← #nieuws

Impuls voor sneller en beter pad van lab naar patiënt 

, ,

De Tweede Kamer ziet graag dat nieuwe geneesmiddelen sneller en beter van lab naar patiënt komen. Deze week zijn er twee moties aangenomen die de regering aansporen hier werk van te maken.  

In onze inbreng voor het Commissiedebat Geneesmiddelenbeleid van 9 juni pleitten wij ervoor om nu écht werk te maken van gezondheid op maat in al haar facetten. De moties die vandaag zijn aangenomen sluiten daar goed bij aan.  

Den Haan (Fractie Den Haan), Kuzu (DENK), Mohandis (PvdA) en Ellemeet (GroenLinks) dienden een motie in over de lange doorlooptijden vanaf het verkrijgen van een handelsvergunning tot aan het moment dat een nieuw geneesmiddel de patiënt bereikt. In deze motie verzoeken ze de regering gesprekken op te starten met onder andere het Zorginstituut en bedrijven om in kaart te brengen hoe de doorlooptijden van sluisgeneesmiddelen teruggebracht kunnen worden en hoe bij extramurale geneesmiddelen de dossiers sneller rond kunnen zijn. Uit ons eigen onderzoek blijkt dat het lang kan duren voordat bepaalde intramurale geneesmiddelen in Nederland de patiënt bereiken. We vinden het dus mooi om te zien dat hier in de Kamer aandacht aan wordt besteed. 

De motie van Van den Hil en Tielen (beiden VVD) gaat over pay-for-performance afspraken voor de vergoeding van geneesmiddelen. In een recente Kamerbrief heeft VWS-minister Kuipers aangegeven met het Zorginstituut te willen onderzoeken in welke situaties de inzet van pay-for-performance zinvol is. Met deze motie vraagt de Kamer de minister om een versnelling aan te brengen in dit onderzoek, en nog dit jaar te starten met een pilot. De minister heeft deze motie overgenomen, en onderschrijft dus zelf ook het belang van pay-for-performance. Dit soort vergoedingsafspraken kunnen bijdragen aan snellere en betere routes van lab naar patiënt. HollandBIO kijkt uit naar de resultaten van de pilot. 

← #nieuws

HollandBIO’s gezondheid op maat zomerlectuur

, ,

Speciaal voor tijdens het wachten op Schiphol, in de file op zwarte zaterdag of -bij voorkeur- bij een frisse versnapering op het terras, tipt HollandBIO wat zinderende zomerlectuur in de zoektocht naar gezondheid op maat.

Zo roept het “Kader Passende Zorg” initieel fijne, warme gevoelens bij ons op, gezien de mooie match met onze visie rond Gezondheid op maat. Het kader geeft zelfs aan dat (digitale en technologische) innovaties broodnodig zijn om de zorg mensgericht, houdbaar en duurzaam te maken.

Hoe we nou zo efficiënt mogelijk kunnen innoveren? Daar weet de Raad van Volksgezondheid en Samenleving in “de kunst van het innoveren” wel raad mee. Kleine teaser – in lijn met de recente Kamerbrief en het opiniestuk van Kuipers over de financiering van geneesmiddelenontwikkeling – de conclusie lijkt wederom dat het beleid de maatschappelijke uitdagingen centraal moet stellen.

Tot slot sluiten wij ons ook graag aan bij gezondheidsgoeroe Marcel Levi, die -vanuit een breder perspectief- in zijn recente column concludeert dat we het allemaal veel te ingewikkeld maken. Met wat minder risico-aversie, wat meer experimenteerruimte en een lerende feedbackloop kan het uiteindelijk veel sneller en beter – ook in de zorg.

← #nieuws

Niet praten maar prikken 

, , ,

Negen jaar liggen vaccins in Nederland gemiddeld op de plank voordat ze in een arm belanden. In plaats van regie te pakken voor een toekomstbestendig vaccinatiestelsel, produceert het ministerie van VWS al jaren enkel papieren tijgers. De maandag verschenen Kamerbrief “Vol vertrouwen in vaccinatie” van staatssecretaris Van Ooijen geeft weinig hoop op verbetering.  

