← #nieuws

Leestip: Sjoerd Repping in De Volkskrant over (on)zinnige ziekenhuiszorg

,

In de Volkskrant komt Sjoerd Repping, kwartiermaker ‘Zorgevaluatie en Gepast Gebruik’ bij het Zorginstituut, uitgebreid aan het woord over (on)zinnige ziekenhuiszorg. Repping legt zijn manier van werken heel overzichtelijk uit: bij zorg waarvan je weet dat het werkt, moet je het doen. Als je weet dat het niet werkt, dan moet je het niet doen. En wanneer je het niet weet óf het werkt, dan moet je dat uitzoeken.

Hij richt zijn pijlen daarbij vooral op de ‘lucht in het systeem’. Of dat nu in de vorm is van het overdadig aanbrengen van buisjes, onnodige consulten of het standaard laten maken van foto’s.

Over geneesmiddelen zegt Repping twee interessante dingen. Aan de ene kant stelt hij dat er nog besparingen mogelijk zijn door eerder en breder over te stappen op biosimilars of generieke middelen. Aan de andere kant geeft hij aan dat er geen makkelijke oplossingen zijn en dat deze soms contra-intuïtief voelen. Daarbij haalt Repping aan dat het inzetten van dure geneesmiddelen soms juist goed is als dit tot positieve resultaten en het uitsparen van zorgkosten leidt onder patiënten.

Het interview is een verademing als het gaat om de nuchtere manier waarop Repping naar de (on)zinnigheid van ziekenhuiszorg wil kijken, en daarmee een leestip meer dan waard!

Bron: de Volkskrant

← #nieuws

Europese top binnen handbereik voor biomedische start-ups

, ,

Dat er verschillen zijn tussen het start-up landschap in Europa en de VS zal voor niemand een geheim zijn. Maar nooit eerder zijn de onderlinge verschillen tussen de Europese landen onderzocht. Een artikel in het april nummer van Nature Biotechnology illustreert de factoren die het succes van biomedische start-ups bepalen. Wat blijkt: lang niet alle landen zijn gelijkwaardig en Nederland schuurt op de verschillende factoren tegen Europese top aan. Het artikel geeft een aantal concrete aanknopingspunten om het innovatieklimaat verder te versterken en laat zien dat een plaats bij de Europese top haalbaar is.

Met het aantal biomedische start-up financieringsrondes als uitgangspunt, werd over een periode van vijf jaar gekeken naar de wetenschappelijke kwaliteit, biomedische patenten, aanwezigheid venture capital bedrijven en human capital. Met een vierde plaats voor wetenschappelijke output scoort Nederland ruim voldoende en ook voor het aantal VC-bedrijven doen we het met een derde plaats goed. Opvallend zijn de wat teleurstellende zesde plek als het gaat om biomedische patentaanvragen en de zesde plek op de Entrepreneurship Index. Overall staat Nederland in de middenmoot als het gaat om nieuwe biomedische start-ups.

Succesvol start-up ecosysteem

Uit de conclusies blijkt dat alle onderzochte factoren van significante invloed zijn op het aantal financieringsrondes. Wetenschappelijke output is daarbij doorslaggevend. Opvallend is dat Nederland ondanks de goede wetenschappelijke output achterblijft met het aantal start-ups deals. Gezien de huidige hoeveelheid start-ups, blijft ook het aantal VC in ons land achter. Willen we in Nederland een succesvol ecosysteem voor start-ups creëren, dan moeten we hier werk van maken.

Wat moet er beter?

