappijen (ROM’s) in hun Regionaal Versterkingsplan Nationale Technologie Strategie duidelijke aandacht voor biotech als een van de vijf absolute prioriteiten. Daarnaast heeft het European Innovation Council aangekondigt dat dat vóór de zomer de eerste financiering uit het Scale-Up fund beschikbaar komt. Zo lijkt er een vervolg te worden gegeven aan de plannen, en dat juicht hollandbio van harte toe!
https://www.hollandbio.nl/wp-content/uploads/2023/08/HollandBIO_logo.svg00Dina Diekhttps://www.hollandbio.nl/wp-content/uploads/2023/08/HollandBIO_logo.svgDina Diek2026-02-03 12:10:012026-03-25 12:20:38Strategische prioriteit biotech lijkt steeds vaker tot financieringsmogelijkheden te leiden← #nieuws
De Europese Commissie waarschuwt het Europees Parlement dat Europa snel terrein verliest in de mondiale biotechnologiesector en roept op tot actie, schrijft Science Business. Tijdens een hoorzitting van de commissie voor onderzoek en industrie stelde Rainer Becker namens de Commissie voor “een groeiende concurrentiekloof”. Hij wijst daarbij op China, waarvan het aandeel in wereldwijde klinische studies in tien jaar is gestegen van minder dan 10 procent naar bijna 30 procent, terwijl het Europese aandeel is gedaald tot 10 procent. Ook investeert de VS meer dan 9 keer zoveel in biotechstart-ups als de Europese Unie, en kozen 66 van de 67 Europese biotechstart-ups die de afgelopen 6 jaar naar de beurs gingen voor een notering in de VS. Volgens Becker is snelle actie nodig, wat mede aanleiding was voor de vervroegde publicatie van de EU Biotech Act.
Afgelopen maandag presenteerde de Kennis- en Innovatieagenda Sleuteltechnologieën officieel de tien actieagenda’s voor de Nationale Technologiestrategie (NTS). Hollandbio leverde een grote bijdrage aan de totstandkoming van de actieagenda “Biomolecular & Cell Technologies” (lees: biotech), die ervoor moet zorgen dat Nederland niet alleen technologisch tot de wereldtop behoort, maar dat biotech vindingen bovendien zo snel en goed mogelijk hun weg vinden van lab naar maatschappij. Want alleen dan kan biotech optimaal bijdragen aan prangende maatschappelijke opgaven en aan het verdienvermogen van Nederland.
Begin 2024 koos het ministerie van Economische Zaken (EZ) in de Nationale Technologiestrategie (NTS) voor tien strategische technologieën met grote waarde voor de toekomst van Nederland door hun bijdrage aan maatschappelijke opgaven én het nationale verdienvermogen, waaronder Biomolecular & Cell Technologies (B&CT, lees: biotech). Afgelopen maandag kreeg die keuze een vervolg met de officiële overhandiging van tien actieagenda’s aan minister Karremans, die samen een nationale investeringsbeweging vormen van 53 innovatieprogramma’s en ruim €14 miljard aan publiek-private samenwerking.
Met de actieagenda B&CT zet Nederland in op het beter benutten van baanbrekende technologieën voor gezondheid, duurzaamheid en voeding. Van lab naar leven, van idee naar impact: technologische doorbraken hebben pas waarde als ze daadwerkelijk worden toegepast. Nederland beschikt over een sterke kennisbasis en een goed gevulde innovatietrechter, maar de route van onderzoek naar markt is lang terwijl de internationale concurrentie versnelt. Om te voorkomen dat innovaties wegvloeien naar het buitenland is gerichte implementatie nodig. Door voort te bouwen op bestaande sterktes, met heldere spelregels en samenwerking tussen overheid, wetenschap, bedrijfsleven en maatschappelijke organisaties, worden innovaties tastbaar én economisch waardevol.
Niet technologieontwikkeling, maar opschaling en markttoegang zijn de komende tien jaar het kantelpunt, zo stelt de actieagenda B&CT. Daarom zet de actieagenda in op vijf programma’s die structurele knelpunten in opschaling en markttoegang van biotech innovaties aanpakken:
Breeding accelerator: gericht op de inzet van AI en digitalisering om innovatieve veredeling een boost te geven. Snellere introductie van nieuwe gewassen betekent een concurrentievoordeel in toekomstbestendige voedselproductie.
Ferm-Bridge NL: gericht op de bouw van een commerciële demonstratiefaciliteit voor industriële fermentatie. Marktwaardige eerste producties zijn cruciaal voor opschaling en vormen de springplank voor nieuwe marktleiders in klimaatvriendelijk voedsel.
Zero Emission Biomanufacturing (ZEB): gericht op het vergroten van de beschikbaarheid van duurzame reststromen en het verminderen van de huidige afhankelijkheid van suikers als grondstof voor bioproductie – een van de grootste bottlenecks voor industriële biotechbedrijven die willen opschalen.
Samen gezond & sneller beter: gericht op hervorming van het zorgsysteem, zodat innovatieve behandelingen en diagnostiek de patiënt kunnen bereiken.
Organ-on-a-chip: gericht op het versterken van het Nederlandse Organ-on-a-Chip-ecosysteem, zodat koplopers kunnen opschalen naar industriële, reproduceerbare humane ziektemodellen.
