← #nieuws

Biotechbedrijven worden geconfronteerd met risico’s voor de nationale veiligheid

,

In een recente analyse in opdracht van de Nationaal Coördinator Terrorismebestrijding en Veiligheid (NCTV) komen diverse risico’s naar voren voor de nationale veiligheid, met daarin ook scenario’s die biotechbedrijven nu al raken. Zo signaleren de onderzoekers een economische dreiging in het feit dat kennis en kunde van Nederlandse biotechbedrijven wegvloeien naar het buitenland. Ook hebben biotechbedrijven te maken met cyberdreiging, want de sector staat vaak in de belangstelling van buitenlandse mogendheden. Daarnaast zijn er dreigingen op het vlak van infectieziekten, waar biotechbedrijven juist hard aan oplossingen werken. Dat al deze risico’s breed erkend worden, helpt HollandBIO om samen met de overheid het ecosysteem voor de life sciences sector verder te verbeteren.

Sluipmoordenaar 

Binnen infectieziekten onderscheiden de onderzoekers uiteenlopende risico’s. Zo zijn er verschillende virussen die in Nederland of zelfs wereldwijd de veiligheid kan bedreigen (zie figuur 3 hieronder). Daarnaast is antibioticaresistentie (AMR) een sluipmoordenaar die we nauwlettend in de gaten moeten blijven houden, aldus de NCTV. HollandBIO ziet dat bedrijven daar hard aan werken, maar dat er ook veel meer nodig is dan alleen het monitoren van deze dreiging. Hoe gaan we ervoor zorgen dat ondernemers ook innovaties kunnen ontwikkelen die helpen aan het tegengaan, of liever zelfs nog voorkomen, van een nieuwe pandemie? Onze onepager geeft een eerste antwoord.   

In de themarapportage is ook veel aandacht voor technologie die helpt in monitoring en detectie, zoals Whole Genome Sequencing en preventie en behandeling (vaccins, geneesmiddelen). Innovaties van biotechbedrijven zorgen dus voor onze nationale veiligheid. Die belangrijke boodschap zal HollandBIO natuurlijk blijven uitdragen. 

Publicaties: 

https://www.nctv.nl/documenten/publicaties/2022/09/26/rijksbrede-risicoanalyse-nationale-veiligheid

https://www.nctv.nl/documenten/publicaties/2022/09/26/themarapportage-infectieziekten-2022

← #nieuws

Ook Kuipers vindt GVS-plan Geen Verstandige Stap

, ,

In een brief laat VWS minister Kuipers de Tweede Kamer weten de omstreden modernisering van het Geneesmiddelenvergoedingssysteem (GVS) met een jaar uit te stellen. Met het uitstel geeft hij schoorvoetend gehoor aan de ongekend eensgezinde stortvloed aan kritiek uit het veld. Ook HollandBIO riep meermaals op om een streep door het plan te halen.

Na overleg met veldpartijen concludeert de minister dat het risico op problemen met de beschikbaarheid van geneesmiddelen groter is dan eerder gedacht. Ook geeft Kuipers de uitzonderlijke economische omstandigheden als reden: de torenhoge inflatie. Tot slot wil de minister de kritische noten uit het recente advies van het Adviescollege toetsing regeldruk zorgvuldig adresseren alvorens de herberekening door te voeren. En die tijd heeft hij zonder uitstel niet.

Mooi meegenomen is dat de taakstelling voor het GVS-plan, een besparing van 140 miljoen euro, naar verwachting al gerealiseerd wordt door bestaande beleidsmaatregelen zoals de wet maximering geneesmiddelenprijzen, zo lezen we in de brief. Met andere woorden: de onzekere en risicovolle GVS-ingreep is budgettair totaal overbodig. Daarmee beantwoordt de minister dan eindelijk HollandBIO’s fundamentele vraag of een uitgaven-beheersend instrument voor de extramurale geneesmiddelenmarkt eigenlijk wel noodzakelijk of zinvol is om de Nederlandse zorg betaalbaar te houden? Nee dus.

Kortom, HollandBIO is blij dat ook de minister tot onze conclusie komt: het GVS-plan is om een veelheid aan redenen Geen Verstandige Stap. Het komende jaar wil Kuipers gebruiken om de vele bezwaren verder te bestuderen en van oplossingen te voorzien. Wij hebben een nog veel beter idee: gooi dan plan in de prullenbak, ga terug naar de tekentafel en start met schone lei en open vizier aan een nieuwe zoektocht naar oplossingen om ervoor te zorgen dat elke patiënt kan rekenen op het beste middel op het beste moment. Wij denken graag mee.

