← #nieuws

CPB: investeer als overheid in startende en doorgroeiende bedrijven en bedrijven met grote maatschappelijke baten

Overheden kunnen het beste private projecten met grote maatschappelijke baten en jonge of kleine bedrijven financieren, zo luidt de belangrijkste aanbeveling van het Centraal Planbureau (CPB) in een recent advies aan de overheid. Hollandbio kan eigenlijk geen betere doelgroep bedenken dan de toonaangevende biotechnologiebedrijven die ons land rijk is, omdat zij bij uitstek grote maatschappelijke baten leveren in de vorm van nieuwe geneesmiddelen, betere gewassen en milieuvriendelijke materialen en voor het overgrote deel bestaan uit start-, scale-ups en MKB’ers. Wij kunnen dan ook niet wachten totdat de overheden deze en andere aanbevelingen van het CPB ter harte neemt in aankomende evaluaties van financieringsinstrumenten en in nieuw beleid.

Het rapport van het CPB biedt handvatten voor het doeltreffend inzetten en ontwerpen van publieke projectfinanciering. Denk daarbij aan directe subsidies, publiek durfkapitaal, overheidsleningen en kredietgaranties en voorbeelden zoals het Nationaal Groeifonds en Invest-NL. Volgens het CPB komt uit de wetenschappelijke literatuur naar voren dat publieke projectfinanciering zich voornamelijk moet richten op projecten met grote positieve externe effecten en maatschappelijke baten. Daarnaast kan publieke projectfinanciering ook nuttig voor jonge en kleine bedrijven die lastig aan financiering kunnen komen, terwijl het project dat zij willen opstarten wel rendabel kan zijn.

Een andere aanbeveling die het CPB doet als het gaat om onderinvestering, is dat verschillende vormen van financieringstekorten bij bedrijven vragen om verschillende instrumenten. Zo kunnen directe subsidies innovatie bevorderen en de kans op vervolgfinanciering vanuit de private sector vergroten, terwijl overheidsleningen en kredietgaranties jonge bedrijven kunnen helpen een periode met weinig of geen bedrijfsresultaten te overbruggen. Verder lijkt het CPB het logisch om voor publieke financiering van private projecten met grote maatschappelijke baten een lager rendement dan de markt te eisen. Een deel van het rendement voor de overheid zijn namelijk juist die maatschappelijke baten van het project.

Hollandbio leest in het rapport en de aanbevelingen van het CPB veel aanknopingspunten terug voor overheden die kunnen helpen om biotechnologiebedrijven, die hoofdzakelijk uit jonge en kleine bedrijven bestaan en grote maatschappelijke baten willen bewerkstelligen met hun innovaties, een stap verder te helpen. Dat is nodig ook, want biotech ondernemers lopen bij uitstek aan tegen een valley of death in het Nederlandse en Europese financieringslandschap waardoor zij vertraging oplopen of zelfs stranden. Een slimmere en betere inzet van publieke financieringsinstrumenten kan Nederlandse biotech koplopers de hoognodige steun in de rug geven voor snelle doorgroei en het naar de maatschappij brengen van nieuwe geneesmiddelen, betere gewassen en milieuvriendelijk voedsel en materialen.

← #nieuws

Biotech financiering onder de loep: WBSO

, ,

Vraag biotech ondernemers naar hun grootste uitdaging, en de kans is groot dat het antwoord ‘financiering’ is. De weg die biotech innovaties afleggen van lab naar maatschappij is lang, vol risico’s en extreem kostbaar. Een passend financieringsaanbod voor elke fase van bedrijfs- en productontwikkeling is dan ook een belangrijke randvoorwaarde om de potentie van biotech voor gezondheid, verduurzaming en onze economie ten volle te benutten. Maar hoe is het gesteld met het Nederlandse financiële middelen voor biotech innovatie? Hollandbio zoekt het uit. Na de Regionale Ontwikkelingsmaatschappijen (ROMs) en Invest-NL, nemen we deze keer de Wet Bevordering Speur- en Ontwikkelingswerk (WBSO) onder de loep. 

Hoewel de WBSO strikt genomen geen financieringsinstrument is, is de fiscale regeling weldegelijk een belangrijk instrument voor biotech bedrijven. De regeling vergoedt een deel van gemaakte kosten voor onderzoek en ontwikkeling (R&D) en draagt daarmee direct bij aan het stimuleren van innovatie. Aangezien R&D de drijvende kracht is achter biotech innovatie, heeft de WBSO veel impact op de biotech sector. Het jaarverslag 2022 laat zien dat de WBSO ruim €246 miljoen euro aan voordeel, zogeheten afdrachtsvermindering, heeft opgeleverd voor maar liefst 618 biotech bedrijven. Het aantal biotech bedrijven dat dankbaar gebruik maakt van de WBSO is de afgelopen jaren gestegen, en daarmee ook de totale afdrachtsvermindering.  

