← #nieuws

Informatieve en interactieve online sessie Pilot Parallelle Procedures CBG-ZIN

,

Stel je eens voor: op het moment dat de handelsvergunning van de EMA binnen is, ligt kort daarna ook het advies over wel of niet vergoeden vanuit het basispakket op het bureau van de minister. Deze nieuwe parallelle werkwijze verkort de tijd vanaf registratie tot vergoeding, zodat geneesmiddelen eerder beschikbaar zijn voor patiënten. De eerste twee geneesmiddelen hebben dit proces ondertussen succesvol doorlopen. De doorlooptijd van registratie en vergoeding werd gemiddeld met 3 maanden verkort. Twee andere geneesmiddelen doorlopen momenteel de parallelle procedure.

De informatiesessie afgelopen donderdag werd druk bezocht. Kevin Liebrand (projectleider namens het CBG) en Ly Tran (projectleider namens het Zorginstituut) gaven een update over de pilot en deelden de reeds opgedane ervaringen met de geneesmiddelen die de procedure hebben doorlopen. Hoewel de parallelle procedures van alle deelnemende partijen extra inzet vraagt, zijn de ervaringen tot nu toe positief. Men is enthousiast over de samenwerking en werkwijze met onder andere de farmaceutische industrie, de Vereniging Innovatieve Geneesmiddelen (VIG) en HollandBIO. Volgens het CBG en ZIN loopt Nederland met dit parallel registratie- en vergoedingstraject voorop binnen Europa. Een dergelijke interactie tussen registratie- en vergoedingsautoriteiten lijkt nog nauwelijks van de grond te komen elders in de EU.

Uiteindelijk is de intentie om de parallelle procedure in te bedden als een optie voor vergoedingsaanvraag. Nu is het zaak om vlieguren op te bouwen. Hiervoor staan het CBG en ZIN altijd open voor nieuwe pilot kandidaten die de uitdaging aandurven en zouden zij onder andere ook graag hands-on ervaring opdoen met intramurale geneesmiddelen.

De pilot sluit naadloos aan bij het HollandBIO programma Sneller & beter van lab naar patiënt, waarin wij werken aan oplossingen waarbij gezondheidswinst, innovatie en betaalbaarheid hand in hand gaan. Deze pilot biedt mogelijkheden om een flexibel gezondheidsecosysteem een stap dichterbij te brengen, zodat Nederland klaar is om de volle potentie van de geneesmiddelen van morgen te verzilveren.

Meer informatie

Was je niet in de gelegenheid om de informatiesessie bij te wonen, wil je voorwaarden voor deelname nog eens rustig teruglezen of sta je te popelen om het interesseformulier in te vullen? De belangrijkste informatie over de pilot, inclusief de link naar het interesseformulier vind je hier.

Voor vragen kan je natuurlijk ook altijd contact om nemen met Marit.

← #nieuws

Praktijkervaring voor onderzoektalent

,

Hogeschool van Arnhem en Nijmegen (HAN) en Radboud universiteit spraken met elkaar tijdens de onderwijsdagen over een herijking van het onderwijs. Zo mist de verbinding tussen de verschillende opleidingsniveaus, maar zou voornamelijk het wetenschappelijk onderwijs (WO) op de schop moeten. Er worden veel onderzoekers opgeleid die praktijkervaring missen en voor het grootste deel (tenminste 90%) van deze afgestudeerden is geen plek als onderzoeker. Volgens de onderwijsinstellingen is daar zeker een mouw aan te passen. HollandBIO weet wel raad met die praktijkervaring: zoek de aansluiting op het bedrijfsleven.

Tekorten aan personeel

Vanuit de life sciences sector klinken steeds meer geluiden dat er tekorten aan personeel zijn. Zo kampt de farmaceutische industrie al met grote tekorten aan gespecialiseerd personeel. Denk bijvoorbeeld aan nieuw personeel voor uitbreidingen bij Janssen en MSD, maar ook de chemiesector ziet het aantal gepensioneerden stijgen en komt weldra talent tekort. Groeiende vraag naar nieuw gespecialiseerd talent dus.

