Als het aan staatssecretaris Blokhuis ligt, krijgen mensen met een medische aandoening en 70-plussers dit jaar voorrang op de griepprik. De -gelukkig- stijgende vraag naar het griepvaccin zorgt nu helaas voor schaarste. Deze boodschap zorgt voor de nodige opschudding bij ouderenbond ANBO en is voor D66 en CDA een aanleiding voor diverse Kamervragen over onder andere het inkoopproces en het handelingsperspectief om nieuwe tekorten volgend jaar voor te zijn. Voorkomen is immers beter dan genezen!
We weten niet wanneer de eerste corona vaccins beschikbaar zijn. Wel weten we dat de vaccinontwikkelaars tot dusver een ongeëvenaarde prestatie leveren. De druk om zo snel mogelijk een veilig én effectief vaccin te introduceren, was dan ook nog nooit zo hoog. Maar, wanneer vinden we een vaccin eigenlijk veilig en effectief genoeg, in tijden van een alles verlammende pandemie? En wat is de beste manier om die data zo snel mogelijk te vergaren? Uiterst complexe vraagstukken, waarbij medische, ethische en economische afwegingen niet zelden op gespannen voet staan. Dat spreekt ook uit de berichtgeving in de media. Een greep uit het laatste nieuws.
Waar blijven ze, die vaccins? Ook in vaccinontwikkeling wegen de laatste loodjes het zwaarst. NOS op 3 laat zien hoe het afgelopen jaar, zonder concessies op kwaliteit en veiligheid, ongekende snelheden in het ontwikkelproces van vaccins bereikt zijn. Eenmaal in de laatste onderzoeksfase is het zaak om hard te maken dat de vaccins effectief zijn. In de gevaccineerde groep moet minder ziekte, of minder ernstige ziekte, optreden dan in de groep die een placebo ontving, een nepvaccin. Aangezien we die ziekte tegelijkertijd uit alle macht proberen te voorkomen, kan het een tijd duren voordat een conclusie te trekken valt. Zijn er manieren om het proces te versnellen?
Versnelde goedkeuring Ziekenhuisbaas, arts en wetenschapper Marcel Levi pleit voor versnelde goedkeuring en invoer van de coronavaccins. Hij stelt dat de resultaten uit grote studies dusdanig positief zijn, dat de voordelen van het hebben van een vaccin het beperkte, kleine risico op bijwerkingen, rechtvaardigt. Maar ook als slechts in 1 op de 50 000 gevallen ernstige bijwerkingen optreedt, levert dat op wereldwijde schaal nog steeds 154 000 gevallen op. En in hoeverre weten we eigenlijk al iets over de effectiviteit van de vaccins?
Challenge trials Om tijd te besparen en meer kennis over het virus op te doen, wil het Verenigd Koninkrijk aan de challenge trials. Dat zijn studies waarbij gezonde mensen bewust besmet worden met een lage dosis van het virus. Als het lukt om daarmee tot een menselijk ziektemodel te komen, kunnen we via een gecontroleerde besmetting sneller aantonen of een coronavaccin écht beter beschermt dan placebo. Je voelt op je klompen aan dat een dergelijke onderzoeksopzet de nodige ethische dilemma’s met zich meebrengt.
Hoewel challenge trials niet vrij zijn van risico’s, zijn ze in het onderzoek naar infectieziekten als malaria heel gebruikelijk. Volgens infectieziektenexpert Meta Roestenberg is het goed om ons te beraden op de vraag of Nederland hier ook mee wil starten. Leidend daarbij zijn vragen als: “Wat kunnen we daarvan leren?”, “Kunnen we dat ook op andere manieren leren?”, “Hoeveel sneller zou dit zijn?” en “Vinden we dat al met al het risico waard?”. Microbioloog Rosanne Hertzberger ziet er, bij selectie van de juiste proefpersonen en onderzoekers, wel heil in.
Gezamenlijke zoektocht Vaccinontwikkelaars en registratieautoriteiten zijn eensgezind in hun standpunt dat zij géén concessies doen aan de reguliere hoge standaard van kwaliteit en veiligheid bij registratie. Maar dat is slechts één stap in het proces. Zelfs als er een vaccin komt, is de kans klein dat we op korte termijn voldoende mensen kunnen inenten om de epidemie een halt toe te roepen. Arts en viroloog Jaap Goudsmit tempert de verwachtingen en waarschuwt voor overmatig optimisme. In verband met een inherente schaarste aan een vaccin na goedkeuring is volgens hem de vraag wat we met elk vaccin gaan doen, met welk doel en voor welke groep. Hij roept het kabinet en de overheid op daar duidelijk over te zijn.
