← #nieuws

HollandBIO verwelkomt Goodlife Pharma

,

HollandBIO verbindt, vertegenwoordigt en ondersteunt de Nederlandse life science sector. We zijn supertrots dat we al meer dan 260 bedrijven vertegenwoordigen: van start-ups, midden- en kleinbedrijven tot grote bedrijven, actief in gezondheid, voeding of biobased economy. Vandaag verwelkomen we Goodlife Pharma, dat unieke medicijnen, medische hulpmiddelen en voedingssupplementen toegankelijk maakt voor patiënten in de BeNeLux.

Goodlife’s focus ligt op het beschikbaar maken van medische oplossingen voor individuele patiënten. Ze bieden oplossingen op het gebied van: Endocrinologie, Interne geneeskunde, Fertiliteit, Urologie, Hematologie, Dermatologie en Gastroenterologie die daadwerkelijk de kwaliteit van het leven van patiënten verbeteren. Binnen deze therapiegebieden werkt Goodlife nauw samen met artsen, apothekers, patiëntorganisaties, en managers bij groothandels en verzekeringsmaatschappijen.

Goodlife heeft een sterk en uitgebalanceerd productportfolio. In Nederland beschikken ze over een steeds sterker, groeiend netwerk van zorgprofessionals. Zo neemt hun kennis toe en groeit het aanbod aan farmaceutische oplossingen, bijvoorbeeld voor patiënten die lijden aan onvruchtbaarheid, interstitiële cystitis, hypothyreoïdie, obesitas, vitamine D-tekort en bijnierschorsinsufficiëntie.

Om unieke oplossingen voor patiënten beschikbaar te kunnen maken, is Goodlife altijd geïnteresseerd in nieuwe partnerschappen en samenwerkingsverbanden. Voor meer informatie en contactgegevens, zie www.goodlifepharma.com.

← #nieuws

Doe mee met de vierde ronde van het Nationaal Groeifonds!

,

Heeft jouw Life Science & Health (LSH)-bedrijf innovatieve ambities die je samen met andere bedrijven en kennisinstellingen wil realiseren? En ben je ook bereid je schouders onder de ontwikkeling van een plan te zetten? En draagt dit plan bij aan economische groei op de lange termijn? Dan is dit wellicht geschikt voor de vierde ronde van het Nationaal Groeifonds (NGF). Schrijf je nu in voor een van onderstaande (online) sessies:

  1. 10 mei 2023 – 13:00 – 14:00: (zoomlink)
  2. 31 mei 2023 – 13:30 – 14:30 (zoomlink)

Klik hier om je aan te melden

Door middel van deze sessies inventariseert de Topsector LSH (Health~Holland) welke ideeën er in het bedrijfsleven zijn en of we partijen samen kunnen brengen.  

Belangrijk om ter voorbereiding van jouw deelname aan een van beide sessies al enkele zaken te bedenken:

  1. Sluit het idee aan bij de voorwaarden van het NGFs?
  2. Welke andere – private – partijen zouden betrokken moeten worden bij het idee?;
  3. Bent u en/of uw bedrijf in staat en bereid mee te werken of zelfs in de lead of co-lead te zijn van het uitwerken van een (eigen) propositie-idee en, bij een ‘go’ van de NGF-commissie, het opwerken van een propositie-idee naar een volledige propositie;
  4. Bent u en/of uw bedrijf in staat om te voldoen aan de matchende co investeringseisen van het groeifonds. 

Deze onderwerpen zijn tot nu toe aangedragen: 

  • (Data)infrastructuren, Datadriven healthcare, AI (in discovery-fase)
  • Value-Based Healthcare, Personalized Medicine
  • “Enabler” onderwerpen, zoals platformen en infrastructuren
  • Duurzaamheids- en digitaliseringsvraagstukken voor LSH
  • Onderwerpen die een brug slaan tussen de verschillende ‘silo’s’ (e.g. biotech en bio informatica)
  • Oplossingen voor de Human Capital uitdagingen binnen LSH gestuurd vanuit de sector

De tijdlijn voor ronde 4 is (onder voorbehoud) als volgt: 

  • In januari 2024 sluit de voorronde voor het indienen van een propositie-idee;
  • De NGF-directie en -commissie geven op basis van het propositie-idee medio februari 2024 een ‘go’/’no go’ advies of besluit af;
  • De ‘go’ proposities kunnen aansluitend volledig uitgewerkt worden voor indiening voor het zomerreces van 2024. 

Over Het Nationaal Groeifonds

Met het Nationaal Groeifonds (NGF) investeert het kabinet tussen 2021 en 2025 €20 miljard in innovatie en wetenschappelijk onderzoek voor duurzame economische groei en maatschappelijke impact. Hiermee geeft het NGF een significante impuls onder andere aan de Life Sciences & Health (LSH)-sector. 

Ronde 1 en 2

Van het totale in ronde 1 en ronde 2 toegekende bedrag van €5 miljard binnen de pijler onderzoek, ontwikkeling en innovatie werd reeds €774,8 miljoen via het NGF geïnvesteerd in LSH-projecten (~15%). Voorbeelden zijn de initiatieven van Health-RI, RegMedXB en Oncode-PACT.