← #nieuws

Ervaringsdeskundige: kameleon van belangenbehartiger tot partner

Als volwaardig gesprekspartner mee kunnen doen aan geneesmiddelenonderzoek en -ontwikkeling. Dat is het doel van de EUPATI NL-opleiding voor ervaren patiëntenvertegenwoordigers. Daarin leren studenten onder meer schakelen tussen de rol van belangenbehartiger en die van partner. Want beide ‘petten’ heb je nodig voor succesvolle samenwerking met farmaceuten en onderzoekers. Wanneer ga je als belangenbehartiger de barricaden op en wanneer ben je meer een partner om op een andere manier resultaat te boeken? Daarover ging de paneldiscussie tijdens de netwerkbijeenkomst op 22 september in Utrecht.

Eindelijk, na ruim 2 jaar corona konden EUPATI-studenten en -fellows elkaar weer in levenden lijve ontmoeten. Sommigen kenden elkaar tot vandaag alleen van het beeldscherm.

EUPATI on Tour
Met ‘EUPATI on Tour’ organiseert PGOsupport, als uitvoerder van de EUPATI NL-opleiding, een serie netwerkbijeenkomsten voor alle partners binnen het geneesmiddelenveld in Nederland. Naast fellows en studenten, waren daarom ook EUPATI-partners aanwezig.

De paneldiscussie van deze bijeenkomst werd, als onderdeel van het PGOsupport  congresprogramma, tegelijkertijd online uitgezonden als inspiratiesessie. Zodoende namen naast de 28 aanwezigen ook nog eens ruim 60 geïnteresseerden deel via het beeldscherm. In dit artikel komen enkele highlights uit het programma aan bod. De volledige sessie is online terug te zien.

Bijsluiter netwerkmedicijn
Bij binnenkomst is meteen duidelijk dat het hier over medicijnontwikkeling gaat. Voor iedere gast staat een fikse medicijndoos klaar. Zonder pillen of poeders natuurlijk, maar wel met enkele versnaperingen. Uiteraard zit er ook een bijsluiter bij. Helemaal in bijsluiterstijl legt die uit hoe het netwerken werkt, met verklaring van de iconen op ieders badge. Zo zie je in 1 oogopslag wie je gesprekpartner is. De sfeer zit er goed in, gesprekken komen direct op gang.

Panel
Onder leiding van Dries Hettinga, directeur-bestuurder van PGOsupport, gaat de paneldiscussie van start over de rollen van patiëntenvertegenwoordigers bij de ontwikkelingen in zorg, welzijn en gezondheidsonderzoek. Panelleden zijn de ervaren patiëntenvertegenwoordigers Barbara Sneller (ervaringsdeskundige, critical friend), Wim Altena (patient advocate, EUPATI-fellow), Dominique Hamerlijnck (patient expert, EUPATI Europe fellow) en onderzoeker Reumatologie en klinische immunologie Safae Hamkour.

Welbegrepen eigenbelang
Van belangenbehartiger tot partner. Het zijn uitersten in de rol die je als patiëntenvertegenwoordiger kunt aannemen. Soms is het nodig om de barricaden op te gaan, in andere gevallen is er eerder sprake van een heus partnership met artsen, onderzoekers, zorgverleners en beleidsmakers.
Wim Altena gaat daarbij altijd uit van ‘welbegrepen eigenbelang’. Met deze oorspronkelijke economie-term bedoelt hij dat het niet alleen gaat om wat je zelf wilt bereiken. Heb ook oog voor het belang van de ander.

“Soms is het belang van een ander makkelijk in te willigen, doe dat dan ook. Het gaat erom met elkaar tot een gezamenlijk ideaal te komen. Om dat te kunnen, moet je al wel wat verder zijn in de samenwerking.”

Patiëntperspectief brengt je tot andere inzichten
Onderzoeker Safae Hamkour heeft zo’n innige samenwerking met een patiëntenvertegenwoordiger. Zij volgt zelfs samen met haar patiënt partner een DUO-intervisie om die samenwerking nog beter vorm te geven. Dat is een begeleidingstraject waaraan een onderzoeker en patiënt partner samen deelnemen. Het verstevigt de samenwerking en voorkomt misverstanden. Wat verwacht zij van een patiënt partner?

“Het is heel belangrijk om al voordat je onderzoek start, de belangen van de patiënt te kennen om tot zo’n gezamenlijk ideaal te komen. Als artsen en onderzoekers denken wij al snel dat het geweldig zou zijn als bijvoorbeeld de ziekteactiviteit afneemt. Maar is de patiënt daar echt mee geholpen? Dat weet je pas als je de patiënt betrekt. En dan kun je tot heel andere inzichten komen.”

De kunst van het switchen
Barbara Sneller meent dat je snel moet kunnen switchen van rol. Dat merkte zij in gesprek met een heel team van de pijnpoli aan wie zij het belang van ervaringsdeskundigheid probeerde uit te leggen. De informatiebehoefte bij de zorgverleners bleek anders. Zij waren meer geïnteresseerd in hoe patiënten dachten over een specifieke behandelmethode. “Toen begreep ik dat ik snel moest schakelen. Ik moest het niet langer hebben over het belang van deze training participatie, maar inspelen op hun directe vraag.”