Hollandbio ziet de WBSO als een cruciale stimulans voor alle innovatieve Nederlandse bedrijven. Wat de regeling bovendien extra waardevol maakt, is het percentage MKB-bedrijven dat profiteert: 96% van het totaal aantal. Dit is tekenend voor de toegankelijkheid van het instrument. Bovendien is het vermeldenswaardig dat mede door de inspanningen van hollandbio de WBSO in 2022 geïndexeerd is en er dus een inflatiecorrectie op het budget heeft plaatsgevonden.  

Om tot deze publicatie te komen, hebben we de categorieën “Biotechnologie” en “Medische Wetenschappen & Farma” samengenomen, maar andere categorieën buiten beschouwing gelaten, ondanks dat biotech daar mogelijk ook een beperkt aandeel in heeft. Het is dus waarschijnlijk dat het daadwerkelijke aandeel van biotech bedrijven in de WBSO groter is dan weergegeven. 

← #nieuws

Gas geven, niet remmen! EZK & RVO ontmoeten biotech frontrunners bij Genmab

, , ,

Met de biorevolutie in volle gang hebben het Ministerie van Economische Zaken (EZK) en de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) de gelegenheid te baat genomen om de kansen die er liggen voor Nederland tijdens een werkbezoek aan en met biotech koplopers bij Genmab in Utrecht van dichtbij te ervaren en te bediscussiëren.

Biotech innovaties maken mens en planeet gezonder en dragen bij aan ons verdienvermogen. Maar die innovaties naar de markt brengen, is kennis- en kapitaalintensief en de weg naar de markt is bezaaid met obstakels. Dit vraagt om beleid met visie en een slimme uitvoering. Getuige de plaats van biotech in de Nationale Technologie Strategie en de plannen voor een integrale visie op biotechnologie is onze overheid van plan om gas te geven. En van wie kan je beter leren wat er nodig is dan van biotech ondernemers zelf? Tijd voor een werkbezoek, in dit geval bij Genmab in Utrecht.

In gloedvolle betogen zetten Judith Oprins (Vice President, Head of Global Lab Management & Site Lead NL) namens Genmab en maar liefst drie CEO’s, Tim Knotnerus van Agomab Therapeutics, Kristoff Vercruysse van TargED Biopharmaceuticals en Marcel Jacobs van Matisse Pharmaceuticals, uiteen waar zij de uitdagingen en mogelijkheden zien in Nederland.

Tijdens de daaropvolgende discussie onder leiding van hollandbio’s Annemiek met de delegatie van EZK en RVO en de bedrijven zelf, bleek dat er nu ook al veel instrumenten zijn voor biotech in Nederland. Wat bedrijven en wij daarin zien gebeuren, is dat dat de uitvoering helaas niet altijd aansluit bij de praktijk. Dan lijkt het meer op gas geven met de voet op de rem. En zoals we allemaal weten, kom je in dat geval niet uit de startblokken.

De komende tijd zal hollandbio in nauwe samenwerking met EZK, RVO en bedrijven aan de slag gaan om bestaande instrumenten slimmer en beter te laten aansluiten bij de specifieke wensen van de sector en natuurlijk om gezamenlijk te werken aan een integrale visie die ervoor zorgt dat biotech voor iedereen het leven beter maakt.

← #nieuws

Biotech valorisatie: alleen ga je sneller, samen kom je verder

Een NRC-publicatie over Ronald Plasterk, een leidraad over Maatschappelijk Verantwoord Licentiëren en de feestelijke lancering van Nationaal Groeifondsprogramma Biotech Booster. Op het eerste oog een willekeurige greep uit het nieuws van de afgelopen weken, maar mét een heldere rode draad: alleen in samenwerking, en met respect voor ieders rol en cruciale bijdrage kunnen we onze sterke nationale biotech kennisbasis verzilveren en omzetten in maatschappelijke impact waarvan iedereen profiteert.