Ronde 3

Ook voor ronde 3 werden door vele publiek-private partnerschappen NGF-proposities voorbereid, wat in februari van dit jaar heeft geresulteerd in de indiening van 10 NGF-proposities die zich specifiek richten op de LSH-sector. Honoreringsbesluiten over deze proposities worden medio het derde kwartaal van 2023 verwacht. 

Zie voor meer informatie over het Nationaal Groeifonds: https://www.nationaalgroeifonds.nl/

Ronde 4

Ronde 4 loopt nu en als LSH-sector bouwen we graag verder op het succes van voorgaande drie rondes, met de nadrukkelijke wens dat in deze wellicht laatste NGF-ronde het bedrijfsleven in de lead van de proposities is eventueel samen met de kennisinstellingen. Een wens die we als Topsector LSH delen met de NGF-commissie.

← #nieuws

Geen goede dag voor gentherapie in Nederland

, ,

Geen gentherapie voor toekomstige Nederlandse MLD-patiëntjes, zo besloot Minister Kuipers vorige week. Prijsonderhandelingen hebben niet tot een akkoord geleid, waardoor gentherapie Libmeldy niet wordt opgenomen in het basispakket. Na een decennialange ontwikkelroute vol overwonnen uitdagingen blijkt de laatste horde, die naar patiëntjes, er één te veel. Een hard gelag voor de MLD-community, en een zwarte dag voor gentherapie in Nederland. HollandBIO ziet een nationaal vergoedingsstelsel dat pionieren in de voorhoede van wetenschap bestraft, in plaats van beloont. Wanneer onze overheid hardnekkig een vierkantje door een rondje wil blijven duwen, vrezen we dat niet enkel deze innovatieve koploper in het zicht van de haven strandt, maar dat een hele generatie potentieel levensreddende therapieën tegen zeldzame genetische ziektes aan Nederland voorbijgaat.

De gezamenlijke prijsonderhandelingen van Nederland, België en Ierland over de vergoeding van gentherapie Libmeldy hebben niet tot een akkoord met de leverancier geleid, zo laat het ministerie van VWS vorige week weten. De eenmalige gentherapie voor baby’s geboren met de even zeldzame als ernstige genetische stofwisselingsziekte metachromatische leukosystrofie (MLD) wordt niet opgenomen in het Nederlandse basispakket. Het is een gitzwart oordeel voor alle MLD- toekomstige patiëntjes en hun dierbaren. Toekomstig, want op dit moment zijn er geen kinderen in Nederland die in aanmerking zouden komen voor de behandeling, die toegediend moet worden vóórdat de symptomen ontstaan. 

Gentherapie geldt al decennialang als één van de grote beloften van biotech. De ontwikkeling van deze revolutionaire nieuwe technologie, waarbij een ziekmakende DNA-fout ter plekke gerepareerd wordt, is een weg bezaaid met uitdagingen en tegenslagen, kenmerkend voor pionieren op het randje van ons wetenschappelijke weten. Uitdagingen op wetenschappelijk vlak: we weten nog zoveel niet als het om gentherapie gaat. Uitdagingen op het vlak van financiering – wie krijg je zo ver om te investeren in een onbewezen technologie met een beroerd businessmodel? Uitdagingen die patiënten direct raken: wat zijn de risico’s? Welke effecten willen we zien, hoe meten we die en hoe lang houden ze aan? Hoe klinische studies op te zetten? Hoe om te gaan met de vele ethische dilemma’s die daarbij komen kijken? Geen brug was te ver: met eensgezinde vastberadenheid beslechtten patiëntenorganisaties, wetenschappers, investeerders, ondernemers, en regulatoire instanties al legio hordes om die grote levensreddende belofte in te lossen. Het zijn innovatieve pioniers van de hoogste orde. 

Zo ook het Britse Orchard Therapeutics, dat zich met ongeveer 200 medewerkers wereldwijd volledig heeft toegelegd op het naar patiënten brengen van ex vivo gentherapieën. En met succes: eind 2020 werd Libmeldy goedgekeurd door de Europese Medicijn Autoriteit, EMA. De recente BBC documentaire Bittersweet medicine laat zien en voelen wat het betekent om die grote belofte van biotech in te lossen. We kunnen het niet beter zeggen, kijk zelf. De laatste cruciale horde op weg naar het grote einddoel bleek er één te veel in Nederland. De Advies Commissie Pakket zag de bijzondere status van Libmeldy wel, en toonde bereidheid om de gebruikelijke betalingsgrens van 80 duizend euro los te laten voor deze bijzondere koploper. Maar onze overheid, alle ronkende speeches en beleidsbrieven over het belang en de waarde van gen- en celtherapieën voor Nederland ten spijt, was al niet bereid om de beschikbare klinische data op waarde te schatten, laat staan om ervoor te betalen.  

