← #nieuws

Blinkend financieringslandschap glanst niet in Nederland

, ,

McKinsey onderzocht het wereldwijde financieringslandschap voor biotech bedrijven. Biotech is hot onder investeerders. Er zijn meer investeringen in biotech start-ups gedaan dan ooit te voren en er wordt steeds vaker in de vroege risicovolle fase geïnvesteerd. In Nederland lijkt het geld eveneens tegen de plinten te klotsen, maar Golden Egg Check laat zien dat het geld niet evenwichtig is verdeeld. Investeringen in de vroege fase lopen juist terug en de financieringskloof voor startende biotech bedrijven in Nederland dijt alsmaar verder uit. HollandBIO voorspelt dat wanneer deze trend zich doorzet, nieuwe biotech innovaties in Nederland de boot missen en koers zetten naar het buitenland. Hoe gaan we het tij keren?

Wereldwijde weelde, Nederlandse scheefheid

Recent zijn twee interessante rapporten gepubliceerd door McKinsey en Golden Egg Check die meer inzichten geven over wereldwijde en Nederlandse Venture Capital investeringen in biotech. Er is wereldwijd sprake van een weelderige financieringsmarkt, die in Nederland bovenal onevenredig verdeeld is.

Zo laat McKinsey  zien dat er in 2020 wereldwijd 55% meer venture capital geld is geïnvesteerd in biotech dan in 2019. Ook is de omvang van de gemiddelde financieringsronde in 2021 37% gegroeid ten opzichte van 2020; daarmee is de gemiddelde investeringsronde $59 miljoen. Daarnaast stijgt eveneens het aantal investeringen in de preklinische fase van biotech bedrijven. De analyse van Golden Egg Check van Venture Capital deals in Nederland laat een vergelijkbare groei zien. In 2021 is er na een half jaar al meer geïnvesteerd dan in heel 2020, namelijk bijna €3 miljard.

Risico op afhankelijkheid buitenlandse investeerders

Maar ‘the devil is in the details’, zo blijkt wanneer naar de verdeling van dat kapitaal wordt gekeken. De financieringskloof tussen vroege en late fasen is zichtbaar en wordt alleen maar groter. Tussen 2018 en 2020 zijn er meer en grotere deals gesloten in vervolgrondes. Echter, de groei in het aantal investeringen in de vroege fase blijft achter. Sterker nog: deals tot en met €1 miljoen lopen zelfs terug ten opzichte van de voorgaande jaren. De voornaamste reden is dat venture capital fondsen steeds meer opschuiven naar late fase investeringen.

Het resultaat? Er is minder privaat kapitaal beschikbaar voor nieuwe risicovolle innovaties in Nederland. Daardoor lopen we het risico dat Nederlandse bedrijven meer en meer afhankelijk worden van buitenlandse investeerders.

Zilverpoets voor ons kroon
HollandBIO vreest dat Nederlandse start-ups, door een gebrek aan vervolgfinanciering, te afhankelijk worden van het buitenland – met als gevolg dat ze hun fysieke vestiging het geld volgt. Daarom werken wij binnen het programma ‘IJzersterk Innovatieklimaat’ aan het optimaliseren van het Nederlandse financieringslandschap voor biotech en life sciences bedrijven. We hebben een aantal ideeën om de Nederlandse financieringsmarkt een boost te geven:

  • Stimuleer angel investors met fiscale regelingen. Angel investors stappen vaak in de vroege fase in veelbelovende start-ups en helpen met privaat kapitaal de financieringskloof te dichten.
  • Meer investeringsfocus op kennis- en kapitaalintensieve start- en scale-ups en hun specifieke financieringsbehoefte. Initiatieven zoals het Deep Tech Fonds zijn een goed startpunt, en hiervan mogen er wat ons betreft veel volgen.
  • Investeer publiek geld ook in de risicovolle vroege fase. We kunnen daarbij een voorbeeld nemen aan Vlaamse initatieven zoals het Vlaams Instituut voor Biotechnologie (VIB) en het Vlaams Agentschap voor Innoveren en Ondernemen (VLAIO). Beide organisaties laten zien dat publieke investeringen in de risicovolle en vroege fase loont.

Natuurlijk is dit een niet-uitputtende lijst en is er veel meer mogelijk. Maar het belangrijkste is dat het rapport van Golden Egg check een wake-up call moet zijn. We moeten ons realiseren dat onze biotech sector een kroonjuweel is en dat met aansluitende financiering we daar maatschappelijk, en economisch van kunnen profiteren. Tijd om de zilverpoets te pakken en het financieringslandschap op te poetsen!

