← #nieuws

Europees onderzoeks- en innovatiepact gaat 100% voor 3% impact

, ,

De Europese Commissie (EC) heeft aan alle Europese lidstaten voorgesteld om een onderzoeks- en innovatiepact te ondertekenen zodat we nationale R&D-budgetten opschroeven naar tenminste 3% van het BBP in 2030. ‘A Pact for Research and Innovation in Europe’ ondersteunt niet alleen de economische positie van de Europese Unie (EU), maar draagt aan ook bij aan verdere versterking van onze basis op kennis en innovatie. Wat HollandBIO betreft broodnodig om als Europa koploper te worden op de ontwikkeling èn benutting van excellente en technische kennis. Nederland, doen we mee?

‘A Pact for Research and Innovation in Europe’ is opgesteld door de EC om verdere implementatie van de Europese onderzoeksruimte, ook wel European Research Area (ERA), op nationaal niveau te ondersteunen. De EU wil de ERA zo inrichten dat lidstaten meer mogelijkheden krijgen voor het makkelijker en efficiënter uitwisselen van best practices, het faciliteren van samenwerkingen en het investeren in gezamenlijke onderzoeks- en innovatiedoelen. 

Ophogen R&D-investeringen

HollandBIO juicht het onderzoeks- en innovatiepact van harte toe, en dan met name het doel om de lidstaten aan te zetten tot het opschroeven van hun R&D-investeringen tot tenminste 3% van het BBP. Dat is namelijk hard nodig in Nederland. Wij berichtten al eerder dat de R&D-investeringen in Nederland op een magere 2,16% blijven hangen, dat is zelfs ruim onder het OESO-gemiddelde van 2,5%. Andere partijen waaronder VNO-NCW en TNO delen dezelfde ambitie.

Europa als koploper

Als we in Europa onze kennispositie op het gebied van sleuteltechnologieën zoals biotechnologie willen verzilveren, dan moeten de Europese R&D-investeringen in lijn raken met andere wereldwijde koplopers. Afnemende investeringen in onderzoek en innovatie kunnen de toekomstige kennis- en economische positie van Europa in de weg staan, waardoor we het onderspit delven tegenover de Verenigde Staten en China. HollandBIO staat dan ook voor de volle 100% achter dit onderzoeks- en innovatiepact. We roepen de Nederlandse overheid op het pact te omarmen en tot ondertekening over te gaan. Deze gelegenheid voor het stellen van een stevige ambitie moeten we niet laten liggen.

Bronnen

← #nieuws

Opnieuw worden de beloftes van sneller en slimmer meten bevestigd

, ,

Door de inzet van geavanceerde diagnostiek zijn we steeds beter in staat vast te stellen welke ziekte iemand heeft en wat de best mogelijke behandeling is. Uit recent gepubliceerd onderzoek van het Antonie van Leeuwenhoek blijkt dat essentiële mutaties in het tumor-DNA bijzonder stabiel zijn. Dit maakt de weg vrij om, het liefst zo vroeg mogelijk in het ziekteproces, één keer het complete tumor-DNA af te lezen met behulp van Whole Genome Sequencing (WGS). Met de data die dit oplevert kan een arts samen met de patiënt bepalen wat de juiste behandeling is. “De onderzoekers pleiten er op basis van dit nieuwe onderzoek voor om deze test beschikbaar te stellen voor alle patiënten met uitgezaaide kanker.”, aldus het AVL-nieuwsbericht.

De implementatie van dit soort geavanceerde diagnostiek is dus cruciaal voor een behandeling op maat. Maar zolang je diagnostiek alleen inzet om te bepalen welk middel je aan een individu wil geven, benut je niet de volle potentie voor het zorgstelsel. Wanneer we individuele data kunnen anonimiseren, aggregeren en combineren, levert dat een schat aan informatie en kennis op, waarmee we de basis kunnen leggen voor een veel breder, lerend zorgsysteem. Waar behandelingen nog ontbreken, kan op grotere schaal verzamelde data bijvoorbeeld benut worden om de ontwikkeling van nieuwe behandelingen te versnellen en te verbeteren. De feedback van de patiënt van vandaag legt daarmee de basis voor de behandeling van de patiënt van morgen. Met de honorering door het Nationaal Groeifonds van het voorstel van Health-RI komt een nationale gezondheidsdata-infrastructuur een stap dichterbij. Volgens HollandBIO is zo’n nationale data infrastructuur een essentiële randvoorwaarde om de potentie van technologische innovaties ten volste te benutten.