Niemand betwist dat het prijskaartje van Libmeldy ontzettend hoog is: de openbare lijstprijs bedraagt 2,9 miljoen euro per patiënt. Wanneer alle geneesmiddelen en behandelingen zo duur zouden zijn en blijven, zou dat inderdaad onhoudbaar zijn. Maar dat is natuurlijk niet zo. Het gaat hier om een ziekte zo zeldzaam, dat er in Nederland naar verwachting maar maximaal vijf patiëntjes in drie jaar voor de eenmalige behandeling in aanmerking komen. Dit limiteert het verdienmodel van de fabrikant, een innovatief MKB-bedrijf met maar één commercieel product, een supertransparante boekhouding en idem werkwijze. Kortom, Orchard Therapeutics is zo’n beetje alles wat Nederland met haar roep om maatschappelijk verantwoord innoveren nastreeft. Ook daar koop je dus niets voor, zo blijkt.  

HollandBIO vindt het onbegrijpelijk dat een land als Nederland niet in staat blijkt om dit soort innovatieve koplopers een plek te geven in ons zorglandschap. Zeker omdat het in landen om ons heen, zoals Duitsland, Engeland, en Scandinavische landen, klaarblijkelijk wél lukt. Die laatste horde op weg naar de patiënt is ons inziens zeker niet de lastigste in de decennialange route die in de ontwikkeling van gentherapieën reeds met succes is afgelegd en mag zeker niet de genadeklap zijn.  Dus kom op, overheid, volg het voorbeeld van de vele pioniers die je voorgingen en rust niet voordat gentherapieën daadwerkelijk hun maatschappelijke belofte inlossen: pure gezondheidswinst voor patiënten.  

Lees meer

← #nieuws

Uitgezaaide conclusies over nieuwe geneesmiddelen

,

De vijfjaarsoverleving van patiënten met uitgezaaide solide tumoren is de afgelopen decennia beperkt toegenomen, wees vorige week gepubliceerd onderzoek van het Integraal Kankercentrum Nederland (IKNL) uit. Diverse media trokken daarop zelf de conclusie dat nieuwe geneesmiddelen tegen kanker dus niet effectief zijn. HollandBIO bestudeerde de IKNL-publicatie en trok haar eigen, treurige conclusie. Over journalistieke kwaliteit, welteverstaan.  

Naar aanleiding van een publicatie van het Integraal Kankercentrum Nederland (IKNL) stonden nieuwe kankergeneesmiddelen deze week volop in de belangstelling – en niet in positieve zin. Onderzoekers analyseerden de overleving bij uitgezaaide (solide) kanker in twee perioden (1989-1993 en 2014-2018) en constateerden dat de vijfjaarsoverleving beperkt was toegenomen, waarbij er grote verschillen waren tussen de verschillende tumortypes. Ook constateerden de onderzoekers dat er in die periode 80 nieuwe geneesmiddelen voor de onderzochte indicaties werden geïntroduceerd. 

Het onderzoek werd direct opgepikt door diverse media. Waar het IKNL nog gematigd positief kopte “Overleving bij uitgezaaide kanker beperkt toegenomen na introductie nieuwe geneesmiddelen”, ging het daarna bergafwaarts: “Dure, nieuwe medicijnen niet altijd effectief”, aldus RTL Nieuws. “Nog maar weinig patiëntengroepen hebben baat bij nieuwe dure kankermedicijnen”, lazen we op de voorpagina van de Volkskrant. Dagblad Trouw deed er nog een schepje bovenop en riep bij monde van oncoloog Sonke op de toelating van nieuwe oncolytica te beperken: “Geef nieuwe medicijnen geen groen licht, maar oranje”.  

Schokkende koppen, zeker gezien het feit dat op basis van de IKNL-studie zelf geen enkele uitspraak gedaan kan worden over de effectiviteit van geneesmiddelen. De onderzoekers bepaalden namelijk enerzijds aan de hand van een dataset de overleving van patiënten na de diagnose uitgezaaide kanker én schraapten anderzijds een lijst nieuwe geneesmiddelen bij elkaar. Beide datasets zeggen echter niets over of de in het onderzoek geïncludeerde patiënten behandeld zijn met die nieuwe geneesmiddelen – laat staan of ze de juiste behandeling op het juiste moment kregen. Deze toch wel relevante informatie is niet vastgelegd en dus niet meegenomen in het onderzoek.  

Op basis van deze studie een causaal verband concluderen tussen de effectiviteit van geneesmiddelen en overleving, is als concluderen dat mensen door het eten van appels ouder worden, omdat er meer appels in de supermarkt liggen en mensen gemiddeld ouder worden. Op de keper beschouwd trekken de IKNL-onderzoekers zelf ook geen causale conclusie – ze stellen slechts dat de overleving beperkt toeneemt én er nieuwe geneesmiddelen zijn geïntroduceerd. De zorgvuldige formulering weerhield de media echter niet om één en één wel bij elkaar op te tellen. En dat is misleiding, of toch op zijn minst slechte journalistiek.  