← #nieuws

Pandemiebestrijding minstens even mutatiegevoelig als het coronavirus

, ,

Een pandemie eronder krijgen. Wat hadden we eind 2021 graag gezegd dat we erin geslaagd waren. De werkelijkheid blijkt weerbarstig. Voorlopig dansen en hameren we er nog op los, op het moment van schrijven met een “avondlockdown”. Gelukkig hebben we dankzij biotech wél een steeds vollere gereedschapskist, waardoor het virus kunnen bestrijden niet meer de grootste uitdaging lijkt: zelfs tegen dominante varianten kunnen we binnen 100 dagen een aangepast vaccin ontwikkelen. De ideeën over het mogen en wíllen bestrijden van de pandemie blijken echter sneller te muteren dan het virus zelf, zowel binnen Nederland, als over de grens.

Vooropgesteld: ook HollandBIO heeft niet dé silver bulletdie ons van de pandemie verlost. Wel zien we dat biotech met testen, vaccins en geneesmiddelen nog altijd een bijzonder belangrijke bijdrage levert aan de bestrijding van deze crisis. Het lijkt alweer heel normaal, dat we in een recordtijd niet één, maar meerdere vaccins en geneesmiddelen tegen het coronavirus wisten te ontwikkelen, registreren en inzetten. En sindsdien staan alle productielijnen roodgloeiend. Want, after all, nobody is safe until everyone is safe.

Coronavaccinproductie: het logistiek huzarenstuk van de 21e eeuw
Ook wij hadden liever direct Jan en alleman van vaccins voorzien. Alleen het produceren is bepaald geen pannenkoeken bakken. Qua complexiteit valt vaccinproductie meer in de categorie “bereiden van een sterrendiner”, liet ook vaccingezant Hans Schikan zien: noch toegang tot de ingrediënten, noch toegang tot het recept – het spreekwoordelijke IP – geeft garantie op een restaurantwaardig resultaat. Laat staan dat je in afwezigheid van voldoende keukencapaciteit binnen afzienbare tijd de hele wereld op een hoogstaande culinaire beleving kan trakteren. De productie van één vaccin is een enorm logistiek huzarenstuk dat staat of valt met de (gelijk)tijdige levering en inzet van 280 componenten afkomstig van 86 leveranciers uit 19 landen. De Nederlandse overheid erkent inmiddels ook dat dit geen eitje is en dat de bescherming van intellectueel eigendom juist de broodnodige samenwerkingen heeft gefaciliteerd in plaats van geblokkeerd (zie vraag 70).

De route naar de arm kent vele uitdagingen…
Gelukkig heeft de biotech sector sinds begin 2020 niet stil gezeten. In theorie zou de hele wereldbevolking tegen februari 2022 twee prikken in de arm kunnen hebben, aldus EFPIA en Vaccines Europe. Tot zo ver de theorie… Want in plaats van vaccins volgens afspraken via COVAX aan armere landen te doneren, zijn veel landen tot grote frustratie van de WHO alweer toe aan een nieuwe booster, Nederland inclusief. Oostenrijk liet zelfs al weten dat ‘schansen met Janssen’ er in 2022 niet in zit, tot grote frustratie voor wintersportliefhebbers die alle maatregelen tot nu toe gep(r)ikt hebben. En het lijkt met een nieuwe ronde boosters in Nederland onwaarschijnlijk dat we het ‘Get one, Give one’-principe tijdig in de praktijk brengen.

Een eerlijkere verdeling van vaccins is weliswaar een belangrijke sleutel tot het einde van deze pandemie, ook het voor handen zijn van voldoende vaccins wereldwijd is slechts één van de uitdagingen – waar overigens ook in Afrika hard aan gewerkt wordt. Een verslaggever van de NOS tekende recent in Malawi op dat er veel meer hordes geslecht moeten worden. Geld voor grote vaccinatiecampagnes is er in Malawi eigenlijk niet en ook hier werkt een gebrek aan informatie over vaccins vaccinatietwijfel in de hand. Daarbij ontbreek het inwoners soms niet alleen aan de wil, maar ook aan de financiële middelen om het vervoer naar een priklocatie te regelen. Want zet je met je geld eten voor je kinderen op tafel, of ga je naar de stad voor een prik? Malawi is zeker niet het enige land dat hiermee worstelt en zeker niet het enige land waar het virus in de tussentijd rustig door kan muteren.

