← #nieuws

Europees Parlement wil ook in Europa de vruchten plukken van CRISPR

, ,

Een historisch moment: het Europees Parlement stemde vorige week voor een aangepaste versie van het voorstel rond Nieuwe Genomische Technieken (NGTs), waarmee de EU het mogelijk maakt om met hulp van moderne technieken als CRISPR gewassen te ontwikkelen voor de Europese markt. In haar nu officiële positie roept het Parlement ook op tot een NGT voorstel voor micro-organismen en andere sectoren die buiten de scope van dit wetsvoorstel vallen. Hollandbio is erg blij met dit groene licht voor innovatie en duurzame landbouw. Maar daarmee we zijn er nog niet.

Het Parlement wil, net als de Europese Commissie, NGT planten die ook met conventionele veredeling verkregen hadden kunnen worden (NGT-1 planten), vrijstellen van de oude, onmogelijke ggo route naar de Europese markt. De gelijkwaardigheid wordt getoetst aan de hand van een aantal criteria tijdens een overzichtelijke verificatieprocedure. Geverifieerde NGT-1 planten mogen met een aantal verplichtingen rondom labeling de Europese markt op. Voor NGT planten die buiten deze criteria vallen (NGT-2 planten) blijft een uitgebreide, complexe toelatingsprocedure gelden.

Om tot nieuwe Europese wetgeving te komen, moeten de Europese Commissie, Parlement en Raad het eens worden over het wetvoorstel van de Commissie. Zowel de Commissie als het Parlement hebben nu hun positie ingenomen. Voordat de onderhandelingen kunnen beginnen moet ook de Europese Raad nog een gekwalificeerde meerderheid zien te bereiken over een gezamenlijke onderhandelingspositie. De compromistekst waarmee tijdens een vergadering van de EU-landbouwattachés (COREPER) vorige week een nieuwe poging werd gedaan, is helaas opnieuw mislukt.

Meer info

Persbericht Europees parlement

Alle aangenomen amendementen door het EP

Het voorstel van de Europese Commissie

← #nieuws

Early access: waar een wil is, is een weg 

,

‘Als je iets echt wil, dan vind je een weg. Wil je dat niet, dan vind je een excuus.’ Deze tegeltjeswijsheid schoot door ons hoofd na lezing van de kamerbrief van het ministerie van VWS over early access programma’s. In tegenstelling tot het onderwerp, zoomt de brief vooral in op het al dan niet vergoeden van geneesmiddelen tijdens de periode van beoordeling en onderhandeling in de sluis. En lijkt de brief – spoiler alert – vooral bedoeld als excuus om dit niet te doen. Hollandbio had op meer ambitie en balans gehoopt in de zoektocht naar mogelijkheden om de toegang tot nieuwe geneesmiddelen te vervroegen.

Wat betreft de vergoeding tijdens de sluis is het ministerie helder. Het ziet voor zichzelf, als betaler, enkel nadelen, en voor de fabrikant, als winstmachine, enkel voordelen van vergoeding uit collectieve middelen. Dat maakt het ‘njet’ logisch, als de analyse niet zo eenzijdig en hier en daar zelfs krom zou zijn: de onderhandelingspositie van de overheid zou verzwakt worden door vergoeding gedurende de sluisperiode, zo lezen we in de brief. Maar welke prikkel is er van overheidswege om snel tot een goede prijs te komen wanneer de fabrikant het geneesmiddel tijdens de sluisperiode gratis ter beschikking stelt? Sinds wanneer wordt het in één behandeling mogelijk genezen van een patiënt met gentherapie gezien als een interventie die drempels opwerpt voor concurrentie, en een nadeel voor de overheid bovendien? Ook een mogelijk langere terugverdienperiode en hogere winsten worden opgevoerd als nadelig voor de betaler, terwijl de bestaande mogelijkheid van gratis verstrekken volgens het ministerie niets dan voordelen voor fabrikanten kent. Zelfs het meest evidente nadeel ontbreekt (hint: gratis weggeven is een slecht businessmodel).  