Afgelopen week was hollandbio te gast bij minister Karremans van Economische Zaken. Aanleiding was de afschaffing van de farmaciebrief binnen de WBSO, een onfortuinlijk besluit waarover hollandbio een maar liefst 129 keer ondertekende brandbrief stuurde. Want hoewel het ministerie zich vol wil inzetten op het succes van de Nederlandse biotech sector, zet dit specifieke besluit het toch al kwetsbare Nederlandse klimaat voor klinisch onderzoek verder onder druk. Een typisch geval van gas geven en remmen tegelijk, vindt hollandbio. Tijdens het constructieve gesprek toonde Minister Karremans begrip voor de sectorstandpunt, al zag hij geen ruimte het besluit terug te draaien. Hollandbio verwacht dat het ministerie van EZ en RVO de omvang en de impact van de farmaciebrief onderschatten. Daarom spraken we af gezamenlijk de impact van de maatregel te monitoren, waarbij wij bij voorkeur de effecten ook vooraf beter in kaart brengen zodat tijdige bijsturing mogelijk is.
Brandbrief
Nederland is groot geworden door te doen. Door kennis en samenwerking zijn we al jaren een toplocatie voor biotech en klinisch onderzoek. Toch besloot het Ministerie van Economische Zaken om de farmaciebrief – een toelichting binnen de Wet Bevordering Speur- en Ontwikkelingswerk (WBSO) die bepaalt voor welke activiteiten van Contract Research Organisations (CRO’s) fiscale innovatieondersteuning geldt – per 2027 af te schaffen. Maar liefst 129 mensen uit het hele Nederlandse biotech-ecosysteem ondertekenden daarop hollandbio’s brandbrief, waarmee we een krachtig signaal afgaven van brede zorg over de gevolgen van dit besluit voor onze innovatiekracht.
Nederland maakt werk van biotech
Wat hollandbio betreft staat de afschaffing van de farmaciebrief haaks op de ambitie van het kabinet om in 2040 een wereldwijde koppositie te hebben als het gaat om onderzoek, ontwikkeling én implementatie van biotech innovaties, zoals vastgelegd in de integrale visie biotechnologie. Ook binnen het ministerie van Economische Zaken zelf staat biotech hoog op de agenda: de sector is een speerpunt binnen het industriebeleid, de nationale technologiestrategie én het recente advies van oud-ASML topman Peter Wennink. Die ambities vragen erom dat beleidskeuzes die ons ecosysteem raken vooraf goed worden overwogen.
Voorkomen is beter dan genezen
Tijdens het constructieve gesprek met Minister Karremans lichtte hollandbio’s Annemiek de zorgen van de sector nader toe. Ze vroeg de bewindsman het besluit ofwel te heroverwegen, ofwel te zorgen voor een alternatieve borging van CRO-activiteiten binnen de WBSO. Helaas bleek daar geen ruimte voor.
Hollandbio ziet dat de omvang van de negatieve effecten op bedrijven, kennisinstellingen en het klinisch onderzoeksklimaat groter zijn dan het ministerie van EZ en RVO nu schetsen. Daarom zetten we, naast dat we de impact gezamenlijk nauwlettend monitoren, erop in dat we de effecten van het afschaffen van de farmaciebrief vooraf beter in beeld krijgen zodat tijdige bijsturing mogelijk blijft, naast dat we de impact gezamenlijk nauwlettend monitoren.
Gelukkig liet de minister weten de noodzaak tot het sturen van brandbrieven in de toekomst wel te willen helpen voorkomen. Hollandbio’s aanbod om meer structurele samenwerking vorm te geven tussen het ministerie en het biotech bedrijfsleven kon daarbij op instemming van de minister rekenen. Die uitgestoken hand nemen wij natuurlijk maar wat graag aan!
https://www.hollandbio.nl/wp-content/uploads/2023/08/HollandBIO_logo.svg00Idalia Dlugoszhttps://www.hollandbio.nl/wp-content/uploads/2023/08/HollandBIO_logo.svgIdalia Dlugosz2026-01-27 16:01:432026-01-28 09:16:11Hollandbio aan tafel bij Minister Karremans: gas erop voor biotech, maar rem op de farmaciebrief← #nieuws
Publieke én private investeringen in onderzoek en ontwikkeling zijn broodnodig voor een weerbare en toekomstbestendige economie. Met het 3%-R&D Actieplan lanceert het ministerie van Economische Zaken (EZ) negen maatregelen, die er gezamenlijk voor moeten zorgen dat in 2030 minstens 3% van ons bruto binnenlands product (bbp) naar onderzoek en ontwikkeling gaat. In deze 3%-serie laat hollandbio zien hoe en onder welke voorwaarden de negen maatregelen ook investeringen in biotech kunnen aanjagen. Vandaag zoomen we in op de actie gericht op het mobiliseren van 3 miljard euro institutioneel kapitaal voor R&D-intensieve scale-ups.