De huidige vaccinatieongelijkheid zou ons nog wel eens duur kunnen komen te staan, zeker nu de omicronvariant is aangewezen tot een nieuwe “variant of concern”. Hoopten we eerder dat vaccinatie de genadeklap zou zijn voor het virus, inmiddels leerden we dat vaccinatie je wel een tijd beschermt tegen een ernstig verloop van de ziekte, waardoor we nu in een betere situatie zitten dan vorig jaar, maar dat de prikken niet volledig blijken te voorkomen dat we het virus oplopen, of door kunnen geven. Hoe lang dit beschermde effect van vaccinatie aanhoudt, of het ook aanhoudt bij nieuwe varianten en hoeveel boosters er nog nodig zijn, moet de ervaring ons leren. Dat voelt toch een beetje als van een koude kermis thuiskomen.

Een bitter(zoet)e pil?
Corona geeft ons een crash cursus omgaan met onzekerheid. Daarom lazen we met verbazing hoe positief Jaap van Dissel is over de coronapillen. Begrijp ons niet verkeerd: bij HollandBIO zien we graag een warm onthaal voor elk biotech product en elk nieuw wapen in de strijd tegen corona is welkom. Het zou alleen een bijzonder bittere pil worden voor heel Nederland als de vlag wederom te vroeg uit gaat.

We weten niet wat de beste route is om op in te zetten, noch hoe het virus gaat muteren. Daarom blijft het voorlopig dansen en hameren, op zoek naar een balans waarbij het virus endemisch wordt en onze maatschappij minder ontwricht. Het is misschien geen zaligmakend vooruitzicht, maar bij HollandBIO durven we er onze hand voor in het vuur te steken dat de biotech zich volledig in blijft zetten om dit virus, inclusief toekomstige varianten, eronder te krijgen.

← #nieuws

Valorisatierapport Roland Berger: Geen woorden, maar biotech booster

, ,

Om de Nederlandse potentie van valorisatie echt te ontketenen moeten we structureel meer radicale veranderingen durven door te voeren in de manier waarop we valorisatie benaderen, organiseren, ondersteunen en financieren. Dit concludeert Roland Berger in ‘Valorisatie ontketend’ een rapport dat ze opdracht van Techleap is opgesteld. Dit is het zoveelste rapport dat de gebrekkige valorisatiepraktijk in Nederland onder de loep neemt. HollandBIO vindt dat het geen tijd is voor woorden maar daden. Tijd voor Biotech Booster.

Vijf uitdagingen, vijf oplossingen

Roland Berger beschrijft de gebrekkige valorisatie als de hals in een zandloper. Kennisinstellingen staan aan de ene kant van de zandloper en bedrijven en de samenleving aan de andere kant. De hals die hier dus figuurlijk en letterlijk de ‘bottleneck’ vormt, bestaat uit de zogeheten Knowledge Transfer Offices (KTO’s). Het rapport beschrijft daarbij vijf uitdagingen:

  1. Valorisatie is nog te vaak een lineair, transactioneel proces.
  2. Universiteiten zijn niet op valorisatie ingericht; de cultuur, governance en financiering draaien allemaal om onderwijs en onderzoek.
  3. Mede daardoor ligt de focus vaak meer op het verdienen aan, dan op het verwaarden van universitaire “assets”.
  4. Die taak is belegd bij kennis- en technologie transfer offices (KTO’s) maar vaak zonder dat zij (kunnen) worden toegerust met de schaal, inhoudelijke kennis per vakgebied en middelen die daarvoor nodig zijn.
  5. De financiële steun voor valorisatie – van buiten de universiteit – is ten slotte vaak onvoldoende, versnipperd over veel verschillende regelingen, incidenteel en incompleet (bijvoorbeeld voor de vroegste fase van ontwikkeling).

De oplossing ligt in een valorisatiesysteem dat zich richt op het organiseren van gezamenlijkheid en het creëren van de optimale randvoorwaarden. In deze visie is valorisatie geen derde kerntaak, maar integraal verweven met onderwijs en onderzoek. Om de Nederlandse potentie van valorisatie echt te ontketenen moeten we structureel meer radicale veranderingen durven door te voeren in de manier waarop we valorisatie benaderen, organiseren, ondersteunen en financieren. Roland Berger pleit daarom voor vijf veranderingen:

  1. Ga van technologietransfer naar co-creatie;
  2. Maak valorisatie een volwaardig deel van het primair proces;
  3. Creëer fysieke locaties voor co-creatie over alle TRL-niveaus;
  4. Organiseer ondersteuning dichtbij en thematisch; en
  5. Zorg voor structurele, continue financiering.

Geen woorden, maar Biotech Booster

HollandBIO kan zich meer dan vinden in deze oplossingen. Maar hoe blij we ook zijn met de aanbevelingen, bekruipt ons toch een ‘groundhog day’-gevoel. Eerder kwamen wij met een eigen onderzoek ‘Lost in Translation’, ook de AWTI (2x), Roland Berger en Dialogic kwamen eerder met vergelijkbare conclusies en dito aanbevelingen. Je kan inmiddels een bibliotheek vullen met onderzoeken naar de Nederlandse Valorisatiepraktijk.

