← #nieuws

Way to go WBSO!

, ,

In 2025 wordt er in totaal €1,5 miljard vrijgemaakt voor de WBSO door het ministerie van Economische Zaken (EZ). Dat komt door een combinatie van een overschot uit eerdere jaren, een toezegging voor een structurele ophoging en een indexatie waar hollandbio al eerder met succes voor pleitte. Geweldig nieuws al zeggen we het zelf, want hiermee vertelt het ministerie van EZ dat zij heil ziet in het blijvend versterken van R&D-activiteiten van innovatieve hoogtechnologische sectoren zoals biotech. Ook werden de cijfers van de WBSO in 2023 door EZ gepubliceerd, en die cijfers voor biotech zet hollandbio voor je op een rijtje.

Zoals het ministerie van EZ zelf op LinkedIn aankondigt: “De WBSO (Wet Bevordering Speur- en Ontwikkelingswerk) is een belangrijke regeling voor Research & Development (R&D) in Nederland. Het helpt bedrijven te investeren in innovatie door hun R&D-kosten te verlagen met belastingvoordeel. In 2025 gaat daar € 1,5 miljard naartoe. Zo hoeven bedrijven minder belasting te betalen voor hun onderzoek en ontwikkeling en kunnen ze goedkoper innoveren. Dit is belangrijk voor de technologische vooruitgang, de concurrentiepositie en de economische groei van Nederland. De WBSO maakt innovatie aantrekkelijker voor zowel grote bedrijven als het mkb. Dit zorgt voor nieuwe technologieën en meer werkgelegenheid.”

WBSO: de katalysator van innovatie

De WBSO heeft veel impact op de biotech sector, want hun R&D is de drijvende kracht achter biotech innovaties. De regeling vergoedt een deel van de gemaakte kosten voor onderzoek en ontwikkeling en draagt daarmee direct bij aan het stimuleren van innovatie. Het aantal biotech bedrijven dat dankbaar gebruik maakt van de WBSO is de afgelopen jaren gestegen, en daarmee ook de totale afdrachtsvermindering. Tussen 2017 en 2022 is het aantal toekenningen voor de biotech sector zelf bijna verdubbeld. Niet voor niets dat hollandbio al eerder concludeerde dat WBSO: de katalysator van innovatie is. Dit jaar lijkt de WBSO een pas op de plaats te maken en lijkt de groei van de afgelopen jaren dit jaar afwezig. Volgens hollandbio is voornamelijk het lastige financieringsklimaat daarvan de oorzaak. Ondanks dat dit jaar geen duidelijke groei laat zien, blijft de WBSO een goed instrument om R&D aan te wakkeren.

Way to go ministerie van EZ, way to go WBSO!

← #nieuws

Mario Draghi luidt noodklok: Europese industrie moet kunnen innoveren om te overleven 

, ,

In een nieuw rapport (met uitgebreide analyse) over het concurrentievermogen van de Europese industrie waarschuwt voormalig ECB-voorzitter Mario Draghi dat Europa voor een existentiële uitdaging staat. De Europese Unie, die zijn machtige positie in de wereld ontleent aan economische kracht, loopt achter op de VS en China op het gebied van sleuteltechnologieën en innovatie. “De EU is zwak in nieuwe technologieën die voor de groei van morgen zorgen”, zo stelde Super Mario bij de presentatie. Draghi benadrukt dat innoveren en nauwere samenwerking tussen lidstaten essentieel zijn om de positie van Europa in de wereld te behouden (anders volgt zelfs een langzame doodsstrijd – “slow agony”). Biotech komt met name in de analyse regelmatig terug, terwijl Draghi in het rapport zelf vooral de nadruk legt op de toepassingen van biotech – bijvoorbeeld als het gaat om  zowel de gezondheids- als economische waarde die farmaceuten creëren.

Verder benadrukt het rapport de noodzaak om regeldruk op bedrijven te verminderen, met name mkb en techbedrijven. Draghi wijst erop dat kapitaal ruimschoots aanwezig is, Europa is rijk zat, maar dat het helaas versnipperd wordt ingezet. Daarom steunt hij voorstellen voor een kapitaalmarktunie met toezichthouder. Een betere coördinatie en focus zijn vereist om innovatieve sectoren te ondersteunen, zoals biotech en de farmaceutische industrie. En meer in z’n algemeenheid legt hij de vinger op de zere plek: we hebben weliswaar een gezamenlijke markt, maar de EU is veel te gefragmenteerd om het hoofd boven water te houden in de mondiale concurrentiestrijd.  

