← #nieuws

FDA launches action plan to promote biotech innovation in plant, animal and human health

Scientific advancements such as genome editing have led to the ability to more efficiently and precisely alter the genomes of plants and animals to produce desired traits. Genome editing in plants and animals has a broad range of potential applications in areas including food (for humans and animals), agriculture, and health.

The U.S. Food and Drug Administration is pleased to share the Plant and Animal Biotechnology Innovation Action Plan. This plan provides an overview of priorities the FDA will pursue to support innovation in plant and animal biotechnology and to advance the agency’s public health mission.

This Action Plan aims to implement and clarify risk-based policies with the goals of ensuring that developers know what they need to do to efficiently bring a product to market, and that consumers and the public understand how the FDA’s regulatory system helps ensure the safety of such products. The Action Plan identifies concrete priorities in three key areas:

  1. Advancing public health by promoting innovation
  2. Strengthening public outreach and communication
  3. Increasing engagement with domestic and international partners

Taken together, these priorities are intended to ensure the safety of plant and animal biotechnology products, foster continued public confidence in the FDA’s regulation of these products, and avoid unnecessary barriers to future innovation consistent with the FDA’s mission to protect and promote public health.

As a first step in the implementation of this Action Plan, FDA is announcing:

  • Public Webinar on Genome Editing in Animals: The webinar will focus primarily on the current science, promising uses of this technology in animals, and the potential risks.
  • Veterinary Innovation Program (VIP): A new pilot program, the VIP is intended to facilitate advancements in development of innovative animal products by providing greater certainty in the regulatory process, encouraging development and research, and supporting an efficient and predictable pathway to approval.

Source: FDA

← #nieuws

FIRST GM CROP IN INDONESIA SOON TO BE COMMERCIALIZED

The Government of Indonesia has approved the first genetically modified crop which will soon be commercialized in the country.

The biotech sugarcane event NXI-4T which contains betaine gene was developed by the state-owned sugar company, PT Perkebunan Nusantara XI (PTPN XI). The gene expressed osmoprotectant compound which was introduced using Agrobacterium tumefaciens-mediated plant transformation.  The GM crop was developed through the collaborative efforts of PTPN XI, Jember University, and Ajinomoto Company. The biotech sugarcane can produce 10-30% more sugar than conventional parental lines under drought conditions.

The feed safety approval has been granted by the Ministry of Agriculture in August 2018. The next step of the developers is to plan the commercialization of the biotech crop to meet the demands for sugarcane and its by-products in Indonesia.

Source: isaaa

← #nieuws

HollandBIO Leestip: ‘Biotech-student leert alles, maar hij mag niets’

,

Afgelopen zaterdag stond er een lezenswaardige column van Rosanne Hertzberger over de spannende en interessante ontwikkelingen in de wetenschap in het NRC. Daarin merkt zij scherp op dat er technologisch gezien steeds meer kan, maar dat Europa de deur voor toepassing juist steeds verder sluit. Ofwel, wetenschappers hebben wel de tools, maar kunnen deze niet gebruiken.

Dit jaar gaan de Nobelprijzen vooral naar nieuwe technieken, zoals gerichte evolutie, immuuntherapie, superlasers en optische pincetten. Een techniek die volgens Rosanne nu nog in dit rijtje ontbreekt, maar die zeker ergens de komende jaren ook de Nobelprijs zal krijgen, is CRISPR-Cas. Terwijl in de rest van de wereld de ontwikkelingen en toepassing van deze techniek van geneeskunde tot landbouw een vlucht nemen, kijkt Europa liever de kat uit de boom. Het Europese Hof van Justitie heeft afgelopen zomer een onhaalbare barrière van bestuurlijke hindernissen en veiligheidseisen opgeworpen voor toepassing van onder andere CRISPR-Cas, door deze als genetische modificatie te bestempelen.