De hamvraag in de ontwikkeling en implementatie van een coronavaccin is, welk risico we bereid zijn te nemen. De meningen daarover lopen uiteen, en eigenlijk is er ook geen goed of fout antwoord. Wat in ieder geval onontbeerlijk is, is om in continue dialoog te blijven met alle betrokkenen. Zodat we gezamenlijk, gebruikmakend van ieders kennis, expertise en positie, de best mogelijke weg uit deze pandemie kunnen vinden.
https://www.hollandbio.nl/wp-content/uploads/2023/08/HollandBIO_logo.svg00HollandBIOhttps://www.hollandbio.nl/wp-content/uploads/2023/08/HollandBIO_logo.svgHollandBIO2020-11-03 18:44:482023-09-27 16:31:05Duivelse dilemma’s: kunnen we vlugger aan de vax?← #nieuws
Liever vandaag dan morgen: een DNA-test voor iedere kankerpatiënt, want “kankerpatiënten hebben geen tijd” en “we moeten breder en meer gaan testen om mensen betere kansen te geven en ook te zorgen dat we de zorg betaalbaar houden”. HollandBIO kan het niet beter verwoorden dan Léonie Sazias (Kamerlid 50PLUS) en Emile Voest (medisch directeur NKI-AVL) in het radioprogramma De Nieuws BV en pleit net als hen voor het uitrollen van de rode loper voor deze en andere innovatieve technologieën. Zodat iedere patiënt in Nederland op het juiste moment van de juiste en beste behandeling kan worden voorzien.
Huge collaborative effort led by TU/e researcher Willem Mulder develops nanomaterials to help body’s immune system fight cancer.
Until recently, it was believed that the innate immune system, the body’s first line of defense, lacked the ability to remember pathogens like the adaptive immune system. A ground-breaking study involving researchers from Eindhoven University of Technology, as well as multiple institutes and universities in Europe and the US, introduces a ‘nanobiologic’ immunotherapy that can train the innate immune system and help it to eliminate tumorous cells. The new approach has been successfully demonstrated in a mouse melanoma model.
Immunotherapy has received plenty of attention in cancer therapy in recent years. The treatment involves activating lymphocytes – immune cells produced by the body – to fight tumorous cells.
Our immune system consists of two parts; the innate immune system and the adaptive immune system. The former provides an initial rapid response to an infection and mobilizes the latter through antigens associated with a detected pathogen. Our adaptive immune system can acquire immunological memory against pathogens naturally or via vaccination. As a result, it can produce the necessary immunity response to eliminate previously encountered pathogens.
It was long believed that the innate immune system lacked memory. However, pioneering work by Prof. Mihai Netea (Radboud University Medical Center) has demonstrated that the innate immune system can be “trained”, for example by vaccinating individuals with the BCG vaccine against tuberculosis. He showed that innate immune cells can acquire a primitive memory through metabolic and epigenetic rewiring, which elevates cell responsiveness.
Essentially, production of innate immune cells with a trained immunity phenotype is regulated by progenitor cells in bone marrow, which are the cells that can differentiate into suitably programmed immune cells.
For cancer therapy, therapeutic targeting of trained immunity could be hugely beneficial. The results of an extensive collaborative effort involving a host of institutions from the Netherlands (including Amsterdam UMC and Radboudumc), Europe, and the US – led by Prof. Willem Mulder of TU Eindhoven and the Icahn School of Medicine at Mount Sinai – has been published in the prestigious journal Cell.
“The work involves the development and preclinical evaluation of a novel immunotherapy based on highly biocompatible nanomaterials called nanobiologics. Our study is a significant advancement for both trained immunity and cancer treatment, with real translational potential,” says Mulder.
The researchers created a library and after extensive screening, they identified a nanobiologic lead candidate that effectively induced trained immunity and displayed high bone marrow propensity. Next, the researchers administered the nanobiologic therapeutic intravenously to a mouse melanoma model. The induction of trained immunity response led to myelopoiesis, the production of trained myeloid cells in the bone marrow.