Aansluiting bij bedrijfsleven 

Een groeiend aanbod van universitair talent en groeiende vraag naar talent bij life sciences bedrijven, dat klinkt als een match made in heaven. Universiteiten zouden er daarom goed aan doen om hun educatieprogramma’s aan te laten sluiten op de behoeftes van life sciences bedrijven. Wat HollandBIO betreft zou dat geen hogere wiskunde moeten zijn.

Bronnen  

← #nieuws

Whole genome sequencing: nog niet goedkoper, wel minder complex

,

Wanneer je ziek bent wil je maar één ding, beter worden. Om de juiste diagnose te stellen, het verloop van de ziekte te voorspellen en een passende behandeling te kiezen zijn biomarkers van groot belang. Er zijn verschillende technieken en platforms beschikbaar voor het testen van biomarkers. En het test-arsenaal breidt zich uit door de komst van innovatieve technologieën, zoals whole genome sequencing (WGS). Maar wanneer gebruik je nou welke moleculair diagnostische test? Een lastige vraag waar vele partijen zich momenteel over buigen, waaronder het Zorginstituut en het Technisch Medisch Centrum van de Universiteit Twente.

Aan de Universiteit van Twente brachten onderzoekers het diagnostisch testlandschap en de doorlooptijden hiervan bij patiënten met stage IV niet-kleincellige longkanker in kaart. In het onderzoek zijn ook de totale kosten per patiënt voor individuele biomarker testen vergeleken met de kosten van WGS. Een voorzichtige conclusie: WGS is nog niet goedkoper, maar biedt wel kansen om de complexiteit van het testlandschap te verminderen.

HollandBIO gelooft heilig dat brede genetische testen de toekomst zijn. We zitten midden in een biorevolutie en de kosten van DNA sequencing nemen sneller af dan de wet van Moore. Binnen één decennium zouden deze zelfs lager dan $100 kunnen liggen, geeft McKinsey aan. Willen we dat een boost geven, dan is schaalgrootte dé knop om nu aan te draaien. Nu investeren, zodat we daar straks de vruchten te plukken: bijvoorbeeld door bij de eerste diagnose gelijk het volledig tumorprofiel van patiënten in kaart te brengen. Want waarom zouden we moeilijk doen als het ook (steeds) sneller, beter en goedkoper kan?

Bronnen:

https://www.elsevier.com/about/press-releases/research-and-journals/significant-variation-found-in-the-timing-and-selection-of-genetic-tests-for-nonsmall-cell-lung-cancer

https://www.jmdjournal.org/article/S1525-1578(21)00005-2/fulltext#secsectitle0070

https://www.mckinsey.com/industries/pharmaceuticals-and-medical-products/our-insights/the-bio-revolution-innovations-transforming-economies-societies-and-our-lives

← #nieuws

Oranje boven: ondanks lichte daling nog steeds een top 10-classificering voor Nederlandse octrooiaanvragen

, ,

Ondanks dat het totaal aantal Nederlandse octrooiaanvragen afgelopen jaar is gedaald met 8,2%, staan we net als vorig jaar op de 8e plek in de ranglijst van octrooiaanvragers in Europa. Dit blijkt uit de vorige week gepubliceerde Patent Index van het Europees Octrooibureau. Biotechnologie (+6,3%) en farma (+10,2%) zijn de snelst groeiende sectoren in het aantal octrooiaanvragen. Deze cijfers laten duidelijk de grote waarde voor een innovatieve samenleving van onze sector zien.

Nederland nog steeds in wereldtop
Met 6375 octrooiaanvragen in 2020 daalt het totaal aantal Nederlandse aanvragen bij het Europees octrooibureau (EOB) met 8,2% ten opzichte van 2019. Deze daling is echter niet zo sterk dat deze effect heeft op onze positie op de ranglijst, deze blijft plaats 8. Een zeer sterke score die het innovatieve karakter van Nederland laat zien. Met deze notering staan we tussen Zwitserland (7) en het Verenigd Koninkrijk (9) in. Van de 27 EU-lidstaten zijn we zelfs de 3e grootste aanvrager van octrooien. Een mooie prestatie aangezien het hier om absolute aantallen gaat.