Hertzberger constateert dan ook terecht dat de huidige biotech-student weliswaar allemaal spannende technieken leert met geweldige toepassingen, maar dat deze in Europa niet gebruikt mogen worden. Het gevolg laat zich raden: briljante studenten verlaten de EU zo snel mogelijk na afstuderen en Europa blijft achter met totaal verouderde kennis en een gereedschapskist vol achterhaalde technieken.

HollandBIO wil het tij graag keren. Daarom roepen wij Nederland op om de voortrekkersrol in Europa te nemen en om samen met gelijkgestemde landen op zoek te gaan naar een oplossing. Toepassing van moderne veredelingsmethoden, zoals CRISPR-Cas, kunnen een aanzienlijke bijdrage leveren aan een duurzame en diverse landbouw, nieuwe geneesmiddelen en therapieën, en de circulaire economie. Hoe mooi zou het zijn als onze toonaangevende Nederlandse startups en MKB’ers eindelijk de instrumenten in handen krijgen om vaart te maken!

Lees hier de column van Rosanne Hertzberger in het NRC: https://www.nrc.nl/nieuws/2018/10/13/biotech-student-leert-alles-maar-hij-mag-niets-a2417806

← #nieuws

HollandBIO-leestip: Opgevoerde incabes zet Europese regelgeving verder op scherp

Afgelopen week stond in De Volkskrant een zeer lezenswaardig artikel over de ontwikkelingen rond de incabes, voor sommigen al enigszins bekend als superfood of garnering. Amerikaanse wetenschappers voerden de bes, met hulp van CRISPR-Cas en kennis van veredeling van andere gewassen, op tot een variant met meer en grotere vruchten, compactere planten en makkelijker kweekeigenschappen. Een mooie doorbraak die bijdraagt aan duurzaamheid en gezondheid, en ook veel kansen biedt voor andere, minder omvangrijk geteelde ‘weesgewassen’.

Toch roept deze toepassing ook vragen op, vooral in Europa. Hoe gaan we om met toepassingen als deze vernieuwde incabes, of zoals een tijdje terug met de verbeterde cassave? Het Europese Hof heeft afgelopen zomer geoordeeld dat deze gezien moeten worden als genetische modificatie, met als gevolg dat zij een lang en onzeker beoordelingstraject moeten doorlopen. Dat is wrang, want het eindproduct kan ook in de natuur ontstaan door mutaties. Daar komt bij dat de verbeterde eigenschappen via conventionele veredeling niet of pas na enorm veel tijd, moeite en kosten bereikt kunnen worden.

HollandBIO pleit dan ook voor een voortrekkersrol van Nederland in Europa om samen met gelijkgestemde landen op zoek te gaan naar een oplossing. Toepassingen uit moderne veredelingsmethoden kunnen een aanzienlijke bijdrage leveren aan een duurzame en diverse landbouw met ruimte voor meer dan alleen de ‘grote gewassen’. Hoe mooi zou het zijn als onze toonaangevende Nederlandse startups en MKB’ers eindelijk de instrumenten in handen krijgen om hiermee aan de slag te gaan!

Lees hier het volledige Volkskrant-artikel:

https://www.volkskrant.nl/nieuws-achtergrond/vergeet-de-aardbei-de-opgevoerde-incabes-is-klaar-voor-teelt-op-grote-schaal~bf9aa04f/

← #nieuws

Mendel was eigenlijk uit op innovatieve gewassen

Gregor Mendel, de kloosterling die beroemd is vanwege zijn baanbrekende werk in de erfelijkheidsleer bij planten, wilde in eerste instantie vooral nieuwe, betere gewassen maken en raakte pas later gebiologeerd door de werking van het overerven van eigenschappen. Dat blijkt uit onderzoek aan twee tot nu toe onbekende artikelen uit 1861 in kranten uit Brno, nu Tsjechië. De conclusies staan haaks op wat veel historici in het verleden over Mendel’s drijfveren hebben geschreven.

Peter van Dijk, werkzaam bij het in Wageningen gevestigde onderzoekbedrijf KeyGene, publiceert de conclusies vandaag in het wetenschappelijk tijdschrift Genetics.