De zich opstapelende rapporten winden er geen doekjes om: ons vaccinatiestelsel is stuk. Nederland laat gezondheidswinst liggen, aldus de Gezondheidsraad (2013). Er is geen sprake van een vaccinatiestelsel, maar van een lappendeken, aldus de Raad voor Volksgezondheid en Samenleving (2021). Medische risicogroepen worden nauwelijks gevaccineerd, aldus het Zorginstituut (2021). Ook HollandBIO’s eigen onderzoek laat zien wat er schort: vaccins liggen in Nederland gemiddeld 9 jaar na registratie op de plank voordat ze in een arm verdwijnen. Gemiddeld 7,5 jaar bij de Gezondheidsraad (agendering en advisering), een half jaar bij VWS (beleidsreactie) en tot slot nog één jaar voor deze een arm bereikt (uitvoering). Het goede nieuws: iedereen is het eens over wat er te doen staat. Het ministerie van VWS moet regie nemen en als de wiedeweerga werk maken van een toekomstbestendig vaccinatiestelsel, waardoor elk beschikbaar vaccin zo snel mogelijk in de juiste arm terecht komt.  

Al maanden keek HollandBIO, en met ons alle bij vaccinatie betrokken stakeholders, dan ook uit naar dé vaccinatiebrief van staatssecretaris van Ooijen die het tij eindelijk zou keren. Helaas komen we weer van een koude kermis thuis. Ook deze staatssecretaris heeft weliswaar het juiste beleidsdoel voor ogen, maximale gezondheidswinst met vaccinatie, maar van regie of een integraal pakket aan maatregelen om dit doel te realiseren is geen sprake. Hij lijkt slechts een extra lapje aan de deken vast te naaien. 

Het belangrijkste voornemen van de staatssecretaris is de organisatie van een vaccinatievoorziening voor volwassenen bij de GGD’en. We delen de gedachte dat dit een mooie stap kan zijn om de uitvoer van vaccinaties te verbeteren en versnellen. Tegelijkertijd houdt het plan de bestaande silo’s van de vaccinatiezorg in stand – vaccinatie via programma’s, via de verzekerde zorg en via de vrije markt – evenals de nodeloze complexiteit en onduidelijkheid die deze silo’s veroorzaken. Met bovenstaande doorlooptijden vers in het geheugen, rijst vooral ook de vraag of de staatssecretaris zijn pijlen wel op het grootste knelpunt richt. Met een gemiddelde doorlooptijd van één jaar is het versnellen van deze fase een druppel op een gloeiende plaat. Opvallend genoeg deelt Van Ooijen over de agenderings- en adviseringsfase (duurt gemiddeld 7,5 jaar) slechts dat hij in gesprek blijft met de Gezondheidsraad. Waarom lijkt het keer op keer niet mogelijk om een vaste of maximale termijn in te stellen voor advisering over nieuwe vaccins? Of een uitspraak dat het hele traject van registratie tot arm niet langer dan 2 jaar mag duren, ongeacht de silo waar het vaccin in belandt? 

Maximaal gezondheidswinst verzilveren met de preventieve kracht van vaccins vergt méér dan een extra voorziening of een continu gesprek. Het vraagt een passende route voor elk nieuw vaccin naar de juiste arm, voldoende menskracht en budget om dat te realiseren, en binnen een vaste periode. Recent nog zagen we hoe het niet moet: de rotavirusvaccinatie blijft na 16 jaar en met alle seinen op groen alsnog op de plank liggen omdat er geen budget gereserveerd is. Een blunder van jewelste. Tegelijkertijd leerde de pandemie ons dat we vaccins razendsnel kunnen inzetten als de nood aan de man is. Waar een wil is, is dus een weg, vindt HollandBIO. Daarom roepen wij Den Haag op om ook andere vaccins de prioriteit te geven die zij, als hofleverancier van preventie, dubbel en dwars verdienen. Niet praten, maar prikken.  