De route om in de biotech sector fundamentele kennis naar de markt te brengen is notoir complex, lang, kostbaar en risicovol, en enkel in samenwerking met vele partijen af te leggen. En waar gehakt wordt, vallen spaanders, zo blijkt ook uit de lijvige reportage in NRC over Frame Therapeutics, het biotech bedrijf van Ronald Plasterk, dat in 2022 werd overgenomen door het Duitse CureVac. Hoewel hollandbio zich in het nogal tendentieuze sausje dreigde te verslikken, stipt het artikel weldegelijk tal van hardnekkige problemen aan die de succesvolle valorisatie van onze academische kennis in de weg staan. Wetenschappers die geen trek hebben in een bedrijfsmatige aanpak en die de route naar de kennis transfer offices (KTO) niet weten te vinden, ondernemers die liefst zo snel mogelijk aan de bak willen en slepende juridische processen, bureaucratie en het afstaan van zeggenschap kunnen missen als kiespijn, de allesbepalende rol van financiering in productontwikkeling en ga zo maar door. Er valt nog een wereld te winnen, dat staat na lezing van het artikel als een paal boven water.

Maar ook wanneer de weg naar het KTO wél gevonden wordt, is niet alles zomaar pais en vree voor alle betrokken partijen. Een bekend knelpunt is de licentieverlening, waarin geregeld wordt onder welke voorwaarden een partner – vaak een bedrijf – een academische vinding verder mag ontwikkelen. Daarin is naast efficiënte en heldere procedures het vinden van balans cruciaal: tussen de overheid, die in ruil voor publieke investeringen in onderzoek zo veel mogelijk invloed wil op een maatschappelijk verantwoorde doorontwikkeling, de kennisinstelling die wat terug wil voor het verzette werk, en het belang van de onderneming, die nog een enorme weg voor de boeg heeft en voor wie vergoedingen of restrictieve voorwaarden een blok aan het been zijn in een toch al extreem competitieve wereldwijde markt.

Niet licentiëren is in ieder geval niet maatschappelijk, zo concluderen Markwin Velders, Ivo de Nooijer en Vincent van der Wel eensgezind in een interview door FAST – een stelling waar ook hollandbio zich geheel in kan vinden. Het expertisecentrum gaf het trio de opdracht een leidraad te ontwikkelen die kennisinstellingen kan helpen bij het voeren van effectieve en realistische onderhandelingen rond maatschappelijk verantwoord licentiëren (MVL). Centraal in de MVL leidraad staat een trechtermodel, dat kennisinstellingen kunnen gebruiken bij de (voorbereidingen van) contractonderhandelingen rond een nieuw op te richten bedrijf of bij de licentiëring aan een bestaand bedrijf. Bouwen aan wederzijds begrip en een op de toekomst gerichte samenwerking is misschien nog wel belangrijker dan het uiteindelijke contract, aldus de ontwikkelaars van de leidraad. We hadden het zelf niet beter kunnen zeggen.

Wederzijds begrip en samenwerking zijn eveneens het fundament van Biotech Booster, het nationale programma om commercialisering van biotech vindingen in Nederland een impuls te geven. Twee jaar geleden kreeg het unieke samenwerkingsverband van Universiteiten van Nederland, de Nederlandse Federatie van Universitair Medische Centra, de Vereniging Hogescholen, TNO, hollandbio en DSM en J&J een forse investering uit het Nationaal Groeifonds om een kentering te realiseren in de achterblijvende valorisatie van biotech kennis van eigen bodem. Op 14 maart jl vierde het programma dan eindelijk haar feestelijke start met een even geslaagd als druk bezocht evenement in de Utrechtse Jaarbeurs.

Hollandbio kan niet wachten tot de eerste Booster-projecten de theorie in de praktijk bewijzen: dat we juist door méér kennisuitwisseling en intensievere samenwerking tussen publieke en private partijen de grootste maatschappelijke impact kunnen realiseren. En dat we dan, in alle openheid, heel trots durven zijn op de bijdrage die iedereen heeft geleverd aan al die succesvolle Nederlandse biotech frontrunners.

← #nieuws

Hollandbio wishes for more budget and larger tickets for Health~Holland’s new SME subsidy

,

In a deep dive on their succesful SME subsidy that first launched in 2023, Health~Holland published an article featuring the application of startup ExCulture, but also the broader wishes from the biotech community to fine tune the instrument in the coming years. Or as hollandbio’s Robbert nicely quoted: “The over-subscribed call shows that there is an apparent need for this type of funding. This makes us think about how this need can be met through a different formula. I hope the SME call will become much larger with larger tickets to fulfill the funding need and really create the funding impact companies are waiting for.” We look forward to discussing possible next steps in close collaboration with Health~Holland to improve (funding) opportunities for SMEs looking to valorize and scale their innovative biotech products.