De toepassingen van biotech in het gezondheidsdomein krijgen in het rapport speciale aandacht. Draghi pleit voor gerichte investeringen in wereldwijde innovatiehubs voor geavanceerde therapieën zoals ATMP’s, die cruciaal zijn voor toekomstige economische groei en gezondheidszorg. Het rapport onderstreept ook het belang van de digitalisering van gezondheidssystemen en de inzet van AI om medische innovaties te versnellen. Dit biedt de farmaceutische industrie in Europa nieuwe kansen, maar dan moet de EU wel zijn innovatieachterstand inlopen. 

Draghi’s alarmerende oproep is een wake-upcall voor Europa: verdere integratie en strategische autonomie zijn onmisbaar om de biotech sector in de volle breedte – en daarmee de Europese welvaart – te versterken. De EU moet flink aan de bak, met ruim baan voor innovatieve bedrijven! 

← #nieuws

Biotech financiering onder de loep: The European Innovation Council 

, ,

Vraag biotech ondernemers naar hun grootste uitdaging, en de kans is groot dat het antwoord ‘financiering’ is. De weg die biotech innovaties afleggen van lab naar maatschappij is lang, vol risico’s en extreem kostbaar. Een passend financieringsaanbod voor elke fase van bedrijfs- en productontwikkeling is dan ook een belangrijke randvoorwaarde om de potentie van biotech voor gezondheid, verduurzaming en onze economie ten volle te benutten. Deze editie richten wij onze blik op Europese financiering: het European Innovation Council (EIC). 

 
Het EIC is opgericht als onderdeel van het Horizon Europe platform om innovaties te ondersteunen. De EIC Accelerator richt zich specifiek op het helpen versnellen en schalen van startups, scale-ups en het MKB. Met een budget van ruim 10 miljard euro, te verdelen in 7 jaar, is het EIC een significante speler in de financiering van Europese innovatie. EIC stelt een deel van het geld beschikbaar via thematische challenges gericht op de Europese Green Deal, digitalisering en gezondheid, waar ook biotech een rol in speelt. Het overige deel is niet geoormerkt en kan via open inschrijving worden aangevraagd.  

 
Hollandbio is erg enthousiast over het EIC, en in het bijzonder over de EIC accelerator, die zich richt op het MKB. Dit instrument biedt grote subsidiebedragen en de mogelijkheid om aandelenkapitaal te ontvangen. Biotech weet de EIC Accelerator goed te vinden en strijkt een aanzienlijk deel van de verstrekte financiering op: 13% van de toekenning van 2021 tot 2023 is in de Therapeutics, 7% op industriële biotech, 9% op Diagnostics en IVD. Bovendien zien we biotech als deelonderwerp nog terug in een aantal andere categorieën. 

De voorwaarden van het EIC sluiten uitstekend aan bij de behoefte van de biotech sector, en andere deeptech sectoren. Dat veroorzaakt direct ook een nadeel: de concurrentie om in aanmerking voor de subsidie is moordend. Toch weten Nederlandse bedrijven de weg naar een succesvolle toekenning van het instrument goed te vinden. Nederland heeft namelijk de meeste subsidie voor biotech van alle deelnemende landen opgehaald sinds 2017 en is qua aantal deelnemers en coördinatoren gedeeld tweede.

 
Het EIC is een lichtend voorbeeld in een op veel fronten ontoereikend biotech financieringslandschap om innovaties voor transities in energie, voedsel, materialen en gezondheid te realiseren. Hollandbio zou dan ook graag meer van dit soort subsidies zien, die de biotech sector daadwerkelijk helpen de beruchte valley of death te overbruggen. Helaas blijkt uit de werkprogramma’s van 2022, 2023 en 2024 juist een daling van het EIC budget. Dat moet echt anders. Het EIC is een subsidieregeling om als Europese Unie trots op te zijn, die ruimte laat voor ondernemers om te versnellen naar de markt. Wat hollandbio betreft zet Nederland in voor een ruimer EIC budget, en kijken we direct even mee waar we de aantrekkelijke voorwaarden en succesfactoren van dit instrument ook in nationale financieringsinstrumenten kunnen verwerken. 

← #nieuws

PPP Subsidy 2025 – apply, benefit and be in charge

,

A month ago, hollandbio hosted a webinar to discuss the opportunities for companies about the private public partnerships (PPP) subsidy call 2025 directed by Health~Holland. The changes for next year’s subsidy application provide both opportunities and challenges for companies.

