← #nieuws

Groen licht voor NGT’s in Europa

,

Fantastisch nieuws voor burgers, boeren en de Europese biotechsector: vanmiddag stemde het Europees Parlement in met nieuwe regelgeving waarmee plantenveredelaars ook in Europa aan de slag kunnen met nieuwe genomische technieken (NGT’s) voor het veredelen van gezonde, robuuste gewassen.

Toegang tot deze innovatieve technieken is hard nodig om maatschappelijke uitdagingen zoals voedselzekerheid, klimaatverandering en duurzame landbouw beter het hoofd te bieden. Bovendien geeft Brussel hiermee een belangrijk signaal af: Europa kiest voor wetenschap, innovatie en vooruitgang.

Na jarenlang wachten kunnen wetenschappers, telers en veredelaars in Europa binnenkort eindelijk profiteren van de mogelijkheden die moderne veredeling biedt: sneller, preciezer en efficiënter werken aan sterke, weerbare gewassen. Deze doorbraak is niet zomaar bereikt: met vereende krachten maakten politici, beleidsmakers, wetenschappers, ondernemers, boeren en ngo’s zich jarenlang hard voor modernisering van de wetgeving rondom genetische modificatie, in Nederland en in Brussel. Hollandbio is blij, trots en dankbaar dat al die inspanningen vandaag hun vruchten afwerpen.

Vandaag vieren we deze mijlpaal. Morgen werken we verder aan een snelle en werkbare implementatie, zodat Europa zo snel mogelijk kan profiteren van de innovatiekracht van moderne veredelingstechnieken.

En daarna? Dan blijven we ons inzetten voor wetgeving die producten beoordeelt op hun eigenschappen en risico’s, en niet op de techniek waarmee ze zijn ontwikkeld. Moedig voorwaarts!

← #nieuws

Van lab naar lunchbord: opschalen als sleutel tot biotech succes

Opschalen, het is een van de knelpunten voor bedrijven die met biotech innovatieve voedingsingrediënten ontwikkelen. Hun kracht ligt in slimme productie via micro-organismen, maar om echt impact te maken moeten ze voldoen aan de eisen van de voedingsindustrie. En dan zijn 1 of zelfs 30 liter simpelweg niet genoeg.

Opschalen gaat stap voor stap. Juist daarom is het goed nieuws dat de Biotech Fermentation Facility (BFF) in Ede nu officieel operationeel is. Dit soort faciliteiten is geen luxe, maar een randvoorwaarde. Samen met initiatieven als Cultivate at Scale maken ze het mogelijk om de sprong te maken van lab naar pilot, en uiteindelijk naar productie. De uitdaging zit nog wel in het structureel financieren van deze faciliteiten. Produceren in Nederland is cruciaal voor strategische autonomie, maar brengt hogere kosten met zich mee voor energie, personeel, water, afvalverwerking en grondstoffen. Tegelijkertijd dragen deze investeringen direct bij aan maatschappelijke doelen: duurzamere productie, gezondere voeding, talentontwikkeling en minder afhankelijkheid van het buitenland.

Van proef tot productie

Wil Nederland hierin echt koploper worden, dan moeten we innovaties ondersteunen van proefje tot productie. Gedeelde faciliteiten spelen daarin een sleutelrol: ze bundelen kennis en ervaring en zorgen voor efficiëntie, lagere kosten en snellere doorlooptijden. Precies wat bedrijven nodig hebben om door te groeien.

En wie verder kijkt, ziet dat het hier niet stopt. In Delft wordt, met Planet B.io als aanjager, al gewerkt aan de volgende stap: faciliteiten op commerciële pilotschaal (zoals opgenomen als innovatieprogramma in de Nationale Technologiestrategie) voor bedrijven die klaar zijn voor die fase, maar nog net niet voor grootschalige productie. Wat hollandbio betreft kunnen we niet groot genoeg denken en snel genoeg gaan van lab naar laadkade.

← #nieuws

Twee dagen vol biobased vooruitgang op Bio Innovations Europe

,

Afgelopen week bracht het toonaangevende biobased partnering event Bio Innovations Europe ruim 450 bezoekers van over de hele wereld samen in Den Haag. Natuurlijk was ook hollandbio van de partij. Samen met Planet B.io en Biotech Booster vormden onze oranje biotech-hoek op de beursvloer een gastvrije one-stop-shop voor innovatieve koplopers in de biobased economie.