← #nieuws

ABP vraagt consistent beleid om betrouwbaar te beleggen in Nederland

Pensioenfonds ABP steekt de aankomende jaren 10 miljard euro in Nederlandse projecten, waarvan de helft in duurzame energie en innovatie. Hiermee komen ze tegemoet aan de wens van politiek Den Haag, dat graag ziet dat pensioenfondsen meer binnen Nederland investeren, en met name in sleuteltechnologieën als biotechnologie. Het pensioenfonds denkt zelfs dat meer investeringen mogelijk zijn, maar verbindt daar als voorwaarde wel een gecoördineerde aanpak met pensioenfondsen en overheid aan.

Pensioenfondsen geven aan dat zij best willen investeren in het Nederland van morgen. Nu gaat het om 10 miljard euro die ABP in eerste instantie uittrekt, en dat kan verder uitgroeien, maar dan alleen als de overheid in gesprek gaat over een gecoördineerde aanpak en niet ad-hoc wanneer het uitkomt via tientallen verschillende initiatieven vanuit diverse departementen. Dat zij daarnaast biotech steeds vaker als optie zien, zien we terug in de allocaties van PME/PMT in Nederlandse Life Science fondsen en dat daar in 2022 een ander (nog onbekend) pensioenfonds bij is gekomen. Ook wij delen de wens voor het stimuleren van innovaties uit sleuteltechnologieën zoals biotech en hopen daarom dat pensioenfondsen en overheid samen tot een mooi plan kunnen komen.

← #nieuws

Dutch Life Sciences Trend Analysis 2024: Market is slowly picking up

,

Biotechgate, the leading global biotech database, published their annual Trend Analysis Report 2024 of the Dutch life sciences sector. In 2022, the Dutch biotech landscape saw a sharp 50% decline in venture financing, reflecting the challenging global economic climate. Fortunately, the tide seems to turn. In 2023, life sciences saw a remarkable 50% rise in funding, underscoring the sector’s resilience and growth potential. Headliners included VectorY, Tagworks, Kynesis, Meatable, and VarmX. This year’s Trend Analysis benchmarks Dutch and other European biotech with the US. As one of the striking differences, US biotechs have three times as many assets in clinical development per capita compared to their Dutch counterparts. Illustrating the stark contrast in financial ecosystems, the availability of funding in the US still far outranks funds in Europe.

National trends

This year’s funding landscape for Dutch biotech companies shows both growth and challenges. The number of biotech companies expanded to 606, but the number of new companies per year steadily decreases since 2018. Although funding showed improvement compared to the previous year, it still fell short of the levels seen in 2021. Dutch biotech witnessed a modest increase of nearly 10% in total funding, while life sciences as a whole experienced a more substantial surge of almost 50%.

Dutch funding rounds in 2023 included VectorY, Tagworks, Kynesis, Meatable, and VarmX, highlighting investor confidence in emerging technologies. Additionally, 2023 saw significant M&A activity, with notable deals involving Dutch companies like Neogene Therapeutics (AstraZeneca), Adare Biome (DSM), Xinvento (Rhythm Pharmaceuticals), Verogen (Qiagen), and Synaffix (Lonza).

International benchmark

The international biotech funding benchmark in 2023 provided valuable insights into the global landscape. The inclusion of the US revealed that it houses a comparable number of biotech companies per capita to the Netherlands, with more focus on therapeutics & diagnostics and fewer in agri-food and biobased sectors. Remarkably, the US exhibits three times as many assets in clinical development per capita as the Netherlands. Switzerland emerged as a frontrunner in both company density and clinical assets, with Denmark following as the best of the rest. Moreover, all countries in the benchmark experienced a slowdown in the rate of founded companies, indicating a broader trend beyond the Dutch context. Notably, the US outpaces Europe in venture financing, enjoying nearly quadruple the funding available, underscoring its dominance in the global biotech investment landscape.

“We see the financing amounts slowly bouncing back up after a very difficult year in 2022. The difference in the amount of assets in development and the overwhelming difference in financing avenues between the US and Europe emphasize the need for continued efforts to strengthen and enhance our financial ecosystem. It’s crucial for Dutch biotech stakeholders to collaborate, innovate, and advocate for policies that can help the Dutch sector thrive.”