De strijd tegen kanker is nog lang niet gewonnen, en ook geneesmiddelen zijn helaas nog geen silver bullet gebleken. Maar vergelijk het eens met het leggen van een lastige puzzel, zeg, 3000 stukjes zonder voorbeeld. Na uren zwoegen heb je de rand af, zitten 200 stukjes op hun plek en weet je van 100 andere waar ze ongeveer moeten, al passen ze nog niet. Dan ben je op de goede weg, toch? Zo is het ook met kanker. Dankzij een veelheid aan factoren – zoals preventie, screeningsprogramma’s, vroege en betere diagnostiek, geneesmiddelen en andere zorg – boeken we langzaam vooruitgang, en hebben veel patiënten een veel betere prognose dan voorheen. Tegelijkertijd is er nog een lange weg te gaan, zo blijkt ook uit de data van IKNL.  

Het onderzoek van IKNL is ons inziens geen reden om bij de pakken neer te zitten, maar juist een dringende oproep om door te zetten. Om nog meer te investeren in kennis, in betere en eerdere diagnostiek, in de beste inzet van het bestaande behandelarsenaal voor elke patiënt, en in de ontwikkeling van broodnodige nieuwe behandelingen. In plaats van ons heil te zoeken in maatregelen die de toelatingsdrempel voor nieuwe oncolytica verhogen, zoals oncoloog Sonke met zijn oranje stoplicht suggereert, moet het juist sneller, beter en slimmer. Het IKNL-onderzoek bewijst hoe kritiek een goede (inter)nationale gezondheidsdata-infrastructuur is. Meten is weten, alleen op basis van echt goede data kunnen we bepalen welke individuele patiënt gebaat is bij welke behandeling. Laten we dáár werk maken. Want in tegenstelling tot nietszeggende gemiddelden, doen we met gezondheid op maat wél recht aan de behoeften van de enorme diversiteit aan mensen die schuilgaan achter kille statistieken.  

← #nieuws

Trendanalyse biotechnologie slaat spijker op zijn kop

,

De vorige week verschenen Trendanalyse Biotechnologie 2023 van de Gezondheidsraad (GR) en Commissie Genetische Modificatie (COGEM) had ook zomaar een HollandBIO-publicatie kunnen zijn. Het lijvige rapport geeft een scherp overzicht van de razendsnelle ontwikkelingen in de biotechnologie, de significante rol van deze sleuteltechnologie in de realisatie van de wereldwijde sustainable development goals (SDG’s) en van nationale ambities zoals de eiwitstrategie en circulaire economie. Ook schetst het rapport de vele fronten waarop Nederland en Europa helaas nog tekortschieten om die biotech potentie ook daadwerkelijk te verzilveren. De GR en COGEM roepen daarom onder meer op tot een integrale visie met scherpe keuzes, nationale regie via een interdepartementale directie biotechnologie, en fikse investeringen in alle aspecten van het biotech innovatie ecosysteem. Want, zo stellen de auteurs: “biotechnologie mag niet iets zijn wat ons overkomt”. Hear, Hear.

De kersverse Trendanalyse Biotechnologie 2023, uitgevoerd door de Gezondheidsraad (GR) en Commissie Genetische Modificatie (COGEM) in opdracht van het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (IenW), heeft als doel om de politiek te informeren én te adviseren over de kansen, risico’s en behoeften van biotechnologie voor de maatschappij. De publicatie komt voort uit een grondige literatuurstudie en consultatie van de vele stakeholders die het biotech ecosysteem rijk is. Natuurlijk droeg ook HollandBIO bij aan de trendanalyse, met een pleidooi om de drempels weg te nemen die Nederland en Europa verhinderen om de vele kansen van de biorevolutie te verzilveren.   

Sleuteltechnologie in razende ontwikkeling 

Was biotechnologie al niet meer weg te denken uit het leven van alledag, de ontwikkeling van het vakgebied zet zich onverminderd, en misschien wel steeds sneller, door, zo laat het rapport overtuigend zien. Het lezen, produceren en aanpassen van DNA kan steeds goedkoper, sneller en preciezer, op grotere schaal, en de toepassingen voor micro-organisme, plant, dier én mens nemen nog steeds snel toe. Biotech is daarmee niet voor niets een enabling technologie, verweven met tal van sectoren en werkvelden zoals de circulaire economie, voedselproductie en gezondheid.  

Volop potentie voor de circulaire economie 

De industriële biotechnologie heeft potentie voor CO2-reductie, biodiversiteitsbehoud, verbetering van lucht-, water- en bodemkwaliteit en leveringszekerheid van grondstoffen, zo stelt het rapport. Zo kunnen micro-organismen zonder fossiele bronnen biobased brandstoffen en plastics produceren. Ook de ontwikkeling van biotechnologische processen met CO2 of (groene) waterstof als grondstof zit in de lift. Helaas heeft de overheid in haar nationale inspanningen rondom de circulaire economie nauwelijks aandacht voor biotech. Een flinke omissie die dringend hersteld moet worden.  