Importantly, the trained myeloid cells changed the tumor microenvironment allowing immune cells to effectively combat the cancerous cells. Findings from the research demonstrate that this approach could be used as a stand-alone anti-cancer therapy or in conjunction with checkpoint inhibitor drugs, a clinical cancer immunotherapy. Importantly, nanobiologic immunotherapy displayed similar characteristics in non-human primates and was found to exhibit a favorable safety profile.
The biotech startup Trained Therapeutix Discovery (TTxD) is working on the further development of the nanobiologic treatment to address some of the most recalcitrant and debilitating diseases including cancer and serious infection. TTxD aims to transition the treatment to Phase I clinical human trials within two to four years.
https://www.hollandbio.nl/wp-content/uploads/2023/08/HollandBIO_logo.svg00HollandBIOhttps://www.hollandbio.nl/wp-content/uploads/2023/08/HollandBIO_logo.svgHollandBIO2020-11-03 18:36:292020-11-03 18:37:10Ground-breaking study on trained immunity to fight cancer← #nieuws
Preventie is een hot topic. Toch komt het lastig van de grond. Het FD licht enkele uitdagingen toe: de businesscase die zich lastig verkoopt, de baten die meestal in een ander potje belanden dan de kosten… Een feest der herkenning voor HollandBIO. Wij willen echt werk maken van preventie, alleen wie wil die handschoen samen met ons oppakken?
Als het aan staatssecretaris Blokhuis en Menzis ligt, wordt preventie minder vrijblijvend. Zo zou de zorgverzekeringswet niet alleen een zorgplicht, maar ook een gezondheidsplicht moeten omvatten. Op dit moment is er nauwelijks tot geen verplichting om te investeren in preventie. Sterker nog, de zorgverzekeringswet verbiedt collectieve preventie zelfs. En als het aan D66-Kamerlid Pia Dijkstra ligt, komt er een preventierapporteur die in de volgende kabinetsperiode succesvolle preventieprogramma’s inventariseert, zodat die in het hele land navolging kunnen krijgen.
Hoewel de focus van zorgverzekeraars nu nog op een beperkt aantal interventies ligt, ziet HollandBIO veel biotech-potentie. Van tools, testen en technologie die mensen in staat stellen om hun gezondheid te monitoren en te verbeteren, naar diagnostiek die de juiste inzet en ontwikkeling van innovatieve behandelingen kan bevorderen, tot de optimale inzet van de sterspelers van de preventiewereld: vaccins. Zullen we samen de route van lab naar praktijk verbeteren?
https://www.hollandbio.nl/wp-content/uploads/2023/08/HollandBIO_logo.svg00HollandBIOhttps://www.hollandbio.nl/wp-content/uploads/2023/08/HollandBIO_logo.svgHollandBIO2020-11-03 18:34:462020-11-03 18:34:47Preventie: van zorg- naar gezondheidsplicht← #nieuws
In Nederland worden sinds 1992 elk jaar de
Galenus Geneesmiddelenprijs en de Galenus Researchprijs uitgereikt. Vanaf 2018,
bij het 25-jarig bestaan van de Galenusprijzen is de naam, naar internationaal
voorbeeld, definitief omgedoopt in respectievelijk Prix Galien, Prix Galien
Pharmaceutical Award en Prix Galien Research Award.
De Pharmaceutical Award wordt toegekend aan het meest innovatieve en/of betekenisvolle middel dat in het voorgaande jaar is geïntroduceerd. De Research Award is bestemd voor een jonge wetenschapper of groep wetenschappers die baanbrekend werk heeft verricht. De prijzen bestaan uit een gouden medaille ontworpen door Albert de Jaeger (1908-1992), winnaar van de eerste Grand Prix de Rome. De Prix Galien Research Award bestaat tevens uit een geldbedrag van € 5.000.
Welk geneesmiddel, welke onderzoeker of welk innovatief
product de prijzen winnen, wordt bepaald door een onafhankelijk vakjury met
allen ruime expertise op de te beoordelen disciplines. De juryleden bestaan uit
wetenschappers uit diverse farmaceutische en medische disciplines en vertegenwoordigers
van (overheids)instellingen.