Annemiek Verkamman, Managing Director at hollandbio

← #nieuws

De Top 10 van het Nationaal Groeifonds​

Het kabinet heeft na advies van de Adviescommissie groen licht gegeven aan maar liefst 10 voorstellen vanuit het Nationaal Groeifonds, wat in deze derde ronde resulteert in definitieve toekenningen van €777,4 miljoen. Twee projecten met een rechtstreekse link met biotechnologie en een betere gezondheid voor dieren, de planeet en mensen zijn de toekenning voor het Centrum voor Proefdiervrije Biomedische Translatie (CPBT) van €124,5 miljoen (waarvan €69,5 miljoen voorwaardelijk) en Holomicrobioom met €200 miljoen (€140 miljoen voorwaardelijk).

Bedrijvigheid voor een proefdiervrije toekomst 

Het CPBT zal een nieuwe aanpak ontwikkelen om de overgang van nieuwe biomedische innovaties naar patiënten en gebruikers te verbeteren en te versnellen, met minder kosten en zonder proefdieren. Dit nationale centrum zal de oprichting van bedrijven bevorderen waarmee Nederland voorop kan lopen op het gebied van proefdiervrije technologie en biomedische ontwikkelingen. Hollandbio hoopt dat de samenwerking binnen dit project tussen LNV en VWS ook zal leiden tot versnelde aanpassingen in beleid, wet- en regelgeving, zodat we daadwerkelijk vooruitgang kunnen boeken in het brengen van meer op maat gemaakte gezondheidszorg van het laboratorium naar de patiënt. 

De rijkdom van bacteriën, schimmels en virussen gebundeld

Het Holomicrobioom zal voor het eerst onderzoeken hoe microbiomen in alle delen van ons voedselsysteem samen één groot netwerk vormen: een ‘holomicrobioom’. Het Holomicrobioom Instituut zal innovatie in landbouw en veehouderij, voedselproductie, gezondheidszorg, bodem- en waterbeheer in Nederland bevorderen. Innovatieve toepassingen van microbioom hebben een groot potentieel voor de economie en de kwaliteit, gezondheid en verduurzaming van ons voedselsysteem. 

Kweken buiten het lab 

Hoewel het biotech ecosysteem minder snel de vruchten zal plukken van de Techkwadraat (€352,6 miljoen, waarvan €205,8 miljoen voorwaardelijk), is de noodzaak op het gebied van human capital wel zeer hoog. Techkwadraat zal in de toekomst een verschil maken door alle leerlingen van het primair en voortgezet onderwijs in aanraking te laten komen met de mogelijkheden van (natuur)wetenschap, techniek, technologie en ICT. Dit moet resulteren in meer leerlingen die kiezen voor natuurprofielen en meer studenten die instromen in (bèta)technische vervolgstudies. Een prettige bijkomstigheid zou zijn dat het doel van Techkwadraat om onder alle jongeren meer affiniteit met, kennis van en vakvaardigheden in de technologie te creëren, ook leidt tot een hogere affiniteit van politici met technische innovaties. 

Tot slot heeft de hernieuwde versie van het Deltaplan Valorisatie het tot onze spijt niet gehaald. Het is wat hollandbio betreft een gemiste kans om in meerdere sectoren werk te maken van valorisatie. 

← #nieuws

Het uur U voor het Nederlandse vestigingsklimaat

,

Diverse media schreven de afgelopen weken over de dreigende teloorgang van het Nederlandse vestigingsklimaat en de gevolgen daarvan op nationale iconen en hoogtechnologische koplopers. Stenen des aanstoots zijn recente plannen voor het versoberen van de innovatiebox, het beperken van de instroom van buitenlandse studenten, de inperking van de 30%-regeling en het belasten van de inkoop van eigen aandelen. In het Financieel Dagblad verscheen een opiniestuk van UvA-hoogleraren die zien dat het vertrouwen van het Nederlandse bedrijfsleven in het vestigingsklimaat al een deuk heeft opgelopen, en dat het nodig is dat Tweede Kamer en overheid zich verbinden aan voorspelbaar en stimulerend beleid voor de langere termijn.

Op hetzelfde moment zoomde NRC in op waarom Nederland en Europa in het landsbelang juist stappen voorwaarts moeten zetten, in plaats van op het vestigingsklimaat te beknibbelen vanuit politieke scoringsdrang. Op het gebied van hoogtechnologische bedrijvigheid begint Europa fors achter te lopen op zwaargewichten Amerika en China. Met regels lopen we weliswaar voorop, maar zonder bijbehorende stimulansen is dat natuurlijk niet genoeg. De status quo gaat huidige hoogtechnologische koplopers noch in Europa en Nederland houden, noch nieuwe koplopers voortbrengen.

