Naar aanleiding van de recent aangekondigde samenwerking met Crown Bioscience, schittert het Hubrecht Organoid Technology (HUB) in het FD. Het Utrechtse onderzoeksinstituut en het internationale biotechbedrijf bundelen de krachten om ontwikkeling van HUBs organoïde technologie te versnellen. Het Hubrecht Laboratorium ontdekte een technologie om stamcellen van patiënten op te kweken tot mini-orgaantjes. “In feite hebben we een patiënt in een petrischaaltje”, aldus HUB directeur Rob Vries in het FD. De mini-orgaantjes, of organoids, kunnen een revolutie ontketenen in ontwikkeling van geneesmiddelen en in de inzet van geneesmiddelen in de kliniek. Een fantastische mogelijkheid om de route van lab naar patiënt te versnellen en te verbeteren.
De overeenkomst tussen Crown Bioscience en HUB geeft niet
alleen de ontwikkeling en validatie van technologie een impuls, maar ook aan de
Nederlandse life sciences sector: Crown Bioscience concentreert als onderdeel
van de samenwerking zijn Europese activiteiten in Utrecht.
https://www.hollandbio.nl/wp-content/uploads/2023/08/HollandBIO_logo.svg00hollandbiohttps://www.hollandbio.nl/wp-content/uploads/2023/08/HollandBIO_logo.svghollandbio2019-04-23 14:37:002019-04-23 16:00:27HUB schittert in het FD← #nieuws
De WBSO is kosteneffectief en wordt door gebruikers
gewaardeerd, zo blijkt uit de pas verschenen evaluatie. Nederland kent al sinds
1994 de WBSO, een fiscale stimuleringsregeling voor R&D bij bedrijven. Staatssecretaris
Keijzer van Economische Zaken en Klimaat benadrukte bij het aanbieden van de
evaluatie dat de regeling een aantoonbaar positief effect heeft op de R&D-inspanningen
van bedrijven. De WBSO vormt daarmee niet alleen de basis van het Nederlandse
innovatiebeleid, maar levert ook een belangrijke bijdrage aan het
vestigingsklimaat. Mooie conclusies voor een fiscale regeling die voor sectoren
als de life sciences van levensbelang is.
De WBSO resulteert door middel van een verlaging van
gebruikerskosten in een toename in aantal R&D uren. In de evaluatieperiode
is naar schatting gemiddeld per jaar € 0,72 miljard extra R&D-loonsom
gerealiseerd als gevolg van de WBSO. In 2017 haalden maar liefst 21.265
Nederlandse ondernemingen, waarvan 97% MKB, een voordeel van bijna 1,2 miljard
euro via de WBSO. Het merendeel van de gebruikers vindt dat de regeling goed
aansluit bij R&D activiteiten, maar vindt ook dat de administratieve lasten
omlaag moeten.
Verstevigen vestigingsklimaat
De WBSO heeft een gunstig effect op het Nederlandse vestigingsklimaat.
Hoewel fiscale regelingen als de WBSO niet tot de primaire locatiefactoren
behoren voor bedrijven, spelen ze een belangrijke rol in de locatiekeuze van
R&D-activiteiten. Nederland is hierin zeker niet uniek. Veel landen om ons
heen kennen fiscale instrumenten voor het stimuleren van bedrijfs-R&D. Staatssecretaris
Mona Keijzer geeft aan dat ze actief deel gaat nemen aan internationaal
vergelijkend onderzoek naar doeltreffendheid en doelmatigheid van R&D tax
regelingen. Op deze manier kan Nederland het vestigingsklimaat verder
versterken en blijven concurreren met de landen om ons heen.
Versterken innovatie
De WBSO vormt de basis van het Nederlandse innovatiebeleid. Doordat
bedrijven het fiscale voordeel via de loonheffing krijgen, kunnen zij dit
direct verrekenen en ook profiteren in het geval een bedrijf nog geen winst
maakt. Dit maakt de regeling ook voor biotech toegankelijk. Naast deze
generieke regeling moet Nederland gerichter innovatieve bedrijven stimuleren.
