← #nieuws

Investeerders laten kansen liggen in agro-, food- en industriële biotech

, , , ,

Financiering rondkrijgen is complex en duurt lang, als het überhaupt al lukt. Dat is niet anders voor agro-, food- en industriële biotech bedrijven, blijkt uit onderzoek van HollandBIO. Wel heeft medische biotech een duidelijke voorsprong in kennis en schaal. De ontwikkelingen op het gebied van agro-, food- en industriële biotech gaan snel, maar investeerders zien dat nog te weinig. Publieke én private investeerders, hier liggen financieringskansen!

HollandBIO’s Max heeft de afgelopen maanden academisch kwalitatief onderzoek verricht naar het financieringsecosysteem van agro-, food en industriële biotech bedrijven. Hiermee brengen we beter in kaart hoe dit specifieke financieringsecosysteem in elkaar zit en waar ruimte is voor HollandBIO om deze knelpunten weg te nemen. En dat hadden we niet kunnen doen zonder de waardevolle inbreng van bedrijven – bedankt!  

Publieke financiering #duurtlang 

Bedrijven in de agro-, food- en industriële biotech geven aan dat publieke financiering erg complex is en enorm tijdrovend in zowel de aanvraag als de afhandeling. Bovendien leidt het gebrek aan inhoudelijke kennis van de verstrekkers van publieke financiering nogal eens tot onwelkome vertragingen.  

Durfkapitaal durft nog niet genoeg 

Ook op het vlak van private financiering is ruimte voor verbetering. In Nederland worden biotech bedrijven geregeld geconfronteerd met een gebrek aan geld. Er is lang niet altijd voldoende aanbod van beschikbare financiële middelen. Daarnaast zijn Nederlandse investeerders meer risico-avers dan bijvoorbeeld hun Noord-Amerikaanse collega’s en kennen zij bedrijven bovendien een lagere waardering toe, waardoor veel Nederlandse bedrijven in buitenlandse handen vallen of zich zelfs elders vestigen.  

Medische biotech heeft een voorsprong in kennis en schaal 

Verder ontbreekt het Nederlandse investeerders nog te vaak aan kennis van de snelle ontwikkelingen op het gebied van agro-, food- en industriële biotech om hier actief in te investeren. Dit in tegenstelling tot de medische biotech, waar investeerders de risico’s beter lijken te kunnen inschatten. Ook de benodigde schaal van producten zorgt voor financieringsuitdagingen voor agro-, food- en industriële biotech bedrijven. Die moet namelijk groot genoeg zijn om financieel rendabel te zijn, en dat vereist grote, moeilijk op te halen investeringen.    

Doorpraten? Neem contact op! 

HollandBIO gebruikt deze inzichten om het financieringsecosysteem voor biotech bedrijven verder te verbeteren. Mocht je vragen hebben, het onderzoek willen inzien of er graag over willen doorpraten, dan kun je contact opnemen met HollandBIO’s Max. 

← #nieuws

Weg van de ‘one-size-fits-all’ voor geneesmiddelen 

, ,

Met een mooie oproep in het Financieel Dagblad spoort Joba van den Berg van het CDA het kabinet aan om de invoering van een farmacogenetisch paspoort voor alle Nederlanders te onderzoeken. Een dergelijk paspoort kan immers – potentieel – het aantal ernstige bijwerkingen terugdringen én de werking van medicatie verbeteren. Bij HollandBIO moedigen wij dit natuurlijk van harte aan, al plaatsen we ook graag de kanttekening dat het medicijnpaspoort niet de enige innovatie is die hierbij uitkomst biedt. 

Waar de ‘one-size-fits-all’-vlieger voor geneesmiddelen niet opgaat, geldt dit in bredere zin ook voor de testen die we loslaten om genetische informatie los te peuteren. Waar bij het bovengenoemde genetische paspoort twaalf genen in kaart gebracht worden, hebben we in de praktijk maar liefst 20.000 genen die ieder van ons uniek maken. En die 20.000 kunnen we in theorie ook in één keer testen, met Whole Genome Sequencing (WGS). Zo toonde het ‘TANGO-project‘ recent al aan dat met WGS van patiënten met longkanker of melanomen dezelfde mutaties gevonden worden als bij uitgebreide gangbare diagnostiek. 