Het moge duidelijk zijn: er is de minister veel aan gelegen om niet tot de door fabrikanten gewenste vergoeding tijdens de sluis over te gaan. Zij kunnen immers gewoon om-niet verstrekken als ze dat willen. Wel spreekt Helder wens uit om vertraging te minimaliseren. Maar ook daarvoor legt zij de bal vooral bij fabrikanten. Zo zouden zij zich dankzij horizonscanning beter kunnen voorbereiden op de specifieke dossiervereisten voor de Nederlandse zorgmarkt, optimaal mee kunnen werken aan nationale procedures, en, nog beter, ze zouden gewoon hun prijzen kunnen matigen. Dan was al die toetsing en onderhandeling immers überhaupt niet nodig. Kortom: daar waar de gigantische versnippering van de ‘Europese markt’, de steeds hogere drempels voor toelating en vergoeding en de toenemende onzekerheid rondom regelgeving en return on investment het prijsniveau van geneesmiddelenontwikkeling enkel opstuwen, wil ook deze minister het tij keren door fabrikanten te wijzen op hun maatschappelijke verantwoordelijkheid om gewoon even mee te werken. Was de oplossing maar zo simpel. 

Het meest opvallende aan de Kamerbrief is echter misschien nog wel het ontbreken van het belang van de patiënten in de afweging en welke verantwoordelijkheid het ministerie jegens hen heeft. De minister legt de afweging om tot om-niet verstrekken over te gaan, volledig bij de fabrikant neer, en schildert patiënten af als een ‘pressiemiddel’ voor de industrie. Dat is problematisch, want juist in ons streven om gezondheidswinst te maximaliseren, kunnen we elkaar vinden. De gezamenlijke ambitie om zoveel mogelijk gezondheidswinst voor patiënten te leveren, zou de wil kunnen zijn van waaruit de – voor ieder begaanbare – weg kan volgen.  

Gelukkig leidt die gedeelde wil buiten de directe regie van VWS weldegelijk tot hoopvolle nieuwe wegen. Zo streven programma’s als het Drug Rediscovery Protocol (DRUP), het Drug Access Protocol (DAP) en het Orphan Drug Access Protocol (ODAP) naar het faciliteren van vroege toegang voor patiënten die mogelijk baat hebben bij nieuwe behandelingen, daarbij continu balancerend tussen de legitieme mogelijkheden en onmogelijkheden van elke betrokken stakeholder, of dat nu om patiënten, artsen, verzekeraars of fabrikanten gaat. Of iets in de praktijk werkt, en voor wie precies, kan zich zo ook grotendeels in de praktijk uitwijzen. Zo is door middel van de dataverzameling binnen DAP nu een eerste geneesmiddel definitief vergoed vanuit het basispakket. Een krachtig pleidooi voor vroege toegang als weg vooruit. We zijn dan ook blij dat het ministerie van voornemen is om zowel hollandbio als de VIG te betrekken bij de totstandkoming van goede gezamenlijke oplossingen. Want wij zien volop bospaadjes die met de juiste wil en inzet uit kunnen groeien tot geëffende wegen naar gezondheid op maat.  

← #nieuws

Year Event 2024: festive tenth edition celebrates power of biotech

,

Last Thursday, at the festive tenth edition of the hollandbio Year Event, we thanked our members and our closest contacts for their continuous support to unlock biotech’s potential. We look back on record-breaking number of guests enjoying a program jam-packed with innovative entrepreneurship and a healthy dose of humor. From unlocking the power of antibodies to change the lives of patients, to tapping into the power of generative AI and machine learning to help design and engineer proteins to better suit numerous applications – it became evident once again that the possibilities of biotech are endless.

After a warm welcome, hollandbio’s Annemiek kicked off the plenary program by taking a moment to acknowledge the great start for biotech in 2024: the publication of the Dutch National Technology Strategy which prominently features biotechnology, the breakthrough vote in favor of New Genomic Techniques for plant breeding in the ENVI Committee in European Parliament, the announcement that the Netherlands will be the first EU country to allow for tastings of cultured meats and fish and, last but not least, the reimbursement of a new gene therapy with a first young patient already receiving treatment.

On a mission to pave the way for a healthy and sustainable world

This edition of the Year Event marked the ten year anniversary of hollandbio – all made possible thanks to the support of loyal members, without whom we would not be able to achieve anything. Annemiek took the audience along the journey of starting a fledgling association, building on the fundaments of its predecessors, placing her foot between many doors whilst building relationships and creating connections. Up until the point where hollandbio is now, a reliable and knowledgeable partner that sometimes even has to keep its own door shut to prioritize its ambition: to pave the way for the biotech innovations of our members that help cure patients, protect the climate and nourish humanity. A Golden Age of biotech lies ahead, driven by the ongoing Bio Revolution. Strikingly, the art of advocacy strongly resembles running a bioreactor: the ingredients and circumstances need to be perfect to achieve long term success. For that to happen, we need everyone to embrace the power of biotech, emphasizing how biotech innovations directly benefit people, their families and the environment. Or, as Annemiek referred to the quote of BIO’s new CEO, John Crowley: “There’s nothing in the laws of nature that says we cannot cure any disease or overcome any obstacle. There are only the limits of what we are willing to pursue as a society.”