De nieuw op te richten investeringsinstelling Invest-NL kan de brug slaan
tussen de publieke regelingen en private investeerders. Door de gaten in het
financieringslandschap voor life sciences te overbruggen, kunnen we
innovatieklimaat nog verder versterken. Daarmee komt ook de doelstelling van
het kabinet om 2,5% van het BBP aan R&D uit te geven binnen handbereik.
Een duurzame voedselproductie met weerbare planten en teeltsystemen en minimaal gebruik van gewasbeschermingsmiddelen, zo formuleert Minister Schouten haar ambitie in de Toekomstvisie Gewasbescherming 2030. Om deze ambitie te realiseren, zijn naast de inzet van nieuwe teeltsystemen, zoals precisielandbouw, moderne plantenveredelingsmethoden essentieel. Deze technieken stellen plantenveredelaars in staat veel sneller en preciezer nieuwe weerbare plantenrassen te maken, die beter bestand zijn tegen ziekten en plagen.
De moderne veredelingsmethoden vallen in Europa onder de strenge wetgeving voor genetische modificatie. Dit betekent een duur, langdurig en onzeker toelatingstraject voor de met deze technieken gemaakte gewassen. De Nederlandse boeren zullen daarom voorlopig verstoken blijven van deze weerbare planten.
Gelukkig ziet Minister Schouten dat ook en zet ze zich in Brussel in om de wetgeving voor genetische modificatie te moderniseren, zodat de nieuwe gewassen ook binnen handbereik van de Nederlandse boeren komen.
HollandBIO is blij met deze inzet van de Minister en helpt graag mee om haar ambitie voor een duurzame voedselproductie te realiseren.
Als het aan Hoogleraar Infectieziekten Annemarie van Rossum ligt, kent Nederland straks naast het befaamde Rijksvaccinatieprogramma (RVP) ook een vaccinatieprogramma-plus. Een aanvullend vaccinatieprogramma dat zich richt op vaccins die niet voldoen aan alle criteria voor opname in het RVP, maar op individueel niveau wel waarde toe kunnen voegen. “Zodat ouders zelf een keuze kunnen maken om hun kind extra in te laten enten”, aldus Annemariein de Volkskrant. Een oproep die HollandBIO volledig steunt. Gelukkig blijkt ook Blokhuis niet immuun voor de groeiende vraag naar informatie over vaccins buiten het RVP. In reactie op het interview geeft hij aan met het RIVM te onderzoeken hoe deze “vaccinaties-op-maat”, beter onder de aandacht gebracht kunnen worden. Op naar nog meer gezondheidswinst met vaccinatie!
https://www.hollandbio.nl/wp-content/uploads/2023/08/HollandBIO_logo.svg00hollandbiohttps://www.hollandbio.nl/wp-content/uploads/2023/08/HollandBIO_logo.svghollandbio2019-04-16 11:06:182023-09-27 16:31:47Extra levens redden met een vaccinatieprogramma-plus← #nieuws
Dat er verschillen zijn tussen het start-up landschap in
Europa en de VS zal voor niemand een geheim zijn. Maar nooit eerder zijn de
onderlinge verschillen tussen de Europese landen onderzocht. Een artikel in het
april nummer van Nature Biotechnology illustreert de factoren die het succes
van biomedische start-ups bepalen. Wat blijkt: lang niet alle landen zijn
gelijkwaardig en Nederland schuurt op de verschillende factoren tegen Europese
top aan. Het artikel geeft een aantal concrete aanknopingspunten om het innovatieklimaat
verder te versterken en laat zien dat een plaats bij de Europese top haalbaar
is.
