← #nieuws

Subsidie langs de meetlat: Eurostars

, ,

Subsidies spelen een cruciale rol in het mogelijk maken van biotech-innovatie, waar ontwikkeltrajecten vaak lang, risicovol en kapitaalintensief zijn. Toch is het voor biotechbedrijven moeilijk een subsidieregeling te vinden die aansluit op hun unieke behoeften. Wat hollandbio betreft voldoet een succesvolle subsidieregeling aan zes voorwaarden. Benieuwd in hoeverre de Europese subsidieregeling Eurostars aansluit bij de behoeften van biotech?  In een nieuwe infographic scoren we deze subsidies op een schaal van 1 tot 10. 

Eurostars is onderdeel van het Europese innovatieprogramma Eureka. Via subsidies van maximaal €500.000 voor het Nederlandse projectaandeel jaagt deze regeling snellere ontwikkeling en groei aan van kleine bedrijven, mits die deelnemen aan een samenwerkingsverband tussen partijen uit meerdere Europese landen. Hoewel de subsidie Europees georiënteerd is, ligt de uitvoering ervan bij de lidstaten zelf. In Nederland is de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) daarvoor verantwoordelijk. Dit heeft per jaar een totaal van €22 miljoen beschikbaar voor Nederlandse aanvragen verdeeld over twee calls. 

Wil een subsidie zoals Eurostars aansluiten bij biotech, dan moet die wat hollandbio betreft aan de volgende zes voorwaarden voldoen:   

  1. De regeling maakt vervolgfinanciering interessant, zodat investeerders vertrouwen houden en bedrijven de lange weg van lab naar markt kunnen voltooien.   
  1. De voorwaarden rond intellectueel eigendom (IP) zijn innovatie- en marktgericht, zonder knellende afspraken, publicatie-eisen of pandrechten die investeerbaarheid ondermijnen.    
  1. De verhouding tussen administratieve lasten en het subsidiebedrag is in balans. Het subsidiebedrag is groot genoeg om impactvolle investeringen mogelijk te maken en niet te complex, zodat ondernemers niet afhaken.  
  1. De regeling zet de ondernemer centraal. Ondernemers hebben zeggenschap over het project, zodat de samenwerking bijdraagt aan hun R&D-ambities en inhoudelijk relevant is voor de markt.   
  1. De beoordelingsprocedures zijn snel en flexibel, zodat projecten op het juiste moment kunnen starten om daadwerkelijk impact te maken.   
  1. Het beschikbare budget is toereikend en bereikbaar voor start- en scaleups, zodat kwalitatief goede projecten van groeiende bedrijven niet onnodig worden afgewezen. 

Hoe scoort Eurostars? 

Wanneer we Eurostars langs onze meetlat leggen, zien we het volgende: 

Op het gebied van vervolgfinanciering scoort de Eurostars erg goed. Het betreft namelijk een zuivere subsidie zonder terugbetalingsverplichting. Voor het MKB en kennisinstellingen wordt 50% van de projectkosten gesubsidieerd en voor grote bedrijven of andere instellingen bedragen de subsidiabele projectkosten maximaal 40%. De rest van de financiering moeten deelnemers uit andere bronnen halen. Hiermee scoort Eurostars een 9 uit 10. 

De IP-bescherming van Eurostars projecten is goed geregeld. Van tevoren maken de verschillende deelnemers in het project afspraken over intellectueel eigendom, wat resulteert in een score van 8 uit 10. 

De administratieve last van de Eurostars is relatief laag. Ze vereist twee keer per jaar een inhoudelijke update en aan het einde een uitgebreidere rapportage. Bij grotere consortia kan de last wat hoger zijn vanwege het grotere aandeel betrokken partijen. Daartegenover staat een subsidiebedrag van maximaal € 500.000. Dat is prima in balans, dus scoort deze subsidie hiervoor een 8 uit 10. 

Hoewel zeggenschap bij deze subsidie deels met andere samenwerkingspartners wordt gedeeld, zien wij dat de ondernemer altijd in de lead is bij de aanvraag. Met deze partners wordt er van tevoren een duidelijke consortiumsovereenkomst verwacht waarin vooraf duidelijke afspraken worden gemaakt. Ook is pivoteren in het project (na goedkeuring) mogelijk. Wij geven daarom een 8 uit 10. 

De doorlooptijd voor een Eurostars-aanvraag is lang. Na een Europese inhoudelijke controle en beoordeling wordt door RVO beoordeeld welke aanvragen gehonoreerd kunnen worden. Alles bij elkaar kost dit vijf tot zes maanden. Wij vinden dat erg stevig vinden en scoren hier daarom met een 4 uit 10. 