Testen kunnen we dus steeds efficiënter. Verschillende technologische innovaties volgen elkaar hiertoe tijdens de huidige biorevolutie in rap tempo op. Wel wordt het steeds ingewikkelder om tussen de immer uitdijende hoeveelheid testen nog de juiste te selecteren, en voor die testen om hun plek in het zorglandschap te vinden. Want gaan we voor elke aandoening voor een losse test – en zo ja welke? Of komt er een moment dat breder testen de voorkeur krijgt – en zo ja wanneer?   

Met het tempo waarin we nu makelen en schakelen in Nederland, en gezien de immer groeiende bewijslast waar we naar vragen voor iets eindelijk de markt op mag, zijn de testen en technologieën achterhaald tegen de tijd dat ze eindelijk de praktijk bereiken. Het duurt en duurt, terwijl het patiënten juist aan tijd ontbreekt. Bovendien schreeuwen de uitdagingen in de gezondheidszorg om verandering, waarmee we de grote maatschappelijke en economische waarde die deze testen – en de daaropvolgende passende zorg – kunnen realiseren.

HollandBIO maakt zich hard voor opheldering over, en snellere en betere routes naar, de markt voor innovatieve diagnostiek, zodat we als maatschappij de vruchten kunnen plukken van baanbrekende onderzoeken en de medicatiepaspoorten die daaruit voortkomen.  

← #nieuws

Voortgang op alle fronten in biotechnologiebeleid

,

Afgelopen week rapporteerde IenW-staatssecretaris Heijnen in een Kamerbrief over de voortgang van het beleid rond biotechnologie over de volle breedte, van plantenveredeling en industriële toepassingen tot cel- en gentherapie. HollandBIO is blij dat de staatssecretaris op alle vlakken stevig inzet en we kijken er naar uit om een concreet vervolg te geven aan het gezamenlijke project op het in kaart brengen van de verbeteringen rond de vergunningverlening voor ingeperkt gebruik. 

Op het gebied van plantenveredeling gaat de staatssecretaris in op de inzet van Nederland binnen Europa om moderne technieken zoals CRISPR-Cas in toepassingen binnen de soortgrenzen beter en breder beschikbaar te maken.  

Als het gaat om industriële biotechnologie, is er volop aandacht voor het gezamenlijke traject dat het ministerie van IenW en HollandBIO hebben doorlopen op het in kaart laten brengen van mogelijke verbeteringen in de vergunningverlening rond ingeperkt gebruik, en het implementatieplan dat dit jaar wordt uitgewerkt.  

Verder maakt de staatssecretaris duidelijk dat de Europese Commissie in het voorstel voor de herziening van de farmaceutische regelgeving ook aandacht komt voor de regels rond klinisch onderzoek met medische ggo’s zoals sommige vormen van cel- en gentherapie.  

Tenslotte kondigt Heijnen ook aan dat zij de Trendanalyse Biotechnologie van de Commissie Genetische Modificatie (COGEM) en de Gezondheidsraad op 21 maart in ontvangst neemt en aan de Tweede Kamer zal aanbieden.  

Lees hier verder voor de volledige Kamerbrief en hier voor het rapport van de Antea Group rond de verkenning van verbeteringen op ingeperkt gebruik.  

← #nieuws

Nieuwe geneesmiddelen bereiken ziekenhuispatiënt steeds moeilijker 

, ,

Hoe graag we ook beter nieuws zouden willen brengen, we zien ook dit jaar dat het nog langer duurt voordat nieuwe middelen vergoed en wel in het ziekenhuis terechtkomen. De toegankelijkheid van nieuwe geneesmiddelen in het ziekenhuis staat daarmee verder onder druk. HollandBIO onderzoekt jaarlijks hoe het gesteld is met de toegankelijkheid van nieuwe intramurale geneesmiddelen in Nederland. Net als vorig jaar blijkt dat het vergoedingslandschap complex is en dat deze doorlooptijden over de hele linie bovendien nog meer toenemen.

Het duurt steeds langer voordat ziekenhuispatiënten over de nieuwste geneesmiddelen kunnen beschikken. Over de hele linie is hun wachttijd in vier jaar nagenoeg verdubbeld. Dat blijkt uit het jaarlijkse onderzoek van HollandBIO naar één van de belangrijke stappen tussen markttoelating en vergoeding: het toekennen van een declaratietitel, de zogenoemde add-onprestatie. Slechts 18 geneesmiddelen kregen tussen 2018 en 2022 binnen 100 dagen een declaratietitel toegekend. In 2022 was deze prestatie voor slechts één middel weggelegd. Ook is er een duidelijke opwaartse trend te zien in de doorlooptijd van EMA-registratie tot het moment waarop een add-on werd toegekend. Waar de mediane doorlooptijd in 2018 nog 136 dagen was, telde die in 2022 maar liefst 263 dagen – nagenoeg een verdubbeling dus. Zonder add-onprestatie kunnen zorgverleners geneesmiddelen niet declareren bij de zorgverzekeraar en is er geen toegang voor de patiënt. In theorie kan een zorgverlener het geneesmiddel via een individuele aanvraag declareren bij de zorgverzekeraar. In de praktijk betekent dit echter dat middelen nog niet worden voorgeschreven, omdat voor iedere patiënt apart een aanvraag moet worden ingediend.  

