← #nieuws

RVS fietst hem erin: rek uit hoofdlijnenakkoorden

,

“De zekerheid van kostenbeheersing is verleidelijk, maar staat op gespannen voet met noodzakelijke veranderingen in de zorg.”, zo staat te lezen in het persbericht dat de Raad voor Volksgezondheid en Samenleving (RVS) publiceert naar aanleiding van haar advies over passende inzet van bestuurlijke akkoorden in de zorg. HollandBIO is het hier roerend mee eens: de transitie naar gezondheid op maat dwingt ons de status quo ter discussie te stellen.

HollandBIO roept het al jaren: om nieuwe behandelingen sneller en beter van lab naar patiënt of praktijk te brengen, moeten we werk maken van oplossingen waarbij gezondheid, innovatie en betaalbaarheid hand in hand gaan. En als die niet binnen het huidige systeem passen, dan moet het op zijn minst bespreekbaar zijn om het systeem aan te passen. Door binnen het systeem eenzijdig op kostenbeheersing te focussen, dreigen innovatie en gezondheidswinst kind van de rekening te worden.

Door technologische innovaties zijn we steeds beter in staat om gezondheid op maat mogelijk te maken, ons langetermijnperspectief. Om deze ambitie werkelijkheid te zien worden, is het zaak dat innovatieve koplopers hun weg weten te vinden van lab naar praktijk. Hierbij gaan de kosten vaak voor de baten uit. HollandBIO kan zich dan ook helemaal vinden in de oproep van de RVS om “op korte termijn te komen tot een langetermijnperspectief op de houdbaarheid van de zorg in brede zin”. Al maken wij er dan nóg liever “op gezondheid in brede zin” van.

Samenvatting in Beeld uit advies “Opnieuw Akkoord?”, mei 2021 (RVS)

Het hele RVS rapport lees je hier: https://www.raadrvs.nl/actueel/nieuws/2021/06/21/stop-met-hoofdlijnenakkoorden-in-de-huidige-vorm

← #nieuws

Minister van Ark: genetische informatie is de toekomst van de zorg

,

HollandBIO roept het wel vaker: onze ambitie is gezondheid op maat. Door innovaties uit de biotech sector maximaal te benutten kunnen we zorgen dat iedereen de beste behandeling op het juiste moment krijgt. Dit is van grote waarde voor patiënten, zo ziet ook minister voor Medische Zorg van Ark.

Goede diagnostiek is een belangrijke voorwaarde om te zorgen dat iemand de juiste behandeling ontvangt. Minister van Ark sluit zich hierbij aan, zo blijkt uit antwoorden op Kamervragen van Joba van den Berg (CDA) over de noodzaak om Next Generation Sequencing (NGS) in te zetten voor longkanker. In de schriftelijke reactie noemt de minister de inzet van genetische informatie de toekomst van de zorg. Dat sluit perfect aan bij onze inzet op slimmer meten, waarbij wij pleiten voor de inzet van technologische innovaties -waaronder NGS- om de zorg beter te maken.

De beantwoording van deze Kamervragen maakt duidelijk dat de minister ziet wat biotech voor de patiënt kan betekenen. De ambitie is er, de technologie ook. Laten we er dan nu als de wiedeweerga voor zorgen dat we de benodigde (nieuwe) biotech innovaties sneller en beter van lab naar praktijk brengen, waar ze hard nodig zijn om patiënten van gezondheid op maat te voorzien. De rode loper moet uit!

← #nieuws

Nieuwe aanpak nodig voor succesvolle opzet en doorgroei universitaire start-ups

, ,

Universiteiten halen te weinig waarde uit de excellente kennis die zij genereren, de activiteiten op valorisatie en kennisoverdracht zijn verlieslatend en ze zijn niet optimaal toegerust op het succesvol verder ontwikkelen van een bedrijf. Dat is de strekking van een artikel in het Financieele Dagblad, dat in de cijfers dook en een rondgang deed langs overheden, universiteiten, Knowledge Transfer Offices en start-ups. Ons Groeifondsplan biedt uitkomst.

Octrooien die stofhappen

Uit Europees onderzoek dat de bureaus voor kennisoverdracht bij universiteiten, ook wel TTO’s of KTO’s genoemd, hebben laten uitvoeren, blijkt dat van de eigen patenten 78% ongebruikt op de plank blijft liggen. Dit sluit aan bij het onderzoek en de bevindingen dat HollandBIO vorig jaar al publiceerde, waarin naar voren komt dat we in Nederland goede biotech kennis niet weten te verzilveren.