Kandidaten voor voor de Pix Galien Pharmaceutical en voor de Prix Galien Research Award kunnen hier online worden aangemeld. De deadline voor aanmeldingen is 31 januari 2021. De uiterste inzend datum voor het dossier is 31 maart 2021.
https://www.hollandbio.nl/wp-content/uploads/2023/08/HollandBIO_logo.svg00HollandBIOhttps://www.hollandbio.nl/wp-content/uploads/2023/08/HollandBIO_logo.svgHollandBIO2020-11-03 18:30:122020-11-03 18:30:13Geef je op voor de Prix Galien Awards 2021← #nieuws
Sapreme, a biotechnology company focused on improving the delivery and efficacy of macromolecule therapeutics, announced the appointment of Miriam Bujny, Ph.D., as Chief Development Officer. With over ten years of experience in drug discovery, translational science and early stage clinical development, Dr. Bujny will apply her expertise in RNA and antibody therapeutic development to further advance Sapreme’s proprietary endosomal escape platform through preclinical development. Dr. Bujny will be based at Sapreme’s headquarters in Utrecht, The Netherlands, and will report to the CEO.
“Throughout my career, I have seen the limitations of developing promising therapeutic candidates due to the lack of delivery into key cells,”commentedDr. Bujny, Chief Development Officer of Sapreme. “Sapreme is developing a promising platform, that has the ability to improve the delivery and thereby the efficacy for a broad range of macromolecules such as antibody-conjugated toxins and antisense oligonucleotides. I look forward to applying my experience and knowledge toward Sapreme’s mission of developing next-generation macromolecule therapeutics.”
Commenting on the appointment, Guy Hermans, Chief Executive Officer of Sapremesaid, “After recently announcing positive preclinical data on our proprietary endosomal escape platform, we are now concentrated on building out our team to accelerate the development of our compounds and identifying the full potential of our platform in the different therapeutic areas. Miriam’s experience in drug discovery and development as well as her demonstrated ability to strategically and operationally lead projects toward the next stage of development will be a valuable asset to us. We welcome Miriam to the team and look forward to working with her.”
Over the last ten years, Dr. Bujny has held leadership positions in various drug discovery and clinical development roles. Prior to joining Sapreme, Miriam worked at ProQR Therapeutics, a Dutch biotech company developing RNA therapies for severe genetic disorders, as Senior Director R&D. During her time at ProQR, she led the early development activities for a novel RNA therapy for Fuchs’ endothelial corneal dystrophy, a common inherited eye disease, from lead candidate optimization toward clinical development preparations. She also headed the Translational Science department and oversaw biomarker and assay development activities across a variety of RNA therapy programs for rare diseases. From 2012 to 2016, she worked in various roles for Janssen, part of the Pharmaceutical Companies of Johnson & Johnson, where she established and headed the predictive biomarker department at the Janssen Prevention Center. Before that, she worked on anti-viral antibody therapy development and contributed to early clinical development as preclinical in vitro lead. Prior to this, Miriam worked at Crucell, before its acquisition by Johnson & Johnson, in the Innovation & Discovery Labs on antibody discovery and engineering.
Dr. Bujny holds a Ph.D. in biochemistry from the University of Bristol with a specialization in endosomal transport. She completed postdoctoral training in the lab of Dr. Xiaowei Zhuang at Harvard University, specializing in developing imaging methods in order to apply them to biomedical questions.
Oud-RIVM-topman Ben van Zeijst draaide er in Nieuwsuur niet omheen: willen we in januari kunnen starten met vaccineren tegen corona, dan is een groot vaccinatieplan onmisbaar. Het is zaak ons nú al voor te bereiden.
Bij de invoer van coronavaccins zijn legio experts betrokken, die allemaal een stukje bijdragen aan de puzzel. Diverse partijen zitten al volop in deze voorbereidingen. CBG-directeur Ton de Boer lichtte vorige week vrijdag in Nieuwsuur uit hoe het CBG over de goedkeuring van vaccins gaat besluiten. Bij ontwikkelaars draait de productie in afwachting van dit resultaat alvast overuren. Daarnaast wachten we in spanning het advies van de Gezondheidsraad af, dat zich buigt over de hamvraag “wie eerst?”. En Agnes Kant, directeur van het bijwerkingencentrum Lareb, gaf op haar beurt eerder deze week bij Nieuwsuur aan hoe zij haar meldsysteem en mankracht opplust.
Hoewel we weten welke partijen stukjes aan moeten leveren, voelt het voor HollandBIO nog altijd of we bezig zijn met een enorme Wasgij-puzzel: een puzzel waarbij het eindresultaat op de doos ontbreekt. De eerder door VWS aangeboden routekaartbiedt contouren, maar heeft niet de voor fabrikanten benodigde resolutie. Want onduidelijk blijft wie wanneer welke informatie moet hebben voor een soepele invoer, op het vlak van zowel de beoordeling, als de communicatie en de logistiek. Zullen we gauw samen met alle betrokken experts het resultaat van deze puzzel uittekenen?