Het totaal aantal octrooiaanvragen bij het EOB stagneert op 180.250 octrooien in 2021. Dat is 0,7% lager dan in 2019.

Biotech en farma belangrijkste innovatiemotor blijkt uit octrooiaanvragen
De impact van de coronacrisis is zichtbaar in de octrooiaanvragen. Farma en de biotechsector zijn de grootste stijgers van alle sectoren. Medische technologie is de grootste sector in absolute aantallen. Hieruit blijkt wederom het non-cyclische karakter van de sector. Ondanks de daling bij andere sectoren stijgen farma en biotech al jaren sterk door. Investeren in deze sectoren biedt in deze tijden dan ook veel voordelen. We kunnen het niet vaak genoeg zeggen, maar ook voor een nieuw kabinet geldt: investeer in biotech, innoveer je uit de crisis!

← #nieuws

En dat is vier. Hoera voor Janssen!

, ,

Afgelopen week gaf het Europees Medicijn Agentschap groen licht voor het vaccin van de Leidse fabrikant Janssen: op de kop af een jaar nadat de Wereldgezondheidsorganisatie corona officieel uitriep tot een pandemie. HollandBIO springt een gat in de lucht dat we nu ook dit vaccin met een sterk staaltje Hollandse glorie kunnen inzetten in de strijd tegen het virus. Wie had dat verwacht? In één jaar vier goedgekeurde vaccins tegen corona!

Door wereldwijde inspanningen zijn er het afgelopen jaar maar liefst vier vaccins in recordtempo het lab uit en het land in gebracht. Een ongekende prestatie, waar ook de knappe koppen van Nederlandse bodem aan hebben bijgedragen. HollandBIO vindt het een prestatie van jewelste. Het is fantastisch om de trots te zien bij de diverse organisaties zoals het LUMC en het Leiden Bioscience Park, die een bijdrage leverden aan het succes van Janssen. En niet alleen in Nederland gaat de vlag uit, ook België omarmt ‘zijn’ nationale biotech topper. Succes heeft vele vaders, zoals ook Arjen Lubach laat zien.

De positieve aandacht voor ‘onze Leidse vaccinproducent’ is natuurlijk meer dan terecht. Net zoals voor de uitzonderlijke prestaties van Pfizer, Moderna en AstraZeneca. HollandBIO vindt het hoog tijd om ook eens heel lang en hard te klappen voor al die helden van de biotech. Maar wat we misschien nog wel belangrijker vinden, is dat we onze trots en support ook vasthouden op het moment dat het even tegen zit. Wanneer resultaten tegenvallen, productieproblemen de kop op steken of een levering vertraging oploopt. Of wanneer de vaccinproducent en zijn aandeelhouders ook financieel profiteren van het succes. Want waar Janssen nu alom geprezen wordt als ‘onze Leidse vaccinproducent’, is het zo weer de grote, boze Amerikaanse farmareus Johnson&Johnson als het even tegen zit. Vergis je niet: juist het internationale karakter, de schaalgrootte en de enorme samenwerkingsbereidheid stonden aan de basis van deze buitengewone prestatie. HollandBIO pleit dan ook voor support in voor- en tegenspoed. Opdat we zo snel mogelijk deze pandemie af kunnen sluiten met het ultieme einde: en ze leefden nog lang, gezond en gelukkig.

← #nieuws

First dates in de polder: verleid bedrijven meer te investeren in R&D

, ,

Een volgend kabinet moet R&D-investeringen door Nederlandse bedrijven aanjagen. Dat is een van de scenario’s die de onderzoeksafdeling van de Rabobank schetst in een vorige week verschenen onderzoek. Nederland loopt namelijk achter op het gebied van investeringen in R&D. Dat is zonde. Hoge investeringen in onderzoek en ontwikkeling betalen zich immers terug in onder meer een hogere economische groei. En dat is de komende jaren hard nodig, zo vinden ook wij bij HollandBIO.