Strategic twists and turns to bring new immunology solutions to patients

Keynote Arjen Lemmen, Vice President Corporate Development & Strategy at argenx, shared that the success of argenx in getting new treatments to patients is not so much a strategy that runs in a straight line, but rather is a journey with many twists and turns, and a healthy dose of luck, too. What stands out though, is the decision to set the company’s sights on a journey of transforming autoimmunity and trying to provide patients with precision medicine based on novel target biology. Arjen explained how several key decisions transformed argenx over the years: from moving to Ghent due to favorable financing opportunities to focusing on starting an own pipeline, doing an IPO first at Euronext Brussels and at the US NASDAQ some years later, and from coping with a crucial failed development program to the decision to pursue being a company independently commercializing its own products. The journey features mind-blowing numbers: for most of the time, the company doubled in size every year, has raised almost 5 billion euros, but still is a loss making company. An important success factor is and has been investing heavily in new and existing investor relationships. Other crucial elements are the extensive collaborations with scientists and knowledge institutes, in which The Netherlands plays an important role thanks to its excellent quality of science, with argenx investing millions of euros in public-private projects and long-term partnerships with several university medical centers. In terms of better valorization of this knowledge and helping companies get to patients faster and better, The Netherlands and Europe as a whole can still learn to do better – which was also reflected in the interview with argenx CEO Tim van Hauwermeiren in last week’s FD.

Using generative AI and machine learning for better biotech innovations

The event’s second keynote was Elise de Reus, Co-Founder at Cradle and part of a team that combines expertise in the fields of AI, machine learning, programming and biotechnology. Having also worked in the biotech sector in the past years, Elise is driven by the strong optimism that lives in the sector and the way biotech people rise to the challenges they encounter. Using vaccines as a clear example, Elise clearly explained the importance of Cradle’s core business to design better proteins in improving biotech innovations. Cradle tries to contribute to the efforts of biotech teams on developing innovations that lead to a healthy and sustainable world. That is very cool ambition, but it is also very hard. As Elise remarked in illustrating the complexity: “Biology is inspired by nature, but nature did not evolve to better serve our washing machines. When and where do we need to make changes in order to come to a viable product?” In addition, developing new biotech solutions is also notoriously expensive and time-consuming, which is holding innovation back. As large language models emerged, the insight became apparent that a similar approach could be applied to the genetic language of proteins. Cradle in a sense aims to become the ChatGPT of proteins, enabling as many teams as possible to now leverage the power of AI and machine learning to design and engineer better proteins in a faster and cheaper way.

Brilliant three-step course on generating brilliant ideas

The plenary program was concluded with an out-of-the-box course at breakneck speed by Rob Urgert, comedian and TV presenter on how to generate brilliant ideas – a more than useful skill in biotech. Rob illustrated how three simple steps can turn ordinary people into visionaries with ideas that are better and more original and creative than they used to be. Or, as he dubs it himself: “What if you are not a genius, then how can you become as close to one as possible?” We are looking forward to a surge of even more brilliant and creative ideas for biotech innovations coming from the ecosystem in the coming period of time.

We thank all who were present for making this another successful edition of the hollandbio Year Event. We look forward to welcoming you all again at the Dutch Biotech Event, so please make sure to mark June 28 in your agendas for now! Until then, you are welcome to join us at the many other events taking place in 2024. 

← #nieuws

De toekomst tegemoet met biotech

, ,

Met de recent gepubliceerde Nationale Technologiestrategie (NTS) spreekt Nederland de ambitie uit om in 2035 wereldwijd leidend te zijn in biomoleculaire en celtechnologieën (lees: biotech!) voor gezondheid op maat en duurzaamheid. De ijzersterke aanbevelingen om die ambitie te realiseren zijn een feest van herkenning: financiering voor startups en scale-ups, investeren in onderzoeks- en testfaciliteiten, werk maken van valorisatie, van talent en van samenwerking in het ecosysteem. Nu wist hollandbio al lang dat kiezen voor biotech een uitstekend idee is, maar ook het onderzoek van Elsevier dat ten grondslag lag van de NTS bevestigt dat onze sector zich op alle fronten in positieve zin onderscheidt. Next up: van woorden naar daden.

