← #nieuws

Iedereen in zijn kracht voor innovatiegedreven therapieontwikkeling 

, ,

Bedrijven en academie kunnen elkaar de hand schudden in de knelpunten die ze ondervinden in de ontwikkeling van nieuwe therapieën, zo blijkt uit een recent gepubliceerd rapport dat FAST in opdracht van het ministerie van VWS liet opstellen door adviesbureau SiRM. Gebrek aan financiering en complexe, niet passende wet- en regelgeving staat het door ontwikkelen van kennis naar gezondheidswinst voor patiënten in de weg.

Knelpunten voor academie 

Voor de academie is het bovendien niet vanzelfsprekend om een grotere rol in te nemen in de fases na fundamenteel onderzoek, zo bericht de publicatie. De (organisatie van de) wetenschap verhoudt zich niet altijd goed tot geneesmiddelenontwikkeling. Onderzoekers hebben andere drijfveren dan productontwikkelaars en de ontwikkeling van geneesmiddelen in de academie is erg versnipperd. Ook mist de academie nog regelmatig de benodigde kennis en ervaring voor effectieve en efficiënte geneesmiddelenontwikkeling. 

Samen innovatie een Boost(er) geven 

Hollandbio herkent de beschreven knelpunten maar al te goed. Niet voor niets initieerden we samen met het bedrijfsleven, kennisinstellingen en hogescholen het Groeifondsproject Biotech Booster, dat zich richt op het beter vercommercialiseren van biotech kennis, waaronder therapieontwikkeling. Biotech Booster combineert daarbij financiering met de specifieke talenten en expertise binnen publieke en private partijen om vindingen sneller en beter van lab naar praktijk te brengen.  

Betere samenwerking en voortbouwen op sterktes 

Het onderzoek van FAST spitst zich slechts toe op een grotere rol voor de academie in therapieontwikkeling. Een gemiste kans, want juist een betere samenwerking tussen alle betrokken partijen is volgens hollandbio de weg vooruit. Geneesmiddelenontwikkeling vergt immers een lange adem, is kostbaar, risicovol en dusdanig complex dat geen enkele organisatie alle wijsheid zelf in pacht kan hebben, laat staan de route van lab naar patiënt in zijn eentje kan volbrengen.  

Liever nog dan om een meer bedrijfsmatige aanpak binnen de academie te stimuleren, zoals het rapport lijkt te suggereren, of bijvoorbeeld bedrijven te verleiden hun winstoogmerk aan de wilgen te hangen zoals VWS lijkt te wensen, bouwen we wat hollandbio betreft beter voort op dat waar iedere speler ‘van nature’ al goed in is. Waarbij support zich richt op het beoogde resultaat – meer gezondheidswinst dankzij innovatie – ongeacht welke speler daarvoor aan de lat staat. 

← #nieuws

Innovatie als vliegwiel voor een gezonder Nederland

, ,

Op donderdag 17 november presenteerden Novartis Nederland en Vintura tijdens de bijeenkomst ‘Opening Doors to Future Healthcare’ in Den Haag twee interessante whitepapers over innovatie. Samen met een actieve zaal en gepassioneerde sprekers en panelleden, waaronder hollandbio’s Wieteke, is er nagedacht over randvoorwaarden om medische innovatie optimaal te kunnen laten bijdragen aan een gezonder Nederland. 
 
In de whitepapers staat medische innovatie in de zorg – in de breedste zin van het woord, dus inclusief innovatieve geneesmiddelen, technologie, AI – centraal en laten Novartis en Vintura zien hoe dat kan bijdragen aan de gezamenlijke ambities op gezondheid. De organisaties hebben samengewerkt met verschillende partijen uit het werkveld om deze whitepapers op te stellen. 
 