Nederland weet biomedische kennis onvoldoende te verzilveren en om te zetten naar bedrijvigheid. De onderzoekers onderstrepen in het artikel het belang van een robuuste wetenschappelijke basis. Ze benadrukken dat beleidsmakers biomedisch onderzoek hoog op de agenda moeten blijven zetten. Maar voor een bloeiend start-up ecosysteem is er meer nodig, zoals toegang tot voldoende financiering. In Nederland kunnen initiatieven als Invest-NL het verschil maken. Door een brug te slaan tussen academische kennis en toegang tot financiering, kan Invest-NL mogelijk als vliegwiel dienen voor biomedische innovatie. Investeerders kunnen dan niet meer om Nederland heen, waarmee we het innovatieklimaat versterken en de Europese top binnen handbereik is. Het hele artikel lees je hier

← #nieuws

Update Modernisering Biotechnologiebeleid naar de Tweede Kamer

, , , , ,

Afgelopen week stuurde Staatssecretaris Van Veldhoven een update van de Modernisering van het Biotechnologiebeleid naar de Tweede Kamer. Naast een algemene update geeft de brief ook inzicht in de vervolgstappen om tot een modern biotechnologiebeleid te komen.

De Staatssecretaris geeft aan dat ze toe wil naar een beleid dat ruimte biedt aan de kansen van de biotechnologie voor een gezonde en duurzame samenleving. Uiteraard zonder daarbij de veiligheid uit het oog te verliezen. In 2018 zijn in samenwerking met stakeholders de bouwstenen voor een modern biotech beleid aangeleverd. De komende twee jaar wil de staatssecretaris deze samen met het veld verder concretiseren. Daarbij is er zowel aandacht voor korte termijn doelen, zoals optimalisatie van de uitvoeringspraktijk van de vergunningverlening in Nederland, als voor de langere termijn gericht op aanpassing van het Europees biotechnologiebeleid.

Daarnaast blijft Nederland zich in Brussel inzetten om de moderne veredelingsmethoden binnen handbereik van de Europese Agri-Food sector te krijgen. Modernisering van het huidige biotechnologiebeleid kan HollandBIO niet snel genoeg gaan. Als we in Nederland de vruchten willen plukken van de baanbrekende ontwikkelingen in de biotechnologie, zoals van cel- en gentherapie en plantenveredeling, is aanpassing van het nationale en Europese biotechnologiebeleid essentieel. HollandBIO is dan ook blij met het commitment van de Staatssecretaris en werkt graag mee om de mooie woorden in daden om te zetten.

← #nieuws

Registreren gaat voor kopiëren

, , ,

Gisteren stuurde minister Bruins voor Medische Zorg en Sport zijn langverwachte brief over magistrale bereiding naar de Tweede Kamer. De brief wil meer duidelijkheid geven over de mogelijkheden van apotheekbereidingen door duiding van de voorwaarde ‘verstrekking in het klein’. Klein blijkt een rekbaar begrip: het ministerie van VWS rekt ‘verstrekking in het klein’ op tot circa 50 unieke patiënten per maand bij langdurig gebruik, of tot circa 150 patiënten per maand bij kortdurend gebruik van een geneesmiddel. Per bereidende apotheek, welteverstaan. Dat lijkt misschien niet veel, maar in het perspectief van het toenemend aantal weesgeneesmiddelen en de trend richting personalised medicine is het dat wel. Het is namelijk al lang geen uitzondering meer dat een geneesmiddel voor bijvoorbeeld maar 20 patiënten in Nederland wordt geregistreerd.

Om effectiviteit, veiligheid en brede beschikbaarheid van geneesmiddelen te waarborgen, hebben we in Europa een geharmoniseerd systeem voor geneesmiddelenregistratie. Vandaag de dag is het Europees Medicijn Agentschap (EMA) een alom gerespecteerd instituut. Nederland juicht de waarde van Europese registratie en de rol van EMA toe. Tenzij we onze eigen patiënten goedkoper kunnen bedienen met een niet geregistreerde kopie, zo blijkt uit de brief van de minister. Want wanneer er vraagtekens zijn over een al dan niet te hoge prijs, is magistrale bereiding ook een goede optie. Dat Nederland hier het systeem van Europese registratie ondermijnt, de investeringen die door een bedrijf zijn gedaan negeert en een loopje neemt met de patiëntveiligheid, is een slecht signaal.