Des te belangrijker is het dat al die aanbevelingen ook tot iets leiden en des te belangrijker is dus de groeifondsaanvraag Biotech Booster. Want inmiddels weten we dat valorisatie een probleem is. We weten ook waar de oplossing ligt, het is nu zaak om die uit te voeren. Biotech Booster biedt die structurele en radicale verandering waar al die rapporten om vragen. Tijd dus voor Biotech Booster.

Bronnen:

← #nieuws

Vaster adviesritme van de Gezondheidsraad voor corona

, ,

Met de komst van een COVID-19 subcommissie krijgt advisering over coronavaccinatie een structurele plaats binnen de Gezondheidsraad (GR). Deze nieuwe commissie gaat bovendien vanuit een vaster adviesritme werken. Een voorbeeld dat wat HollandBIO betreft bredere navolging verdient.

Corona legt de loep op het beoordelingstraject van vaccins
Het coronavirus legt een vergrootglas op de uitdagingen in de zorg, waaronder ook de beoordeling van vaccinaties en de snelheid waarmee die tot stand komt. Zo stelt D66-Kamerlid Jan Paternotte in een artikel van NRC Handelsblad dat VWS-minister De Jonge soms te angstvallig vasthoudt aan het raadplegen van de GR. Als een internationale organisatie ook al advies heeft uitgebracht, mag hij het adviesorgaan best eens passeren om vaart te maken. „Als het ECDC een duidelijke richtlijn heeft, dan moet niet steeds de reflex zijn: we vragen weer een nieuw advies. Dat is een onnodige stapeling van adviezen.” Ook viroloog Marion Koopmans en Vaccines Europe voelen wel wat voor een “internationale adviesraad” wiens adviezen we (soms) rechtstreeks kunnen overnemen.

Als onafhankelijk adviescollege bepaalt de GR nu in de regel zelf de werkwijze, timing en benodigde expertise van haar adviezen. In de praktijk leidt dit, zoals we eerder in een position paper beschreven, al jaren tot een inefficiënt, onzeker en vaak jarenlang beoordelingstraject voor vaccins. Dat er nog gezondheidswinst blijft liggen met het huidige beoordelingsproces concludeerde de GR nota bene zelf al in 2013. Toch concludeerde de Raad voor Volksgezondheid en Samenleving (RVS) het dit jaar opnieuw. Dat er nu een vaster adviesritme komt voor COVID-vaccinaties ziet HollandBIO daarom als een verademing én een voorbeeld voor de beoordeling van andere vaccinaties, die soms jaren op de plank blijven liggen.

Een toekomstbestendig vaccinatiestelsel, met voor elk vaccin tijdig een toegangsroute op maat
Volgens de RVS biedt een overkoepelende visie en strategie voor de vaccinatiezorg uitkomst tegen de versnippering in het huidige stelsel: een oplossing die perfect in het straatje van HollandBIO past. Een optimale benutting van vaccinatie vergt een structureel advies over elk geregistreerd vaccin, met een brede blik op alle mogelijke toegangsroutes, inclusief -maar niet beperkt tot- de publieke programma’s. Dit advies geeft het vaccin een plaats in het zorgstelsel. En net als bij geneesmiddelen, is een vaste termijn voor dit advies zeker geen overbodige luxe.

De RVS ziet gelukkig ook heil in maatwerk en een verbeterde samenhang tussen het programmatisch aanbod, de vaccinaties binnen de collectief gefinancierde zorg en de vrije markt. Dat vraagt wel om een doelgerichte en proactieve benadering van de doelgroep – en daarmee om de systemen die dat mogelijk maken. Wat ons betreft ligt er dus een mooi takenlijstje klaar voor de opvolger van Blokhuis!

← #nieuws

Evaluaties van het coronabeleid: een boost(er) voor de Nederlandse infectieziektenaanpak

, ,

Terwijl de Onderzoeksraad voor Veiligheid de Nederlandse aanpak van de coronacrisis evalueert, speelt ook de Tweede Kamer haar ultieme troef: er komt een parlementaire enquête naar het coronabeleid. HollandBIO grijpt beide evaluaties graag aan als kansen voor verbetering van beleid, op nationaal én internationaal niveau.

Dat we deze crisis beter aan hadden kunnen pakken staat als een paal boven water. Hoe? Daarover filosoferen, pennen en plannen verschillende partijen inmiddels flink op los: waaronder – maar allesbehalve uitputtend – hier, hier, hier, hier en – onze favoriet – hier.