Specifiek kijken de whitepapers naar hoe innovatieve oplossingen kunnen bijdragen aan het aanpakken van twee grote gezondheidsuitdagingen in Nederland, namelijk kanker en hart- en vaatziekten. Met jaarlijks 129.000 nieuwe kankerdiagnoses en meer dan 1,7 miljoen Nederlanders die leven met een hart- of vaatziekte, is hier heel veel gezondheidswinst te behalen.  
 
Door te investeren in een goed functionerend ecosysteem dat innovatie ondersteunt, kunnen we niet alleen uitkomsten voor patiënten verbeteren, maar ook die voor het zorgsysteem en de maatschappij, zo luidt de eensgezinde conclusie van beide publicaties. Hear, hear! 
 
Je vindt de whitepapers via deze link.

← #nieuws

Biotech financiering onder de loep: Early stage private financiering

, ,

Vraag een biotech ondernemer naar zijn of haar grootste uitdaging, en de kans is groot dat het antwoord ‘financiering’ is. De weg die biotech innovaties afleggen van lab naar maatschappij is lang, vol risico’s en extreem kostbaar. Een passend financieringsaanbod voor elke fase van bedrijfs- en productontwikkeling is dan ook een belangrijke randvoorwaarde om de potentie van biotech voor gezondheid, verduurzaming en onze economie ten volle te benutten. Maar hoe is het gesteld met het Nederlandse financieringsaanbod voor biotech innovatie? In deze editie duikt hollandbio dieper in de seed- en serie A financiering.

Onderzoek van hollandbio toont aan dat de gemiddelde seed- of serie A financieringsronde in Europa enorm sterk groeit. Bedroeg in 2016 de gemiddelde seed-ronde ongeveer €3.5 miljoen, is dat in 2024 bijna €8 miljoen. Ook voor serie-A financiering zien we dezelfde stijgende trend: in 2016 bedroeg een gemiddelde Serie-A ronde €12 miljoen, in 2024 bijna €35 miljoen! Vast staat dat deze forse stijging veel invloed heeft op het financieringslandschap, maar wat de stijging precies veroorzaakt en wat de precieze gevolgen zijn, vergt meer onderzoek.

Hollandbio is niet de enige die deze trend opvalt. Een recent artikel in Nature Biotechnology rapporteerde niet alleen de grotere rondes, maar tekende bovendien een daling van het aantal seed- en serie-A financieringsrondes op. Uit onze data bleek dit niet, maar bleek wel dat de groei in het aantal financieringsrondes niet zo doorzet als de groei in de omvang van de rondes. Deze ontwikkelingen samen tonen aan dat er steeds meer een “winner takes all”-principe optreedt op de financieringsmarkt, een principe dat ook al besproken werd tijdens de financieringsbreakout op ons meest recente Dutch Biotech Event. Investeerders blijven liever langer betrokken bij hun portfoliobedrijven dan dat ze investeren in nieuwe bedrijven. Daarnaast speelt volgens adviesbureau FFUND ook mee dat VC fondsen groeien, die de focus daardoor verleggen op grotere tickets en liever gezamenlijk een grote ronde doen dan een kleine alleen.

Wat hollandbio betreft is het niet per definitie slecht dat er grotere tickets worden verstrekt in vroege financieringsrondes. De bedrijven die deze grotere rondes ontvangen, kunnen meer vaart maken en zich langer toeleggen op het ontwikkelen van een product in plaats van het ophalen van (steeds een beetje) financiering. Of bedrijven de grotere tickets in een latere fase van ontwikkeling ophalen dan voorheen, of een hoger percentage aan equity uit handen geven, vertelt de beschikbare data ons niet. Ook blijft onduidelijk of de grotere rondes van invloed zijn op de waardering van bedrijven.

Binnen de biotech is de valley of death een bekend en gevreesd fenomeen. Een groeiend aantal bedrijven strandt namelijk in die valley als gevolg van gebrek aan financiering en niet door technisch falen. Om die reden zet hollandbio zich in om ervoor te zorgen dat deze valley of death niet groter wordt, maar juist krimpt. De grotere rondes wijzen echter mogelijk op het tegenovergestelde, een groeiende kloof. Hollandbio houdt vinger aan de pols en blijft onderzoek doen naar het biotech financieringslandschap om zich blijvend hard te kunnen maken voor een krimpende valley of death en passende financiering voor elke fase van ontwikkeling. 