Bekijk hierde Nieuwsuur-aflevering met Ben van Zeijst en Ton de Boer (vanaf 13.39), of lees hierhet bijbehorende Nieuwsuur artikel.
Lees en bekijk hierhet Nieuwsuur-fragment met Agnes Kant.
UMC Utrecht-onderzoekers zijn erin geslaagd om in mini-organen in het laboratorium fouten in genen te repareren. Ze hebben dit gedaan met prime editing: een nieuwe CRISPR-Cas9 techniek waarmee je veilig en accuraat DNA in het genoom van cellen kunt aanpassen. “Dit biedt perspectief om in de toekomst vele aandoeningen die door genetische afwijkingen worden veroorzaakt te genezen”, zegt hoofdonderzoeker Sabine Fuchs.
De onderzoekers gebruikten onder meer leverorganoïden (mini-levers) van een patiënt met de ziekte van Wilson. Doordat deze patiënten koper niet goed kunnen verwerken, stapelt koper op in de lever en wordt het giftig. Ook in het lab sterven mini-levers van zulke patiënten bij blootstelling aan koper. Na genetische reparatie met prime editing bleven de organoïden van patiënten leven en groeien, zelfs in aanwezigheid van koper. Hetzelfde deden ze met darmorganoïden van patiënten met DGAT1, een ziekte waarbij vetten niet goed worden verwerkt en giftig worden. Dankzij genetische correctie konden darmorganoïden van patiënten wel overleven na blootstelling aan vet.
Zeven jaar geleden werd de CRISPR-Cas9 technologie voor het eerst toegepast om genen te knippen en plakken. Hierbij knip je een fout stukje DNA weg en bied je een nieuw, goed, stukje aan dat hopelijk in het DNA wordt ingebouwd. Dit blijkt in de praktijk niet altijd goed te gaan: het is erg foutgevoelig en inefficiënt. Sindsdien werken onderzoekers wereldwijd aan verfijndere methoden. Eén daarvan is base editing. Hiermee worden heel gericht gen-aanpassingen gemaakt. Het nadeel is dat base editing lang niet alle genetische foutjes kan corrigeren.
Prime editing is een nieuwe methode waarmee je in theorie vrijwel alle gendefecten kunt repareren. Sabine legt uit hoe het in grote lijnen werkt. “Bij prime editing wordt DNA niet doormidden geknipt, zoals met de schaar van CRISPR-Cas9, maar wordt een kleine incisie gemaakt in één van beide DNA-strengen. Op die plek wordt een nieuw stukje DNA geschreven door het prime-edit eiwit. Dit nieuwe DNA kan je zelf ontwerpen om zo vrijwel alle mogelijke patiëntmutaties te repareren. Dit nieuwe, gezonde stukje DNA kan vervolgens het foute stukje DNA vervangen, waardoor cellen weer correcte eiwitten kunnen produceren. Omdat het genetische materiaal gecorrigeerd is, zullen ook alle cellen die ontstaan na celdeling gecorrigeerd zijn. Het is dus een blijvende behandeling”
Met deze recent aan Harvard ontwikkelde techniek wordt nu wereldwijd veel geëxperimenteerd. In cellijnen in het laboratorium was het al gelukt precieze genetische aanpassingen te maken. “Nu zijn we er voor de eerste keer in geslaagd dit ook in organoïden direct afkomstig van cellen van patiënten te doen.” Organoïden zijn levende mini-organen, die in een schaaltje in het laboratorium gemaakt zijn van weefsel van een patiënt, en zo de genetische eigenschappen van deze patiënt dragen. “In deze organoïden zagen we dat we veel verschillende genetische veranderingen konden aanbrengen, veel meer dan mogelijk met bijvoorbeeld base editing. Ook vonden we geen nadelige genetische neveneffecten.”
De resultaten van dit onderzoek zijn een belangrijke stap in de richting van de behandeling van duizenden – tot nu toe onbehandelbare – aandoeningen die door een gendefect worden veroorzaakt. “Nu we weten dat de methode werkt zouden we cellen van zo’n patiënt in het lab kunnen repareren en ze vervolgens teruggeven. Een andere mogelijkheid is om genetische defecten te repareren in het lichaam van patiënten zelf. Natuurlijk is dit toekomstmuziek, maar wij werken hieraan om de vele onbehandelbare aandoeningen te kunnen verhelpen.”