Doorlooptijd neemt toe bij alle soorten geneesmiddelen 

Een diepere blik op de data leert dat doorlooptijden over de hele linie steeds langer worden. Korte doorlooptijden lijken voorbehouden aan middelen die geen sluis-, wees-, voorwaardelijk of versneld “label” hebben, maar ook hier zien we de doorlooptijden oplopen. Waar in eerdere versies van dit onderzoek de mediane doorlooptijd voor deze groep nog onder de 100 dagen viel, is die nu opgelopen tot 134 dagen. De mediane doorlooptijd voor weesgeneesmiddelen, geneesmiddelen die in de sluis hebben gezeten, of die een voorwaardelijke of versnelde marktvergunningsprocedure bij de EMA hebben doorlopen is voor elk van deze groepen langer dan 300 dagen. Dat betekent dat in veel gevallen een jaar na registratie nieuwe intramurale geneesmiddelen nog steeds geen vergoeding hebben in Nederland. Voor ATMP’s is de mediane doorlooptijd zelfs 457 dagen. Hierdoor moeten ziekenhuispatiënten steeds langer wachten op nieuwe geneesmiddelen. 

Het stuwmeer loopt vol 

Wat in dit onderzoek ontbreekt, zijn de geneesmiddelen die nog in het traject richting add-on zitten of waarvoor het niet gelukt is om een add-on toegekend te krijgen. Door lange beoordelingsprocedures en ingewikkelde onderhandelingen kan het lastig zijn om met een geneesmiddel de eindstreep, vergoede toegang voor de patiënt, te halen. Weliswaar zijn er afgelopen jaar 17 nieuwe add-ons toegekend, maar dat aantal kan flink hoger. Zo zitten er op het moment van schrijven bijvoorbeeld nog 27 middelen in de sluis. Voor de eerste helft van 2023 verwacht het Zorginstituut bovendien wederom 11 nieuwe middelen in de sluis te plaatsen. En dit aantal geneesmiddelen waar lang op gewacht wordt, zal met de op handen zijnde aanscherping van de sluiscriteria alleen maar verder stijgen. Daardoor ontstaat er een stuwmeer van geneesmiddelen die op de Europese markt al wel beschikbaar zijn, maar Nederland nog niet vergoedt.  

We zitten in een prisoner’s dilemma: het ligt aan iedereen en aan niemand 

Niemand wordt natuurlijk gelukkig van patiënten die moeten wachten op nieuwe behandelingen. Dat dit vaak (te) lang duurt, daar is men het ook wel over eens. Waar de oorzaak van het probleem ligt, daarover lopen de meningen uiteen. Uit recent wetenschappelijk onderzoek naar het Nederlandse vergoedingslandschap blijkt dat de meeste stakeholders het systeem twee van de vijf punten geven, een dikke onvoldoende dus. Gevraagd naar hun eigen rol in het systeem, gaven de meesten zichzelf een score van vier van de vijf punten. Men is het dus over twee dingen eens: 1) het systeem werkt niet goed en 2) het komt door de ander. Anders gezegd: we zitten vast in een prisoner’s dilemma. Gaat iedereen voor zijn eigen belang? Dan verliest uiteindelijk iedereen. Het werkt ook niet wanneer partijen los van elkaar proberen de puzzel op te lossen. Maar wanneer iedereen samen dezelfde kant op beweegt, wordt het geheel groter dan de som der delen en bouwen we aan een systeem waar toegankelijkheid, kwaliteit en betaalbaarheid hand in hand gaan. Er worden nu wel pilots en initiatieven gestart om nieuwe geneesmiddelen bij de patiënt te krijgen, maar zonder samenhang en een gezamenlijk doel wordt het systeem hier uiteindelijk vooral ingewikkelder van. HollandBIO pleit voor heldere routes en een adaptief ecosysteem waarbij registratie, vergoeding en gebruik naadloos op elkaar aansluiten. Laten we elkaar niet langer gevangenhouden in het huidige systeem, maar open het gesprek aangaan. Bij HollandBIO staat een grote vergadertafel en pot koffie klaar, wie schuift er aan?  