R&D: economische groeimotor

R&D is een belangrijke determinant van economische groei aldus de Rabobank, omdat dit bijvoorbeeld bijdraagt aan een hogere arbeidsproductiviteit. Geen wonder dat politieke partijen als VVD, CDA en D66 oproepen om daar dan ook minstens 2,5% van ons bruto binnenlands product (BBP) in te steken. Alleen door de hoeveelheid geld die in innovatie wordt gestoken te vergroten, kan Nederland haar verdienvermogen blijven vergroten. Een volgend kabinet zou dus veel oog moeten hebben voor dit percentage.

Europese middenmoter

Nederland hangt in de Europese middenmoot als het aankomt op de hoeveelheid geld die we uitgeven aan R&D. De R&D investeringen in Nederland zijn op dit moment 2,1% van het BBP, de totale omvang van onze economie. Daarmee scoren we nipt beter dan het Europees gemiddelde, en ruim onder de doelstelling van 3% die de Europese Commissie voor ogen heeft.

De kenmerken van onze economie zijn mede debet aan dit relatief lage cijfer. Ons land kent een sterke dienstensector waarin R&D-investeringen relatief laag liggen. Maar dat is niet het hele antwoord. Rabobank becijferde ook de relatieve investeringen per sector. Daaruit blijkt dat de chemie- en farmasector in Nederland relatief weinig investeren in R&D in vergelijking met deze sectoren in andere landen. Dat kan beter, denken wij.

Publieke investeringen als vliegwiel voor private R&D

De Rabobank schetst verschillende wegen om het R&D-percentage te vergroten. HollandBIO is ervan overtuigd dat versterking van de inspanningen in bestaande, innovatieve sectoren in Nederland loont. In plaats van nieuwe sectoren opzetten die we in Nederland niet of nauwelijks kennen zoals automotive of computers, zouden we de chemie- en farmasector moeten verleiden meer in R&D te investeren in Nederland.

Veel van de ingrediënten voor een succesvolle versierpoging vanuit de overheid zijn aanwezig. Eerder schreven we al over de sterke kennisbasis die Nederland over de hele biotechbreedte kent. Meer investeringen losmaken, vraagt aan de ene kant om het beter benutten van deze kennis door soepeler kennis- en technologieoverdracht. Aan de andere kant zijn ook financieringsinstrumenten die aansluiten bij de behoefte van beloftevolle biotechbedrijven cruciaal. Dit blijkt ook uit het recente AWTI rapport en de Roland Berger studie die HollandBIO vorige week aan EZK-staatssecretaris Mona Keijzer overhandigde.

De Rabobank ziet legio mogelijkheden om R&D-investeringen door bedrijven op te krikken door middel van het Nationaal Groeifonds. Zo’n investeringspakket kan je volgens de Rabobank ook nog eens koppelen aan maatschappelijke uitdagingen als klimaatverandering, de energietransitie, de vergrijzing en stijgende zorgkosten of de ontwikkeling van toekomstige sleuteltechnologieën (waar biotechnologie er één van is, naast bijvoorbeeld kunstmatige intelligentie). Zoals jullie zullen begrijpen, past deze oproep tot het aanjagen van R&D-investeringen, het bijdragen aan duurzaamheid en gezondheid en het langdurig versterken van het Nederlandse innovatie- en verdienvermogen perfect bij biotech. Wij roepen het daarom nog maar een keer: investeer in biotech, innoveer je uit de crisis!

← #nieuws

Therapie voor mitochondriële ziekten is schoolvoorbeeld van financiering als vliegwiel

, ,

Nieuws om energie van te krijgen: een geneesmiddel voor mitochondriële ziekten komt steeds dichter bij de patiënt. Het door Khondrion in samenwerking met het Radboudumc ontwikkelde sonlicromanol heeft van het EMA een weesgeneesmiddelenstatus toegekend gekregen. Een ZonMw-subsidie speelde een belangrijke rol bij de start van dit onderzoekstraject. Voor patiënten met slecht functionerende mitochondriën, de energiefabrieken van de cel, zijn nog geen geneesmiddelen beschikbaar. Het middel dat Khondrion ontwikkelt kan een belangrijke eerste stap zijn in de behandeling van deze aandoeningen.