Lees meer:

https://www.rijksoverheid.nl/documenten/kamerstukken/2022/07/04/kamerbrief-over-aanpak-vol-vertrouwen-in-vaccinaties-en-vaccinatiegraadrapport-2021

https://www.hollandbio.nl/wp-content/uploads/2021/11/HollandBIO-Infographic-beoordeling-en-inzet-van-vaccins-in-Nederland-2.0.pdf?x61753

https://www.tweedekamer.nl/kamerstukken/brieven_regering/detail?id=2022Z13915&did=2022D28716

https://www.trouw.nl/opinie/den-haag-laat-ook-vaccins-tegen-andere-ziektes-sneller-door~b05d855d/

https://www.hollandbio.nl/wp-content/uploads/2022/07/dossier-vaccinatie.pdf

← #nieuws

Prof. dr. Cornelis Boersma en Farminform starten partnerschap voor gepast geneesmiddelengebruik

,

Door de stijgende kosten in de zorg én voor behoud van toegankelijkheid van zorg wordt het steeds urgenter om in te zetten op gepast geneesmiddelengebruik.

Prof. dr. Cornelis Boersma is, naast zorgondernemer, bijzonder hoogleraar Duurzame Zorg en Innovatie aan de Open Universiteit en gezondheidseconoom aan het UMCG. Zijn onderzoek richt zich op beleidsmatige en economische aspecten van de gezondheidszorg en de rol van innovatie ten behoeve van duurzame zorg en publieke gezondheid (waaronder preventie).

Farminform is de landelijke, onafhankelijke datatrust voor farmaceutische data. Daarnaast faciliteert Farminform een veilige data-uitwisseling voor zorgverleners, overheden en bedrijfsleven én initieert verschillende vormen van samenwerking.

Een extra inspanning voor het gepast inzetten van geneesmiddelen is in deze tijd hard nodig. Er is in het zorgveld veel waardevolle data beschikbaar, maar helaas is deze nog vaak gefragmenteerd en wordt er niet altijd makkelijk samengewerkt tussen partijen. Door meer in te zetten op datagedreven werken met farmaceutische en klinische informatie is het tegenwoordig echter mogelijk om de behandeling van patiënten veel gerichter in te zetten en daadwerkelijk te optimaliseren. Met een handdruk bevestigen Luuk Renfurm, algemeen directeur Farminform, en Prof. dr. Cornelis Boersma het partnerschap. Een partnerschap dat zich de komende jaren richt op een viertal activiteiten:

  1. Het vereenvoudigen van informatie-uitwisseling tussen relevante zorgpartijen
    In samenwerking met het bedrijf Digital Health Link wordt hiervoor specifieke LinkinPin software tooling ingezet, gebaseerd op de principes ‘privacy by design’ en ‘security by design.’
  2. Het versterken van de rol van de apotheker op het gebied van preventie
    Door, met behulp van data-analyse, een aanvullende bijdrage te kunnen leveren aan het vroegtijdig opsporen en continue monitoren van specifieke patiënten. Dit in samenwerking met het bedrijf SensUR Health dat een point-of-care-technologie biedt waarmee ultragevoelige metingen in lichaamsvloeistoffen, zoals urine, kunnen worden uitgevoerd.
  3. Het doen van onderzoek naar kostenontwikkeling en kosteneffectiviteit binnen de Nederlandse geneesmiddelenmarkt
    Met behulp van innovaties op het gebied van kunstmatige intelligentie en de speciaal door Health-Ecore ontwikkelde algoritmen en predictiemodellen kan een betere inschatting gemaakt worden van gezondheidseconomische uitkomsten. Dit is cruciaal voor de besluitvorming rondom geneesmiddelen.
  4. Het implementeren van het dataplatform PITTS
    Medische beroepsgroepen zullen, met hulp van academische expertise, gebruik kunnen maken van een dataplatform (PITTS) voor het continu systematisch verzamelen van alle klinische (peer-reviewed) onderbouwing van de vergelijkende (kosten)effectiviteit van geneesmiddelen voor besluit- en richtlijnvorming.