Uiteraard is HollandBIO, hoe kan het ook anders, volledig overtuigd van de belangrijke bijdrage van biotech in de crisis. Zonder testen, vaccins en geneesmiddelen hadden we ons ook in 2021 immers weer op kunnen maken voor een cold and lonely Christmas.

Het is daarom essentieel dat de stem van de biotech ook vertegenwoordigd is in de evaluaties over het coronabeleid. Ter inspiratie delen we daarom alvast de vragen die we keer op keer over de crisisaanpak bleven stellen en onze inzichten uit “op naar de arm” en “op naar de arm deel II”. En aangezien we vrezen dat dit niet de eerste noch de laatste infectieziektecrisis is die zich aandient, brachten we ook in kaart wat biotech nodig heeft om in een volgende ronde optimaal beslagen ten ijs te komen, bijvoorbeeld tegen antibioticaresistentie of een nieuwe Disease X.

Een beter beleid staat of valt uiteindelijk vooral met de aanwezigheid van een kabinet. Ongetwijfeld vallen er veel woorden vuil te maken aan de keuzes uit het verleden: achteraf is het namelijk makkelijk praten, de beste stuurlui staan aan wal en we lijken wel eens te vergeten dat fouten maken menselijk is. Maar een steeds striktere verantwoordingscultuur maakt beleid niet per se beter. Wat HollandBIO betreft gaat het de aankomende tijd vooral niet om woorden maar daden. Wij richten onze blik het liefst vooruit. Laten we het komende kabinet de kans geven om op basis van de input van alle stakeholders, inclusief de biotech, het huidige infectieziektenbeleid een boost(er) te geven.

← #nieuws

Nederlandse economie kan €85 miljard groeien door publieke investeringen in R&D

, ,

In een uitgebreid artikel rekent Rabo Research het plan van de Kenniscoalitie door, een samenwerkingsverband van partijen in het Nederlandse onderzoeks- en innovatieveld waaronder VNO-NCW en TNO, waarin zij voor fors meer investeringen in publieke R&D pleiten. De effecten zijn enorm: de Nederlandse economie groeit met €85 miljard door het plan, ook door het vliegwieleffect op private R&D-investeringen. Rabo Research concludeert dat het van belang is dat de politiek nu al actie onderneemt en niet wacht tot de groei als gevolg van de vergrijzing stagneert. Een duidelijke oproep aan een nieuw kabinet waar wij ons van harte bij aansluiten: investeer in innovatie, investeer in biotech!

Nederland loopt achter, en komt verder achterop
Landen in de Europese Unie hebben al in 2000 afgesproken dat zij minimaal 3% van hun BBP aan R&D willen uitgeven. Logisch, als je in acht neemt dat die investeringen in R&D essentieel zijn om welvaart in de toekomst te garanderen. Des te zorgelijker is het daarom dat Nederland dit doel niet haalt, en de ambitie zelfs naar beneden heeft bijgesteld!

In 2020 gaf Nederland maar 2,2% van haar BBP uit aan R&D. Publieke R&D-investeringen in Nederland (0,7% van het BBP) blijven daarmee ook achter bij innovatieve koplopers als Duitsland en Noorwegen (beide 1%). Nederland ligt achter op de innovatieve koplopers, en door de aard van investeringen in R&D is dat een neerwaartse economische spiraal.

Rabo Research heeft gemodelleerd dat toekomstige BBP-groei volgt uit groei van productiviteit en kapitaal. Op die groei komt een rem door vergrijzing, er zijn minder werkenden in de toekomst. Die uitdaging moeten we het hoofd bieden, willen we op langere termijn economisch gezond blijven. Een oplossing daarvoor is het laten groeien van arbeidsproductiviteit, en dat bereiken we met nieuwe technieken en innovaties. Beide aspecten stimuleren we bij uitstek door publieke R&D-investeringen. Ook hogere private investeringen in R&D zijn nodig. Rabo Research wijst daarbij op fiscale instrumenten en subsidies die hieraan kunnen bijdragen. Weinig verrassend als je denkt aan de positieve evaluatie van deze instrumenten.

Rabo Research stelt verder dat investeringen in R&D kunnen bijdragen aan brede welvaart als ze toegespitst zijn op de grote toekomstige uitdagingen. En laat dat zou precies het terrein zijn van biotech.

€85 miljard groei

Rabo Research heeft berekend wat de impact is van het plan van de Kenniscoalitie om fors meer in publieke R&D te investeren, namelijk een €85 miljard grotere economie. Dat is net zo groot als alle inkopen van de Nederlandse overheid bij elkaar en net zo veel als dat Nederland in 2016 met de landbouw verdiende in het buitenland. We hebben dus enorm veel te winnen.