Het ministerie van EZ wil dat in 2030 drie miljard euro van institutionele beleggers is geïnvesteerd in risicokapitaal voor R&D‑intensieve scale-ups. Dit helpt om het huidige tekort aan voornamelijk grotere risico-investeringen (>€ 50 miljoen) in Nederland te verkleinen. Institutionele beleggers zijn professionele partijen met diepe zakken, zoals pensioenfondsen, verzekeringsmaatschappijen en beleggingsfondsen, die op grote schaal en vaak voor de lange termijn investeren. Zij doen dit direct in bedrijven, of via fonds-in-fondsconstructies. Hoewel investeringen vanuit pensioenfondsen in durfkapitaal de afgelopen jaren al zijn toegenomen, en er groeiende bereidheid is om meer te investeren in impactvolle start- en scale-ups, gebeurt dat nog onvoldoende, aldus EZ. Dat heeft met name te maken met het zogenaamde absorptievermogen: veel bestaande deeptech fondsen zijn simpelweg te klein voor de veel grotere sommen geld waarmee institutionele beleggers in de regel werken, waardoor ze hun geld daar niet efficiënt genoeg kunnen wegzetten om voldoende rendement te behalen voor het uitkeren van pensioenen aan miljoenen mensen.
EZ noemt drie mogelijkheden om meer institutioneel kapitaal aan te trekken voor R&D‑intensieve scale-ups. Ten eerste ziet het ministerie in een belangrijke rol voor Invest-NL, het publieke investeringsfonds van Nederland, dat samen met institutionele beleggers capaciteit en expertise kan bundelen om bijvoorbeeld fonds-in-fonds constructies op te zetten van voldoende omvang. Ten tweede kan Nederland meer investeren in het European Tech Champions Initiative, een Europees fonds‑in‑fonds van momenteel €3,85 miljard, dat co-investeert om Europese scale‑ups hier te houden. Tot slot onderzoekt het ministerie mogelijkheden om kennis over innovatieve sectoren bij institutionele beleggers te vergroten, bijvoorbeeld door ondersteuning bij de technische beoordeling van investeringsproposities (de zogenoemde due diligence), om hen zo meer zekerheid te bieden om te investeren.
Hollandbio juicht de ambitie en manieren van EZ om meer institutioneel kapitaal beschikbaar te maken voor scale-ups van harte toe. Want juist biotech bedrijven stranden vaak in de beruchte valley of death: de fase waarin bedrijven veel geld (in de regel > 50 miljoen) nodig hebben om hun productontwikkeling verder te brengen, maar waarin het risico op falen nog levensgroot is. In Nederland en Europa zijn publieke financieringsinstrumenten vaak ontoereikend voor deze grote bedragen, terwijl private investeerders het risico nog te groot vinden om over de brug te komen. Veel biotech bedrijven lukt het dan ook niet om op tijd geld op te halen. En de bedrijven die er wel in slagen de financieringsuitdaging te beslechten, halen het geld vaak vanuit het buitenland. Zo staan Amerikaanse investeerders bekend om hun risico-appetijt en bereidheid om grotere bedragen te investeren. Dat heeft al het risico dat de scale-up zelf het geld achternagaat en naar het buitenland vertrekt, met in hun kielzog hun economische en maatschappelijke baten. Voor het behoud en de doorgroei van deze bedrijven op eigen bodem is het versterken van het Europese financieringslandschap dan ook cruciaal.
Hollandbio ziet een prachtige match tussen de kracht van institutionele beleggers en de behoefte van de biotech sector. Biotech innovatie is immers kostbaar, duurt lang, en risicovol, waardoor bedrijven gebaat zijn bij investeerders met lef, diepe zakken en geduld. Daarbij klinkt een steeds sterkere roep van spaarders en werknemers aan bijvoorbeeld banken en pensioenfondsen om maatschappelijk te investeren: in sectoren die de wereld beter maken in plaats van kapot. En laat de biotech sector nou bij uitstek kunnen bijdragen aan de gezondheid van mens, dier en planeet.
Het ABP heeft die gouden match in ieder geval alvast perfect in de smiezen. Het op vier na grootste pensioenfonds ter wereld investeerde via APG direct in Vivici, een biotech topper die met precisie fermentatie hoogwaardige eiwitten produceert. Ook steekt het pensioenfonds geld in private-equityfondsen die investeren in biotech – zoals EQT, Gilde Healthcare en het Innovation Industries Fund III, waar onder meer aardappel-powerhouse Solynta in de portefeuille zit. Laat EZ dus vooral haar voordeel doen met de kennis, ervaring en behoefte van institutionele koplopers die de sprong naar biotech al maakten. Want goed voorbeeld, doet goed volgen. Moedig voorwaarts op naar de 3 miljard!
Nederland zet de toon bij bio‑economie strategie
Voedsel en materialenBiotech is onmisbaar voor een circulaire biobased economie en dat ziet de Nederlandse overheid ook. Dat laat de inzet van Nederland zien rond de nieuwe Europese bio‑economie strategie in een zogeheten BNC-fiche. Het kabinet verwelkomt de brede aanpak van de Commissie en benadrukt dat biogrondstoffen zo hoogwaardig mogelijk moeten worden ingezet, met materialen vóór energie.
Daarnaast onderstreept Nederland hoe belangrijk het is dat biotech‑innovaties kunnen bouwen op een snelle en voorspelbare route naar goedkeuring en toelating tot de markt. Daarom pleit het kabinet onder andere voor duidelijke, wetenschappelijk onderbouwde procedures via de Biotech Act en voor geharmoniseerde milieuvoetafdrukmethodes, zodat biobased oplossingen eerlijker kunnen concurreren met fossiel-gebaseerde producten.