Disruptie van onze voedselproductie 

Klimaatresistente gewassen, gecultiveerd vlees en ‘dierlijke’ eiwitten uit micro-organismen: moderne biotech heeft de potentie om onze voedselvoorziening te transformeren en kan een rol van belang spelen bij de vervulling van de ambities van de Nationale Eiwitstrategie. Maar dat gaat niet zonder slag of stoot – over de hele linie van lab naar consument zijn knelpunten te slechten, willen Nederland en Europa inlopen op hun achterstand ten opzichte van meer voortvarend opererende werelddelen, zoals de VS en China. Zo stamt de wet- en regelgeving rondom genetische modificatie uit de vorige eeuw en is dringend aan modernisering toe.  

Gezondheid op maat – voor iedereen 

De kracht van biotech, en in het bijzonder van grootschalig sequencen werd duidelijker dan ooit tijdens de COVID-19-pandemie. De razendsnelle karakterisering van virusvarianten en stand van de wetenschap resulteerde in een ongeëvenaard snelle ontwikkeling en productie van vaccins en testen.  Nieuwe gen- en celtherapieën boeken gezondheidswinst voor patiënten met een tot voor kort moeilijk of niet te behandelen ziekten. En onze toenemende kennis van het genoom maakt het mogelijk om op individueel niveau effectiever te behandelen en bijwerkingen terug te dringen. Om de snelgroeiende technologische mogelijkheden in goede banen te leiden en te zorgen dat iedereen de vruchten kan plukken van biotech innovatie, zijn politiek en beleid aan zet: heldere keuzes, regie en een gebalanceerde wet- en regelgeving zijn onontbeerlijk. 

Stop de versnippering: op naar een integrale visie op biotech 

Het moge duidelijk zijn, zo concluderen de auteurs: de ontwikkelingen in de biotechnologie gaan razendsnel en de beloften zijn groot. Biotechnologie kan een belangrijke bijdrage leveren aan het bereiken van de duurzame ontwikkelingsdoelstellingen van de Verenigde Naties en van Europese en nationale doelstellingen op het terrein van een circulaire economie, (volks)gezondheid en verduurzaming van de voedselproductie. De technologische ontwikkelingen roepen echter ook juridische, maatschappelijke, ethische en economische vragen op, die op korte termijn om weloverwogen keuzes vragen. Op dit moment zijn de overheidsinspanningen echter versnipperd en de doelstellingen onduidelijk. Verantwoorde benutting van de kansen die de biotechnologie biedt, vraagt dringend om een langetermijnvisie en regie. COGEM en Gezondheidsraad roepen op tot een kabinetsbrede aanpak met betrokkenheid van wetenschappelijke instellingen, maatschappelijke partijen en bedrijfsleven om het biotech ecosysteem te optimaliseren. En daar draagt hollandbio natuurlijk maar wat graag aan bij. 

← #nieuws

BIO-Europe spring landed in Basel

,

Last week, biotech entrepreneurs gathered at the Messe in Basel for BIO-Europe Spring, the premier springtime partnering conference for biotech. Among the 3200 attendees, a delegation of 95 Dutch attendees were present. The Health~Holland pavilion served as the perfect place to put the Netherlands in the spotlight.

At the Health~Holland pavilion, people came by to learn about the strengths of the Dutch life sciences sector and business climate, to meet other Dutch attendees during breaks in between the partnering appointments, or just to enjoy a stroopwafel. At the hospitality reception on Monday evening, we upheld the tradition of raffling a Loyens & Loeff bike. The winner this time was Mark Farmery, Chief Development Officer at Anocca, a Swedish biotech developing next generation T cell therapies. Apart from his work at Anocca, Mark also happened to be the proud founder of BiotechBikers, an international community of bioscience professionals passionate about cycling.  

We had a blast and hope to see you all again later this year! From June 5-8, you can join us at BIO International Convention in Boston. HollandBIO members get a $200 discount on Premier Access and General Access passes. Click here to find more information. In November, we will also be present at BIO-Europe in Munich. Stay tuned for the member offer! 

← #nieuws

Kersverse pilot MKB R&D Call geopend 

, ,

Health~Holland, de Topsector Life Sciences & Health, opende vorige week een nieuwe subsidie MKB R&D Call. Deze subsidie verschilt t.o.v. de reeds bestaande Match Call, door het mkb in de lead te brengen en zich volledig te richten op industriële publiek-private samenwerkings (PPS)-projecten. Daarmee laat Health~Holland de PPS-middelen beter aansluiten op de behoeften van het innovatief mkb, en dat is wat HollandBIO betreft een mooie mijlpaal!  

Binnen de pilot is €3,3 miljoen beschikbaar, waarvan €2,4 miljoen voor het mkb. De subsidie behelst een maximum van 50% van de totale kosten van het mkb tot een bedrag van €150.000 aan PPS-toeslag per jaar. De deadline voor het indienen van een korte vooraanmelding is maandag 15 mei, 17:00 uur CET. De voorwaarden, documenten en het indienproces vind je hier. Succes met indienen! 