Rabo Research stelt dat het van belang is dat de politiek nu al actie onderneemt en dat het om langdurige en structurele investeringen gaat, want de kosten gaan in dit geval voor de baten uit: pas in 2033 kunnen maximale welvaartseffecten worden bereikt, en die houden we alleen vast als we blijven investeren. Een duidelijk signaal voor een volgend kabinet: investeer in innovatie, investeer in biotech!

Afbeelding: Publieke investeringen blijven achter in Nederland. Bron: Rabo Research

Links:

https://economie.rabobank.com/publicaties/2021/november/nut-en-noodzaak-van-publieke-kennisinvesteringen/

← #nieuws

Mooie resultaten en voortgang in Kamerbrief ‘Stand van zaken veiligheid biotechnologiebeleid’

, ,

Minister Visser van Infrastructuur en Waterstaat (IenW) heeft 29 oktober de Tweede Kamer met een brief een update gestuurd van de ontwikkelingen rond beleid en wet- en regelgeving rond biotechnologie. In deze brief komen belangrijke stappen naar voren waar wij als HollandBIO heel blij van worden en die helpen de potentie van biotechnologie toepassingen te verzilveren, zoals verkorting van procedures en inzet op harmonisatie.

Ten eerste wordt de Nederlandse reactie op de aanvangseffectbeoordeling van de Europese Commissie genoemd voor wetgeving voor het verkrijgen van planten door cisgenese en gerichte mutagenese. De minister geeft aan dat Nederland zich hard maakt voor zowel verbeteringen op korte termijn als modernisering op langere termijn, en dat zij naast moderne regelgeving voor planten ook die voor industriële en medische toepassingen belangrijk vindt. Deze uitbreiding van scope is ook terug te vinden in de feedback van HollandBIO.

Daarnaast laat de minister weten dat per 1 oktober dit jaar de Regeling genetisch gemodificeerde organismen milieubeheer 2013 is gewijzigd. Hierbij voegt de minister weer twee nieuwe categorieën ggo’s, die worden ingezet voor klinisch onderzoek, toe aan de vereenvoudigde en versnelde vergunningverleningsprocedure onder vaste voorwaarden.

Een andere mooie opsteker is dat IenW, in samenwerking met HollandBIO, een onafhankelijke verkenning uit zal laten voeren naar de mogelijkheden voor verbetering rond de huidige regelgeving omtrent ingeperkt gebruik. Hierbij zal ook aandacht uitgaan naar mogelijke verbeteringen bij het grootschalig gebruik van ggo’s voor de productie van onder meer vaccins. Verdere communicatie over dit project zal spoedig volgen, en mocht je hier op voorhand al ideeën over hebben: trek dan aan de bel bij HollandBIO’s Leonie.    

Tenslotte komt naar voren dat de COGEM, samen met de Gezondheidsraad, medio 2022 een nieuwe Trendanalyse Biotechnologie oplevert. Deze Trendanalyse gaat op hoofdlijnen in op nieuwe biotechnologische ontwikkelingen en toepassingen, de maatschappelijke en economische kansen en de morele aspecten die hieraan verbonden zijn. Daarnaast is er afgesproken dat de COGEM en de Centrale Commissie Mensgebonden Onderzoek (CCMO) hun samenwerking zullen gaan versterken.

De gehele kamerbrief is hier terug te lezen.

https://www.rijksoverheid.nl/documenten/rapporten/2021/10/29/bijlage-1-reactie-op-inception-impact-assessment

https://ec.europa.eu/info/law/better-regulation/have-your-say/initiatives/13119-Legislation-for-plants-produced-by-certain-new-genomic-techniques/F2722537_en

https://www.rijksoverheid.nl/documenten/kamerstukken/2021/10/29/stand-van-zaken-veiligheid-biotechnologiebeleid

← #nieuws

Valorisatie verregaand verbeteren met AWTI-advies en KTO-plan

, ,

In de week dat HollandBIO samen met onder meer de VSNU, NFU en VH een Groeifondsplan heeft ingediend voor het verhogen van het rendement op excellente Nederlandse biotechkennis, kwamen ook de AWTI en de Knowledge Transfer Offices (KTO’s) met een advies en plan op valorisatie. Zo publiceerde de AWTI het rapport ‘Kansen pakken met kennis’  en de KTO’s brachten een plan uit voor het versterken van het nationale valorisatie‐ecosysteem. Beide initiatieven zijn kolfjes naar onze hand en dragen er hopelijk aan bij dat we (biotech) kennis sneller en beter om gaan zetten naar producten met impact. 