Een heel mooi voorbeeld van de waarde van diagnostiek en het belang van het delen van data is het onderzoek van dr. Stefan Barakat en Elena Perenthaler naar het Barakat-Perenthaler syndroom, een ultrazeldzame vorm van epilepsie. Zij ontdekten dat een mutatie in het UGP2-gen de boosdoener is en vonden via Genematcher bijna 40 patiënten met dezelfde mutatie en hetzelfde ziektebeeld. Nu gaan ze op zoek naar een passende behandeling. “Barakat is trots op wat hij en zijn collega’s in minder dan vijf jaar hebben bereikt. ‘Deze casus is een mooie illustratie van hoe door middel van internationale samenwerking in relatief korte tijd de stap van onopgeloste patiënt, naar nieuw ziektebeeld en nu zelfs therapieontwikkeling kan worden gemaakt.’”.

Bronnen:

Lees meer:

← #nieuws

De toekomst van slacht(vrij) vlees

,

Wat mag op een zomerse barbecue niet ontbreken? Vlees natuurlijk. Toch wordt er volop gespeculeerd over de houdbaarheidsdatum van de voedselindustrie en vooral de toekomst van de eiwitproductie. Gelukkig zit onze sector ook niet bepaald stil, getuige dit allesbehalve komkommernieuws. Bij HollandBIO bekeken en lazen we deze zomer met veel genoegen interessante mediaberichten over onder meer gecultiveerd vlees.

Zo werd bij Op1 gesproken over het voedsel van de toekomst, waar alternatieven zoals insecten en zeewier op tafel lagen en Mosa Meats Mark Post uitweidde over de efficiënte en veilige productie van schoon en slachtvrij vlees.

Vaak wordt het simpel uitgelegd, stamcellen uit een levend dier worden in een bioreactor met groeimedium gestopt en gevoerd met voedingstoffen. De wetenschapsredactie van de Volkskrant onderzocht de consumptie van vlees en de complexiteit van het creëren van iets anders dan een burgertje of gepaneerde kipnugget. En kunnen we trouwens nog wel eieren eten als we geen kippen meer eten? Zou teruggaan naar simpelere tijden – net zoals onze voorouders met een kleine hoeveelheid dierlijk voedsel – de oplossing zijn?

Dit vriendelijke beeld van een eventuele simpele toekomst steekt scherp af tegen de huidige Amerikaanse situatie van een massale voedselindustrie. Grootschalige productie van kunstmatig laag geprijsde kipnuggets, met verreikende gevolgen voor de natuur, dierenwelzijn en barre arbeidsomstandigheden, komen aan bod in een longread over gecultiveerd vlees in de Guardian. Mensen houden van vlees en gecultiveerd vlees wordt als een mogelijke oplossing gezien om onze honger naar vlees te stillen met minder kans op ziektes en pandemieën. Geld lijkt zowel de oorzaak als de oplossing te zijn voor de huidige problematiek. De prijsontwikkelingen gaan snel en ondanks de kosten voor het produceren van een gecultiveerde hamburger al enorm gedaald zijn, kan het voorlopig nog niet concurreren met een goedkope nugget. Ook in ons land is dit een relevante discussie en VVD-Statenlid Walter Manders ziet het wel zitten een goed nieuw verdienmodel voor onze boeren te creëren. Maar wie van zomerse barbecues houdt, zit ook in de toekomst nog wel gebakken!