← #nieuws

Problemen werden mogelijkheden tijdens het Challenge the Status Quo-event 

, ,

Afgelopen donderdag stond voor HollandBIO in het teken van verandering en transities. Tijdens de allereerste editie van het Challenge the Status Quo-event bouwden we samen aan de ideale toekomst van geneesmiddelontwikkeling. Op de inspirerende ‘speelplaats’ van De Utrechtse Stadsvrijheid daagden we deelnemers uit buiten de begaande paden te denken en op een compleet andere manier naar problemen te kijken. We kijken terug op een dag vol inspiratie, ideeën, optimisme en verbinding. 

HollandBIO’s Annemiek trapte de dag af met een warm welkom, waarna Omdenken het podium betrad en de zaal werkelijk op zijn kop zette. Chris King Perryman en David Mangene lieten zien hoe je problemen kunt omdenken in mogelijkheden: door de werkelijkheid te accepteren en te onderzoeken wat voor nieuws je ermee zou kunnen, opent er een wereld aan mogelijkheden – een inspirerende manier van denken en doen, die nog meerdere keren van pas kwam tijdens de rest van de middag. 

Als kersverse ‘omdenkers’ gingen de deelnemers vervolgens door naar twee boeiende break-outrondes, waarin ze kennis konden maken met zowel de ins en outs van systeemtransformaties, als de hard en soft skills die nodig zijn om verandering daadwerkelijk teweeg te brengen: 

Vuistregels voor goede participatie: Merlijn van Hulst en Martine de Jong zwengelden een discussie aan met een aantal prikkelende stellingen waar je als ‘grenswerker’ tegenaan kunt lopen: een initiatief doorzetten zonder draagvlak, of economische belangen zwaarder laten wegen dan maatschappelijke belangen, mag dat? Het waren geen simpele JA/NEE-vragen… Gelukkig presenteerde het duo zestien houvast-biedende vuistregels voor het vormgeven van participatieprocessen.
De sluier van onwetendheid: Tijdens dit gedachtenexperiment onder leiding van filosofen Beatrijs Haverkamp en Léon Stoker ontstond een boeiende discussie over rechtvaardigheid binnen het geneesmiddelontwikkelsysteem. Hoe ziet zo’n systeem eruit als je niet weet welke belanghebbende jij vertegenwoordigt?
De potentie van data: Geraldine Vink en Rita Azevedo gingen met de zaal in gesprek over de potentie en (on)mogelijkheden van datagebruik voor geneesmiddelenontwikkeling. Daarbij boden hun inzichten en ervaringen vanuit het PLCRC, Health-RI en Oncode-Pact de nodige houvast en aanknopingspunten tot discussie. Na afloop liepen de deelnemers met een zelfgeformuleerde microactie de deur uit, want ook met vele kleine stapjes belanden we uiteindelijk bij de volle potentie van datagebruik.
AI meets biotech: Experts van TNO, Landscape AI en Euretos deelden hun visie over kunstmatige intelligentie (AI) in korte presentaties, waarna een open gesprek met het publiek tot een interessante paneldiscussie leidde. “Met AI kan een computer zien wat de mens niet kan.”
Sneller, beter, slimmer: FAST organiseerde een heuse hordeloop-estafetterace, waarbij ze samen met deelnemers in recordtempo de hindernissen van geneesmiddelontwikkeling in kaart brachten en prioriteerden. De eindsprint bracht oplossingen: van minder proefdieren en fast failure, tot meer technologische innovaties en optimaal gebruik van gezondheidsdata. De winnaar? Een lerend zorgsysteem! 
Proefdiervrije innovatie: ZonMw en Stichting Proefdiervrij haalden input op over de kansen en uitdagingen van publiek-private samenwerkingen in de transitie richting proefdiervrije innovatie.
De patiënt centraal bij therapieontwikkeling: Samen met NCSF en ReumaNederland gingen we in Lagerhuisdebat over patiëntenparticipatie. “Het is voor onderzoekers heel belangrijk om opgeleid te worden in het samenwerken met ervaringsdeskundigen: de patiënten.” 
How to captivate your audience: Martijn Wapenaar deelde een effectief achtstappenplan voor het maken van een presentatie die écht blijft hangen. Bottomline: “Duik in het hoofd van je publiek en vraag je af: wat wil ik bij hen veranderen, en waarom?” 

Universitair hoofddocent Innovatie & Life Sciences Dr. Wouter Boon rondde de dag plenair af met een snelcursus transitiemanagement. Hij introduceerde de belangrijkste concepten van systeemtransformaties en illustreerde aan de hand van cases hoe die van toepassing zijn in de life sciences. “Radicale transities liggen op de loer, maar hoe zorgen we dat die veilig en op tijd de maatschappij bereiken?”, vroeg hij zich hardop af. “Hoe geven we genoeg ruimte aan de innovatieve technologieën die de wereld (kunnen) veranderen?”

Opgedane inzichten en gedachten van de dag werden gedeeld tijdens de afsluitende borrel. HollandBIO is dolblij met hoe de aanwezigen met de uitdagingen zijn omgesprongen. Graag danken we alle deelnemers, sprekers en sessieleiders voor hun enthousiaste bijdrages en aanwezigheid. Tot de volgende keer! 