KTO’s: Naar een valorisatie-ecosysteem met een stevig fundament 

KTO-Nederland wil een landelijke aanpak voor valorisatie invoeren. De (KTO’s) van Nederlandse kennisinstellingen blijven achter bij de internationale top en hebben nauwelijks ruimte om best practices te adopteren of hun krachten te bundelen op belangrijke thema’s. Daardoor mist Nederland kansen en dus groei. 

De voorgestelde landelijke aanpak bestaat uit drie onderdelen: 

  1. landelijk Knowledge Transfer Systeem van wereldklasse 
  1. samenwerking met ecosystemen versterken 
  1. samen gericht uitbreiden van de KTO-capaciteit 

Het maken van scherpe keuzes is belangrijk om dit plan te laten slagen, keuzes over wie wat doet en waar. Daarbij gaan de KTO’s uit van brede samenwerking in plaats van onderlinge versnippering om zo structurele knelpunten weg te nemen die ons Nederlandse kennisvalorisatie nu remmen. Voor het plan vragen de KTO’s de aankomende zeven jaar structureel €100 miljoen per jaar van de overheid. €50 miljoen per jaar voor valorisatie in de ecosystemen van universiteiten en umc’s en aanvullend 50 miljoen per jaar voor TO2-instellingen en hogescholen. 

AWTI-advies: kansen pakken met kennis 
Meer doen met Nederlandse kennis is al jaren een uitgangspunt binnen het HollandBIO-programma een IJzersterk innovatieklimaat. In het onderzoek ‘Kansen pakken met kennis’ adviseert de AWTI, een onafhankelijke adviesraad van de regering en het parlement op wetenschap, technologie en innovatie, een aantal gerichte maatregelen waardoor onderzoekers en ondernemers elkaar vaker zullen vinden en beter kunnen samenwerken. De AWTI stelt voor om te zorgen voor meer ‘kennismakelaars’ die ondernemers en hun vragen koppelen aan de juiste onderzoekers. Daarnaast adviseert de AWTI om geld beschikbaar te stellen waarmee kleine ondernemingen samen een kennisvraag kunnen uitzetten bij een kennisinstelling. Ook dit onderzoek steunt op drie aanbevelingen: 

  1. zorg dat onderzoekers en ondernemers elkaar vaker en beter vinden 
  1. bevorder de uitwisseling van kennis via mensen 
  1. stimuleer valorisatie op maat met professionele ondersteuning 

De AWTI roept de regering en het parlement op om het belang van kennisoverdracht als één van de hoofdfuncties van kennisinstellingen duidelijk te onderstrepen. “En steun dan de kennisinstellingen in het verder uitbouwen van een professionele ondersteuning voor kennisoverdracht naar ondernemers en de opbouw van een bloeiend ‘ecosysteem’”, aldus Jos Benschop, voorzitter van de AWTI. 

Biotech Booster 

Biotech Booster, het groeifondsplan van HollandBIO, de NFU, VSNU en VH biedt een antwoord op de problemen die de AWTI signaleert en de activiteiten die Biotech Booster voor ogen heeft, vertonen grote overlap met de aanbevelingen. Het plan van de KTO’s gaat zelfs een stapje verder, want die concluderen zelf al dat het valorisatieplan Biotech Booster kan versterken. En dat is hard nodig. Want we kunnen het niet vaak genoeg benadrukken: Nederland dreigt achterop te raken. We hebben een grotere wetenschappelijke output dan bijvoorbeeld België maar slagen er niet in die kennis om te zetten in producten en diensten. Tijd om werk te maken van de aanbevelingen! 

← #nieuws

Minister dient plan in bij Nationaal Groeifonds voor wereldwijde koppositie Nederlandse biotechnologiesector

, ,

Minister Van Engelshoven (OCW) heeft een voorstel ingediend bij het Nationaal Groeifonds dat de Nederlandse biotechnologiesector moet laten uitgroeien tot internationale koploper. Dat deed de minister namens een unieke publiek-private coalitie van universiteiten, academisch medisch centra, hogescholen en het bedrijfsleven. Het plan, Biotech Booster, vormt een ontbrekende schakel in de valorisatieketen en ambieert van Nederland een brandpunt in de mondiale biotechnologie te maken. Door systeemfalen in valorisatie en marktfalen in financiering resulteert hoogwaardige Nederlandse biotechnologische kennis nu nog onvoldoende in nieuwe producten en diensten.

Met Biotech Booster gaan uitvinders en ondernemers, kennisinstellingen en bedrijven biotechnologische kennis sneller en efficiënter omzetten in waardevolle innovaties. Voorbeelden zijn de toepassing van medische biotech in biosensoren en hiermee in preventie, groene biotech in de langere houdbaarheid van voedsel en industriële biotech in algen en hiermee in biobrandstof. Biotech Booster vraagt vanuit het Nationaal Groeifonds een investering van nog geen €250 miljoen en heeft een verwacht structureel bbp-effect van €440 miljoen in 2031, oplopend tot ruim €10 miljard in 2050. Daarmee versterkt het plan het innovatie-, ondernemend- en verdienvermogen van Nederland.