Voor meer informatie en achtergronden:

https://www.npostart.nl/rebecca-wiering-jelte-pier-slump-en-mark-post-over-het-voedsel-van-de-toekomst/22-07-2021/POMS_WNL_16588293

https://www.volkskrant.nl/wetenschap/zo-krijgen-we-alle-nederlanders-van-het-vlees-voor-2030~b375b875/

https://www.foodholland.nl/nieuws/bericht.php?id=233096

https://www.theguardian.com/news/2021/jul/29/lab-grown-meat-factory-farms-industrial-agriculture-animals

https://www.bd.nl/opinie/clean-meat-hoort-op-de-menu-kaart~abee9cd9/

← #nieuws

Belastingdienst: verlaagd btw-tarief van toepassing op ATMP’s

, , ,

De Belastingdienst beschouwt Advanced Therapy Medicinal Products (ATMP’s), zoals cel- en gentherapieproducten, als medische producten, zo laat de dienst HollandBIO in een brief weten. Dit betekent dat het verlaagde btw-tarief van 9% voor medicijnen ook geldt voor ATMP’s. De landelijke uitspraak maakt een eind aan de onduidelijkheid en is een mooie opsteker voor het Nederlandse vestigingsklimaat. De uitspraak volgt uit de gezamenlijke inzet van HollandBIO, de Vereniging Innovatieve Geneesmiddelen, het LUMC, de ministeries van EZK, VWS en Financiën en de Belastingdienst.

Advanced Therapy Medicinal Products, of ATMP’s, zijn de verzameling behandelingen waarbij gemodificeerde cellen, genen en/of weefsels worden ingebracht in het lichaam van een patiënt. Vaak worden ze ook aangeduid met cel- en gentherapieproducten. De vaak eenmalige en op het individu afgestemde cel- en gentherapieproducten zijn nog geen gangbare vorm van behandelen. De eerste therapieën hebben het reeds tot registratie en vergoeding in Nederland gebracht, en de wereldwijde pijplijnen zitten vol met producten in ontwikkeling. Ze luiden een nieuw tijdperk in de geneeskunde in.

Productie ATMP’s: allogeen of autoloog
Voor de productie van ATMP’s zijn vaak menselijke cellen als grondstof nodig. Dit kan op twee manieren worden gedaan: allogeen en autoloog. Bij allogene ATMP’s worden cellen van een donor als grondstof gebruikt voor de productie van meerdere ATMP’s. Bij autologe ATMP’s bestaat de grondstof uit cellen van de patiënt zelf, en wordt het geneesmiddel voor elke patiënt apart geproduceerd.

Btw-classificatie ATMP’s heeft grote gevolgen

Bij autologe ATMP’s, waar het om bewerking van cellen van een patiënt gaat, ontstond onduidelijkheid voor de Belastingdienst. Is hier sprake van een product, of een medische handeling? Dat lijkt misschien een triviale vraag, maar de classificatie als product of medische handeling heeft grote gevolgen voor de btw-positie van ATMP’s.

Een geneesmiddel valt in Nederland onder het verlaagde tarief van 9% btw, terwijl medische handelingen zijn vrijgesteld. Wanneer een btw-vrijstelling geldt, kan de fabrikant over de gemaakte kosten niet de btw aftrekken van de belasting, terwijl aan de inkoopkant vaak het hoge tarief van 21% gerekend moet worden. Dit zorgt voor hoge extra kosten bij de productie van ATMP’s. In andere landen, waaronder België, werden ATMP’s wel als producten beschouwd, waardoor België een streepje voor had als vestigingslocatie voor ATMP’s.

ATMP’s zijn producten

Alle andere wet- en regelgeving met betrekking tot ATMP’s behandelt deze innovaties als producten. Voor de btw-classificatie zou dit niet anders moeten zijn. Door gezamenlijke inspanningen van HollandBIO, de Vereniging Innovatieve Geneesmiddelen, het LUMC, de ministeries van EZK, VWS en Financiën is deze casus opgehelderd. Na constructief overleg heeft de Belastingdienst definitief geoordeeld dat ATMP’s producten zijn, en dus onder het btw-tarief van 9% vallen.