De vele energieke partneringgesprekken en inspirerende lezingen maakten de groeiende mogelijkheden van biotech om bij te dragen aan belangrijke transities naar een circulaire industrie en een klimaatvriendelijk voedselsysteem maar wat duidelijk. Daarnaast schoof hollandbio’s Timen aan bij de high-level meeting voor Europese beleidsmakers van onze Brusselse zus EuropaBio. Hollandbio gaf daar namens onze biotechkoplopers waardevolle input mee om de biobased economy in Europa de wind in de zeilen te geven, onder andere via de EU Biotech Act. We zien er nu al naar uit om tijdens de editie van 2027 mooie biobased sprongen voorwaarts met elkaar te vieren!

← #nieuws

Ahold zet druk op verduurzaming – en dat opent in de toekomst de deur voor biotech

In een wereld waarin autonomie hoog op de agenda staat en geopolitieke spanningen oplopen, kiest Ahold Delhaize volgens het FD nadrukkelijk voor meer grip op de keten. Duurzaamheid wordt daarbij geen vrijblijvende ambitie: leveranciers die in het schap willen blijven, moeten aantoonbaar verduurzamen.

Opvallend, want waar Europese en nationale plannen vaak verzanden in compromissen, zet deze retailreus juist de toon. Via strengere eisen op energie, verpakking, logistiek en sourcing bouwt Ahold aan meer stabiliteit en controle in de keten. Of dit primair gedreven wordt door echte duurzaamheidsambities of door reputatie en marges, zal moeten blijken. 

Voor biotech liggen hier in de toekomst kansen. Hybride producten vinden al hun weg naar de consument, en daarmee komt de volgende stap dichterbij: gecultiveerd vlees, kaas zonder koe en nieuwe eiwitoplossingen. Juist grote spelers als Ahold kunnen met hun inkoopkracht de markt kantelen en innovatie versnellen. 

Tegelijk is het speelveld nog open. De businesscases van veel duurzame oplossingen zijn nog gebaseerd op bestaande parameters – en dus blijft de vraag: wat zijn we als consument bereid te betalen voor echte verduurzaming? 

Wat helpt, is een stevige ‘pull’ uit de markt. Verduurzaming is geen quick fix, maar vraagt samenwerking door de hele keten. Als retailers, producenten en innovators elkaar vinden, ontstaat winst op alle fronten: klimaat, concurrentiekracht én consument. 

Hollandbio juicht deze acties toe om ook werk te maken van ambities – en is ervan overtuigd dat biotech hierin een sleutelrol gaat spelen. Of de oplossingen van biotech dan in een blauw, geel of groen boodschappenmandje terechtkomen, laat hollandbio graag in het midden. 

← #nieuws

De toekomst van ons eten on display

Afgelopen editie tijdens Plant FWD waren slimme voedseloplossingen uit biotech zichtbaar prominent aanwezig – zowel in de inhoudelijke programmering als op de beursvloer. Producten met ingrediënten van onder meer The Protein Brewery, Those Vegan Cowboys en Vivici schitterden onder glazen stolpen als blikvangers van de eiwittransitie. Een prachtig plaatje, maar helaas daar nog niet te proeven. Hollandbio kan niet wachten tot de eerste gecontroleerde proeverijen van deze nieuwe ingrediënten werkelijkheid worden. Recent onderzoek laat namelijk opnieuw zien dat deze producten pas echt maatschappelijk landen als consumenten ze – binnen duidelijke veiligheids- en regulatoire kaders – kunnen zien, begrijpen én proeven. Dus laten we die ruimte dan ook benutten om iedereen en zijn moeder 😉 de kans te geven biotech met álle zintuigen te ervaren.

← #nieuws

Nederland strijdt voor gelijk speelveld kweekvlees 

,

Nederland zal zich verzetten tegen de bescherming van vleesbenamingen in Europese regelgeving, zo schrijft LVVN-staatssecretaris Silvio Erkens aan de Tweede Kamer. Een verbod op het gebruik van de naam vlees ontmoedigt volgens de staatssecretaris de innovatie op het gebied van kweekvlees, die een trits aan steekhoudende argumenten oplepelt. Maar overtuigen die wel? Door de namenban voor alles anders dan slachtvlees ligt er nu echter een veel fundamentelere vraag op het bord.