← #nieuws

Stippen en stappen van de overheidsvisie voor biotech 

, , ,

Sinds begin van dit jaar werken de vijf rechtstreeks bij biotech betrokken ministeries (EZ, IenW, LVVN, OCW en VWS) nauw samen in het uitdenken en uitwerken van de noodzakelijke langetermijnvisie van de overheid voor biotechnologie. In een brief aan de Tweede Kamer delen de bewindspersonen een tussenstap met de publicatie van het rapport ‘Stippen op de horizon – toekomstbeeld biotechnologie 2030-2050’ door Stichting Toekomstbeeld der Techniek (STT) en een aantal vervolgstappen voor de komende tijd. Hollandbio is blij met de erkenning van het nieuwe kabinet voor de waarde en potentie van biotech voor de Nederlandse maatschappij en economie. Ook blijven we aandringen op een integrale aanpak vanuit de overheid op biotech-beleidsvraagstukken als cruciaal onderdeel van de biotechvisie en het daaropvolgende actieprogramma.

Bouwstenen voor integrale werkwijze 

In de Kamerbrief schetst het kabinet dat het in het proces naar een visie op biotech verschillende bouwstenen gebruikt, waaronder ook het rapport van STT waarin verschillende toekomstscenario’s en daarbij horende gevolgen en publieke waarden op een rijtje zijn gezet. In het vervolg van de brief schetst het kabinet hoe zij tegenover biotech staat en hoe het traject naar een integrale visie eruit ziet. 

Hollandbio ziet in de Kamerbrief veel herkenning en erkenning van de waarde en potentie van biotech terugkomen vanuit het kabinet, waarbij de bewindspersonen de kansen zien die onze sector biedt voor maatschappij en economie. Daarbij omarmt het kabinet ook de ambities en mogelijkheden voor biotech in Nederland zoals die eerder in de Nationale Technologiestrategie en het Groeimarkten-rapport naar voren kwamen en houdt zij rekening met de Europese inspanningen rond bijvoorbeeld de mededeling van de Europese Commissie op Biotech & Biomanufacturing – kortom, aan integrale ambities geen gebrek.  

Tegelijkertijd is het zelfs met veel ambitie en een integrale visie nog steeds geweldig moeilijk om  biotech innovaties van lab naar maatschappij te brengen. Hollandbio is daarom alleen echt tevreden als de integrale visie op biotech leidt tot  integrale werkwijze vanuit het kabinet en de ministeries die de  Nederlandse biotech sector echt een stap vooruit helpt.  

Gas + rem = stilstand 

Die stap vooruit is hard nodig, want wanneer het om biotech gaat, staan onze nationale overheid en ook Europa op dit moment dikwijls tegelijk op het gas- en rempedaal, met stilstand tot gevolg. Zo willen we transities aanjagen, maar geen (systeem)verandering. We willen koplopers ondersteunen, maar komen niet in actie zonder consensus. En we willen innovatie stimuleren, maar zijn niet bereid om ook maar het minste risico te accepteren. Dit zorgt ervoor dat onze concurrentiepositie waar het gaat om biotech achteruit holt: innovatieve bedrijven hebben grote moeite om financiering aan te trekken, zijn vanwege gedateerde wet- en regelgeving niet in staat om de nieuwste technologieën te gebruiken zoals CRISPR-Cas en zien zich geconfronteerd met ellenlange, onduidelijke en kostbare regulatoire processen voor markttoelating van hun producten. Vindingen van eigen bodem vinden als eerst hun weg naar consumenten en patiënten buiten Europa, en bedrijven dreigen in dat kielzog mee te vertrekken.  