← #nieuws

Stel een preventienorm vast ter verdediging van onze gezamenlijke gezondheid

, ,

Twee jaar voordat Poetins oorlog uitbrak, werd onze samenleving ontwricht en vonden tienduizenden Nederlanders de dood. Het was geen Rus, maar een virus dat onze grens binnendrong en stevig huishield. Waar de Oost-Europese oorlog er nu eindelijk toe leidt dat onze krijgsmacht door naleving van de NAVO-norm op orde wordt gebracht, schort het nogal in de bescherming van onze gezamenlijke gezondheid. Wie kijkt naar preventie, ziet onze verdediging veel te vaak slecht uitgerust op het slagveld staan. Net als bij defensie, vraagt preventie om noodzakelijke investeringen vooraf. En die collectieve veiligheid verwaarloost Nederland nog steeds. Daarom moeten we, conform de defensienorm, de verdediging van onze gezamenlijke gezondheid vastleggen in een preventienorm!

Aanstaande donderdag overleggen zorgwoordvoerders in de Tweede Kamer met de minister en staatssecretaris van Volksgezondheid over de verbetering van de medische preventie in Nederland. Sinds de pandemie weten we allemaal hoe belangrijk het is om ons te wapenen tegen de stille opmars van infectieziekten. Toch zijn het zeker niet alleen virussen die onze gezondheid bedreigen. Wetenschappers waarschuwen geregeld tegen de ontluikende antibioticaresistentie, die nu al wereldwijd minstens 700.000 doden per jaar eist. Als we geen nieuwe antibiotica ontwikkelen, kan dat aantal van deze tikkende tijdbom in 2050 oplopen tot 10 miljoen sterfgevallen per jaar. En dan hebben we het nog niet eens over kanker, obesitas, diabetes en andere ziekten die in eerste instantie met leefstijl, maar ook zeker door gerichte inzet van preventieve interventies kunnen terugdringen. Het leed is ongekend en enorm, nog los van alle bijkomende economische schade.

Gelukkig kunnen we door de inzet van de juiste biotechnologische innovaties ons bliksemsnel weren. Vaccins, testen en geneesmiddelen hebben in recordtempo “het nieuwe normaal” van de coronacrisis beëindigd en de maatschappij geopend. Door nieuwe antibiotica, antivirale middelen, vaccins en andere geneesmiddelen te ontwikkelen, kunnen we nog veel meer ziekteleed voorkomen. Toch blijven zelfs de middelen die er zijn vaak nog jaren op de plank liggen: zo duurt het gemiddeld negen jaar voordat de overheid een nieuw vaccin inzet.

Schrijnender gevallen doen zich voor: zelfs als de overheid na decennia van overleg tot de slotsom komt dat een afgebakende risicogroep baat heeft bij vaccinatie, zoals recent in de strijd tegen het rotavirus of gordelroos, dan nog kan een slordige begroting het ziekteleed langer laten voortduren. Telkens peutert de staatssecretaris namelijk pas achteraf het noodzakelijke preventiebudget los. Alsof we met bommenwerpers aan de horizon nog moeten bekijken hoe we de bestelde luchtverdediging betalen, hoe is het mogelijk?

De oorzaak is cynisch: er is simpelweg geen businessmodel om te investeren in preventie. Hoe beter een preventieve maatregel werkt, hoe minder overtuigend of zelfs overdreven die voelt – tegen die paradox weren we ons momenteel onvoldoende. En dat terwijl de werkdruk in de zorg al enorm hoog is. Toch is er voor individuele zorgverzekeraars nul prijsprikkel om vooraf te investeren in preventie, waarvan allerminst zeker is dat zij de baten later zullen terugzien in de vorm van uitgespaarde zorgkosten. Levensreddende innovaties waar bedrijven hard aan werken verdwijnen daarom op de plank, totdat er al veel leed is geschied. We laten ons keer op keer door (infectie)ziekten overvallen en beginnen steevast met blussen nadat deze veenbrand weer flink is opgelaaid.