De bevindingen van Van Dijk en zijn collega-auteurs laten zien dat de oorsprong van het gericht veredelen van innovatieve, betere groentegewassen al in de 19e eeuw ligt.

Mendel is bij het grote publiek al bekend als de grondlegger van de erfelijkheidsleer. Met zijn experimenten met erwten liet Mendel zien dat het kruisen van planten niet vergeleken kan worden met het mengen van twee vloeistoffen, maar met het doorgeven van ‘erfelijke deeltjes’ aan het nageslacht.

Door onbegrip tussen collega’s en nabestaanden zijn de aantekeningen van Mendel na zijn dood verbrand. Daardoor was er over de motieven van Mendel tot op heden niets met zekerheid bekend. Peter van Dijk: “Er was een gat in de belangrijke periode tussen het afstuderen van Mendel in 1853 en zijn beroemde publicatie in 1865. Ik raakte gefascineerd door dat gat van 12 jaar en ben op zoek gegaan naar informatie uit die periode”.
Opvallend genoeg werd Van Dijk een handje geholpen door de moderne techniek. Veel oude uitgaven van kranten worden nu gedigitaliseerd en via internet toegankelijk gemaakt. Door gebruik te maken van zogenaamde OCR software kunnen de digitale beelden weer worden omgezet naar teksten die met behulp van zoekmachines goed te doorzoeken zijn.

Van Dijk: “Zo ontdekte ik in twee kranten uit het Tsjechische Brno artikelen uit 1861 over het werk van Gregor Mendel. De krant noemde de experimenten van Mendel heel instructief en gericht op het ontwikkelen van verbeterde groente- en siergewassen. Mendel was in zijn vroege jaren dus niet zozeer uit op het begrijpen van het overerven van eigenschappen, maar op innovatie in de land- en tuinbouw.”

Mede door zijn omgeving en de mogelijkheden die Mendel kreeg voor het doen van onderzoek richtte hij zich meer en meer op het ophelderen van de wetten van de overerving. Dat onderzoek leidde uiteindelijk tot de beroemde publicatie uit 1865. Van Dijk: “Het heeft nog tot 1900 geduurd voordat anderen, waaronder Hugo de Vries, zo ver kwamen en daarbij ontdekten dat Gregor Mendel ze 35 jaar eerder al voor was.”

Het wetenschappelijke artikel van Peter van Dijk van Keygene en zijn co-auteurs Franjo Weissing van de Rijksuniversiteit Groningen en het Institute for Advanced Study in Amsterdam en Noel Ellis van de University of Auckland is open access en is dus voor iedereen via internet te lezen.

 

Bron: Keygene

← #nieuws

Meatable ontvangt 3,5 miljoen dollar voor oplossen schaalbaarheidsproblemen van ‘cell-based meat’ industrie

100% echt lekker vlees produceren met een minimale impact op mens, milieu en dier, dat is de missie van de nieuwe Nederlandse startup Meatable. De startup, opgericht in samenwerking met wetenschappers van Cambridge en Stanford, is in het bezit van een patent waarmee met één cel 100% echt vlees – met zowel spier- als vetcellen -, kan worden geproduceerd, zonder dat daarvoor dieren gefokt en geslacht hoeven te worden. Dankzij een investering van 3,5 miljoen dollar kan Meatable het team uitbreiden en de productontwikkeling van het slachtvrije vlees versnellen.

 

Meatable is in staat om één cel van een koe, kip of varken te nemen en hier dierlijk spier- en vetweefsel mee te ontwikkelen, waarvan vlees gemaakt wordt. Dit in tegenstelling tot andere ‘cell-based meat’ startups waar steeds opnieuw cellen uit het dier gehaald moeten worden. Dat één cel per diersoort de basis is van Meatable’s vlees, betekent dat er wereldwijd miljoenen dieren minder geslacht hoeven te worden en er toch voldoende schoon en gezond vlees voor consumptie is.

