← #nieuws

De vlag uit voor coronavaccinatie, desnoods postuum!

Nieuwsredacties zijn er als de kippen bij om aan te kondigen dat AstraZeneca haar coronavaccin mondiaal terugtrekt. De reden hiervoor? Overaanbod en een – gelukkig voor de maatschappij – teruglopende vraag. “Ook de winnaars van de vaccinrace lijden nu verlies”, kopte de NRC de afgelopen dagen. En al kraaide er eerder nog geen haan naar, de lekgeprikte miljardenwinsten in onze sector kondigde zich al even aan. Hoe jammer dat ook mag zijn voor de businesscase, de innovatie heeft zijn werk gedaan. De crisis is bezworen, “a job well done”, dus van ons mag de vlag uit voor deze topprestatie!

← #nieuws

Infectieziekten houden niet op na je achttiende

Jammer genoeg zijn kinkhoest en mazelen weer bezig aan een opmars en dat maakt vaccinatie noodzakelijker dan ooit. Juist ook voor ouderen, die extra kwetsbaar zijn. Immunologen roepen dan ook op tot een Rijksvaccinatieprogramma voor ouderen. Hollandbio is het roerend eens met experts die tegen EenVandaag zeggen: “Eigenlijk moeten we toewerken naar een levensloopvaccinatie, waarbij je meerdere vaccins over het hele leven kunt inzetten zodat iedereen optimaal is beschermd.” Een vaccinatievoorziening voor volwassenen staat gelukkig ook al langer op het wensenlijstje van Staatsecretaris van Ooijen; bij hollandbio kijken we dan ook reikhalzend uit naar de resultaten van de uitvoeringstoets!

https://eenvandaag.avrotros.nl/item/ziektes-als-kinkhoest-niet-alleen-gevaarlijk-voor-kinderen-immunologen-roepen-op-kom-met-rijksvaccinatieprogramma-voor-ouderen

← #nieuws

Verkenning financiering voor vaccins en bevolkingsonderzoeken  

Ons preventiebeleid is al jaren penny wise, pound foolish, schreven we bij hollandbio eerder. In de politieke realiteit van Den Haag verkoopt “voorkomen is beter dan genezen” immers lastig. Liever dweilen we met de kraan open, zodat we in elk geval resultaat zien van ons harde werk. Of toch niet? Na meerdere moties en toezeggingen van en aan de Tweede Kamer liet het ministerie van VWS recent uitzoeken hoe preventie het beste tot haar recht komt in de politieke besluitvorming. Parallel daaraan verkende het ministerie de beleidsopties om budgettair op positieve preventie adviezen van de Gezondheidsraad te kunnen anticiperen – voor vaccins en bevolkingsonderzoeken in het bijzonder. De Kamerbrief daarbij is duidelijk: knopen doorhakken over deze opties is aan het volgend kabinet. Hollandbio doet alvast een voorzet: voor alle kosteneffectieve preventieve interventies snel en structureel plek in ons stelsel.  

← #nieuws

Geen nieuwe data deadlock, alsjeblieft

De versnippering van zorgdata is al jaren een groot, bekend en levensgevaarlijk probleem dat het door hollandbio zo gewenste lerend zorgsysteem in de weg staat. Het verhindert namelijk het efficiënt benutten van de nieuwste mogelijkheden op het vlak van diagnostiek, geneesmiddelen en therapieën, vertraagt excellent wetenschappelijk onderzoek en remt de ontwikkeling van nieuwe innovaties in ons land. Reden te meer dus om te werken aan beterschap. Toch duiken, nu het ministerie van VWS – in lijn met haar nationale visie – stappen zet om het gezondheidsinformatiestelsel te verbeteren, de eerste botsende belangen helaas weer op. De PGO-coalitie meent dat VWS plaatsneemt op de stoel van de leverancier en verzoekt de Autoriteit Consument en Markt (ACM) hier kritisch naar te kijken. In het belang van de patiënt, wetenschap en innovatie hoopt hollandbio dat er gauw consensus komt over het vervolg. Het belang van deze uitdaging is immers veel te groot om het wiel opnieuw voor uit te vinden of de handen niet voor ineen te slaan.

← #nieuws

Sluis: It’s payback time!

Genoeg is genoeg. Dat punt maakte een aantal bedrijven met hun recente aankondiging dat zij het intern niet langer verkocht kregen om geneesmiddelen gratis te blijven verstrekken tijdens de Sluis. In de sluisperiode onderhandelen geneesmiddelenbedrijven met onze overheid over een maatschappelijke verantwoorde prijs van hun product. Om te voorkomen dat patiënten de dupe worden en langer moeten wachten op deze geregistreerde, maar nog niet vergoede geneesmiddelen, stellen Carin Uyl-de Groot en Emily Dowdalls deze week in Medisch Contact een payback-systeem voor. Met dit systeem verstrekt de fabrikant het geneesmiddel tijdens de sluisperiode, en vindt terugbetaling (deels) plaats zodra er een arrangement afgesloten is.