Stringente afspraken als belemmering voor doorgroei

In het artikel komt naar voren dat de stringente afspraken tussen universiteiten en start-ups een belemmering vormen voor de doorgroei. Een  ‘stemhebbend aandelenbelang’ kan bijvoorbeeld vervolginvesteerders afschrikken. Die conclusie is ook in lijn met het recente AWTI-rapport ‘beter van start’. In haar eerste reactie op dit rapport roept het kabinet gelukkig op om te stoppen met dergelijke afspraken.  

Valorisatie als ondergeschoven kind

Daar komt nog eens bij dat op dit moment de activiteiten op kennisoverdracht en het ontwikkelen van startupactiviteiten voor universiteiten gemiddeld genomen verlieslatend zijn. De VSNU, de koepelorganisatie van universiteiten, stelt dat ‘incidenteel succes niet opweegt tegen de kosten’, en het ministerie van EZK stelt zelfs dat valorisatie universiteiten alleen maar geld kost waardoor investeringen hierin achterblijven. Dit terwijl kennis overdragen ten behoeve van de maatschappij, ook wel valorisatie genoemd, een van de kerntaken is van universiteiten volgens de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek.

Kennis en ervaring voor succesvolle bedrijfsontwikkeling ontbreken

Een laatste, belangrijk vraagstuk is dat universiteiten niet toegerust zijn op het succesvol opzetten en verder brengen van een startup en daardoor volgens een rapport van Dialogic uit 2018 zich vooral focussen op startups die sowieso wel een markt en financiering kunnen vinden. Dit betekent dat er een gat ligt bij startups en innovaties die nog te riskant zijn voor commerciële durfinvesteerders. Universiteiten hebben echter niet de juiste kennis en vaardigheden in huis om deze startups verder te helpen. Zoals Steef Blok, directeur van Leidse KTO Luris het treffend verwoordt: ‘Wij als universiteiten doen alsof we verstand hebben van bedrijfsontwikkeling. We willen ondernemers maken van wetenschappers. Maar we willen en kunnen de risico’s niet lopen en hebben er eigenlijk ook geen tijd voor. We hebben dus ook zeer weinig succes, want we weten niet wat we doen.’

Groeifondsplan helpt kennis omzetten in innovatie

HollandBIO ziet in het geschetste beeld een ultieme bevestiging van het probleem waar wij samen met universiteiten, hogescholen en bedrijven in ons Biotech Booster Groeifondsplan werk van willen maken: het stimuleren van innovatie en het daadwerkelijk omzetten van de excellente kennis die we in Nederland hebben in mooie bedrijven, producten en diensten die bijdragen aan maatschappelijke uitdagingen en het nationale verdienvermogen.

Lees het volledige artikel (inlog nodig): https://fd.nl/futures/1386812/universiteiten-hebben-geen-verstand-van-start-ups-oof1caSaM2Xs

← #nieuws

Pilot Parallelle Procedures CBG-ZIN: en dat is zes

, ,

Nieuwe behandelingen komen sneller beschikbaar voor patiënten via de pilot ‘Parallelle Procedures CBG-ZIN’. Vorige week werd bekend dat Janssen-Cilag B.V. zich als zesde kandidaat heeft aangemeld voor de pilot. Het gaat om een aanvraag voor het geneesmiddel Ciltacabtagene Autoleucel, een CAR-T-cel-therapie voor de behandeling van multipel myeloom (ziekte van Kahler). Ciltacabtagene Autoleucel heeft voor deze indicatie een PRIME designation van het Europees Medicijnagentschap (EMA) ontvangen. Dit is het eerste intramurale geneesmiddel dat deze parallelle procedure gaat doorlopen.

In de pilot slaan CBG en ZIN de handen ineen om de tijd van lab naar patiënt te verkorten, door eerder te starten met het nationale vergoedingstraject en dit (deels) parallel te laten lopen met het Europese registratietraject. Met dit parallel registratie- en vergoedingstraject is Nederland koploper binnen Europa. Een dergelijke interactie tussen registratie- en vergoedingsautoriteiten lijkt nog nauwelijks van de grond te komen elders in de EU.