Met het aantal biomedische start-up financieringsrondes als
uitgangspunt, werd over een periode van vijf jaar gekeken naar de
wetenschappelijke kwaliteit, biomedische patenten, aanwezigheid venture capital
bedrijven en human capital. Met een vierde plaats voor wetenschappelijke output
scoort Nederland ruim voldoende en ook voor het aantal VC-bedrijven doen we het
met een derde plaats goed. Opvallend zijn de wat teleurstellende zesde plek als
het gaat om biomedische patentaanvragen en de zesde plek op de Entrepreneurship
Index. Overall staat Nederland in de middenmoot als het gaat om nieuwe
biomedische start-ups.
Succesvol start-up
ecosysteem
Uit de conclusies blijkt dat alle onderzochte factoren van
significante invloed zijn op het aantal financieringsrondes. Wetenschappelijke
output is daarbij doorslaggevend. Opvallend is dat Nederland ondanks de goede
wetenschappelijke output achterblijft met het aantal start-ups deals. Gezien de
huidige hoeveelheid start-ups, blijft ook het aantal VC in ons land achter. Willen
we in Nederland een succesvol ecosysteem voor start-ups creëren, dan moeten we hier
werk van maken.
Wat moet er beter?
Nederland weet biomedische kennis onvoldoende te verzilveren en om te zetten naar bedrijvigheid. De onderzoekers onderstrepen in het artikel het belang van een robuuste wetenschappelijke basis. Ze benadrukken dat beleidsmakers biomedisch onderzoek hoog op de agenda moeten blijven zetten. Maar voor een bloeiend start-up ecosysteem is er meer nodig, zoals toegang tot voldoende financiering. In Nederland kunnen initiatieven als Invest-NL het verschil maken. Door een brug te slaan tussen academische kennis en toegang tot financiering, kan Invest-NL mogelijk als vliegwiel dienen voor biomedische innovatie. Investeerders kunnen dan niet meer om Nederland heen, waarmee we het innovatieklimaat versterken en de Europese top binnen handbereik is. Het hele artikel lees je hier
https://www.hollandbio.nl/wp-content/uploads/2023/08/HollandBIO_logo.svg00hollandbiohttps://www.hollandbio.nl/wp-content/uploads/2023/08/HollandBIO_logo.svghollandbio2019-04-09 18:34:012019-04-10 00:34:09Europese top binnen handbereik voor biomedische start-ups← #nieuws
Afgelopen week stuurde Staatssecretaris Van Veldhoven een
update van de Modernisering van het Biotechnologiebeleid naar de Tweede Kamer.
Naast een algemene update geeft de brief ook inzicht in de vervolgstappen om
tot een modern biotechnologiebeleid te komen.
De Staatssecretaris geeft aan dat ze toe wil naar een beleid
dat ruimte biedt aan de kansen van de biotechnologie voor een gezonde en
duurzame samenleving. Uiteraard zonder daarbij de veiligheid uit het oog te
verliezen. In 2018 zijn in samenwerking met stakeholders de bouwstenen voor een
modern biotech beleid aangeleverd. De komende twee jaar wil de staatssecretaris
deze samen met het veld verder concretiseren. Daarbij is er zowel aandacht voor
korte termijn doelen, zoals optimalisatie van de uitvoeringspraktijk van de
vergunningverlening in Nederland, als voor de langere termijn gericht op aanpassing
van het Europees biotechnologiebeleid.
Daarnaast blijft Nederland zich in Brussel inzetten om de moderne veredelingsmethoden binnen handbereik van de Europese Agri-Food sector te krijgen. Modernisering van het huidige biotechnologiebeleid kan HollandBIO niet snel genoeg gaan. Als we in Nederland de vruchten willen plukken van de baanbrekende ontwikkelingen in de biotechnologie, zoals van cel- en gentherapie en plantenveredeling, is aanpassing van het nationale en Europese biotechnologiebeleid essentieel. HollandBIO is dan ook blij met het commitment van de Staatssecretaris en werkt graag mee om de mooie woorden in daden om te zetten.