Gevolgen voor weesgeneesmiddelen

Naar verwachting vormt het opgerekte begrip van ‘verstrekking in het klein’ een risico voor nieuw geregistreerde weesgeneesmiddelen die geen octrooibescherming genieten. Ongeveer een derde van alle nieuwe geneesmiddelen is vandaag de dag een weesgeneesmiddel. Dat is een fantastische ontwikkeling voor patiënten die lijden aan een zeldzame aandoening, mogelijk gemaakt door de introductie van internationale stimuleringsmaatregelen. Het ministerie van VWS ondermijnt met het oprekken van magistrale bereiding het systeem van geneesmiddelenregistratie. Niet uit medische noodzaak, maar puur uit kostenbesparing. Want waar hebben we het nu over? Op dit moment geven we een zeer bescheiden aandeel van ons zorgbudget uit aan weesgeneesmiddelen: ongeveer 0,27%.

Registreren in plaats van kopiëren

HollandBIO stelt een andere oplossing voor dan het maximaal oprekken van de grenzen voor magistrale bereiding. Wat als we nou eens in nationaal verband in kaart brengen welke niet geregistreerde geneesmiddelen conform de gouden behandelstandaard in Nederlandse ziekenhuizen gebruikt worden? Dat moet een mooi lijstje opleveren, en gezien onze vooraanstaande wetenschappelijke positie, ziekenhuiszorg en data-infrastructuur prima realiseerbaar. Vervolgens stellen we een organisatie, of het nou een ziekenhuis, spin-off, stichting of ander instituut is, aan om de geneesmiddelen op het lijstje met publiek geld Europees te registreren. Is de registratie een feit, dan maakt de organisatie het geneesmiddel voor een maatschappelijk acceptabele prijs beschikbaar. In ieder geval in Nederland, maar liever nog in heel Europa. Zo stimuleren we gezondheid, innovatie en betaalbaarheid, krijgt ons Europese systeem van registratie de credits die het verdient én profiteren alle Europese patiënten, ongeacht hun woonplaats of de incidentie van hun ziekte, van nieuwe geneesmiddelen.

Eerder schreven wij het bericht “Kiezen uit twee kwaden” over misbruik van stimuleringsmaatregelen en magistrale bereiding.

← #nieuws

Invest-NL zoekt aansluiting bij Missiegedreven Innovatiebeleid

, , ,

Afgelopen week werd bekend dat Invest-NL nadrukkelijk wil aansluiten bij het Missiegedreven Innovatiebeleid. Dat houdt in dat zij zich gaat richten op maatschappelijke domeinen en thema’s zoals gezondheid en zorg en op topsectoren en sleuteltechnologieën als Life Sciences & Health en biotechnologie. Deze conclusies komen uit de beantwoording door minister Wiebes van Economische Zaken en Klimaat op vragen van Kamerleden over het wetsvoorstel ter oprichting van Invest-NL. Wiebes dringt daarnaast aan op een snelle politieke behandeling zodat Nederland de aansluiting houdt bij landen om ons heen die hun investeringen opschalen in bijvoorbeeld de life sciences.

Verder gaan de antwoorden van de minister onder andere in op de rol die Invest-NL kan spelen bij het stimuleren van startende en doorgroeiende ondernemingen. Deze bedrijven ervaren vooral de risico’s die gepaard gaan met lange en onzekere ontwikkeltrajecten. De bewindspersoon geeft aan dat Nederland momenteel geen financieringsinstelling kent die risicokapitaal verstrekt voor de doorgroei van start- en scale-ups. Invest-NL krijgt als belangrijkste taak om vormen van marktfalen in de verschillende maatschappelijke uitdagingen en sleuteltechnologieën aan te pakken en zal daarvoor een eigen investeringsbeleid en investeringsplan vaststellen. Er is bovendien besloten om in eerste instantie € 1,7 miljard beschikbaar te stellen voor Invest-NL en € 0,8 miljard voor de instelling voor internationale financieringsactiviteiten.