Technologische innovaties en technologisch ondernemerschap zijn essentieel voor een productiever, duurzamer, gezonder en veiliger Nederland, zo stelt EZK-minister Adriaansens in haar Kamerbrief over de NTS. Wereldwijd investeren landen fors om hun strategische positie op technologische innovaties en waardeketens te versterken. Nederland kan daarin niet achterblijven. De NTS zet tien uiteenlopende technologieën op een rij waar de grootste kansen voor Nederland liggen. Het rapport schetst voor elk van deze technologieën de potentie en ontwikkelingen, sterktes, zwaktes, kansen en bedreigingen en doet aanbevelingen om tot technologisch leiderschap te komen. De NTS geeft daarmee bouwstenen voor een strategisch technologiebeleid.

Om tot de NTS te komen, gaf de minister Elsevier opdracht om inzicht te geven in onze wereldwijde wetenschappelijke positie in onderzoek binnen 44 technologievelden. Biotech en Life Sciences kwam daarbij als enige van alle sleuteltechnologieën op alle onderzochte aspecten positief uit de bus: focus en activiteit van onderzoek, economisch potentieel, aantal en kwaliteit van patenten en dynamische clusters. Ook raadpleegde het ministerie van EZK diverse deskundigen, inclusief hollandbio. We wezen op de enorme potentie en waarde van de wereldwijde biorevolutie voor onze gezondheid, duurzaamheid en economie, en wat de sector nodig heeft om de kansen optimaal voor Nederland te verzilveren.

Hollandbio is blij dat niet alleen biotech als sleuteltechnologie, maar ook onze aanbevelingen hun weg naar de NTS hebben gevonden. Naast de oproep om in navolging van de Trendanalyse Biotechnologie te komen tot een integrale en langjarige overheidsvisie, roept het rapport op om werk te maken van alle aanbevelingen uit hollandbio’s programma IJzersterk Innovatieklimaat:  van voldoende en passende financiering voor startups en scale-ups, van de beschikbaarheid van toegankelijke onderzoeks- en testfaciliteiten voor startups en MKB, van voldoende en goed opgeleid personeel, en natuurlijk van kennisoverdracht en optimale valorisatieprocessen voor maximale impact, mogelijk door bestendiging en uitbreiding van Biotech Booster. Ook samenwerking in het ecosysteem en vroegtijdige aandacht voor het wegnemen van knellende wet- en regelgeving krijgt aandacht in de NTS.

Een ding moge duidelijk zijn: niemand kan meer om biotech heen. De stapel brieven, adviezen, rapporten, strategieën en programma’s waarin biotech een rol van belang speelt om belangrijke transities te versnellen en te realiseren is inmiddels aanzienlijk: naast de NTS en de eerder genoemde Trendanalyse en de toegezegde integrale overheidsvisie op biotechnologie, zijn daar de diverse Kennis en Innovatie Agenda’s van de topsectoren, de Nationale Eiwitstrategie (NES), het Nationaal Programma Circulaire Economie (NPCE), en de Nationale Groeimarkten. Hoewel al die ronkende ambities een grandioze eerste stap zijn, zijn we bij hollandbio nog lang niet tevreden: met beleidsvoornemens sluit je geen deals. Ze verzilveren geen milestones, noch geven ze toegang tot de markt. Hollandbio rust dan ook niet voordat alle mooie woorden en voornemens zich vertaald hebben in concrete acties waarmee onze biotech koplopers op alle fronten wind mee hebben op hun lange, risicovolle en kostbare route van lab naar maatschappij. En als het aan ons ligt, liever vandaag nog dan morgen.

← #nieuws

SME-call 2024 opens February 1st – be there or be square 

,

The SME-call 2024, with a total budget of €3.3 million, will open for pre-registration on February 1st at 12.00 CET. Budget allocation to a maximum of 30 projects will be done on a first come first serve basis. SMEs can register for €150K per project year (maximum 2 years) in collaboration with a research organization and have to match the call for a minimum of 15% (kind or cash). Last year, 83 biotech, medtech and pharma companies applied for a €6 million fund of the Top sector Life Sciences & Health. Fourteen (of 30) biotech companies secured funds to support their collaboration project with a research organization through this SME-call.  For more information on the conditions and application procedure, please check the Health~Holland website. 