Op dit moment kunnen alleen ministeries voorstellen indienen bij het Nationaal Groeifonds. Een onafhankelijke commissie beoordeelt de ingediende voorstellen aan de hand van vooraf vastgestelde randvoorwaarden en criteria en brengt vervolgens advies uit aan het kabinet om in een project te investeren. Het kabinet maakt naar verwachting in april 2022 bekend welke voorstellen een bijdrage vanuit het Nationaal Groeifonds ontvangen.

Wat doet Biotech Booster precies?

Biotech Booster bouwt voort op een tiental zwaartepunten in het Nederlandse biotech ecosysteem om het rendement op wetenschappelijk onderzoek te verhogen. Dit doet Biotech Booster door kansrijke nieuwe ideeën in een vroege fase op een bedrijfsmatige manier te begeleiden. Binnen Biotech Booster bouwen onderzoekers en ondernemers samen aan ijzersterke proposities. Dit zorgt dat kennis en expertise van beiden gelijktijdig beschikbaar zijn. Ondersteuning is maatwerk, zodat de proposities de beste kans hebben maximale economische en maatschappelijke impact te maken. Het idee en het team krijgen tijd en ruimte om te groeien, wat resulteert in nieuwe producten en nieuwe ondernemers. Zodra een propositie robuust genoeg is, ondersteunen de betrokken topondernemers het team bij het vinden van partners, voor doorgroei via een startup of als onderdeel van een bestaand bedrijf.

In de Executive Summary vind je een bondige weergave van het voorstel.

← #nieuws

PPS-Evaluatie: Neem het MKB mee

, ,

Het MKB kan meer profiteren van de publiek private samenwerkingsregeling (PPS), en hier moet werk van gemaakt worden. Dat is een van de conclusies van Dialogic in een evaluatie van de PPS-regeling. Ook HollandBIO hoort al langer signalen uit het veld dat de regeling niet helemaal aansluit bij de wensen van ondernemers. We hopen dat een volgend kabinet met de aanbevelingen aan de slag gaat en wij helpen graag de aansluiting met het innovatieve MKB te vinden! 

PPS-regeling 

De PPS-regeling is een hoeksteen van het innovatiebeleid en kan daarmee een belangrijke rol voor ondernemers spelen. Het basisprincipe van de PPS-toeslag is simpel. Voor iedere euro private cash R&D-bijdrage van een bedrijf aan een onderzoeksorganisatie, legt het ministerie van Economische Zaken en Klimaat er € 0,30 bij aan PPS-toeslag. Die PPS-toeslag moet weer ingezet worden voor R&D. 

Het belang van de regeling voor het innovatiebeleid is te zien in de groei van de regeling: waar de regeling in 2013 nog €60 miljoen behelsde, daar is deze in 2020 gegroeid naar €150 miljoen. In 2020 werd met de PPS regeling €1,67 miljard aan private investeringen aangetrokken. 

Achterblijvende rol voor het MKB 

Door hun wendbaarheid spelen MKB-bedrijven een belangrijke rol in het aanjagen van innovatie. Die sleutelpositie in het innovatielandschap wordt niet weerspiegeld in de PPS-regeling. Maar 1700 MKB’ers van de in totaal 20.000 MKB’ers die ons land rijk is, deden mee in 2020. Dat is jammer, want als in een van de hoekstenen van het Nederlandse innovatiebeleid zo’n belangrijke partij ondervertegenwoordigd is, missen we kansen. 

Bij HollandBIO horen we vaak van onze achterban dat de PPS-regeling beter aan kan sluiten bij de behoeften van het innovatieve MKB. De PPS-regeling richt zich nu met name op fundamenteel onderzoek, terwijl MKB’ers zich met name op de toepassing richten. Een MKB’er heeft vaak maar enkele assets die in een hoogcompetitieve omgeving zo snel mogelijk naar de markt gebracht moeten worden. Fundamenteel onderzoek is dan een nice-to-have, maar geen need-to-have.  

Wij kijken dan ook niet op van de conclusie in de evaluatie dat de PPS-regeling nu slechts relevant is voor een beperkt deel van het mkb. Wij sluiten ons aan bij het advies om meer MKB-bedrijven te betrekken bij de PPS-toeslagregeling. Als vertegenwoordiger van de biotechsector denken we graag mee met een nieuw kabinet!