Koers kiezen en spelregels bepalen 

De Rijksbrede integrale visie op biotech is dé uitgelezen kans om deze ministerie-overstijgende problematiek te signaleren, te doorbreken en in de toekomst te voorkomen. Hiervoor zou de Nederlandse overheid een structurele, integrale werkwijze moeten ontwikkelen en implementeren rond biotech beleidsvraagstukken zodat we een duidelijke koers kiezen, samen de spelregels bepalen en vooruit gaan. Alleen dan kunnen we ervoor zorgen dat Nederland koploper blijft in biotech en dat biotech een cruciaal onderdeel van de oplossing kan zijn: voor het genezen van  patiënten met ongeneeslijke ziekten, het maken van materialen zoals plastic zonder fossiele grondstoffen en voldoende voedsel produceren op een meer natuur- en diervriendelijke manier.  

Uitvoeringsagenda verwacht in 2025 

De Kamerbrief sluit af met het beoogde proces, met een conceptvisie die de overheid eind 2024 wil voorleggen aan betrokkenen vanuit wetenschap, markt en maatschappij om de inhoudelijke afwegingen toe te kunnen lichten en de conceptvisie te valideren en begin 2025 een definitieve visie die naar de Tweede Kamer komt. De visie zal vervolgens tot een uitvoeringsagenda moeten leiden die concrete handvatten biedt hoe de visie daadwerkelijk te realiseren.  

← #nieuws

Way to go WBSO!

, ,

In 2025 wordt er in totaal €1,5 miljard vrijgemaakt voor de WBSO door het ministerie van Economische Zaken (EZ). Dat komt door een combinatie van een overschot uit eerdere jaren, een toezegging voor een structurele ophoging en een indexatie waar hollandbio al eerder met succes voor pleitte. Geweldig nieuws al zeggen we het zelf, want hiermee vertelt het ministerie van EZ dat zij heil ziet in het blijvend versterken van R&D-activiteiten van innovatieve hoogtechnologische sectoren zoals biotech. Ook werden de cijfers van de WBSO in 2023 door EZ gepubliceerd, en die cijfers voor biotech zet hollandbio voor je op een rijtje.

Zoals het ministerie van EZ zelf op LinkedIn aankondigt: “De WBSO (Wet Bevordering Speur- en Ontwikkelingswerk) is een belangrijke regeling voor Research & Development (R&D) in Nederland. Het helpt bedrijven te investeren in innovatie door hun R&D-kosten te verlagen met belastingvoordeel. In 2025 gaat daar € 1,5 miljard naartoe. Zo hoeven bedrijven minder belasting te betalen voor hun onderzoek en ontwikkeling en kunnen ze goedkoper innoveren. Dit is belangrijk voor de technologische vooruitgang, de concurrentiepositie en de economische groei van Nederland. De WBSO maakt innovatie aantrekkelijker voor zowel grote bedrijven als het mkb. Dit zorgt voor nieuwe technologieën en meer werkgelegenheid.”

WBSO: de katalysator van innovatie

De WBSO heeft veel impact op de biotech sector, want hun R&D is de drijvende kracht achter biotech innovaties. De regeling vergoedt een deel van de gemaakte kosten voor onderzoek en ontwikkeling en draagt daarmee direct bij aan het stimuleren van innovatie. Het aantal biotech bedrijven dat dankbaar gebruik maakt van de WBSO is de afgelopen jaren gestegen, en daarmee ook de totale afdrachtsvermindering. Tussen 2017 en 2022 is het aantal toekenningen voor de biotech sector zelf bijna verdubbeld. Niet voor niets dat hollandbio al eerder concludeerde dat WBSO: de katalysator van innovatie is. Dit jaar lijkt de WBSO een pas op de plaats te maken en lijkt de groei van de afgelopen jaren dit jaar afwezig. Volgens hollandbio is voornamelijk het lastige financieringsklimaat daarvan de oorzaak. Ondanks dat dit jaar geen duidelijke groei laat zien, blijft de WBSO een goed instrument om R&D aan te wakkeren.