Impuls voor het vestigingsklimaat
Met de landelijke uitspraak is de onduidelijkheid die bestond over de btw-positie van ATMP’s verleden tijd. Doordat ATMP’s als producten worden beschouwd, kunnen producenten nu btw aftrekken in het productieproces. De combinatie van voorspelbaarheid en een gunstige btw-positie maakt dat deze beslissing belangrijk is voor het vestigingsklimaat.

Met onze sterke (kennis) infrastructuur, hoogopgeleide beroepsbevolking en robuust biotech ecosysteem was Nederland al in trek als vestigingsland voor ATMP-ontwikkelaars, getuige de aanwezigheid van Kite en BMS. Deze uitspraak draagt hier verder aan bij en leidt hopelijk tot de groei en bloei van Nederland als productielocatie van deze nieuwe generatie innovatieve producten.

Lees de brief van de belastingdienst hier.

← #nieuws

Kamer wil stille pandemie van antibioticaresistentie bestrijden

, ,

Mooi nieuws! Unaniem spoort de Tweede Kamer de regering aan om de ontwikkeling van nieuwe antibiotica te ondersteunen. Deze motie volgt op het recent verschenen Access to Medicine Foundation-rapport “Biotechs are saving the world form superbugs. Can they also save themselves?”. Ook nu is er namelijk al sprake van een wereldwijde “stille pandemie” van resistente infecties die globaal jaarlijks aan circa 700.000 mensen het leven kost.

De ontwikkeling van nieuwe, levensreddende antibiotica ligt voor een groot deel in de handen van kleine, innovatieve biotech bedrijven. De route die hun nieuwe producten van lab naar praktijk moeten afleggen is veelal een financiële lijdensweg – als die producten de eindstreep al halen. Juist om resistentie te voorkomen worden nieuwe antibiotica namelijk slechts spaarzaam ingezet. Daardoor hebben steeds meer bedrijven moeite om het hoofd boven water te houden.

Volgens de Access to Medicines Foundation zijn er nieuwe marktprikkels nodig om een medische catastrofe te voorkomen. Bijvoorbeeld in de vorm van abonnementsmodellen of beloningen voor het bereiken van mijlpalen, waaronder het bereiken van de markt (zogeheten market entry rewards). Volgens het rapport zou Nederland ook van de aanpak in Zweden en het VK kunnen leren. Genoeg te doen dus!

HollandBIO is daarom ontzettend blij dat de Kamer de regering oproept om werk te maken van de ontwikkeling van nieuwe antibiotica. Zij vraagt de regering de bijdragen vanuit de overheid voor nieuwe vormen van antibiotica op zo’n wijze te construeren dat de slaagkans wordt vergroot en ook om zich op Europees niveau in te zetten voor vernieuwende vormen van investeringen in en onderzoek naar nieuwe antibioticavarianten.

← #nieuws

Leestip: Universiteit, faciliteer een ondernemend ecosysteem

,

Universiteiten zijn een ontmoetingsplek voor ondernemers en investeerders en een veilige haven om te onderzoeken of in je goede idee ook een bedrijfje schuilt. Wat ze echter niet zouden moeten doen is durfinvesteerder spelen voor start-ups, dat is althans de raad die hoogleraar Ondernemerschap en Innovatie Dries Faems de academie meegeeft na een decennium aan het opzetten van accelerators en incubators. Anders gezegd: schoenmaker blijf bij je leest, aldus Faems in een opinie in het FD.

Andere wereld

Een instelling besturen vraagt om een andere strategie dan het leiden van een start-up. Waar het besturen van een instelling vraagt om een risicomijdende aanpak, daar kan een start-up alleen verder komen door een gokje te wagen. Die verschillende werelden laten zich moeilijk met elkaar rijmen. Faems ziet die tegenstelling als een van de oorzaken van de gebrekkige financiering van start-ups. Bij de eerste de beste tegenslag wordt het universiteiten te warm onder de voeten en stoppen zij de financiering. En zonder financiering geen start-up. De meest risicovolle start-ups krijgen daardoor niet de mogelijkheid om door te groeien.