Met deze samenwerkingen willen Prof. dr. Cornelis Boersma en Farminform, door de inzet van innovatieve technologie, een instrumentele bijdrage leveren aan duurzame, farmaceutische en medische zorg en gepast geneesmiddelengebruik. Uiteraard met strikte naleving van alle relevante wet- en regelgeving rondom veiligheid en privacy én zorgvuldige afstemming met het zorgveld.

Bron: Farminform (persbericht)

https://www.farminform.nl/nieuws/partnerschap-farminform-en-prof-dr-cornelis-boersm

← #nieuws

Zonder patiënt geen rendement

, ,

HollandBIO had het niet beter kunnen zeggen: geneesmiddelenontwikkeling duurt lang, kost veel geld, is risicovol en vergt samenspel van vele partijen. Het is de hoofdconclusie van een groot internationaal onderzoek naar het financiële ecosysteem van geneesmiddelenontwikkeling, uitgevoerd in opdracht van het ministerie van VWS.

Met de objectieve bevindingen van het onderzoek over de financiering van geneesmiddelenonderzoek en de investeringsbeslissingen die ten grondslag liggen aan (trends in) geneesmiddelenontwikkeling, wil het ministerie het maatschappelijk debat over de ontwikkeling, toegankelijkheid en betaalbaarheid van geneesmiddelen goed geïnformeerd, op basis van feiten en cijfers, kunnen voeren. Alleen al die inzet vindt HollandBIO een verademing, na ministers die hoopten het naderend zorginfarct met oorlogsjargon of morele appèls aan de farmaceutische industrie te bezweren. De constructieve toon van minister Kuipers in zijn Kamerbrief en opiniestuk lijkt een kentering in het gepolariseerde Nederlandse geneesmiddelendebat, waarin het doorgaans populairder is om óver, dan om mét de farmaceutische industrie te spreken.

De bevindingen van het onderzoek zijn een feest van herkenning voor HollandBIO: geneesmiddelenontwikkeling duurt lang (“in de regel ruim 10 jaar”), kost veel (all-in “$2,4 à 3,2 miljard per nieuw geneesmiddel”), is risicovol (“slechts 1 op de 30 ontwikkelpogingen slaagt”) én academie, venture capital fondsen (VCs) en biofarma vervullen elk een essentiële rol (“het is bijna onmogelijk voor een partij om van begin tot eind een geneesmiddel te ontwikkelen”). Publieke investeringen vinden vooral plaats in de vroege fase, private investeringen in de late fase van geneesmiddelenontwikkeling. Vooral tijdens de preklinische en vroegklinische fase is het voor bedrijven uitdagend om voldoende kapitaal aan te trekken vanwege de hoge mate van onzekerheid en de disbalans tussen risico en beloning. Het rapport spreekt van ‘the translational gap’, waarmee het tevens een mooie validatie is van het probleem dat Biotech Booster aan gaat pakken.

Ook concludeert het onderzoek dat het verwachte financiële rendement (de verwachte inkomsten) de belangrijkste factor is die bepaalt of een geneesmiddel tot lancering wordt ontwikkeld. Hoewel de krantenkoppen anders doen vermoeden, moge dit toch voor niemand als een verrassing komen – noem ons één commercieel bedrijf waarvoor deze wetmatigheid niet geldt. Andere belangrijke factoren zijn het tempo en de aard van wetenschappelijke ontwikkelingen, het vermogen van R&D-systemen om innovatieve klinische studies op te zetten door ontwikkelingen op het gebied van data en digitale technologie, en ontwikkelingen op het gebied van regulering.

De financiële drijfveer maakt ook de belangrijke rol van de betaler, overheden en (particuliere) verzekeraars, duidelijk. Hun bereidheid om te betalen voor nieuwe geneesmiddelen is van grote invloed op het aanbod van nieuwe geneesmiddelen en de spreiding ervan over de therapeutische gebieden. Het onderzoek laat nogmaals zien dat er dankzij de betalingsbereidheid wél meer nieuwe oncologische geneesmiddelen worden ontwikkeld, maar dat er bijvoorbeeld te weinig interesse is voor de ontwikkeling van nieuwe antibiotica, die we bij succes het liefst zo lang mogelijk op de plank laten liggen (lees: geen inkomsten). Zoals wij het eerder formuleerden: van een geneesmiddel dat de patiënt niet bereikt, is nog nooit iemand beter geworden. Zonder patiënt geen rendement.