Way to go ministerie van EZ, way to go WBSO!

← #nieuws

Mario Draghi luidt noodklok: Europese industrie moet kunnen innoveren om te overleven 

, ,

In een nieuw rapport (met uitgebreide analyse) over het concurrentievermogen van de Europese industrie waarschuwt voormalig ECB-voorzitter Mario Draghi dat Europa voor een existentiële uitdaging staat. De Europese Unie, die zijn machtige positie in de wereld ontleent aan economische kracht, loopt achter op de VS en China op het gebied van sleuteltechnologieën en innovatie. “De EU is zwak in nieuwe technologieën die voor de groei van morgen zorgen”, zo stelde Super Mario bij de presentatie. Draghi benadrukt dat innoveren en nauwere samenwerking tussen lidstaten essentieel zijn om de positie van Europa in de wereld te behouden (anders volgt zelfs een langzame doodsstrijd – “slow agony”). Biotech komt met name in de analyse regelmatig terug, terwijl Draghi in het rapport zelf vooral de nadruk legt op de toepassingen van biotech – bijvoorbeeld als het gaat om  zowel de gezondheids- als economische waarde die farmaceuten creëren.

Verder benadrukt het rapport de noodzaak om regeldruk op bedrijven te verminderen, met name mkb en techbedrijven. Draghi wijst erop dat kapitaal ruimschoots aanwezig is, Europa is rijk zat, maar dat het helaas versnipperd wordt ingezet. Daarom steunt hij voorstellen voor een kapitaalmarktunie met toezichthouder. Een betere coördinatie en focus zijn vereist om innovatieve sectoren te ondersteunen, zoals biotech en de farmaceutische industrie. En meer in z’n algemeenheid legt hij de vinger op de zere plek: we hebben weliswaar een gezamenlijke markt, maar de EU is veel te gefragmenteerd om het hoofd boven water te houden in de mondiale concurrentiestrijd.  

De toepassingen van biotech in het gezondheidsdomein krijgen in het rapport speciale aandacht. Draghi pleit voor gerichte investeringen in wereldwijde innovatiehubs voor geavanceerde therapieën zoals ATMP’s, die cruciaal zijn voor toekomstige economische groei en gezondheidszorg. Het rapport onderstreept ook het belang van de digitalisering van gezondheidssystemen en de inzet van AI om medische innovaties te versnellen. Dit biedt de farmaceutische industrie in Europa nieuwe kansen, maar dan moet de EU wel zijn innovatieachterstand inlopen. 

Draghi’s alarmerende oproep is een wake-upcall voor Europa: verdere integratie en strategische autonomie zijn onmisbaar om de biotech sector in de volle breedte – en daarmee de Europese welvaart – te versterken. De EU moet flink aan de bak, met ruim baan voor innovatieve bedrijven! 

← #nieuws

De strijd tegen infectieziekten op waarde schatten 

, ,

Of het nu gaat om corona, monkeypox of een andere ziekmaker die onze gezondheid bedreigt: infectieziekten liggen altijd op de loer, klaar om onze levens te ontwrichten. Een proactieve, gedegen en structurele aanpak is noodzakelijk om deze ziekmakers aan te pakken: preventief waar kan, reactief waar nodig. In beide gevallen gaat de kost voor de baat uit, maar dat blijkt een slimme investering in een gezonde maatschappij. 

Investeren in gezondheid redt levens 

Voor een toekomstbestendig zorgstelsel is een shift van ziekte behandelen naar ziekten voorkomen – of op zijn minst zo vroeg mogelijk behandelen – cruciaal, daarover zijn we duidelijk. Investeren in onze gezondheid heeft namelijk zin. Zeker in het geval van infectieziekten, die zichzelf razendsnel kunnen verspreiden. Neem bijvoorbeeld het Expanded Programme on Immunization van de World Health Organization.  In de 50 jaar dat het programma nu bestaat, zo analyseerden wetenschappers, heeft het minimaal 154 miljoen levens gered, waarvan het leeuwendeel van jonge kinderen.  