Bouw aan relatienetwerk
Wim Altena herkent dat bij zijn inspanningen om een medicijn beschikbaar te krijgen voor zijn achterban. “In het begin stel je je op als echte belangenbehartiger. Je wilt iets voor elkaar krijgen. Al snel ontdek je dat je met puur eigenbelang niet veel bereikt. Zo zie je de farmaceutische industrie en het Zorginstituut in het begin misschien als je tegenstrevers, maar uiteindelijk blijkt dat je juist samen veel meer kunt bereiken. Dat is een leerproces. Belangrijk is om een goed relatienetwerk op te bouwen. Doe dat vooral als er nog geen spanningen zijn, daar heb je op het moment dat die er wel komen veel profijt van.”

Ervaringskennis is uniek
Dominique Hamerlijnck ervaart dat de rollen van belangenbehartiger en samenwerkingspartner voortdurend door elkaar lopen. Het belangrijkste is dat alleen ervaringsdeskundigen echt weten wat het is om 24 uur per dag met de aandoening om te gaan. “Dat is unieke kennis. Die is heel waardevol en die hebben medicijnontwikkelaars, onderzoekers en zorgprofessionals gewoon nodig om hun werk te kunnen doen. Wij kunnen die kennis bieden.”

Wat vraagt het van de patiëntenvertegenwoordiger?
Volgens Barbara Sneller is het belangrijk dat patiëntenvertegenwoordigers ook kunnen switchen tussen de puur eigen ervaring en die van de achterban. “Een emotioneel individueel verhaal kan bij de samenwerkingspartner een snaar raken. Emotie zorgt ook dat iemand informatie onthoudt. Maar het is wel van belang om de grootst gemene deler naar voren te brengen. Een individueel verhaal is niet voldoende, het gaat om de ervaring van de hele groep.”

Patiënt of ervaringsdeskundige
Maakt het nog uit voor de samenwerkingsrelatie of je de term patiënt of ervaringsdeskundige gebruikt?
Voor onderzoeker Safae maakt het persoonlijk niet uit. Maar voor sommige van haar collega’s misschien wel. Die kunnen ook een zorgrelatie met een patiënt partner hebben, en dan is het volgens haar beter dat de partner zich ervaringsdeskundige noemt en niet patiënt.
Ook Dominique ziet zichzelf eerder als ervaringsdeskundige. “Als patiënt voel ik me klein in de samenwerking. Ik ben meer dan mijn aandoening. Ik heb deskundigheid op het hele leven met de aandoening. Dat is net zo goed een deskundigheid als die van een arts of een onderzoeker. De Engelse term patient expert vind ik daarom passender, klinkt gelijkwaardiger.”

Dries Hettinga: “Als je het ziet als deskundigheid, kun je dan ook beter switchen tussen belangenbehartiger en partner?” Dominique: “Ja, ik denk dat je dat goed zegt.”

Soms een gestrekt been
De term belangenbehartiger heeft iets strijdbaars, terwijl patiënt partner de samenwerking benadrukt. Bestaat dat onderscheid in de praktijk?
“Ook als belangenbehartiger ga je er doorgaans niet met een gestrekt been in”, vervolgt Dominique, “maar soms is het wel nodig. Natuurlijk benader je de ander altijd respectvol, in de verwachting dat je respect terugkrijgt. We moeten het tenslotte samen doen. Maar soms moet je zeggen: dit gaat niet gebeuren. Wat niet wil zeggen dat het ook lukt.”
Een mooie aanvulling komt uit de zaal: “Ik zeg altijd: wij weten hoe het voelt, jullie weten hoe het werkt. Je vult elkaar aan.”

Niet voor iedereen weggelegd
Kan iedereen patiëntenvertegenwoordiger zijn is de vervolgvraag. Wim Altena: “Nee, niet iedereen kan dat. Individuele patiënten hebben soms echt onrealistische eisen of wensen. Als je daar de boer mee opgaat, realiseer je je eigen mislukking. Dus blijf realistisch in wat je wilt bereiken.”

Ervaringsdeskundigheid basis voor elke rol
Het komt dan ook meerdere keren naar voren tijdens de discussie: het verschil tussen ervaringskennis en ervaringsdeskundigheid. Ervaringskennis heeft iedereen die een aandoening heeft, maar ervaringsdeskundigheid is de doorleefde ervaring, met voldoende afstand om ook de achterban te kunnen vertegenwoordigen.

En daarmee vat Dries de middag samen: “Ervaringsdeskundigheid is de basis om de verschillende rollen van belangenbehartiger tot samenwerkingspartner te kunnen vervullen. De ene keer past het om er wat steviger in te gaan en de andere keer om meer als partner samen te werken.
Hoe dan ook moet de relatie goed zijn, dan kun je ook de moeilijke gesprekken met elkaar voeren. Bij een goede relatie maakt het misschien niet zoveel uit of je dat als belangenbehartiger doet of meer als partner.”