HollandBIO is erg enthousiast over de pilot, omdat deze naadloos aansluit bij het HollandBIO programma Sneller & beter van lab naar patiënt. Binnen dit programma werken wij aan oplossingen waarbij gezondheidswinst, innovatie en betaalbaarheid hand in hand gaan. Deze pilot biedt mogelijkheden om een flexibel gezondheidsecosysteem een stap dichterbij te brengen, zodat Nederland klaar is om de volle potentie van de geneesmiddelen van morgen te verzilveren.

De eerste twee geneesmiddelen van Novo Nordisk en Insmed B.V. hebben dit proces ondertussen succesvol doorlopen. De doorlooptijd van registratie en vergoeding werd gemiddeld met 3 maanden verkort. Astellas Pharma B.V. doorloopt momenteel als derde kandidaat de parallelle procedure en ook Bayer B.V., Vifor Pharma en Janssen-Cilag B.V zijn aangemeld. Deze parallelle registratie- en vergoedingsprocedure starten in de tweede helft van 2021.

Het is de intentie van het CBG en ZIN om de parallelle procedure in te bedden als een optie voor vergoedingsaanvraag. Daarvoor is het zaak om vlieguren op te bouwen. Hiervoor staan het CBG en ZIN altijd open voor nieuwe pilot kandidaten die de uitdaging aandurven, dus wie o wie wordt nummer zeven?

Meer info:

https://www.zorginstituutnederland.nl/werkagenda/parallelle-procedures-cbg-zin

https://www.cbg-meb.nl/onderwerpen/hv-pilot-parallelle-procedures-cbg-zin

← #nieuws

HollandBIO’s Annemiek in gesprek met Kamerleden over vaccinstrategie COVID-19

, ,

Gistermiddag sprak HollandBIO’s Annemiek in de Tweede Kamer over de langetermijn-vaccinatiestrategie COVID-19. Daar benadrukte ze eens te meer dat we erg blij zijn dat de sector in zo’n korte tijd vier goedgekeurde coronavaccins ontwikkeld heeft. Verder opschalen is nu van het allergrootste belang en vergt optimale samenwerking tussen alle betrokken partijen.

Op initiatief van Attje Kuiken (PvdA) en Jan Paternotte (D66) gingen Kamerleden in gesprek met verschillende experts, zoals ook GGD GHOR-voorzitter André Rouvoet, vaccingezant Hans Schikan en dus HollandBIO’s Annemiek Verkamman. In de expertsessie kwamen uiteenlopende vragen aan bod over onder meer het productieproces, de verdeling en het intellectueel eigendom van coronavaccins.

Benieuwd naar de volledige inbreng van HollandBIO? Lees dan onze Position paper. Het volledige rondetafelgesprek is terug te kijken, het gedeelte met Annemiek begint vanaf hier.

← #nieuws

Hooghangend investeringsfruit rijp om te plukken

,

De basis van ons investeringsklimaat is op orde, maar in bepaalde sectoren is nog een wereld te winnen. Dat is de conclusie uit een recent onderzoek van Dialogic naar het Nederlandse investeringsklimaat. Dialogic geeft aan dat er specifiek beleid nodig is om het investeringsklimaat verder te verbeteren. Voor de life sciences & health (LSH)-sector bestaat dat uit: het verbeteren van het financieringslandschap, complexe wet- en regelgeving wegnemen en valorisatie versoepelen. En laten dat nou net de punten zijn waar HollandBIO op inzet.

Laaghangend investeringsfruit is al geplukt

In het rapport ‘Het Nederlandse investeringsklimaat’ onderzoekt Dialogic de aantrekkelijkheid van Nederland als vestigingsland ten opzichte van tien andere concurrerende landen. Het rapport is opgesteld in opdracht van het ministerie van Economische Zaken en Klimaat. Op algemene investeringsindicatoren staat Nederland in de Europese top 3 als het gaat om een aantrekkelijk vestigingsklimaat. Op specifieke deelgebieden scoren we minder goed. Dat komt door de keuze voor generiek innovatiebeleid.

In tien jaar tijd is Nederland opgeklommen van de middenklasse naar de topklasse. Dat is een enorme prestatie en is mede bereikt dankzij het generieke innovatiebeleid van de overheid. De basis van het investeringsklimaat is inmiddels op orde en het laaghangende fruit is nu geplukt. Om nog verder te groeien is het tijd om keuzes te maken en over te stappen op specifiek innovatiebeleid. De LSH-sector is goed voorgesorteerd voor dit specifiek innovatiebeleid.