← #nieuws

Duidelijke focus op biotechnologie in Nationale Techstrategie 

, , ,

Nederland kiest voor biotech! We zijn bij hollandbio erg blij met de keuzes die EZK maakt in de afgelopen vrijdag gepubliceerde Nationale Technologie Strategie. Het geeft hierin voorrang aan die technologieën waar Nederland wetenschappelijk in uitblinkt en die gaan zorgen voor economische groei en ons toekomstig verdienvermogen van Nederland. En dat niet alleen, door hier prioriteit aan te geven en in te investeren maken we werk van het oplossen van maatschappelijke uitdagingen. Met innovaties die vanuit Nederland gezondheid en duurzaamheid nog beter maken. Win-win dus!

← #nieuws

Hollandbio verwelkomt DADA Consultancy BV

,

HollandBIO verbindt, vertegenwoordigt en ondersteunt de Nederlandse life sciences sector. We zijn supertrots dat we al meer dan 270 bedrijven vertegenwoordigen: van start-ups, midden- en kleinbedrijven tot grote bedrijven, actief in gezondheid, voeding of biobased economy. Vandaag verwelkomen we ons nieuwste lid, DADA Consultancy BV, een onafhankelijk adviesbureau op het gebied van internationale geneesmiddelregelgeving.

Graag richten zij enkele woorden tot de lezer:

“Als ervaren professionals van DADA zijn we verheugd om een samenwerking met hollandbio aan te gaan en hollandbio te ondersteunen bij het streven om de impact van biotechnologie op gezondheid, duurzaamheid en economische groei te maximaliseren.

Onze uitgebreide ervaring sluit goed aan bij de inzet van hollandbio om een robuust innovatieklimaat te creëren. De deskundigheid van DADA op het gebied van klinische ondersteuning, geneesmiddelregistratie, market access, quality assurance en farmacovigilantie voegt vaardigheden toe aan het doel van hollandbio: de reis van lab naar patiënt versnellen.

De deelname van DADA verrijkt de diversiteit van de leden van hollandbio, variërend van start-ups tot multinationals. Bijna 90% van de lidbedrijven van hollandbio zijn MKB’s, net als DADA. Onze toetreding vergroot de beschikbare expertise om andere leden van hollandbio te ondersteunen.

Nu DADA op dit biotech-podium stapt, draagt onze samenwerking met hollandbio bij aan een gezondere, duurzamere toekomst met economische groei.”

← #nieuws

Goede voornemens voor een gezond geneesmiddelendebat  

,

Medicijnkosten zijn en blijven onderwerp van debat, zo bewijst de recente berichtgeving in het FD. “Nederland weet uitgaven medicijnen goed te beteugelen”, kopte de zakenkrant na eigen onderzoek. En dat maakte de tongen los: “We beheersen de medicijnkosten, maar patiënten betalen de prijs”, stelden drie farmaceuten. Vrijwel gelijktijdig concludeerde een oogarts: “Focus op lagere prijs geneesmiddelen levert tekorten op”, waarop het samenvattende commentaar van het FD luidde: “Beteugeling medicijnkosten stuit op grenzen”. Een en ander was blijkbaar tegen het zere been van demissionair minister Kuipers, die terstond zijn beleid verdedigde en in het verweer kwam tegen “conclusies die niet kloppen”. En dan zijn bij hollandbio de oren gespitst…

De pot en de ketel 

Dat de minister de berichtgeving niet zomaar kon negeren, begrijpen we. Geneesmiddelen zijn immers een belangrijk dossier in zijn portefeuille en nog politiek zichtbaar ook. Hij gaat erover en zit erop, zo gezegd. En dat is nogal een verantwoordelijkheid. We willen problemen dan ook zeker niet onder het tapijt schuiven, noch bagatelliseren. Ook wij zien het zorginfarct met angst en beven tegemoet en zien dat het roer om moet, willen we innovatie ook in de toekomst verzilveren in gezondheidswinst. We zijn niet tegen strenge criteria voor toelating in het pakket, niet tegen onderhandelingen, en zelfs niet per definitie tegen een keihard nee (al mag dat nooit het eindpunt zijn bij een effectieve behandeling). We spreken ons uit tegen misbruik van regels en denken mee over oplossingen die de mazen in het net dichten en waarmee alle betrokkenen uit de voeten kunnen. Het is alleen jammer dat onze minister in zijn reactie de verleiding niet kon weerstaan om precies te doen wat hij anderen verwijt: selectief putten uit cijfers en casuïstiek, en problemen, oorzaken en gevolgen spinnen tot oneigenlijke conclusies, met als enig doel het eigen gelijk te onderstrepen. Daarmee doet ook de bewindsman geen recht aan dit complexe en beladen dossier. Niks geen symbiose, maar politiek pur sang.