Samenwerking bestaande initiatieven

Uit de antwoorden komt daarnaast naar voren dat Invest-NL volop samenwerking gaat zoeken met bestaande initiatieven. Zo blijkt dat een goede samenwerking tussen Invest-NL en de regionale ontwikkelingsmaatschappijen van groot belang is. Ook komen er samenwerkingsafspraken tussen Invest-NL en RVO.nl. De minister benadrukt nogmaals dat het co-investeringsfonds en de activiteiten voor het Dutch Venture Initiative worden ondergebracht in de organisatie van Invest-NL. Om ook geld los te krijgen uit het Europese Investeringsfonds, gaat Invest-NL modellen onderzoeken met een hefboomfunctie voor Europese geldstromen.

Gaten in het financieringslandschap

Uit een van de antwoorden blijkt dat de Nederlandse Vereniging van Participatiemaatschappijen (NVP) twee knelpunten identificeert die tot marktfalen leiden. Enerzijds is er volgens de NVP een gebrek aan kapitaal bestemd voor kapitaalintensieve, hoog risicovolle investeringen in de vroege fase (seed en start-ups). Anderzijds ontbreekt het aanbod van kapitaal bestemd voor kapitaalintensieve investeringen in de latere fase van venture capital (scale-ups). Deze knelpunten sluiten naadloos aan bij de gaten in het financieringslandschap in de life sciences die HollandBIO eerder al formuleerde.

Al met al geven de antwoorden over Invest-NL van minister Wiebes meerdere aanknopingspunten voor de life sciences sector. Op dinsdag 9 april staat het wetsvoorstel op de agenda van de procedurevergadering in de Tweede Kamercommissie EZK. De verwachting is dat de inhoudelijke behandeling van het wetsvoorstel in een debat komende tijd ingepland wordt. HollandBIO blijft de ontwikkelingen nauwlettend volgen. Mocht je vragen hebben, naam dan contact op met HollandBIO’s Fabian.

Meer informatie

Alle antwoorden van minister Wiebes op vragen van Kamerleden over het wetsvoorstel ter oprichting van Invest-NL vind je hier

← #nieuws

Well-attended BIO-Europe Spring in Vienna

, ,

Last week over 2500 attendees from all over the world visited BIO-Europe Spring. This year’s edition of the premier springtime partnering conference for the biotech industry took place in Vienna. The conference welcomed a strong delegation of almost 120 Dutch biotech entrepreneurs. The well-attended Health~Holland Pavilion represented the Netherlands as Europe’s most attractive and innovative biopharmaceutical environment.

The Health~Holland Pavilion was one of the eye-catchers of the exhibition floor – a not-to-miss landmark featuring the Dutch life sciences strengths. The Pavilion served as the central information point for international visitors with questions regarding the Dutch business and innovation climate and life sciences & health sector. At the Hospitality Reception on Tuesday, the Health~Holland Pavilion formed the exhibition’s epicenter. During the best-visited happy hour of the conference, the Dutch Loyens & Loeff bike was raffled.

We are already looking forward to BIO-Europe in Hamburg, November 11 – 13 2019. HollandBIO members are eligible to a €300 discount per person on the regular registration fee. For more information see our event page here.

← #nieuws

Galapagos evolueert van biotech start-up tot wereldspeler

, , ,

Met de publicatie van positieve klinische data, maakte Galapagos de hooggespannen verwachtingen rondom hun leadproduct filgotinib meer dan waar. In drie studies toont het biotech bedrijf samen met partner Gilead aan dat het reumamedicijn effectief en veilig is. Met de positieve resultaten kan het bedrijf goedkeuring aanvragen bij de medicijn-toezichthouders. Een even knap als uitzonderlijk resultaat, voor een bedrijf dat zelfs voor biotech-begrippen een bewogen aanlooproute kende. HollandBIO is beretrots op Galapagos. Het bedrijf ontwikkelde zich in 20 jaar van start-up tot biotech parel met meer dan 700 medewerkers, een beurswaarde van ruim € 5 miljard en een dijk van een klinische pijplijn. Vele nationale en internationale media berichtten over het succesverhaal met meer dan terechte juichende koppen. HollandBIO heeft ter ere van dit fantastische resultaat een aantal leestips samengevoegd die de uitdagingen en resultaten van Galapagos als geen ander illustreren.