Biotechnologie versterkt investeringsklimaat

Dialogic komt met een drietal aanbevelingen voor sectorspecifiek beleid binnen de LSH-sector. Om de potentie van biotech te verzilveren moeten er nog een aantal ingrediënten toegevoegd worden om het investeringsklimaat te verbeteren:

  • Gaten in het financieringslandschap dichten;
  • Complexe wet- en regelgeving wegnemen;
  • Valorisatie versoepelen en academisch ondernemerschap stimuleren.

De potentie is enorm. Biotechnologie maakt het leven beter. Uitvindingen van Nederlandse bodem zoals slachtvrij vlees zonder tussenkomst van een koe, bioplastics die onze CO2-uitstoot reduceren en vaccinaties tegen pandemieën helpen ons om de grootste uitdagingen van onze tijd op te lossen. Biotechnologie draagt op deze manier bij aan gezondheid, duurzaamheid en versterkt tegelijkertijd ons verdienvermogen.

De biotech boomgaard is dus goedgevuld met mooie innovaties. HollandBIO helpt graag mee om het hooghangend investeringsfruit te plukken. Zo maken we de bijdrage van biotech aan voeding, gezondheid en duurzaamheid zo groot mogelijk!

← #nieuws

Met evenwichtige afspraken komen startups beter uit de startblokken

, ,

Het kabinet wil jonge ondernemers en universiteiten met elkaar aan tafel brengen om tot evenwichtigere afspraken bij het starten van een bedrijf te komen. Dat is hard nodig, want uit een recent AWTI-advies blijkt dat academische startups nog te vaak het onderspit delven bij onderhandelingen met universiteiten. En dat is zonde, want Nederland heeft een excellente kennispositie, maar in vergelijking met andere Europese life sciences hubs weten we die kennis nog onvoldoende om te zetten in bedrijvigheid en producten die ten goede komen van patiënt en consument. Startups moeten geholpen worden om goed uit de startblokken te komen. Dat doen we door evenwichtige afspraken tussen startups en universiteit de norm te maken.

Onderhandelingen terug in balans brengen

“Universiteiten hebben bij hun hightechspin-offs een te grote focus op rendement”, aldus de AWTI. “Universiteiten dragen nu te vaak een dubbele pet. Ze worden ook afgerekend op het geld dat terugvloeit uit hun startups. Dat maakt ze ongeduldig, bijvoorbeeld bij het incasseren van royalty’s over hun patenten.” aldus Jos Benschop, onderzoeker bij de AWTI.

Deze situatie zorgt voor een suboptimale start. Academische startups worden belemmerd in hun groei door ongunstige afspraken over bijvoorbeeld royalty’s, terwijl innovatieve startups een belangrijke economische motor zijn. Om tot meer evenwichtige afspraken te komen, wil het kabinet de universiteiten en startups met elkaar aan tafel brengen.

Tijd voor actie

HollandBIO zet zich in voor een ijzersterk innovatieklimaat.  Evenwichtige valorisatie, waarin academische kennis ten goede komt van de Nederlandse maatschappij, is daar een van de belangrijkste pijlers in. Al jaren loopt de valorisatie in Nederland sterk achter op andere landen. We kunnen niet langer stilzitten en toekijken hoe het innovatieklimaat achterop raakt, zeker omdat de basis er is. Nederland beschikt namelijk over een groot goed: een excellente kennispositie. Er is werk aan de winkel!   

Valorisatie-ingrediënten

Om van Nederland een life sciences ecosysteem van wereldklasse maken, zijn er wat HollandBIO betreft vier belangrijke ingrediënten nodig:

  • Het beter ondersteunen van startups. Volgens de OECD komt slechts 13% van de Nederlandse startups voort uit academie. Dat percentage kan toenemen als universiteiten aan het begin van de keten de doorgroei van bedrijven meer stimuleren.
  • Academisch ondernemerschap een erkend carrièrepad maken. Er moet meer focus komen om potentiële ondernemers te stimuleren. De Faculty of Impact van de VSNU is een mooi voorbeeld hoe dit opgelost kan worden.
  • Het versterken van de Knowledge Transfer Offices (KTO’s). Door een ondernemende cultuur, mandaat en financiering toe te voegen, kunnen KTO’s onderzoekers met kansrijke ideeën effectiever ondersteunen.
  • Financiering die aansluit op de behoefte van bedrijven. Biotech bedrijven zijn kennis- en kapitaalintensieve bedrijven met vaak lange doorlooptijden om producten te ontwikkelen. Als de financiering beter aansluit, kunnen bedrijven beter en sneller doorgroeien.