 

Duurzaam en schaalbaar

De startup is met haar nieuwe technologie in staat om in slechts drie weken een hamburger te maken. Hierdoor is het de meest duurzame en schaalbare manier om de wereldbevolking van vlees te voorzien. Ter vergelijking: het produceren van gangbaar vlees duurt drie jaar. Daar komt bij dat de manier waarop Meatable vlees produceert ook beter is voor het milieu. Vergeleken met de productiewijze van vlees, vermindert deze methode het water- en grondgebruik en de uitstoot van broeikasgassen met 90%. De ambitie van het bedrijf is om binnen nu en drie jaar de eerste, sappige hamburger geproduceerd te hebben.

 

Barrières voor schaalvergroting opgelost

In de toekomst is Meatable met deze nieuwe techniek in staat om zowel kippenvlees, varkensvlees als rundvlees te maken. Dat betekent dat 90% van de wereldwijde vleesconsumptie opgevangen kan worden. Dr. Mark Kotter, wetenschapper, docent klinische neurologie aan de Universiteit van Cambridge en uitvinder van de gepatenteerde Meatable-technologie, legt uit: “Samen met het werk van professor Roger Pedersen van Stanford University, kunnen met de technologie die mijn team heeft ontwikkeld de problemen die komen kijken bij de schaalvergroting van de vleesproductie opgevangen worden. De cellen die we hebben ontwikkeld, hebben een hoge delingssnelheid en kunnen zich ongelimiteerd blijven vermenigvuldigen. Zo kan Meatable straks miljarden identieke cellen produceren, in een korte tijd. Dit zorgt voor echt weefsel dat geen foetaal kalfsserum – het standaard cellulaire medium waarop cellen gewoonlijk voeden – nodig heeft om te groeien. Tot nu toe was dit één van de grootste barrières om op grote schaal slachtvrij vlees te produceren’’.

 

Meatable CTO Daan Luining voegt hieraan toe: “Meatable wil op grote schaal vlees produceren. Maar daarnaast vinden wij het minstens zo belangrijk om rekening te houden met het welzijn van de mens, de dieren en het milieu. Onze producten zijn volledig duurzaam. Het slachten van dieren is met onze technologie niet meer nodig. Ons doel is om de voetafdruk van de vleesindustrie te verminderen, de hoeveelheid beschikbaar vlees in de toekomst te vergroten en om te zorgen voor het lekkerste vlees. Hoewel de markt voor ‘cell-based meat’ nog in de kinderschoenen staat, zorgt onze nieuwe manier van produceren voor betaalbare alternatieven voor vlees’’.

 

Markt met veel potentie

Investeerders zijn enthousiast over de toekomst van ‘cell-based meat’. Dankzij een gezamenlijke investering van 3,5 miljoen dollar onder leiding van BlueYard Capital, met aanvullende financiering van Atlantic Food Labs, Backed VC en verschillende investeerders zoals Charles Songhurst en Jörg Mohaupt, wil Meatable haar team uitbreiden, nieuwe partners aantrekken en de productontwikkeling versnellen.

 

Jason Whitmire, General Partner bij BlueYard Capital legt uit: “We kijken ernaar uit om Meatable te ondersteunen bij haar missie om vlees van dierlijke cellen te maken en een belangrijke speler te worden in een ‘post-animal economy’. Wij geloven dat de unieke technologie het bedrijf een grote voorsprong geeft bij het oplossen van de problemen die komen kijken bij het op grote schaal produceren van vlees’’.

 

Meatable CEO Krijn de Nood: “Naast het belang voor de samenleving om te zoeken naar nieuwe vormen van vleesproductie, is het zakelijk ook een zeer interessante markt. De wereldwijde vleesmarkt wordt geschat op 1 triljoen dollar en de verwachting is dat dit nog sterk gaat groeien. Zeker als je kijkt naar de opkomende middeninkomens in de Aziatische landen. Ter vergelijking: als je kijkt naar de markt van Airbnb, Uber en Spotify zijn deze samen kleiner dan de wereldwijde vleesmarkt’’.

