← #nieuws

Data is het nieuwe goud

, ,

Terugkijktip! Een mooie aflevering van Op1, waar Diederik Gommers de show stal met zijn complimenten aan farma en wetenschappers, zijn nuchtere opmerking over de logistieke uitdaging rondom de aanstaande coronavaccinatie én zelf een wereldprimeur met een gouden randje kwam brengen.

Het begon al mooi, Ton de Boer (CBG-MEB), Agnes Kant (Lareb) en Paul Korte (Janssen) gingen bij Op1 in gesprek over de Nederlandse vaccinatiestrategie. Conclusie: de eerste twee met bloedspoed ontwikkelde coronavaccins worden nu beoordeeld voor markttoelating. Daarmee schijnt er licht aan het eind van de tunnel en kunnen we het op de implementatie écht niet af laten weten, vond ook Diederik. Daar is HollandBIO het helemaal mee eens.

Daarnaast bracht Diederik samen met Paul Elbers (AMC) een prachtige wereldprimeur : de aankondiging dat Nederlandse IC’s op grote schaal data gaan delen om daarmee patiëntenzorg te verbeteren. Zorg op maat komt een stap dichterbij. Met dit initiatief laten Nederlandse intensivisten blijken heil te zien in data, en precies dat lampje is bij ons ook gaan branden: data is het nieuwe goud! 

Door technologische innovaties zijn we in staat om in steeds hogere resolutie meer en betere data te vergaren over gezondheid en ziekte, én om die data te benutten om te bepalen wat de juiste zorginterventie is: niets doen, blijven monitoren, het inzetten van een preventieve interventie of de start van een zo gericht mogelijke behandeling. Het effect van de zorginterventie kan vervolgens weer gemonitord worden. Waar goede behandelingen ontbreken, kan data helpen om nieuwe behandelingen sneller en beter te ontwikkelen.

Bedrijven en organisaties uit de HollandBIO-achterban bulken van de ambitie en potentie om te zorgen dat iedere patiënt de juiste zorg op het juiste moment krijgt. Daarvoor ontwikkelen en gebruiken ze een veelheid aan innovatieve technologieën. Denk aan (whole genome) sequencing, 3D-celkweek, organoïden, organs-on-a-chip, single cell sequencing, imaging en artificial intelligence. Maar de route van lab naar praktijk is niet zonder hordes. HollandBIO bracht de kansen en uitdagingen van slimmer meten in kaart en vatte ze samen in een handige praatplaat. Je vindt deze hier.

“Het delen van IC-data, het klinkt zo logisch, waarom niet eerder?” vroeg Op1-presentator Charles Groenhuijsen terecht. Onder andere omdat we in de geneeskunde best conservatief zijn en systemen slecht op elkaar aansluiten, aldus Gommers. Opnieuw raak. Technologische innovaties alleen zijn niet genoeg, we moeten ze ook kunnen, mogen én willen gebruiken. Werk aan de winkel dus!

Bronnen:

https://www.npostart.nl/diederik-gommers-en-paul-elbers-hebben-een-wereldprimeur-nederlandse-ics-gaan-op-grote-schaal-samenwerken/02-12-2020/POMS_BV_16366726

https://www.nrc.nl/nieuws/2020/12/02/ics-gaan-data-met-elkaar-delen-a4022408

← #nieuws

HALIX Signs Agreement With AstraZeneca For Commercial Manufacture Of COVID-19 Vaccine

HALIX B.V. signed an agreement with AstraZeneca AB for large-scale commercial drug substance manufacture of AZD1222, the adenovirus vector-based COVID-19 vaccine.

Under the agreement, HALIX will provide commercial manufacturing of drug substance at its state-of-the-art cGMP facility at the Leiden Bio Science Park in the Netherlands. To meet the increased demand, HALIX expands with two additional viral vector production lines.

With this agreement, HALIX continues its key role as one of the original partners in the University of Oxford’s consortium for the manufacture of AZD1222. The vaccine was co-invented by the University of Oxford and its spin-out company Vaccitech.