Iedereen heeft gelijk 

Nu zou het gek zijn als wij alsnog enkel een duit in hetzelfde zakje doen door in reactie de argumenten van de minister hier vanuit ons eigen perspectief één voor één te fileren (al moeten we eerlijkheidshalve bekennen dat dat de nodige zelfbeheersing kost 😉). Want – radicale uitzonderingen daargelaten – vrijwel iedereen die zich roert in het debat heeft wel een punt. De uitdagingen en dilemma’s in de gezondheidszorg die de minister geacht wordt op te lossen zijn groot, taai en complex, wat zich slecht verhoudt tot de ongeduldige, volatiele en gepolariseerde politieke realiteit en noopt tot stevige stellingname. Tegelijkertijd heeft de FD-redactie ook gelijk wanneer ze stellen dat we in Nederland relatief weinig uitgeven aan geneesmiddelen en dat de uitgaven aan geneesmiddelen tot nu best onder controle, en zeker niet de belangrijkste oorzaak van de stijgende zorgkosten zijn. Ook de ziekenhuizen hebben gelijk, wanneer ze aangeven onder druk te staan doordat ze enerzijds de rekening krijgen van de nieuwe geneesmiddelen en anderzijds gebonden zijn aan een uitgavenplafond. En helaas hebben ook oncologen gelijk wanneer ze vaststellen dat nieuwe kankergeneesmiddelen nog lang niet altijd levens redden en dat behandelen niet altijd de beste besteding van het geld is. De grote problemen aan de onderkant van de geneesmiddelenmarkt ontkent zeker niemand: de tekorten, de bodemprijzen voor essentiële geneesmiddelen en het gebrek aan strategische autonomie. Ook farmaceuten hebben gelijk als ze het belang van continue innovatie benadrukken, de torenhoge investeringen en het teruglopende rendement daarop, en de steeds moeizamere route naar de patiënt met direct en indirect gezondheidsverlies tot gevolg.

Ministeriële utopie 

Je voelt hem aankomen, naast iedereen gelijk geven, willen we toch ook een punt drukken in reactie op het verweer van de minister. En dat punt gaat over de definitie van een ‘gezonde markt’. Zijn beeld lijkt een markt waarin de nieuwste, beste producten goedkoper worden aangeboden dan oude, waarin leveranciers proactief handelen om de klant altijd de laagst mogelijke prijs te bieden, waarin niemand het onderste uit de kan haalt wanneer de kans zich binnen de regels voordoet, en waarin zeker niemand bovenmatig winst maakt. Een markt waarin innovaties altijd direct baanbrekend en nooit incrementeel zijn, waarin prijzen ook zonder afspraken en in afwezigheid van concurrentie direct na patentverloop significant zakken, en waarin commerciële concurrentie een not-for-profit teameffort is om kopers een zo groot mogelijke keus voor de laagste prijs te kunnen bieden. Kortom: in de ministeriele gezonde markt maakt iedere speler het eigen raison d’etre ondergeschikt aan de beleidsdoelen van het ministerie van VWS: Een ministeriële utopie.

Goede voornemens 

Een mens mag dromen, maar toch stellen we voor om in 2024 wat realiteitszin in dat beeld van die gezonde markt te brengen. Laten we om te beginnen de logica van marktwerking erkennen. Fabrikanten willen als verkoper zo veel mogelijk omzet draaien, terwijl overheden als koper de beste producten wil afnemen voor zo min mogelijk geld. Laten we gegeven die logica allemaal onze rol pakken, bij voorkeur zonder al te veel onnodig gemor en gemopper. Laten we stoppen met het afgeven op iedereen – jazeker, ook bedrijven – die zich aan marktregels houdt. (Wild idee: misschien kunnen we zelfs organisaties die alle boxen weten te tikken en hun product vergoed en wel naar de patiënt loodsen eens in het zonnetje zetten?) Laten we in plaats van enkel te mopperen over maatschappelijke verantwoordelijkheid aansturen op wijziging van regels die verkeerd uitpakken, als nodig op nationaal, Europees of wereldwijd niveau. Maar laat vooral het gezamenlijke belang leidend zijn voor succesvol beleid: dat alle geneesmiddelen die gezondheidswinst toevoegen, of ze nu nieuw, oud, te goedkoop of te duur zijn, zo snel mogelijk hun weg vinden naar eenieder die ze nodig heeft. Want één ding is zeker: zonder die toegang verliezen we echt allemaal. 