Opportunities for companies

This subsidy has a budget of €40 million and allows any two Dutch entities (yes, companies as well) to set-up a program that is supportive to the missions of the Knowledge and Innovation agenda (KIA), the National Technology Strategy (NTS) and contributes to the Growth Markets program for future economic earning capacity.

Secondly as of 2024, SME-companies can claim a larger portion of the subsidy budget, up to 60% of your own project costs and the minimal contribution can be fully in kind.

Challenges to companies

Challenges lie mostly in the execution of the program. When you submit a program, you have to find additional financial and operational capacity to run it, to review and approve projects, to communicate about your program and make sure all projects are committed in time.

Next is the deadline to submit an application, November 1st, so there are only 10 weeks left. Setting up new collaborations might prove to be a challenge if you want full commitment from all parties.

Above practicalities can still be managed, but any company has to take into account that being part of a program consortium might mean that your competitor can submit a project within your program, and you can submit your own projects to your own program.

At hollandbio we strive to direct a larger piece of the PPP-pie to biotech companies, so the subsidy can be used to accelerate innovations to the market. If you have any questions do not hesitate to contact us and if you are submitting a proposal, we would love to hear from you. Contact hollandbio’s Dora.

← #nieuws

Subsidy call for public private partnership innovation projects 2025 now open

,

Health~Holland has opened up their subsidy call for public private partnership (PPP) projects in 2025. The set-up has changed compared to previous years, as any Dutch entity – meaning companies as well as academic institutions – can now submit a PPP program. There is €40 million available to be granted in 2025 for approximately fifteen programs. When a program is approved, partners can subsidize PPP projects that support the goals of the Health & care KIA, National Technology Strategy and Growth markets, and are aligned with the terms and conditions of Health~Holland. Hollandbio believes the call provides opportunities for biotech companies to take the lead and work with their business and academic partners towards innovations for better health. However, we still need to go over the details of the program set-up. If you are a hollandbio member and would like to hear more, have questions or are considering to submit a program, then please contact hollandbio’s Dora.

← #nieuws

Innovatiekrediet dreigt haar glans te verliezen

, ,

Jarenlang stond het Innovatiekrediet te boek als één van de belangrijkste publieke financieringsmogelijkheden voor start- en scale-ups in de biotech sector. Hoewel de behoefte aan risicokapitaal vandaag de dag misschien wel groter is dan ooit, liep het aantal aanvragen voor het instrument de afgelopen vijf jaar met vijftig procent terug, zo blijkt uit de evaluatie van het Innovatiekrediet. Ondanks dat de evaluatie niet ingaat op deze trend, vindt hollandbio het een duidelijk signaal dat het krediet haar glans voor de sector dreigt te verliezen.

Populariteit holt achteruit

De populariteit van het Innovatiekrediet, ooit het go-to instrument voor risicovolle kennis- en kapitaalintensieve biotech projecten, holt achteruit. Dienden bedrijven in 2018 nog 105 aanvragen in, zijn dat er in 2023 nog maar 57. Een daling van bijna 50%, terwijl de kapitaalbehoefte van start- en scale-ups zeker niet is afgenomen. Hoewel de terugloop in het aantal aanvragen volgens hollandbio een teken aan de wand is en de neergaande lijn op zijn minst vragen zou moeten oproepen, gaat de evaluatie van het Innovatiekrediet 2018-2022 hier goeddeels aan voorbij.

Verbetering hard nodig

Al jaren vraagt hollandbio aandacht voor cruciale verbeteringen die het Innovatiekrediet weer beter moet doen aansluiten bij het specifieke innovatietraject en de financieringsbehoefte van biotech bedrijven rondom rente, administratiedruk, flexibiliteit en terugbetaaltermijn. We lezen die behoeften van ondernemers helaas maar mondjesmaat terug in de evaluatie. Dat is niet verwonderlijk: de onderzoekers interviewden enkel ondernemers die wél een krediet hebben aangevraagd, maar niet de bedrijven die daar ondanks hun financieringsbehoefte van afzagen. Na lezing van de evaluatie rijst bij hollandbio de vraag wat eigenlijk het hoofddoel van de evaluatie was: meten of en in hoeverre het krediet de succesvolle ontwikkeling van een innovatie bevordert, of toch vooral de positieve evaluatie zelf. Gelukkig haalde één van de belangrijkste pijnpunten de evaluatie wel: het criterium dat projecten binnen vijf jaar tot een marktrijp product moeten leiden is niet realistisch voor veel biotech bedrijven. In de biotech sector kan het immers zo maar tien tot zelfs twintig jaar duren voordat een product eindelijk de markt bereikt.