Alex Huybens, Chief Operations Officer, states, “Building on the solid foundations made with the University of Oxford, it’s our pleasure to expand our manufacturing support of AZD1222 with AstraZeneca. Through the consortium, the partners are bringing their collective expertise and manufacturing capabilities to support vaccine production and combat this evolving crisis.”

HALIX has an established technical and quality track record for the development and GMP manufacture of viral vectors used in immuno-oncology and to vaccinate against infectious diseases, such as HIV, ZIKA, Chikungunya and the Influenza. The 6,700 m2 BSL2 GMP facility, recently approved by the Dutch authorities and located on the Leiden Bio Science Park in the Netherlands, provides both clinical and commercial scale manufacturing capabilities in fully independent, self-contained Grade B and C cleanrooms for virus products.

Source: HALIX (Press release)

← #nieuws

Zorginstituut vraagt input voor Horizonscan geneesmiddelen

,

Vandaag publiceerde het Zorginstituut (ZIN) de nieuwste Horizonscan Geneesmiddelen. Daarnaast start het ZIN vandaag met de voorbereiding van de volgende, halfjaarlijkse update. Het is voor het eerst dat deze uitvraag via een speciaal door ZIN ingericht portaal voor geneesmiddelontwikkelaars verloopt. Organisaties ontvangen van ZIN de accountgegevens waarmee ze informatie kunnen uploaden.

Met deze scan brengt ZIN patiënten, behandelaars, ziekenhuizen, zorgverzekeraars en overheidsorganen vroegtijdig op de hoogte van ontwikkelingen op het gebied van geneesmiddelen. Verwacht je de aankomende twee jaar geneesmiddelen op de markt te brengen? Of uitbreidingen van bestaande indicaties? Dan zoekt het ZIN jouw bijdrage voor de volgende scan.

Met de nieuwe uitvraag verzamelt ZIN gegevens voor de scan die in juni 2021 live gaat. De deadline voor het aanleveren van input is 17 januari 2021. Producten verschijnen overigens sowieso op de scan, ongeacht of de fabrikant informatie aanlevert. Het Zorginstituut gebruikt hiervoor informatie van “(Horizon)scanners” en werkgroepen van experts. Door zelf informatie aan te leveren, draag je als bedrijf bij aan de volledigheid en accuraatheid van de scan. HollandBIO juicht deze mogelijkheid dan ook toe.

Meer weten of bijdragen?
ZIN licht de uitvraag en werkwijze op zijn eigen website verder toe. Voor vragen of nadere toelichting neem je contact op met het Zorginstituut via horizonscan@zinl.nl. Natuurlijk zijn we bij HollandBIO ook erg benieuwd naar jullie ervaringen met het aangepaste proces en suggesties voor verbeteringen. Leuk als je deze wilt delen met HollandBIO’s Britt.

← #nieuws

Europese Commissie publiceert Pharmaceutical Strategy

,

In het persbericht bij de recent gepubliceerde Europese Pharmaceutical Strategy, steekt de Europese Commissie de loftrompet op de bijdrage van biotech aan gezondheid: of het nu om behandelingen tegen chronische ziektes als diabetes en hepatitis C gaat, vaccins tegen HPV of Ebola, gepersonaliseerde behandelingen tegen kanker en de opkomst van cel- en gentherapieën. Tegelijkertijd wil de Europese Commissie er ook voor zorgen dat nieuwe innovaties blijven komen en ook beschikbaar en betaalbaar zijn in heel Europa. De Pharmaceutical Strategy probeert hier een mouw aan te passen.