De Nederlandse inzet is helder: Europa moet de bio‑economie nu echt kunnen opschalen, zonder dat regelgeving, onduidelijkheid of een ongelijk speelveld daarbij in de weg staat. De strategie laat zien dat de EU de ambitie heeft om te versnellen en Nederland steunt die lijn volop. Door in te zetten op het omarmen van marktcreatie, het moderniseren van regelgeving en het ontsluiten van financiering, bouwen we aan een circulaire biobased economie die betaalbaar, weerbaar en toekomstbestendig is. Dit is hét moment om van plannen naar acties, uitvoering en vooruitgang te gaan – voor een wereld mét toekomst.
Van America first naar Euro next
InnovatieklimaatNederlanders zijn aanpakkers. We zien een probleem, bedenken slimme oplossingen en doen het. Daarom zijn we ook koploper in biotech. Niet omdat het vanzelf ging, maar omdat we al jaren bouwen op een stevig fundament van kennis, lef en samenwerking. Die positie hebben we niet cadeau gekregen. We hebben deze verdiend door slimme investeringen en durf. Nu het optimisme in biotech weer komt bovendrijven, wordt eens te meer duidelijk dat Europa dit onvoldoende weet te kapitaliseren.
Nederlander leidt weer Amerikaanse beursgang
Voor het eerst in tien jaar brengt een Nederlandse ceo weer eens een bedrijf naar de Nasdaq-beurs. Alle reden voor het FD voor een profiel over Tim Knotnerus (achter inlog), die in New York $100 mln wil ophalen voor het Vlaamse biotechbedrijf Agomab Therapeutics. Knotnerus treedt daarmee in de voetsporen van Hans Schikan met Prosensa (2013), Daniel de Boer met Proqr (2014) en Ton Logtenberg met Merus (2016). ‘Zo’n beursgang op de Nasdaq is “een memory for life”, zegt Hans Schikan die het hele proces dertien jaar geleden meemaakte. “Het is ontzettend leuk, maar het is ook heel spannend of het gaat lukken.” De voortekenen voor Agomab lijken gunstig. Nu de biotechindex van de Nasdaq op recordhoogte staat, zien meer biotechbedrijven dat het momentum voor een beursgang gunstig is.’
Binnenlands biotech blinkt uit buiten Europa
Jaar na jaar blijkt: Nederlandse biotech blinkt uit, maar dan wel op de Amerikaanse beurs. Want terwijl andere landen niets ontziend stappen zetten om zich technologische vooruitgang toe te eigenen, blokkeren wij onszelf. Innovaties lopen vast in regels en vergunningen, talent vertrekt en doorbraken waarvoor wij de basis legden worden in het buitenland verzilverd. Zo raken we niet alleen onze koppositie kwijt, maar ook de dingen waar we allemaal beter van worden: nieuwe medicijnen, voeding en materialen die slimmer en schoner worden gemaakt, en een economie die blijft draaien.
VS aantrekkelijk voor biotech, moet ook Europese beursmaatschappij erkennen
In het AD erkent René van Vlerken, topman van de Europese beursmaatschappij Euronext Amsterdam, desgevraagd dat sommige bedrijven juist sneller naar de aandelenbeurs in de Verenigde Staten gaan, omdat ze daar meer geld op kunnen halen. Alle bedrijven? “Nee, dat valt heel erg mee. Alleen voor sommige biotech- en gezondheidsbedrijven is de VS aantrekkelijk.” Dat is natuurlijk doodzonde en zo hoeft het niet te gaan. Een van de oplossingen zit in de Europese kapitaalmarktunie, waar het Draghi-rapport twee jaar geleden alweer op aandrong. Daar ziet de topman ook wel brood in, net als in betere begeleiding: “We moeten bedrijven door de hele financieringscyclus begeleiden. Een goedwerkende kapitaalmarkt is essentieel voor een aantrekkelijk ondernemingsklimaat. Als je het bedrijfsleven als pinautomaat gebruikt, verslechter je het vestigingsklimaat.” Toch ziet hollandbio dat er meer nodig is. Nederlandse bedrijven kiezen vooral voor de VS vanwege hun hogere risicobereidheid, investeerders met diepere zakken en meer kennis rondom biotech. Meer dan wat extra geld en een schouderklopje dus.
Wanneer nu eens echt Euro next?
Willen we een ijzersterk innovatieklimaat, dan is het essentieel om biotech nu de ruimte te geven om te floreren. Nederland is groot geworden door te doen, niet door af te wachten. Dit is het moment om vooruitgang te blijven omarmen: investeren in slimme oplossingen, bouwen op onze kracht en ruimte geven aan knappe koppen. Zo blijven we onafhankelijk van landen zoals China en Rusland, en zijn we niet afhankelijk van de grillen van vijandige leiders met autocratische trekken in landen waarvan het onzeker is of ze in de toekomst nog hun democratische rechtsstaat kunnen waarborgen. Door nu de juiste keuzes te maken, houden we zelf de regie over onze toekomst. Tot op heden mag dan wel America first gelden, wij moeten ons de vraag durven stellen: wanneer maken we nu eens echt werk van Euro next? Onze ondernemers tonen lef, het is hoog tijd dat er leiderschap opstaat binnen onze overheid.
Hollandbio welcomes MimeCure as new member
HollandbioHollandbio connects, represents and supports the Dutch life sciences & biotech sector. We are proud to represent a growing community of innovative companies, ranging from start-ups and scale-ups to established industry players. Today, we are pleased to welcome our newest member: MimeCure.