In reactie op de bevindingen van het rapport stelt minister Kuipers zich de vraag of de overheid wel een duidelijk signaal afgeeft voor welke geneesmiddelen zij bereid is te betalen, en op welk moment. Hij constateert dat deze discussie in Nederland pas gevoerd wordt op het moment dat een nieuw geneesmiddel op de markt wordt gebracht, en te weinig in de bredere context van ons gezondheidssysteem. Ook deze strategische overwegingen en de aandacht voor de eigen rol lijken een breuk met de eerdere beleidskoers van stapelende repressieve maatregelen en ad hoc pleisters.

HollandBIO ziet het onderzoek, de toon en de toenadering van minister Kuipers als een forse stap vooruit, wellicht zelfs als een nieuw begin. Hoogste tijd dus om de strijdbijl te begraven en samen, op basis van deze heldere gedeelde feiten en cijfers werk te maken van oplossingen waarbij gezondheidswinst, innovatie en betaalbaarheid hand in hand gaan.

Lees meer:

https://www.rijksoverheid.nl/actueel/nieuws/2022/06/22/financiering-van-geneesmiddelenonderzoek

https://www.tweedekamer.nl/kamerstukken/brieven_regering/detail?id=2022Z12825&did=2022D26469

https://www.sirm.nl/publicaties/het-financi%C3%ABle-systeem-van-geneesmiddelenonderzoek

FD Opinie stuk Ernst Kuipers: “We moeten het hebben over het farmaverdienmodel”

https://fd.nl/samenleving/2245069/1443024/zorgminister-kuipers-wil-meer-invloed-op-ontwikkeling-nieuwe-medicijnen-j0f2cajAxvZl

https://fd.nl/opinie/2245069/1443370/minister-kuipers-kiest-terecht-voor-constructieve-opstelling-j0f2cajAxvZl

Webinar Financial Ecosystem of Pharmaceutical R&D

← #nieuws

Betere detectie en diagnose dankzij inzet van technologische innovatie

,

De inzet van technologische innovaties, zoals bijvoorbeeld whole genome sequencing en kunstmatige intelligentie, dragen bij aan betere detectie en diagnose. Zo toonden onderzoekers van het RadboudUMC aan dat nieuwe analyse van een jaren geleden afgenomen genetische test vaak alsnog een diagnose oplevert. Dit biedt kansen voor patiënten met een zeldzame genetische aandoening, bij wie het uitblijven van een tijdige diagnose één van de grote uitdagingen is.

Wetenschappers van de Universiteit van Maastricht lieten op hun beurt zien dat detectie en segmentatie van longtumoren beter lukt via kunstmatige intelligentie dan door de bril van de radioloog. Dit zijn het soort innovaties waar we bij HollandBIO blij van worden en waarvan we graag zien dat ze op korte termijn de nieuwe dagelijkse praktijk worden.

← #nieuws

Hoogleraar Van der Pol: “Geef zeldzame ziekten een plek in het Nederlandse overheidsbeleid”

, ,

Nederlandse patiënten met zeldzame aandoeningen moeten veel langer wachten op nieuwe kostbare geneesmiddelen dan elders in Europa. De focus op kosteneffectiviteit heeft “hardvochtige trekken” en moet anders, betoogde hoogleraar neurologie Ludo van der Pol (UMC Utrecht) in zijn oratie. Ook uit onderzoek van HollandBIO blijkt dat het steeds langer duurt om nieuwe geneesmiddelen vergoed en wel in het ziekenhuis te krijgen. Vooral de koplopers op weg naar gezondheid op maat, de wees-, voorwaardelijk en/of versneld toegelaten geneesmiddelen, hebben moeite door de dichte doornenhaag van ons systeem van toelating heen te dringen.