Juist in de kennis- en kapitaalintensieve biotechsector zien we dit terug. Eerder bleek uit onderzoek van HollandBIO dat de groei van innovatieve biotechbedrijven in Nederland sterk achterloopt op andere Europese landen, terwijl we qua kennis en octrooiaanvragen wel tot de Europese top behoren. Dat is zonde, want dat betekent uiteindelijk dat we impact en waarde voor patiënten en consumenten laten liggen.

Faciliteer een ondernemend ecosysteem

Faems ziet tegelijkertijd wel een belangrijke rol voor universiteiten in het stimuleren van start-ups. Ten eerste is de universiteit een ontmoetingsplek voor (would be) ondernemers en financiers. Initiatieven zoals Graduate Entrepeneur in Rotterdam en Delft zijn daar een mooi voorbeeld van. Daarnaast kunnen universiteiten ook een veilige omgeving bieden, waarin je mag vallen en opstaan, waar jonge ondernemers kunnen ontdekken of in hun idee ook een bedrijf zit.

Wij volgen Faems helemaal in deze opvatting. Sterker nog, zijn ideeën komen terug in ons biotech booster Groeifondsvoorstel. Door ideeën verder te brengen in een veilige omgeving en met bedrijfsmatige begeleiding kunnen we  meer successen boeken. Daarnaast richt het plan zich op het versterken van het biotech ecosysteem zodat we biotech innovaties tot bloei laten komen. Zo verzilveren we de waarde die biotech te bieden heeft!

← #nieuws

Het effect van “Verder met Vaccineren”

,

Wat heeft het “Verder met Vaccineren”-beleid opgebracht? In deze voortgangsbrief belicht staatssecretaris Blokhuis de resultaten. De trendbreuk rond de -voorheen- dalende vaccinatiegraad geeft reden tot feest, al gaat bij HollandBIO de champagne pas écht open als het volgend kabinet doorpakt op de recente adviezen voor een verbeterd Nederlands vaccinatiestelsel.

Staatssecretaris Blokhuis zette zich de afgelopen beleidstermijn samen met “zijn” vaccinatiealliantie en de denktank desinformatie in voor het Nederlandse vaccinatiebeleid. Gewapend met een actieplan is het hem gelukt om de dalende trend in de vaccinatiegraad te keren: een mooi resultaat! Hij stelde daarnaast diverse nieuwe vaccinatieprogramma’s in, waaronder bijvoorbeeld de maternale kinkhoestvaccinatie en een uitbreiding van de HPV-vaccinatie naar jongens. Ook kijkt hij positief aan tegen de invoer van een gordelroosvaccinatie voor ouderen, en was hij eerder positief over de invoer van een rotavirusvaccinatie in risicogroepen, waar recent een aangepast GR-advies over uitkwam.

Tot HollandBIO’s grote genoegen merkte Blokhuis ook op dat het vaak lang duurt voordat nieuwe vaccins een arm bereiken. Diverse vraagstukken over de in- en uitvoer spelen daarbij een rol – en gaven Blokhuis aanleiding een verkenning naar de bestendigheid van het Nederlandse vaccinatiestelsel uit de zetten bij de Raad voor Volksgezondheid en Samenleving. Nu de resultaten van de verkenning, en het advies van het Zorginstituut over de vaccinatiezorg voor medische risicogroepen bekend zijn, laat Blokhuis de broodnodige verbeteringen aan het stelsel aan zijn opvolger over.

Hoewel er onder leiding van Blokhuis mooie stappen gezet zijn, gaat het dak er bij HollandBIO pas echt af als het ons lukt om ook het vaccinatiestelsel duurzaam te verbeteren. Essentieel daarvoor is een overkoepelende visie, met breed gedragen doelen, een bijpassende strategie en een goed gecoördineerde, gezamenlijke uitvoering. Blokhuis laat daarmee een bijzonder relevante en actuele uitdaging achter voor zijn opvolger. Wie pakt de handschoen op?