MimeCure is a Dutch biotech company developing a first-in-class regenerative therapy for chronic and progressive lung diseases, with an initial focus on idiopathic pulmonary fibrosis (IPF). The company is based in the Netherlands and builds on academic research originating from the University of Groningen.
The company’s lead program, MC002, is based on an active fragment of the endogenous protein osteoglycin. Rather than targeting inflammation or fibrosis alone, MimeCure’s approach aims to restore the lung’s intrinsic regenerative capacity by promoting lung tissue repair. This regenerative mechanism differentiates MC002 from current standard-of-care therapies, which primarily slow disease progression without addressing the underlying loss of functional lung tissue.
MC002 is being developed as an inhaled therapy, allowing direct delivery to the lung while limiting systemic exposure. MimeCure combines expertise in pulmonary biology, regenerative pharmacology, and inhalation formulation to advance MC002 toward early clinical development. The company is currently progressing preclinical efficacy, mechanism-of-action studies, and formulation development to support first-in-human clinical trials.
MimeCure’s long-term vision is to contribute to a new generation of regenerative medicines for lung disease, addressing unmet medical needs in indications where current treatment options remain limited. The company actively collaborates with academic partners, clinical experts, and industry stakeholders to accelerate translation from fundamental biology to patient benefit.
By joining Hollandbio, MimeCure aims to connect with the broader Dutch life sciences ecosystem, exchange expertise, and contribute to the collective effort to strengthen innovation in biotechnology and regenerative medicine.
For more information, visit www.mimecure.com.
Coalitieakkoord – een eerste blik op biotech
HollandbioAfgelopen vrijdag hebben de partijleiders van D66, VVD en CDA hun Coalitieakkoord gepresenteerd waarmee ze aan de slag willen om te bouwen aan een beter Nederland. We blikken in een eerste analyse en duiding vooruit op de vraag wat het akkoord voor biotech betekent, onze leden zullen we binnenkort uitgebreider informeren.
De rol van biotech en life sciences in het akkoord
De coalitie gaat meermaals expliciet in op de rol die de Nederlandse biotech kan spelen in de aankomende jaren. Enerzijds wordt biotech genoemd als één van de pijlers binnen het vernieuwde industriebeleid, anderzijds als een belangrijke sleutel voor toekomstige voedselzekerheid. Hieronder vind je op biotech belangrijke thema’s als gezondheidszorg, klimaat en landbouw en het innovatieklimaat een samenvatting van de algemene richting en de koers die de nieuwe coalitie kiest.
Gezondheidszorg
In de zorg verschuift de focus nadrukkelijk naar preventie, passende zorg en bewezen effectieve behandelingen. Het kabinet wil de gezondheid van kinderen en kwetsbare groepen verbeteren, onder meer met investeringen in sport, beweegstimulering en medische preventie. Tegelijk wordt het zorgaanbod strenger getoetst op meerwaarde, schaal en doelmatigheid, met bezuinigingen op innovatieve geneesmiddelen, een grotere rol voor het Zorginstituut en stevigere eisen aan beroepsrichtlijnen. Digitale zorg, data‑uitwisseling en nieuwe technologieën moeten zorgverleners ontlasten, terwijl geneesmiddelentekorten via Europese productie en minder verspilling worden aangepakt.
Klimaat en landbouw
Nederland werkt aan een duurzaam en toekomstbestendig economisch systeem met duidelijke doelen voor emissiereductie, circulaire productie en energiezekerheid. De transitie richt zich op zowel industrie als landbouw: van methaanremmers en geïntegreerde gewasbescherming tot het opschalen van innovaties zoals kweekvlees, biobrandstoffen en koolstofverwijdering. Tegelijk wordt fors ingezet op het oplossen van netcongestie en het creëren van een stabiel Europees speelveld, zodat bedrijven kunnen investeren in elektrificatie en verduurzaming. De overheid wil als launching customer optreden om markten voor circulaire en groene technologie sneller te laten groeien.
Innovatieklimaat Voor een sterke concurrentiepositie bouwt het kabinet aan een aantrekkelijk innovatieklimaat met stabiele regelgeving, betere toegang tot kapitaal en een langetermijnstrategie voor sleuteltechnologieën. De nieuwe Nationale Investeringsinstelling moet private groei financieren waar de markt tekortschiet, terwijl Europa via de European Tech Champions Initiative en IPCEI’s een belangrijke partner blijft. Door regelgeving te vereenvoudigen, vergunningen te versnellen en experimenteerruimte te vergroten, moeten ondernemingen sneller kunnen opschalen. Tot slot krijgt Nederland een DARPA‑achtig agentschap voor disruptieve innovatie én een defensie‑innovatieautoriteit om technologische voorsprong veilig te stellen.
Celebrating the Dutch biotech ecosystem in Amersfoort: “The era of biotech has just begun.”
HollandbioOn a snowy Thursday afternoon, last week in in Amersfoort, over 300 members of the Dutch biotech ecosystem gathered at Theatre Flint for the hollandbio Year Event. Familiar faces and new connections came together for a day of networking, inspiring talks and insights about the state of play and future of biotech.
The event opened with a clear message from hollandbio managing director Annemiek Verkamman: the biotech sector needs to keep on building trust.
For a sector built on science and evidence, it is tempting to believe that facts alone should be enough. That was already not the case, but even more so in a world full of misinformation, polarisation and slow decision-making. Before facts, there must be trust.