Door gebrekkig budgetteren voorkomen we nu geen zorg en moeten we later zowel het ziekteleed als de daaruit voortkomende zorgkosten dragen. In tegenstelling tot voorkomen staat er namelijk geen budgettaire rem op genezing. Zo penny wise we de staatssecretaris van Volksgezondheid laten omspringen met ons belastinggeld, zo pound foulish kijken we straks allemaal als premiebetaler terug op die zorgkosten.

Deze catch-22 doorbreken we alleen wanneer we het voorkomen van leed en ziekte op zijn merites waarderen: als collectieve gezondheidswinst. Dat is niet ingewikkeld, gewoon een kwestie van willen. Dus overheid, put your money where your mouth is en pak je maatschappelijke verantwoordelijkheid. Regel dat preventiebudget – of dat nu een percentage van het bbp is of een stabiele afgeleide van het zorgbudget – en verzilver om te beginnen het meest laaghangend fruit. In het interbellum van de coronapandemie en de tikkende tijdbom die antibioticaresistentie heet, moeten we preventie op orde brengen en onze gezamenlijke gezondheid net zo serieus beschermen als andere elementen van onze collectieve veiligheid. Hoog tijd dus om een preventienorm vast te stellen, want zonder verdediging wint de vijand elke dag terrein.

HollandBIO’s inbreng voor Commissiedebat Medische preventie 16 februari

Aanstaande donderdag, 16 februari, vergadert de Tweede Kamer over Medische preventie. HollandBIO heeft inbreng geleverd op zowel het vaccinstelsel als antimicrobiële resistentie.

← #nieuws

HollandBIO zoekt Programma Manager en Management Assistent! 

,

De Nederlandse biotech groeit als kool en daarmee HollandBIO ook! Zowel wat betreft ons ledenaantal (nu >270), als ons team (nu 14 FTE) en daarmee het belangrijkste: onze gezamenlijke impact (niet in één cijfer uit te drukken). Om de groei verder in goede banen te leiden, nemen we nu maar liefst twee nieuwe collega’s aan die fijn werk zoeken met veel vrijheid, zelfstandigheid en verantwoordelijkheid – en dat in een geweldig team!

We zijn hard op zoek naar een ondernemende programma manager die zijn of haar schouders zet onder het programma IJzersterk Innovatieklimaat en een veelzijdige Management Assistant die er bij HollandBIO voor zorgt dat alles op rolletjes loopt. Wil je werken met supergemotiveerde, gezellige en enthousiaste collega’s? En vind je het daarnaast belangrijk dat biotech bijdraagt aan een meer duurzame, gezonde wereld? Solliciteer dan vooral! Of wil je ons helpen? Like of deel het nieuws op LinkedIn en verwijs geïnteresseerden gerust naar de vacatures bij HollandBIO!  

← #nieuws

Gezondheid op maat neemt de wereld over 

, ,

Een one-size-fits-all-strategie bij het voorschrijven van medicatie is achterhaald. HollandBIO roept dat al langer en nu heeft het LUMC dit wetenschappelijk onderbouwd. Door de dosering van medicatie aan te passen aan de hand van een profiel van twaalf genen, zagen onderzoekers een afname van ernstige bijwerkingen met maar liefst 30% én kan de werking van de medicatie verbeteren. Wat HollandBIO betreft is dit schoolvoorbeeld een voorbode voor een bredere biorevolutie, waarin we door beter te meten iedereen gelijk van een passende behandeling kunnen voorzien. Toch is gezondheid op maat ondanks de bijval uit het LUMC nog geen gelopen race.

Wie betaalt al die miljarden aan extra kosten? 

Natuurlijk zijn we allemaal blij dat patiënten betere behandelingen en minder vaak nare bijwerkingen tegemoet kunnen zien. Alleen, voor wie gaan we dit inzetten? Wanneer? En wie gaat dat betalen? Dat vraagt om meer onderzoek en data. Want met ruim elf miljoen medicijngebruikers in ons land, en een prijskaartje van tussen de 300 en 600 euro voor een DNA-medicatiepas, zou dit de schatkist in het meest gunstige scenario “slechts” € 3,3 miljard kosten.  

Om vervolgens nog te zwijgen over het feit dat dit niet de eerste noch de enige vorm van diagnostiek is die beschikbaar is en komt. Want kijken onderzoekers hier nog maar naar twaalf genen, uiteindelijk hebben we er circa 20.000 die ieder van ons uniek maken. Idealiter zou je van al deze genen willen weten wat hun rol en invloed is op het ontstaan van ziekten en het proces om deze te behandelen of te voorkomen. Dat wordt een duur grapje….  