EU ontmoedigt voedselinnovatie 

Het kabinet is kraakhelder: de EU ontmoedigt voedselinnovatie zoals – maar niet uitsluitend – kweekvlees. Staatssecretaris Erkens vreest dat investeerders minder geïnteresseerd zullen zijn in dergelijke ontwikkelingen, hetgeen haaks staat op het Coalitieakkoord en rapport-Wennink. Ook vreest het kabinet dat de voorgenomen Europese regels leiden tot onnodige regeldruk. Bovendien stelt de bewindsman dat de consument zelf goed in staat is om te beslissen wat hij of zij koopt. Steekhoudende argumenten, die in de Europese discussie evenwel jammerlijk genoeg vooralsnog niet overtuigen. Kennelijk speelt er meer. 

Gaat het om het product of de wijze van produceren? 

De fundamentele vraag die op ons bord ligt: gaat het om het product, of om hoe we dat produceren? Slachtvlees of kweekvlees, het product is identiek: vlees. Of deze nou door gecultiveerde productiewijze of op een conventionele manier geproduceerd is. Toch doet de manier waarop ertoe in de ogen van de voorstanders, omdat wat je koopt een hele keten helpt financieren. Woordvoerders van slagersbelangen vinden dat het “vakmanschap” wel een onsje meer mag zijn, want dat is volgens hen klaarblijkelijk wat de vleesnamen dienen te beschermen.  

Wegstemmen van de gouden standaard 

Als we het dan toch hebben over vakmanschap, dat is bij  kweekvlees bij uitstek het geval; niet voor niets is de EU-markttoelating onder auspiciën van voedselwaakhond EFSA de strengste ter wereld – de gouden standaard en dus heilige graal voor innovatieve producenten. Hoewel er aan het eind van de rit nog wel een horde te nemen is: lidstaten stemmen over de markttoelating. Politieke motieven kunnen hier dus meespelen, en de ‘misteak’ die de EU thans begaat roept dan ook de nodige vragen op. Zoals: garandeert Nederland dat innovatie van eigen bodem die hier met bloed, zweet en tranen naar de markt wordt gebracht, aan het eind van de rit niet banaal wordt weggestemd door lidstaten met meer traditionele landbouwbelangen dan innovatieve industrie? 

← #nieuws

EU begaat big misteak met namenban voor alles anders dan slachtvlees 

Zeer tegen de recentelijk uitgesproken wens van Nederland in ligt een Europees verbod op vleesnamen voor vegetarische producten ons zwaar op de maag. Al jaren woedt binnen de EU de discussie over de zogenoemde veggieburgerban: mag iets dat geen vlees is wel ‘kip’, ‘rundvlees’ of ‘biefstuk’ heten? Volgens Brussel is dit nodig om consumenten te beschermen tegen verwarring. Maar wie beter kijkt, ziet dat dit debat nauwelijks over consumenten gaat en vooral over het beschermen van de bestaande belangen binnen de toekomst van ons voedselsysteem. Onverteerbaar in dit Europese compromis: vleesnamen gelden alleen nog voor slachtvlees en niet voor gecultiveerd vlees. Kennelijk mag het alleen voor de slagerij nog een onsje meer zijn. 

Erg mager compromis 

In Europees verband wordt nu aangestuurd op de afspraak dat 31 traditionele vleesnamen voortaan strikt worden beschermd. Algemene woorden als ‘burger’, ‘worst’ en ‘nuggets’ mogen blijven, maar verwijzingen naar dieren of specifieke vleessoorten worden exclusief voorbehouden aan slachtvlees. Opvallend is dat deze regels niet alleen gelden voor plantaardige producten, maar ook expliciet – en zelfs nog voordat deze producten in Europa te koop zijn – voor gecultiveerd vlees. En dat is natuurlijk het onverteerbare stukje in dit toch al erg magere compromis. 

Geen consumentenwet, maar landbouwpolitiek 

Een belangrijk, maar vaak onderbelicht detail: deze naambeperkingen komen niet voort uit consumentenwetgeving. Ze zijn opgenomen in een bredere Europese landbouwmarktverordening, bedoeld om traditionele boeren te ondersteunen. De discussie over etiketten is daarmee onderdeel geworden van landbouwpolitiek, niet van consumentenbescherming. En zo komt het dat verbodsvoorstanders reppen over “het vakmanschap van de slager beter op waarde te schatten”, want dat is wat je zegt als je hun concurrentie wil bemoeilijken. 

De consument weet wel beter 

Het officiële argument voor de ban is bescherming van de consument. Maar daar ontbreekt bewijs voor. Consumentenorganisaties, retailers en eerdere Europese uitspraken laten zien dat mensen prima begrijpen wat zij kopen wanneer producten duidelijk zijn gelabeld. Namen helpen juist bij herkenning en gebruik. Het verbieden van vertrouwde woorden leidt eerder tot meer dan tot minder verwarring. 