← #nieuws

Meer mogelijkheden voor teelt en verwerking medicinale cannabis 

, ,

In een Kamerbrief gaat VWS-minister Kuipers in op de beleidsstappen die hij aankondigt rond medicinale cannabis. De minister schrapt het exportplafond en de productiebeperkingen en maakt daarnaast ontheffingen voor activiteiten met medicinale cannabis voor onderzoek en geneesmiddelenontwikkeling en -productie gemakkelijker. HollandBIO is blij met de positieve toon in de brief ten aanzien van de potentie van medicinale cannabis en de rol van kennisinstellingen en bedrijven die hiermee bezig zijn en kijkt vooruit naar de uitvoering van de beleidsstappen.

Met de beleidsaanpassingen wil Kuipers de sector verder brengen. Op die manier kunnen patiënten in Nederland (en daarbuiten) beter worden geholpen, kunnen innovatie, onderzoek en productontwikkeling nog verder worden aangejaagd en wordt de internationale keten van medicinale cannabis versterkt. 

Gesloten keten blijft hetzelfde; exportplafond en productiebeperking verdwijnen 

De productie- en leveringsketen van medicinale cannabis voor patiënten via apotheken en groothandels in binnen- en buitenland, ook wel ‘de gesloten keten’ genoemd, blijft ongewijzigd. Het Bureau voor Medicinale Cannabis (BMC) blijft binnen die gesloten keten verantwoordelijk voor de leveringen van medicinale cannabis via partijen die zij daarvoor heeft aanbesteed. Tegelijkertijd verdwijnen het exportplafond en de beperkingen op de productie van de aanbestede teler , waardoor sprake is van vooruitgang.   

Meer ruimte voor onderzoek, ontwikkeling en productie geneesmiddelen 

Het bevorderen van (internationale) activiteiten en handel met medicinale cannabis jaagt volgens minister Kuipers wetenschappelijk onderzoek en geneesmiddelenontwikkeling en -productie aan. Hij wil daarom dat partijen die buiten ‘de gesloten keten’ vallen, eenvoudiger een opiumontheffing kunnen krijgen. Dat kunnen partijen zijn die actief zijn rond de teelt, bewerking of verhandeling van medicinale cannabis en een aantoonbare bijdrage leveren aan wetenschappelijk onderzoek naar de geneeskundige toepassing van cannabis en geneesmiddelproductie. Zij moeten met een door BMC verleende ontheffing hun producten kunnen verhandelen aan andere partijen in de keten, ook als deze zich in het buitenland bevinden. 

De weg vooruit: uitvoering beleidsstappen en aanpassing Opiumwet 

Nederland heeft zich de afgelopen 20 jaar internationaal op de kaart gezet als een land dat op een verantwoorde manier ruimte weet te geven aan het gebruik van medicinale cannabis. We staan wereldwijd bekend om medicinale cannabis van hoogstaande kwaliteit. Met de nu aangekondigde beleidsstappen geeft de minister meer ruimte aan wetenschappelijk onderzoek en productontwikkeling, het aanjagen van internationale samenwerking en kennis- en expertise-uitwisseling en het nog beter bedienen van patiënten. En daar blijft het niet bij, want in de ogen van de minister vormen de beleidsaanpassingen een opstap naar een wijziging van de Opiumwet die aan verdere verbetering bij moet dragen. 

← #nieuws

De prijs van innovatie: tel uit je (gezondheids)winst!

, , ,

Geneesmiddelen en winst – het is en blijft een thema dat garant staat voor hoogoplopende gemoederen. De afgelopen weken was het niet anders. Twee ngo’s hekelden de prijsstelling van twee van de meest succesvolle biotech interventies ooit: een ontstekingsremmer van AbbVie tegen heftige auto-immuunziektes zoals reuma en de coronavaccins van Pfizer/BioNTech en Moderna. Helaas spraken zowel SOMO als de Stichting Farma ter Verantwoording slechts schande van het – inderdaad – ongeëvenaarde commerciële succes van de producten, maar lieten ze de eveneens ongeëvenaarde gerealiseerde gezondheidswinst onbenoemd. En dat terwijl in de geneesmiddelensector het één nooit zonder het ander kan bestaan.  

Zonder patiënt geen rendement, zo schreven we eerder naar aanleiding van het onderzoek naar het financiële ecosysteem van geneesmiddelenontwikkeling, uitgevoerd in opdracht van het ministerie van VWS. De hoofdconclusie: geneesmiddelenontwikkeling duurt lang, kost veel geld, is risicovol en vergt samenspel van vele partijen. Zo’n enorme uitdaging ga je natuurlijk alleen aan wanneer je ervan overtuigd bent dat je uitvinding die moeite waard is: dat je er op een dag daadwerkelijk patiënten mee kan helpen. Gezondheidswinst is de drijfveer, financieel rendement een essentiële randvoorwaarde (en zeker geen pijnlijke openbaring, minister Kuipers, laten we elkaar hierin niet verliezen).  