Zo is in de strategie onder andere aandacht voor de ontwikkeling van en de toegang tot nieuwe geneesmiddelen voor indicaties waar nu nog geen behandeling voorhanden is of waar de ontwikkeling stokt, zoals bij antibiotica. Verder wil de Europese Commissie breder inzetten op digitale infrastructuren, uitwisseling van data en de inzet van andere technologieën en innovatieve toepassingen die bijdragen aan snellere en betere geneesmiddelenontwikkeling. Ook is er aandacht voor het competitiever maken van Europese ontwikkelaars, bijvoorbeeld door de inzet op meer financieringsmogelijkheden en regulatoire flexibiliteit. Tenslotte wil de Europese onderzoek ook meer geld voor onderzoek naar zeldzame ziekten, waar nu nog ruimte voor verbetering is, en samenwerking tussen alle betrokken partijen stimuleren. HollandBIO is blij om deze punten, die goed aansluiten bij onze inbreng bij de consultatie eerder dit jaar, terug te zien in de strategie. Onze inbreng is samen met alle ingestuurde reacties terug te vinden op de website van de Europese Commissie.

Het persbericht rond de publicatie lees je hier, de hele Pharmaceutical Strategy is hier te lezen.

← #nieuws

Samenwerken aan passende zorg: ja, graag – op naar de revolutie!

Gepast gebruik én een passende organisatie van de zorg – samen gepaste zorg – zijn hard nodig voor het behoud van betaalbare, kwalitatief hoogstaande en toegankelijke zorg in Nederland. De Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) en het Zorginstituut (ZIN) presenteren daarom deze week een advies en actieplan in één. Goed voor een efficiëntieslag binnen het bestaande systeem, maar wat HollandBIO betreft draaien we nog teveel om de hete brij heen: passende zorg vraagt geen evolutie, maar revolutie!

Ook HollandBIO ziet al jaren verspilling in de zorg, doordat patiënten niet altijd (gelijk) de juiste behandeling ontvangen. Wat zijn we daarom blij met de aanbeveling van de NZa en ZIN dat de gezondheid en het functioneren van het individu het nieuwe uitgangspunt moet worden. Alleen botst dit pontificaal met onze huidige manier van evidence based denken, waarbij we alleen behandelingen toelaten die gemiddeld genomen in een gestandaardiseerde groep effect laten zien. Hoe gaan we deze patstelling oplossen?

Om verspilling tegen te gaan, gaat ZIN onder meer bewezen niet-effectieve zorg uit het basispakket halen. HollandBIO vraagt zich af hoe dit in de praktijk uitpakt. Want wat gaat ZIN doen als een middel in de ene patiënt niks doet, maar bij een ander wel aanslaat? Blijven we varen op de evidence based aanpak op groepsniveau, of komt er – in lijn met de bovengenoemde ambitie – ruimte voor een meer gepersonaliseerde afweging?

In plaats van de evolutie in het tegengaan van verspilling en het meer op het individu inzetten en vergoeden van behandelingen, heeft HollandBIO meer vertrouwen in de bio(tech)revolutie, zoals eerder beschreven door McKinsey. De aankomende jaren zullen we dankzij technieken als Whole Genome Sequencing steeds beter kunnen voorspellen waarom de ene persoon ziek wordt, en de ander niet. Waarom een bepaald geneesmiddel in de ene persoon wel werkt en in de ander niet. Data is de sleutel tot succes, en het hebben van brede registers op patiëntniveau een randvoorwaarde. Daarom zou Nederland partijen die bijdragen aan het inzamelen, vastleggen en analyseren van deze data met een rode loper moeten onthalen. Juist deze spannende innovaties laat het rapport buiten beschouwing – en dus staat HollandBIO te trappelen om dit perspectief alsnog ter tafel te brengen!

Lees hier het advies en actieplan van NZa en ZIN: https://www.nza.nl/actueel/nieuws/2020/11/30/zorginstituut-en-nza-schetsen-in-advies-randvoorwaarden-passende-zorg

← #nieuws

Start corona-vaccinatie mogelijk begin januari

Als alles meezit, worden begin januari in Nederland de eerste mensen ingeënt tegen het coronavirus. In een reactie op de vandaag door het Europees Medicijn Agentschap (EMA) gepubliceerde planning, meldt minister Hugo de Jonge (VWS) dat in de logistieke operatie alles erop is gericht om in de week van 4 januari 2021 te starten met vaccineren. RIVM, GGD, huisartsen en artsen van verpleeghuizen en instellingen werken daarbij nauw samen.