Napraten tijdens de borrel
En dan start een wezenlijk onderdeel van de middag: de netwerkborrel. EUPATI NL is niet alleen een opleiding, maar ook een stevig netwerk. Mooi om te zien hoe op deze middag theorie en praktijk direct samenvallen. Studenten, fellows en partners uit het EUPATI-netwerk ontmoeten elkaar en wisselen uit. Agenda’s worden getrokken en afspraken gemaakt. Fijn om eindelijk weer eens fysiek samen te komen. Waarbij Dries tot slot meldt dat stakeholders, ook buiten de EUPATI-partners, de toegevoegde waarde van goed-opgeleide patiëntenvertegenwoordigers onderschrijven. “We zien dat de opleiding bijdraagt aan de participatie van ervaringsdeskundigen en steeds meer draagvlak krijgt. Daarmee verwachten we EUPATI NL nog verder te laten groeien, zowel in de diepte als in de breedte. Proost op een geslaagde middag.”  

← #nieuws

Dierendag: proeven zonder dieren

, ,

Het is vandaag dierendag, een mooie gelegenheid om de aandacht te vestigen op technologische innovaties die dierproeven verminderen. Met deze innovaties kunnen we ook zorgen dat de nieuwe geneesmiddelen en vaccins sneller en beter worden ontwikkeld. Een klassieke win-win situatie dus!

Biotechbedrijven ontwikkelen voortdurend nieuwe technologieën die – zonder dierproeven te gebruiken – steeds meer inzicht geven in hoe de mens werkt. Denk bijvoorbeeld aan organoids, organs-on-a-chip of 3d-celkweek. We slagen er echter nog niet goed genoeg in om deze ontwikkelingen ten volle te benutten – en dat is zonde! Zonde van de proefdieren, en van de investeringen en het werk in deze nieuwe technologieën. Toxicologische studies kunnen bijvoorbeeld vervangen worden door proefdiervrije alternatieven, en zo zijn er meer voorbeelden van innovaties die kunnen bijdragen aan het verminderen van dierproeven. Op zoek naar inspiratie? In deze publicatie lichten we een aantal koplopers uit in de transitie naar proefdiervrije innovaties. Proeven zonder dieren – zo kan innovatie dus ook!

← #nieuws

Secundair gebruik maakt data-dans tot feestnummer 

,

Het is al jaren een breed gedragen wens om zorgdata beter te ontsluiten: via een Persoonlijke Gezondheidsomgeving (PGO) krijgen burgers immers inzicht in hun eigen gezondheidsgegevens, voor zorgpersoneel scheelt het administratieve lasten en -als we het hergebruik van data goed regelen- geven we ook onderzoek en innovatie een enorme boost. Een lerend zorgsysteem is binnen handbereik, ziet ook HollandBIO: in aanloop naar het debat in de Tweede Kamer over de Wet Elektronische Gegevensuitwisseling in de Zorg en het Commissiedebat gegevensuitwisseling in de zorg riepen we dan ook op tot de benodigde investeringen om van data een nutsvoorziening te maken.

Nergens is “twee stappen vooruit, één stap terug” zo tastbaar als op het dossier gegevensuitwisseling in de zorg. De stip op de horizon is al jaren helder, de hordes zijn in kaart gebracht, er is een routekaart vormgegeven en er zijn zelfs al slimmere oplossingen voor de praktijk uitgedacht. Neem onder andere het verbreken van het taboe rond de AVG-wetgeving, het creëren van een opt-out voor het delen van data en de inzet van gefedereerd leren, waarbij data bij de bron blijft, in plaats van opgeslagen wordt in één centraal domein…En tóch breken al jaren ons hoofd over de benodigde regels, wetten, financiering en benodigde (uitvoerende) instanties. Tijdens de recente debatten over gegevensuitwisseling leidde dit wederom tot de volgende rituele dans: 

  1. We vinden allemaal dat data gemakkelijker ontsloten moet worden én wel liever gisteren dan vandaag. 
  1. We herkauwen de uitdagingen die er liggen rond onder andere privacy, technologie en werkprocessen, raken verzand in details en verliezen het grote plaatje uit het oog. 
  1. We komen tot een aantal goedbedoelde suggesties om bepaalde –god forbid al dan niet nieuwe– initiatieven, projecten of trajecten te ondersteunen – vaak vanuit een nauwe scope en het liefst met een flinke zak geld. 

Het gevolg? Een wildgroei aan allerlei initiatieven die elk vanuit eigen perspectief met een legitiem doel een steentje bij proberen te dragen. Het geheel is hier echter minder dan de som der delen, en daarmee is van data als nutsvoorziening nog lang geen sprake. Zodra de pot met geld op is of we iets voor een andere aandoening of een andere post in de zorg willen realiseren, herhaalt het hele circus zich. 