Alleen wanneer alle stakeholders, van overheid tot bedrijven, van academie tot science parken deze ingrediënten bij elkaar voegen, kan valorisatie aangepakt worden zodat Nederland weer kanshebber is om de life sciences hub van Europa te worden!

Bronnen

← #nieuws

Kiezen voor de kenniseconomie

,

195 Nederlandse wetenschapper luidden vorige week in de Volkskrant de noodklok over achterblijvende investeringen in de onderzoek. Gezien kennis de grondstof is voor de kenniseconomie, en biotech een kennisintensieve sector is, mag het geen verassing heten dat wij dit pleidooi steunen.

Nederland loopt achter

Nederland hangt in de Europese middenmoot als het aankomt op de hoeveelheid geld die wij uitgeven aan R&D. Ook de schrijvers van de oproep komen hier op terug. Ze stellen dat het Nationaal Groeifonds een mooi begin is om deze achterstand in te lopen maar nog niet voldoende is. De Rabobank concludeerde dit al enkele maanden geleden in een van hun onderzoeken. Zowel private als publieke investeringen in R&D blijven achter. Het groeifonds, met €20 miljard, is in staat om de private investeringen op te krikken, maar niet de publieke investeringen.

Selectie op wetenschappelijke kwaliteit

De schrijvers van het artikel stellen dat met beperkte middelen er duidelijker gekozen moet worden voor excellentie. In plaats van het eindeloos uitsmeren van onderzoeksgeld moeten vooral de beste onderzoeken gefinancierd worden. Succesvolle biotechhubs, zoals Boston en Vlaanderen, hebben gemeen dat zij alleen de beste wetenschap subsidiëren en duidelijke keuzes maken. Willen wij van Nederland ook een toonaangevende biotech hub maken, dan is het maken van keuzes onontbeerlijk.

Ideeën zijn de grondstof in de kenniseconomie

Biotech is een kennis- en kapitaalintensieve sector. Door grote maatschappelijke problemen op te lossen op het gebied van duurzaamheid, gezondheid en voeding versterken wij het verdienvermogen van Nederland. Goede ideeën zijn de grondstof van deze  motor, en we moeten voorkomen dat die motor stilvalt. Daarom moet er duidelijk gekozen worden voor de kenniseconomie, en herhalen wij het nog maar een keer: investeer in biotech, innoveer je uit de crisis!

← #nieuws

Ruim baan voor biotech

,

Een mooie oproep van EuropaBio, Alliance for Regenerative Medicine en EFPIA: stel ATMP’s vrij van de wetgeving voor genetisch gemodificeerde organismen (ggo’s) en borg hun veiligheid en effectiviteit in de geneesmiddelenwetgeving van de EU, die naar verwachting in 2022 vernieuwd wordt. Een aparte milieurisicobeoordeling voor het gebruik van ggo’s is dan niet meer nodig.

Hoewel HollandBIO dit voorstel natuurlijk alleen maar toejuicht, gaan wij het liefst nog een stap verder: begin helemaal met een schone lei. Want zoals de Europese Commissie eind april zelf ook al concludeerde is de ggo-wetgeving toe aan vernieuwing. HollandBIO stelt voor alle eindproducten vanuit een productwetgeving op hun veiligheid te beoordelen, onafhankelijk van hoe ze gemaakt zijn, voor alle mogelijke toepassingen. Zo zorgen we dat biotech op alle fronten het leven beter kan maken: gezondheid, voeding en duurzaamheid.

← #nieuws

Advies over moleculaire diagnostiek in de oncologie legt eerste tegels op route naar gezondheid op maat

, , ,

Het Zorginstituut Nederland en demissionair VWS-minister van Ark leggen gezamenlijk de eerste tegels voor een route van lab naar praktijk voor moleculaire diagnostiek in de oncologie. Een mooie, zij het beperkte, eerste stap vindt HollandBIO, wiens achterban bulkt van innovaties die -net als de moleculaire diagnostiek- bijdragen aan gezondheid op maat. Hoe brengen we het tempo erin?