Succesvolle publiek-private samenwerking
Prof. Jan Smeitink, CEO van Khondrion, prijst de samenwerking met de academie bij dit onderzoek: ‘De samenwerking tussen de academie en het bedrijf is uitstekend: het ziekenhuis voert de trials uit met het door Khondrion ontwikkelde sonlicromanol en gezamenlijk werken zij aan verschillende onderzoeksprojecten’. De ontwikkeling van deze behandeling is dus een mooi voorbeeld van hoe een idee uit de academie uiteindelijk kan leiden tot een nieuw geregistreerd geneesmiddel voor patiënten.

Kickstart door ZonMw-subsidie
Met hulp van een subsidie van ZonMw kon de eerste essentiële stap in het onderzoek gezet worden: het testen van een grote serie nieuwe chemische verbindingen op werkzaamheid in cellijnen van patiënten. De uiteindelijke kosten van het onderzoek bleken vele malen hoger te zijn dat de subsidie van ZonMw, maar het was wel genoeg om een goede start te maken. Met hulp van onder andere EU-subsidies kon Khondrion uiteindelijk het onderzoek voortzetten. Uit dit onderzoek kwam naar voren dat sonlicromanol de beste kandidaat was. Momenteel wordt deze stof getest op volwassen patiënten in een fase IIB-studie. De verwachting is om die studie dit jaar af te ronden. Ook is het Pediatric Investigation Plan onlangs goedgekeurd door het EMA, zodat ook een studie met kinderen van start kan gaan.

Doorfinancieren is leerpunt
Prof. Smeitink eindigt met een oproep om meer aandacht te hebben voor vervolgsubsidies voor latere fases van onderzoek. Daar sluit HollandBIO zich helemaal bij aan. Met financiering die beter aansluit bij de behoefte van bedrijven kan Nederland koploper worden op het gebied van biotech, en zo de volle potentie van deze sector realiseren.

Nieuwsbericht ZonMw

← #nieuws

Staatssecretaris Keijzer neemt rapport ‘Kiezen voor biotech’ in ontvangst: “Deze informatie ligt op tafel bij een nieuw kabinet”

, ,

Amsterdam, 5 maart 2021 – Donderdagmiddag nam staatssecretaris van Economische zaken en Klimaat (EZK) Mona Keijzer uit handen van HollandBIO-directeur Annemiek Verkamman het rapport “Kiezen voor biotech” in ontvangst. Dit rapport identificeert zeven lessen om ons met biotech de crisis uit te innoveren. De Nederlandse biotechsector is volop in ontwikkeling, maar om door te groeien naar een koploperspositie moeten we nog stappen maken. Dit is niet alleen economisch van belang. Met biotechnologische uitvindingen kunnen we namelijk het hoofd bieden aan uitdagingen op het gebied van gezondheid en duurzaamheid. Tegelijkertijd is de biotechnologie een economische groeimotor die, met een relatief geringe CO2-uitstoot, op alle opleidingsniveaus banen biedt. Zo kan biotech ons de crisis uit helpen.

Staatssecretaris Mona Keijzer roemde de Nederlandse biotechsector bij het in ontvangst nemen van het rapport: “Wij zijn innovatieleider in Europa.” Ook gaf ze aan dat een vergelijking met andere landen tot inzichten kan leiden: “Het instituut voor biotechnologie dat ze hebben in Vlaanderen, zo’n instituut hebben we niet, maar wij zijn juist sterk in samenwerkingen door instituten heen – tussen bedrijven, kennisinstellingen en universiteiten.” Tot slot gaf ze aan alle plannen voor de life sciences sector, waaronder dit rapport, nauwkeurig te bestuderen: “Ik wil bezien welke stappen we hier kunnen zetten om innovatieleider te blijven en zal ervoor zorgen dat deze informatie bij een nieuw kabinet op tafel ligt, want dat is van belang voor onze toekomst.”