Revolverendheid prioriteit

Wat bovendien opvalt, is de nadruk op ‘bang for the buck’, de mate van terugbetaling van het Innovatiekrediet. Het lijkt een bredere trend in publieke financiering: in plaats van financieringsgaten te dichten daar waar de noodzaak en risico’s te hoog zijn voor private geldschieters, en rendement dus ongewis, zet de overheid alsnog in op ‘revolverendheid’. Dat is jargon voor het terugverdienen van de verstrekte subsidie of lening, in dit geval door een dikke vette rente die het genomen risico en de termijn dekt. Daar heb je bij het aangaan van het krediet misschien niet zoveel last van als ondernemer, maar bij aanvang van afbetaling, of het aantrekken van vervolgfinanciering des te meer. Soms zodanig, dat niet alleen het doek voortijdig valt voor het gefinancierde project, maar zelfs de continuïteit van het bedrijf op de tocht komt te staan.

Luister naar de ondernemer

Nederland heeft grote ambities als het gaat om het verzilveren van de kansen die biotech biedt voor onze gezondheid, de duurzaamheid van onze planeet en ons nationale verdienvermogen, zo blijkt uit de prominente positie die de sector inneemt in diverse nationale strategieën en programma’s, zoals de Nationale Technologiestrategie, de Groeimarktanalyse, de Nationale Eiwitstrategie en de Rijksbrede visie biotechnologie. Succesvol ondernemerschap is daarin absoluut onmisbaar – en succes van de ondernemer valt of staat in de regel bij het aantrekken van passende financiering. Met die feiten in het achterhoofd, is het raadzaam om de input van die ondernemer – gebruiker en juist niet – ook daadwerkelijk leidend te maken bij het ontwikkelen, evalueren en bijschaven van financieringsinstrumenten die juist hen moeten helpen. Hollandbio brengt het ministerie van EZK én RVO graag met hen in contact.

← #nieuws

Waarom extra publieke middelen voor R&D een goed idee zijn

,

Extra publieke financiering is nodig om de achterblijvende investeringen in R&D in te halen, zo betoogt Marcel de Heide economenvakblad ESB. Nederland haalt de 3%-BBP-norm aan R&D-uitgaven niet, en daardoor dreigen we achterop te raken in de wedloop voor een concurrerende economie – zowel nu als in de toekomst. Een extra stap van de overheid kan een oplossing bieden. Maar wat zijn de opties en de beoogde effecten hiervan?

Econoom Marcel de Heide neemt in het artikel een diepgaande kijk op de kwestie en probeert een veelvoorkomende angst weg te nemen. Hij legt uit waarom het publiek financieren van privaat onderzoek altijd meer geld kost dan strikt gezien nodig is om de investering uit te lokken. De angst voor een te grote innovatiepremie (crowding-out) is echter onterecht, gezien het positieve effect van deze investeringen.

De relevante vraag is namelijk: wat is de totale impact op de economie en de maatschappij van de additionele innovatie? Het probleemoplossend vermogen van bedrijven is cruciaal voor het creëren van nieuwe of vernieuwde producten en diensten die waarde genereren voor de samenleving. De innovatiepremie die ontstaat bij publieke financiering is noodzakelijk om de groep innoverende bedrijven te vergroten; het doel heiligt het middel.

Publieke financiering van private R&D is effectief

De stelling dat publieke financiering van private R&D effectief is, volgt na een uitgebreide analyse. Deze analyse is gebaseerd op het idee dat bedrijven de verwachte kosten, de mogelijke kans op falen en de potentiële impact op winst afwegen voordat zij investeren in R&D. Met een publieke investering kan de overheid deze factoren beïnvloeden, zodat de uitkomst positiever is en een bedrijf dus eerder of meer zal investeren.

Onduidelijkheid over de effecten omvang en voorwaarden publieke financiering voor bedrijven

De innovatiepremie ontstaat doordat publiek geld een deel van het private geld verdringt (crowding-out). Een belangrijke vraag die onbelicht blijft, is waarom deze verdringing plaatsvindt. Welke factor wordt door bedrijven teruggedraaid na de toevoeging van publieke middelen? Verwachten ze dat de kosten omhoog gaan, bijvoorbeeld doordat onderzoek langer duurt? Stijgt de kans op falen? Verminderen betalingsverplichtingen de investeerbaarheid in latere fasen? Of wordt de winstverwachting naar beneden bijgesteld omdat kennis moet worden gedeeld in publiek-private samenwerkingen? Het omgekeerde kan daarmee ook waar zijn voor de rol van publieke financiering: de omvang en de voorwaarden die aan publieke middelen hangen, kunnen óók invloed hebben op de effectiviteit van publieke financiering en het uitlokken van private R&D-investeringen.