https://www.hollandbio.nl/wp-content/uploads/2023/08/HollandBIO_logo.svg00hollandbiohttps://www.hollandbio.nl/wp-content/uploads/2023/08/HollandBIO_logo.svghollandbio2019-04-09 18:13:442019-04-10 00:18:55Update Modernisering Biotechnologiebeleid naar de Tweede Kamer← #nieuws
Gisteren stuurde minister Bruins voor Medische Zorg en Sport
zijn langverwachte brief over magistrale bereiding naar de Tweede Kamer. De
brief wil meer duidelijkheid geven over de mogelijkheden van apotheekbereidingen
door duiding van de voorwaarde ‘verstrekking in het klein’. Klein blijkt een rekbaar
begrip: het ministerie van VWS rekt ‘verstrekking in het klein’ op tot circa 50
unieke patiënten per maand bij langdurig gebruik, of tot circa 150 patiënten
per maand bij kortdurend gebruik van een geneesmiddel. Per bereidende apotheek,
welteverstaan. Dat lijkt misschien niet veel, maar in het perspectief van het
toenemend aantal weesgeneesmiddelen en de trend richting personalised medicine
is het dat wel. Het is namelijk al lang geen uitzondering meer dat een geneesmiddel
voor bijvoorbeeld maar 20 patiënten in Nederland wordt geregistreerd.
Om effectiviteit, veiligheid en brede beschikbaarheid van geneesmiddelen te waarborgen, hebben we in Europa een geharmoniseerd systeem voor geneesmiddelenregistratie. Vandaag de dag is het Europees Medicijn Agentschap (EMA) een alom gerespecteerd instituut. Nederland juicht de waarde van Europese registratie en de rol van EMA toe. Tenzij we onze eigen patiënten goedkoper kunnen bedienen met een niet geregistreerde kopie, zo blijkt uit de brief van de minister. Want wanneer er vraagtekens zijn over een al dan niet te hoge prijs, is magistrale bereiding ook een goede optie. Dat Nederland hier het systeem van Europese registratie ondermijnt, de investeringen die door een bedrijf zijn gedaan negeert en een loopje neemt met de patiëntveiligheid, is een slecht signaal.
Gevolgen voor
weesgeneesmiddelen
Naar verwachting vormt het opgerekte begrip van
‘verstrekking in het klein’ een risico voor nieuw geregistreerde weesgeneesmiddelen
die geen octrooibescherming genieten. Ongeveer een derde van alle nieuwe
geneesmiddelen is vandaag de dag een weesgeneesmiddel. Dat is een fantastische
ontwikkeling voor patiënten die lijden aan een zeldzame aandoening, mogelijk
gemaakt door de introductie van internationale stimuleringsmaatregelen. Het
ministerie van VWS ondermijnt met het oprekken van magistrale bereiding het
systeem van geneesmiddelenregistratie. Niet uit medische noodzaak, maar puur uit
kostenbesparing. Want waar hebben we het nu over? Op dit moment geven we een
zeer bescheiden aandeel van ons zorgbudget uit aan weesgeneesmiddelen: ongeveer
0,27%.
Registreren in plaats
van kopiëren
HollandBIO stelt een andere oplossing voor dan het maximaal oprekken van de grenzen voor magistrale bereiding. Wat als we nou eens in nationaal verband in kaart brengen welke niet geregistreerde geneesmiddelen conform de gouden behandelstandaard in Nederlandse ziekenhuizen gebruikt worden? Dat moet een mooi lijstje opleveren, en gezien onze vooraanstaande wetenschappelijke positie, ziekenhuiszorg en data-infrastructuur prima realiseerbaar. Vervolgens stellen we een organisatie, of het nou een ziekenhuis, spin-off, stichting of ander instituut is, aan om de geneesmiddelen op het lijstje met publiek geld Europees te registreren. Is de registratie een feit, dan maakt de organisatie het geneesmiddel voor een maatschappelijk acceptabele prijs beschikbaar. In ieder geval in Nederland, maar liever nog in heel Europa. Zo stimuleren we gezondheid, innovatie en betaalbaarheid, krijgt ons Europese systeem van registratie de credits die het verdient én profiteren alle Europese patiënten, ongeacht hun woonplaats of de incidentie van hun ziekte, van nieuwe geneesmiddelen.