Investeringen betalen zich rijkelijk terug 

Investeringen in onze gezondheid betalen zich ook rijkelijk terug, laat dit rapport zien. Elke euro die we uitgeven aan preventie, levert een rendement van veertien euro op voor de gezondheidszorg en de economie. In het geval van volwassenenvaccinatie verdient een investering zich gemiddeld negentien keer terug en specifiek voor pneumokokkenimmunisatie loopt dit aantal op tot wel 33 keer. Ook met vroege toegang tot innovatieve antivirale middelen kunnen we wereldwijd tot wel $28.2 biljoen besparen, becijferden het Duitse Sprind en economen van de universiteit van Chicago. Geen wonder dus dat er geluiden opgaan om gezondheidszorg, en met name preventie, te beschouwen als een investering in de sociale zekerheid, in het kader van het New Economic Governance Framework van de Europese Commissie.  

Schaars preventiebudget ophogen en nieuw businessmodel ontwikkelen 

Hoewel investeren in infectieziektenbestrijding – en preventie in bredere zin – een open deur lijkt, geven we er nog altijd bar weinig aan uit – op nationaal, maar ook op internationaal niveau (om over bezuinigingen nog maar te zwijgen). Zelfs wanneer de gezondheidswinst evident is, en de kosteneffectiviteit van een maatregel bewezen, is er niet altijd budget beschikbaar om tot daadwerkelijke implementatie over te gaan. Ook geld voor de gerichte ontwikkeling van nieuwe producten is bijzonder schaars, zowel vanuit de private als de publieke hoek. Wanneer een nieuw middel de eindstreep raakt, een nieuw antibioticum bijvoorbeeld, is dat dan ook met recht het vieren waard. In onze infographic laten we zien wat de biotech sector op weg helpt in de strijd tegen infectieziekten. Denk jij met ons mee over een nieuw businessmodel? 

← #nieuws

Building biotech stories together at Biotech for a sustainable future 2024

, , ,

Last Thursday we brought together the Dutch agri, food and industrial biotech network at the KAS in Woerden for the third edition of hollandbio’s Biotech for a Sustainable Future event. Together with co-hosts from the Dutch Biotech Association (NBV), we look back on an interactive and inspiring afternoon, during which the participants from industry, academia, government and supporting organizations learned the ins and outs of effective biotech storytelling and received tips and tricks to start biotech influencing themselves!

Moderator Yvonne Smit kicked-off the afternoon by asking the audience what they usually share about their job at birthday parties. While some seemed to have mastered linking their work to easy-to-understand concepts, such as the production of yoghurt, cheese and beer, others shared that they often experience difficulty or even backlash when explaining biotech to others – making it evident that we have a world to win when it comes to storytelling in this sector. To help them get started, Yvonne challenged the audience to share something inspiring about their work on social media during the afternoon using the hashtag #biotechmakeslifebetter. 

After a short welcome and introduction by NBV’s Board Member Carlien Verberne-Van der Laak, hollandbio’s Annemiek took the stage to share the learnings of our work with Sue and the Alchemists on creating the cool and science-based narrative that is needed to make biotech land with politics and the public. “Instead of changing our message, we change the packaging,” she explained. “By implementing principles of behavioral design and telling stories that appeal to people’s needs and desires, we can offer others a new window to look at the world and encourage desired behaviors.” 

During an interactive workshop, scientific storytellers David Redeker & Marloes ten Kate then showed the audience how easy (and fun!) it can be to create a good story. Through various exercises, they taught the audience three important ingredients for a good story: a character, a problem and a desire. “The main character makes it easier for your audience to identify with the story,” Marloes said. “And then you can spice it up even more by adding actions, emotions and sensations to the facts, as to create more context and urgency,” David added. 