“Het vaccin is nu binnen handbereik en daarmee staan we aan de vooravond van een nieuwe fase in deze crisis. Een fase van hoop en nieuw perspectief. Het is nu aan EMA om zorgvuldig zijn werk te doen. Wij zorgen ervoor dat we er klaar voor zijn zodra er groen licht komt. Mogelijk is dat dus al begin januari. Maar hier geldt ook een waarschuwing: dit is echt het meest gunstige scenario. EMA en de Europese Commissie zijn eerst aan zet. En veiligheid gaat voor snelheid”, aldus minister De Jonge.

Het Europees Medicijn Agentschap maakte eerder vandaag bekend dat de vaccinontwikkelaars BioNTech/Pfizer en Moderna officieel een aanvraag tot markttoelating hebben gedaan. Dat betekent dat de testfase van deze vaccins is afgerond. EMA gaat de vaccins nu in nauwe afstemming met het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen (CBG) beoordelen op onder andere veiligheid, kwaliteit en effectiviteit. Als dit proces voorspoedig verloopt, verwacht EMA uiterlijk 29 december met een oordeel te komen over het vaccin van BioNTech/Pfizer. Bij een positief oordeel zou de Europese Commissie kort daarna, mogelijk nog voor de jaarwisseling, kunnen besluiten over toelating van dit vaccin tot de Europese markt. Met de uitvoerende partijen wordt overlegd op welke wijze er bij dit scenario in de week daarop (de week van 4 januari) kan worden gestart met het toedienen van het BioNTech/Pfizer-vaccin.

Het kabinet heeft in de Vaccinatiestrategie al aangegeven het advies van de Gezondheidsraad over te nemen. Dat betekent dat ouderen, kwetsbare mensen en zorgmedewerkers als eerste worden gevaccineerd. Of het vaccin van BioNTech/Pfizer geschikt is voor deze doelgroep moet blijken uit de EMA-beoordeling. Mocht dit niet het geval zijn, dan komen andere groepen in beeld. De vaccinatiestrategie is daarom wendbaar: samen met het RIVM en de andere uitvoerende partijen worden meerdere scenario’s uitgewerkt. Eén van de uitgangspunten daarbij is dat er zo min mogelijk verspilling van de schaarse vaccins mag optreden.

Naar verwachting kan BioNTech/Pfizer vooruitlopend op het besluit over markttoelating in de loop van december al ongeveer een miljoen doses van zijn vaccin aan Nederland leveren. Daarmee kunnen circa 450.000 mensen worden gevaccineerd. De vroege levering betekent ook dat er – bij een positief oordeel van EMA – kort na het officiële besluit van de Europese Commissie gestart kan worden met vaccineren. Vervolgens kan BioNTech/Pfizer volgens de meest recente informatie in het eerste kwartaal van 2021 nog eens ruim 1,6 miljoen doses van zijn vaccin leveren.

De besluitvorming over het vaccin van Moderna wordt medio januari verwacht, meldt EMA. Moderna denkt daarbij – bij een postief oordeel van EMA – in het eerste kwartaal van 2021 ongeveer 400.000 doses aan Nederland te kunnen leveren. De verwachting is dat in het tweede en derde kwartaal grotere hoeveelheden, van meerdere vaccinontwikkelaars (afhankelijk van goedkeuring door EMA), naar Nederland komen. Momenteel is het echter nog niet mogelijk om daar concrete getallen aan te verbinden.