Zo behandelt Sabine een jongetje met PFIC, een ernstige leveraandoening waarbij door een genetische afwijking galzouten niet goed kunnen worden afgevoerd. Omdat er geen goede behandeling is, ontwikkelde hij leverfalen en heeft hij een levertransplantatie ondergaan. Van zijn levercellen zijn in het laboratorium lever-organoïden gemaakt waarin de onderzoekers Imre en Indi nu met prime editing het gendefect proberen te repareren. Het jongetje zelf heeft hier helaas niets aan; hij heeft al een nieuwe lever gekregen. Maar voor zijn kleine zusje – met dezelfde aangeboren afwijking – kan dit misschien wel tot een behandeling leiden.
Sabine: “De volgende stap is om het gereedschap voor gencorrectie in een muismodel voor PFIC te testen. Als dan blijkt dat we op een veilige manier het genetische foutje in de muis veilig en effectief kunnen corrigeren, kunnen we denken aan behandeling van het zusje op een vergelijkbare manier. In dat geval zouden we het genetische gereedschap in vetbolletjes via het bloed naar de lever sturen om daar de eigen levercellen te repareren. Het zal nog jaren duren om aan te tonen dat dit werkt en dat er geen bijwerkingen zijn. Maar we werken hard om op tijd te zijn voor het zusje!” Logischerwijs is Sabine heel gelukkig met dit resultaat. “Ik werk al jaren met kinderen met ernstige stofwisselingsziekten. We weten tegenwoordig vaak precies wat er genetisch mankeert en wat het verloop is van zo’n, meestal ernstige, ziekte. Daarom is het zo frustrerend dat we veel van deze kinderen nog steeds niet goed kunnen behandelen. Met de resultaten van dit onderzoek lijken we nieuwe behandelmogelijkheden te kunnen ontwikkelen.”
Pharming Group N.V. (“Pharming” of “de “Onderneming”) (Euronext Amsterdam: PHARM), een gespecialiseerde farmaceutische onderneming die innovatieve producten ontwikkelt voor de veilige, effectieve behandeling van zeldzame aandoeningen en onvervulde medischebehoeften, maakt bekend dat de Europese Commissie (EC) de weesgeneesmiddelenstatus heeft verleend aan leniolisib voor de behandeling van geactiveerd fosfoïnositide 3-kinase deltasyndroom (APDS). Dit op basis van een positief advies van het comité voor weesgeneesmiddelen van het Europees Geneesmiddelenbureau (EMA). Aan leniolisib werd al in januari 2018 door de Amerikaanse Food and Drug Administration (FDA) de weesgeneesmiddelenstatus toegekend voor “de behandeling van geactiveerd PI3Kδ-syndroom (APDS) of p110δ-activerende mutatie, die verouderende T-cellen, lymfadenopathie en immuundeficiëntie (PASLI)” veroorzaakt.
De weesgeneesmiddelenstatus van de Europese Commissie biedt bepaalde regulatoire, procedurele en financiële voordelen, zoals marktexclusiviteit in de EU gedurende tien jaar na goedkeuring. Om hiervoor in aanmerking te komen moet een geneesmiddel gericht zijn op de behandeling van een levensbedreigende of chronisch invaliderende aandoening die minder dan vijf op de 10.000 mensen in de EU treft, en waarbij de behandeling een aanzienlijk voordeel oplevert voor diegenen die deze aandoening treft, dan wel er geen passende behandeling beschikbaar is.
Sijmen de Vries, Chief Executive Officer van Pharming, zegt: “We zijn zeer verheugd over de verkrijging van de weesgeneesmiddelenstatus voor leniolisib van de Europese Commissie. Dit is een belangrijke mijlpaal in de ontwikkeling van dit medicijn voor de behandeling van APDS, een uiterst zeldzame en slopende ziekte. Omdat er momenteel geengoedgekeurde behandeling voorhanden is, kan leniolisib in potentie voorzien in een aanzienlijke onvervulde medische behoefte voor patiënten met APDS. Met leniolisib wordt op dit moment een klinische fase II/III registratiestudie gedaan. Het medicijn ligt nog steeds op schema om, na goedkeuring door de regelgevende instanties, in de tweede helft van 2022 op de markt te worden geïntroduceerd.”