We zijn het dus eens over de uitdaging. HollandBIO ziet ook graag dat nieuwe geneesmiddelen na marktvergunning zo snel mogelijk beschikbaar zijn voor patiënten. Daarentegen zijn we nog wat kritisch over sommige mogelijke oplossingen die prof. van der Pol aandraagt. Want hoe dragen dwanglicenties en magistrale bereiding duurzaam bij aan innovatie, gezondheidswinst en toegankelijkheid van weesgeneesmiddelen? Om dat te begrijpen moet HollandBIO misschien toch nog eens een college van de kersverse prof bijwonen.   

Uiteraard juichen we publiek private samenwerkingsinitiatieven waarbij patiënten sneller toegang krijgen toe, zoals een recent aangekondigde nieuwe toegangsroute voor veelbelovende weesgeneesmiddelen. En zeker in het zeldzame ziekte domein kan ook Europese samenwerking haar steentje bijdragen aan snellere en betere toegang, denk bijvoorbeeld eens aan Europese HTA beoordeling of gezamenlijke onderhandeling in BeNeLuxa verband. Al is de aanname van prof. van der Pol dat geen enkel bedrijf de Europese Unie, vanwege haar omvang, als afzetmarkt zou willen missen wellicht iets te snel getrokken. Recent nog zag fabrikant bluebird bio zich, ondanks EMA-registratie van haar gentherapie, genoodzaakt om de Europese markt te verlaten. Veilig en effectieve behandelingen die vanwege hun hoge prijskaartje patiënten niet bereiken, daar wordt niemand beter van. Laten we dus werk maken van oplossingen waarbij innovatie, gezondheidswinst én betaalbaarheid hand in hand gaan.  

Bronnen: 

https://www.umcutrecht.nl/nieuws/maak-nieuw-beleid-rondom-dure-geneesmiddelen

https://www.skipr.nl/nieuws/overheid-focust-te-veel-op-kosteneffectiviteit-dure-geneesmiddelen/

Om deze video te bekijken, dient u marketing cookies te accepteren.
← #nieuws

Looking back at the Patient Engagement in 2030 symposium

,

After a few COVID related postponements, admedicum was proud to host Patient Engagement in 2030 with the support of HollandBIO and Insmed on 9 June 2022 at the historic Muntgebouw in Utrecht with over 70 attendees. Speakers from patient organisations, healthcare, regulatory and industry shared forward thinking perspectives towards solutions, improvements, and opportunities for patient engagement in 2030.

We would like to sincerely thank our speakers Nicola Bedlington (former Secretary General European Patient’ Forum), Cécile Olivier (C-Path), Ana Mingorance (Loulou Foundation), Joep Rijnierse (Amgen) and Annamarie Dillon (Orchard Therapeutics).

All participants had ample opportunities to exchange their expertise on patient engagement during the Q&A sessions, the parliamentary debate (moderated by Roger Legtenberg (admedicum)), and the networking sessions.

The consensus from the event is that patient engagement will continue to evolve towards patient AND public involvement in research with an increased focus on person centered, value-based healthcare. There is now ample evidence that patient engagement de risks medicines development and leads to better outcomes and societal impact. Thanks to EUPATI, PFMD, and other European initiatives the pool of patient experts is already large and still expanding.

As Ana Mingorance shared with the participants during her talk, “By 2030…Patients are at the center of drug development, supported by professionalization of the patient community, an ecosystem of expert organizations, and a social contract that requires bio pharma companies help build disease knowledge together with the entire community.”

Thanks to HollandBIO and Insmed for supporting the event and admedicum looks forward to organizing similar exchanges in the future.

← #nieuws

Terugblik Commissiedebat Medische preventie / verslavingszorg / drugspreventie

,

Afgelopen 7 juni ging de Tweede Kamer met VWS-staatssecretaris Van Ooijen in debat over Medische preventie / verslavingszorg / drugspreventie. In aanloop naar het debat vroeg HollandBIO aan Kamerleden met haar inbreng of zij de Nederlandse overheid wilden aansporen werk te maken van een proactief vaccinatiebeleid. Deze oproep was gelukkig niet aan dovemansoren gericht, met diverse Kamerleden die de staatssecretaris opriepen om snel werk te maken van preventie en in het bijzonder een proactief vaccinatiebeleid.