Last but not least, Tim van der Rijdt and Robert Jones shared their journey of communicating Mosa Meat’s reimagined way of making beef to the world. After the company introduced their first hamburger made from cells in 2013, they have continuously worked on perfecting their story arc for different audiences, whether it’s their intended consumer target group of ‘meat lovers’, or the stakeholders that allow them to sell their product in the first place. “To keep all doors and windows open, we try to amplify the champions that could influence people’s decision making,” Robert shared. “And through a shared voice and messaging of multiple cultivated meat companies, we can even contribute to broader societal acceptance,” added Tim. 

Yvonne closed the plenary program by going through the social media posts uploaded by the audience’s aspiring biotech influencers. We saw lots of pictures of the beautiful, green event location, and examples of biotech applications that make food and materials more sustainable and discussed together how we can use stories like this to maximize the sector’s impact. 

We want to thank our co-hosts, speakers and participants for making this day a great success and everyone to more frequently share with others what they do and why it matters. This way we can show the world, both on- and offline, how we make life better with biotech! 

← #nieuws

Biotech financiering onder de loep: The European Innovation Council 

, ,

Vraag biotech ondernemers naar hun grootste uitdaging, en de kans is groot dat het antwoord ‘financiering’ is. De weg die biotech innovaties afleggen van lab naar maatschappij is lang, vol risico’s en extreem kostbaar. Een passend financieringsaanbod voor elke fase van bedrijfs- en productontwikkeling is dan ook een belangrijke randvoorwaarde om de potentie van biotech voor gezondheid, verduurzaming en onze economie ten volle te benutten. Deze editie richten wij onze blik op Europese financiering: het European Innovation Council (EIC). 

 
Het EIC is opgericht als onderdeel van het Horizon Europe platform om innovaties te ondersteunen. De EIC Accelerator richt zich specifiek op het helpen versnellen en schalen van startups, scale-ups en het MKB. Met een budget van ruim 10 miljard euro, te verdelen in 7 jaar, is het EIC een significante speler in de financiering van Europese innovatie. EIC stelt een deel van het geld beschikbaar via thematische challenges gericht op de Europese Green Deal, digitalisering en gezondheid, waar ook biotech een rol in speelt. Het overige deel is niet geoormerkt en kan via open inschrijving worden aangevraagd.  

 
Hollandbio is erg enthousiast over het EIC, en in het bijzonder over de EIC accelerator, die zich richt op het MKB. Dit instrument biedt grote subsidiebedragen en de mogelijkheid om aandelenkapitaal te ontvangen. Biotech weet de EIC Accelerator goed te vinden en strijkt een aanzienlijk deel van de verstrekte financiering op: 13% van de toekenning van 2021 tot 2023 is in de Therapeutics, 7% op industriële biotech, 9% op Diagnostics en IVD. Bovendien zien we biotech als deelonderwerp nog terug in een aantal andere categorieën. 

De voorwaarden van het EIC sluiten uitstekend aan bij de behoefte van de biotech sector, en andere deeptech sectoren. Dat veroorzaakt direct ook een nadeel: de concurrentie om in aanmerking voor de subsidie is moordend. Toch weten Nederlandse bedrijven de weg naar een succesvolle toekenning van het instrument goed te vinden. Nederland heeft namelijk de meeste subsidie voor biotech van alle deelnemende landen opgehaald sinds 2017 en is qua aantal deelnemers en coördinatoren gedeeld tweede.