Nederland en de EU hebben bij de aankoop van vaccins bewust breed ingezet. Er liggen inmiddels contracten met zes verschillende vaccinontwikkelaars: BioNTech/Pfizer, Moderna, Janssen, AstraZeneca, Curevac en Sanofi. Als al deze vaccins worden toegelaten tot de Europese markt, krijgt Nederland de beschikking over ruim 50 miljoen doses. Omdat bij de meeste vaccins twee inentingen per persoon nodig zijn, is dat genoeg voor ruim 29 miljoen mensen. Daarnaast is er in de meeste contracten ruimte voor aanvullende leveringen en er worden ook nog gesprekken gevoerd met andere vaccinontwikkelaars. Voor de inkoop van de vaccins is 700 miljoen euro gereserveerd.

Bron: Rijksoverheid (Persbericht)

← #nieuws

European Commission approves MenQuadfi®, the latest innovation in meningococcal (MenACWY) vaccination for individuals 12 months of age and older

The European Commission (EC) has approved MenQuadfi® for active immunization of individuals from the age of 12 months and older against invasive meningococcal disease caused by Neisseria meningitidis serogroups A, C, W and Y.9

“Meningococcal meningitis can take one’s life in as little as one day and leave survivors with severe permanent disabilities.10,11 In Europe, there were more than 3,000 cases of Invasive Meningococcal Disease in 2018, half of them caused by serogroups C, W and Y,”8 says Thomas Triomphe, Head of Sanofi Pasteur. “One case is one too many. It is our ambition to make this vaccine available worldwide to further expand protection to as many people as possible. The European Commission’s approval of MenQuadfi takes us one step closer to achieving this goal.”

The European Commission’s decision is based upon results from a robust and comprehensive international clinical program, including seven pivotal Phase 2 and 3 randomized, active-controlled, multi-center studies. The immunogenicity and safety of MenQuadfi were evaluated in over 6,300 healthy individuals aged 12 months and older, who received a single dose of MenQuadfi.1,2,3,4,5,6,7

MenQuadfi was compared with other licensed combination vaccines across all age groups. It demonstrated a good safety profile and induced a high immune response against all four serogroups (A, C, W and Y) consistently across all studies.1,2,3,4,5,6,7

“The introduction of a new vaccine against four of the major serogroups of meningococcal disease is very welcome news. The disease is unpredictable and remains the biggest cause of sepsis and septic shock in children across Europe today,12” says Professor Federico Martinón-Torres, Pediatrician and Clinical Researcher, Head of Pediatrics and Vaccine Research Unit at Hospital Clínico Universitario de Santiago in Spain. “Meningococcal disease is vaccine-preventable but, in spite of its threat, there is currently no common immunization schedule for it in Europe. The approval of MenQuadfi in Europe will contribute to our efforts to protect against, and help defeat, this truly devastating disease.”

In order to better address the global need for meningococcal disease prevention over the life course, Phase 3 studies are ongoing to investigate the vaccine in infants from 6 weeks of age.13,14,15,16,17,18

Invasive meningococcal disease (IMD) epidemiology is highly unpredictable and varies widely across geographies and over time. In Europe, with the increase in incidence of IMD caused by hypervirulent serogroup W, several countries have introduced MenACWY conjugate vaccination into their routine vaccination schedules. However, considerable variation remains between European countries, leaving room for outbreaks in unprotected and vulnerable populations.19

In 2018, 3,233 individuals contracted invasive meningococcal disease in Europe, and approximately 1 in 10 did not survive. Of the total number of cases, 2,911 were reported to be serogroups B, C, W or Y, of which almost half (47%) were serogroup C, W or Y.8 Rates were highest in infants, followed by children under 5 years, with a second peak in those aged 15–24 years.8

Source: Sanofi (Press release)

← #nieuws

Op naar de arm (deel II): kabinet publiceert Nederlandse COVID-vaccinatiestrategie

, , ,

Langzaam maar zeker wordt hopen vertrouwen: na de jaarwisseling hebben we misschien wel de beschikking over de eerste coronavaccins. Hoera! Die vaccins moeten vervolgens zo snel mogelijk de juiste arm in. Dat is geen sinecure, dat vergt een nationaal vaccinatieplan, zo merkten we vorige week al op. We waren dan ook blij verrast toen minister De Jonge vrijdagmiddag de Nederlandse COVID-vaccinatiestrategie de ether in slingerde. We legden het plan langs de meetlat: is dit het felbegeerde integrale plan om de giga vaccinatie-uitdaging in goede banen te leiden? Spoiler alert: HollandBIO is er nog niet helemaal gerust op.