Ook HollandBIO-directeur Annemiek Verkamman geeft aan dat we in Nederland al veel ingrediënten in huis hebben om de toonaangevende life sciences hotspot van Europa te worden: “Nederland kent een bloeiend life sciences ecosysteem, onze universiteiten zijn van wereldniveau, en er is voor biotechbedrijven in latere stadia steeds meer kapitaal beschikbaar. Nederlandse koplopers leveren nu al baanbrekende biotech innovaties. Met de lessen uit dit rapport kan de sector zelfs doorgroeien tot internationale biotech hub en een koploperspositie innemen.”

Zeven lessen uit Vlaanderen

Om de Nederlandse biotechnologiesector uit te laten groeien tot internationale life sciences hotspot, wordt in het onderzoek gekeken naar de succesfactoren van de Vlaamse biotechnologie. In combinatie met de sterktes en ingrediënten die we in Nederland al hebben, wordt gekomen tot zeven concrete lessen uit Vlaanderen die helpen de Nederlandse biotechnologiesector te transformeren tot koploper:

  1. De samenwerking tussen technische universiteiten en universitaire academische centra moet versterkt worden.
  2. Kennis moet uit het lab en in de samenleving gebracht worden.
  3. Het belangrijk dat Nederlands beleid veel meer continuïteit krijgt voor effectievere instrumenten en stimulering van groei in de sector.
  4. De hele financieringsketen moet worden geoptimaliseerd.
  5. We hebben in Nederland meer grote biotech ondernemingen nodig.
  6. We kunnen nog veel winst behalen in het stroomlijnen van algemene regels voor klinisch onderzoek.
  7. De succesverhalen van de Nederlandse biotech sector mogen meer onder de aandacht gebracht worden.

Goede positie Nederlandse biotech

Er zijn mooie voorbeelden van biotechinnovaties dicht bij huis te vinden.  Zo is Janssen in Leiden bijna klaar met hun vaccin tegen het coronavirus, een onmisbare interventie voor de heropening van de samenleving.  In Delft kweekt Meatable vlees zonder tussenkomst van een dier, waarmee ze een duurzame bron van eiwit creëren. In Wageningen ontwikkelt KeyGene gewassen die beter tegen droogte kunnen waardoor we ook in een veranderend klimaat de wereld van voedsel kunnen voorzien. De Nederlandse biotech sector is bij uitstek goed gepositioneerd om onszelf de crisis uit te innoveren.

Kiezen voor biotech: 7 lessen uit het Vlaamse biotech succesverhaal

Benieuwd naar het volledige rapport? Belangstellenden kunnen het hier downloaden. De managementsamenvatting is hier terug te vinden.

← #nieuws

Op weg naar zorg op maat: Tweede Kamer stemt voor Whole genome sequencing bij kankerpatiënten

, ,

Een mooie stap vooruit voor een selecte groep kankerpatiënten: voor hen komt whole genome sequencing (WGS) op korte termijn beschikbaar. Afgelopen week is hiervoor in de Tweede Kamer  een motie die dit mogelijk maakt unaniem aangenomen. Een geweldige ontwikkeling, die de weg bereidt richting HollandBIO’s ideale toekomstbeeld: zorg op maat.

Kamerleden roepen met Initiatiefnota op tot gepersonaliseerde kankerzorg
Natuurlijk kwam deze motie niet zomaar uit de lucht vallen. Begin dit jaar diende 50PLUS-Kamerlid Léonie Sazias samen met Joba van den Berg (CDA) en Hayke Veldman (VVD) een initiatiefnota in waarin zij aandacht vroegen voor het breder implementeren van gepast gebruik én voor de kansen die diagnostiek met behulp van DNA-profielen biedt voor verdere personalisering van de behandeling van kanker.

Een prachtige nota, vindt HollandBIO. Onze reactie, net als die van andere partijen kan je hier terugvinden. Gelukkig zien met ons steeds meer mensen de enorme toegevoegde waarde van innovatieve technologieën, zoals WGS. Technologisch kunnen we steeds meer om zorg op maat te faciliteren. Echter de route van lab naar de praktijk is niet zonder obstakels. HollandBIO roept Kamerleden en de Minister op om de rode loper uit te rollen voor de vele technologische innovaties. Hierbij kan WGS een uitstekende wegbereider zijn.