Die boodschap klinkt ook buiten de politiek. In de No Confusion‑campagne van WePlanet spreken consumenten, wetenschappers, maatschappelijke organisaties en bedrijven zich uit tegen deze vorm van symboolbeleid. Hun boodschap is nuchter: dit gaat niet om verwarring, maar om het beschermen van gevestigde belangen via taal. 

Rem erop vóórdat we rijden 

Dat de regels ook gelden voor gecultiveerd vlees is het meest veelzeggend. Deze producten liggen nog niet eens in het schap, maar krijgen nu al beperkingen opgeplakt. Dat is preventieve regulering in zijn puurste vorm: niet beoordelen op effect of veiligheid, maar vooraf afremmen uit voorzorg of uit angst voor wat het zou kunnen betekenen. 

Terwijl Europa worstelt met voedselzekerheid, betaalbaarheid, klimaat en biodiversiteit, worden technologieën die juist bekende producten met minder keerzijden willen maken vastgezet in regels van gisteren. En dat staat ook haaks op de EU Biotech Act, waarmee Europa zegt innovatie juist sneller en eenvoudiger naar de markt te willen brengen. 

Beschermen van bestaande belangen 

De discussie over vleesnamen is niet zomaar een detail, maar stelt ons voor de fundamentele vraag hoe we onze voeding in de toekomst willen regelen. Maken we steeds meer regels om krampachtig vast te houden aan de status quo, of geven we ruim baan aan wat generaties na ons nodig hebben? Beschermen we bestaande belangen tegen vernieuwing, of durven we nieuwe oplossingen vrijelijk de concurrentiestrijd aan te laten gaan? 

Vooruitgang zonder keerzijde vraagt om lef: om veiligheid en duidelijkheid te combineren met ruimte voor innovatie, en om te erkennen dat niets doen óók een keuze is – mét gevolgen. Daarbij is het goed te beseffen dat het huidige akkoord een voorlopig politiek compromis is: de afspraken uit de triloog zijn nog niet formeel aangenomen en kunnen in de verdere uitwerking nog worden aangepast. Juist daarom is dit het moment om de vraag te stellen of Europa hier de juiste keuze maakt en of we dit magere compromis wel kunnen slikken. Wij verwachten dat het nieuwe kabinet opkomt voor wat Nederland belangrijk vindt: een wereld mét toekomst. 

← #nieuws

Biotech onmisbaar voor een leefbare toekomst

2025 was – helaas – opnieuw een jaar vol klimaatrecords. Volgens Copernicus was 2025 het op twee na warmste jaar ooit, slechts nét iets koeler dan recordjaar 2024. De afgelopen drie jaar lagen de wereldwijde temperaturen zelfs boven de 1,5 °C‑grens uit het Klimaatakkoord van Parijs. Ook Nederland warmt snel op, sneller dan het wereldgemiddelde. Uit het KNMI‑rapport De Staat van ons Klimaat 2025 blijkt dat Nederland nu al duidelijk de gevolgen voelt van klimaatverandering: warmere jaren, langere periodes van droogte en vaker grillig en extreem weer. Ons land wordt sneller droger, warmer en kwetsbaarder en dat raakt direct onze voedselproductie, natuur en energievoorziening. Slimme oplossingen zijn nodig, het is tijd voor actie, hier en nu!

Biotech voor een biobased circulaire economie

Biotech maakt het mogelijk om materialen, chemicaliën en brandstoffen te produceren zonder fossiele grondstoffen. Daarmee reduceren we schadelijk uitstoot, zoals CO2, verkleinen we bovendien onze afhankelijkheid van landen als China en Rusland, en versterken we economische weerbaarheid. Ook speelt biotech een sleutelrol in het verhogen van de circulariteit door biomassa en reststromen om te zetten in nieuwe grondstoffen. Helaas wordt biotech in het klimaatdebat nog te vaak weggezet als een niche, of iets voor later. Dat is onterecht: de technologie en producten zijn er al, werken al en passen we al toe. Vaak is het een kwestie van opschalen en doorpakken. Wat echter ontbreekt, is politieke durf en daden om deze transitie echt te versnellen.