Een structurele oplossing voor gegevensuitwisseling in de zorg is broodnodig: de Wet elektronische gegevensuitwisseling (Wegiz) die net door de Tweede Kamer is aangenomen, is weliswaar een stap in de goede richting maar met een beperkte scope. De Wegiz moet vooral mogelijk maken dat data kan stromen tussen zorgverleners, maar regelt expliciet niet de toestemming voor het delen van die data of eventueel hergebruik. Gelukkig zwelt daarnaast de roep om data-uitwisseling, een data-infrastructuur en data als nutsvoorziening steeds verder aan: riep de expertcommissie Regie op Registers al eerder op tot centrale regie op het zorginformatielandschap, ook het Amsterdam UMC concludeerde recent -nota bene in opdracht van VWS- dat VWS een nationale strategie voor data uitwisseling moet ontwikkelen. Voor data als nutsvoorziening, en afspraken over hergebruik, iets waar de European Health Data Space ook in wil voorzien, duurt de bovengenoemde tango ongetwijfeld nog even voort.  

Toch ziet HollandBIO het rooskleurig in. Uit de Prinsjesdagstukken en het Integraal Zorgakkoord blijkt immers dat er beweging zit in het dossier gegevensuitwisseling in de zorg. Daarbij gaat het niet uitsluitend om gegevensuitwisseling in het primair proces: de minister wil ook expliciet met het veld in gesprek over hergebruik van gegevens. In deze beleidsbrief over de middelen uit het Coalitieakkoord voor gegevensuitwisseling kondigt hij ook aan dat er aan een meerjarig beleidsplan wordt gewerkt. HollandBIO pleit daarom voor een nationale gezondheidsdata-infrastructuur als landelijke nutsvoorziening, die het registreren, uitwisselen en benutten van zorgdata voor publieke én private partijen, conform breed gedragen criteria en randvoorwaarden, mogelijk maakt. Die nationale gezondheidsdata infrastructuur zal ons gezondheidsecosysteem op vele fronten versterken. Ze kan bijdragen aan: 

  1. Continue verbetering van passende zorg.  
  1. Het stimuleren, versnellen en verbeteren van onderzoek en innovatie.  
  1. Verminderen van administratieve en financiële lasten van regulatoire vereisten voor de ontwikkeling van nieuwe producten.  
  1. Een naadloze uitwisseling tussen productonderzoek en zorgpraktijk.  

Hoe? Dat lichten we in onze position paper verder toe. 

Het is wat ons betreft cruciaal om op een hoog niveau randvoorwaarden en afspraken te maken die ervoor zorgen dat we de goede kant op blijven bewegen. Net zoals we in het verleden afspraken hebben gemaakt over het afspelen van audio- of video-files op verschillende apparatuur zijn er nu ook afspraken nodig voor een data-infrastructuur. Om de cirkel rond te maken: zonder audio-player, zonder muziek en zonder toestemming van de verschillende danspartners loopt de eerder genoemde tango geheid niet zo soepel. En willen we er écht een feest van maken, polonaise inclusief, dan moet ook het hergebruik van data op orde zijn. Want daar zijn de patiënt, de zorgverlener, wetenschapper én innovator mee geholpen. 

← #nieuws

Tweede Kamer: trek aan de GVS-noodrem

, ,

Het kan verkeren. Wat alle politieke partijen in 2015 een relatief pijnloze besparing leek van 140 miljoen, is anno 2022 een hoofdpijndossier gebleken. Dat patiënten de rekening zouden krijgen van de aanpassing van het Geneesmiddelenvergoedingssysteem (GVS), hadden we destijds ook kunnen voorzien. Maar dat die rekening bovenop exploderende energieprijzen en torenhoge inflatie zou vallen, viel niet te voorspellen. HollandBIO roept de Tweede Kamer dan ook op snel de stekker uit het plan te trekken. Gewoon, een kwestie van voortschrijdend inzicht en gezond verstand.

Even terug naar 2015. We nemen een lijst met honderd en een beetje beleidsopties en laten politieke partijen aanvinken welke ze willen overnemen in hun verkiezingsprogramma’s. De duimschroeven wat verder aandraaien bij de farmaceutische industrie, dat lijkt iedereen wel wat. “Optie 66, Herberekenen limieten Geneesmiddelenvergoedingssysteem”, check, done. Maar al gauw bleek het herberekenen en opschonen in de uitvoer allemaal toch wat lastiger dan gedacht. Het plan komt het ministerie van VWS op zware kritiek uit het veld te staan: patiënten worden de dupe van wisselingen en bijbetalingen, arts en apotheker voorzien groeiende bureaucratie en ruzies aan de balie, de noodzaak ontbreekt, want bestaande prijsdruk en budgettaire onderuitputting, de besparingen zijn alleszins onzeker, het innovatieklimaat, de leveringszekerheid en onze strategische autonomie komen verder onder druk te staan, de lijst gaat maar door…