← #nieuws

Van ziekte naar gezondheid: een levendig debat over medische preventie

, ,

Hoe mooi zou het zijn als we ziekte aan de voorkant kunnen voorkomen? Daar is een verschuiving van onze focus voor nodig: van ziekte naar gezondheid, en van curatieve zorg naar preventieve zorg. Door te investeren in preventieve maatregelen kunnen we mogelijk aanzienlijke kosten voor de gezondheidszorg besparen op de lange termijn. Waar we heen willen is duidelijk. Hoe we dat in de praktijk brengen nog een stuk minder. Daarom kwamen we met een brede groep stakeholders bijeen om te praten over het thema medische preventie.

Op 7 december organiseerden hollandbio en Schuttelaar & Partners een Maatschappelijke Café over medische preventie – waaronder diagnostiek, geneesmiddelen en vaccins – in het Beeld & Geluid museum in Den Haag. Beleidsmakers, patiëntvertegenwoordigers, artsen, apothekers, fabrikanten en uitvoerders namen allemaal deel aan het debat. Onder leiding van dagvoorzitter Edwin Hecker voerden de deelnemers op dynamische wijze een felle discussie.

De cruciale rol van preventie

Bas Derks, lid van de directie Publieke Gezondheid bij het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS), bracht direct aan de start van het debat de vraag naar voren: “Hoe kunnen we de kosten en de baten van preventie beter meenemen in de besluitvorming over de financiering van preventie?”. Het ministerie van VWS heeft daarover het Kennisplatform Preventie om advies gevraagd. Bas Derks belichtte de rol van het Kennisplatform en hoe deze vraag de behoeften van het ministerie weerspiegelt. Gelukkig staat de verschuiving van zorg naar preventie steeds prominenter op de agenda bij het ministerie, waardoor er een groeiende erkenning en steun ontstaat voor het belang van medische preventie. Het rapport van het Kennisplatform wordt begin 2024 gepubliceerd en kan hier hopelijk aan bijdragen.

Peter Wognum, bestuurslid en vicevoorzitter van de Long Alliantie Nederland, pleit voor een herziening van onze zorgpaden en wil hier verschillende expertises bij betrekken. Dat zou voor mensen met longziekten echt een verschil kunnen maken, omdat een gecoördineerd plan het huidige stelsel moet verbeteren en versterken. Volgens Wognum is het huidige vaccinatiesysteem versnipperd en worden de beschikbare vaccins niet optimaal benut. Namens de Long Alliantie pleit hij dat de oplossing ligt in het verankeren van een leidraad, waarbij specifieke richtlijnen voor vaccinaties bij longziekten in de praktijk worden opgenomen. “Betere medische preventie bij mensen met longziekten leidt tot minder ziekenhuisopnamen”, aldus Peter Wognum.

Daarna deelden drie sprekers op welke manier innovaties kunnen bijdragen aan medische preventie en wat dat kan betekenen voor patiënten. Daarbij maakten we direct kennis met de drie aspecten van medische preventie: diagnostiek, geneesmiddelen en vaccins.

Ilse van Hensbeek, medisch directeur bij AstraZeneca, onderstreept de grote impact van betere diagnostiek voor mensen met chronische nierschade. Met een eenvoudige test kan vroegtijdige nierschade opgespoord worden, waardoor op tijd gestart kan worden met behandeling en de kans op complicaties vermindert. Naast deze impact zorgt vroegtijdige opsporing ook voor een vermindering van impact op het milieu. De huidige behandeling, nierdialyse, verbruikt namelijk veel water. Volgens Hensbeek is het de verantwoordelijkheid van de overheid om meer bewustzijn te creëren over de impact van nierschade. “We moeten mensen aansporen met publiekscampagnes,” aldus Hensbeek.