Hoewel hollandbio blij is dat uit dit voorstel bereidheid blijkt om het beschikbaar stellen van geneesmiddelen in de sluisperiode te belonen, zien we nog wat haken en ogen. Zonder deal blijftterugbetaling immers uit – dat is een mooie prikkel om in ieder geval tot overeenstemming te komen voor de fabrikant. Maar hoe zit het aan overheidszijde? Zonder tijdslimiet van de sluisperiode zou de onderhandelingsfase in theorie oneindig lang voort kunnen slepen – en kan de fabrikant fluiten naar vergoeding. Zijn er ook oplossingen denkbaar die alle partijen nopen tot een snelle overeenkomst, vragen wij ons af? Hoe sneller de deal, hoe hoger de korting, bijvoorbeeld?

Heb je een goed idee over beschikbaarheid tijdens de sluis? Hollandbio’s Thomas hoort het graag van je!

← #nieuws

Hollandbio’s wensen voor World Immunisation Week

Voorkomen is beter dan genezen: dankzij vaccinatie redden we elk jaar 2 à 3 miljoen mensen van vervelende infectieziekten. Vaccinatie is daarmee met recht een van de meest succesvolle preventiemaatregelen ooit. Tijdens World Immunization Week staat hollandbio, net als de WHO graag stil bij deze topprestatie. Toch zien we nog volop ruimte om de uitvoer en inzet van vaccinaties gedurende ons hele leven te verbeteren. Door vaccinatie te beschouwen als een investering bijvoorbeeld, en hier preventief voldoende structureel budget voor beschikbaar te stellen. Én door te zorgen dat vaccinaties in plaats van na gemiddeld negen jaar, binnen maximaal twee jaar via een passende toegangsroute de juiste arm bereiken – van jong tot oud!

← #nieuws

Hollandbio publiceert update doorlooptijden geneesmiddelen

, , ,

Na een jarenlange en forse stijging van de tijd die het duurt voordat nieuwe geneesmiddelen vergoed en wel in het ziekenhuis terecht komen, zien we dit jaar voor het eerst een voorzichtig positief signaal: de stijging – hoewel nog steeds aanwezig – vlakt af. Door onderzoek te doen naar de route van lab naar praktijk en hoe lang de verschillende stappen duren draagt hollandbio bij aan helderheid over het complexe systeem van geneesmiddelregistratie en vergoeding. Helaas is er niet voor alle geneesmiddelen positief nieuws. Voor sluisgeneesmiddelen is het tij nog niet gekeerd.

Elk jaar doet hollandbio onderzoek naar één van de belangrijke stappen tussen markttoelating en vergoeding: het toekennen van een declaratietitel, de zogenoemde add-onprestatie. Een cruciale stap, want met een add-onprestatie regelen we hoe geneesmiddelen bij de zorgverzekeraar gedeclareerd kunnen worden. Zonder deze declaratiemogelijkheid zal geen arts een geneesmiddel voorschrijven aan een patiënt. Maar let wel: met alleen een add-onprestatie ben je er nog niet. Óf een geneesmiddel daadwerkelijk vergoed wordt is een andere overweging, aan zorgverzekeraars of – in het geval van sluismiddelen – aan onze overheid.  De gepresenteerde data geeft daarmee een minimale schatting, een ondergrens, van de mogelijke termijn waarop nieuwe geneesmiddelen de praktijk bereiken.   

Stijging vlakt af

Patiënten wachten gemiddeld bijna 300 dagen tot een nieuw geneesmiddel declarabel is. Tussen 2019 en 2023 lukte het slechts 8 geneesmiddelen om binnen 100 dagen na registratie een add-on te krijgen. In 2023 kwam dit zelfs helemaal niet voor. Toch zien we bij hollandbio ook lichtpuntjes: al blijven de doorlooptijden stijgen, de stijging vlakt wel af: van 2019 tot en met 2021 steeg de mediane doorlooptijd met 39% van 189 tot 263 dagen. Van 2021 tot en met 2023 groeide de mediaan tot 296 dagen, goed voor een stijging van 12%. Voor sommige producten lijkt zelf een daling ingezet. Een trendbreuk, die wij graag verder zien doorzetten – het liefst voor alle producten.