Biotech voor een klimaatvriendelijk voedselsysteem

Extreem zonnige en droge jaren worden in Nederland steeds normaler, met alle gevolgen van dien voor onze landbouw – een van de belangrijkste economische sectoren van ons land. Biotech biedt verlichting: de sector helpt gewassen te ontwikkelen die beter tegen hitte en droogte kunnen, en maakt het mogelijk om eiwitten en andere voedingsmiddelen te produceren met véél minder landgebruik, water, uitstoot én dierenleed. Dit zijn geen verre toekomstdromen, maar oplossingen die nu al bestaan, vaak zelfs ontwikkeld op eigen bodem.

Waarom wachten we nog?

Zowel Copernicus als het KNMI waarschuwen dat de temperatuur de komende jaren waarschijnlijk structureel meer dan 1,5 °C zal stijgen. Nederland voelt de gevolgen nu al: hittegolven, droogte, natuurbranden en lage windsnelheden die onze energieopwekking remmen. Gelukkig is Nederland een land van aanpakkers. We overwonnen problemen al eerder door met lef te kiezen voor vooruitgang: van de ontwikkeling van de Deltawerken tot onze wereldwijde koppositie in de landbouw. En ook nu kunnen we dat weer. Immers, ook in de biotech lopen we weer voorop. Met lef, slimme investeringen en gezamenlijke spelregels biedt biotech ook de volgende generaties toekomstperspectief.

De tijd om te handelen is nu

Als we onze samenleving veilig, betaalbaar en leefbaar willen houden, moeten we ruimte maken voor biotech en nieuwe manieren van produceren en consumeren. Dat is geen bedreiging, maar de logische en noodzakelijke volgende stap vooruit. Nederland heeft een traditie van innovatie en lef. De huidige klimaatcrisis vraagt opnieuw om die houding. En al is ook biotech geen silver bullet, vormt het wel degelijk een onmisbaar onderdeel van elke realistische route naar een wereld mét toekomst.

← #nieuws

Nederland zet de toon bij bio‑economie strategie

Biotech is onmisbaar voor een circulaire biobased economie en dat ziet de Nederlandse overheid ook. Dat laat de inzet van Nederland zien rond de nieuwe Europese bio‑economie strategie in een zogeheten BNC-fiche. Het kabinet verwelkomt de brede aanpak van de Commissie en benadrukt dat biogrondstoffen zo hoogwaardig mogelijk moeten worden ingezet, met materialen vóór energie.

Daarnaast onderstreept Nederland hoe belangrijk het is dat biotech‑innovaties kunnen bouwen op een snelle en voorspelbare route naar goedkeuring en toelating tot de markt. Daarom pleit het kabinet onder andere voor duidelijke, wetenschappelijk onderbouwde procedures via de Biotech Act en voor geharmoniseerde milieuvoetafdrukmethodes, zodat biobased oplossingen eerlijker kunnen concurreren met fossiel-gebaseerde producten.

De Nederlandse inzet is helder: Europa moet de bio‑economie nu echt kunnen opschalen, zonder dat regelgeving, onduidelijkheid of een ongelijk speelveld daarbij in de weg staat. De strategie laat zien dat de EU de ambitie heeft om te versnellen en Nederland steunt die lijn volop. Door in te zetten op het omarmen van marktcreatie, het moderniseren van regelgeving en het ontsluiten van financiering, bouwen we aan een circulaire biobased economie die betaalbaar, weerbaar en toekomstbestendig is. Dit is hét moment om van plannen naar acties, uitvoering en vooruitgang te gaan – voor een wereld mét toekomst.

← #nieuws

Hollandbio’s take on the EU Biotech Act Part I

, , , , , ,

Just before the holidays, the European Commission unveiled Part I of the EU Biotech Act, a long‑awaited signal that Europe aims to unlock biotech’s full potential. In recent weeks, we worked closely with our members to analyse the full proposal and share our recommendations with the Dutch government as it prepares its official response (the BNC fiche). Hollandbio is hopeful: Part I clearly holds promise for our sector. However, we are not there yet. Without proper EU and national resourcing, clearer choices and a broader scope, it still risks falling short of being the breakthrough Europe needs. In our overall position and more detailed assessment we explain where Europe takes meaningful steps forward, where it falls short, and what must be sharpened to enable a framework that truly supports biotech from early R&D through to market uptake. Do you see opportunities, gaps or must-haves for Part I as well as Part II (expected Q3 2026)? We’d love to hear from you as we continue engaging with ministries and stakeholders to secure the best possible conditions for biotech to scale and thrive in Europe!