Pieken en dalen

Galapagos kent een geschiedenis met pieken en dalen (https://www.glpg.com/history). Het bedrijf werd in 1999 opgericht als joint venture tussen het Nederlandse Crucell en Vlaamse Tibotec. In de jaren die volgden stond het aantrekken van financiering centraal. Grootste uitdaging daarbij was het vinden van risicokapitaal om als start-up door te groeien naar scale-up. In 2002 haalde het bedrijf € 23,4 miljoen op via een private placement. Op 6 mei 2005 volgde een beursgang op Euronext. Het leverde het bedrijf nog eens € 22,4 miljoen op. Sinds 2015 heeft het bedrijf ook een notering aan de NASDAQ, waarmee honderden miljoenen werden opgehaald die nodig waren voor de ontwikkeling van de pijplijn. Galapagos bouwde over de jaren een solide platformtechnologie uit tot een gerenommeerd biotechbedrijf, en trok daarmee de aandacht van grote farmaceuten. Vele deals volgden, maar ze hielden lang niet allemaal stand. De in 2015 gesloten deal met Gilead was cruciaal en maakte de nu gepresenteerde klinische resultaten mogelijk.

Unieke prestatie

Jaar in jaar uit bleef Galapagos werken aan de ontwikkeling van nieuwe targets en bracht deze ook naar de kliniek. Kenmerkend is de drang om te blijven investeren: de R&D kosten bedroegen maar liefst € 322,8 miljoen in 2018. Het motto van het jaarverslag 2018 is dan ook terecht ‘Think Big’. Wat Galapagos heeft klaargespeeld afgelopen 20 jaar is een unieke prestatie, wat slechts een handvol bedrijven wereldwijd is gelukt. Het nieuwste huzarenstuk is het bouwen van een eigen marketing- en salesorganisatie, waarmee het bedrijf echt zal realiseren wat het al zoveel jaren ambieert: een geïntegreerd biofarmaceutisch bedrijf. Dat vergt kennis, lef, inzet en bovenal doorzettingsvermogen. Een absolute wereldprestatie, die het biotech innovatieklimaat in Nederland en België verder versterkt.

Een aantal HollandBIO-leestips:

Reumamedicijn Galapagos doorstaat laatste test – FD, 28 maart (inlog verplicht): https://fd.nl/ondernemen/1295083/reumamedicijn-galapagos-doorstaat-laatste-test – Over de meest recente resultaten van de filgotinib studies

De drie levenswerken van Onno van de Stolpe – De Tijd (te lezen via FD), 30 maart (inlog verplicht): https://fd.nl/weekend/1295078/de-drie-levenswerken-van-onno-van-de-stolpe – Inkijkje in het leven van Galapagos’ CEO Onno van de Stolpe

De oorspronkelijke press releases over de filgotinib lees je terug op de Galapagos website: https://www.glpg.com/press-releases

← #nieuws

Leestip: Groene Amsterdammer fileert Nederlands vaccinatiebeleid

, ,

HollandBIO viel er stil van: het indrukwekkende artikel van wetenschapsjournalist Jop de Vrieze in de Groene Amsterdammer. Jop analyseert het terughoudende Nederlandse vaccinatiebeleid en illustreert de gevolgen daarvan aan de hand van het hartverscheurende verhaal van Maurits, die op 17-jarige leeftijd overleed aan meningokokkenziekte. Het artikel legt de vinger op de zere plek: een vaccin werkt alleen wanneer deze ook daadwerkelijk en op tijd gebruikt wordt. Het voorkomen van ernstige infectieziekten vergt een proactief vaccinatiebeleid, met snelle doorlooptijden, heldere procedures en goede communicatie. Binnen én buiten de vaccinatieprogramma’s. Precies waar HollandBIO al sinds jaar en dag voor pleit.

Lees Jops artikel hier.