Voor de producent volgt financieel rendement enkel wanneer de maatschappij bereid is om te betalen voor de aanschaf van het eindproduct, doorgaans via het verzekerde pakket. Om dat te bepalen gaat Nederland bepaald niet over één nacht ijs, getuige onze analyse van het vergoedingslandschap en de bijbehorende oplopende doorlooptijden. Bottom line: geneesmiddelen moeten aantoonbaar kosteneffectief zijn willen we als maatschappij de rekening betalen. Met andere woorden: de – bewezen! – gezondheidswinst moet in verhouding zijn met de prijs. De producten die nu door de ngo’s op de korrel worden genomen, hebben die toets glansrijk doorstaan. De covid-vaccins hebben letterlijk de wereld van het slot gehaald. En de ontstekingsremmer heeft patiënten over de hele wereld hun leven teruggegeven en een kentering gerealiseerd in de zorg voor patiënten met een veelheid aan ontstekingsziekten. Het behandelarsenaal groeide snel: in het succesvolle kielzog traden diverse vergelijkbare medicijnen toe tot het pakket. En het mooiste: inmiddels is het geneesmiddel uit patent en betalen we nog slechts een fractie van de initiële prijs – terwijl de geleverde gezondheidswinst tot in de lengte der dagen onverminderd groot is. Een goeie deal, al met al.  

Is er dan niets aan de hand? Geen wolkje aan de lucht? Tuurlijk niet. In de zorg (en elders) wemelt het van conflicterende (deel)belangen. Laten we die olifant in de kamer dan ook gewoon benoemen. Het vinden van balans is in het huidige zorgsysteem zelfs de enige weg naar succes. 

Enerzijds is er het spanningsveld rondom de prijsstelling tussen producent en klant. Een bedrijf wil na het succesvol afleggen van die ellenlange, risicovolle en kostbare ontwikkelroute natuurlijk zo veel mogelijk geld verdienen, ter compensatie van mislukkingen, om bedrijfslasten te dragen, om continuïteit te waarborgen, om aandeelhouders tevreden te stellen, om vervolgfinanciers aan te trekken en om te investeren in onderzoek en ontwikkeling etc. etc.. De “klant”, in dit geval de overheid en zorgverzekeraars namens de premiebetaler, maar ook de ziekenhuizen, willen juist zo min mogelijk geld uitgeven aan geneesmiddelen. Ons hele vergoedingslandschap is ingericht om de balans te vinden tussen gezondheid en betaalbaarheid – al moet de lat in de praktijk meestal lager. Vinden we die balans niet, dan zijn er enkel verliezers te betreuren: zowel patiënt als bedrijf. 

Anderzijds is er het hete hangijzer van winst. Het moge duidelijk zijn dat het voor bedrijven noodzakelijk is om meer geld te verdienen dan strikt noodzakelijk is om het medicijn te produceren – om winst te maken dus. Het is immers hoogst onzeker of investeringen wel renderen en er staat veel op het spel. Soms groeien de bomen tot in de hemel, vaak is het roeien met de riemen die je hebt. Bij multinationals volgen na een tegenvaller ontslagrondes en reorganisaties om alsnog goede cijfers te realiseren. Bij kleinere bedrijven, die vet op de botten en de luxe van risicospreiding ontberen, volgt niet zelden een vijandige overname, sluiting of faillissement. De ophef ontstaat echter alleen bij de hoge bomen, en altijd achteraf, als succes een feit is. Begrijpelijk, maar ook wat makkelijk; risico en waarde zijn in biotech immers omgekeerd evenredig. Als we van te voren zouden weten welk product een doorslaand succes wordt, hoefde succes niet zo vorstelijk beloond te worden om de return on investment van de sector te redden. 

Door al die spanningen over en weer zijn we in een wapenwedloop beland. De betaler werpt steeds meer drempels op om kosten te besparen, waarmee de kans dat een geneesmiddel de patiënt ooit bereikt slinkt en slinkt…, waarop de producent zich gedwongen ziet de prijs te verhogen, waarop meer maatregelen volgen. We zeiden het eerder en we zeggen het weer: oplossingen die daadwerkelijk het gewenste resultaat opleveren, zijn maatregelen die de route van lab naar patiënt versnellen en verbeteren. Dat vergt – naast een systeemtransitie – vertrouwen en respect voor ieders onmisbare rol in succes, inclusief drijfveren en randvoorwaarden. 

Intussen maakt de queeste naar wat al dan niet maatschappelijk, gewetenloos of zelfs illegaal is, de tongen los. Van schreeuwerige chocoladeletters en ingebakken wantrouwen, tot relativering en bespiegeling. De juristen van de Stichting Farma ter Verantwoording stappen voor het antwoord naar de rechter. Al valt te betwijfelen of die stap uitsluitsel geeft – laat staan meer betaalbare gezondheidswinst – we kijken belangstellend uit naar het verdict.  

Ligt geneesmiddelontwikkeling jou na aan het hart? Denk mee over hoe het sneller en beter kan tijdens het Challenge the Status Quo-event op donderdag 16 maart.