Het slagingspercentage van de Eurostars vinden wij met 50% acceptabel. Helaas is er niet genoeg budget beschikbaar om alle kwalitatief goede voorstellen van financiering te voorzien. Ook kan het gebeuren dat het budget van een samenwerkende lidstaat uit het project op is, waardoor het volledige project niet door kan gaan. Wij scoren deze subsidie hiervoor daarom een 7 uit 10. 

Al met al scoort de Eurostars, wat ons betreft, voor biotech dus erg goed. De populariteit van het instrument bevestigt dit: in het overzicht van gehonoreerde aanvragen tot en met september 2025 is te zien dat Nederlandse bedrijven de weg naar de Eurostars goed weten te vinden. Het enige minpuntje aan de Eurostars vinden wij de doorlooptijd, maar verder scoort de Eurostars uitstekend. Heb jij ervaring met deze subsidie, of een andere kijk op de Eurostars? Deel je inzichten met ons, dan zorgen we samen dat subsidieregelingen nóg beter gaan aansluiten bij de behoeften van biotech! 

← #nieuws

Subsidie langs de meetlat: sluit de Eurostars aan bij biotech?

, ,

Subsidies spelen een cruciale rol in het mogelijk maken van biotech-innovatie, waar ontwikkeltrajecten vaak lang, risicovol en kapitaalintensief zijn. Toch is het voor biotechbedrijven moeilijk een subsidieregeling te vinden die aansluit op hun unieke behoeften. Wat hollandbio betreft voldoet een succesvolle subsidieregeling aan zes voorwaarden. Benieuwd in hoeverre de Europese subsidieregeling Eurostars aansluit bij de behoeften van biotech?  In een nieuwe infographic scoren we deze subsidies op een schaal van 1 tot 10. 

Eurostars is onderdeel van het Europese innovatieprogramma Eureka. Via subsidies van maximaal €500.000 voor het Nederlandse projectaandeel jaagt deze regeling snellere ontwikkeling en groei aan van kleine bedrijven, mits die deelnemen aan een samenwerkingsverband tussen partijen uit meerdere Europese landen. Hoewel de subsidie Europees georiënteerd is, ligt de uitvoering ervan bij de lidstaten zelf. In Nederland is de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) daarvoor verantwoordelijk. Dit heeft per jaar een totaal van €22 miljoen beschikbaar voor Nederlandse aanvragen verdeeld over twee calls. 

Wil een subsidie zoals Eurostars aansluiten bij biotech, dan moet die wat hollandbio betreft aan de volgende zes voorwaarden voldoen:   

  1. De regeling maakt vervolgfinanciering interessant, zodat investeerders vertrouwen houden en bedrijven de lange weg van lab naar markt kunnen voltooien.   
  1. De voorwaarden rond intellectueel eigendom (IP) zijn innovatie- en marktgericht, zonder knellende afspraken, publicatie-eisen of pandrechten die investeerbaarheid ondermijnen.    
  1. De verhouding tussen administratieve lasten en het subsidiebedrag is in balans. Het subsidiebedrag is groot genoeg om impactvolle investeringen mogelijk te maken en niet te complex, zodat ondernemers niet afhaken.  
  1. De regeling zet de ondernemer centraal. Ondernemers hebben zeggenschap over het project, zodat de samenwerking bijdraagt aan hun R&D-ambities en inhoudelijk relevant is voor de markt.   
  1. De beoordelingsprocedures zijn snel en flexibel, zodat projecten op het juiste moment kunnen starten om daadwerkelijk impact te maken.   
  1. Het beschikbare budget is toereikend en bereikbaar voor start- en scaleups, zodat kwalitatief goede projecten van groeiende bedrijven niet onnodig worden afgewezen. 

Hoe scoort Eurostars? 

Wanneer we Eurostars langs onze meetlat leggen, zien we het volgende: 

Op het gebied van vervolgfinanciering scoort de Eurostars erg goed. Het betreft namelijk een zuivere subsidie zonder terugbetalingsverplichting. Voor het MKB en kennisinstellingen wordt 50% van de projectkosten gesubsidieerd en voor grote bedrijven of andere instellingen bedragen de subsidiabele projectkosten maximaal 40%. De rest van de financiering moeten deelnemers uit andere bronnen halen. Hiermee scoort Eurostars een 9 uit 10. 

De IP-bescherming van Eurostars projecten is goed geregeld. Van tevoren maken de verschillende deelnemers in het project afspraken over intellectueel eigendom, wat resulteert in een score van 8 uit 10. 

De administratieve last van de Eurostars is relatief laag. Ze vereist twee keer per jaar een inhoudelijke update en aan het einde een uitgebreidere rapportage. Bij grotere consortia kan de last wat hoger zijn vanwege het grotere aandeel betrokken partijen. Daartegenover staat een subsidiebedrag van maximaal € 500.000. Dat is prima in balans, dus scoort deze subsidie hiervoor een 8 uit 10. 