 
Het EIC is een lichtend voorbeeld in een op veel fronten ontoereikend biotech financieringslandschap om innovaties voor transities in energie, voedsel, materialen en gezondheid te realiseren. Hollandbio zou dan ook graag meer van dit soort subsidies zien, die de biotech sector daadwerkelijk helpen de beruchte valley of death te overbruggen. Helaas blijkt uit de werkprogramma’s van 2022, 2023 en 2024 juist een daling van het EIC budget. Dat moet echt anders. Het EIC is een subsidieregeling om als Europese Unie trots op te zijn, die ruimte laat voor ondernemers om te versnellen naar de markt. Wat hollandbio betreft zet Nederland in voor een ruimer EIC budget, en kijken we direct even mee waar we de aantrekkelijke voorwaarden en succesfactoren van dit instrument ook in nationale financieringsinstrumenten kunnen verwerken. 

← #nieuws

Early Access: let’s go Dutch!

, ,

Wanneer je ziek bent, wil je maar één ding: beter worden. Maar soms is het geneesmiddel dat mogelijk beterschap biedt, (nog) niet vergoed beschikbaar in Nederland en sta je als patiënt met lege handen. In zo’n geval kunnen early access programma’s uitkomst bieden om de behandeling toch beschikbaar te krijgen. De vraag ‘wie betaalt dat?’ vormt helaas in toenemende mate een twistpunt tussen overheid en fabrikanten. Hollandbio zette de ins en outs van verschillende programma’s op een rij en oppert een typisch Nederlandse oplossing: laten we de rekening splitten – let’s go Dutch!

Early access programma’s kunnen van grote waarde zijn voor patiënten, en het Nederlandse zorgsysteem biedt gelukkig verschillende mogelijkheden. Hoewel het belang van de programma’s buiten kijf staat, vormt financiering soms een twistpunt: wie betaalt de rekening wanneer de behandeling (nog) niet voor reguliere vergoeding in aanmerking komt? Een geneesmiddelenbedrijf wil natuurlijk dat de overheid zo snel mogelijk gaat betalen voor het product, terwijl de overheid juist wil dat de fabrikant de kosten zo lang mogelijk op zich neemt. Recent nog, liepen de gemoederen hoog op, toen fabrikanten aangaven dat het niet langer haalbaar is om geneesmiddelen zonder zicht op een einddatum gedurende de sluisperiode gratis weg te geven.

De catch-22 rond toegang
In de discussie om de rekening van nieuwe geneesmiddelen, houden we elkaar in een vervelende en steeds verder verstikkende wurggreep. De overheid eist overtuigende data dat een product zijn prijskaartje waard is – in onze eigen nationale zorgcontext – alvorens tot vergoeding over te gaan. De fabrikant werkt daar weliswaar graag aan mee, maar al die studies kosten veel geld en veel tijd. Dat maakt ten eerste dat patiënten soms lang moeten wachten voordat een geneesmiddel, ondanks een vermoeden van effectiviteit, ook voor hen beschikbaar is, maar ten tweede dat de kosten voor de fabrikant alsmaar oplopen, terwijl de terugverdientijd juist terugloopt, met alle gevolgen van dien voor de prijzen van nieuwe producten. Een regelrechte catch-22 voor de toegang tot nieuwe geneesmiddelen.

Bruggen slaan: de overbruggingsfinanciering
Hollandbio wil deze catch-22 doorbreken, en dat kan niet zonder geven en nemen. Gelukkig zien we steeds meer (early access) initiatieven waar actief gezocht wordt naar een compromis waar uiteindelijk alle partijen mee akkoord kunnen gaan. Helaas blijft onze overheid nog wat achter wanneer zij centrale onderhandelingen voert. Want hoewel ze aangeeft aan early access mee te wegen, is geenszins helder hoe. Bij hollandbio zien we wel brood in een methode waar we internationaal bekend om staan: going Dutch. Hierbij maken de overheid en fabrikant de afspraak om de rekening van een behandeling gedurende de onderhandelingen (retrospectief) te splitten. Dat is niet alleen eerlijk, het geeft beide partijen een incentive om zo snel mogelijk tot een akkoord te komen én garandeert dat patiënten zo snel mogelijk mogen rekenen op de behandeling waar ze mogelijk baat bij hebben.