Eerder schreven wij het bericht “Kiezen uit twee kwaden” over misbruik van stimuleringsmaatregelen en magistrale bereiding.
https://www.hollandbio.nl/wp-content/uploads/2023/08/HollandBIO_logo.svg00hollandbiohttps://www.hollandbio.nl/wp-content/uploads/2023/08/HollandBIO_logo.svghollandbio2019-04-09 18:10:532019-04-10 09:10:44Registreren gaat voor kopiëren← #nieuws
Afgelopen week werd bekend dat Invest-NL nadrukkelijk wil
aansluiten bij het Missiegedreven Innovatiebeleid. Dat houdt in dat zij zich
gaat richten op maatschappelijke domeinen en thema’s zoals gezondheid en zorg
en op topsectoren en sleuteltechnologieën als Life Sciences & Health en
biotechnologie. Deze conclusies komen uit de beantwoording door minister Wiebes
van Economische Zaken en Klimaat op vragen van Kamerleden over het wetsvoorstel
ter oprichting van Invest-NL. Wiebes dringt daarnaast aan op een snelle politieke
behandeling zodat Nederland de aansluiting houdt bij landen om ons heen die hun
investeringen opschalen in bijvoorbeeld de life sciences.
Verder gaan de antwoorden van de minister onder andere in op
de rol die Invest-NL kan spelen bij het stimuleren van startende en
doorgroeiende ondernemingen. Deze bedrijven ervaren vooral de risico’s die
gepaard gaan met lange en onzekere ontwikkeltrajecten. De bewindspersoon geeft
aan dat Nederland momenteel geen financieringsinstelling kent die risicokapitaal
verstrekt voor de doorgroei van start- en scale-ups. Invest-NL krijgt als
belangrijkste taak om vormen van marktfalen in de verschillende
maatschappelijke uitdagingen en sleuteltechnologieën aan te pakken en zal
daarvoor een eigen investeringsbeleid en investeringsplan vaststellen. Er is bovendien
besloten om in eerste instantie € 1,7 miljard beschikbaar te stellen voor
Invest-NL en € 0,8 miljard voor de instelling voor internationale
financieringsactiviteiten.
Samenwerking bestaande initiatieven
Uit de antwoorden komt daarnaast naar voren dat Invest-NL volop
samenwerking gaat zoeken met bestaande initiatieven. Zo blijkt dat een goede
samenwerking tussen Invest-NL en de regionale ontwikkelingsmaatschappijen van
groot belang is. Ook komen er samenwerkingsafspraken tussen Invest-NL en RVO.nl.
De minister benadrukt nogmaals dat het co-investeringsfonds en de activiteiten
voor het Dutch Venture Initiative worden ondergebracht in de organisatie van Invest-NL.
Om ook geld los te krijgen uit het Europese Investeringsfonds, gaat Invest-NL
modellen onderzoeken met een hefboomfunctie voor Europese geldstromen.
Gaten in het financieringslandschap
Uit een van de antwoorden blijkt dat de Nederlandse
Vereniging van Participatiemaatschappijen (NVP) twee knelpunten identificeert
die tot marktfalen leiden. Enerzijds is er volgens de NVP een gebrek aan
kapitaal bestemd voor kapitaalintensieve, hoog risicovolle investeringen in de
vroege fase (seed en start-ups). Anderzijds ontbreekt het aanbod van kapitaal
bestemd voor kapitaalintensieve investeringen in de latere fase van venture
capital (scale-ups). Deze knelpunten sluiten naadloos aan bij de gaten in het
financieringslandschap in de life sciences die HollandBIO eerder al
formuleerde.
Al met al geven de antwoorden over Invest-NL van minister Wiebes meerdere aanknopingspunten voor de life sciences sector. Op dinsdag 9 april staat het wetsvoorstel op de agenda van de procedurevergadering in de Tweede Kamercommissie EZK. De verwachting is dat de inhoudelijke behandeling van het wetsvoorstel in een debat komende tijd ingepland wordt. HollandBIO blijft de ontwikkelingen nauwlettend volgen. Mocht je vragen hebben, naam dan contact op met HollandBIO’s Fabian.