Door die kritiek (en o ja, een pandemie!) wordt de hete GVS-aardappel doorgespeeld, van Edith via Bruno en Tamara, naar het bordje van minister Ernst Kuijpers. Waar HollandBIO stiekem hoopte dat van uitstel afstel zou komen, lijkt daar geen sprake meer van. De structurele besparing van 140 miljoen euro per 2023 is reeds ingeboekt. En ondanks het recente negatieve advies van het Adviescollege Toetsing Regeldruk, moet het er acht jaar na die onschuldige politieke vinkjes dan toch echt van komen.

Het is een idioot gegeven: terwijl iedereen de modernisering Geen Verstandige Stap vindt, dendert de trein gewoon verder. Alleen de Tweede Kamer kan tijdens de aankomende begrotingsbehandeling nog aan de noodrem gaan hangen. In de coronapandemie hebben we bij uitstek geleerd hoe allesbepalend context is voor wat verstandig en effectief beleid is. Dat voortschrijdend inzicht een teken van wijsheid is. En dat politici en bestuurders die het beste met ons burgers voorhebben, bij een veranderde context juist koers durven wijzigen. Of, zoals politicus Eric van der Burg in de terugblik op de Volkskrant serie 180 graden zei: “Wie nooit van standpunt verandert, denkt niet na”. Begin juli haalde de motie van Corinne Ellemeet om af te zien van de modernisering van het GVS nog geen meerderheid, maar HollandBIO hoopt dat de Tweede Kamer nu bovenstaande wijze lessen in de praktijk zal brengen en een streep zet door het plan. Wij denken dat dan zelfs VWS stiekem een beetje opgelucht zal ademhalen.

← #nieuws

Ook de Gezondheidsraad wil nu vaccinatie op maat

,

Een prachtige primeur: de Gezondheidsraad (GR) breekt een lans voor meer bekendheid en toegankelijkheid tot vaccinaties die op individueel niveau waarde toevoegen. Geweldig nieuws, al is het dan ook van belang dat de advisering over vaccins een stuk sneller en beter gaat – precies waar emeritus prof. Ronald de Groot in NRC wederom voor pleit.

Vooralsnog leidt het uitblijven van witte rook bij de GR, of een negatief advies over opname in een programma, ertoe dat vaccins in plaats van in een arm jarenlang op de plank belanden. Als hoeder van o.a. het Rijksvaccinatieprogramma beoordeelt de GR echter vooral de meerwaarde van een vaccinatie voor onze publieke gezondheid: iets dat aan tijd, uitbraken en treurig genoeg zelfs aan beschikbaar budget onderhevig is.

Veel vaccins hebben júíst ook een meerwaarde voor het individu, erkent de GR nu. Zij beveelt aan

de vaccinatiezorg zo in te richten dat ook deze vaccinaties de juiste arm bereiken en maakt daarmee de weg vrij voor vaccinatie op maat. Dat is essentieel, omdat de GR ook een toename verwacht van vaccins die vooral voor het individu waarde toevoegen. HollandBIO is daarom erg benieuwd hoe staatssecretaris van Ooijen en de GR zelf met deze aanbevelingen aan de slag gaan. Voor elk vaccin binnen één jaar een beleidsbesluit over een passende toegangsroute, ook als deze buiten het Rijksvaccinatieprogramma (RVP) valt – corona liet zien: dat is hartstikke haalbaar.

← #nieuws

De volle potentie van data: gezondheid op maat in een lerend zorgsysteem

,

Die computers en dat internet, dat gaat ooit nog eens groot worden. Zeker als je kijkt naar alle kennis en inzichten die data ons oplevert. Kwestie van tijd dus voordat we onze gezondheidszorg ermee gaan verbeteren. Althans, dat zou je zeggen, maar die digitale route kent nog wat hobbels op de weg. Als volleerde verkeersregelaar wijst HollandBIO graag de weg.

Een acuut verkeersinfarct op weg naar de vakantiebestemming? Google Maps leidt je er in real-time omheen. Een mooi rondje maken op de bestemming? Strava biedt uitkomst, gebaseerd op de input van vele andere fietsers en wandelaars die je voorgingen. Het zijn slechts enkele voorbeelden van de meerwaarde van secundair gebruik van data. Ook voor onze gezondheidszorg heeft optimaal gebruik én hergebruik van zorgdata enorme potentie. Zo kunnen we bijvoorbeeld diagnoses voor zeldzame aandoeningen eerder stellen (zie hier), infectieziekten beter bestrijden (zie hier)  en uiteindelijk gezondheid op maat mogelijk maken. De huidige inefficiënte uitwisseling van data maakt de realisatie van een lerend zorgsysteem echter lastig en verhindert optimale inzet van de nieuwste mogelijkheden op het vlak van diagnostiek, geneesmiddelen en therapieën. Bovendien staat het excellent wetenschappelijk onderzoek in de weg en remt de ontwikkeling van nieuwe innovaties in ons land. Daarom pleit HollandBIO fervent voor het sneller en beter registreren, uitwisselen en benutten van zorgdata door publieke én private partijen. Een nationale gezondheidsdata infrastructuur, als landelijke nutsvoorziening, is hiervoor een must.