Trust in biotech companies.
Trust that innovation benefits society.
Trust that investing in biotech is not a risk, but a responsibility.
With enough trust in the people in and in the potential and power of biotech, difficult but necessary choices would follow: faster regulation, more room for entrepreneurship, acceptance of risk, and real transitions in healthcare, agrifood and sustainability.
That is where hollandbio continues to play its role: connecting the ecosystem, building trust, and helping create the conditions in which biotech can flourish.
A global sector under pressure but full of potential
In his keynote, Niels Emmerich (Vice President, Global Head Search & Evaluation, AbbVie) offered a candid perspective on today’s global innovation landscape. With the US as the largest market, China rapidly accelerating development, and Europe in transition, competitiveness increasingly depends on speed, scale and collaboration. Clinical trials running significantly faster elsewhere are not just a statistic; they influence where investment decisions are made and how quickly patients gain access to new therapies.
His message resonated widely: a strong and predictable investment climate, combined with effective public-private partnerships, is essential for both start-ups and established companies to thrive. Innovation only matters when it reaches patients, and that requires alignment across industry, academia, healthcare and government.
From breakthrough ideas to real-world impact
That need for alignment returned throughout the programme. Michael Newton (CEO of Qorium) inspired the audience with the story behind animal-free leather, showing how biology can open up entirely new industries. At the same time, his message was pragmatic: without regulatory clarity, partners and shared commitment, even the most promising innovations will struggle to scale.
After the keynotes, our special guest Greg Shapiro (aka the American Netherlander) took the stage and connected geopolitics to everyday business decisions and what it means to be Dutch.
Thank you to everyone who joined, contributed and helped make this Year Event one to remember. And of course, a special thanks to Thibault Krommenhoek for closing the day with positive vibes with his phenomenal DJ set!
Strategische prioriteit biotech lijkt steeds vaker tot financieringsmogelijkheden te leiden
EU Biotech Act, InnovatieklimaatBiotech staat duidelijk op de kaart. De sector is aangewezen als een van de tien sleuteltechnologieën binnen de Nationale Technologiestrategie (NTS), als een van de zes specifieke markten in het aangekondigde Industriebeleid met focus, als een van de vier focusdomeinen in het rapport-Wennink én als een van de vier strategische technologieën van het Europese Competitiveness Fund. Tegelijkertijd bleef directe actie of extra financiering tot nu toe grotendeels nog uit, maar daar lijkt verandering in te komen. Zo heeft Invest-NL in de nieuwe strategie voor 2026-2028 een bredere focus voor een duurzaam, innovatief en weerbaar Nederland met een duidelijke plek voor alle smaken van biotech. Ook hebben de de regionale ontwikkelingsmaatschappijen (ROM’s) in hun Regionaal Versterkingsplan Nationale Technologie Strategie duidelijke aandacht voor biotech als een van de vijf absolute prioriteiten. Daarnaast heeft het European Innovation Council aangekondigt dat dat vóór de zomer de eerste financiering uit het Scale-Up fund beschikbaar komt. Zo lijkt er een vervolg te worden gegeven aan de plannen, en dat juicht hollandbio van harte toe!
Europese Commissie ziet groeiende kloof in biotechnologie
EU Biotech ActDe Europese Commissie waarschuwt het Europees Parlement dat Europa snel terrein verliest in de mondiale biotechnologiesector en roept op tot actie, schrijft Science Business. Tijdens een hoorzitting van de commissie voor onderzoek en industrie stelde Rainer Becker namens de Commissie voor “een groeiende concurrentiekloof”. Hij wijst daarbij op China, waarvan het aandeel in wereldwijde klinische studies in tien jaar is gestegen van minder dan 10 procent naar bijna 30 procent, terwijl het Europese aandeel is gedaald tot 10 procent. Ook investeert de VS meer dan 9 keer zoveel in biotechstart-ups als de Europese Unie, en kozen 66 van de 67 Europese biotechstart-ups die de afgelopen 6 jaar naar de beurs gingen voor een notering in de VS. Volgens Becker is snelle actie nodig, wat mede aanleiding was voor de vervroegde publicatie van de EU Biotech Act.
Actieagenda’s Nationale Technologiestrategie gelanceerd
IJzersterk innovatieklimaat, Hollandbio, InnovatieklimaatAfgelopen maandag presenteerde de Kennis- en Innovatieagenda Sleuteltechnologieën officieel de tien actieagenda’s voor de Nationale Technologiestrategie (NTS). Hollandbio leverde een grote bijdrage aan de totstandkoming van de actieagenda “Biomolecular & Cell Technologies” (lees: biotech), die ervoor moet zorgen dat Nederland niet alleen technologisch tot de wereldtop behoort, maar dat biotech vindingen bovendien zo snel en goed mogelijk hun weg vinden van lab naar maatschappij. Want alleen dan kan biotech optimaal bijdragen aan prangende maatschappelijke opgaven en aan het verdienvermogen van Nederland.
Begin 2024 koos het ministerie van Economische Zaken (EZ) in de Nationale Technologiestrategie (NTS) voor tien strategische technologieën met grote waarde voor de toekomst van Nederland door hun bijdrage aan maatschappelijke opgaven én het nationale verdienvermogen, waaronder Biomolecular & Cell Technologies (B&CT, lees: biotech). Afgelopen maandag kreeg die keuze een vervolg met de officiële overhandiging van tien actieagenda’s aan minister Karremans, die samen een nationale investeringsbeweging vormen van 53 innovatieprogramma’s en ruim €14 miljard aan publiek-private samenwerking.