Meer informatie
Alle antwoorden van minister Wiebes op vragen van Kamerleden over het wetsvoorstel ter oprichting van Invest-NL vind je hier
Boeren die duurzame landbouw willen bedrijven krijgen het steeds moeilijker. Het aantal toegestane bestrijdingsmiddelen neemt snel af, terwijl er niet altijd een duurzaam alternatief voorhanden is. De boer staat dan voor dilemma. Hij kan terugvallen op minder duurzame middelen, of de oogst zien verpieteren door ziekten en plagen. Akkerbouwer Michiel van Andel pleit in De Groene Amsterdammer voor realisatie van de meest duurzame oplossing: met moderne veredelingsmethoden ontwikkelde resistente gewassen.
Veel akkerbouwers zien de voordelen van genetische
modificatie voor verduurzaming van de landbouw. Zij vinden het onterecht en jammer
dat er in Europa zo moeilijk over wordt gedaan. Zo ook boer Michiel van Andel. In
De Groene Amsterdammer uit hij zijn onbegrip over de regulering van
veredelingsmethoden. Waarom mag je wel nieuwe resistente biologische uienrassen
maken met een bombardement van straling, met duizenden onbekende mutaties tot
gevolg, maar niet met precieze en gerichte genetische modificatie? Een gemiste
kans.
HollandBIO is het met Van Andel eens. Gelukkig blijft Nederland
zich in Europa inzetten voor het benutten van moderne veredelingsmethoden.
Hopelijk komen die duurzame gewassen dan snel binnen handbereik van de
Nederlandse akkerbouwers.
https://www.hollandbio.nl/wp-content/uploads/2023/08/HollandBIO_logo.svg00hollandbiohttps://www.hollandbio.nl/wp-content/uploads/2023/08/HollandBIO_logo.svghollandbio2019-04-02 16:36:482019-04-02 16:37:04Boer op de bres voor genetische modificatie← #nieuws
Hoera! Vanaf 2020 beschermt het Rijksvaccinatieprogramma (RVP) kinderen structureel tegen meningokokken van het subtype A, C, W en Y. Bovendien gaat staatssecretaris Blokhuis met het RIVM in gesprek over betere voorlichting over de meningokokken B vaccinatie. Recent liet de staatssecretaris weten dit vaccin niet op te nemen in het RVP. Ook zonder opname in het programma blijven vaccins voor eigen rekening en op eigen initiatief beschikbaar, een belangrijk gegeven dat vaak onbekend is bij het grote publiek. Het doet HollandBIO goed dat Blokhuis een voorzichtige eerste stap zet om de communicatie over vaccins buiten het RVP te verbeteren.
Wel benadrukt Blokhuis dat zijn besluit gaat over het
collectieve aanbod van vaccins. “Gezien
de ernst van de ziekte begrijp ik tegelijkertijd goed wanneer mensen op
individueel niveau een andere afweging maken over het vaccineren van zichzelf
of hun kinderen.”, zegt hij. Informatie hierover moet makkelijk vindbaar
zijn. Blokhuis gaat daarom in overleg met het RIVM om de informatievoorziening
rondom meningokokken B vaccinatie te verbeteren. Een mooie eerste stap, vindt
HollandBIO.
Wat HollandBIO betreft blijft de communicatie niet beperkt tot meningokokken B. Er zijn namelijk nog meer vaccins die op individueel niveau waarde kunnen toevoegen. Elsevier-redacteur Marieke ten Katen bracht recent een aantal van deze ondergeschoven kindjes voor het voetlicht. HollandBIO blijft zich hard maken voor een optimale inzet van vaccins in de strijd tegen infectieziekten. Een waterdichte beoordelings-, implementatie- en communicatiemachine is hiervoor absoluut onmisbaar – zowel voor vaccins binnen als buiten de collectieve vaccinatieprogramma’s!