Bron: Meatable

← #nieuws

Keygene’s CROP Innovation Center feestelijk geopend

Afgelopen donderdag opende VNO-NCW-voorzitter Hans de Boer het nieuwe Crop Innovation Center van KeyGene in Wageningen. Dit Crop Innovation Center bestaat uit verschillende ruimtes, die allemaal in het teken staan van het onderzoek naar plantensoorten.

In de ruim 1.000 m2 grote kas bootsen de onderzoekers maar liefst negentien verschillende klimaatomstandigheden in de afzonderlijke ruimtes na. Luchtvochtigheid, temperatuur, water en licht worden allemaal volledig automatisch geregeld.

Een centrale gang splitst de kas doormidden. Aan weerszijden liggen de kascompartimenten, allen voorzien van een hygiënesluis die de gewassen moet beschermen tegen een besmetting met een insect, of erger: een schimmel, bacterie of virus, verspreid door het insect. Het innovatiecentrum is nieuw, schoon, hoog, licht en fris. Op de kweektafels in de kascompartimenten staan onder andere de kool, tomaat, banaan en rubberpaardenbloem uitbundig te groeien.

Databank vol informatie

Eén van de aanwinsten is het PhenoFab. Deze ruimte biedt de mogelijkheid om de uiterlijke kenmerken van honderden planten tegelijkertijd optimaal te volgen en digitaal vast te leggen. Momenteel staat er een onderzoek van rijstplanten waarmee een droogteresistentieproef wordt uitgevoerd. De staat van de plant varieert, afhankelijk van de hoeveelheid toegediend water: van weelderig tot armetierig. De planten staan in transparante potten en worden een- tot tweemaal per dag via de lopende band de fotoruimte in getransporteerd. Daar worden ze van bovenaf en vanaf de zijkanten fotografisch vastgelegd. Dankzij de transparante bodem van de potten is het ook mogelijk om foto’s te maken van het wortelstelsel. Daarnaast worden de planten een voor een gewogen. Als het gewicht is afgenomen, wordt er water gegeven. De planten die in het onderzoek ‘drooggezet’ zijn, krijgen minder water. Dit alles geheel automatisch.

Al deze informatie en die van eventuele biochemische en dna-analyses wordt opgeslagen en gekoppeld aan de unieke code van iedere afzonderlijke plant. Drs. Rolf Mank, bioloog en greenhouse manager, vertelt wat een waardevolle collectie aan informatie dit oplevert: ‘Er ontstaat een rijke dataset waarop je algoritmes kunt loslaten. Je ziet ook verrassende uitkomsten, doordat je alles in beeld vastlegt en je kunt eindeloos relaties leggen tussen bladgrootte, verdroging, vochttoevoer, enzovoort.’

Spectaculair is de ruimte waarin zich twee lagen van compartimenten bevinden, waarin de planten gekweekt worden. Felle ledlampen verlichten de vele planten die in afzonderlijke bakken strak naast elkaar staan. Een geautomatiseerd systeem verplaatst de bakken naar de voorste rij, zodat een monsternemer heel eenvoudig kleine stukjes van de planten kan afnemen voor onderzoek op het lab. Vervolgens verplaatst het systeem de bakken van het lagere naar het hogere niveau. Tijdens dit onderzoek is het handig dat de plantjes in de tussentijd maar langzaam doorgroeien, omdat ze dan niet te hoog worden en knakken, of tegen de bakken van het niveau erboven aan groeien. Dat kan bewerkstelligd worden door temperatuur en lichtdosering aan te passen. Een ander voordeel is dat heel selectief en geheel automatisch de juiste batch te selecteren valt: van een experiment met 22.000 planten blijven er soms maar 500 over waarmee het onderzoek wordt vervolgd.