Hier draait het allemaal om: het advies van het Zorginstituut en de bijbehorende beleidsreactie van demissionair VWS-minister Van Ark. Vragen over ‘op maat gemaakte’ therapieën en moleculaire diagnostiek plus een Initiatiefnota van diverse Kamerleden gaven vorig jaar aanleiding tot dit advies. Een aanvraag naar ons hart, want personalised medicine, en liever nog, gezondheid op maat, staat ook bovenaan HollandBIO’s wensenlijst.

We bevinden ons midden in een biorevolutie, stellen ook VWS en het Zorginstituut vast. De ontwikkelingen op het vlak van technologie, diagnostica en ook geneesmiddelen gaan razendsnel. HollandBIO vertegenwoordigt inmiddels tal van bedrijven en organisaties die een veelheid aan innovatieve technologieën ontwikkelen die de transitie richting gezondheid op maat kunnen realiseren. Denk bijvoorbeeld aan DNA-profielen en Whole Genome Sequencing (WGS), 3D-celkweek, organoïden, organs-on-a-chip, single cell sequencing, imaging, bioinformatica en artificial intelligence.

HollandBIO is overtuigd van de grote potentie van deze technologieën om iedereen van de juiste behandeling op het juiste moment te voorzien, om maatwerk mogelijk te maken en over- of onderbehandeling te voorkomen. Bovendien kunnen inzichten opgedaan uit de data van de patiënten van vandaag, helpen bij het sneller en beter behandelen van de patiënten van morgen. Een belangrijk aspect dat we helaas niet teruglezen in het advies van het Zorginstituut. Ons nationale systeem van toelating, financiering en implementatie is ons inziens alleen nog niet fit for purpose om die potentie te verzilveren. Daarvoor zullen we eerst moeten investeren. En ja, investeren brengt risico’s met zich mee. Maar aan de rand van het ravijn bloeien de mooiste bloemen. In dit geval bloemen die gezondheid op maat symboliseren en die wij maar wat graag zouden plukken. HollandBIO ziet het advies en de beleidsreactie dan ook als een belangrijke eerste stap op weg naar heldere routes van lab naar praktijk voor alle innovatieve technologieën die kunnen bijdragen aan gezondheid op maat. Dit hebben we ook aangegeven in onze reactie op het met ons gedeelde conceptadvies voorafgaand aan de publicatie van het definitieve advies.

Ook na het lezen van het definitieve advies blijven we bezorgd over de scope van het advies en het tempo waarin we nu handelen. Met de specifieke toespitsing op moleculaire diagnostiek in de oncologie, vallen er een boel technologische innovaties en indicatiegebieden buiten de boot. Een raamwerk voor het vaststellen van klinische waarde en plaats in de behandeling zal nog tot 2023 op zich laten wachten. Dat houdt in dat ook patiënten in sommige gevallen onnodig zullen moeten wachten, terwijl de technologie nu al behandeling op maat mogelijk kan maken. En hoe gaan we er voor zorgen dat we alle patiënten met innovatieve diagnostiek van een maatwerkbehandeling voorzien? Met het tempo waarin we nu handelen, zijn de testen en technologieën – zeker als het geen companion diagnostics zijn – achterhaald tegen de tijd dat ze een patiënt mogen bereiken.

HollandBIO ziet het advies daarom ook als een breekijzer om diagnostiek de specialistische aandacht te geven die het domein verdient. Een inventarisatie onder onze achterban laat zien dat veel partijen dezelfde knelpunten ervaren. In het vervolg is het wat ons betreft dan ook essentieel om te onderzoeken hoe ontwikkelaars van diagnostica in den brede gebaat kunnen zijn bij de route die nu voor moleculaire diagnostiek geplaveid wordt. Door met ontwikkelaars om tafel te gaan, kan met hun ervaring, expertise en het zicht op wat komen gaat een breder toekomstbestendig en adaptief zorgstelsel vorm worden geven, waarbij we optimaal profiteren van continue innovatie en technologische vooruitgang. HollandBIO helpt daarom graag om in tranche 2 van het project de ontwikkelaars aan te haken en gedeelde knelpunten én oplossingen boven tafel te krijgen.