← #nieuws

Zorginstituut: Nederlands vaccinatiebeleid moet beter, meer regie nodig

, ,

Naast de Raad voor Volksgezondheid en Samenleving (RVS) concludeert nu ook het Zorginstituut (ZIN) dat het vaccinatiebeleid en de vaccinatiezorg in Nederland versnipperd zijn en beter moeten. Het Zorginstituut pleit daarom voor meer duidelijkheid over regie en verantwoordelijkheid. Een oproep die HollandBIO in bredere zin steunt: laten we gezamenlijk werk maken van visie op het overkoepelende Nederlandse vaccinatiebeleid!

Volgens het Zorginstituut staat een gebrek aan regie en verantwoordelijkheid aan de basis van alle knelpunten die zij signaleert binnen de vaccinatiezorg voor medische risicogroepen. Zo weten behandelaren en patiënten lang niet altijd van het bestaan en hebben zij onvoldoende kennis van deze zorg. Of is de bekostiging en vergoeding van vaccinatie voor medische doelgroepen onduidelijk. Ook is er per regio een andere invulling, met soms de medisch specialist en in andere gevallen de huisarts of de GGD als primair verantwoordelijke. Met een rol als “procesarchitect” wil het Zorginstituut deze kluwen aan knelpunten uiteenhalen en toekomstige verbeteringen realiseren voor de vaccinaties die binnen de Zorgverzekeringswet vallen, of zouden moeten vallen.

HollandBIO is allereerst buitengewoon blij met alle erkenning van de problematiek rond het Nederlandse vaccinatielandschap. Alle eerdere adviezen, verkenningen en loketten ten spijt, bereiken beschikbare vaccins blijkbaar nog steeds niet altijd tijdig de juiste arm, en laat Nederland nog altijd gezondheidswinst liggen. Daar moet snel verandering in komen.

Hoog tijd om op basis van de gesignaleerde knelpunten werk te maken van de Nederlandse ambitie om in de strijd tegen infectieziekten zoveel mogelijk gezondheidswinst te realiseren met behulp van vaccinaties. Waar ZIN pleit voor meer regie en verantwoordelijkheid voor vaccinaties van medische risicogroepen, trekt HollandBIO -ook in navolging van het RVS-advies– deze oproep graag breder. Wat ons betreft is een overkoepelende visie, met breed gedragen doelen, een bijpassende strategie en een goed gecoördineerde, gezamenlijke uitvoering nodig. Laten we als veldpartijen niet de formatie en beleidsreactie afwachten, maar kijken of we hier alvast een gezamenlijke basis voor kunnen leggen!

← #nieuws

Biotech rijk vertegenwoordigd in de R&D-top 30: de biotech-innovatiemotor draait op volle toeren

, ,

Ook dit jaar prijken er weer vijf biotechbedrijven in de lijst van dertig grootste R&D-investeerders in Nederland. Zoals in eerdere jaren is de lijst gevuld met bedrijven die actief zijn op zowel duurzaamheid, voeding en gezondheid. Onze innovatieve sector is rijk vertegenwoordigd in de lijst en investeert ruim €100 miljoen meer dan vorig jaar. Hiermee laat de sector zien dat de innovatiemotor nog steeds op volle toeren draait.

Investeringen nemen toe
Net zoals vorig jaar is de R&D-top 30 van het Technisch weekblad goed gevuld met biotechbedrijven. Over het algemeen nemen de investeringen bovendien zelfs toe. Met een R&D-budget van net geen half miljard (€499 miljoen) bezet Janssen de derde plek en stijgt daarmee een plek ten opzichte van vorig jaar. DSM neemt de vijfde plaats in met hun R&D-budget dat gegroeid is naar €217 miljoen. Ook Byondis (#14, €68 miljoen) en Enza Zaden (#17, €45 miljoen) behoren tot de groep grootste investeerders. Er is ook een nieuwkomer in de lijst dit jaar, uit nota bene onze achterban; KeyGene komt met een R&D-budget van ruim €19 miljoen binnen op plaats 24 in de lijst. In totaal zijn de R&D-investeringen van de in de lijst genoteerde biotechbedrijven gestegen van €743,5 miljoen naar maar liefst €848 miljoen in 2020.