Klimaathuishouding

De klimaathuishouding wordt voortdurend bewaakt op temperatuur en luchtvochtigheid. Onder de kweektafels staan ronde koelers die lucht aanzuigen via een koelspiraal en de temperatuur tot 18 à 20 °C koelen, of tot hogere temperaturen als dat voor het specifieke gewas meer gewenst is. Aan de voorzijde van de ronde koelers wordt de lucht de kasruimte in geblazen. Het dak is voorzien van ramen die aan beide kanten open kunnen. Gaas met gaatjes ter grootte van enkele micrometers voorkomen dat insecten als tripsen de ruimte kunnen binnendringen.

De temperatuur, de hoeveelheid licht en de hoeveelheid lucht worden allemaal met een computer ingesteld. Natuurlijke variabelen laten zich echter niet regelen. Afgelopen zomer was in dat opzicht een goede testcase met buitentemperaturen tot 38 °C. ‘Net onder de nok haalde je wel een temperatuur van 40 tot 45 °C’, zegt purchase manager Maarten van Riel. ‘Maar de omgevingstemperatuur van de planten bleef gelukkig keurig op de ingestelde waarde.’

Korte-dagplanten zijn planten die minder dan twaalf uur licht per dag verdragen. Krijgen ze meer licht, dan bloeien ze niet. Wil je in Nederland experimenten doen met korte-dagplanten, dan zal je een groot deel van het jaar verduistering moeten aanbrengen. In een speciale ruimte, die zonder verduistering oogt als een volstrekt normale kas, is volledige verduistering mogelijk. In eerste instantie bleek na oplevering van deze ruimte dat er toch nog een kier was waardoor wat licht binnenviel. Maar inmiddels zie je volgens Mank geen ‘hand meer voor ogen’ als alle schermen zijn dichtgetrokken.

Waterhuishouding

De waterleidingen in de afzonderlijke ruimtes leiden allemaal naar een centraal punt. In deze compacte ruimte bevinden zich aan de muur een enorme hoeveelheid aan leidingen en afsluitbare kraantjes. Behalve de waterleidingen staan er ook reservoirs opgesteld, waarin zich specifieke substraten bevinden. Deze substraten kunnen worden toegevoegd aan het water, dat vervolgens naar een specifieke kas wordt getransporteerd. Ieder gewas kan zo op maat toegediende substraten ontvangen. Voor de teelt van rijst bijvoorbeeld, is ijzer essentieel en dat wordt nu automatisch in de juiste verhouding gedoseerd en toegediend.

Een sterke luchtstroom bovenin de koelcel blaast koude lucht langs een aantal trays met planten. De temperatuur is instelbaar tussen de 4 °C en -20 °C. Zaden van elders worden vaak een week bij -20 °C bewaard, zodat eventueel aanwezige insecten het loodje leggen en geen ziektes kunnen overdragen op andere planten. Voor schimmels en bacteriën helpt deze koudebehandeling echter niet. Ook voor het vernaliseren is de koelcel handig. Dat zijn koudebehandelingen, essentieel voor de ontwikkeling van sommige planten. Tarwesoorten, maar bijvoorbeeld ook orchideeën hebben zo’n koudebehandeling nodig om tot bloei te kunnen komen.

Instelbare ledverlichting

Op de bovenste verdieping van het Crop Innovation Center staat een tweetal ruimtes, waarin paarse ledverlichting een aquaponic en een hydroponic experiment verlicht: een combinatie van aquacultuur(het kweken van waterdieren) en hydrocultuur (het kweken van planten in water). Binnen het lichtspectrum hebben diverse kleuren een verschillend effect op planten. In de ledverlichtingsruimte hangen ledlampen die ingesteld kunnen worden op verschillende golflengtes. Ze kunnen naast wit licht (alle kleuren) ook blauw, groen, rood en verrood licht uitzenden. Blauw licht heeft als effect dat de plant de lengtegroei remt en klein blijft. Verrood licht daarentegen zorgt ervoor dat de plant zich naar het licht toe ‘uitstrekt’.