Tempo en bewijslast worden de bottleneck 

Of toch niet? Technologische innovaties volgen elkaar tijdens de huidige biorevolutie in rap tempo op. Testen kunnen we steeds efficiënter. Wel wordt het steeds ingewikkelder om tussen de immer uitdijende hoeveelheid testen nog de juiste te selecteren, en voor die testen om hun plek in het zorglandschap te vinden. Want gaan we voor elke aandoening voor een losse test – en zo ja welke? Of komt er een moment dat breder testen de voorkeur krijgt – en zo ja wanneer?  

Met het tempo waarin we nu makelen en schakelen in Nederland, en gezien de immer groeiende bewijslast waar we naar vragen voor iets eindelijk de markt op mag, zijn de testen en technologieën achterhaald tegen de tijd dat ze eindelijk de praktijk bereiken. Het duurt en duurt, terwijl het patiënten juist aan tijd ontbreekt. Bovendien schreeuwen de uitdagingen in de gezondheidszorg om verandering, waarmee we de grote maatschappelijke en economische waarde die deze testen – en de daaropvolgende passende zorg – kunnen realiseren. 

HollandBIO maakt zich daarom hard voor opheldering over, en snellere en betere routes naar, de markt voor innovatieve diagnostiek. Zodat we als maatschappij de vruchten kunnen plukken van baanbrekende onderzoeken en de medicatiepaspoorten die daaruit voortkomen. 

← #nieuws

Biotech is innovatiever dan ooit, maar implementeren duurt steeds langer 

, ,

Is alles al uitgevonden? Onderzoekers van de Amerikaanse Carlson School of Management insinueren achter de betaalmuur van het Financieel Dagblad van wel. Echt radicale innovatie, zoals de ontdekking van de evolutie, van DNA of zwaartekracht blijven volgens de onderzoekers al een tijdje uit. We borduren nog altijd voort op de fundamentele ontdekkingen uit de “gouden kwarteeuw” van 1950-1975. HollandBIO neemt het de onderzoekers niet kwalijk: het is altijd moeilijk om een revolutie te herkennen als je er middenin zit. Want er valt nog altijd enorme maatschappelijke impact te realiseren met de implementatie en acceptatie van oplossingen uit de biotech.

De ontwikkelingen in de biotech gaan ongekend hard. Van diagnostiek tot behandeling: we weten steeds beter wat er in en tussen allerlei (micro-)organismen gebeurt. Daarbij was het in kaart brengen van het menselijk genoom in 2003 een belangrijke mijlpaal, omdat daarmee een bron van nieuwe mogelijkheden in de medische wereld werd aangeboord. Een andere relatief recente doorbraak is de Nobelprijswinnende ontdekking van CRISPR-Cas, waarmee we DNA snel en heel precies kunnen aanpassen. Dit maakt bijvoorbeeld dat het ontwikkelen van planten die beter tegen klimaatverandering bestand zijn, binnen handbereik komt. 

De doorbraken in de biologie vallen samen met de razendsnel voortschrijdende automatisering en de opkomst van artificial intelligence: een combinatie van ontwikkelingen die elkaar versterken en in een stroomversnelling brengen. Zij gaan ons leven dusdanig veranderen (en doen dat al) dat de onderzoekers van het McKinsey Global Institute er de term biorevolutie voor bedachten. We kunnen organismen bewerken op een schaal en een manier die tot voor kort onmogelijk was en die vooral in de gezondheidszorg, de voedselproductie en de chemie een schat aan nieuwe en duurzame mogelijkheden biedt. 

Bovendien komen deze veranderingen als geroepen. Vermindering van CO₂-uitstoot, de strijd tegen het coronavirus, nieuw perspectief voor patiënten, voldoende voedsel voor iedereen. Noem een mondiale uitdaging van deze tijd en biotechnologie draagt bij aan de oplossing. Niet voor niets investeren overheden, kennisinstellingen en bedrijven wereldwijd enorm in zowel de wetenschappelijke als de commerciële ontwikkeling van deze sector. Omdat ze duurzame, betere en gezondere alternatieven bieden. Die zijn hard nodig, aangezien natuurlijke bronnen opraken en veelgebruikte producten en technieken vervuilend en verspillend zijn. Terwijl ondertussen de wereldbevolking verder groeit: naar 10 miljard mensen in 2050, die allemaal een leven zonder honger en in optimale gezondheid willen. 