Slecht nieuws voor sluismiddelen

Als we verder inzoomen op de data zien we helaas ook dat de afvlakking niet voor alle geneesmiddelen geldt. De doorlooptijden van geneesmiddelen die in de sluis zitten, stijgen onverminderd door. In 2019 duurde het mediaan 187 dagen voor deze geneesmiddelen een add-on kregen, nu is dat 409 dagen. Wat we in deze data (nog) niet zien, zijn geneesmiddelen die zich nog in het proces richting add-on bevinden, of waarvoor het niet gelukt is een add-on toegekend te krijgen. En dat dat er een aantal zijn, laat onze monitor wel zien: sinds onze update van vorig jaar is het aantal middelen dat in de sluis zit namelijk meer dan verdubbeld: van 27 naar 55 stuks. Deze stijging belooft in onze optiek weinig goeds – reden te meer om snel tot oplossingen te komen om tussentijdse toegang te waarborgen. Het moge duidelijk zijn dat hollandbio daar graag aan meewerkt.

← #nieuws

Een ode aan de early a(i)dopters 

,

Een revolutie herkennen als je er middenin zit: het blijft lastig. Jezelf eraan aanpassen al helemaal. Toch heb je overal koplopers, of early adopters, zoals ze in de innovatietheorie van Rogers bekend staan. Nu de AI Act is aangenomen door het Europees Parlement, en politieke overeenstemming is bereikt in de onderhandeling over de European Health Data Space brengt hollandbio graag een ode aan de early a(i)dopters, die onze ‘gezondheid op maat’-ambitie weer een stap dichterbij brengen!

Daar waar de doorbraken in de biologie samenvallen met de opkomst van AI en de razendsnel voortschrijdende automatisering en voorziet hollandbio een heuse biorevolutie. Vol enthousiasme zien we daarom dat AI haar meerwaarde op steeds meer vlakken aantoont. Zo maakt AI in de spreekkamer al een opmars en zagen radiologen bijvoorbeeld snel in dat de inzet van artificial intelligence (AI) bij de beoordeling van longfoto’s hen een hoop werk uit handen kan nemen. Ook voor de oogarts blijkt AI nu een uitkomst: zowel bij glaucoom als netvliesaandoeningen stelt AI betere diagnoses en behandelingen. En onze eigen Gezondheidsraad voorspelt inmiddels dat de screening op borstkanker binnen enkele jaren aanzienlijk verbeterd kan worden door de inzet van onder andere AI.  

Ondanks al die ‘intelligentie’ van AI, merkt Henk Marquering, hoogleraar translationele AI, dat te weinig toepassingen ook echt hun weg naar de praktijk vinden. Hij wil AI dichterbij de zorgpraktijk brengen, zo sprak hij in zijn oratie uit. Een nobel streven, vindt hollandbio. Want zelfs als we iets technisch gezien kunnen, en wettelijk gezien mogen, betekent dat niet automatisch dat de praktijk of de maatschappij ermee aan de slag gaan. Iets willen, is onze ervaring, dat blijkt ook een vak apart. Recent nog waarschuwden ethici bijvoorbeeld dat AI de zorg niet perse efficiënter gaat maken, en dat er altijd een menselijke factor aan te pas moet komen. Hoewel daar zeker een kern van waarheid in zit, komen we met enkel een behoudende blik geen stap vooruit. Ter vergelijking: in 1998 zag ook een groot deel van de Nederlandse bevolking de meerwaarde van een mobiele telefoon nog niet (ja, echt, zie hier).  

Juist in de zorg doen we dingen al jaren hetzelfde: van klinisch onderzoek tot de wijze waarop we onze zorg binnen de muren van het ziekenhuis organiseren. Maar wat als we met data en AI juist die lange en kostbare processen nou eens van een opfrisser kunnen voorzien? Zouden we er niet voor kunnen zorgen dat mensen sneller, beter, en meer op maat van gezondheid bediend worden, door de zorg slimmer te organiseren? Hollandbio wil toewerken naar een lerend zorgsysteem en ziet daar met AI veel kansen toe. Of, zoals Charles Darwin sprak: “Het is niet de sterkste soort die overleeft, noch de meest intelligente. Het is degene die zich het beste kan aanpassen.”  

← #nieuws

(N)evergreening: vijftig tinten groen

,

Iedereen die aan de lange route van lab naar patiënt begint zet erop in: een baanbrekend nieuw geneesmiddel ontwikkelen dat vele levens redt. De realiteit blijkt echter anders. Innovatie gaat veel vaker met kleine stapjes, dan met grote sprongen voorwaarts. Vooruitgang kent daarbij vele vormen: meer gezondheidswinst, minder bijwerkingen, meer gebruiksgemak, of betere productiewijzen. En al lijken die kleine stapjes individueel niet heel indrukwekkend, samen kunnen ze toch zomaar tot een totaal nieuw levensperspectief voor patiënten leiden.  