Deze kennis van de ledverlichting wordt onder meer toegepast in vertical farming-systemen. Groen licht is weer nodig voor bijen om zich te kunnen oriënteren; deze worden ingezet voor de bestuiving van gewassen. Bijen raken gedesoriënteerd wanneer ze in rood licht vliegen. In grootschalige kassen worden om die reden ’s avonds de bijenkorven gesloten voordat de rode lampen aangaan.

Het is duidelijk: het Crop Innovation Center richt zich op een breed scala aan botanische onderzoeksgebieden.

Met de bouw van het Crop Innovation Center is een investering van € 2 miljoen gemoeid. De nieuwe faciliteit bestaat uit een onderzoekkas, klimaatcellen voor onderzoek naar planten voor verticale landbouw (vertical farming), een gekoelde cel voor onderzoek naar houdbaarheid van groenten en fruit en een aantal werk- en opslagruimtes.

In de klimaatcellen wordt onderzocht hoe nieuwe groente- en fruitrassen ontwikkeld kunnen worden die geschikt zijn voor verticale landbouw. Als gevolg van de wereldwijde verstedelijking en de daarmee samenhangende vraag naar beschikbaar voedsel kijkt men naar verticale landbouwsystemen: plantenfabrieken waarin gewassen in lagen boven elkaar verbouwd worden. Bij die ontwikkeling wordt veel gekeken naar de optimale techniek. De onderzoekers van KeyGene ontwikkelen technieken waarmee plantenveredelaars speciaal hiervoor nieuwe plantenvariaties kunnen selecteren.

Bron: Technisch Weekblad

← #nieuws

Scientists urge new EU rules on gene editing crops

The European Commission needs to quickly propose new rules for crops created by modern targeted plant breeding techniques such as Crispr –Cas9 genome editing, or face a withering of Europe’s agricultural research base.

The warning comes from the German Bioeconomy Council (BEC), a panel of 17 researchers who advise the German government, and is widely echoed by plant researchers around the continent.

There was a similar message from 33 research institution, universities and plant breeders in the U.K last week in an open letter to agriculture minister and arch-Brexiteer Michael Gove, asking for a round-table meeting involving all stakeholder to agree a clear way forward on research and future use of new plant breeding technologies. Gove has previously indicated he would be prepared to lift EU restrictions on genetically modified crops and farm animals, as part of a “green Brexit.”

The moves follow a surprise ruling by the European Court of Justice (ECJ) in July, which said that new products created by Crispr and similar techniques that offer a precision tool for editing a plant’s genetic code, must go through the same time-consuming approval process prescribed under 2001 EU legislation for older genetic modification techniques.

“In its current form, EU genetic engineering legislation cannot do justice to the opportunities and challenges of [Crispr] technologies,” BEC said.

Plant breeders working with Crispr say the technique can speed development of a new generation of hardier, more productive, more nutritious food crops, improving traits such as pest, salinity and drought resistance, or boosting nutritional content.

They warn that the ECJ ruling could paralyse funding and force an exodus of talent from Europe to places where there are not the same onerous restrictions. The US announced in March it has no plans to regulate genome editing when used to produce new plant varieties that are indistinguishable from those bred through traditional breeding methods. China has made a similar announcement.

Small companies locked out

The ruling is “devastating” to smaller companies, which will need to invest big money to meet the regulatory requirements for bringing a GMO crop on the market in Europe, said Holger Puchta, plant biochemist at the Karlsruhe Institute of Technology in Germany. “Only global international players will be able to do so,” he said.

If the ruling had been different, “Big funders and companies would of course have invested a lot in developing new crop varieties. Now, they are unlikely to do it,” said Stefan Jansson, plant biochemist at Umeå University in Sweden. “European taxpayers will [also] be hesitant to fund research that only will strengthen agriculture in other parts of the world.”

Scientists say making Crispr techniques subject to laws developed for older genetic modification techniques which involve introducing genes from other species, imposes expensive and risky hurdles. Even when crops pass strict regulatory criteria, EU countries can ban them.