Biotech successen kweken
De biotechsector toont weer zijn kracht als innovatiemotor. Met het oplossen van maatschappelijke uitdagingen wordt tegelijkertijd het innovatie- en verdienvermogen van Nederland versterkt. Een unieke industrie waar wij geen genoeg van krijgen! Om nóg meer van dit soort successen te kweken op Nederlandse bodem moeten we nu inzetten op biotech. Bijvoorbeeld met biotech booster Groeifondsaanvraag of door in het deeptechfonds nog meer aandacht voor biotech te hebben. Want investeren in biotech, is jezelf de crisis uit innoveren!

← #nieuws

WBSO blijft onderdeel van aantrekkelijk vestigingsklimaat

,

Innovatieve Nederlandse bedrijven haalden in 2020 ondanks de coronacrisis een voordeel van in totaal €1,2 miljard uit de zogenoemde Wet Bevordering Speur- en Ontwikkelingswerk (WBSO). Dat meldt het ministerie van Economische Zaken en Klimaat in het WBSO-jaarverslag over 2020. Met de WBSO kunnen bedrijven sneller nieuwe innovaties en ideeën ontwikkelen tot succesvolle producten en diensten. HollandBIO is dan ook blij dat biotech bedrijven breed gebruikmaken van het instrument en dat het ministerie er voor het budget van 2021 een schep bovenop doet.

WBSO 2020 in getallen

Ruim 20.000 Nederlandse bedrijven – waarvan 97% mkb – hebben in 2020 gebruikgemaakt van de WSBO. Al met al hebben ruim 135.000 R&D-projecten WBSO-subsidie ontvangen, een stijging van 6% ten opzichte van 2019. Ook de andere effecten van de WBSO zijn aanzienlijk: zo ondersteunt het instrument ruim 88.000 hoogwaardige arbeidsplaatsen en leidt het volgens een recente evaluatie tot extra private R&D-investeringen, meer innovatie en een beter vestigingsklimaat.

Breed WBSO-gebruik biotech

Biotech bedrijven zijn, door hun innovatieve aard en activiteiten, als vanouds goed vertegenwoordigd in de WBSO. Tegelijkertijd blijft biotechnologie lastig in één categorie te vangen. Als we inzoomen op onderstaande tabel met uitsplitsingen per technologiegebied dan is natuurlijk de categorie biotechnologie relevant, maar onder de categorieën medische wetenschappen/farma en plantaardige wetenschappen bevinden zich naar alle waarschijnlijkheid ook veel biotech bedrijven of bedrijven die biotechnologie toepassen voor hun R&D-projecten. In 2020 zijn deze categorieën samen goed voor 1221 bedrijven die gebruikmaken van de WBSO.

Wat ook opvalt, is dat biotechnologie en biotech-gerelateerde categorieën als medische wetenschappen/farma en plantaardige wetenschappen, allemaal relatief veel arbeidsjaren en onderzoekskosten maken ten opzichte van veel andere sectoren. Als gevolg daarvan ontvangen zij naar verhouding ook een groot voordeel uit de WBSO in de vorm van afdrachtvermindering. Het onderstreept wat HollandBIO betreft nog maar eens het R&D-intensieve karakter van de biotech sector.

WBSO-budget 2021 omhoog   

HollandBIO is blij dat het ministerie van EZK het WBSO-budget in 2021 ophoogt met meer dan €150 miljoen zodat bedrijven zich nog beter uit de crisis kunnen innoveren. Bedrijven krijgen door de ophoging van het budget hogere kortingen op de eerste schijf en de startersschijf. Mooie ontwikkelingen die wat HollandBIO betreft een structureel karakter mogen aannemen.

Bronnen