Rol publieke financiering als vliegwiel andermaal aangetoond, tijd voor actie!

Wat hoe dan ook als een paal boven water staat, is dat publieke financiering bedrijven kan stimuleren tot R&D-investeringen door hun kosten te verlagen, hun risico’s te verminderen en hun winstpotentieel te vergroten. Dit resulteert in een bredere basis van innoverende bedrijven en een grotere totale impact op de economie en maatschappij. De innovatiepremie die hiervoor betaald moet worden, wordt gedeeld door beide partijen. Tijd om daar snel mee aan de slag te gaan!

← #nieuws

Hoofdlijnen uit de formatie voor biotech

, , , ,

Onder het motto ‘Hoop, lef en trots’ presenteerden de PVV, VVD, NSC en BBB afgelopen week hun hoofdlijnenakkoord voor 2024 tot en met 2028. Waar een dergelijk akkoord normaal gesproken zo goed als het eindpunt is van een formatie, staan de partijen de komende weken nog voor een flinke opgave met de zoektocht naar een minister-president en andere bewindspersonen voor een nieuw kabinet. In de tussentijd maakt hollandbio vast de stand op, want wat zijn de hoofdlijnen voor de biotech sector in het akkoord en de financiële bijlage, en hoe verhouden die zich tot het Biotech Verkiezingsmanifest?

Als het gaat om de gezondheidszorg en onderwerpen die relevant zijn voor de medische biotech, valt op dat geneesmiddelen alleen specifiek aan bod komen in het kader van het aanhouden van voorraden van essentiële zaken. Rond preventie komt het kabinet met een nieuwe, samenhangende aanpak voor beleid op vaccins, in het bijzonder ook voor de bescherming van kinderen, en wil zij preventie meer centraal stellen voor gezondheidsverbetering, het verkleinen van gezondheidsverschillen en het beheersen van de zorgvraag.

Kijkend naar innovaties uit biotech die een bijdrage leveren aan een milieuvriendelijker Nederland, valt op dat het hoofdlijnenakkoord vooral veel aandacht heeft voor de traditionele landbouw, visserij en veeteelt. Ze trekt het stifkstofbeleid in en hoewel de klimaatdoelen overeind blijven, bezuinigen de formerende partijen flink op het Klimaatfonds. Er is geen aandacht voor specifieke biotech innovaties rond plantenveredeling, biobased materialen of innovatieve eiwitbronnen.

Rond het innovatieklimaat zijn in het hoofdlijnenakkoord vooral algemene besluiten terug te lezen en weinig tot geen verwijzingen naar specifieke technologieën of sectoren. Zo annuleren de partijen ronde 4 en 5 uit het Nationaal Groeifonds, terwijl zij wel € 1 miljard extra geven aan Invest-NL. Op arbeidsmigratie zijn harde woorden te lezen, maar onduidelijk blijft wat dit betekent voor kenniswerkers. Wel willen de partijen prioriteit geven aan talent, kenniseconomie, innovatie en (digitale) infrastructuur om te zorgen dat Nederland behoort tot de top vijf van landen met een goede concurrentiepositie. Verder rept het hoofdlijnenakkoord dat we af moeten van knellende regelgeving en dat Nederland geen nieuwe nationale koppen op Europees beleid zet en waar mogelijk bestaande koppen schrapt.

In de komende tijd houdt hollandbio de ontwikkelingen rond de invulling van een nieuw kabinet scherp in de gaten, waarbij we blijven inzetten op een stevige rol voor de Nederlandse biotech in het bijdragen aan maatschappelijke en economische vooruitgang.

← #nieuws

Biotech financiering onder de loep: WBSO

, ,

Vraag biotech ondernemers naar hun grootste uitdaging, en de kans is groot dat het antwoord ‘financiering’ is. De weg die biotech innovaties afleggen van lab naar maatschappij is lang, vol risico’s en extreem kostbaar. Een passend financieringsaanbod voor elke fase van bedrijfs- en productontwikkeling is dan ook een belangrijke randvoorwaarde om de potentie van biotech voor gezondheid, verduurzaming en onze economie ten volle te benutten. Maar hoe is het gesteld met het Nederlandse financiële middelen voor biotech innovatie? Hollandbio zoekt het uit. Na de Regionale Ontwikkelingsmaatschappijen (ROMs) en Invest-NL, nemen we deze keer de Wet Bevordering Speur- en Ontwikkelingswerk (WBSO) onder de loep. 