In zijn COVID-vaccinatiestrategie pleit het kabinet voor een wendbare Nederlandse aanpak en strategie. Er zijn, in samenwerking met verschillende partijen, meerdere scenario’s in voorbereiding. Check tot zover. Het kabinet wil waar mogelijk gebruik maken van bestaande structuren, én via kleinschalige distributie prioritaire groepen voorzien van een vaccin. Dat klinkt in eerste instantie handig en veilig. Maar is het wel realistisch? Een pandemie en bestaande structuren staan op gespannen voet, leerden we van het contactonderzoek, het inkoop-, en het testbeleid. Maar corona en kleinschalig, dat is helemaal een contradictio in terminis.

Reken maar even met ons mee. De door de Gezondheidsraad aangewezen prioritaire doelgroep bestaat in totaal uit maar liefst 6,5 miljoen mensen, die, afhankelijk van welke vaccins als eerste beschikbaar zijn, waarschijnlijk tweemaal een prik moeten krijgen. Dat maakt 13 miljoen vaccinaties.Ter vergelijking, in 2019 ontvingen zo’n 3,1 miljoen mensen uit diezelfde doelgroep de griepvaccinatie. Dat is één prik, met één vaccin, en ook dat is elk jaar weer een fikse opgave. Het getal 13 miljoen zou dus al voldoende moeten zijn om deze deelvaccinatiecampagne als grootschalig te bestempelen. Tel daar een paar pandemie-eigen complicerende factoren bij op. Het moet namelijk wel een beetje snel, want we willen liever vandaag dan morgen terug naar normaal of op z’n minst normaler. Met het oog op de schaarste, komen de vaccins daarbij zeker het eerste jaar van verschillende leveranciers, in verschillendedeelleveringen van verschillende omvang. Die vaccins hebben een verschillend, nog onbekend, profiel voor verschillende (deel)doelgroepen, en moeten, al dan niet via distributiecentra, vervoerd worden naar uiteenlopende (zorg)locaties, onder verschillende condities. Dat levert al met al een duizelingwekkend logistiek plaatje op, met een schier oneindig aantal mogelijke scenario’s, combinaties en leveringen. En last but not least, één persoon moet hetzelfde vaccin twee keer krijgen, en mogelijke bijwerkingen en liefst effectiviteit moeten nauwgezet geregistreerd worden. Ga er maar aan staan, kleinschalig binnen je reguliere structuren, naast je reguliere takenpakket.

We geven toe, het is onrealistisch om te verwachten dat de vaccinatiestrategie pasklaar zou zijn. We begrijpen dat cruciale gegevens – en de vaccins zelf – nog ontbreken, wat maakt dat we varen in dichte mist. Maar inzetten op kleinschalig en regulier is dat zeer zeker ook. Hoeveel en welke menskracht, hoeveel en welke middelen en hoeveel en welke distributiecentra maakt het kabinet vrij om dit huzarenstuk in goede banen te leiden? En hoe? De vaccinatiestrategie licht een tipje van de sluier op hoe het kabinet in de wedstrijd zit, maar veel van onze vragen blijven vooralsnog onbeantwoord.

Met een kleine steek van jaloezie kijken we naar de plannen van Duitsland, waar centraal aangestuurde distributiecentra worden klaargestoomd, benodigdheden worden ingekocht en mobiele teams worden ingesteld om de vaccinaties naar de arm van bestemming te begeleiden. Om pas later, als er vaccins in overvloed zijn en de coronavaccinatie daadwerkelijk business as usual is, ingebed te worden in de reguliere – zo je wil kleinschalige – infrastructuur. Deutsche Gründlichkeit, kortom.