De roep om data-uitwisseling, een data-infrastructuur en data als nutsvoorziening zwelt steeds verder aan: riep de expertcommissie Regie op Registers al eerder op tot centrale regie op het zorginformatielandschap, nuconcludeert ook het Amsterdam UMC -nota bene in opdracht van VWS- dat VWS een nationale strategie voor data uitwisseling moet ontwikkelen. Inspiratie is er op dit vlak gelukkig al te over. Deze paper en deze Massive Open Online Course laten zien dat the Nordics al een paar stappen op ons voorlopen. Bovendien staat inmiddels ook Europa al op de stoep met plannen voor een heuse European Health Data Space. Zij willen burgers meer controle en zeggenschap geven over hun eigen gezondheidsgegevens, zorgen dat EPD-systemen beter onderling communiceren en de beschikbaarheid van gegevens voor wetenschappelijk onderzoek, innovatie en beleid -secundair gebruik- vergroten. Stuk voor stuk ontwikkelingen waar we bij HollandBIO erg blij van worden. In dit artikel enonderliggende webinar geeft VWS verdere toelichting op de Europese plannen, en duidt zij hoe deze zich verhouden tot het wetsvoorstel elektronische gegevensuitwisseling, dat deze maand ook in de Tweede Kamer besproken wordt.

Een nationale gezondheidsdata infrastructuur zal ons gezondheidsecosysteem op vele fronten versterken, ziet ook HollandBIO. In onze position paper lichten we verder toe hoe zij bijdraagt aan:

  1. Continue verbetering van passende zorg.
  2. Het stimuleren, versnellen en verbeteren van onderzoek en innovatie.
  3. Verminderen administratieve en financiële lasten van regulatoire vereisten voor de ontwikkeling van nieuwe producten.
  4. Een naadloze uitwisseling tussen productonderzoek en zorgpraktijk.

Of we het nu hebben over het primair zorgproces, of over secundair gebruik: een nationale gezondheidsdata infrastructuur is onmisbaar om uitwisseling van gegevens uit de dagelijkse zorgpraktijk mogelijk te maken. Bij het opzetten van zo’n nieuwe nutsvoorziening gaan de kosten ver voor de baten uit, en is structurele financiering een randvoorwaarde. We zijn dan ook erg blij dat VWS inmiddels een voorzichtige eerste offerte voor een data-infrastructuur heeft opgevraagd bij KPMG – want eerder gaf het Zorginstituut helaas aan vanuit de zorgverzekeringswet niet direct mogelijkheden tezien. Bijna letterlijk doodzonde, want hoe mooi zou het zijn als we -net als bij Google en Strava- gebaseerd op de geanonimiseerde data van ons allemaal niet alleen de verkeersinfarcten en opstoppingen, maar ook levensbedreigende hartinfarcten straks een stap voor kunnen zijn?

← #nieuws

Solvias Acquires Cergentis to Bolster Biologics and Cell & Gene Therapy Capabilities

,

Solvias, one of the world’s leading independent pharmaceutical testing and manufacturing companies, announced today that it has acquired Utrecht, Netherlands-based Cergentis. The acquisition bolsters Solvias’ platform of biologics and cell and gene therapy (CGT) testing solutions.

According to pharmaceutical market intelligence provider, Evaluate, global sales of cell and gene therapies are projected to accelerate at a 63% compound annual growth rate through 2026. As more researchers leverage emerging genetic engineering techniques to develop complex, novel medicines, they require sophisticated solutions to analyze their safety and effectiveness.

With the addition of Cergentis, Solvias supports the increasing number of global pharmaceutical, biotech, and contract development and manufacturing organizations developing genetically engineered therapies with an expanded platform of testing services highlighted by:

  • a highly scientific team possessing advanced degrees and deep expertise steeped in emerging genome techniques and evolving regulatory requirements
  • proprietary genomic analysis technology that delivers comprehensive data in a single experiment that enables effective decision-making and R&D program design
  • a global network serving customers across three continents
  • customized support for distinct genetic engineering applications, including cell and gene therapy, cell line development & genetically engineered models
  • specialized knowledge in genomic sequencing of early-stage cell lines to support one of the first steps in the R&D process
  • high-touch support encompassing end-to-end logistical services, digital project management and reporting capabilities to enable rapid turnaround time

Archie Cullen, CEO, Solvias, stated:

“We are relentlessly focused on ensuring the safety of new therapies in development. Cergentis is a cornerstone acquisition that expands our solutions supporting complex and emerging therapies. We will continue to pursue strategic acquisitions that add specialized capabilities to our offering and advance our goal of being a forerunner in our industry.”