Hoewel zeggenschap bij deze subsidie deels met andere samenwerkingspartners wordt gedeeld, zien wij dat de ondernemer altijd in de lead is bij de aanvraag. Met deze partners wordt er van tevoren een duidelijke consortiumsovereenkomst verwacht waarin vooraf duidelijke afspraken worden gemaakt. Ook is pivoteren in het project (na goedkeuring) mogelijk. Wij geven daarom een 8 uit 10. 

De doorlooptijd voor een Eurostars-aanvraag is lang. Na een Europese inhoudelijke controle en beoordeling wordt door RVO beoordeeld welke aanvragen gehonoreerd kunnen worden. Alles bij elkaar kost dit vijf tot zes maanden. Wij vinden dat erg stevig vinden en scoren hier daarom met een 4 uit 10. 

Het slagingspercentage van de Eurostars vinden wij met 50% acceptabel. Helaas is er niet genoeg budget beschikbaar om alle kwalitatief goede voorstellen van financiering te voorzien. Ook kan het gebeuren dat het budget van een samenwerkende lidstaat uit het project op is, waardoor het volledige project niet door kan gaan. Wij scoren deze subsidie hiervoor daarom een 7 uit 10. 

Al met al scoort de Eurostars, wat ons betreft, voor biotech dus erg goed. De populariteit van het instrument bevestigt dit: in het overzicht van gehonoreerde aanvragen tot en met september 2025 is te zien dat Nederlandse bedrijven de weg naar de Eurostars goed weten te vinden. Het enige minpuntje aan de Eurostars vinden wij de doorlooptijd, maar verder scoort de Eurostars uitstekend. Heb jij ervaring met deze subsidie, of een andere kijk op de Eurostars? Deel je inzichten met ons, dan zorgen we samen dat subsidieregelingen nóg beter gaan aansluiten bij de behoeften van biotech! 

← #nieuws

Scaling beyond Series C: Insights from the frontlines

, , ,

On Thursday, 21st May, hollandbio and De Brauw Blackstone Westbroek collaborated to support biotech companies in Scaling Beyond Series C at an exclusive event. 

The session kicked off with a market overview by hollandbio’s Annemiek and Jan Christoph Vollgraff (Vice President Healthcare Investment Banking at Van Lanschot Kempen), who set the stage with several observations on developments in the sector: 

  • All 10 biotech IPOs in 2026 listed on NASDAQ, with none choosing a European exchange 
  • Venture capital and private equity firms are facing increasing challenges in raising new funds 
  • Capital is concentrating around a limited number of late-stage winners 
  • This shift raises an important question: what happens if early-stage funding dries up, and the pipeline for future innovation shrinks? 

Jaap Barneveld (Partner at De Brauw Blackstone Westbroek) moderated the panel discussion with Paul van der Horst (CBO at Agomab Therapeutics), Zosia van Eesteren (Senior Associate at Gilde Healthcare), Oscar Marshall (Associate at EQT Group), and Jan Christoph Vollgraff. Raising capital beyond Series C is fundamentally different from earlier stages. The stakes are higher, timelines are longer, and expectations on both sides of the table are significantly more demanding.  

Drawing from Agomab Therapeutics’ journey through Series B to D and its IPO in February 2026, Paul van der Horst shared several practical lessons: 

  • Always explore multiple financing strategies. Think about IPO, private rounds, partnerships, or M&A. Start early, before you can even imagine ever raising a Series C, as each option requires significant preparation time;
  • Raise capital when you don’t urgently need it, not when you are under pressure;
  • Invest in relationships from day one; trust with investors is built over years, not months; 
  • Deliver on your promises—credibility compounds over time;
  • Professionalize governance, with a focused board and clear operational ownership within the management team; 
  • Plan financing with a multi-year horizon (typically 2–5 years); 
  • Hire ahead of your future needs, not just current challenges; 
  • Actively manage your news flow to sustain visibility and engagement. 

From the investor perspective, Zosia van Eesteren and Oscar Marshall highlighted how expectations are evolving alongside deal sizes: 

  • A strong, proven management team is critical; 
  • Companies with multiple assets and a clear platform strategy are more attractive; 
  • Experience matters. Serial entrepreneurship is a strong signal; 
  • Strategic investors, such as pharma partners, strengthen the cap table; 
  • Non-dilutive funding can be valuable, but the application process should not slow down momentum. 

While the path to late-stage funding is becoming more complex, one message stood out clearly: preparation is everything. Building the right story, relationships, and strategic options takes years, but only those who are ready can act when the window of opportunity opens.  

Hollandbio would like to sincerely thank De Brauw Blackstone Westbroek for their expertise and hospitality.

← #nieuws

Protected: Werken bij een Biotech Start-up: wat kun je verwachten?

,

There is no excerpt because this is a protected post.