Growing a GMO plant outside of the lab would cost about €5,000, “and take one week of my time to get the bureaucracy right,” Jansson said. “If we would get the permit, the costs associated with the experiment would also increase very much.” All this is in Sweden, “which is the most liberal of all EU countries in this respect,” he added.

Subjecting gene editing research to GMO regulations will threaten funding too, scientists said.

Calls in the forthcoming EU research programme Horizon Europe are likely to “become even more restricted for the use of this technology,” said Johnathan Napier, a crop geneticist at the Rothamsted agricultural research centre in the UK.

Napier’s institute was one of 33 signatories of last week’s letter to the UK government calling for clarity on genome editing following the ECJ ruling. “We feel there are significant questions that must be addressed urgently by government if the UK is to retain its strength in plant genetics,” the letter said.

PhD students, meanwhile, are finding that industry positions in the field in Europe are in short supply, said Puchta. “This is a fatal development for the academic labs in Europe too which are in urgent need of these students,” he said.

Source: Science Business

← #nieuws

Open brief aan Britse overheid met oproep tot steun voor gene editing

In een open brief aan de Britse overheid vragen 33 ondertekenaars om een proactieve en ondersteunende houding en inzet van de Britse overheid rond de toepassing van gene editing. Deze wetenschapsinstellingen, universiteiten, veredelaars, biotech bedrijven en landbouworganisaties doen dit naar aanleiding van de recente uitspraak van het Europese Hof over mutagenese in de context van de Brexit. Net als Nederland kent Groot-Brittannië een sterke agrofood sector waarin veel innovaties en aanzienlijke investeringen plaatsvinden. De ondertekenaars vrezen dat deze positie en het vermogen om sneller en beter tot duurzame en gezonde gewassen en voeding te komen, in gevaar komt als het Verenigd Koninkrijk zich tijdens de Brexit op dit vlak aanpast aan de Europese Unie en de uitspraak van het Hof. De auteurs sluiten af met een pleidooi voor een Britse koers die uitgaat van science-based wet- en regelgeving voor innovatieve plantveredeling en stellen voor dit in een rondetafelgesprek verder te bespreken. HollandBIO kan zich hier helemaal vinden en vindt dat de Nederlandse overheid een zelfde voortrekkersrol moet vervullen vanuit dit streven, maar dan binnen Europa.

Lees meer:

← #nieuws

Verbeterde cassave illustratief voor noodzaak modernisering GM-wetgeving EU

,

De Volkskrant besteedde afgelopen week aandacht aan de verbeterde cassave die Belgische en Zwitserse wetenschappers ontwikkelden. Met behulp van genbewerkingstechniek CRISPR-Cas9 kwamen zij tot een cassave met allerlei voordelen, waaronder een langere en eenvoudiger bloei. Dat zou het kruisen en ziektebestendig maken van dit gewas in de toekomst veel makkelijker maken. Een doorbraak, want cassave is wereldwijd een van de belangrijkste bronnen van voedingsstoffen, vooral in Afrika. Het gewas is echter ook kwetsbaar: virusziektes brengen naar schatting jaarlijks voor ruim een miljard euro schade toe aan de oogsten.

In Europa echter zullen bedrijven volgens Kaj Purnhagen, universitair hoofddocent Europees en Internationaal Recht bij de WUR, de stap naar de markt niet wagen met deze verbeterde cassave en andere toepassingen uit moderne veredelingsmethoden. Dat komt doordat zij dan het kostbare, lange en onzekere traject van Europese wet- en regelgeving voor genetische modificatie moeten doorlopen. Purnhagen stelt dat deze regels niet meer in de pas lopen met de moderne biotechnologische ontwikkelingen en dat de EU deze snel zal veranderen. Ook HollandBIO is van mening dat deze wet- en regelgeving nodig aan modernisering toe is, en blijft zich hiervoor inzetten in haar gesprekken met maatschappelijke organisaties, politiek en overheid. Alleen zo kunnen biotechnologische toepassingen maximaal gaan bijdragen aan duurzaamheid, gezondheid en welvaart.

Lees hier het artikel van de Volkskrant