Joris Schuurmans, CEO, Cergentis, added:

“We are excited to become part of a global leader that complements our scientific expertise, innovation and customer service. Solvias and Cergentis share a deep commitment to providing our customers with the highest quality solutions and support to safely get their products into the hands of patients who need them.”

Effective immediately, Mr. Schuurmans will join Solvias’ leadership team and continue to lead operations for Cergentis.

Cergentis marks Solvias’ second acquisition since partnering with health care investors Water Street Healthcare Partners and JLL Partners in 2020. The company has recruited industry leaders to join its board and commenced a program to significantly upgrade and expand its information technology platform and infrastructure to support its plans for global expansion.

Financial terms of the acquisition are not being disclosed. Achelous Partners served as the advisor to Cergentis on the transaction.

About Cergentis

Cergentis is a trusted genomics-focused biotechnology company providing services and in-house solutions based on its proprietary genomic analysis platform to all leading biopharmaceutical companies and renowned research institutes. With widely published and recognized genetic analyses, Cergentis supports a global customer base in the characterization and QC of genetically engineered models, biopharmaceutical cell line development, and cell- and gene therapy products. By helping to de-risk R&D program decisions, minimizing time-to-clinic, providing objective genomic evidence for regulators, and supporting patient safety, Cergentis aims to support biopharmaceutical medicine development programs worldwide. For more information, visit cergentis.com.

About Solvias AG
Solvias is a worldwide leader in contract research, development and manufacturing for the pharmaceutical, biotech, material science and cosmetic industries. Drawing on 20 years of scientific excellence, the company provides flexible and scalable analytical and manufacturing solutions that ensure the integrity of pharmaceutical and medical device products across their life cycle. Headquartered in Kaiseraugst near Basel, Switzerland, Solvias and its laboratories operate to the highest standards and in accordance with ISO, GMP, GLP and FDA regulations. For more information, visit solvias.com.

Source: https://news.cergentis.com/press-release/solvias-acquires-cergentis-to-bolster-biologics-and-cell-gene-therapy-offering

← #nieuws

Progressie rond preventie: Kamer en Kabinet willen verbeteringen vaccinatiestelsel

, , ,

Maximale gezondheidswinst met vaccinatie: de ambitie is breed gedeeld, alleen in de praktijk liggen vaccins gemiddeld nog altijd 9 jaar op de plank. Gelukkig willen zowel Kamer als Kabinet daar met man, macht en motie mee aan de slag!

Als het aan de Tweede Kamer ligt, komt er gauw verandering in de 9 jaar tussen EMA-registratie en arm. Zij spoort de regering met een motie aan de doorlooptijd voor vaccins drastisch omlaag te brengen, in overleg met veldpartijen. HollandBIO meldt zich bij deze graag als gesprekspartner!

De afgelopen jaren zetten wij de belangrijkste knelpunten op de route van lab naar arm op een rij. Hoewel het op veel stappen in het proces kan vastlopen, blijkt de agendering en de advisering over een keuze voor een route naar de arm de grootste vertragende factor. Hier vroegen we ook aandacht voor in onze inbreng voor het debat. Toch lijken de recente verbeterplannen van staatssecretaris van Ooijen zich voornamelijk te concentreren op de uitvoer. En recent waren we getuige van een nieuw dieptepunt: de rotavirusvaccinatie blijft na 16 jaar en met alle seinen op groen, alsnog op de plank liggen omdat er geen budget gereserveerd is. Een blunder van jewelste. Daarom zijn we blij dat staatssecretaris Van Ooijen zowel in het Commissiedebat Medische Preventie, als in het tweeminutendebat dat hierop volgde, toezegde de opties voor vergoeding van rotavirusvaccinatie via het Rijksvaccinatieprogramma nogmaals in kaart te brengen.

We schreven het eerder: maximaal gezondheidswinst verzilveren met de preventieve kracht van vaccins vergt méér dan verbeteringen in de uitvoer, of een reactieve speurtocht naar budget. Het vraagt een passende route voor elk nieuw vaccin naar de juiste arm, voldoende menskracht en budget om dat te realiseren, binnen een vaste periode. Waar een wil is, is een weg, liet corona ons zien. Daarom gaat HollandBIO naar aanleiding van motie Den Haan en Rudmer Heerema graag met Den Haag in gesprek om tot een stelsel te komen waarin ook andere vaccins de prioriteit krijgen die zij, als hofleverancier van preventie, dubbel en dwars verdienen.