← #nieuws

Alnylam Receives Approval for OXLUMO™ (lumasiran) in the European Union for the Treatment of Primary Hyperoxaluria Type 1 in All Age Groups

Alnylam Pharmaceuticals, Inc. (Nasdaq: ALNY), the leading RNAi therapeutics company, announced that the European Commission (EC) has granted marketing authorization for OXLUMO™ (lumasiran), an RNAi therapeutic, for the treatment of primary hyperoxaluria type 1 (PH1) in all age groups.

PH1 is an ultra-rare orphan disease characterized by excessive oxalate production, which can lead to life threatening end-stage renal disease (ESRD) and other systemic complications. Heterogeneity in disease manifestation often contributes to delays in diagnosis – particularly in adult PH1 patients, with a median time from symptoms onset to diagnosis of approximately six years. Untreated PH1 leads to progressive kidney damage; patients with advanced kidney disease require intensive dialysis to help filter waste products, including oxalate, from their blood until they are able and eligible to receive a dual or sequential liver/kidney transplant, an invasive procedure associated with a high risk of morbidity and mortality, and life-long immunosuppression.

“Prior to now there have been no approved treatment options for PH1 in Europe, so this is a potentially life-changing milestone for people diagnosed with this ultra-rare, debilitating disease – many of whom are infants and children – and their families. Lumasiran will address the urgent unmet need that exists for patients with PH1 and its approval today marks our continued commitment to rare disease communities,” said John Maraganore, Ph.D., Chief Executive Officer, Alnylam Pharmaceuticals. “Alnylam has taken lumasiran from identification of compound to regulatory approval in just six years and we will progress with the same sense of urgency as we work with national reimbursement bodies across Europe to bring lumasiran to patients.”

Lumasiran is an RNAi therapeutic targeting the hydroxyacid oxidase 1 (HAO1) mRNA that encodes glycolate oxidase (GO) – an enzyme upstream of the disease-causing defect in PH1. By degrading the HAO1mRNA and reducing the synthesis of GO, lumasiran stops the production of oxalate – the toxic metabolite that directly contributes to the clinical manifestations of PH1.

“PH1 affects patients of all ages. It is particularly devastating when infants are born with the condition and develop kidney failure within the first few months of life. PH1 patients develop kidney stones from the overproduction of oxalate, and in many we see a progressive decline in kidney function, which can ultimately lead to life-threatening end-stage kidney disease. Until recently the only treatment options available have been combined liver and kidney transplantation, with vitamin B6 slowing down kidney failure in a limited number of sensitive patients,” said Sally-Anne Hulton, M.D., Consultant Paediatric Nephrologist, Birmingham Women’s and Children’s Hospital NHS Trust, UK. “For the first time, lumasiran provides those of us treating PH1 children and adults with a new therapeutic option to tackle the root cause of this disease and prevent the production of oxalate. The data show meaningful and sustained reductions in urinary and plasma oxalate with an encouraging safety and tolerability profile, providing us with hope for improving care for these patients.”

“In line with our Patient Access Philosophy, Alnylam is committed to being as innovative commercially as we have been scientifically,” said Brendan Martin, Acting Head of CEMEA, Alnylam. “While the ability to enter into innovative agreements varies by country and local regulations, we intend to work with health authorities across Europe to achieve responsible and sustainable access arrangements for lumasiran that address the diverse patient population affected by PH1, which ranges from infants to adults, and we will adapt to the local context. Our goal is to ensure that all patients in need have access to lumasiran while minimizing budget uncertainty for health services.”