Minister: Zorginstituut is aan zet
In reactie op de initiatiefnota stelt minister van Ark dat er al heel veel gebeurt om de huidige innovatieve ontwikkelingen in de moleculaire diagnostiek effectief in te zetten. Zij ziet de initiatiefnota als een ondersteuning van het huidige beleid. Het Zorginstituut is in haar ogen de aangewezen partij voor een regierol op dit vlak en gaat de minister hier eind maart over adviseren.

Kamerleden roepen met moties op om een tandje bij te zetten
Ondertussen gaat het patiënten en Kamerleden niet snel genoeg. Daarom riepen Kamerleden Sazias en Van Brenk in het debat over de initiatiefnota afgelopen week op tot een tijdelijke betaaltitel en versnelde opname van de op WGS-gebaseerde DNA-test voor patiënten met de hoogste medische noodzaak: patiënten met uitgezaaide kanker waarbij de primaire tumor onbekend is én patiënten zonder standaard behandelopties met een goede medische conditie. Een motie die gelukkig op unanimiteit kon rekenen.

De voorlopige betaaltitel voor een uitgebreide WGS-gebaseerde DNA test is een tijdelijke – maar voor patiënten zeer gewenste tussenoplossing, in afwachting van het adviestraject van het Zorginstituut. HollandBIO heeft het Zorginstituut al van input voorzien voor de consultatie rond moleculaire diagnostiek en kijkt uit naar de vervolgstappen waarmee we gepast gebruik en zorg op maat kunnen faciliteren. Meer weten? Neem dan contact op met HollandBIO’s Marit of Britt.

Lees meer:

https://inspire2live.org/i2l-lobby-diagnostics-wgs/
← #nieuws

‘Nederland kan koploper biotechnologie worden’

, , ,

‘We hebben in Nederland de kennis, de ervaring én de handelspositie om in Europa koploper biotechnologie te worden. Toch weten we onze excellente kennis op dit moment nog te weinig te benutten. Daarom zijn er extra investeringen en betere wet- en regelgeving nodig om van Nederland het ‘Boston van Europa’ te maken’. Dat staat in de visie ‘Toekomstpact Biotechnologie Nederland 2025’ van een coalitie van VNO-NCW, branches, topsectoren en bedrijven in de biotechnologie. Maandag overhandigde VNO-NCW-voorzitter Ingrid Thijssen namens het bedrijfsleven het pact aan demissionair minister van Infrastructuur & Waterstaat Cora van Nieuwenhuizen.

30 miljard aan extra kansen

‘Biotechnologie is, samen met kunstmatige intelligentie, de motor van de vierde industriële revolutie. Zij is cruciaal voor het succes van onder andere de verduurzaming en de strijd tegen klimaatverandering. Daarnaast is zij belangrijk voor het toekomstig groeivermogen van onze economie. Uit onderzoek van McKinsey blijkt dat Nederland jaarlijks 30 miljard euro extra kan verdienen door de mogelijkheden van biotechnologie beter te benutten’, aldus het rapport.

4 actielijnen

Concreet stelt het bedrijfsleven vier actielijnen voor die het de komende jaren – samen met kennisinstellingen en overheden – graag verder uitwerkt.  Dat zijn: meer investeren in onderzoek, biotechnologie als speerpunt van ons investeringsklimaat, betere financiële ondersteuning van startups en scale-ups, en het moderniseren van wet- en regelgeving. Dat laatste om biotechnologische innovaties en ontwikkelingen bij te kunnen benen en niet achter internationale concurrenten te lopen.

Nationale coördinatie onderzoek

‘Wij steken ook de hand in eigen boezem: we moeten immers niet alleen vragen maar ook oplossingen aanbieden.’ De private partijen onderzoeken de mogelijkheid om, naar succesvol Vlaams model, een Nederlands Instituut voor de Biotechnologie op te richten. Dat coördineert zowel nationaal onderzoek, met een focus op het ontwikkelen van nieuwe producten en diensten ten behoeve van consument en patiënt, als financiering van innovatieve projecten en jonge biotech-bedrijven.

Bron: VNO-NCW (Nieuwsbericht)