De grootste uitdaging als het op innoveren aankomt, is niet enkel een wetenschappelijke doorbraak. HollandBIO is pas tevreden als we erin slagen ervoor te zorgen dat biotech innovaties het leven beter maken. Maar juist daar, laat McKinsey ook zien, ligt nog een enorme uitdaging. Want hoewel we allemaal zien dat onze huidige manier van leven een bedreiging vormt voor mens, dier en planeet, staat bijna niemand te springen om zelf te veranderen. Meer dan 2/3 van de totale impact van innovaties op de samenleving hangt af van acceptatie: van wettelijke acceptatie tot die van consumenten en van de maatschappij in bredere zin. In ons kennisrijke Nederland hebben we zelf – de sector, beleidsmakers, politiek en burgers – de sleutel in handen om de biorevolutie tot een klinkend succes te maken. Samen maken we dit waar. 

https://fd.nl/tech-en-innovatie/1465674/innovatie-alles-is-al-uitgevonden-icb3cajwMRLm

← #nieuws

Nu Nog Meer Korting – Black Friday Deals bij VWS 

, ,

Minister Kuipers (VWS) verlaagt de ondergrens voor toelating van dure geneesmiddelen tot het basispakket via de sluis van €40 miljoen naar € 20 miljoen. Een ingreep die naar verwachting resulteert in acht extra sluisgeneesmiddelen per jaar en daarmee – naast langer wachten voor patiënten – in meer prijsonderhandelingen, meer korting en dus grotere besparingen. Of toch niet?

Om te beginnen, een reality check: wie nog steeds denkt dat patiënten na EMA-registratie eindelijk mogen rekenen op hun zo vurig gewenste geneesmiddel, komt van een koude kermis thuis. Hoewel op dat moment de balans tussen veiligheid en effectiviteit van een geneesmiddel goed is bevonden en de behandeling daarmee in Europa de markt op mag, volgt na jaren van onzekerheid, onderzoek, ontwikkeling en torenhoge investeringen een almaar zwaardere, nationale, eindtoets: de beoordeling voor vergoeding, doorgaans een apart traject in elke lidstaat.  

Op papier laat Nederland nieuwe intramurale geneesmiddelen, middelen die in het ziekenhuis gebruikt worden, standaard toe tot het basispakket. De werkelijkheid is echter weerbarstiger, zo blijkt uit eerder onderzoek van HollandBIO. Dure geneesmiddelen komen in de zogeheten ‘sluis’, waarmee de overheid via prijsonderhandelingen meer grip wil krijgen op zorguitgaven. De consequentie, namelijk dat patiënten langer moeten wachten op hun geneesmiddel, wentelen het Zorginstituut en minister Kuipers af op fabrikanten. Zolang fabrikanten ‘extreem hoge prijzen blijven vragen’ voor dure intramurale geneesmiddelen, zijn kostendrukkende maatregelen – zoals het aanpassen van de sluiscriteria – noodzakelijk om de instroom te beheersen, verdringing te voorkomen en passende zorg mogelijk te maken. 

Het ministerie van VWS staat voor een schier onafwendbaar, driedubbel zorginfarct – door ras oplopende zorgvraag, kosten en personeelstekort. En hoewel een transitie naar gezondheid op maat ons inziens de enige duurzame oplossing is, bezwijkt het ministerie toch steeds weer voor de verleiding van snelle winst, opgejut door de kostenbesparende afspraken in het coalitieakkoord. Onderhandelen over geneesmiddelen lijkt immers lekker te lonen: prijsonderhandelingen en financiële arrangementen leidden tot significante uitgavenverlaging aan intramurale geneesmiddelen van 25 miljoen euro in 2016 tot 383 miljoen euro in 2020, zo valt te lezen in de laatste monitor Medisch Specialistische Zorg. Geen wonder dus, dat minister Kuipers de ondergrens van de sluis verlaagt, om zo over méér geneesmiddelen te kunnen onderhandelen, en dus nog meer geld te besparen. 

Maar… werkt dat eigenlijk wel echt zo? Het ontwikkelen van een geneesmiddel duurt in de regel ruim 10 jaar, en vergt een investering van gemiddeld 2,5 miljard euro – zo toont onderzoek naar het financieel ecosysteem aan dat in opdracht van het ministerie van VWS werd uitgevoerd. De paar geneesmiddelen die het tot registratie schoppen, moeten vervolgens de return on investment van álle investeringen in geneesmiddelenonderzoek en -ontwikkeling veiligstellen. Tenminste, wanneer we investeerders willen blijven aantrekken om de zoektocht naar nieuwe behandelingen te continueren.  