In het oog van de media-orkaan vinden we ASML: de Nederlandse halfgeleidergigant die in de top 50 van meest waardevolle bedrijven ter wereld staat en die niemand wil verliezen aan een lonkend buitenland. Maar Nederland is de thuisbasis van veel meer spelers van formaat, zoals de vele biotech parels in hollandbio’s groeiende achterban. Ook voor hen ligt in de wereld aan de voeten, en is de kwaliteit van ons vestigingsklimaat de lijm die de bedrijven aan ons land verbindt. Hollandbio roept de Tweede Kamer en de overheid dan ook op blijvend werk te maken van een vruchtbare voedingsbodem waarop hoogtechnologische (biotech)bedrijven groeien en bloeien. De Nationale Technologiestrategie, het Groeimarkten rapport en de Trendanalyse Biotechnologie bieden volop handelingsperspectief om een welkome haven te zijn en blijven voor de koplopers van vandaag en morgen.

← #nieuws

Biotech financiering onder de loep: Invest-NL

, ,

Vraag biotech ondernemers naar hun grootste uitdaging, en de kans is groot dat het antwoord ‘financiering’ is. De weg die biotech innovaties afleggen van lab naar maatschappij is lang, vol risico’s en extreem kostbaar. Een passend financieringsaanbod voor elke fase van bedrijfs- en productontwikkeling is dan ook een belangrijke randvoorwaarde om de potentie van biotech voor gezondheid, verduurzaming en onze economie ten volle te benutten. Maar hoe is het gesteld met het Nederlandse financieringsaanbod voor biotech innovatie? Hollandbio zoekt het uit. Na de Regionale Investerings Maatschappijen (ROMs), nu in deel 2 van deze serie: Invest-NL. 

Invest-NL is een groot investeringsfonds dat is opgezet vanuit de Nederlandse overheid. Met een fondsvermogen van €2.5 miljard heeft Invest-NL de ambitie om financierbaar te maken wat niet financierbaar lijkt. Een impactinvesteerder die bovendien inzet op innovatie en verduurzaming en die nog risico’s durft te nemen ook, dat klinkt als een perfecte match met biotech. Maar is dat ook zo? 

Hollandbio dook in het portfolio en de plannen van Invest-NL en zette de cijfers op een rij. Van de 44 directe investeringen, ter waarde van in totaal ~€250 miljoen, investeerde Invest-NL tweemaal in biotech. Van een totaal van 19 debt financieringen (~€168 mln) gingen er drie naar biotechbedrijven. Directe investeringen in specifiek medische biotech zien we helemaal niet – afgezien van één toegekend corona-overbruggingskrediet.  

Naast directe investeringen injecteerde Invest-NL maar liefst ~€420 miljoen in zogeheten fund-to-fund constructies. Samen met het European Investment Fund (EIF) richtte Invest-NL het Dutch Alternative Credit Initiative (€ 50 mln) en het Dutch Future Fund I en II op. Deze laatste twee fondsen vullen op hun beurt diverse private Nederlandse fondsen, waarvan sommige actief zijn in Life Sciences. Zo stopte het Dutch Future Fund I in totaal €40 mln in Life Sciences fondsen. Het is daarbij opmerkelijk dat Invest-NL in ruil voor dat geld geen zeggenschap over de besteding vraagt – ze kopen een stoel in de bus, maar hebben geen handen aan het stuur. De Life Sciences fondsen kunnen daardoor in principe in Life Sciences bedrijven waar dan ook ter wereld investeren, maar gelukkig kozen ze er een aantal keer voor om te investeren in biotech bedrijven van eigen bodem. Voor het Dutch Future Fund II (€150 mln) is biotech expliciet uitgesloten. Waarom is hollandbio, ook na gesprekken met Invest-NL, niet geheel duidelijk.   

Kortom: op papier zijn biotech en Invest-NL een perfecte match, maar in de praktijk valt er nog een wereld te winnen. Juist in de grote transities op het gebied van verduurzaming en gezondheid biedt biotech volop kansen, maar ontbreekt passend en geduldig kapitaal. Invest-NL heeft de potentie om biotech bedrijven in elke fase én over de volle breedte wind mee te geven, en daarmee de aanjager zijn die Nederland zo hard nodig heeft om de excellente kennispositie te verzilveren in bedrijvigheid, producten en diensten met maatschappelijke én economische impact. Invest-NL als hof-financier van de biorevolutie – wij zien het wel zitten!