← #nieuws

Kapitaalkosten en failures grootste kostendrijvers geneesmiddelen

, ,

De ontwikkelingskosten van een geneesmiddel bestaan voornamelijk uit de kosten van kapitaal en de kosten van mislukte ontwikkeltrajecten. De kosten van het middel zelf bedragen slechts 7% van het gemiddeld 2,5 miljard dollar kostende ontwikkelingstraject. Dit concludeert Gupta Strategists in het rapport “The cost of opportunity”. Het rapport biedt de broodnodige cijfers in het gepolariseerde debat over geneesmiddelenprijzen.

Inzicht in de kostendrijvers is een belangrijke voorwaarde voor de implementatie van effectieve oplossingen. Het onderzoek legt genadeloos bloot dat de kosten van de ontwikkeling van geneesmiddelen alleen zullen dalen als de ontwikkeling van nieuwe behandelingen sneller en beter gaat. Daartoe formuleren de onderzoekers ook oplossingsrichtingen. Deze plannen sluiten naadloos aan op HollandBIO’s inzet binnen de programma’s Sneller & Beter en IJzersterk Innovatieklimaat.

Als het gaat om het verlagen van kapitaallasten (53% van het totaal), doet Gupta drie interessante aanbevelingen. De eerste is het verkorten van de doorlooptijd van het onderzoek, door geneesmiddelen eerder toe te staan op de markt. Een tweede invalshoek is het stimuleren van de valorisatie van intellectueel eigendom tussen universiteiten en farmaceuten. HollandBIO pleit op dat vlak vanuit het programma IJzersterk Innovatieklimaat voor het stimuleren van tech transfer en daarmee innovatie, onder andere bij het NFU-traject rond principes voor Maatschappelijk Verantwoord Licentiëren. Verder ziet Gupta een breder aanbod van financieringsbronnen in de vroegere fases als oplossingsrichting. Ook daar ziet HollandBIO mogelijkheden. Zo zou het nog op te richten Invest-NL een rol kunnen spelen als vliegwiel voor innovatie door het aantrekken van een groter en breder aanbod van financiering in de life sciences.

Daarnaast geven de onderzoekers een interessante suggestie voor kostenbesparingen rond geneesmiddelen die de markt niet halen (40% van het totaal). Zij pleiten voor het versoepelen van toelatingscriteria in bepaalde gevallen zodat universiteiten, professionals of andere partijen kunnen monitoren wat een geneesmiddel doet in de praktijk en of deze niet alsnog succesvol kan zijn. Het opdoen van ervaring in de praktijk geeft bovendien ook meer inzicht in de werkzaamheid en waarde van een nieuw middel voor de maatschappij. Dit past dan weer goed bij de oplossingsrichting vanuit Sneller & Beter waarin HollandBIO pleit voor adaptive ecosystems die het vergoedingstraject beter aan laten sluiten op het registratietraject.

HollandBIO ziet het onderzoek en de aanbevelingen als een extra bevestiging om werk te maken van structurele oplossingen die leiden tot een systeem waarbij innovatie, gezondheidswinst en betaalbaarheid hand in hand gaan.

Het volledige, Engelstalige rapport vind je hier: https://gupta-strategists.nl/studies/the-cost-of-opportunity

← #nieuws

HollandBIO’s Annemiek laat licht schijnen op snellere en betere ontwikkeling geneesmiddelen

,

In een speciale bijlage over de Nederlandse Life Sciences bij het Financieele Dagblad van vorige week, gaat HollandBIO-directeur Annemiek Verkamman in op de staat van de sector. De Nederlandse Life Sciences staat er goed voor en heeft veel potentie, want biotech bedrijven kunnen bij uitstek een bijdrage leveren aan maatschappelijke uitdagingen zoals een groeiende en vergrijzende bevolking. Tegelijkertijd zien we ook het ontwikkelen van nieuwe behandelingen ontzettend veel tijd en geld kost en dat het erg risicovol is. Samen met andere partijen moeten we tot structurele oplossingen komen waarin gezondheid, betaalbaarheid en innovatie hand in hand gaan.  

Lees hier de hele bijlage: https://issuu.com/europeanmediapartner/docs/analyse19-life-sciences-e-paper