Met de actieagenda B&CT zet Nederland in op het beter benutten van baanbrekende technologieën voor gezondheid, duurzaamheid en voeding. Van lab naar leven, van idee naar impact: technologische doorbraken hebben pas waarde als ze daadwerkelijk worden toegepast. Nederland beschikt over een sterke kennisbasis en een goed gevulde innovatietrechter, maar de route van onderzoek naar markt is lang terwijl de internationale concurrentie versnelt. Om te voorkomen dat innovaties wegvloeien naar het buitenland is gerichte implementatie nodig. Door voort te bouwen op bestaande sterktes, met heldere spelregels en samenwerking tussen overheid, wetenschap, bedrijfsleven en maatschappelijke organisaties, worden innovaties tastbaar én economisch waardevol.
Niet technologieontwikkeling, maar opschaling en markttoegang zijn de komende tien jaar het kantelpunt, zo stelt de actieagenda B&CT. Daarom zet de actieagenda in op vijf programma’s die structurele knelpunten in opschaling en markttoegang van biotech innovaties aanpakken:
Hollandbio aan tafel bij Minister Karremans: gas erop voor biotech, maar rem op de farmaciebrief
Hollandbio, InnovatieklimaatAfgelopen week was hollandbio te gast bij minister Karremans van Economische Zaken. Aanleiding was de afschaffing van de farmaciebrief binnen de WBSO, een onfortuinlijk besluit waarover hollandbio een maar liefst 129 keer ondertekende brandbrief stuurde. Want hoewel het ministerie zich vol wil inzetten op het succes van de Nederlandse biotech sector, zet dit specifieke besluit het toch al kwetsbare Nederlandse klimaat voor klinisch onderzoek verder onder druk. Een typisch geval van gas geven en remmen tegelijk, vindt hollandbio. Tijdens het constructieve gesprek toonde Minister Karremans begrip voor de sector
standpunt, al zag hij geen ruimte het besluit terug te draaien. Hollandbio verwacht dat het ministerie van EZ en RVO de omvang en de impact van de farmaciebrief onderschatten. Daarom spraken we af gezamenlijk de impact van de maatregel te monitoren, waarbij wij bij voorkeur de effecten ook vooraf beter in kaart brengen zodat tijdige bijsturing mogelijk is.Brandbrief
Nederland is groot geworden door te doen. Door kennis en samenwerking zijn we al jaren een toplocatie voor biotech en klinisch onderzoek. Toch besloot het Ministerie van Economische Zaken om de farmaciebrief – een toelichting binnen de Wet Bevordering Speur- en Ontwikkelingswerk (WBSO) die bepaalt voor welke activiteiten van Contract Research Organisations (CRO’s) fiscale innovatieondersteuning geldt – per 2027 af te schaffen. Maar liefst 129 mensen uit het hele Nederlandse biotech-ecosysteem ondertekenden daarop hollandbio’s brandbrief, waarmee we een krachtig signaal afgaven van brede zorg over de gevolgen van dit besluit voor onze innovatiekracht.
Nederland maakt werk van biotech
Wat hollandbio betreft staat de afschaffing van de farmaciebrief haaks op de ambitie van het kabinet om in 2040 een wereldwijde koppositie te hebben als het gaat om onderzoek, ontwikkeling én implementatie van biotech innovaties, zoals vastgelegd in de integrale visie biotechnologie. Ook binnen het ministerie van Economische Zaken zelf staat biotech hoog op de agenda: de sector is een speerpunt binnen het industriebeleid, de nationale technologiestrategie én het recente advies van oud-ASML topman Peter Wennink. Die ambities vragen erom dat beleidskeuzes die ons ecosysteem raken vooraf goed worden overwogen.
Voorkomen is beter dan genezen
Tijdens het constructieve gesprek met Minister Karremans lichtte hollandbio’s Annemiek de zorgen van de sector nader toe. Ze vroeg de bewindsman het besluit ofwel te heroverwegen, ofwel te zorgen voor een alternatieve borging van CRO-activiteiten binnen de WBSO. Helaas bleek daar geen ruimte voor.
Hollandbio ziet dat de omvang van de negatieve effecten op bedrijven, kennisinstellingen en het klinisch onderzoeksklimaat groter zijn dan het ministerie van EZ en RVO nu schetsen. Daarom zetten we, naast dat we de impact gezamenlijk nauwlettend monitoren, erop in dat we de effecten van het afschaffen van de farmaciebrief vooraf beter in beeld krijgen zodat tijdige bijsturing mogelijk blijft, naast dat we de impact gezamenlijk nauwlettend monitoren.
Gelukkig liet de minister weten de noodzaak tot het sturen van brandbrieven in de toekomst wel te willen helpen voorkomen. Hollandbio’s aanbod om meer structurele samenwerking vorm te geven tussen het ministerie en het biotech bedrijfsleven kon daarbij op instemming van de minister rekenen. Die uitgestoken hand nemen wij natuurlijk maar wat graag aan!