Geactiveerd fosfoïnositide 3-kinase-delta (PI3Kδ) syndroom (APDS) wordt veroorzaakt door mutaties in het gen PIK3CD (Type 1 APDS) of PIK3R1 (Type 2 APDS) die PI3Kδ activeren. Synoniemen voor Type 1 en Type 2 APDS zijn respectievelijk PASLI-CD en PASLI-R1. PASLI is het acroniem voor p110δ-activerende mutatie die verouderende T-cellen, lymfadenopathie en immunodeficiëntie veroorzaakt.
APDS wordt gedefinieerd als een ultrazeldzame, genetische, primaire immuundeficiëntieziekte die wordt gekenmerkt door een verhoogde gevoeligheid voor terugkerende en/of ernstige bacteriële en virale infecties, chronische goedaardige lymfo-proliferatie en/of auto-immuunziekte. De incidentie van APDS over de hele wereld wordt momenteel geschat op 1-2 per miljoen. De diagnose APDS wordt gesteld door de genen PIK3CD en/of PIK3R1 te sequensen bij patiënten met een compatibel fenotype, d.w.z. immunodeficiëntie en lymf proliferatie van onbekende oorsprong.
Vanaf hun kindertijd ontwikkelen mensen met APDS terugkerende infecties, vooral in de longen, sinussen en oren. Na verloop van tijd kunnen terugkerende luchtweginfecties leiden tot een aandoening die bronchiëctasie wordt genoemd, die de doorgangen van de luchtpijp naar de longen (bronchiën) beschadigt en ademhalingsproblemen kan veroorzaken. Mensen met APDS kunnen ook chronische actieve virale infecties hebben, vaak Epstein-Barr-virus- of cytomegalovirus-infecties. Patiënten ontwikkelen ook vaak lymfomen en andere vormen van kanker.
Een ander mogelijk kenmerk van APDS is abnormale samenklontering van witte bloedcellen. Deze klonters kunnen leiden tot vergrote lymfeklieren (lymfadenopathie), of de witte bloedcellen kunnen zich opstapelen om vaste massa’s te vormen (nodulaire lymfoïde hyperplasie), meestal in de vochtige wanden van de luchtwegen of darmen. Hoewel lymfadenopathie en nodulaire lymfoïde hyperplasie goedaardig zijn, verhoogt APDS het risico op het ontwikkelen van een vorm van kanker die B-cellymfoom wordt genoemd.
Leniolisib is een klein-molecuul fosfoïnositide3-kinase delta (PI3Kẟ)-remmer met een immunomodulerende en mogelijk antineoplastische werking. Leniolisib remt de productie van fosfatidylinositol-3-4-5-trisfosfaat (PIP3). PIP3 dient als een belangrijke cellulaire boodschapper die specifiek Akt activeert (via PDK1) en reguleert een groot aantal celfuncties zoals proliferatie, differentiatie, cytokineproductie, celoverleving, angiogenese en metabolisme. In tegenstelling tot PI3Kα en PI3Kβ die alomtegenwoordig tot expressie worden gebracht, worden PI3Kẟen PI3Kγ voornamelijk tot expressie gebracht in cellen die van hematopoëtische oorsprong zijn. De centrale rol van PI3Kẟ bij het reguleren van talrijke functies van cellen van het adaptieve immuunsysteem (B-cellen en in mindere mate T-cellen) en het aangeboren immuunsysteem (neutrofielen, mestcellen en macrofagen) geeft sterk aan dat PI3Kẟ een geldig en potentieel effectief therapeutisch doelwit is voor APDS.
Leniolisib werd in 2019 in-gelicentieerd van Novartis. Hiermee vindt momenteel een klinische fase II/III-registratiestudie plaats, waarvoor patiënten worden gerekruteerd in klinische centra in de VS en Europa. Tot op heden is aangetoond dat leniolisib veilig is en goed wordt verdragen door zowel gezonde proefpersonen als APDS-patiënten tijdens de eerste klinische studie en in het lopende open-label verlengingsonderzoek.
https://www.hollandbio.nl/wp-content/uploads/2023/08/HollandBIO_logo.svg00HollandBIOhttps://www.hollandbio.nl/wp-content/uploads/2023/08/HollandBIO_logo.svgHollandBIO2020-10-27 19:12:162020-10-27 19:12:17Pharming ontvangt van Europese Commissie weesgeneesmiddelenstatus voor leniolisib