Hoewel de WBSO strikt genomen geen financieringsinstrument is, is de fiscale regeling weldegelijk een belangrijk instrument voor biotech bedrijven. De regeling vergoedt een deel van gemaakte kosten voor onderzoek en ontwikkeling (R&D) en draagt daarmee direct bij aan het stimuleren van innovatie. Aangezien R&D de drijvende kracht is achter biotech innovatie, heeft de WBSO veel impact op de biotech sector. Het jaarverslag 2022 laat zien dat de WBSO ruim €246 miljoen euro aan voordeel, zogeheten afdrachtsvermindering, heeft opgeleverd voor maar liefst 618 biotech bedrijven. Het aantal biotech bedrijven dat dankbaar gebruik maakt van de WBSO is de afgelopen jaren gestegen, en daarmee ook de totale afdrachtsvermindering.  

Hollandbio ziet de WBSO als een cruciale stimulans voor alle innovatieve Nederlandse bedrijven. Wat de regeling bovendien extra waardevol maakt, is het percentage MKB-bedrijven dat profiteert: 96% van het totaal aantal. Dit is tekenend voor de toegankelijkheid van het instrument. Bovendien is het vermeldenswaardig dat mede door de inspanningen van hollandbio de WBSO in 2022 geïndexeerd is en er dus een inflatiecorrectie op het budget heeft plaatsgevonden.  

Om tot deze publicatie te komen, hebben we de categorieën “Biotechnologie” en “Medische Wetenschappen & Farma” samengenomen, maar andere categorieën buiten beschouwing gelaten, ondanks dat biotech daar mogelijk ook een beperkt aandeel in heeft. Het is dus waarschijnlijk dat het daadwerkelijke aandeel van biotech bedrijven in de WBSO groter is dan weergegeven. 

← #nieuws

Gas geven, niet remmen! EZK & RVO ontmoeten biotech frontrunners bij Genmab

, , ,

Met de biorevolutie in volle gang hebben het Ministerie van Economische Zaken (EZK) en de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) de gelegenheid te baat genomen om de kansen die er liggen voor Nederland tijdens een werkbezoek aan en met biotech koplopers bij Genmab in Utrecht van dichtbij te ervaren en te bediscussiëren.

Biotech innovaties maken mens en planeet gezonder en dragen bij aan ons verdienvermogen. Maar die innovaties naar de markt brengen, is kennis- en kapitaalintensief en de weg naar de markt is bezaaid met obstakels. Dit vraagt om beleid met visie en een slimme uitvoering. Getuige de plaats van biotech in de Nationale Technologie Strategie en de plannen voor een integrale visie op biotechnologie is onze overheid van plan om gas te geven. En van wie kan je beter leren wat er nodig is dan van biotech ondernemers zelf? Tijd voor een werkbezoek, in dit geval bij Genmab in Utrecht.

In gloedvolle betogen zetten Judith Oprins (Vice President, Head of Global Lab Management & Site Lead NL) namens Genmab en maar liefst drie CEO’s, Tim Knotnerus van Agomab Therapeutics, Kristoff Vercruysse van TargED Biopharmaceuticals en Marcel Jacobs van Matisse Pharmaceuticals, uiteen waar zij de uitdagingen en mogelijkheden zien in Nederland.

Tijdens de daaropvolgende discussie onder leiding van hollandbio’s Annemiek met de delegatie van EZK en RVO en de bedrijven zelf, bleek dat er nu ook al veel instrumenten zijn voor biotech in Nederland. Wat bedrijven en wij daarin zien gebeuren, is dat dat de uitvoering helaas niet altijd aansluit bij de praktijk. Dan lijkt het meer op gas geven met de voet op de rem. En zoals we allemaal weten, kom je in dat geval niet uit de startblokken.

De komende tijd zal hollandbio in nauwe samenwerking met EZK, RVO en bedrijven aan de slag gaan om bestaande instrumenten slimmer en beter te laten aansluiten bij de specifieke wensen van de sector en natuurlijk om gezamenlijk te werken aan een integrale visie die ervoor zorgt dat biotech voor iedereen het leven beter maakt.