Het is geen geheim dat de fabrikant de prijs van een geneesmiddel pas in een heel laat stadium – doorgaans zelfs ná registratie – bepaalt, wanneer het exacte label en daarmee de omvang van de patiëntenpopulatie bekend is. Wat zou jij doen met die initiële prijsstelling, wanneer je wist dat je nog uitgebreid en meermaals moet onderhandelen, en je klant de bedongen korting ook nog eens als een welkom politiek succes kan claimen? Juist. De analogie met Black Friday dringt zich op bij HollandBIO. Ware het niet dat er bij deze koopjesjacht niet enkel winnaars, maar ook verliezers zijn: de patiënten, die steeds langer met lege handen staan, en maar wachten en wachten… 

Het moge duidelijk zijn: de verruiming van de sluiscriteria is een tegenvaller voor HollandBIO. Na publicatie van het onderzoek naar het financiële ecosysteem van geneesmiddelontwikkeling leek het kwartje te zijn gevallen dat geneesmiddelenontwikkeling lang duurt, kostbaar en risicovol is. Dat er grote investeringen nodig zijn om de innovatiemotor te laten draaien. Dat de return on investment in de farmaceutische industrie al jaren terugloopt. En dat stapelende repressieve maatregelen en ad hoc pleisters niet de oplossing zijn voor de uitdagingen rondom betaalbaarheid en toegankelijkheid van nieuwe geneesmiddelen.  

Niet voor niets pleit HollandBIO voor een systeem waarin we dingen makkelijker, sneller en beter maken. Dat betekent dat we de voor overheid én fabrikant lonkende de politieke quick win van een betere deal met méér korting moeten weerstaan en werk moeten maken van oplossingen die weliswaar complexer zijn, maar die uiteindelijk écht het verschil maken, voor betaalbaarheid, innovatie, maar vooral ook voor de gezondheid van de patiënt. Die ambitie kunnen we zo uittekenen. 

Lees meer: 

https://www.rijksoverheid.nl/ministeries/ministerie-van-volksgezondheid-welzijn-en-sport/nieuws/2023/01/24/meer-prijsonderhandelingen-over-nieuwe-dure-geneesmiddelen

https://www.rijksoverheid.nl/documenten/kamerstukken/2023/01/24/kamerbrief-over-wijziging-beleidsregels-voor-de-toepassing-van-de-sluis-voor-dure-geneesmiddelen-op-grond-van-artikel-24a-van-het-besluit-zorgverzekering

https://www.skipr.nl/nieuws/kuipers-verscherpt-criteria-voor-pakketsluis-dure-geneesmiddelen/

https://fd.nl/samenleving/1465983/wachttijd-dure-medicijnen-loopt-op-tot-bijna-600-dagen-n3a3cal4tFza

https://www.linkedin.com/posts/zorginstituutnederland_duregeneesmiddelen-nuancering-sluis-activity-7024740140774223872-QFUL?utm_source=share&utm_medium=member_desktop

← #nieuws

HollandBIO verwelkomt Max van den Berg 

,

HollandBIO’s Max is sinds 1 februari officieel begonnen als Project Manager. Tijdens zijn eerdere stage bij HollandBIO onderzocht hij het financieringsecosysteem van agro/food en industriële biotech bedrijven. Hij interviewde daarvoor diverse biotech start- en scale-ups over hun ervaringen met het huidige financieringsecosysteem. Zijn interesse in de biotech is tijdens zijn stage alleen maar gegroeid en het leuke, ambitieuze team deed hem graag blijven.  

Vanaf heden zal Max zich vooral gaan toespitsen op projecten aan de gezondheidskant van het biotechspectrum. Dit sluit goed aan bij zijn afgeronde Bachelor in Biologie en daaropvolgende Master in Science and Business Management aan de Universiteit Utrecht. Tijdens zijn studie deed hij onder andere onderzoek naar therapeutische nanobodies tegen bèta-coronavirussen en kreeg hij vanaf verschillende invalshoeken een inkijk in de bedrijfskant van de wetenschap – een goede mix om bij HollandBIO te beginnen en nog veel verder te ontwikkelen. We zijn dan ook maar wat blij dat Max bij ons blijft werken! 

Vragen over het stageonderzoek of verder kennismaken? 

Max is te bereiken via max.vandenberg@hollandbio.nl of 070-833 1333.