The approval in the European Union is based on efficacy and safety findings from both the ILLUMINATE-A and ILLUMINATE-B Phase 3 studies of lumasiran. In the ILLUMINATE-A study conducted in adults and children six years or older, lumasiran achieved the primary endpoint with a 53 percent mean reduction in urinary oxalate relative to placebo and showed a 65 percent mean reduction in urinary oxalate relative to baseline. Eighty-four percent of patients achieved normal1 or near-normal2 levels of urinary oxalate and more than half of patients (52 percent) reached normalization, compared to zero percent in the placebo group. Findings from the ILLUMINATE-A pivotal study were presented in June 2020 at the virtual European Renal Association-European Dialysis and Transplant Association (ERA-EDTA) International Congress. In the ILLUMINATE-B Phase 3 study, the efficacy results and safety profile of lumasiran in infants and children under the age of six years were found to be similar to those observed in ILLUMINATE-A. Results from the ILLUMINATE-B pediatric study were presented on October 22 at the virtual American Society of Nephrology (ASN) Annual Congress.

Lumasiran was granted Priority Medicines (PRIME) designation by the EMA as well as Orphan Designation in the European Union. Lumasiran was also granted an Accelerated Assessment by the EMA, which is awarded to medicines deemed to be of major public health interest and therapeutic innovation and is designed to bring new treatments to patients more quickly. This approval in the European Union follows the positive opinion from the Committee for Medicinal Products for Human Use (CHMP) in October 2020. Alnylam has filed a New Drug Application (NDA) with the U.S. Food and Drug Administration (FDA). The FDA has granted a Priority Review for the NDA and has set an action date of December 3, 2020 under the Prescription Drug User Fee Act (PDUFA).

Source: Alnylam (Press release)

← #nieuws

European Commission approves Supemtek® (quadrivalent recombinant influenza vaccine) for the prevention of influenza in adults aged 18 years and older

The European Commission has granted a marketing authorization for Supemtek®, a quadrivalent (four-strain) recombinant influenza vaccine, for the prevention of influenza in adults aged 18 years and older. Supemtek is the first and only recombinant influenza vaccine now approved in the European Union.

Supemtek is produced using recombinant technology, which allows an exact match to the key component of the influenza strains recommended by the World Health Organization, avoiding the risk of viral mutations. Supemtek also contains three times more antigen than both egg-based and cell-based standard-dose vaccines. This increased amount of antigen and the use of recombinant technology provide improved protection against influenza, particularly in those aged 50 and older. In comparison with a standard-dose egg-based quadrivalent influenza vaccine, Supemtek reduced the risk of influenza by an additional 30% for adults aged 50 years and older1,2.

The authorization is based on clinical data demonstrating safety, immunogenicity and efficacy of Supemtek in two Phase 3 randomized controlled trials1,2 involving more than 10,000 patients in total. Specifically, the relative efficacy of Supemtek was demonstrated in a Phase 3 multicenter (40 outpatient centers in the US, involving more than 9,000 adults), randomized controlled efficacy trial1,2.

“In the context of the COVID-19 pandemic, preventing influenza remains a public health priority,” said Thomas Triomphe, Head of Sanofi Pasteur. “Today’s approval of Supemtek supports our strong commitment in advancing influenza vaccine technology. With Supemtek, we provide European health authorities with an additional innovative solution that has demonstrated increased ability to prevent influenza and its potentially severe complications, as well as the burden this causes on healthcare systems.”

Each year, influenza-associated deaths range from 290,000 to 650,0003,4 globally, and the burden on hospitals is around 10 million of influenza-related hospitalizations5. Recent data also show that influenza can multiply the risk of heart attack by up to 10 times, and the risk of stroke by up to 8 times, in the week after influenza infection6 – demonstrating that the burden of influenza goes beyond its well-known respiratory complications.

The first European launches are expected for the 2022/2023 influenza season, with a possibility of accelerating the availability of doses as early as the 2021/2022 season in certain countries. Outside of the EU, Supemtek is also approved in the U.S. under the tradename Flublok Quadrivalent®.

Source: Sanofi (Press release)