Het Zorginstituut lijkt die kleine stapjes voorwaarts helaas vooral als iets negatiefs te zien, zo blijkt uit de opdracht waarmee ze adviesbureau SiRM op pad stuurden. In plaats van de consultants te vragen hoe het Zorginstituut als hoeder van het verzekerde pakket het beste om kan gaan met de continue introductie van verbeterde versies van geneesmiddelen, kregen zij de vraag om ‘de impact van evergreening en de rol van het Zorginstituut’ te onderzoeken. Zowel de aanleiding, de vraagstelling, de onderzoeksopzet als het resulterende rapport lijken vooral bedoeld om een onwenselijk fenomeen te duiden en om uiting te geven aan morele verontwaardiging over die vermaledijde ‘strategie van fabrikanten om hun medicijnen langer exclusief op de markt te houden. Zodat ze er een hogere prijs voor kunnen vragen.’

Nu willen we het bestaan van evergreening helemaal niet ontkennen. Na het succesvol doorlopen van de lange, kostbare en risicovolle route van lab naar patiënt, is er fabrikanten veel aan gelegen om zo lang mogelijk zoveel mogelijk geld te verdienen met een innovatief geneesmiddel. Sterker nog, dat wordt zelfs van ze verwacht door alle geldschieters die de risicovolle ontwikkeling van geneesmiddelen mogelijk maken. Ieder investeert weliswaar in gezondheid, maar ook om een mooi rendement te maken, of het nu publieke investeerders als Invest-NL, pensioenfondsen of door en door commerciële private venture capital fondsen zijn. En hoe spijtig ook, een bestaand product optimaliseren is nou eenmaal makkelijker en minder risicovol dan iets compleet nieuws ontwikkelen.

De wijze waarop het Zorginstituut en SiRM alle incrementele innovatie over één kam lijken te scheren als evergreening zit ons weldegelijk dwars. Het fenomeen wordt neergezet als een strategie puur gedreven door winstmaximalisatie, met de samenleving en patiënt als willoze dupe. Terwijl er in realiteit vijftig tinten groen zijn, ook mét volop meerwaarde, voor zowel patiënt als betaler. Want hoewel een patiënt misschien weinig merkt van een duurzamer productieproces, mag de overgang van een ziekenhuisinfuus naar een pil toch een significante verbetering heten. Ook leidt incrementele innovatie tot meer waar voor ons geld. In tijden waarin eigenlijk alles duurder wordt, mag het een wonder heten dat verbeterde producten hetzelfde geprijsd zijn als hun voorloper. In plaats daarvan hekelt het rapport enkel misgelopen besparingen.

Het polariserende frame van evergreening leidt vooral ook af van de achterliggende objectieve vraag, die weldegelijk terecht en relevant is: wanneer vinden we een verbeterd product zijn prijs, of het mislopen van besparingen, waard, en wanneer niet? Willen we alleen betalen voor een groter klinisch effect, of bijvoorbeeld ook voor gebruikersgemak? Als schot voor de boeg: het lijkt ons niet meer dan logisch dat we bereid zijn om wel meer te betalen voor een sprong voorwaarts, maar niet voor een mooiere verpakking.

Of het nu gaat om revolutionaire nieuwe behandelingen of incrementele verbeteringen, de vraag of waarde in verhouding staat tot prijs is gelukkig wel de core business van het Zorginstituut – in tegenstelling tot octrooirecht en marktexclusiviteit. In plaats van zich te verliezen in het veroordelen van vijftig tinten groen, had ook deze schoenmaker beter bij zijn leest kunnen blijven: het objectief beoordelen van producten op hun merites. Met patent of zonder patent, innovatief of generiek, dat zou voor het advies geen enkel verschil moeten maken. Sterker nog, door al dat gemopper over verkoopstrategieën dreigt het marktprincipe dat altijd de doorslag geeft bijna onder te sneeuwen: wie betaalt, bepaalt. Doe er uw voordeel mee.

← #nieuws

De Tweede Kamer vraagt vaart voor vaccinaties 

Op een dag is het zo ver: dan komen nieuwe vaccins in no time op het juiste -preventieve- moment, bij de juiste persoon terecht. Met de snellere advisering over de invoer van nieuwe vaccinaties door de Gezondheidsraad komt dit doel steeds dichterbij. Maar voor het zo ver is, moet nog wel een andere horde geslecht worden: een stelselmatige oplossing voor de financiering van de aankoop en inzet van vaccins. Een motie van de voormalig fractie Den Haan die hiertoe opriep is al een jaar oud, en recenter dienden ook VVD en D66 moties in langs deze lijn. Op het ministerie zoekt men ondertussen naar een bredere oplossing: een systematiek voor de vergoeding van preventie. Hollandbio kan haast niet wachten: met zoveel wind mee, is het slechts een kwestie van tijd voor we medische preventie en vaccinatie in het bijzonder optimaal gaan benutten voor onze gezondheid!