Tegelijkertijd was de meest gehoorde uitspraak van de staatssecretaris in reactie op Tweede Kamerleden in dit debat als volgt: “Daar kom ik in een brief voor de zomer op terug.” En dat voelt niet alleen voor de Tweede Kamer maar ook voor HollandBIO toch als een teleurstelling, want we wachten als sector al zo lang op onder andere de beleidsreacties van de staatssecretaris op rapporten van de Raad voor Volksgezondheid en Samenleving en het Zorginstituut, en daarmee ook de reacties op een aantal moties die eerder in 2019 al werden ingediend. Een opsteker is wel dat de staatssecretaris toezegde tijdens het debat (wederom) in deze beleidsreacties in te gaan op de duur van de advisering van de Gezondheidsraad en mogelijkheden om deze te verkorten.

Daarnaast is er in bredere zin meer goed nieuws, want voor het eerst in lange tijd ging een groot deel van het debat over onze mate van bereidheid om te investeren in preventie en vaccinatie tegen onder andere het rotavirus, waterpokken, gordelroos en HPV, in plaats van alleen over de vraag hoe we de vaccinatiegraad gaan verhogen.

Ben je benieuwd naar het hele debat? Dat is hier terug te kijken, terwijl een conceptverslag hier terug te vinden is. Aankomende week vindt waarschijnlijk het Tweeminutendebat plaats, het moment waarop Kamerleden moties kunnen indienen.

← #nieuws

Terugblik Commissiedebat Geneesmiddelenbeleid, Hulpmiddelenbeleid en Pakketbeheer

,

Afgelopen donderdag, 9 juni, kwam de vaste Kamercommissie VWS bijeen voor het verzamel-Commissiedebat Geneesmiddelenbeleid, Hulpmiddelenbeleid en Pakketbeheer. In aanloop naar dit debat pleitte HollandBIO ervoor om werk te maken van gezondheid op maat in al haar facetten: of het nu gaat om de juiste doelstellingen en indicatoren binnen het geneesmiddelenbeleid, het prullemanderen van de voorgenomen wijziging van het Geneesmiddelenvergoedingssysteem of het komen tot een nationale data-infrastructuur.

Door de brede agenda en een aantal nieuwe commissieleden, was het soms zoeken naar focus en diepgang in het debat. Een mooie opsteker was de publieke waardering van onder andere Kamerlid Tielen (VVD) en VWS-minister Kuipers zelf voor het enorm belangrijke werk dat de farmaceutische industrie doet en wat onze producten en technologieën betekenen voor patiënten.

Tijdens het debat was er brede kritiek op de voorgenomen wijziging van het GVS. De minister was echter niet bereid om hier toezeggingen op te doen en hield vast aan zijn plannen. Het is voor nu nog even afwachten wat er gaat gebeuren na het Tweeminutendebat, waar moties kunnen worden ingediend. De minister gaat de gevolgen van de GVS-wijziging monitoren en maakt werk van een communicatieplan.

Kamerleden Maeijer (PVV) en Den Haan (Fractie Den Haan) riepen daarnaast de minister op goed te kijken naar manieren om de doorlooptijden van lab naar patiënt voor geneesmiddelen te versnellen, bijvoorbeeld door het invoeren van een model à la Duitsland, of door het Zorginstituut kritisch te laten kijken naar het proces. Hierop gaf de minister aan dat er ook een verantwoordelijkheid bij fabrikanten ligt om tijdig complete dossiers aan te leveren. Wel gaat hij het Zorginstituut attenderen op deze opmerking van de Kamerleden. Ook vroegen Maeijer en Paulusma (D66) hoe het beoordelingskader dat het Zorginstituut hanteert aansluit bij personalised medicine. De minister gaf aan dat in brede zin het proces voldoet, maar dat het Zorginstituut werkt aan een update van het beoordelingskader om juist hierop in te spelen.

Mocht je specifieke dingen terug willen zoeken, dan is het debat hier terug te kijken. Via deze link is het conceptverslag terug te lezen.