3%-R&D Actieplan, deel 5: Mobiliseren institutioneel kapitaal voor R&D-intensieve scale-ups
InnovatieklimaatPublieke én private investeringen in onderzoek en ontwikkeling zijn broodnodig voor een weerbare en toekomstbestendige economie. Met het 3%-R&D Actieplan lanceert het ministerie van Economische Zaken (EZ) negen maatregelen, die er gezamenlijk voor moeten zorgen dat in 2030 minstens 3% van ons bruto binnenlands product (bbp) naar onderzoek en ontwikkeling gaat. In deze 3%-serie laat hollandbio zien hoe en onder welke voorwaarden de negen maatregelen ook investeringen in biotech kunnen aanjagen. Vandaag zoomen we in op de actie gericht op het mobiliseren van 3 miljard euro institutioneel kapitaal voor R&D-intensieve scale-ups.
Het ministerie van EZ wil dat in 2030 drie miljard euro van institutionele beleggers is geïnvesteerd in risicokapitaal voor R&D‑intensieve scale-ups. Dit helpt om het huidige tekort aan voornamelijk grotere risico-investeringen (>€ 50 miljoen) in Nederland te verkleinen. Institutionele beleggers zijn professionele partijen met diepe zakken, zoals pensioenfondsen, verzekeringsmaatschappijen en beleggingsfondsen, die op grote schaal en vaak voor de lange termijn investeren. Zij doen dit direct in bedrijven, of via fonds-in-fondsconstructies. Hoewel investeringen vanuit pensioenfondsen in durfkapitaal de afgelopen jaren al zijn toegenomen, en er groeiende bereidheid is om meer te investeren in impactvolle start- en scale-ups, gebeurt dat nog onvoldoende, aldus EZ. Dat heeft met name te maken met het zogenaamde absorptievermogen: veel bestaande deeptech fondsen zijn simpelweg te klein voor de veel grotere sommen geld waarmee institutionele beleggers in de regel werken, waardoor ze hun geld daar niet efficiënt genoeg kunnen wegzetten om voldoende rendement te behalen voor het uitkeren van pensioenen aan miljoenen mensen.
EZ noemt drie mogelijkheden om meer institutioneel kapitaal aan te trekken voor R&D‑intensieve scale-ups. Ten eerste ziet het ministerie in een belangrijke rol voor Invest-NL, het publieke investeringsfonds van Nederland, dat samen met institutionele beleggers capaciteit en expertise kan bundelen om bijvoorbeeld fonds-in-fonds constructies op te zetten van voldoende omvang. Ten tweede kan Nederland meer investeren in het European Tech Champions Initiative, een Europees fonds‑in‑fonds van momenteel €3,85 miljard, dat co-investeert om Europese scale‑ups hier te houden. Tot slot onderzoekt het ministerie mogelijkheden om kennis over innovatieve sectoren bij institutionele beleggers te vergroten, bijvoorbeeld door ondersteuning bij de technische beoordeling van investeringsproposities (de zogenoemde due diligence), om hen zo meer zekerheid te bieden om te investeren.
Hollandbio juicht de ambitie en manieren van EZ om meer institutioneel kapitaal beschikbaar te maken voor scale-ups van harte toe. Want juist biotech bedrijven stranden vaak in de beruchte valley of death: de fase waarin bedrijven veel geld (in de regel > 50 miljoen) nodig hebben om hun productontwikkeling verder te brengen, maar waarin het risico op falen nog levensgroot is. In Nederland en Europa zijn publieke financieringsinstrumenten vaak ontoereikend voor deze grote bedragen, terwijl private investeerders het risico nog te groot vinden om over de brug te komen. Veel biotech bedrijven lukt het dan ook niet om op tijd geld op te halen. En de bedrijven die er wel in slagen de financieringsuitdaging te beslechten, halen het geld vaak vanuit het buitenland. Zo staan Amerikaanse investeerders bekend om hun risico-appetijt en bereidheid om grotere bedragen te investeren. Dat heeft al het risico dat de scale-up zelf het geld achternagaat en naar het buitenland vertrekt, met in hun kielzog hun economische en maatschappelijke baten. Voor het behoud en de doorgroei van deze bedrijven op eigen bodem is het versterken van het Europese financieringslandschap dan ook cruciaal.
Hollandbio ziet een prachtige match tussen de kracht van institutionele beleggers en de behoefte van de biotech sector. Biotech innovatie is immers kostbaar, duurt lang, en risicovol, waardoor bedrijven gebaat zijn bij investeerders met lef, diepe zakken en geduld. Daarbij klinkt een steeds sterkere roep van spaarders en werknemers aan bijvoorbeeld banken en pensioenfondsen om maatschappelijk te investeren: in sectoren die de wereld beter maken in plaats van kapot. En laat de biotech sector nou bij uitstek kunnen bijdragen aan de gezondheid van mens, dier en planeet.
Het ABP heeft die gouden match in ieder geval alvast perfect in de smiezen. Het op vier na grootste pensioenfonds ter wereld investeerde via APG direct in Vivici, een biotech topper die met precisie fermentatie hoogwaardige eiwitten produceert. Ook steekt het pensioenfonds geld in private-equityfondsen die investeren in biotech – zoals EQT, Gilde Healthcare en het Innovation Industries Fund III, waar onder meer aardappel-powerhouse Solynta in de portefeuille zit. Laat EZ dus vooral haar voordeel doen met de kennis, ervaring en behoefte van institutionele koplopers die de sprong naar biotech al maakten. Want goed voorbeeld, doet goed volgen. Moedig voorwaarts op naar de 3 miljard!