Stefan Vegter, Senior Pricing & Reimbursement Manager bij Novartis, illustreert hoe investeringen in innovatieve geneesmiddelen de zorg kunnen ontlasten en de levenskwaliteit van patiënten kunnen verbeteren. Hij verduidelijkt hoe een gezonde levensstijl en medicatie elkaar aanvullen, mede doordat een gezonde leefstijl helpt bij het verbeteren van effectiviteit van een geneesmiddel. “Onderzoek en beleid gericht op medische preventie zijn investeringen in de toekomst,” besluit Vegter zijn betoog.

De laatste spreker, Daniëlle van Zandbergen, medisch directeur bij GSK, richt zich op de uitvoering van vaccinaties en maakt daarbij vergelijkingen met buurlanden. “We praten over innovatie, maar is het echt innovatie als het jaren duurt voordat we het toepassen?” vraagt Zandbergen zich af. Ze benadrukt dat dialogen tussen alle betrokken partijen essentieel zijn om tot snelle implementatie te komen.

Verschillende perspectieven in het Lagerhuisdebat

Na de inleidende presentaties was het moment aangebroken voor het Lagerhuisdebat, begeleid door Roderik van den Bos van de debatacademie. De zaal werd opgesplitst in tweeën, waarbij deelnemers hun standpunt kenbaar konden maken door te stemmen met hun voeten. Het debat leidde tot boeiende discussies.

De meest opvallende uitkomsten vanuit het debat:

  1. De deelnemers maken opvallend andere keuzes dan het huidig beleid. Zo waren de deelnemers unaniem in hun oordeel dat er nu te weinig aandacht besteed wordt aan preventie: de huidige 2% zou volgens de meeste deelnemers prima naar 10% of hoger kunnen. Over de manier waarop was de meeste discussie. Volgens een groot deel van de zaal was een standaard budget alloceren niet het middel om hier te komen.
  2. Een digitale zorgwijzer, waarbij burgers inzicht kunnen krijgen in welke preventieve zorg voor hen beschikbaar is, zien de deelnemers als een goed idee. Een aantal randvoorwaarden zijn daarvoor wel nodig: een digitaal hulpmiddel mag geen vervanging zijn van de persoonlijke zorgverlener en de informatie moet objectief verstrekt worden.
  3. De aanwezigen zijn van mening dat de beoordeling van preventieve maatregelen veel sneller kan. Over het hoe waren de meningen behoorlijk verdeeld. Een medisch preventieve maatregel automatisch toelaten tot de markt als deze niet binnen jaar beoordeeld is, vonden velen een stap te ver. Tegelijkertijd geven deelnemers aan dat beoordeling binnen een jaar zeker moet kunnen, als we kijken naar landen om ons heen. Een groot deel van de zaal vindt dat er betere processen zijn om de toelating te versnellen, en dat de voorgestelde dwangmaatregel niet de oplossing is.
  4. Er is behoefte aan één partij die de beoordeling op zich neemt van zowel preventieve als curatieve maatregelen. Deze partij heeft wel de expertise nodig van alle verschillende partijen, zoals het Zorginstituut Nederland (ZIN) en de Gezondheidsraad.  

Het Maatschappelijk Café benadrukt nogmaals dat het van belang is dat we met elkaar de dialoog blijven voeren. Het verminderen van complexiteit in het systeem, meer aandacht en budget voor preventie, beter voorlichten en samenwerking in het werkveld vormden de rode draad van de avond. Op deze punten zijn we het met elkaar eens. Hoe dit concreet moet worden gerealiseerd, daarover verschillen de meningen nog. Laten we kijken of we het niet bij praten kunnen houden, maar nu ook concreet in actie kunnen komen!

Om deze video te bekijken, dient u marketing cookies te accepteren.

Uitkomst stellingen

U kunt de volledige uitkomsten van de stellingen hier teruglezen:

← #nieuws

Speels de feestdagen door met het innovatieve Biotech Ganzenbord

,

Heb je altijd al willen weten hoe het is om een biotech product de markt op te krijgen? Met de donkere feestdagen in het vooruitzicht, wil het hollandbio-team zijn lezers graag verrassen met een speciaal geschenk: het biotech ganzenbordspel! Dit spel biedt de perfecte kans om de pieken en dalen van ondernemerschap in de biotech wereld te ontdekken samen met vrienden of familie. Veel plezier en succes met spelen en natuurlijk fijne feestdagen en een voorspoedig 2024 gewenst!